This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 52012PC0591
Proposal for a REGULATION OF THE EUROPEAN PARLIAMENT AND OF THE COUNCIL amending Council Regulation (EC) No 2187/2005 for the conservation of fishery through technical measures in the Baltic Sea, the Belts and the Sound
Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD tot wijziging van Verordening (EG) nr. 2187/2005 van de Raad betreffende de instandhouding door middel van technische maatregelen van de visbestanden in de Oostzee, de Belten en de Sont
Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD tot wijziging van Verordening (EG) nr. 2187/2005 van de Raad betreffende de instandhouding door middel van technische maatregelen van de visbestanden in de Oostzee, de Belten en de Sont
/* COM/2012/0591 final - 2012/0285 (COD) */
Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD tot wijziging van Verordening (EG) nr. 2187/2005 van de Raad betreffende de instandhouding door middel van technische maatregelen van de visbestanden in de Oostzee, de Belten en de Sont /* COM/2012/0591 final - 2012/0285 (COD) */
TOELICHTING 1. ACHTERGROND
VAN HET VOORSTEL In het Verdrag
betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) wordt een onderscheid
gemaakt tussen op grond van artikel 290, lid 1, VWEU aan de Commissie
overgedragen bevoegdheden om niet-wetgevingshandelingen van algemene strekking
vast te stellen ter aanvulling of wijziging van bepaalde niet-essentiële
onderdelen van de wetgevingshandeling ("gedelegeerde handelingen") en
op grond van artikel 291, lid 2, VWEU aan de Commissie toegekende bevoegdheden
om eenvormige voorwaarden vast te stellen ter uitvoering van juridisch bindende
handelingen van de Unie ("uitvoeringshandelingen"). In verband met de
aanpassing van Verordening (EG) nr. 2187/2005 aan de nieuwe regels van het
VWEU, zijn de thans bij die verordening aan de Commissie verleende bevoegdheden
ingedeeld in gedelegeerde maatregelen en uitvoeringsmaatregelen. Op grond van artikel 290
VWEU kan de wetgever de taak om niet-essentiële delen van Verordening (EG)
nr. 2187/2005 aan te vullen of te wijzigen, aan de Commissie overdragen.
Bijgevolg moet de Commissie worden gemachtigd om gedelegeerde handelingen vast
te stellen tot wijziging van de technische specificaties van twee delen van het
vistuig die de selectiviteit moeten verbeteren: namelijk het ontsnappingspaneel
van het Bacoma-type en het netwerk in de kuil en de tunnel dat 90° is gedraaid
(T90-trawl). Op grond van artikel 291 VWEU kan
de wetgever de Commissie uitvoeringsbevoegdheden toekennen om haar in staat te
stellen te zorgen voor eenvormige voorwaarden voor de uitvoering van
Verordening (EG) nr. 2187/2005. Deze uitvoeringsbevoegdheden zijn
noodzakelijk om te garanderen dat de Commissie, telkens als de nationale
maatregelen van een lidstaat niet met Verordening (EG) nr. 2187/2005 in
overeenstemming zijn, een besluit kan nemen op grond waarvan die lidstaat
verplicht wordt die nationale maatregelen in te trekken of te wijzigen. 2. RESULTATEN
VAN DE RAADPLEGING VAN BELANGHEBBENDE PARTIJEN EN EFFECTBEOORDELING Het was niet nodig
belanghebbende partijen te raadplegen of een effectbeoordeling uit te voeren. 3. JURIDISCHE
ASPECTEN VAN HET VOORSTEL ·
Samenvatting van de voorgestelde maatregel(en) De voornaamste
juridische maatregel bestaat erin na te gaan welke bevoegdheden bij Verordening
(EG) nr. 2187/2005 aan de Commissie zijn toegekend en die in te delen als
gedelegeerde bevoegdheden of als uitvoeringsbevoegdheden. ·
Rechtsgrondslag Artikel 43,
lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie. ·
Subsidiariteitsbeginsel Het voorstel betreft
een gebied dat onder de exclusieve bevoegdheid van de Europese Unie valt. ·
Evenredigheidsbeginsel Het betreft een
voorstel tot wijziging van maatregelen die reeds bestaan in Verordening (EG)
nr. 2187/2005 van de Raad, zodat er geen problemen ten aanzien van het
evenredigheidsbeginsel zullen ontstaan. ·
Keuze van instrumenten Voorgesteld
instrument: verordening van het Europees Parlement en de Raad. Andere instrumenten
zouden om de volgende reden ongeschikt zijn: een verordening moet worden
gewijzigd bij een verordening. 4. GEVOLGEN
VOOR DE BEGROTING De voorgestelde
maatregel brengt geen extra uitgaven voor de Unie mee. 2012/0285 (COD) Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN
DE RAAD tot wijziging van Verordening (EG) nr. 2187/2005
van de Raad betreffende de instandhouding door middel van technische
maatregelen van de visbestanden in de Oostzee, de Belten en de Sont HET EUROPEES
PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE, Gezien het Verdrag
betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 43, lid 2, Gezien het voorstel
van de Europese Commissie, Gezien het advies van
het Europees Economisch en Sociaal Comité[1], Na toezending van het
ontwerp van wetgevingshandeling aan de nationale parlementen, Handelend volgens de
gewone wetgevingsprocedure, Overwegende hetgeen
volgt: (1) Bij Verordening (EG) nr. 2187/2005
van de Raad van 21 december 2005 betreffende de instandhouding door middel van
technische maatregelen van de visbestanden in de Oostzee, de Belten en de Sont[2] zijn aan de Commissie
bevoegdheden verleend met het oog op de uitvoering van een aantal bepalingen
van die verordening. (2) Als gevolg van de
inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon moeten de op grond van
Verordening (EG) nr. 2187/2005 aan de Commissie verleende bevoegdheden
worden aangepast aan de artikelen 290 en 291 van het Verdrag betreffende de
werking van de Europese Unie. (3) Aan de Commissie moeten
uitvoeringsbevoegdheden worden toegekend om haar in staat te stellen te zorgen
voor uniforme voorwaarden voor de uitvoering van Verordening (EG) nr. 2187/2005
wat betreft door lidstaten genomen maatregelen die uitsluitend van toepassing
zijn op vissersvaartuigen die hun vlag voeren. (4) Bevoegdheden om
uitvoeringsbepalingen voor Verordening (EG) nr. 2187/2005 vast te stellen
zijn niet langer vereist. De bepaling waarbij dergelijke bevoegdheden worden
verleend, moet derhalve worden geschrapt. (5) De bevoegdheid om
overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de
Europese Unie handelingen vast te stellen moet aan de Commissie worden
overgedragen om ervoor te zorgen dat zij bepalingen inzake de vervaardiging van
bepaalde soorten vistuig kan wijzigen.
Die wijzigingen dienen een weerspiegeling te zijn van wijzigingen in de bij de
visserij toegepaste selectiviteitspatronen, van nieuwe technische kennis van
materialen voor de vervaardiging van vistuig of van wijzigingen in de optuiging
van het vistuig die de selectiviteit van het vistuig kunnen vergroten. (6) Het is van bijzonder belang
dat de Commissie tijdens haar voorbereidende werkzaamheden voor de vaststelling
van gedelegeerde handelingen passende raadplegingen houdt, onder meer op
expertniveau. Bij het voorbereiden en opstellen van gedelegeerde handelingen
moet de Commissie erop toezien dat de desbetreffende documenten gelijktijdig,
tijdig en op passende wijze bij het Europees Parlement en de Raad worden
ingediend. (7) Verordening (EG) nr. 2187/2005
moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd, HEBBEN DE
VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD: Artikel 1 Verordening (EG) nr. 2187/2005
wordt als volgt gewijzigd: (1) artikel 26,
lid 5, wordt vervangen door: "5. Indien de
Commissie besluit dat de maatregelen niet voldoen aan de voorwaarden van lid 1,
gelast zij de betrokken lidstaat bij uitvoeringsbesluit de maatregelen in te
trekken of te wijzigen.”; (2) artikel 28
wordt geschrapt; (3) artikel 29
wordt vervangen door: "Artikel 29
Wijzigingen in de aanhangsels
1 en 2 van bijlage II De Commissie wordt
gemachtigd om overeenkomstig artikel 29 bis gedelegeerde handelingen vast te
stellen teneinde de aanhangsels 1 en 2 van bijlage II te wijzigen of aan te
vullen door aanpassing van de specificaties van het vistuig aan: a) wijzigingen in
de selectiviteit; b) verbeteringen in
de technische kennis van nieuwe materialen voor de vervaardiging van vistuig; c) wijzigingen in
de optuiging die de selectiviteit van het vistuig vergroten.”; (4) het
volgende artikel 29 bis wordt ingevoegd: "Artikel 29 bis Uitoefening van de bevoegdheidsdelegatie 1. De bevoegdheid tot
vaststelling van gedelegeerde handelingen wordt aan de Commissie verleend onder
de in dit artikel gestelde voorwaarden. 2. De bevoegdheid tot
vaststelling van de in artikel 29 bedoelde gedelegeerde handelingen wordt aan
de Commissie verleend voor onbepaalde tijd. 3. De in artikel 29
bedoelde bevoegdheidsdelegatie kan te allen tijde door het Europees Parlement
of de Raad worden ingetrokken. Het besluit tot intrekking maakt een einde aan
de delegatie van de bevoegdheden die in het besluit worden vermeld. Het besluit
treedt in werking op de dag na die van de bekendmaking ervan in het
Publicatieblad van de Europese Unie of op een latere datum die in het besluit
wordt vermeld. Het besluit laat de geldigheid van de reeds van kracht zijnde
gedelegeerde handelingen onverlet. 4. Zodra de Commissie een
gedelegeerde handeling heeft vastgesteld, stelt zij het Europees Parlement en
de Raad daarvan gelijktijdig in kennis. 5. Een overeenkomstig
artikel 29 vastgestelde gedelegeerde handeling treedt alleen in werking indien
het Europees Parlement noch de Raad daartegen binnen een termijn van twee
maanden na de kennisgeving van de handeling aan het Europees Parlement en de
Raad bezwaar heeft gemaakt, of indien zowel het Europees Parlement als de Raad
vóór het verstrijken van de termijn van twee maanden de Commissie hebben
medegedeeld dat zij daartegen geen bezwaar zullen maken. Op initiatief van het
Europees Parlement of de Raad kan die termijn met twee maanden worden
verlengd.”. Artikel 2 Deze verordening
treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad
van de Europese Unie. Deze
verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks
toepasselijk in elke lidstaat. Gedaan te Brussel, Voor het
Europees Parlement Voor de Raad De voorzitter De
voorzitter [1] [2] PB L 349 van 31.12.2005, blz. 1.