This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 62024CN0155
Case C-155/24, Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit and Others: Request for a preliminary ruling from the College van Beroep voor het bedrijfsleven (Netherlands) lodged on 28 February 2024 – Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit and Others v Stichting Rookpreventie Jeugd
Zaak C-155/24, Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit e.a.: Verzoek om een prejudiciële beslissing, ingediend door het College van Beroep voor het bedrijfsleven (Nederland) op 28 februari 2024 – Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit e.a. tegen Stichting Rookpreventie Jeugd
Zaak C-155/24, Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit e.a.: Verzoek om een prejudiciële beslissing, ingediend door het College van Beroep voor het bedrijfsleven (Nederland) op 28 februari 2024 – Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit e.a. tegen Stichting Rookpreventie Jeugd
PB C, C/2024/3588, 17.6.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2024/3588/oj (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, GA, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)
|
Publicatieblad |
NL C-serie |
|
C/2024/3588 |
17.6.2024 |
Verzoek om een prejudiciële beslissing, ingediend door het College van Beroep voor het bedrijfsleven (Nederland) op 28 februari 2024 – Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit e.a. tegen Stichting Rookpreventie Jeugd
(Zaak C-155/24, Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit e.a.)
(C/2024/3588)
Procestaal: Nederlands
Verwijzende rechter
College van Beroep voor het bedrijfsleven
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekers: Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit, Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, Philip Morris Benelux BV, Philip Morris Investments BV, JT International Company Netherlands BV, Vereniging Nederlandse Sigaretten- & Kerftabakfabrikanten, Van Nelle Tabak Nederland BV, British American Tobacco International (Holdings) BV
Verweerster: Stichting Rookpreventie Jeugd
Prejudiciële vragen
|
1) |
Moet artikel 4, eerste lid, van richtlijn 2014/40/EU (1) zo worden uitgelegd dat de niet in het Publicatieblad van de Europese Unie gepubliceerde ISO-normen zonder uitzondering niet kunnen worden tegengeworpen aan particulieren, waaronder de Stichting, dus ook niet als die particulier deze normen heeft kunnen inzien en deze normen (tegen betaling) heeft kunnen verkrijgen? |
|
2) |
Moet het niet aan een particulier kunnen tegenwerpen van artikel 4, eerste lid, van richtlijn 2014/40/EU, voor zover deze bepaling verwijst naar niet in het Publicatieblad van de Europese Unie gepubliceerde ISO-normen, worden begrepen als: het niet mogen onthouden van het recht op handhaving van de in artikel 3, eerste lid, van de richtlijn vastgestelde maximumemissieniveaus voor teer, nicotine en koolmonoxide? |
|
3) |
Moet de aanduiding „gebruikt zoals beoogd” in de definitiebepaling van „emissies” in artikel 2, onder 21, van richtlijn 2014/40/EU zo worden uitgelegd dat het menselijk rookgedrag zoveel mogelijk wordt benaderd, in welk geval bij het meten rekening zou moeten worden gehouden met het in ieder geval gedeeltelijk afdekken van de ventilatiegaatjes in het filter van de sigaret en of het rookvolume en de rookfrequentie, of wordt hiermee alleen gedoeld op de wijze van consumptie van sigaretten via een proces van verbranding? |
|
4) |
|
|
5) |
|
|
6) |
|
|
7) |
Indien een alternatieve meetmethode is vastgesteld of wordt gehanteerd, al dan niet in combinatie met alternatieve maximumemissieniveaus, hebben de tabaksfabrikanten in dat geval aanspraak op een overgangsperiode gedurende welke zij zich kunnen richten op die alternatieve meetmethode en eventueel alternatieve maximumemissieniveaus? |
(1) Richtlijn 2014/40/EU van het Europees Parlement en de Raad van 3 april 2014 betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de lidstaten inzake de productie, de presentatie en de verkoop van tabaks- en aanverwante producten en tot intrekking van Richtlijn 2001/37/EG (PB 2014, L 127, blz. 1).
ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2024/3588/oj
ISSN 1977-0995 (electronic edition)