This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 22000A0719(02)
Protocol defining, for the period 3 December 1999 to 2 December 2002, the fishing opportunities and the financial contribution provided for by the Agreement between the European Community and the Government of Mauritius on fishing in the waters of Mauritius
Protocol tot vaststelling, voor de periode van 3 december 1999 tot en met 2 december 2002, van de visserijrechten en de financiële bijdrage waarin is voorzien in de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de regering van Mauritius inzake de visserij in de wateren van Mauritius
Protocol tot vaststelling, voor de periode van 3 december 1999 tot en met 2 december 2002, van de visserijrechten en de financiële bijdrage waarin is voorzien in de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de regering van Mauritius inzake de visserij in de wateren van Mauritius
PB L 180 van 19.7.2000, pp. 30–31
(ES, DA, DE, EL, EN, FR, IT, NL, PT, FI, SV)
No longer in force, Date of end of validity: 02/12/2002
ELI: http://data.europa.eu/eli/prot/2001/444/oj
Protocol tot vaststelling, voor de periode van 3 december 1999 tot en met 2 december 2002, van de visserijrechten en de financiële bijdrage waarin is voorzien in de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de regering van Mauritius inzake de visserij in de wateren van Mauritius
Publicatieblad Nr. L 180 van 19/07/2000 blz. 0030 - 0031
Protocol tot vaststelling, voor de periode van 3 december 1999 tot en met 2 december 2002, van de visserijrechten en de financiële bijdrage waarin is voorzien in de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de regering van Mauritius inzake de visserij in de wateren van Mauritius Artikel 1 Op grond van artikel 2 van de overeenkomst worden voor een periode van drie jaar, ingaande op 3 december 1999, de volgende visserijrechten toegekend: >RUIMTE VOOR DE TABEL> Artikel 2 1. De in artikel 6 van de overeenkomst bedoelde financiële vergoeding wordt voor bovengenoemde periode vastgesteld op 206250 EUR per jaar. 2. Deze vergoeding heeft betrekking op een hoeveelheid van 5500 ton in de wateren van Mauritius te vangen vis per jaar. Als vaartuigen van de Gemeenschap in de wateren van Mauritius een grotere hoeveelheid vis vangen, wordt bovengenoemde vergoeding verhoogd met 50 EUR per ton extra. 3. De besteding van deze vergoeding valt uitsluitend onder de bevoegdheid van Mauritius. 4. De financiële vergoeding wordt overgemaakt op een rekening die, op naam van de Schatkist, is geopend bij een door Mauritius aangewezen financiële instelling. Artikel 3 De Gemeenschap zal bovendien tijdens de periode waarvoor het protocol geldt, voor een bedrag van 618750 EUR, verdeeld zoals hierna aangegeven, bijdragen in de financiering van de volgende acties: 1. wetenschappelijke en technische programma's ter verbetering van de kennis en het beheer van de visserij en de natuurlijke hulpbronnen in de visserijzone van Mauritius, en voor de totstandbrenging van een adequaat toezicht- en controlesysteem, met inbegrip van een elektronisch managementinformatiesysteem voor de visserij dat op het satellietvolgsysteem (VMS) is gebaseerd: 543750 EUR; 2. studiebeurzen en praktijkopleidingen met betrekking tot de verschillende wetenschappelijke, technische en economische aspecten van de visserij: 75000 EUR. Van dit bedrag mag, op verzoek van de voor visserij bevoegde autoriteiten van Mauritius, 25000 EUR worden gebruikt ter dekking van de kosten voor het bijwonen van internationale bijeenkomsten over de visserij. Het voor visserij bevoegde ministerie van Mauritius doet de aldaar gevestigde delegatie van de Europese Commissie jaarlijks, binnen drie maanden na de datum waarop het protocol verjaart, een verslag toekomen over de uitvoering van deze acties en de bereikte resultaten. De Europese Commissie behoudt zich het recht voor de voor visserij bevoegde autoriteiten om alle aanvullende inlichtingen omtrent de resultaten te verzoeken en de betrokken betalingen in het licht van de effectieve uitvoering van de acties te herzien. Alle genoemde bedragen worden overgemaakt op een rekening die, op naam van de Schatkist, is geopend bij een door Mauritius aangewezen financiële instelling. Artikel 4 Indien de Gemeenschap de in de artikelen 2 en 3 genoemde bedragen niet betaalt, kan de overeenkomst worden geschorst. Artikel 5 De bijlage bij de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de regering van Mauritius inzake de visserij in de wateren van Mauritius wordt hierbij ingetrokken en vervangen door de bijlage bij dit protocol. Artikel 6 Dit protocol, met inbegrip van de bijlage, treedt in werking op de datum van de ondertekening. Het is van toepassing met ingang van 3 december 1999. Gedaan te ... Voor de regering van Mauritius Voor de Raad van de Europse Unie BIJLAGE VOORWAARDEN VOOR DE UITOEFENING VAN DE VISSERIJ IN DE WATEREN VAN MAURITIUS DOOR VAARTUIGEN VAN DE GEMEENSCHAP 1. FORMALITEITEN VOOR DE AANVRAAG EN DE AFGIFTE VAN VERGUNNINGEN De vergunningen tot uitoefening van de visserij in de wateren van Mauritius door vaartuigen van de Gemeenschap worden volgens onderstaande regels aangevraagd en afgegeven: a) De Commissie van de Europese Gemeenschappen dient via haar vertegenwoordiger op Mauritius ten minste 20 dagen vóór het begin van de aangevraagde geldigheidsduur bij de autoriteiten van Mauritius een door de reder opgestelde aanvraag in voor elk vaartuig waarmee hij op grond van deze overeenkomst wil gaan vissen. De aanvragen worden ingediend op daartoe door Mauritius verstrekte formulieren, waarvan een model als aanhangsel 1 hierbij is gevoegd. b) Elke vergunning wordt aan de reder verleend voor één bepaald vaartuig. Op verzoek van de Commissie van de Europese Gemeenschappen kan, en in geval van overmacht moet, de vergunning voor dat vaartuig worden vervangen door een vergunning voor een ander vaartuig van de Gemeenschap. c) De vergunningen worden door de autoriteiten van Mauritius afgegeven aan de vertegenwoordiger van de Commissie van de Europese Gemeenschappen op Mauritius. d) De vergunning moet steeds aan boord zijn. Na ontvangst van de kennisgeving van de betaling van het voorschot dat door de Commissie van de Europese Gemeenschappen aan de autoriteiten van Mauritius wordt toegezonden, wordt het vaartuig evenwel op een lijst geplaatst die aan de visserijcontrole-instanties van Mauritius wordt meegedeeld. In afwachting van de officiële vergunning kan per fax een kopie daarvan worden toegezonden die dan aan boord moet blijven, aangezien het vaartuig op grond daarvan wordt gemachtigd de visserij uit te oefenen totdat het originele document aankomt. e) De autoriteiten van Mauritius delen vóór de inwerkingtreding van de overeenkomst mede welke regeling voor de betaling van de visrechten geldt, en met name welke bankrekening en munteenheid in dit verband dienen te worden gebruikt. 2. GELDIGHEIDSTERMIJN VAN DE VERGUNNINGEN EN WIJZE VAN BETALING 1. Betaling van voorschotten De geldigheidsduur van de vergunningen bedraagt één jaar voor vaartuigen voor de zegenvisserij op tonijn en voor vaartuigen voor de visserij met de drijvende beug. Verlenging is mogelijk. De visrechten worden vastgesteld op 25 EUR per ton in de wateren van Mauritius gevangen vis. Voor vaartuigen voor de zegenvisserij op tonijn worden de vergunningen afgegeven nadat een jaarlijks bedrag van 1750 EUR per vaartuig als voorschot is betaald; dit bedrag komt overeen met de jaarlijkse visrechten voor 70 ton in de wateren van Mauritius gevangen tonijn. Voor vaartuigen voor de visserij met de drijvende beug worden de vergunningen afgegeven na betaling aan Mauritius, als voorschot, van een jaarlijks bedrag van 1375 EUR voor elk vaartuig van meer dan 150 brt en van 1000 EUR voor elk vaartuig van 150 brt of minder. Deze bedragen komen overeen met de jaarlijkse visrechten voor respectievelijk 55 en 40 ton in de wateren van Mauritius te vangen vis. Vergunningen voor vaartuigen die met lijnen vissen hebben een geldigheidsduur van een jaar, zes maanden of drie maanden. Het visrecht wordt pro rata temporis bepaald op basis van een recht van 80 euro per brt en per jaar. 2. Definitieve afrekening Voor vaartuigen voor de zegenvisserij op tonijn en vaartuigen voor de visserij met de drijvende beug worden de voor een bepaald vangstjaar definitief verschuldigde visrechten door de Commissie van de Europese Gemeenschappen op het einde van elk kalenderjaar vastgesteld op basis van de vangstaangiften die door de reders zijn gedaan en die zijn bevestigd door de wetenschappelijke organisaties die bevoegd zijn om de vangstgegevens te verifiëren, zoals ORSTOM (Office de la recherche scientifique et technique outre-mer), IEO (Spaans Instituut voor oceanografie), IPIMAR (Instituto Nacional das Pescas e do Mar) of een andere door de autoriteiten van Mauritius aangewezen internationale visserijorganisatie in de Indische Oceaan. Deze afrekening wordt gelijk aan de autoriteiten van Mauritius en aan de reders toegezonden. De reders komen hun financiële verplichtingen binnen 30 dagen na ontvangst van de afrekening na. Wanneer het totaal van de voor de werkelijke visserijactiviteiten verschuldigde bedragen kleiner is dan het betaalde voorschot, kan het verschil niet door de reder worden teruggevorderd. 3. VANGSTAANGIFTEN De vaartuigen waaraan vergunning is verleend om op grond van de overeenkomst in de wateren van Mauritius te vissen, moeten hun vangstgegevens mededelen aan de autoriteiten van Mauritius en een afschrift ervan doen toekomen aan de delegatie van de Europese Commissie op Mauritius. Zij gaan hierbij als volgt te werk. De vaartuigen voor de tonijnvisserij met de zegen vullen een vangstaangifte volgens het model van aanhangsel 2 in. De vaartuigen voor de visserij met de drijvende beug vullen een vangstaangifte volgens het model van aanhangsel 3 in. De vaartuigen die vissen met lijnen vullen een vangstaangifte volgens het model van aanhangsel 4 in. De formulieren moeten goed leesbaar worden ingevuld en door de kapitein van het vaartuig worden ondertekend. Bovendien moeten zij worden ingevuld voor alle vaartuigen waarvoor een vergunning is afgegeven, ook als zij niet hebben gevist. Deze aangiften moeten uiterlijk 45 dagen na elke visserijcampagne aan de autoriteiten van Mauritius worden toegezonden. 4. WAARNEMERS Op verzoek van de autoriteiten van Mauritius wordt op alle vissersvaartuigen van meer dan 50 brt een door deze autoriteiten aangewezen waarnemer aan boord genomen om de in de wateren van Mauritius gedane vangsten te controleren. Aan de waarnemers dient alle medewerking te worden verleend die nodig is voor de uitvoering van deze taak, en moet met name toegang worden verleend tot plaatsen en documenten. Een waarnemer mag niet langer aan boord blijven dan nodig is voor de uitvoering van zijn taak. Zolang de waarnemer aan boord is, worden hem passend logies en passende maaltijden verstrekt. Als een vissersvaartuig dat een waarnemer van Mauritius aan boord heeft, de wateren van Mauritius verlaat, wordt alles in het werk gesteld om ervoor te zorgen dat de waarnemer zo spoedig mogelijk naar Mauritius kan terugkeren; de hiermee gemoeide kosten zijn voor rekening van de reder. 5. RADIOBERICHTEN Vissersvaartuigen van meer dan 50 brt delen bij het binnenvaren en het verlaten van de wateren van Mauritius, en tijdens het vissen in de wateren van Mauritius om de drie dagen, aan een radiostation (waarvan de naam, de roepnaam en de frequentie zullen worden vermeld in de vergunning), per fax (nr. 230-208-1929) of via e-mail (fish@intnet.mu) hun positie en de hoeveelheden van de vangsten aan boord mede. 6. VISSERIJZONES Vaartuigen voor de zegenvisserij op tonijn en vaartuigen voor de visserij met de drijvende beug mogen in de wateren van Mauritius vissen, behalve in het gebied binnen 12 zeemijl vanaf de basislijn. Vaartuigen die met lijnen vissen, mogen alleen vissen op hun traditionele visgronden, namelijk Soudan Bank en East Soudan Bank. 7. LEVERING AAN DE TONIJNCONSERVENINDUSTRIE Tonijnvissers uit de Gemeenschap moeten ernaar streven een gedeelte van hun vangst aan de tonijnconservenindustrie op Mauritius te verkopen tegen een prijs die in overleg tussen de reders uit de Gemeenschap en de eigenaren van de tonijnconservenindustrie op Mauritius wordt vastgesteld. 8. PROCEDURE IN GEVAL VAN AANHOUDING 1. Kennisgeving De voor de visserij bevoegde autoriteiten van Mauritius stellen de delegatie van de Europese Commissie en de vlaggenstaat binnen ten hoogste 48 uur ervan in kennis wanneer een vaartuig uit de Gemeenschap dat in het kader van de visserijovereenkomst opereert, in de visserijzone van Mauritius is aangehouden, en verstrekt een beknopt verslag over de omstandigheden van en de redenen voor de aanhouding. De delegatie en de vlaggenstaat worden tevens op de hoogte gehouden van het verloop van de ingeleide procedures en van de getroffen sancties. 2. Afwikkeling van de aanhouding Overeenkomstig de geldende visserijwetgeving en de in het kader daarvan genomen besluiten, kan de overtreding worden geregeld: a) ofwel via een schikking; het bedrag van de toegepaste geldboete wordt in dat geval bepaald met inachtneming van de in de wetgeving van Mauritius vastgestelde minimum- en maximumwaarden; b) ofwel langs gerechtelijke weg, indien de zaak niet via een schikking kan worden geregeld, overeenkomstig de wetgeving van Mauritius. 3. Het vaartuig wordt vrijgegeven en de bemanning gemachtigd om de haven te verlaten zodra: a) bij een schikking, aan de verplichtingen in het kader ervan is voldaan en een bewijs van betaling is overgelegd; ofwel b) bij een gerechtelijke procedure, in afwachting van de voltooiing ervan een bankwaarborg is verstrekt en een bewijs daarvan is overgelegd. Aanhangsel 1 AANVRAAG VOOR EEN VERGUNNING VOOR EEN BUITENLANDS VISSERSVAARTUIG >PIC FILE= "L_2000180NL.003402.EPS"> Aanhangsel 2 LOGBOEK VAN VAARTUIGEN VOOR DE TONIJNVISSERIJ >PIC FILE= "L_2000180NL.003502.EPS"> Aanhangsel 3 VANGSTAANGIFTE VOOR VAARTUIGEN DIE VISSEN MET DE DRIJVENDE BEUG >PIC FILE= "L_2000180NL.003602.EPS"> >PIC FILE= "L_2000180NL.003701.EPS"> Aanhangsel 4 VISSERIJ MET LIJNEN >PIC FILE= "L_2000180NL.003802.EPS">