EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 22003A0307(02)

Overeenkomst tussen de Europese Unie en de Republiek Polen betreffende de deelname van de Republiek Polen aan de politiemissie van de Europese Unie (EUPM) in Bosnië en Herzegovina

OJ L 64, 7.3.2003, p. 38–40 (ES, DA, DE, EL, EN, FR, IT, NL, PT, FI, SV)

In force

22003A0307(02)

Overeenkomst tussen de Europese Unie en de Republiek Polen betreffende de deelname van de Republiek Polen aan de politiemissie van de Europese Unie (EUPM) in Bosnië en Herzegovina

Publicatieblad Nr. L 064 van 07/03/2003 blz. 0038 - 0040


VERTALING

Overeenkomst

tussen de Europese Unie en de Republiek Polen betreffende de deelname van de Republiek Polen aan de politiemissie van de Europese Unie (EUPM) in Bosnië en Herzegovina

DE EUROPESE UNIE,

enerzijds, en

DE REPUBLIEK POLEN,

anderzijds,

samen hierna de deelnemende partijen genoemd,

REKENING HOUDEND MET

- de aanwezigheid sinds 1996 van de Internationale Politiemacht van de Verenigde Naties (IPTF) in Bosnië en Herzegovina en het aanbod van de Europese Unie om vanaf 1 januari 2003 te zorgen voor het vervolg op de IPTF in Bosnië en Herzegovina,

- de aanvaarding door Bosnië en Herzegovina van dat aanbod, door de briefwisseling van 2 en 4 maart 2002, waarin onder andere wordt bepaald dat het Planningsteam van de EUPM de status wordt verleend die thans voor de leden van de Waarnemersmissie van de Europese Unie (EUMM) in Bosnië en Herzegovina geldt,

- de vaststelling door de Raad van de Europese Unie op 11 maart 2002 van Gemeenschappelijk Optreden 2002/210/GBVB(1) inzake de politiemissie van de Europese Unie (EUPM), waarin staat dat de Europese NAVO-leden die geen lid zijn van de Unie en andere kandidaat-lidstaten van de Europese Unie, alsook andere lidstaten van de Organisatie voor de Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) die geen lid zijn van de Europese Unie, die momenteel personeel voor de IPTF leveren, verzocht worden een bijdrage aan de EUPM te leveren,

- de op 4 oktober 2002 gesloten overeenkomst tussen de Europese Unie en Bosnië en Herzegovina betreffende de activiteiten van de EUPM in Bosnië en Herzegovina(2), met inbegrip van de bepalingen inzake de status van het EUPM-personeel,

ZIJN HET VOLGENDE OVEREENGEKOMEN:

Artikel 1

Kader

De Republiek Polen sluit zich aan bij de bepalingen van het door de Raad van de Europese Unie op 11 maart 2002 aangenomen Gemeenschappelijk Optreden 2002/210/GBVB inzake de politiemissie van de Europese Unie (EUPM) in Bosnië en Herzegovina, met inbegrip van de bijlage inzake de taakopvatting van de EUPM, conform het bepaalde in de volgende artikelen.

Artikel 2

Bij de EUPM gedetacheerd personeel

1. De Republiek Polen neemt deel aan de EUPM met twaalf gedetacheerde politiefunctionarissen. Dit personeel wordt voor ten minste één jaar gedetacheerd, met dien verstande dat gezorgd wordt voor een passende roulatie van gedetacheerd personeel.

2. De Republiek Polen draagt er zorg voor dat haar bij de EUPM gedetacheerde personeel zijn taak uitoefent overeenkomstig de bepalingen van Gemeenschappelijk Optreden 2002/210/GBVB.

3. De Republiek Polen informeert de EUPM en het secretariaat-generaal van de Raad van de Europese Unie tijdig over elke wijziging in haar deelname aan de EUPM.

4. Bij de EUPM gedetacheerd personeel wordt onderworpen aan een uitgebreid medisch onderzoek, gevaccineerd en door een bevoegde autoriteit van de Republiek Polen medisch geschikt verklaard. Het bij de EUPM gedetacheerde personeel moet in het bezit zijn van een kopie van die verklaring.

5. De Republiek Polen draagt de kosten voor het uitzenden van de politiefunctionarissen en/of het internationale civiele personeel dat zij detacheert, met inbegrip van salarissen, toelagen, medische kosten, verzekering en reiskosten van en naar Bosnië en Herzegovina.

Artikel 3

Status van het bij de EUPM gedetacheerde personeel

1. Door de Republiek Polen bij de EUPM gedetacheerd personeel valt tot en met 31 december 2002 onder de op het EUPM-planningsteam toepasselijke overeenkomst en vanaf 1 januari 2003 onder de op 4 oktober 2002 gesloten overeenkomst tussen de Europese Unie en Bosnië en Herzegovina betreffende de activiteiten van de EUPM in Bosnië en Herzegovina.

2. De Republiek Polen is verantwoordelijk voor de afhandeling van met de detachering verband houdende schade-eisen van of betreffende het personeelslid. De Republiek Polen stelt vorderingen tegen een gedetacheerd personeelslid in.

3. De EUPM is een ongewapende missie en heeft als dusdanig geen "rules of engagement".

4. Gedetacheerde politiefunctionarissen werken in hun nationale politie-uniform. Baretten en insignes worden door de EUPM verstrekt.

Artikel 4

Commandostructuur

1. De deelname van de Republiek Polen aan de EUPM doet geen afbreuk aan de autonome besluitvorming van de Unie. Het door de Republiek Polen gedetacheerde personeel voert zijn taken uit en gedraagt zich overeenkomstig de belangen van de EUPM.

2. Alle EUPM-personeelsleden blijven volledig onder bevel van hun nationale autoriteiten.

3. De nationale autoriteiten dragen het operationele bevel (OPCOM) over aan het hoofd van de missie/de directeur van de politie van de EUPM, die dat bevel voert via een hiërarchische commando- en controlestructuur.

4. Het hoofd van de missie/de directeur van politie leidt de EUPM en draagt zorg voor het dagelijkse beheer ervan.

5. Overeenkomstig artikel 8, lid 2, van Gemeenschappelijk Optreden 2002/210/GBVB heeft de Republiek Polen dezelfde rechten en verplichtingen als de deelnemende EU-lidstaten bij de dagelijkse leiding van de operatie. Dit geschiedt tijdens het normale verloop van de operatie ter plaatse, ook binnen het hoofdkwartier van de politiemissie.

6. Het hoofd van de missie/de directeur van politie van de EUPM is verantwoordelijk voor het tuchtrechtelijke toezicht op het personeel van de missie. Zo nodig neemt de betrokken nationale autoriteit tuchtrechtelijke maatregelen.

7. Een contactpersoon voor het nationale contingent (NPC) wordt door de Republiek Polen aangesteld om haar nationale contingent in de missie te vertegenwoordigen. NPC's brengen over nationale aangelegenheden verslag uit bij het hoofd van de missie/de directeur van politie van de EUPM en zijn verantwoordelijk voor de dagelijkse discipline van het contingent.

8. Het besluit van de Europese Unie om de operatie te beëindigen, wordt genomen na overleg met de Republiek Polen, op voorwaarde dat dit land nog steeds deelneemt aan de EUPM op het ogenblik dat de missie wordt beëindigd.

Artikel 5

Gerubriceerde gegevens

De Republiek Polen neemt de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat haar bij de EUPM gedetacheerde personeel bij de behandeling van gerubriceerde EU-gegevens de beveiligingsvoorschriften van de Raad naleeft die zijn vervat in Besluit 2001/264/EG van de Raad(3).

Artikel 6

Bijdragen aan de bedrijfskosten

1. De Republiek Polen draagt voor een bedrag van 25000 EUR per jaar bij aan de bedrijfskosten van de EUPM. De Republiek Polen neemt in overweging om, rekening houdend met haar middelen en niveau van deelname, aanvullende bijdragen van vrijwillige aard aan deze bedrijfskosten te leveren.

2. Het hoofd van de missie/de directeur van politie en de betrokken administratieve diensten van de Republiek Polen ondertekenen een regeling betreffende de bijdragen van de Republiek Polen aan de bedrijfskosten van de EUPM. Deze regeling bevat de volgende bepalingen inzake:

a) het betrokken bedrag, inclusief de eventuele aanvullende bijdragen van vrijwillige aard,

b) de regelingen inzake betaling en beheer van het betrokken bedrag,

c) in voorkomend geval de verificatieregelingen die van toepassing zijn op de controle en audit van het betrokken bedrag.

3. Uiterlijk op 15 november 2002 en daarna uiterlijk op 1 november van elk jaar deelt de Republiek Polen aan de EUPM en het secretariaat-generaal van de Raad van de Europese Unie op formele wijze het bedrag van haar bijdrage aan de bedrijfskosten mee en uiterlijk op 15 december van elk jaar treft zij de financiële regeling.

4. De bijdragen van de Republiek Polen aan de bedrijfskosten van de EUPM worden uiterlijk op 31 maart van elk jaar op de aan dat land toegewezen bankrekening gestort.

Artikel 7

Niet-naleving

Indien een van de deelnemende partijen de in de voorgaande artikelen neergelegde verplichtingen niet nakomt, heeft de andere partij het recht om deze overeenkomst te beëindigen met inachtneming van een opzeggingstermijn van twee maanden.

Artikel 8

Inwerkingtreding

Deze overeenkomst treedt bij de ondertekening in werking. Zij blijft van kracht zolang de deelname van de Republiek Polen aan de EUPM duurt.

Gedaan te Brussel, 24 februari 2003, in vier exemplaren in de Engelse taal.

Voor de Europese Unie

Voor de Republiek Polen

(1) PB L 70 van 13.3.2002, blz. 1.

(2) PB L 293 van 29.10.2002, blz. 2.

(3) PB L 101 van 11.4.2001, blz. 1.

Top