Accept Refuse

EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32008R0629

Verordening (EG) nr. 629/2008 van de Commissie van 2 juli 2008 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1881/2006 tot vaststelling van maximumgehalten aan bepaalde verontreinigingen in levensmiddelen (Voor de EER relevante tekst)

OJ L 173, 3.7.2008, p. 6–9 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)
Special edition in Croatian: Chapter 13 Volume 038 P. 192 - 195

In force

ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2008/629/oj

3.7.2008   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 173/6


VERORDENING (EG) Nr. 629/2008 VAN DE COMMISSIE

van 2 juli 2008

tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1881/2006 tot vaststelling van maximumgehalten aan bepaalde verontreinigingen in levensmiddelen

(Voor de EER relevante tekst)

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EEG) nr. 315/93 van de Raad van 8 februari 1993 tot vaststelling van communautaire procedures inzake verontreinigingen in levensmiddelen (1), en met name op artikel 2, lid 3,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Verordening (EG) nr. 1881/2006 van de Commissie (2) stelt maximumgehalten aan bepaalde verontreinigingen in levensmiddelen vast, waaronder maximumgehalten voor de metalen lood, cadmium en kwik.

(2)

Voor de bescherming van de volksgezondheid is het van essentieel belang dat deze verontreinigingen worden beperkt tot gehalten die geen gezondheidsproblemen veroorzaken. De maximumgehalten aan lood, cadmium en kwik moeten veilig zijn en zo laag als redelijkerwijs haalbaar onder toepassing van goede productie- en landbouw- of visserijpraktijken.

(3)

Uit nieuwe informatie blijkt dat goede landbouw- of visserijpraktijken het niet mogelijk maken de verontreiniging met lood, cadmium en kwik bij bepaalde in het water levende soorten en fungi te beperken tot de in de bijlage bij Verordening (EG) nr. 1881/2006 vastgestelde maximumgehalten. Daarom moeten de voor deze verontreinigingen vastgestelde maximumgehalten worden herzien, waarbij een hoog niveau van bescherming van de gezondheid van de consument moet worden gehandhaafd.

(4)

Er zijn hoge gehalten aan lood, cadmium en kwik aangetroffen in bepaalde voedingssupplementen, als omschreven in artikel 2 van Richtlijn 2002/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 10 juni 2002 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der lidstaten inzake voedingssupplementen (3) en daarvan is kennisgeving gedaan via het systeem voor snelle waarschuwingen inzake levensmiddelen en diervoeders (RASFF). Er is gebleken dat voedingssupplementen aanzienlijk kunnen bijdragen aan de blootstelling van de mens aan lood, cadmium en kwik. Ter bescherming van de volksgezondheid moeten daarom maximumgehalten aan lood, cadmium en kwik in voedingssupplementen worden vastgesteld. Deze maximumgehalten moeten veilig zijn en zo laag als redelijkerwijs haalbaar onder toepassing van goede productiepraktijken.

(5)

Zeewier slaat van nature cadmium op. Voedingssupplementen die uitsluitend of hoofdzakelijk uit gedroogd zeewier of van zeewier afgeleide producten bestaan, kunnen daarom hogere gehalten aan cadmium bevatten dan andere voedingssupplementen. Om daarmee rekening te houden moet een hoger maximumgehalte aan cadmium worden vastgesteld voor voedingssupplementen die uitsluitend of hoofdzakelijk uit zeewier bestaan.

(6)

De lidstaten en de exploitanten van levensmiddelenbedrijven moet de nodige tijd worden gegeven om zich aan de nieuwe maximumgehalten voor voedingssupplementen aan te passen. De toepassing van de maximumgehalten voor voedingssupplementen moet daarom worden uitgesteld.

(7)

Een wijziging van voetnoot 1 van de bijlage bij Verordening (EG) nr. 1881/2006 is nodig om te verduidelijken dat het maximumgehalte voor fruit niet van toepassing is op noten.

(8)

Er zijn nieuwe monitoringaanbevelingen gedaan bij Aanbeveling 2007/196/EG van de Commissie van 28 maart 2007 betreffende de monitoring op de aanwezigheid van furan in levensmiddelen (4) en Aanbeveling 2007/331/EG van de Commissie van 3 mei 2007 inzake de monitoring van het acrylamidegehalte in levensmiddelen (5). De bepalingen inzake monitoring en rapportage in Verordening (EG) nr. 1881/2006 moeten worden aangevuld met verwijzingen naar deze nieuwe aanbevelingen. De monitoring van polycyclische aromatische koolwaterstoffen, als bedoeld in Aanbeveling 2005/108/EG van de Commissie (6), is voltooid. Daarom kan de verwijzing naar die monitoringaanbeveling worden geschrapt.

(9)

Verordening (EG) nr. 1881/2006 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(10)

De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor de voedselketen en de diergezondheid,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Verordening (EG) nr. 1881/2006 wordt als volgt gewijzigd:

1.

Artikel 9, lid 3, wordt vervangen door:

„3.   De lidstaten stellen de Commissie in kennis van hun bevindingen betreffende aflatoxinen, dioxinen, dioxineachtige pcb's en niet-dioxineachtige pcb's, zoals vastgesteld in Beschikking 2006/504/EG van de Commissie (7) en Aanbeveling 2006/794/EG van de Commissie (8). De lidstaten stellen de EFSA in kennis van hun bevindingen betreffende acrylamide en furan, zoals vastgesteld in Aanbeveling 2007/196/EG van de Commissie (9) en Aanbeveling 2007/331/EG van de Commissie (10).

2.

De bijlage wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij deze verordening.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.

De in de punten 3.1.18, 3.2.19, 3.2.20 en 3.3.3 van de bijlage vastgestelde maximumgehalten zijn van toepassing met ingang van 1 juli 2009. Zij zijn niet van toepassing op producten die vóór 1 juli 2009 wettelijk in de handel zijn gebracht. De bewijslast betreffende het tijdstip waarop de producten in de handel zijn gebracht, ligt bij de exploitant van het levensmiddelenbedrijf.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 2 juli 2008.

Voor de Commissie

Androulla VASSILIOU

Lid van de Commissie


(1)  PB L 37 van 13.2.1993, blz. 1. Verordening gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1882/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 284 van 31.10.2003, blz. 1).

(2)  PB L 364 van 20.12.2006, blz. 5. Verordening gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1126/2007 (PB L 255 van 29.9.2007, blz. 14).

(3)  PB L 183 van 12.7.2002, blz. 51. Richtlijn gewijzigd bij Richtlijn 2006/37/EG van de Commissie (PB L 94 van 1.4.2006, blz. 32).

(4)  PB L 88 van 29.3.2007, blz. 56.

(5)  PB L 123 van 12.5.2007, blz. 33.

(6)  PB L 34 van 8.2.2005, blz. 43.

(7)  PB L 199 van 21.7.2006, blz. 21.

(8)  PB L 322 van 22.11.2006, blz. 24.

(9)  PB L 88 van 29.3.2007, blz. 56.

(10)  PB L 123 van 12.5.2007, blz. 33.”.


BIJLAGE

De bijlage bij Verordening (EG) nr. 1881/2006 wordt als volgt gewijzigd:

1)

In onderafdeling 3.1 (Lood) wordt punt 3.1.11 vervangen door het volgende en wordt een nieuw punt 3.1.18 toegevoegd:

„3.1.11

Koolsoorten, bladgroenten en de volgende fungi (27): Agaricus bisporus (champignon), Pleurotus ostreatus (oesterzwam), Lentinula edodes (shii-take)

0,30

3.1.18

Voedingssupplementen (1)

3,0

2)

Onderafdeling 3.2 (Cadmium) wordt vervangen door:

„3.2

Cadmium

 

3.2.1

Vlees (met uitzondering van slachtafvallen) van runderen, schapen, varkens en pluimvee (6)

0,050

3.2.2

Paardenvlees, met uitzondering van slachtafvallen (6)

0,20

3.2.3

Lever van runderen, schapen, varkens, pluimvee en paarden (6)

0,50

3.2.4

Nieren van runderen, schapen, varkens, pluimvee en paarden (6)

1,0

3.2.5

Vlees van vis (24)(25), met uitzondering van de in de punten 3.2.6, 3.2.7 en 3.2.8 vermelde vissoorten

0,050

3.2.6

Vlees van de volgende vissoorten (24)(25):

 

boniet (Sarda sarda)

 

tweebandenbrasem (Diplodus vulgaris)

 

aal (Anguilla anguilla)

 

diklipharder (Chelon labrosus)

 

horsmakreel (Trachurus spp.)

 

haanvis (Luvarus imperialis)

 

makreel (Scomber spp.)

 

sardien (Sardina pilchardus)

 

sardinops (Sardinops spp.)

 

tonijn (Thunnus spp., Euthynnus spp., Katsuwonus pelamis)

 

Franse tong (Dicologoglossa cuneata)

0,10

3.2.7

Vlees van de volgende vissoort (24)(25):

kogeltonijn (Auxis spp.)

0,20

3.2.8

Vlees van de volgende vissoorten (24)(25):

 

ansjovis (Engraulis spp.)

 

zwaardvis (Xiphias gladius)

0,30

3.2.9

Schaaldieren, met uitzondering van bruin vlees van krab en vlees van de kop en borst van kreeft en soortgelijke grote schaaldieren (Nephropidae en Palinuridae) (26)

0,50

3.2.10

Tweekleppige weekdieren (26)

1,0

3.2.11

Koppotigen (zonder ingewanden) (26)

1,0

3.2.12

Granen, met uitzondering van zemelen, kiemen, tarwe en rijst

0,10

3.2.13

Zemelen, kiemen, tarwe en rijst

0,20

3.2.14

Sojabonen

0,20

3.2.15

Groenten en fruit, met uitzondering van bladgroenten, verse kruiden, fungi, stengelgroenten, wortelgroenten en aardappelen (27)

0,050

3.2.16

Stengelgroenten, wortelgroenten en aardappelen, met uitzondering van knolselderij (27). In het geval van aardappelen is het maximumgehalte van toepassing op geschilde aardappelen.

0,10

3.2.17

Bladgroenten, verse kruiden, knolselderij en de volgende fungi (27): Agaricus bisporus (champignon), Pleurotus ostreatus (oesterzwam), Lentinula edodes (shii-take)

0,20

3.2.18

Fungi, met uitzondering van die vermeld in punt 3.2.17 (27)

1,0

3.2.19

Voedingssupplementen (2) met uitzondering van de in punt 3.2.20 vermelde voedingssupplementen

1,0

3.2.20

Voedingssupplementen (2) die uitsluitend of hoofdzakelijk uit gedroogd zeewier of van zeewier afgeleide producten bestaan

3,0

3)

In onderafdeling 3.3 (Kwik) wordt punt 3.3.2 vervangen door het volgende en wordt een nieuw punt 3.3.3 toegevoegd:

„3.3.2

Vlees van de volgende vissoorten (24)(25):

 

zeeduivel (Lophius spp.)

 

zeewolf (Anarhichas lupus)

 

boniet (Sarda sarda)

 

paling of aal (Anguilla spp.)

 

keizerbaars, Middellandsezee-slijmkop, Atlantische dorie (Hoplostethus spp.)

 

grenadiervis (Coryphaenoides rupestris)

 

heilbot (Hippoglossus hippoglossus)

 

Kaapse koningsklip (Genypterus capensis)

 

marlijn (Makaira spp.)

 

schartong (Lepidorhombus spp.)

 

mul (Mullus spp.)

 

roze koningsklip (Genypterus blacodes)

 

snoek (Esox lucius)

 

ongestreepte boniet (Orcynopsis unicolor)

 

dwergbolk (Trisopterus minutus)

 

bandvis (Centroscymnus coelolepis)

 

rog (Raja spp.)

 

roodbaars (Sebastes marinus, S. mentella, S. viviparus)

 

zeilvis (Istiophorus platypterus)

 

haarstaartvis (Lepidopus caudatus, Aphanopus carbo)

 

zeebrasem (Pagellus spp.)

 

haai (alle soorten)

 

snoekmakreel (Lepidocybium flavobrunneum, Ruvettus pretiosus, Gempylus serpens)

 

steur (Acipenser spp.)

 

zwaardvis (Xiphias gladius)

 

tonijn (Thunnus spp., Euthynnus spp., Katsuwonus pelamis)

1,0

3.3.3

Voedingssupplementen (3)

0,10

4)

In voetnoot (1) wordt de volgende zin toegevoegd:

„Het maximumgehalte voor fruit geldt niet voor noten”.

5)

Voetnoot (8) wordt vervangen door:

„(8)

In deze categorie opgenomen levensmiddelen zoals gedefinieerd in Richtlijn 2006/141/EG van de Commissie (PB L 401 van 30.12.2006, blz. 1)”.


(1)  De maximumgehalten gelden voor het product zoals het wordt verkocht.”.

(2)  De maximumgehalten gelden voor het product zoals het wordt verkocht.”.

(3)  De maximumgehalten gelden voor het product zoals het wordt verkocht.”.


Top