This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 62007CA0518
Case C-518/07: Judgment of the Court (Grand Chamber) of 9 March 2010 — European Commission v Federal Republic of Germany (Failure of a Member State to fulfil obligations — Directive 95/46/EC — Protection of individuals with regard to the processing of personal data and the free movement of such data — Article 28(1) — National supervisory authorities — Independence — Administrative scrutiny of those authorities)
Zaak C-518/07: Arrest van het Hof (Grote kamer) van 9 maart 2010 — Europese Commissie/Bondsrepubliek Duitsland (Niet-nakoming — Richtlijn 95/46/EG — Bescherming van natuurlijke personen bij verwerking van persoonsgegevens en vrij verkeer van deze gegevens — Artikel 28, lid 1 — Nationale toezichthoudende instanties — Onafhankelijkheid — Overheidstoezicht op deze instanties)
Zaak C-518/07: Arrest van het Hof (Grote kamer) van 9 maart 2010 — Europese Commissie/Bondsrepubliek Duitsland (Niet-nakoming — Richtlijn 95/46/EG — Bescherming van natuurlijke personen bij verwerking van persoonsgegevens en vrij verkeer van deze gegevens — Artikel 28, lid 1 — Nationale toezichthoudende instanties — Onafhankelijkheid — Overheidstoezicht op deze instanties)
PB C 113 van 1.5.2010, pp. 3–4
(BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)
|
1.5.2010 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 113/3 |
Arrest van het Hof (Grote kamer) van 9 maart 2010 — Europese Commissie/Bondsrepubliek Duitsland
(Zaak C-518/07) (1)
(Niet-nakoming - Richtlijn 95/46/EG - Bescherming van natuurlijke personen bij verwerking van persoonsgegevens en vrij verkeer van deze gegevens - Artikel 28, lid 1 - Nationale toezichthoudende instanties - Onafhankelijkheid - Overheidstoezicht op deze instanties)
2010/C 113/04
Procestaal: Duits
Partijen
Verzoekende partij: Europese Commissie (vertegenwoordigers: C. Docksey, C. Ladenburger en H. Krämer, gemachtigden)
Verwerende partij: Bondsrepubliek Duitsland (vertegenwoordigers: M. Lumma en J. Möller, gemachtigden)
Interveniënt aan de zijde van verzoekende partij: Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming (vertegenwoordigers: H. Hijmans en A. Scirocco, gemachtigden)
Voorwerp
Niet-nakoming — Schending van artikel 28, lid 1, tweede alinea, van richtlijn 95/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 24 oktober 1995 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens (PB L 281, blz. 31) — Verplichting van de lidstaten te verzekeren dat de nationale autoriteiten belast met het toezicht op de verwerking van persoonsgegevens de hun opgedragen taken in volledige onafhankelijkheid vervullen — Onderwerping aan staatstoezicht van de autoriteiten van de Länder belast met het toezicht op de verwerking van persoonsgegevens in de niet-publieke sector
Dictum
|
1. |
De Bondsrepubliek Duitsland is de verplichtingen niet nagekomen die op haar rusten krachtens artikel 28, lid 1, tweede alinea, van richtlijn 95/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 24 oktober 1995 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens, doordat de autoriteiten die belast zijn met het toezicht op de verwerking van persoonsgegevens door niet-publieke organen en publiekrechtelijke ondernemingen die op de markt concurreren (öffentlich-rechtliche Wettbewerbsunternehmen) in de verschillende Länder aan overheidstoezicht zijn onderworpen, waardoor het vereiste dat deze autoriteiten hun taken „in volledige onafhankelijkheid” vervullen dus onjuist is uitgevoerd. |
|
2. |
De Bondsrepubliek Duitsland draagt de kosten van de Europese Commissie. |
|
3. |
De Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming draagt zijn eigen kosten. |