EUROPESE COMMISSIE
Brussel, 23.2.2022
COM(2022) 66 final
MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT, DE RAAD EN HET EUROPEES ECONOMISCH EN SOCIAAL COMITÉ
over waardig werk wereldwijd voor een mondiale rechtvaardige transitie en een duurzaam herstel
“Laat mij heel duidelijk zijn: in de hele wereld zakendoen, wereldwijde handel – dat is allemaal heel goed en heel noodzakelijk.
Maar nooit ten koste van de menselijke waardigheid en vrijheid.
Mensenrechten zijn niet te koop – voor geen enkele prijs.”
Ursula von der Leyen, voorzitter van de Europese Commissie
Staat van de Unie, 15 september 2021
1.Inleiding
Volgens de meest recente wereldwijde schattingen
verrichten wereldwijd 160 miljoen kinderen kinderarbeid. Dat is één op de tien kinderen in de wereld, en hun aantal neemt toe. Bijna de helft van deze kinderen verricht gevaarlijk werk. Tegelijkertijd bevonden 25 miljoen mensen wereldwijd
zich in een situatie van dwangarbeid. Deze cijfers herinneren er ons duidelijk aan dat waardig werk nog steeds geen realiteit is voor honderden miljoenen mensen wereldwijd, ondanks een duidelijke toezegging van de internationale gemeenschap in de duurzameontwikkelingsdoelstellingen van de Verenigde Naties.
Tegelijkertijd hebben mondiale megatrends snelle verandering teweeggebracht in de arbeidswereld. Technologische vooruitgang, de milieu- en klimaatcrisis, demografische veranderingen en globalisering zijn de drijvende krachten achter deze veranderingen. Deze veranderingen hebben het potentieel om economische groei te genereren en nieuwe werkgelegenheidskansen te creëren, maar in sommige gevallen kunnen zij ook bijdragen tot een verlaging van de arbeidsnormen.
In de internationale context is er steeds meer aandacht voor de bevordering van waardig werk, met name via de werkzaamheden van de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO), de Verenigde Naties (VN)
en de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO), maar ook binnen de groepen van G7- en G20-landen
. In internationale verbintenissen en richtsnoeren
wordt steeds vaker bezorgdheid geuit over het feit dat de globalisering niet altijd op duurzame wijze plaatsvindt en wordt er ingegaan op de rol van bedrijven in dit verband.
De EU is vastbesloten de mondiale agenda voor waardig werk vorm te geven en een mensgerichte toekomst van arbeid te bevorderen. De EU heeft de ambitie om waardig werk te verdedigen, zowel intern als wereldwijd, in overeenstemming met de Agenda 2030 voor duurzame ontwikkeling van de VN. Binnen de EU zal het actieplan voor de Europese pijler van sociale rechten
, dat tijdens de top van Porto in mei 2021 werd verwelkomd, bijdragen tot de verwezenlijking van deze doelstellingen.
Als verantwoordelijke mondiale speler die de universele waarden van de mensenrechten ondersteunt en als economische grootmacht neemt de EU een krachtig standpunt in ten aanzien van de handhaving en actualisering van de multilaterale wereldorde die op regels, waaronder internationale arbeidsnormen, is gebaseerd, in overeenstemming met het concept van open strategische autonomie en zoals weerspiegeld in de Global Gateway.
De economie van de EU is via mondiale toeleveringsketens verbonden met miljoenen werknemers in de hele wereld, terwijl de consumenten in de EU steeds meer behoefte hebben aan goederen die zijn vervaardigd op een duurzame en eerlijke manier die waardig werk waarborgt voor degenen die ze vervaardigen. Zoals blijkt uit de debatten tijdens de Conferentie over de toekomst van Europa, verwachten de Europese burgers dat de EU optreedt. De Commissie neemt die verantwoordelijkheid serieus. Het is ook in het belang van werknemers en bedrijven in de EU, alsook van verantwoordelijke publieke en private actoren over de hele wereld, om de eerbiediging van waardig werk wereldwijd te versterken en zo te voorkomen dat een nivellering naar beneden plaatsvindt op basis van een model waarbij investeringen worden aangetrokken door de arbeidsbeschermingsnormen te verlagen.
De COVID-19-pandemie heeft de ongelijkheden op het vlak van inkomens en op de arbeidsmarkt vergroot en vrouwen en kwetsbare en kansarme groepen — zoals jongeren en kinderen, personen met een handicap, oudere personen, migrerende werknemers en werknemers in de informele economie —, onevenredig getroffen. De pandemie heeft de gezondheid en veiligheid op het werk en de uitoefening van fundamentele arbeidsrechten verslechterd en heeft duidelijk gemaakt dat waardig werk, met name in mondiale toeleveringsketens, dringend moet worden bevorderd.
Miljoenen werknemers werken op gezondheids- en levensbedreigende werkplekken en hebben te maken met armoede onder werkenden, excessieve werktijden, discriminatie, pesterijen en geweld, met inbegrip van gendergerelateerd geweld, zonder vrijheid van vereniging. Mensen die werkzaam zijn in arbeidsintensieve sectoren zoals landbouw, visserij en textiel, zijn hiervan in het bijzonder het slachtoffer. Slechte levens- en arbeidsomstandigheden houden verband met verschillende factoren, zoals het stadium van de economische ontwikkeling, gebrekkige wetgeving op het gebied van arbeid en sociale bescherming
, zwakke wetshandhaving, inefficiënte overheidsdiensten en onverantwoorde handelspraktijken.
Het vooruitzicht op een asymmetrisch mondiaal herstel dreigt de slechte omstandigheden nog verder te verergeren en te accentueren. Aangezien landen streven naar een betere wederopbouw en uitvoering geven aan de transitie naar schone energie en het koolstofvrij maken van de economie, zijn nieuwe verdelingseffecten te verwachten, met name in bepaalde regio’s, sectoren en/of sociale groepen die sterk afhankelijk zijn van fossiele brandstoffen. Er zullen nieuwe banen worden gecreëerd, terwijl sommige banen zullen worden vervangen en andere een nieuwe invulling zullen krijgen. Het is van essentieel belang dat landen op deze veranderingen anticiperen en werknemers vanuit die optiek bij- en omscholen. De transitie van de wereldeconomie en van de arbeidsmarkten ten gevolge van de klimaatverandering en andere mondiale megatrends moet sociaal rechtvaardig en billijk zijn. Hiervoor is een sterk politiek engagement en krachtige actie op basis van een mensgerichte aanpak vereist.
In deze mededeling wordt uiteengezet hoe de Europese Unie deze uitdagingen zal aanpakken door de bevordering van waardig werk wereldwijd centraal te stellen in een rechtvaardige transitie en een inclusief, duurzaam en veerkrachtig herstel van de pandemie
. Deze aanpak is in overeenstemming met de wereldwijde oproep tot actie van de IAO.
2.Een alomvattende aanpak voor de bevordering van waardig werk wereldwijd
De EU-aanpak ondersteunt het universele concept van waardig werk zoals ontwikkeld door de IAO en weerspiegeld in de duurzameontwikkelingsdoelstellingen van de VN, bestaande uit de vier onlosmakelijke en onderling versterkende doelstellingen van productieve werkgelegenheid, arbeidsnormen en -rechten, sociale bescherming en sociale dialoog
. Gelijkheid van vrouwen en mannen en non-discriminatie zijn horizontale aandachtspunten in deze doelstellingen.
De alomvattende aanpak van de EU beoogt de effectieve bevordering van waardig werk voor iedereen en is specifiek gericht op kwetsbare en kansarme groepen zoals kinderen en jongeren, oudere werknemers, migrerende werknemers, personen met een handicap, etnische minderheden en werknemers in de informele economie. Deze aanpak heeft ook tot doel gelijkheid van vrouwen en mannen te bevorderen, onder meer door middel van de economische empowerment van vrouwen door de participatie van vrouwen op de arbeidsmarkt in alle sectoren en op alle niveaus te vergroten en gelijke beloning voor gelijkwaardig werk te waarborgen. Deze alomvattende aanpak is gericht op de werknemers op de binnenlandse markten in derde landen en in mondiale toeleveringsketens. Hij omvat alle relevante belanghebbenden: regeringen, sociale partners, het maatschappelijk middenveld, bedrijven en consumenten. Het alomvattende karakter van het optreden van de EU manifesteert zich in de verschillende EU-initiatieven op dit gebied, waaronder het voorstel voor een richtlijn betreffende zorgvuldigheid in het bedrijfsleven met het oog op duurzaamheid — die op hetzelfde moment als deze mededeling is vastgesteld — en de lopende herziening van het actieplan van 15 punten inzake handel en duurzame ontwikkeling in het kader van het handelsbeleid van de EU.
Specifieke aandacht voor de uitbanning van kinderarbeid en dwangarbeid
De Verenigde Naties riepen 2021 uit tot het Internationaal Jaar voor de uitbanning van kinderarbeid, een krachtige oproep voor de internationale gemeenschap om zich meer in te spannen om kinderarbeid uit te bannen tegen 2025. Na een daling van de kinderarbeid tussen 2000 en 2016 is het absolute aantal kinderen dat kinderarbeid verricht tussen 2016 en 2020 met 8,4 miljoen gestegen. Als gevolg van de COVID-19-pandemie en de daarmee gepaard gaande economische schokken en sluitingen van scholen lopen nog eens 9 miljoen kinderen het risico om tegen eind 2022 kinderarbeid te moeten verrichten, terwijl kinderen die al kinderarbeid verrichten, wellicht meer uren of in verslechterende omstandigheden werken. Als er onvoldoende sociale bescherming is, kan dit aantal oplopen tot 46 miljoen bijkomende slachtoffers van kinderarbeid.
|
Kinderarbeid in cijfers
160 miljoen kinderen waren in 2020 het slachtoffer van kinderarbeid,
dit is bijna 1 op de 10 van alle kinderen wereldwijd
|
|
|
|
|
|
|
In overeenstemming met het nultolerantiebeleid van de Commissie ten aanzien van kinderarbeid vormt de uitbanning van kinderarbeid een prioriteit binnen haar alomvattende aanpak van de bevordering van waardig werk wereldwijd. Deze prioriteit moet bovenaan blijven staan bij overdenkingen in alle relevante beleidsterreinen. De EU-maatregelen op dit gebied omvatten onder meer de ondersteuning en handhaving van doeltreffende wetgeving tegen kinderarbeid die programma’s bevordert voor sociale bijstand aan arme huishoudens die kwetsbaar zijn voor kinderarbeid. Daarnaast omvatten zij de verbetering van de toegang tot onderwijs, ook in conflict- of crisissituaties en voor kinderen die zich zowel binnen als tussen landen verplaatsen, en het aanbieden van beschermingsdiensten aan deze kinderen. De brede EU-strategie voor de rechten van het kind
verplicht de Commissie ertoe ernaar te streven kinderarbeid te bannen uit de toeleveringsketens van de EU en technische bijstand te verlenen om de arbeidsinspectiesystemen te versterken.
Kinderarbeid en dwangarbeid kunnen alleen worden uitgebannen als andere doelstellingen inzake waardig werk, zoals duurzaam ondernemerschap, sociale dialoog, vrijheid van vereniging, collectieve onderhandelingen en sociale bescherming, worden bevorderd. Hieruit blijkt de doeltreffendheid van een alomvattende aanpak om waardig werk wereldwijd te bevorderen.
3.Hoe bevordert de EU waardig werk wereldwijd?
3.1. EU-beleid en -initiatieven met gevolgen die zich tot buiten het grondgebied van de EU uitstrekken
Intern optreden van de EU heeft ook gevolgen voor het welzijn van werknemers over de hele wereld. In lijn met de toezegging van de EU om waardig werk in de mondiale toeleveringsketens te bevorderen
, stelt het EU-beleid normen vast die op mondiaal niveau koplopers zijn op het vlak van maatschappelijk verantwoord ondernemerschap en transparantie, alsook kaders voor duurzame financiering, duurzame productie en consumptie, en versterkt het de overheidssector door het goede voorbeeld op het gebied van overheidsopdrachten te geven. Het vormt een essentieel element van de Europese Green Deal
, waarin wordt benadrukt dat groene en sociale duurzaamheid hand in hand moeten gaan om wereldwijd een sociaal rechtvaardige transitie te waarborgen. De EU-initiatieven voor de bevordering van waardig werk zijn zowel van algemene als van sectorspecifieke aard. Daarnaast heeft de EU een aantal specifieke initiatieven gelanceerd om kinderarbeid en dwangarbeid te bestrijden.
3.1.1 Initiatieven op het gebied van waardig werk
Diverse beleidsterreinen en strategieën van de EU zijn gericht op bevordering van waardig werk wereldwijd, met name in mondiale toeleveringsketens
. Zij maken gebruik van diverse instrumenten, waaronder zorgvuldigheidseisen voor bedrijven, normen voor informatievoorziening inzake sociale aangelegenheden en transparantie- en informatiebepalingen over de duurzaamheid van producten, zodat consumenten beter geïnformeerde keuzes kunnen maken.
In haar voorstel voor een richtlijn betreffende zorgvuldigheid in het bedrijfsleven met het oog op duurzaamheid stelt de Europese Commissie zorgvuldigheidsverplichtingen vast voor grote bedrijven vanaf een bepaalde omvang en voor bepaalde andere bedrijven in bijzonder gevoelige sectoren om feitelijke en potentiële negatieve gevolgen voor de mensenrechten, met inbegrip van arbeidsrechten, en het milieu in de gehele mondiale toeleveringsketens te identificeren, te voorkomen, te beperken en er rekening mee te houden, in overeenstemming met de internationale normen inzake mensen- en arbeidsrechten. Het voorstel voorziet in een horizontaal kader om ervoor te zorgen dat bedrijven die actief zijn op de eengemaakte markt bijdragen tot de eerbiediging van de mensenrechten en het milieu bij hun eigen activiteiten en in hun gehele waardeketens, door de negatieve gevolgen voor de mensenrechten en het milieu te beperken en te beschikken over adequate governance, beheersystemen en maatregelen. Het voorstel voorziet ook in een doeltreffend handhavingsmechanisme dat bestaat uit een combinatie van administratieve sancties en wettelijke aansprakelijkheid.
De EU neemt diverse beleidsmaatregelen op het gebied van duurzame financiering om particuliere investeringsstromen om te buigen naar economische activiteiten die zowel vanuit sociaal als vanuit milieuperspectief duurzaam zijn
. Europa is de regio met een van de grootste volumes duurzame beleggingsactiva ter wereld, met ongeveer 10 biljoen EUR in 2020
. Daarom is duurzame financiering een krachtig instrument om arbeidsrechten in toeleveringsketens te bevorderen. Zoals voorgesteld in de strategie voor duurzame financiering van 6 juli 2021 zal de Commissie met name normen voor informatievoorziening inzake sociale en personeelsaangelegenheden en de eerbiediging van de mensenrechten in de financiële sector evalueren. Voorts zal de Commissie verslag uitbrengen over de mogelijke uitbreiding van de taxonomieverordening tot andere duurzaamheidsdoelstellingen, zoals sociale doelstellingen.
De transitie naar een schone en circulaire economie kan kansen bieden om vervuiling en afval te verminderen en productontwikkeling te stimuleren, en tegelijkertijd een positieve bijdrage leveren aan duurzame menselijke ontwikkeling, onder meer door het scheppen van fatsoenlijke banen
. In aansluiting op het actieplan voor de circulaire economie
zal de Commissie maatregelen bevorderen die verband houden met milieu- en sociale aspecten in de toeleveringsketen van producten en diensten.
De consumenten hebben betere en betrouwbaardere informatie nodig over de duurzaamheid van goederen en diensten om geïnformeerde keuzes te kunnen maken. De Commissie zal in toekomstige initiatieven inzake het consumentenbeleid van de EU waardig werk in de mondiale toeleveringsketens bevorderen.
In het kader van Horizon 2020 heeft de Commissie onderzoek in verband met waardig werk ondersteund, onder meer naar de rol van duurzame marktspelers voor verantwoorde handel
. In overeenstemming met de Agenda 2030 voor duurzame ontwikkeling van de VN zal de Commissie de bevordering van waardig werk wereldwijd versterken in de context van het Europees kaderprogramma voor onderzoek en innovatie, Horizon Europa (2021-2027).
In het kader van de instrumenten voor ontwikkeling en samenwerking van de EU ondersteunt de EU de uitvoering van de agenda voor waardig werk in partnerlanden, onder meer via de Faciliteit voor technische bijstand “SOCIEUX+”, die sinds 2013 expertise biedt op het gebied van werkgelegenheid en sociale bescherming.
3.1.2. Bevordering van waardig werk in specifieke sectoren
Via de initiatieven in het kader van de “van boer tot bord”-strategie
zal de Commissie met name waardig werk in de mondiale voedselvoorzieningsketens bevorderen, ook wat veilige en eerlijke arbeidsomstandigheden en arbeidsrechten betreft. De overwegingen wat betreft de sociale, arbeids- en huisvestingsvoorwaarden van de werknemers en de bescherming van hun gezondheid en veiligheid zullen bij het tot stand brengen van eerlijke, sterke en duurzame voedselsystemen een grote rol spelen.
Het grondstoffeninitiatief
en het actieplan inzake kritieke grondstoffen
zijn gericht op een eerlijkere en duurzamere winning van grondstoffen op de wereldmarkten. Zij bevorderen verantwoorde mijnbouwpraktijken voor kritieke grondstoffen, aangezien een hoge concentratie van het aanbod van grondstoffen in landen met lage bestuurlijke normen de sociale en milieuproblemen kan verergeren. In dit verband steunt de Commissie via haar samenwerkingsprogramma’s de duurzame ontwikkeling van de minerale hulpbronnen in haar partnerlanden. De Commissie steunt de uitvoering van Verordening (EU) 2017/821
, die zorgvuldigheidsverplichtingen vaststelt voor EU-importeurs van bepaalde metalen en mineralen uit conflict- en hoogrisicogebieden, door middel van richtsnoeren en begeleidende maatregelen. Het voorstel van de Commissie voor een verordening betreffende batterijen en afgedankte batterijen
stelt zorgvuldigheidsverplichtingen vast die de marktdeelnemers in hun toeleveringsketens moeten toepassen.
De afgelopen jaren heeft de EU een reeks beleidsmaatregelen ontwikkeld en acties ondersteund om waardig werk in de kledingsector aan te pakken en kwetsbaarheden te verkleinen, waardoor toeleveringsketens duurzamer worden. Zo heeft de EU steun verleend aan “Better work”, om de arbeidsomstandigheden in de kledingindustrie te verbeteren, en aan het Vision Zero Fund
, om de gezondheid en veiligheid op het werk in de kledingsector te verbeteren. De EU steunt ook maatregelen om de kennis en het bewustzijn te vergroten om de arbeidsomstandigheden in de kledingsector te verbeteren door middel van verantwoorde productie en consumptie
. In het kader van het actieplan voor de circulaire economie werkt de Commissie aan een strategie voor duurzaam textiel, waarbij de nadruk wordt gelegd op een duurzaam herstel van de COVID-19-crisis
en op een vermindering van de sociale en milieugevolgen van de sector. In dit verband zal de EU rekening houden met de huidige uitdagingen in de waardeketen van textiel, waaronder de noodzaak om de mensenrechten, met inbegrip van arbeidsrechten, te vrijwaren en passende zorgvuldigheid in alle toeleveringsketens in de textielsector te bevorderen. De voorgestelde richtlijn betreffende zorgvuldigheid in het bedrijfsleven met het oog op duurzaamheid zal hier in de eerste plaats voor zorgen.
De EU zal ernaar streven in alle EU-overeenkomsten inzake luchtvervoer toezeggingen te doen om een hoog niveau van arbeidsbescherming in de luchtvaartsector te bieden, in overeenstemming met de internationale arbeidsnormen
.
De EU zal arbeidsrechtelijke bepalingen inzake de bescherming van werknemers opnemen in alle bilaterale en multilaterale overeenkomsten van de EU inzake internationaal wegvervoer en in haar associatieovereenkomsten met derde landen. Zij zal ook de Europese Overeenkomst nopens de arbeidsomstandigheden voor de bemanningen van motorrijtuigen in het internationale vervoer over de weg (AETR) herzien om er het desbetreffende EU-acquis op het gebied van arbeid in op te nemen en zal de multilaterale Interbus-overeenkomst betreffende het ongeregeld vervoer van personen met touringcars en met autobussen in overeenstemming brengen met de sociale regels van de EU betreffende het wegvervoer.
Alle EU-lidstaten hebben het internationaal Maritiem Arbeidsverdrag (MAV) geratificeerd, dat de arbeidsomstandigheden in het zeevervoer regelt. De EU zal blijven werken aan de handhaving van de bepalingen van dit verdrag in samenwerking met de Internationale Maritieme Organisatie (IMO) en de IAO, en zal voorstellen om verbintenissen in verband met de effectieve uitvoering van het MAV op te nemen in maritieme overeenkomsten van de EU met derde landen.
Via haar agenda voor internationale oceaangovernance en haar gemeenschappelijk visserijbeleid bevordert de EU waardig werk in de visserij in overeenstemming met de doelstellingen van de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO), de Internationale Maritieme Organisatie (IMO) en de Voedsel- en Landbouworganisatie van de VN (FAO) en in samenwerking met partnerlanden. De EU zal blijven ijveren voor de ratificatie en effectieve uitvoering van Verdrag C 188 betreffende werk in de visserijsector van de IAO, en andere desbetreffende internationale normen
. Daartoe maakt zij gebruik van de partnerschapsovereenkomsten inzake duurzame visserij (PODV’s), met name door de uitvoering van een samenhangend pakket sociale bepalingen, en, in voorkomend geval, van de regionale organisaties voor visserijbeheer. Tijdens bilateraal overleg en in regionale en internationale fora zullen de Commissie en de hoge vertegenwoordiger zich buigen over dwangarbeid en andere vormen van werk die in strijd zijn met de mensenrechten op visserijgebied, ook wanneer zij worden ontdekt in het kader van de bestrijding van illegale, ongemelde en ongereglementeerde visserij.
Met haar actieplan voor de sociale economie zal de Commissie de sociale economie op internationaal niveau verder bevorderen, bijvoorbeeld via het instrument voor pretoetredingssteun, de instrumenten voor nabuurschapsbeleid, ontwikkeling en internationale samenwerking, en door de toegang tot financiering voor sociale ondernemers in de Westelijke Balkan, het Oostelijk Partnerschap en het zuidelijk nabuurschap te verbeteren. Het plan heeft ook tot doel de dialoog en samenwerking in verband met de sociale economie met belangrijke internationale partners te versterken.
3.1.3. Intensievere inspanningen ter bestrijding van dwangarbeid en kinderarbeid
De eerbiediging van de menselijke waardigheid en de universaliteit en ondeelbaarheid van de mensenrechten zijn stevig verankerd in het Verdrag. Bovendien verbiedt het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie slavernij en dwangarbeid uitdrukkelijk. Om uitvoering te geven aan deze bepalingen mobiliseert de Commissie alle beschikbare horizontale en sectorspecifieke initiatieven ter bestrijding van dwangarbeid en kinderarbeid, in samenwerking met de autoriteiten van de lidstaten, alsook met particuliere bedrijven en andere belanghebbenden.
Alle 27 EU-lidstaten hebben de fundamentele verdragen van de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO) inzake dwangarbeid en kinderarbeid geratificeerd. Bijgevolg zijn zij wettelijk verplicht het gebruik van dwangarbeid te voorkomen en uit te bannen en regelmatig verslag uit te brengen aan de organen die toezicht houden op de normen van de IAO. De verwijzingen naar de relevante IAO-verdragen zijn ook opgenomen in tal van door de Unie gesloten vrijhandelsovereenkomsten. In het kader van de EU-verordening betreffende het stelsel van algemene preferenties kan de EU unilaterale handelspreferenties toekennen op voorwaarde dat de begunstigde landen voldoen aan de internationale arbeidsnormen, onder meer met betrekking tot de uitbanning van kinderarbeid en dwangarbeid.
Op grond van de EU-richtlijn ter bestrijding van mensenhandel moeten de lidstaten ervoor zorgen dat mensenhandel, ook met het oog op dwangarbeid, wettelijk strafbaar is. De richtlijn verplicht de lidstaten ook te overwegen om het bewuste gebruik van diensten die door slachtoffers van mensenhandel worden verleend, strafbaar te stellen. De uiteindelijke beslissing hierover wordt echter overgelaten aan de lidstaten, wat heeft geleid tot een diverse juridische situatie in de EU. Gezien de prevalentie van mensenhandel doorheen de Unie en de verschillen tussen de nationale rechtskaders voert de Commissie een beoordeling uit van de mogelijkheid om minimale EU-regels vast te stellen die het gebruik van diensten die door slachtoffers van mensenhandel worden verleend, strafbaar te stellen. Tegelijkertijd organiseert de Commissie in samenwerking met maatschappelijke organisaties ook bewustmakingscampagnes om deze praktijken te helpen opsporen en voorkomen.
Maatschappelijk verantwoorde overheidsopdrachten zijn een krachtig instrument om dwangarbeid en kinderarbeid te bestrijden. Aangezien overheidsopdrachten goed zijn voor ongeveer 14 % van het bbp van de EU (ongeveer 2 biljoen EUR per jaar), kunnen zij bedrijven sterk stimuleren om sociaal verantwoord beheer toe te passen. Op grond van de richtlijnen inzake overheidsopdrachten moeten de lidstaten passende maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat aannemers en leveranciers daadwerkelijk voldoen aan de verplichtingen die voortvloeien uit de IAO-verdragen, met name op het gebied van dwangarbeid en kinderarbeid. Om aanbestedende diensten bewuster te maken van de potentiële voordelen van maatschappelijk verantwoorde overheidsopdrachten, heeft de Commissie onlangs haar gids “Sociaal kopen” bijgewerkt.
Overheidsinstanties kunnen de strijd tegen dwangarbeid niet alleen winnen. Er is ook een belangrijke rol weggelegd voor particuliere ondernemingen. Daarom bevordert de Commissie in het kader van het nieuwe handelsbeleid van de EU passende zorgvuldigheid in overeenstemming met internationale richtsnoeren en beginselen om ervoor te zorgen dat er geen plaats is voor dwangarbeid in de waardeketens van bedrijven in de EU. In dit verband hebben de Commissie en de Europese Dienst voor extern optreden in juli 2021 richtsnoeren bekendgemaakt om bedrijven in de EU te helpen bij het nemen van passende maatregelen om het risico op dwangarbeid in hun activiteiten en toeleveringsketens aan te pakken, als brug naar verplichte horizontale wetgeving inzake passende zorgvuldigheid. In haar voorstel voor een richtlijn duurzaamheidsrapportage door bedrijven
heeft de Commissie ook gedetailleerde rapportagevereisten met betrekking tot arbeidsrechten voorgesteld, zoals de uitbanning van kinderarbeid en dwangarbeid, met name in mondiale toeleveringsketens.
De Commissie bevordert ook door het bedrijfsleven aangestuurde strategieën in de sectoren die het grootste risico lopen. Zo wordt in het kader van het “CLEAR Cotton”-project een geïntegreerde aanpak voorgesteld om kinderarbeid en dwangarbeid in de toeleveringsketens voor katoen, textiel en kleding uit te bannen. De uitbanning van kinderarbeid en dwangarbeid neemt ook een prominente plaats in in het grondstoffeninitiatief en het actieplan inzake kritieke grondstoffen.
Ondanks deze belangrijke wetgevende stappen zijn verdere maatregelen nodig om dwangarbeid doeltreffend aan te pakken. Daarom kondigde voorzitter Von der Leyen een initiatief aan om producten die worden vervaardigd in het kader van dwangarbeid op de eengemaakte markt te verbieden. Daartoe werkt de Commissie aan een nieuw wetgevingsinitiatief dat het in de handel brengen in de EU van producten die zijn vervaardigd in het kader van dwangarbeid, waaronder gedwongen kinderarbeid, daadwerkelijk zal verbieden. Het initiatief zal betrekking hebben op zowel binnenlandse als ingevoerde producten en het verbod vergezeld laten gaan van een robuust, risicogebaseerd handhavingskader. Het nieuwe instrument zal voortbouwen op internationale normen en een aanvulling vormen op bestaande horizontale en sectorale EU-initiatieven, met name de verplichtingen inzake passende zorgvuldigheid en transparantie.
Voor de strijd tegen kinderarbeid zijn verdere maatregelen nodig. Kinderarbeid vloeit voort uit zeer complexe factoren, zoals economische problemen, gebrek aan adequate onderwijsmogelijkheden, percepties bij de bevolking en lokale gebruiken in verband met de rol van kinderen in de samenleving. Bijgevolg vereist de uitbanning van kinderarbeid een holistische aanpak van duurzame economische ontwikkeling, met inbegrip van brede maatregelen en naar behoren gefinancierde initiatieven ter ondersteuning van hoogwaardig onderwijs, een fatsoenlijk inkomen en sociale bescherming voor iedereen. In overeenstemming met de EU-strategie voor de rechten van het kind ondersteunt de Commissie regeringen, lokale actoren en bedrijven, met name in de zwaarst getroffen landen.
|
Belangrijkste instrumenten:
-bevorderen van passende zorgvuldigheid op het gebied van mensenrechten en milieu door bedrijven, onder meer door middel van wetgeving, om feitelijke en potentiële negatieve gevolgen voor de mensenrechten, met inbegrip van arbeidsrechten, en voor het milieu in de gehele mondiale toeleveringsketens te identificeren, te voorkomen, te beperken en de verantwoordelijken aan te duiden;
-verbieden van het op de markt brengen in de EU van producten die zijn vervaardigd in het kader van dwangarbeid;
-bevorderen van de openbaarmaking door bedrijven van informatie over duurzaamheidsaspecten, met name over waardig werk in mondiale toeleveringsketens, om duurzame investeringen en transparantie voor andere belanghebbenden te versterken;
-voorzien in richtsnoeren en krachtige wettelijke bepalingen inzake sociaal duurzame overheidsopdrachten en duurzame producten tot de norm maken om een eerlijke consumptie te bevorderen;
-gebruikmaken van sectoraal beleid van de EU, onder meer op het gebied van voedsel, mineralen, textiel, visserij en vervoer, met inbegrip van maritiem vervoer, om de naleving van internationale arbeidsnormen en de ratificatie en uitvoering van internationale arbeidsverdragen te versterken.
|
3.2. De bilaterale en regionale betrekkingen van de EU
De EU verwacht in haar handelsbeleid dat haar handelspartners de internationale arbeidsnormen naleven. Vrijhandels- en investeringsovereenkomsten spelen in dit verband een essentiële rol, door verplichtingen vast te stellen om de internationale arbeidsnormen na te leven en waardig werk te bevorderen door middel van nationale wetten en praktijken, met inbegrip van doeltreffende arbeidsinspecties. Zo hebben deze bepalingen Zuid-Korea ertoe aangezet in april 2021 drie fundamentele IAO-verdragen te ratificeren
. Voorts heeft de Commissie in 2020 het hoofd handhaving voor de handel (CTEO) aangesteld om ervoor te zorgen dat haar handelspartners hun toezeggingen nakomen, onder meer in het kader van de hoofdstukken over duurzame ontwikkeling. Zij heeft ook een
centraal toegangspunt
ingesteld waar bedrijven, handelsorganisaties of niet-gouvernementele organisaties uit de EU klachten kunnen indienen.
De EU zal de lopende evaluatie van het actieplan van 15 punten inzake handel en duurzame ontwikkeling gebruiken om de uitvoering en handhaving van arbeidsbepalingen in vrijhandelsovereenkomsten te beoordelen. Dit omvat de reikwijdte van toezeggingen, toezichtmechanismen, de mogelijkheid van sancties voor niet-naleving, de mensenrechtenbepaling, de institutionele structuur, samenwerking met het maatschappelijk middenveld en de vereiste middelen.
In het voorstel voor een nieuwe EU-verordening betreffende het stelsel van algemene preferenties (SAP-verordening) voor de periode 2024-2034
heeft de Commissie haar steun voor de bevordering van internationale arbeidsnormen in SAP-begunstigde landen opgevoerd door twee nieuwe arbeidsrechtenverdragen
toe te voegen en door de uitvoer van goederen die worden vervaardigd door middel van internationaal verboden kinderarbeid en dwangarbeid een grond te maken om handelspreferenties mogelijk in te trekken.
Een belangrijke doelstelling van het internationaal partnerschapsbeleid van de EU is het bevorderen van waardig werk, met inbegrip van sociale bescherming, in overeenstemming met de sterke toezegging van de EU om de Agenda 2030 voor duurzame ontwikkeling van de VN en de bijbehorende duurzameontwikkelingsdoelstelling volledig uit te voeren, hetgeen ook tot uiting komt in de Europese consensus inzake ontwikkeling van 2017. Sociale inclusie en waardig werk, met bijzondere aandacht voor het uitbannen van kinderarbeid, zijn een van de prioriteiten in de programmering voor de periode 2021-2027 in het kader van het nieuwe instrument “NDICI – Europa in de wereld”
, dat op nationaal, regionaal en mondiaal niveau moet worden vastgesteld. Meer in het bijzonder voorzien het programma voor democratie en mensenrechten van het NDICI – Europa in de wereld en andere thematische en geografische programma’s in specifieke acties ter bevordering van waardig werk voor iedereen, met inbegrip van de bestrijding van kinderarbeid en dwangarbeid, met name op nationaal en regionaal niveau. Tot de steunacties van het NDICI – Europa in de wereld behoren het bevorderen van de sociale dialoog en het verlenen van bijstand aan partnerlanden om bijgewerkte IAO-verdragen, met name fundamentele verdragen en verdragen inzake goed bestuur, te ratificeren en daadwerkelijk uit te voeren. Naast de Europese consensus zal er onder meer worden samengewerkt met de particuliere sector om de beginselen van verantwoord ondernemerschap in mondiale toeleveringsketens uit te voeren en regeringen en bedrijven in partnerlanden te ondersteunen bij het invoeren van verantwoord ondernemerschap door middel van passende begeleidende maatregelen. Het biedt ook mogelijkheden om in partnerlanden samen te werken met alle desbetreffende belanghebbenden bij het formaliseren van de economie en het terugdringen van de informele sector, en om beste praktijken en benaderingen met partnerlanden uit te wisselen door middel van technische bijstand. In het besef dat een groot aantal van de meest kwetsbaren in de informele economie zullen blijven werken, zal het ontwikkelingsbeleid er bovendien voor zorgen dat de maatregelen ter bevordering van waardig werk worden uitgebreid tot de informele economie. In voorkomend geval zal samen met de lidstaten en de Europese instellingen voor ontwikkelingsfinanciering actie worden ondernomen in het kader van de Team Europa -initiatieven.
De Europese Unie steunt ook acties in verband met de bescherming van kinderen in humanitaire crisissituaties, onder meer tegen de ergste vormen van kinderarbeid. De activiteiten omvatten de preventie van en reactie op geweld, de opsporing van familieleden en gezinshereniging, preventie, vrijlating en re-integratie van kinderen die verbonden zijn aan strijdkrachten of gewapende groepen. Er wordt aanzienlijk geïnvesteerd in het herstel en het behoud van de toegang tot hoogwaardig onderwijs voor kinderen die door crises en humanitaire noodsituaties zijn getroffen.
Overeenkomstig het uitbreidingsbeleid van de EU wordt van de kandidaat-lidstaten en potentiële kandidaat-lidstaten verwacht dat zij zich vóór de toetreding tot de EU volledig aanpassen aan het acquis en de normen van de EU op het gebied van sociaal beleid en werkgelegenheid. De EU blijft de uitvoering van de Europese pijler van sociale rechten in de Westelijke Balkan bevorderen door de prestaties van kandidaat-lidstaten en potentiële kandidaat-lidstaten in verband met de integratie van de beginselen van de Europese pijler van sociale rechten in het proces van hun economisch hervormingsprogramma te bespreken, en door haar partners te ondersteunen bij het verbeteren van de beschikbaarheid van hun gegevens en het verzamelen van gegevens in overeenstemming met het sociaal scorebord. De EU biedt ook financiële steun ter bevordering van hoogwaardige werkgelegenheid en ter ondersteuning van de effectieve handhaving van arbeidsregels en -normen in de hele regio via het instrument voor pretoetredingssteun (IPA).
Via het Europees nabuurschapsbeleid steunt de EU politieke en economische hervormingen in de zuidelijke
en oostelijke
buurlanden van de EU, met inbegrip van het scheppen van fatsoenlijke banen. De EU zal via hetzelfde beleid beste praktijken op het gebied van mensenrechten en fundamentele arbeidsnormen uitwisselen met de zuidelijke partners op bilateraal en regionaal niveau, alsook in het kader van de sectorale beleidsdialoog over werkgelegenheid en arbeid van de Unie voor het Middellandse Zeegebied.
Door middel van financiële steun en andere vlaggenschipinitiatieven zal de EU de partners uit het zuidelijk nabuurschap helpen economische hervormingen (met name op het gebied van handel en investeringen) die leiden tot fatsoenlijke werkgelegenheid, in het bijzonder voor vrouwen en jongeren, op te stellen en uit te voeren en zal zij een goed functionerende sociale dialoog op alle niveaus ondersteunen.
In het Oostelijk Partnerschap zal beleidsondersteuning voor waardig werk door middel van investeringen in mensen en ontwikkeling van menselijk kapitaal een topprioriteit blijven
. De EU zal ook expertise uit de publieke sector mobiliseren om beste praktijken en benaderingen met partnerlanden uit te wisselen, bijvoorbeeld via TAIEX en twinninginstrumenten, die bestuurders in de doellanden samenbrengen met hun collega’s uit EU-lidstaten.
Het bevorderen van de eerbiediging van de arbeidsrechten in derde landen is een essentieel onderdeel van het mensenrechtenbeleid van de EU. Voortbouwend op de verschillende instrumenten op dit gebied zal de EU waar nodig zorgen voor de behandeling van arbeidsrechtenkwesties in de mensenrechtendialogen met derde landen waar schendingen van de arbeidsrechten plaatsvinden, en in verdere uitwisselingen over mensenrechten met derde landen, met name in uitwisselingen door de speciale vertegenwoordiger van de EU voor de mensenrechten.
De EU zal ook zorgen voor de effectieve uitvoering van de arbeidsrechtenaspecten van de landenstrategieën inzake mensenrechten en democratie 2021-2024 en van het actieplan inzake mensenrechten en democratie 2020-2024
. Dit omvat het beoogde alomvattende EU-kader voor de uitvoering van de leidende beginselen inzake bedrijfsleven en mensenrechten van de VN en de ontwikkeling en uitvoering van nationale actieplannen.
De EU zal bij de financiering van acties waardig werk verder bevorderen, bijvoorbeeld bij de uitvoering van een financieringstransactie (blending en garanties) of door ervoor te zorgen dat bij de beoordeling van de eerbiediging van de mensenrechten arbeidsrechten in aanmerking worden genomen als voorwaarde voor het verlenen van macrofinanciële bijstand. De toekomstige programma’s voor macrofinanciële bijstand zullen in voorkomend geval ook betrekking hebben op waardig werk en de daarmee verband houdende voorwaarden zullen gezamenlijk door de Commissie en de EDEO worden vastgesteld.
De Commissie zal met de Europese Bank voor Wederopbouw en Ontwikkeling samenwerken om een regelmatige actualisering van haar milieu- en sociaal beleid te bevorderen om het in overeenstemming te brengen met de EU- en internationale normen inzake verantwoordelijkheid voor de toeleveringsketen, met inbegrip van de leidende beginselen inzake bedrijfsleven en mensenrechten van de VN. Bovendien zal de EU ervoor zorgen dat de arbeidsrechten van de betrokken werknemers bij de uitvoering van door de EIB gefinancierde regelingen in overeenstemming zijn met de sociale en milieunormen van de EIB.
Naast het bovenstaande bieden verdere bilaterale en regionale overeenkomsten, zoals strategische partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomsten van de EU en dialogen op verschillende niveaus met derde landen een kans om EU-expertise op het gebied van arbeid uit te wisselen. De EU zal de opname van waardig werk, met inbegrip van arbeidsrechten, bevorderen in alle desbetreffende toekomstige of bijgewerkte bilaterale en regionale overeenkomsten en dialogen op verschillende niveaus, met name in strategische partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomsten en in alle comités die desbetreffende bilaterale en regionale overeenkomsten uitvoeren, zoals gezamenlijke comités en thematische subcomités. Dit omvat bijvoorbeeld topontmoetingen, ministeriële bijeenkomsten en bijeenkomsten van hoge ambtenaren in fora zoals de Ontmoeting Azië-Europa (ASEM).
|
Belangrijkste instrumenten:
-bevorderen van internationale arbeidsnormen in vrijhandelsovereenkomsten en unilaterale handelspreferenties;
-zorgen voor waardig werk voor iedereen als een van de belangrijkste prioriteiten van het ontwikkelingsbeleid van de EU en verder financieren van acties ter bevordering van waardig werk, onder meer in het kader van de Team Europa-initiatieven;
-bevorderen van de uitvoering van de Europese pijler van sociale rechten via het uitbreidingsbeleid van de EU en de economische hervormingsprogramma’s en ondersteunen van hervormingen die zorgen voor fatsoenlijke werkgelegenheid in de Europese nabuurschaps- en uitbreidingsregio’s;
-bevorderen van de eerbiediging van de arbeidsrechten in derde landen als essentieel onderdeel van het mensenrechtenbeleid van de EU;
-opname van waardig werk en arbeidsrechten in alle desbetreffende toekomstige of bijgewerkte bilaterale en regionale overeenkomsten en dialogen.
|
3.3. EU in internationale en multilaterale fora
De EU steunt de uitvoering van instrumenten van de Verenigde Naties in verband met waardig werk; zij pleit er ook voor dat het thema waardig werk in VN-fora wordt besproken en op de voorgrond wordt geplaatst, met name in het kader van de Agenda 2030 voor duurzame ontwikkeling van de VN. De EU heeft haar inzet in mensenrechtenfora van de VN en met partnerlanden versterkt om de wereldwijde uitvoering van de leidende beginselen van de VN inzake bedrijfsleven en mensenrechten actief te bevorderen en te ondersteunen. In dit verband verleent de EU passende steun aan de werkzaamheden van de VN-werkgroep inzake bedrijfsleven en mensenrechten en levert zij een constructieve bijdrage aan de VN-onderhandelingen over een juridisch bindend instrument op het gebied van het bedrijfsleven en mensenrechten waarmee slachtoffers van bedrijfsgerelateerde mensenrechtenschendingen daadwerkelijk beter kunnen worden beschermd en ook een eerlijker wereldwijd speelveld tot stand kan worden gebracht. De EU zal haar inspanningen opvoeren om de Agenda voor waardig werk te bevorderen in de VN-Commissie Sociale Ontwikkeling en in het politiek forum op hoog niveau voor duurzame ontwikkeling, rekening houdend met het belang van waardig werk voor de verwezenlijking van de SDG’s, met name SDG 8, en doorheen de hele agenda. De EU bevordert ook de rechten van personen met een handicap wereldwijd, ook met betrekking tot werk en werkgelegenheid, in overeenstemming met het VN-Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap (UNCRPD), waarbij zij partij is. De Commissie heeft toegezegd regelmatig gestructureerd overleg te organiseren tijdens de jaarlijkse UNCRPD-conferentie van verdragsluitende partijen en in het kader van andere bestaande gestructureerde dialogen, en samenwerking toegespitst op toegankelijkheid en werkgelegenheid te versterken.
Daarnaast draagt de EU actief bij aan de processen van de Internationale Arbeidsorganisatie om arbeidsnormen vast te stellen, toe te zien op de toepassing ervan en de uitvoering ervan te bevorderen. De EU zal haar nauwe samenwerking met de IAO verder versterken op basis van de in 2021 vernieuwde briefwisseling, met name door gezamenlijk optreden in multilaterale fora en bilaterale en ontwikkelingssamenwerking, maar ook door een intensievere uitwisseling van informatie, bijstand en regelmatige bijeenkomsten op hoog niveau. Het doel is de fundamentele beginselen en rechten op het werk en andere internationale arbeidsnormen te bevorderen, met name door de ratificatie en effectieve uitvoering van de bijgewerkte IAO-verdragen en de bevordering van gendergelijkheid.
De EU zal ook samenwerken met de IAO om een mensgerichte aanpak en een rechtvaardige transitie naar de toekomst van werk te bevorderen, in overeenstemming met de Agenda 2030 voor duurzame ontwikkeling, de IAO-verklaring over sociale rechtvaardigheid voor een eerlijke mondialisering van 2008, de eeuwfeestverklaring van de IAO over de toekomst van werk, de Europese pijler van sociale rechten en desbetreffende Europese en internationale normen. Dit engagement heeft ook tot doel de sociale dialoog te bevorderen en toe te werken naar socialebeschermingsvloeren en fatsoenlijke arbeidsomstandigheden voor iedereen, met inbegrip van veiligheid en gezondheid op het werk. De EU steunt de inspanningen om het recht op veilige en gezonde arbeidsomstandigheden op te nemen in het IAO-kader inzake fundamentele beginselen en rechten op het werk. De Commissie zal ook steun verlenen aan de werkzaamheden van de IAO om een meetkader te ontwikkelen om de vooruitgang richting een eerlijkere arbeidswereld op te volgen.
De EU steunt de hervorming van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) om verder bij te dragen aan duurzame ontwikkeling en de sociale dimensie van de globalisering te integreren, en om overleg in de WTO te bevorderen over de wijze waarop waardig werk en sociale rechtvaardigheid kan worden ondersteund via handel. De EU zal in de WTO pleiten voor analyse en uitwisseling van ervaringen, onder meer door een actievere samenwerking met de IAO, over: de bijdrage van het handelsbeleid aan maatschappelijke ontwikkeling, hoe een betere bescherming van de rechten van werknemers de groei en ontwikkeling ten goede komt, en hoe de voordelen van handelsliberalisering alle werknemers en kansarme gemeenschappen ten goede komen.
De Commissie zal ook actief steun verlenen aan verder overleg tussen de internationale financiële instellingen, de IAO, de VN en de WTO over de complementariteit en consistentie van hun beleid en de onderlinge afhankelijkheid van economische groei, investeringen, handel en waardig werk.
In haar samenwerking met de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) steunt de EU de bevordering en toepassing van internationale normen inzake verantwoord ondernemerschap om de bijdrage van het bedrijfsleven aan waardig werk te vergemakkelijken. De EU financiert door de OESO geleide programma’s, met name ter bevordering van passende zorgvuldigheid voor verantwoord ondernemerschap in mondiale toeleveringsketens
, en zal waardig werk in het kader van OESO-activiteiten op het gebied van verantwoord ondernemerschap en van de werkzaamheden van het ontwikkelingscentrum van de OESO blijven bevorderen.
De bevordering van waardig werk in mondiale toeleveringsketens, met inbegrip van de uitbanning van kinderarbeid en dwangarbeid, was een belangrijk onderdeel van de werkzaamheden van de G7 en de G20, met de actieve steun van de EU. Door samen te werken met de G7- en G20-partners zal de EU ernaar streven dat waardig werk en sociale bescherming een belangrijke rol spelen in de besprekingen in de G7 en de G20, onder meer door sociale aspecten te integreren in de strategieën van beide fora voor een betere wederopbouw. Zo hebben de G20 zich er in de verklaring van Rome van de leiders van de G20 in 2021 als reactie op de pandemie toe verbonden een mensgerichte beleidsaanpak te volgen om de sociale dialoog te bevorderen en te zorgen voor meer sociale rechtvaardigheid, veilige en hygiënische arbeidsomstandigheden, en waardig werk voor iedereen, met name in de mondiale toeleveringsketens.
De Commissie zal ook samenwerken met de Wereldbank om waardig werk en een mensgerichte aanpak op te nemen als horizontale vereiste in de werkzaamheden van de Wereldbank met derde landen en zij zal de lidstaten aanmoedigen om de kwestie van waardig werk aan de orde te stellen wanneer het Internationaal Monetair Fonds financiële steun verleent aan derde landen.
De EU werkt samen met de Raad van Europa om fundamentele sociale en economische rechten overeenkomstig internationale verplichtingen te waarborgen.
|
Belangrijkste instrumenten:
-ondersteunen van de toepassing van instrumenten van de Verenigde Naties in verband met waardig werk en pleiten voor waardig werk in VN-fora, met name bij de uitvoering van de Agenda 2030 voor duurzame ontwikkeling van de VN;
-werken in partnerschap met de IAO aan de EU-prioriteiten, met name actief bijdragen aan de processen om arbeidsnormen vast te stellen, toe te zien op de toepassing ervan en de uitvoering ervan bevorderen;
-ondersteunen van de hervorming van de WTO om verder bij te dragen aan duurzame ontwikkeling, de sociale dimensie van de globalisering te integreren en overleg in de WTO te bevorderen over de wijze waarop handel waardig werk en sociale rechtvaardigheid kan ondersteunen;
-bevorderen van waardig werk in de mondiale toeleveringsketens in de verklaringen van de G7 en de G20, werken met de OESO aan het bevorderen en toepassen van internationale normen inzake verantwoord ondernemerschap, met inbegrip van waardig werk, in samenwerking met de internationale financiële instellingen;
-samen met de Raad van Europa werken aan het waarborgen van fundamentele sociale en economische rechten overeenkomstig internationale verplichtingen.
|
3.4. Samenwerking met belanghebbenden en engagement in mondiale partnerschappen
De EU bevordert de tripartiete en bipartiete Europese sociale dialoog op bedrijfstakoverkoepelend en sectoraal niveau, onder meer door de ondersteuning van 43 comités voor sectorale sociale dialoog van de EU. De sociale partners hebben regelmatig de bevordering van waardig werk wereldwijd op de agenda van sectorale comités voor de sociale dialoog geplaatst, bijvoorbeeld waardig werk in de visserij of in de textielsector. De Commissie zal de sociale partners in de sectorale comités voor de sociale dialoog van de EU, op hun verzoek, ondersteunen bij het opstarten van activiteiten op het gebied van verantwoorde toeleveringsketens, met inbegrip van de eerbiediging van arbeidsrechten, zoals EU-brede sectorale dialogen om goede praktijken uit te wisselen en peer learning mogelijk te maken. Dit zal ook werknemers en werkgevers in de gehele toeleveringsketen ondersteunen bij de uitoefening van hun recht om zich te organiseren en van hun recht op vrijheid van vereniging.
De EU bevordert ook de dialoog met het maatschappelijk middenveld in haar externe betrekkingen en sluit zich aan bij mondiale partnerschappen. Interactie met maatschappelijke organisaties is een belangrijke faciliterende factor voor de bevordering van waardig werk door middel van overleg met belanghebbenden, onder meer in het kader van onderhandelingen over en uitvoering van handelsovereenkomsten, bij de voorbereiding van mensenrechtendialogen en op het gebied van ontwikkelingssamenwerking. De EU zal de samenwerking met actoren uit het maatschappelijk middenveld blijven versterken en een veilige en stimulerende omgeving bevorderen voor het maatschappelijk middenveld en de werkzaamheden van verdedigers van arbeidsrechten die pleiten voor het scheppen van fatsoenlijke banen.
De EU en haar lidstaten dragen bij aan en ondersteunen mondiale partnerschappen en multistakeholderinitiatieven met betrekking tot de bevordering van waardig werk wereldwijd op gebieden zoals een rechtvaardige transitie, veiligheid en gezondheid op het werk, sociale bescherming en sociale dialoog, onder meer via het initiatief “Global Deal”
. Gezien het nultolerantiebeleid van de EU inzake kinderarbeid zal de Commissie de nodige stappen ondernemen om een partner te worden van “Alliance 8.7”, een globaal partnerschap voor de uitbanning van kinderarbeid, dwangarbeid en mensenhandel. De Commissie is voornemens samen met de IAO na te gaan hoe de gezamenlijke en respectieve inspanningen om de doeltreffendheid van de interventies in het kader van Alliance 8.7 te waarborgen, kunnen worden opgevoerd.
|
Belangrijkste instrumenten:
-ondersteunen van de sociale partners in de EU-comités voor de sectorale sociale dialoog om activiteiten te starten met betrekking tot de eerbiediging van arbeidsrechten in de toeleveringsketens;
-versterken van de samenwerking met actoren uit het maatschappelijk middenveld en bevorderen van een veilige en stimulerende omgeving voor het maatschappelijk middenveld;
-ondersteunen van mondiale partnerschappen op verschillende gebieden van waardig werk, onder meer door partner te worden van Alliance 8.7.
|
4.Conclusies
De EU is vastbesloten haar rol als verantwoordelijke leider in de arbeidswereld te versterken, op te komen voor de rechten van werknemers en een nivellering naar beneden te voorkomen door gebruik te maken van alle beschikbare instrumenten en deze verder te ontwikkelen. De bevordering van waardig werk wereldwijd, met inbegrip van de uitbanning van kinderarbeid en dwangarbeid, vormt een kernelement van deze inspanningen.
De bevordering van waardig werk wereldwijd is van cruciaal belang voor de EU als geopolitieke speler die de individuele rechten en vrijheden krachtig ondersteunt, in het bijzonder in een snel veranderende arbeidswereld en in een context van verschuivingen in de mondiale betrekkingen. Deze aanpak is in overeenstemming met de krachtige steun van de EU voor multilateralisme en een op regels en internationale arbeidsnormen gebaseerde wereldorde.
De EU speelt een leidende rol om ervoor te zorgen dat de groene en digitale transitie van de economie hand in hand gaat met een wereldwijde transitie die sociaal rechtvaardig is. De EU zal met haar internationale partners samenwerken om te komen tot een mensgericht, duurzaam, eerlijk en inclusief herstel van de COVID-19-crisis.
De Commissie verzoekt het Europees Parlement en de Raad de in deze mededeling uiteengezette aanpak te onderschrijven en samen te werken om haar acties uit te voeren.
De Commissie is voornemens regelmatig verslag uit te brengen over de stand van de uitvoering van deze mededeling, met name wat de toezeggingen van de EU op de bovengenoemde belangrijke beleidsterreinen betreft.