Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32016R0561

Uitvoeringsverordening (EU) 2016/561 van de Commissie van 11 april 2016 tot wijziging van bijlage IV bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 577/2013 wat betreft het modeldiergezondheidscertificaat voor honden, katten en fretten die voor niet-commerciële doeleinden van een gebied of derde land naar een lidstaat worden gebracht (Voor de EER relevante tekst)

C/2016/2008

PB L 96 van 12.4.2016, pp. 26–34 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

Legal status of the document In force

ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_impl/2016/561/oj

12.4.2016   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 96/26


UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2016/561 VAN DE COMMISSIE

van 11 april 2016

tot wijziging van bijlage IV bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 577/2013 wat betreft het modeldiergezondheidscertificaat voor honden, katten en fretten die voor niet-commerciële doeleinden van een gebied of derde land naar een lidstaat worden gebracht

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 576/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 12 juni 2013 betreffende het niet-commerciële verkeer van gezelschapsdieren en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 998/2003 (1), en met name artikel 25, lid 2,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

In Verordening (EU) nr. 576/2013 is bepaald dat honden, katten en fretten die voor niet-commerciële doeleinden van een gebied of derde land naar een lidstaat worden gebracht, vergezeld moeten gaan van een identificatiedocument in de vorm van een diergezondheidscertificaat. Deel 1 van bijlage IV bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 577/2013 van de Commissie (2) bevat het model voor het diergezondheidscertificaat.

(2)

In het modeldiergezondheidscertificaat wordt verwezen naar de verplichte succesvolle test van de immuunrespons op de rabiësvaccinatie die overeenkomstig bijlage IV bij Verordening (EU) nr. 576/2013 moet worden uitgevoerd op bloedmonsters van honden, katten en fretten die afkomstig zijn uit of zullen worden doorgevoerd door een gebied of derde land dat niet is opgenomen in de lijst in bijlage II bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 577/2013.

(3)

Naar aanleiding van verschillende vervalsingen van laboratoriumverslagen betreffende de resultaten van de titratietest op rabiësantilichamen is het passend om de certificerende ambtenaren in gebieden en derde landen eraan te herinneren dat de bevredigende resultaten van die test slechts mogen worden gecertificeerd als de authenticiteit van het laboratoriumverslag is gecontroleerd. In het diergezondheidscertificaat moet hieromtrent een specifiek richtsnoer worden opgenomen.

(4)

Bovendien is de vermelding inzake de datum van de merking van honden, katten of fretten in deel I van het diergezondheidscertificaat verkeerd geïnterpreteerd door certificerende ambtenaren in derde landen, waardoor er problemen waren bij nalevingscontroles aan de buitengrenzen van de Unie. Om elk misverstand te voorkomen moet die vermelding worden geschrapt uit deel I van het diergezondheidscertificaat, waarin de dieren worden beschreven, en worden ingevoegd in deel II van dat certificaat, dat betrekking heeft op de certificering van de dieren. In deel II moet eveneens een specifiek richtsnoer over de controle van de merking worden opgenomen.

(5)

Bijlage IV bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 577/2013 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(6)

Ter vermijding van verstoringen van het verkeer moet het gebruik van diergezondheidscertificaten die voor de datum van toepassing van deze verordening zijn afgegeven overeenkomstig deel 1 van bijlage IV bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 577/2013, worden toegestaan tijdens een overgangsperiode.

(7)

De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Bijlage IV bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 577/2013 wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij deze verordening.

Artikel 2

Gedurende een overgangsperiode die eindigt op 31 december 2016, mogen de lidstaten honden, katten en fretten toelaten die voor niet-commerciële doeleinden van een gebied of derde land naar een lidstaat worden gebracht en die vergezeld gaan van een diergezondheidscertificaat dat uiterlijk op 31 augustus 2016 is afgegeven overeenkomstig het model in deel 1 van bijlage IV bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 577/2013 in de versie die gold voordat de bij deze verordening aangebrachte wijzigingen van toepassing zijn geworden.

Artikel 3

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Zij is van toepassing vanaf 1 september 2016.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 11 april 2016.

Voor de Commissie

De voorzitter

Jean-Claude JUNCKER


(1)   PB L 178 van 28.6.2013, blz. 1.

(2)  Uitvoeringsverordening (EU) nr. 577/2013 van de Commissie van 28 juni 2013 inzake de modelidentificatiedocumenten voor het niet-commerciële verkeer van honden, katten en fretten, de vaststelling van de lijsten van derde landen en gebieden en de voorschriften betreffende de vorm, de opmaak en de taal van de verklaringen ten bewijze van de naleving van bepaalde voorwaarden die zijn vastgelegd in Verordening (EU) nr. 576/2013 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 178 van 28.6.2013, blz. 109).


BIJLAGE

Deel 1 van bijlage IV bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 577/2013 wordt vervangen door:

„DEEL 1

Image 1

Tekst van het beeld

Image 2

Tekst van het beeld

Image 3

Tekst van het beeld

Image 4

Tekst van het beeld

Image 5

Tekst van het beeld

Image 6

Tekst van het beeld
Image 7
Tekst van het beeld

Top