EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 01994L0011-20130701

Consolidated text: Richtlijn 94/11/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 maart 1994 betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de Lid-Staten inzake de etikettering van de in de belangrijkste onderdelen van voor de verbruiker bestemd schoeisel gebruikte materialen

ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/1994/11/2013-07-01

1994L0011 — NL — 01.07.2013 — 003.001


Dit document vormt slechts een documentatiehulpmiddel en verschijnt buiten de verantwoordelijkheid van de instellingen

►B

RICHTLIJN 94/11/EG VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

van 23 maart 1994

betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de Lid-Staten inzake de etikettering van de in de belangrijkste onderdelen van voor de verbruiker bestemd schoeisel gebruikte materialen

(PB L 100, 19.4.1994, p.37)

Gewijzigd bij:

 

 

Publicatieblad

  No

page

date

►M1

RICHTLIJN 2006/96/EG VAN DE RAAD van 20 november 2006

  L 363

81

20.12.2006

►M2

RICHTLIJN 2013/15/EU VAN DE RAAD van 13 mei 2013

  L 158

172

10.6.2013


Gewijzigd bij:

►A1

  L 236

33

23.9.2003


Gerectificeerd bij:

►C1

Rectificatie, PB L 047, 24.2.1996, blz. 35  (1994/11)




▼B

RICHTLIJN 94/11/EG VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

van 23 maart 1994

betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de Lid-Staten inzake de etikettering van de in de belangrijkste onderdelen van voor de verbruiker bestemd schoeisel gebruikte materialen



HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, inzonderheid op artikel 100 A,

Gezien het voorstel van de Commissie ( 1 ),

Gezien het advies van het Economisch en Sociaal Comité ( 2 ),

Volgens de procedure van artikel 189 B van het Verdrag,

Overwegende dat er in bepaalde Lid-Staten voorschriften inzake de etikettering van schoeisel bestaan, welke tot doel hebben het publiek te beschermen en voor te lichten en de rechtmatige belangen van de industrie te beschermen;

Overwegende dat de verschillen tussen dergelijke voorschriften aanleiding kunnen geven tot handelsbelemmeringen binnen de Gemeenschap en bijgevolg de goede werking van de interne markt nadelig kunnen beïnvloeden;

Overwegende dat het, om problemen als gevolg van het naast elkaar bestaan van verschillende systemen te vermijden, dienstig is de onderdelen van een dergelijk gemeenschappelijk systeem voor de etikettering van schoeisel nauwkeurig te omschrijven;

Overwegende dat in de resolutie van de Raad van 9 november 1989 betreffende het beleid inzake consumentenbescherming ( 3 ) maatregelen worden bepleit om de voorlichting van de consument over produkten te verbeteren;

Overwegende dat de invoering van een systeem om de kans op bedrog te verkleinen, door de precieze aard van de in de belangrijkste onderdelen van het schoeisel gebruikte materialen te vermelden, zowel in het belang van de consument als van de schoeiselindustrie is;

Overwegende dat in de resolutie van de Raad van 5 april 1993 betreffende toekomstige maatregelen op het gebied van de etikettering van produkten in het belang van de consument ( 4 ) wordt gesteld dat etikettering een belangrijke maatregel vormt om tot betere voorlichting en doorzichtigheid voor de consument te komen en om te zorgen voor een harmonisch functioneren van de interne markt;

Overwegende dat de harmonisatie van de nationale wetgevingen het geschikte middel is om deze belemmeringen voor het vrije handelsverkeer op te heffen; dat deze doelstelling door de afzonderlijke Lid-Staten niet voldoende verwezenlijkt kan worden; dat in deze richtlijn alleen de eisen worden opgesomd die onontbeerlijk zijn voor het vrije verkeer van de produkten waarop zij van toepassing is,

HEBBEN DE VOLGENDE RICHTLIJN VASTGESTELD:



Artikel 1

1.  Deze richtlijn is van toepassing op de etikettering van de materialen die worden verwerkt in de belangrijkste onderdelen van voor verkoop aan de verbruiker bestemd schoeisel.

In deze richtlijn wordt verstaan onder:

„schoeisel”: alle produkten, bestemd om de voet te beschermen of te bedekken, met zool, met inbegrip van de in bijlage I genoemde delen die afzonderlijk in de handel worden gebracht.

In bijlage II staat een niet-limitatieve lijst van produkten die onder deze richtlijn vallen.

Van deze richtlijn zijn uitgesloten:

 gebruikte tweedehandsschoenen,

 veiligheidsschoenen die onder Richtlijn 89/686/EEG ( 5 ) vallen,

 schoeisel dat valt onder Richtlijn 76/769/EEG ( 6 ),

 speelgoedschoeisel.

2.  Het etiket bevat, op de wijze als omschreven in artikel 4, de informatie over de samenstelling van het schoeisel.

i) Het etiket bevat informatie over de drie onderdelen van het schoeisel als omschreven in de bijlage, te weten:

a) het bovendeel,

b) de voering en de inlegzool en

c) de buitenzool.

ii) De samenstelling van het schoeisel wordt overeenkomstig de bepalingen van artikel 4 weergegeven op basis van hetzij pictogrammen hetzij een tekst voor specifieke materialen als beschreven in de bijlage.

iii) Voor het bovendeel geschiedt de vaststelling van het materiaal op basis van het bepaalde in artikel 4, lid 1, en bijlage I; toebehoren en versterkingen, zoals boordsel, enkelstukken, versieringen, gespen, lippen, oogjes of soortgelijke voorzieningen, worden daarbij buiten beschouwing gelaten.

iv) Voor de buitenzool wordt de classificatie overeenkomstig artikel 4 gebaseerd op het volume van de daarin gebruikte materialen.

Artikel 2

1.  Onverminderd andere toepasselijke communautaire voorschriften, nemen de Lid-Staten de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat alleen schoeisel dat aan de etiketteringsvoorschriften van deze richtlijn voldoet, in de handel wordt gebracht.

2.  Indien schoeisel dat niet aan de etiketteringsvoorschriften van de richtlijn voldoet, in de handel wordt gebracht, neemt de betrokken Lid-Staat overeenkomstig zijn nationale recht passende maatregelen.

Artikel 3

Onverminderd ander toepasselijke communautaire voorschriften, mogen de Lid-Staten het in de handel brengen van schoeisel dat aan de etiketteringsvoorschriften van deze richtlijn voldoet, niet verbieden of belemmeren door de toepassing van niet-geharmoniseerde nationale bepalingen voor de etikettering van bepaald schoeisel of van schoeisel in het algemeen.

Artikel 4

1.  Het etiket bevat informatie over het overeenkomstig bijlage I vastgestelde materiaal dat ten minste 80 % van de oppervlakte van het bovendeel en de voering en de inlegzool van het schoeisel vormt, alsmede over het materiaal dat ten minste 80 % van het volume van de buitenzool vormt. Indien geen van de materialen een aandeel heeft van ten minste 80 %, wordt informatie verstrekt over de twee hoofdmaterialen in de samenstelling van het schoeisel.

2.  Deze informatie wordt op het schoeisel weergegeven. De fabrikant of zijn in de Gemeenschap gevestigde gemachtigde kan kiezen voor pictogrammen of voor een tekst in ten minste de door de Lid-Staat van verbruik overeenkomstig het Verdrag bepaalde, officiële taal (talen), zoals omschreven en afgebeeld in bijlage I. De Lid-Staten zorgen er in hun nationale bepalingen voor dat de consumenten naar behoren worden ingelicht over de betekenis van deze pictogrammen en zien erop toe dat deze bepalingen geen belemmeringen voor het handelsverkeer opleveren.

3.  In de zin van deze richtlijn houdt etikettering in, dat ten minste ►C1  één exemplaar per paar ◄ wordt voorzien van de voorgeschreven vermeldingen, door deze erop te drukken, te lijmen, erin te persen of eraan vast te binden.

4.  De etikettering moet leesbaar, goed bevestigd en begrijpelijk zijn, en de pictogrammen moeten groot genoeg zijn opdat de informatie op het etiket gemakkelijk te begrijpen is. De etikettering mag de consument niet misleiden.

5.  De fabrikant of zijn in de Gemeenschap gevestigde gemachtigde is verantwoordelijk voor het leveren van het etiket en voor de juistheid van de informatie daarop. Indien noch de fabrikant, noch diens gemachtigde in de Gemeenschap gevestigd is, berust deze verplichting bij degene die het schoeisel in de Gemeenschap voor het eerst verhandelt. De detailhandelaar moet ervoor zorgen dat het verkochte schoeisel voorzien is van de passende etikettering zoals voorgeschreven in deze richtlijn.

Artikel 5

De krachtens de onderhavige richtlijn vereiste vermeldingen mogen worden uitgebreid met aanvullende tekstuele informatie die in voorkomend geval van de etikettering wordt aangebracht. De Lid-Staten mogen echter, overeenkomstig artikel 3, het in de handel brengen van schoeisel dat voldoet aan de voorschriften van deze richtlijn, niet verbieden of belemmeren.

Artikel 6

1.  De Lid-Staten dragen zorg voor aanneming en bekendmaking van de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen om vóór 23 september 1995 aan deze richtlijn te voldoen. Zij stellen de Commissie daarvan onverwijld in kennis.

2.  Zij passen de in lid 1 bedoelde bepalingen toe vanaf 23 maart 1996. Deze bepalingen zijn tot 23 september 1997 niet van toepassing op voorraden die vóór die datum aan de detailhandelaar worden gefactureerd of geleverd.

3.  Wanneer de Lid-Staten deze bepalingen aannemen, wordt in die bepalingen naar de onderhavige richtlijn verwezen of wordt hiernaar verwezen bij de officiële bekendmaking van die bepalingen. De regels voor deze verwijzing worden vastgesteld door de Lid-Staten.

4.  Drie jaar nadat deze richtlijn van toepassing is geworden, legt de Commissie de Raad een evaluatieverslag voor waarin rekening wordt gehouden met de eventuele problemen van de bedrijven bij de uitvoering van de bijlagen van deze richtlijn, en dient zij in voorkomend geval passende voorstellen tot herziening in.

Artikel 7

Deze richtlijn is gericht tot de Lid-Staten.




BIJLAGE I

1.   Omschrijving en bijbehorende pictogrammen of tekstuele aanduiding van de delen van het schoeisel die moeten worden geïdentificeerd



 

Pictogram

Tekst

a)  Bovendeel

Dit is de buitenzijde van het aan de buitenzool bevestigde gedeelte.

image

F Tige

D Obermaterial

IT Tomaia

NL Bovendeel

EN Upper

DK Overdel

GR ΕΠΑΝΩ ΜΕΡΟΣ

ES Empeine

P Parte superior

►A1  

CZ Vrch

EST Pealne

LV Virsa

LT Viršus

HU Felsőrész

M Wiċċ

PL Wierzch

SI Zgornji del

SK Vrch

 ◄ ►M1  

BG лицева част

RO Față

 ◄ ►M2  

HR Gornjište

 ◄

b)  Voering en inlegzool

Dit zijn de voering van het bovendeel en de binnenzool die de binnenzijde van het schoeisel vormen.

image

F Doublure et semelle de propreté

D Futter und Decksohle

IT Fodera e Sottopiede

NL Voering en inlegzool

EN Lining and sock

DK Foring og bindsål

GR ΦΟΔΡΕΣ

ES Forro y plantilla

P Forro e palmilha

►A1  

CZ Podšívka a stélka

EST Vooder ja sisetald

LV Odere un ieliekamā saistzole

LT Pamušalas ir įklotė

HU Bélés és fedőtalpbélés

M Inforra u suletta

PL Podszewka z wyściółką

SI Podloga in vložek (steljka)

SK Podšívka a stielka

 ◄ ►M1  

BG подплата и стелка

RO Căptușeală și acoperiș de branț

 ◄ ►M2  

HR Podstava i uložna tabanica

 ◄

c)  Buitenzool

Dit is de onderzijde van het schoeisel dat aan abrasieve slijtage onderhevig is en aan het bovendeel is bevestigd.

image

F Semelle extérieure

D Laufsohle

IT Suola esterna

NL Buitenzool

EN Sole

DK Ydersål

GR ΣΟΛΑ

ES Suela

P Sola

►A1  

CZ Podešev

EST Välistald

LV Ārējā zole

LT Padas

HU Járótalp

M Pett ta'barra

PL Spód

SI Podplat

SK Podošva

 ◄ ►M1  

BG външно ходило

RO Talpă exterioară

 ◄ ►M2  

HR Potplat (donjište)

 ◄

2.   Omschrijving en bijbehorende symbolen van de materialen

De pictogrammen voor de materialen dienen op het etiket te worden aangebracht naast de pictogrammen die betrekking hebben op de in artikel 4 en onder punt 1 van de bijlage genoemde drie delen van het schoeisel.



 
 

Pictogram

Tekst

a)

i)  Leder

Een algemene term voor huiden of vellen waarvan de oorspronkelijke vezelstructuur min of meer intact is gebleven en die door looien zijn verduurzaamd. Haren of wol zijn al dan niet verwijderd. Tevens kan leder worden vervaardigd van voor of na het looien in lagen gespleten of gesegmenteerde huiden of vellen. Als de gelooide huiden of vellen mechanisch en/of chemisch worden ontbonden tot vezels, kleine stukken of poeders en vervolgens, al dan niet met behulp van een bindmiddel, tot vellen of andere objecten worden verwerkt, worden dergelijke vellen of objecten echter niet als leder beschouwd. Indien het leder van een coating of van een gelamineerde laag is voorzien, mag de dikte daarvan, ongeacht de wijze van aanbrengen, ten hoogste 0,15 mm bedragen. Zo omvat deze definitie alle ledersoorten, onverminderd andere wettelijke verplichtingen die bij voorbeeld uit de Overeenkomst van Washington voortvloeien.Indien in de in artikel 5 bedoelde niet-verplichte aanvullende tekstuele informatie de vermelding „volnerfleder” wordt gebezigd, heeft deze betrekking op een huid met haar oorspronkelijke nerfstructuur zoals die aanwezig is na verwijdering van de opperhuid en zonder dat door middel van schuren met puimsteen, afschaven of splijten een laagje is verwijderd.

image

F Cuir

D Leder

IT Cuoio

NL Leder

EN Leather

DK Læder

GR ΔΕΡΜΑ

ES Cuero

P Couros e peles curtidas

►A1  

CZ Useň

EST Nahk

LV Āda

LT Oda

HU Bőr

M Ġilda

PL Skóra

SI Usnje

SK Useň

 ◄ ►M1  

BG кожа

RO Piei cu față naturală

 ◄ ►M2  

HR Koža

 ◄

a)

ii)  Gecoat leder

Een produkt waarvan de dikte van de coating of gelamineerde laag die op het leder is aangebracht, ten hoogste een derde van de totale dikte van het produkt bedraagt, maar toch meer is dan 0,15 mm.

image

F Cuir enduit

D Beschichtetes Leder

IT Cuoio rivestito

NL Gecoat leder

EN Coated leather

DK Overtrukket læder

GR ΕΠΕΝΔΕΔΥΜΕΝΟ ΔΕΡΜΑ

ES Cuero untado

P Couro revestido

►A1  

CZ Povrstvená useň

EST Kaetud nahk

LV Pārklāta āda

LT Padengta oda

HU Bevonatos bőr

M Ġilda miksija

PL Skóra pokryta

SI Krito usnje

SK Povrstvená useň

 ◄ ►M1  

BG кожа с покритие

RO Piei cu față corectată

 ◄ ►M2  

HR Koža korigiranog lica

 ◄

b)

Natuurlijke textielstoffen en synthetische textielstoffen al dan niet gewevenTextiel omvat alle produkten die onder het toepassingsgebied van Richtlijn 71/307/EEG en de eventuele wijzigingen daarop vallen.

image

F Textile

D Textil

IT Tessili

NL Textiel

EN Textile

DK Tekstilmaterialer

GR ΥΡΑΣΜΑ

ES Textil

P Téxteis

►A1  

CZ Textilie

EST Tekstiil

LV Tekstilmateriāls

LT Tekstilė

HU Textil

M Tessut

PL Materiał włókienniczy

SI Tekstil

SK Textil

 ◄ ►M1  

BG текстил

RO Textile

 ◄ ►M2  

HR Tekstil

 ◄

c)

Overige materialen

image

F Autres matériaux

D Sonstiges Material

IT Altre materie

NL Overige materialen

EN Other materials

DK Andre materialer

GR ΑΛΛΑ ΥΛΙΚΑ

ES Otros materiales

P Outros materiais

►A1  

CZ Ostatní materiály

EST Teised materjalid

LV Citi materiāli

LT Kitos medžiagos

HU Egyéb anyag

M Materjal ieħor

PL Inny materiał

SI Drugi materiali

SK Iný materiál

 ◄ ►M1  

BG всички други материали

RO Alte materiale

 ◄ ►M2  

HR Drugi materijali

 ◄




BIJLAGE II

VOORBEELDEN VAN SCHOEISEL DAT ONDER DE RICHTLIJN VALT

„Schoeisel” kan variëren van sandalen met een bovendeel dat slechts uit verstelbare veters of linten bestaat, tot lieslaarzen waarvan het bovendeel het been en de lies bedekt. Schoeisel omvat dan ook onder andere:

i) schoenen met een platte of hoge hak voor normaal gebruik binnenshuis of buitenshuis;

ii) enkellaarzen, halfhoge laarzen, knielaarzen en lieslaarzen;

iii) sandalen van uiteenlopende types, „espadrilles” (schoenen met een bovendeel van canvas en zolen van gevlochten plantaardig materiaal), schoenen voor tennis, hardlopen en andere sporten, badslippers en ander vrijetijdsschoeisel;

iv) speciaal sportschoeisel waaraan punten, spijkers, klemmen, dwarsreepjes en dergelijke zijn of kunnen worden bevestigd, alsmede schaatsschoenen, skischoenen, worstelschoenen, boksschoenen en wielrenschoenen. Hieronder valt ook schoeisel met aangezette schaatsen (ijs- en rolschaatsen);

v) dansschoenen;

vi) schoeisel verkregen uit één stuk, met name door het vormen van rubber of kunststoffen, met uitzondering van wegwerpprodukten van dun materiaal (papier, kunststoffolie, enz., zonder aangezette zool);

vii) overschoenen gedragen over ander schoeisel; in sommige gevallen zonder hak;

viii) wegwerpschoeisel met aangezette zolen, over het algemeen ontworpen voor eenmalig gebruik;

ix) orthopedisch schoeisel.

Eenvormigheids- en duidelijkheidshalve en onverminderd de bepalingen in de beschrijving van de onder deze richtlijn vallende produkten, mogen de produkten van hoofdstuk 64 van de gecombineerde nomenclatuur („GN”) in de regel worden geacht tot het toepassingsgebied van deze richtlijn te behoren.



( 1 ) PB nr. C 74 van 25. 3. 1992, blz. 10.

( 2 ) PB nr. C 287 van 4. 11. 1992, blz. 36.

( 3 ) PB nr. C 294 van 22. 11. 1989, blz. 1.

( 4 ) PB nr. C 110 van 20. 4. 1993, blz. 3.

( 5 ) PB nr. L 399 van 30. 12. 1989, blz. 18.

( 6 ) PB nr. L 262 van 27. 9. 1976, blz. 201.

Top