Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32015R1852

Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/1852 van de Commissie van 15 oktober 2015 tot opening van een tijdelijke buitengewone steunregeling voor de particuliere opslag van bepaalde soorten kaas en tot voorafgaande vaststelling van het steunbedrag

PB L 271 van 16.10.2015, pp. 15–24 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

Legal status of the document In force

ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2015/1852/oj

16.10.2015   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 271/15


GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) 2015/1852 VAN DE COMMISSIE

van 15 oktober 2015

tot opening van een tijdelijke buitengewone steunregeling voor de particuliere opslag van bepaalde soorten kaas en tot voorafgaande vaststelling van het steunbedrag

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 tot vaststelling van een gemeenschappelijke ordening van de markten voor landbouwproducten en tot intrekking van de Verordeningen (EEG) nr. 922/72, (EEG) nr. 234/79, (EG) nr. 1037/2001 en (EG) nr. 1234/2007 van de Raad (1), en met name artikel 219, lid 1, in samenhang met artikel 228,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De mondiale vraag naar melk en zuivelproducten is heel 2014 en in de eerste helft van 2015 in het algemeen gedaald, vooral als gevolg van de afnemende invoer in China, 's werelds grootste importeur van zuivelproducten.

(2)

Er is een neerwaartse druk op de zuivelprijzen geconstateerd, als gevolg van een verhoging van het aanbod zowel in de Unie als in de voornaamste melkproducerende regio's in de rest van de wereld.

(3)

Bovendien heeft de Russische regering op 25 juni 2015 bekendgemaakt dat het verbod op de invoer van landbouwproducten en levensmiddelen uit de Unie met een jaar wordt verlengd, tot en met 6 augustus 2016.

(4)

De zuivelsector wordt geconfronteerd met een verstoring van de marktsituatie vanwege een forse onbalans tussen vraag en aanbod.

(5)

Als gevolg daarvan zijn de prijzen van rauwe melk en zuivelproducten in de Unie verder achteruitgegaan en het ziet ernaar uit dat de neerwaartse druk zal aanhouden en voor veel landbouwers, die kasstroom- en liquiditeitsmoeilijkheden ondervinden, onhoudbare niveaus zal bereiken. De gemiddelde prijzen van de Unie voor de belangrijkste kazen waren in 2015 met 17 % gedaald.

(6)

De in het kader van Verordening (EU) nr. 1308/2013 beschikbare marktinterventiemaatregelen blijken niet te volstaan voor de recent ontstane situatie, aangezien zij op andere producten zijn gericht, zoals boter of mageremelkpoeder, of beperkt zijn tot kazen met een geografische aanduiding.

(7)

De dreiging van een ernstige marktverstoring op de kaasmarkt kan geheel of gedeeltelijk worden weggenomen door middel van opslag. Daarom moet steun voor de particuliere opslag van kaas worden verleend en moet het steunbedrag vooraf worden vastgesteld.

(8)

Het is passend een maximum vast te stellen voor de hoeveelheid die onder de regeling valt en het totale volume uit te splitsen naar de lidstaten op basis van hun kaasproductie.

(9)

In het kader van artikel 17 van Verordening (EU) nr. 1308/2013 kan enkel steun worden verleend voor de particuliere opslag van kaas met een beschermde oorsprongsbenaming of beschermde geografische aanduiding overeenkomstig Verordening (EU) nr. 1151/2012 van het Europees Parlement en de Raad (2). Kazen met een beschermde oorsprongsbenaming of een beschermde geografische aanduiding vormen echter slechts een klein aandeel van de totale kaasproductie van de Unie. Met het oog op de operationele en administratieve efficiëntie moet voor alle soorten kaas één enkele steunregeling voor particuliere opslag worden opgezet.

(10)

Het is passend om kaas die niet voor opslag geschikt is van deze regeling uit te sluiten.

(11)

Om het beheer en de controle te vergemakkelijken, moet steun voor particuliere opslag in de regel uitsluitend worden verleend aan marktdeelnemers die in de Unie zijn gevestigd en voor btw-doeleinden in de Unie zijn ingeschreven.

(12)

Om een behoorlijke monitoring van de regelingen te garanderen, moet in deze verordening worden vastgesteld welke voor de sluiting van het opslagcontract vereiste gegevens moeten worden verstrekt en welke verplichtingen de contractanten moeten nakomen.

(13)

Om de steunverlening doeltreffender te maken, moeten de contracten worden gesloten voor een bepaalde minimumhoeveelheid en moeten de verplichtingen van de contractant erin worden omschreven, met name de verplichtingen die de voor de controle van de opslag bevoegde autoriteit in staat stellen de opslagomstandigheden doeltreffend te controleren.

(14)

De opslag van de contractuele hoeveelheid gedurende de contractuele opslagperiode is een van de eisen voor de toekenning van steun voor particuliere opslag. Om met de handelspraktijk rekening te houden en om praktische redenen moet ten aanzien van de voor steun in aanmerking te nemen hoeveelheid een zekere tolerantie worden toegestaan.

(15)

Om te garanderen dat de aanvraag ernstig is en ervoor te zorgen dat de maatregel zijn gewenste effect op de markt heeft, is een zekerheid vereist. Daarom moeten bepalingen worden vastgesteld voor het stellen, vrijgeven en verbeuren van een zekerheid.

(16)

Voor een behoorlijk beheer van de opslag moeten bepalingen worden vastgesteld om het te betalen steunbedrag te verlagen wanneer de tijdens de contractuele opslagperiode opgeslagen hoeveelheid kleiner is dan de contractuele hoeveelheid.

(17)

Het steunbedrag moet worden vastgesteld op basis van de opslagkosten en/of andere relevante marktelementen. Er dient een steunbedrag te worden vastgesteld voor de vaste opslagkosten van het in- en uitslaan van de betrokken producten en een steunbedrag per opslagdag voor de kosten van de gekoelde opslag en de financiering.

(18)

Er moeten voorwaarden worden vastgesteld voor de verlening van een voorschot, de aanpassing van de steun in gevallen waarin de opgeslagen hoeveelheid niet volledig overeenstemt met de contractuele hoeveelheid, de controles op de inachtneming van het recht op steun, de eventuele sancties en de gegevens die de lidstaten aan de Commissie moeten meedelen.

(19)

Aangezien mogelijk niet alle lidstaten de maatregel ten volle benutten, is het passend te voorzien in de reallocatie van hoeveelheden nadat de maatregel drie maanden van toepassing is. De Commissie moet worden gemachtigd om indien nodig bij uitvoeringshandeling de reallocatie van ongebruikte hoeveelheden per lidstaat en de nieuwe termijn voor het indienen van aanvragen vast te stellen.

(20)

Tevens moeten voorschriften worden vastgesteld die betrekking hebben op de documentatie, de boekhouding en de frequentie en aard van de controles,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Onderwerp

Bij deze verordening wordt een tijdelijke buitengewone steunregeling vastgesteld voor de particuliere opslag van kaas van GN-code 0406 , met uitzondering van kaas die niet geschikt is om langer te worden opgeslagen dan de rijpingsperiode als bedoeld in artikel 3, lid 1.

De onder deze tijdelijke regeling vallende maximale producthoeveelheid per lidstaat is vastgesteld in de bijlage.

Artikel 2

Definitie

Voor de toepassing van deze verordening wordt onder „de bevoegde autoriteiten van de lidstaten” verstaan de door de lidstaten als betaalorgaan geaccrediteerde diensten of instanties die voldoen aan artikel 7 van Verordening (EU) nr. 1306/2013 van het Europees Parlement en de Raad (3).

Artikel 3

In aanmerking komende producten

1.   Om in aanmerking te komen voor de in artikel 1 bedoelde steun voor particuliere opslag, hierna „de steun” genoemd, moet de kaas van gezonde handelskwaliteit zijn, als oorsprong de Unie hebben en op de dag waarop het opslagcontract ingaat, een minimumouderdom hebben die, voor kazen met een beschermde oorsprongsbenaming of een beschermde geografische aanduiding op grond van Verordening (EU) nr. 1151/2012, overeenstemt met de in het productdossier vastgestelde rijpingsperiode en, voor de overige kazen, met een door de lidstaten vastgestelde normale rijpingsduur.

2.   De kaas voldoet aan de volgende eisen:

a)

elke partij weegt ten minste 0,5 ton;

b)

de kaas is voorzien van een eventueel in code weergegeven, onuitwisbare vermelding van de fabriek waar hij is vervaardigd, en van de dag van vervaardiging;

c)

de kaas is voorzien van de datum van inslag;

d)

de kaas is niet eerder voorwerp van een contract inzake opslagsteun geweest.

e)

de kaas is opgeslagen in de lidstaat waar hij is vervaardigd.

3.   De lidstaten mogen ontheffing verlenen van de verplichting de in lid 2, onder c), bedoelde datum van inslag op de kaas te vermelden, mits de beheerder van de opslagplaats zich ertoe verbindt een register bij te houden waarin op de dag van inslag de in lid 2, onder b), bedoelde gegevens worden opgenomen.

Artikel 4

Steunaanvragen

1.   Marktdeelnemers die particuliere-opslagsteun wensen te ontvangen, dienen daartoe een aanvraag in bij de bevoegde autoriteiten van de lidstaten waar de producten zijn opgeslagen.

2.   Marktdeelnemers die steun aanvragen, zijn in de Unie gevestigd en voor btw-doeleinden in de Unie ingeschreven.

3.   Met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze verordening mogen steunaanvragen worden ingediend. De uiterste datum voor het indienen van aanvragen is 15 januari 2016.

4.   Steunaanvragen hebben betrekking op producten die reeds volledig zijn opgeslagen.

5.   De aanvragen worden ingediend volgens het procedé dat de betrokken lidstaat ter beschikking van de marktdeelnemers stelt.

De bevoegde autoriteiten van de lidstaten kunnen eisen dat elektronische aanvragen vergezeld gaan van een geavanceerde elektronische handtekening in de zin van artikel 2, punt 2, van Richtlijn 1999/93/EG van het Europees Parlement en de Raad (4), of van een elektronische handtekening die met betrekking tot de functies van een handtekening gelijkwaardige garanties biedt, en daartoe passen zij dezelfde regels en voorwaarden toe als die welke zijn vervat in de voorschriften van de Commissie voor elektronische en digitale documenten, als vastgesteld bij Besluit 2004/563/EG, Euratom van de Commissie (5), en de bepalingen voor de uitvoering daarvan.

6.   Aanvragen zijn slechts ontvankelijk wanneer aan de volgende voorwaarden is voldaan:

a)

ze bevatten een verwijzing naar deze verordening;

b)

ze bevatten de identificatiegegevens van de aanvrager (naam, adres en btw-nummer);

c)

ze verwijzen naar het product, met vermelding van de betrokken zescijferige GN-code;

d)

ze bevatten een verwijzing naar de producthoeveelheid op het ogenblik van de aanvraag;

e)

ze bevatten de naam en het adres van de opslagplaats, het nummer van de opslagpartij en het erkenningsnummer ter identificatie van de fabriek;

f)

ze bevatten buiten de in deze verordening vastgestelde voorwaarden geen aanvullende, door de aanvrager opgelegde voorwaarden;

g)

de aanvraag is opgesteld in de officiële taal of een van de officiële talen van de lidstaat waar de aanvraag wordt ingediend;

h)

de aanvrager heeft een zekerheid gesteld ten bedrage van 20 EUR per ton ten gunste van het betrokken betaaalorgaan overeenkomstig hoofdstuk IV, afdeling 2, van Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 907/2014 van de Commissie (6).

7.   Eenmaal ingediende aanvragen mogen niet inhoudelijk worden gewijzigd.

Artikel 5

Verbeuren en vrijgeven van de zekerheid

1.   De in artikel 4, lid 6, onder h), bedoelde zekerheid wordt verbeurd wanneer:

a)

de contractaanvraag wordt ingetrokken;

b)

de bij de controles uit hoofde van artikel 16, lid 2, geconstateerde hoeveelheid minder dan 95 % van de in artikel 4, lid 6, onder d), bedoelde hoeveelheid bedraagt. In zulk een geval wordt geen contract gesloten;

c)

minder dan 95 % van de contractuele hoeveelheid wordt opgeslagen gedurende de contractuele opslagperiode, op risico van de contractant in de zin van artikel 6 en onder de in artikel 7, lid 1, onder a), bedoelde voorwaarden.

2.   Wanneer de aanvraag om een contract te sluiten niet wordt aanvaard, wordt de zekerheid onmiddellijk vrijgegeven.

3.   De zekerheid wordt vrijgegeven voor de hoeveelheden ten aanzien waarvan aan de contractuele verplichtingen is voldaan.

Artikel 6

Het sluiten van het contract

1.   Het contract wordt gesloten tussen de bevoegde autoriteit van de lidstaat op het grondgebied waarvan de producten zijn opgeslagen en de aanvrager (hierna „contractant” genoemd).

2.   Het contract wordt gesloten binnen 30 dagen nadat de in artikel 4, lid 6, onder e), bedoelde gegevens zijn ontvangen en nadat, in voorkomend geval, vervolgens is bevestigd dat de producten voor steun in aanmerking komen overeenkomstig artikel 16, lid 2, tweede alinea. Indien niet wordt bevestigd dat de producten voor steun in aanmerking komen, wordt het contract als nietig beschouwd.

Artikel 7

Verplichtingen van de contractant

1.   In het contract wordt op zijn minst bepaald dat de contractant:

a)

op eigen risico en voor eigen rekening de contractuele hoeveelheid moet opslaan gedurende de hele contractuele opslagperiode in omstandigheden die borg staan voor het behoud van de kenmerken van de producten, zonder dat de opgeslagen producten worden vervangen of naar een andere opslagplaats worden overgebracht. De bevoegde autoriteit kan echter op een naar behoren met redenen omkleed verzoek van de contractant overbrenging van de opgeslagen producten toestaan;

b)

de wegingsdocumenten moet bewaren die bij de inslag zijn opgesteld;

c)

de bevoegde autoriteit de gelegenheid moet bieden om te allen tijde te controleren of alle contractuele verplichtingen worden nagekomen;

d)

erop toe moet zien dat de opgeslagen producten vlot toegankelijk en individueel identificeerbaar zijn: elke individueel opgeslagen eenheid moet worden gemarkeerd met de datum van inslag, het contractnummer, het product en het gewicht. De lidstaten mogen evenwel afzien van de eis het contractnummer op de opgeslagen producten aan te brengen, mits de beheerder van de opslagplaats zich ertoe verbindt het contractnummer in het in artikel 3, lid 3, bedoelde register op te nemen.

2.   De contractant houdt voor elk contract de volgende gegevens ter beschikking van de voor de controle van alle documenten bevoegde autoriteit om haar in staat te stellen de particulier opgeslagen producten met name op de volgende punten te controleren:

a)

het erkenningsnummer ter identificatie van de fabriek en de lidstaat van productie;

b)

de oorsprong en de vervaardigingsdatum van de producten;

c)

de inslagdatum;

d)

het gewicht en het aantal verpakte eenheden;

e)

de aanwezigheid in het pakhuis en het adres van het pakhuis;

f)

de datum waarop de contractuele opslagperiode naar verwachting zal verstrijken, later aangevuld met de werkelijke datum van uitslag.

3.   De contractant of, in voorkomend geval, de beheerder van de opslagplaats voert een in het pakhuis beschikbaar gehouden voorraadboekhouding waarin per contractnummer de volgende gegevens worden vermeld:

a)

de identificatie van de producten die zich in particuliere opslag bevinden, per partij;

b)

de datum van inslag en van uitslag;

c)

de hoeveelheid opgeslagen producten per partij;

d)

de plaats waar de producten zich in de opslagplaats bevinden.

Artikel 8

Contractuele opslagperiode

1.   De contractuele opslagperiode begint op de dag nadat de bevoegde autoriteiten de in artikel 4, lid 6, onder e), bedoelde gegevens ontvangen.

2.   De contractuele opslag eindigt op de dag die voorafgaat aan de uitslag.

3.   Steun kan alleen worden verleend als de periode van contractuele opslag 60 tot 210 dagen bedraagt.

Artikel 9

Uitslag

1.   Met de uitslag van de producten mag worden begonnen op de dag na de laatste dag van de contractuele opslagperiode.

2.   De uitslag moet steeds een volledige opslagpartij omvatten, tenzij de bevoegde autoriteit de uitslag van een kleinere hoeveelheid toestaat. In het in artikel 16, lid 5, onder a), bedoelde geval mag echter slechts een verzegelde hoeveelheid worden uitgeslagen.

3.   De contractant stelt de bevoegde autoriteit overeenkomstig artikel 16, lid 6, in kennis van zijn voornemen met de uitslag van de producten te beginnen.

4.   Wanneer de in lid 3 vastgestelde voorwaarde niet wordt nageleefd, maar naar mening van de bevoegde autoriteit binnen 30 dagen na de uitslag voldoende bewijsstukken zijn geleverd inzake de datum van uitslag en de betrokken hoeveelheden, wordt de steun met 15 % verlaagd en wordt deze slechts betaald over de periode waarin het product blijkens bewijsstukken die de contractant ten genoegen van de bevoegde autoriteit overlegt, contractueel opgeslagen is gebleven.

5.   Wanneer de in lid 3 vastgestelde voorwaarde niet wordt nageleefd en naar mening van de bevoegde autoriteit binnen 30 dagen na de uitslag onvoldoende bewijsstukken zijn geleverd inzake de datum van uitslag en de betrokken hoeveelheden, wordt voor het betrokken contract geen steun betaald en wordt, in voorkomend geval, de volledige voor dat contract gestelde zekerheid verbeurd verklaard.

Artikel 10

Steunbedragen

De steun bedraagt:

15,57 EUR per opgeslagen ton voor de vaste opslagkosten;

0,40 EUR per ton per dag contractuele opslag.

Artikel 11

Voorschot op de steun

1.   Na 60 dagen opslag mag op verzoek van de contractant één enkel voorschot op de steun worden betaald, op voorwaarde dat de contractant een zekerheid stelt die gelijk is aan het bedrag van het voorschot, vermeerderd met 10 %.

2.   Het voorschot mag niet hoger zijn dan de steun voor een opslagperiode van 90 dagen. De in lid 1 bedoelde zekerheid wordt vrijgegeven zodra het saldo van de steun is betaald.

Artikel 12

Betaling van de steun

1.   De steun of, wanneer op grond van artikel 11 een voorschot is verleend, het saldo van de steun wordt betaald op basis van een betalingsaanvraag die de contractant binnen drie maanden na de contractuele opslagperiode moet indienen.

2.   Wanneer de contractant binnen de termijn van drie maanden geen bewijsstukken kon overleggen ondanks pogingen van zijn kant om deze tijdig te verkrijgen, kan hem een verlenging worden toegestaan van maximaal drie maanden.

3.   De steun of het saldo van de steun wordt betaald binnen 120 dagen na de indiening van een aanvraag tot betaling van de steun, op voorwaarde dat de contractuele verplichtingen zijn vervuld en de eindcontrole is verricht. Hangende een administratief onderzoek wordt de betaling pas verricht wanneer het recht op steun is erkend.

4.   Wanneer de tijdens de contractuele opslagperiode feitelijk opgeslagen hoeveelheid kleiner is dan de contractuele hoeveelheid en ten minste 95 % van deze hoeveelheid bedraagt, wordt de steun voor de werkelijk opgeslagen hoeveelheid betaald tenzij in gevallen van overmacht. Indien de bevoegde autoriteit echter constateert dat de contractant met opzet of nalatig heeft gehandeld, mag deze autoriteit besluiten de steun verder te verlagen of niet te betalen.

5.   Wanneer de tijdens de contractuele opslagperiode feitelijk opgeslagen hoeveelheid kleiner is dan het in lid 4 vastgestelde percentage, maar ten minste 80 % van de contractuele hoeveelheid bedraagt, wordt de steun voor de feitelijk opgeslagen hoeveelheid gehalveerd tenzij in gevallen van overmacht. Indien de bevoegde autoriteit echter constateert dat de contractant met opzet of nalatig heeft gehandeld, mag deze autoriteit besluiten de steun verder te verlagen of niet te betalen.

6.   Indien de feitelijk tijdens de contractuele opslagperiode opgeslagen hoeveelheid kleiner is dan 80 % van de contractuele hoeveelheid, wordt geen steun betaald tenzij in gevallen van overmacht.

7.   Wanneer bij de controles tijdens de opslag of bij de uitslag ondeugdelijke producten worden aangetroffen, wordt voor deze hoeveelheden geen steun betaald. De nog voor steun in aanmerking komende rest van de opslagpartij mag niet kleiner zijn dan de in artikel 3, lid 2, vastgestelde minimumhoeveelheid. Hetzelfde geldt wanneer een deel van een opslagpartij om die reden is uitgeslagen vóór het verstrijken van de minimale opslagperiode.

Ondeugdelijke producten worden niet in aanmerking genomen bij de berekening van de in de leden 4, 5 en 6 bedoelde feitelijk opgeslagen hoeveelheid.

Artikel 13

Meldingen

1.   De lidstaten melden uiterlijk op elke dinsdag, voor de vorige week, aan de Commissie voor welke hoeveelheden contracten zijn gesloten en voor welke producthoeveelheden steunaanvragen zijn ingediend.

2.   De lidstaten melden uiterlijk aan het eind van elke maand, voor de vorige maand, de volgende gegevens aan de Commissie:

a)

de tijdens de betrokken maand ingeslagen en uitgeslagen producthoeveelheden;

b)

de aan het einde van de betrokken maand in de opslagplaats aanwezige producthoeveelheden;

c)

de producthoeveelheden waarvoor de contractuele opslagperiode is verstreken.

3.   De in de leden 1 en 2 bedoelde meldingen van de lidstaten worden gedaan overeenkomstig Verordening (EG) nr. 792/2009 van de Commissie (7).

Artikel 14

Maatregelen met het oog op de inachtneming van de maximumhoeveelheid

De lidstaten zorgen voor een systeem op basis van objectieve en niet-discriminerende criteria, zodat de in de bijlage bedoelde maximale hoeveelheden per lidstaat niet worden overschreden.

Artikel 15

Maatregelen voor ongebruikte hoeveelheden

In voorkomend geval worden resterende ongebruikte toewijzingen na 15 januari 2016 ter beschikking gesteld van lidstaten die uiterlijk op 31 december 2015 aan de Commissie kenbaar maken dat zij meer gebruik wensen te maken van de regeling inzake steun voor de particuliere opslag. Over de toewijzing per lidstaat, die plaatsvindt met inachtneming van de tot en met 15 januari 2016 door de lidstaten aangevraagde hoeveelheden en de periode voor de indiening van aanvragen, wordt beslist door middel van een uitvoeringshandeling die wordt vastgesteld zonder toepassing van de in artikel 229, leden 2 en 3, van Verordening (EU) nr. 1308/2013 bedoelde onderzoeksprocedure.

Artikel 16

Controles

1.   De lidstaten nemen de nodige maatregelen om de naleving van deze verordening te garanderen. De maatregelen omvatten een exhaustieve administratieve controle van de steunaanvragen, aangevuld met controles ter plaatse overeenkomstig de leden 2 tot en met 9.

2.   De voor de controles bevoegde autoriteit controleert de ingeslagen producten binnen 30 dagen na de datum van ontvangst van de in artikel 4, lid 6, onder e), bedoelde informatie.

Onverminderd lid 5, eerste alinea, onder a), van het onderhavige artikel, wordt, om te garanderen dat de opgeslagen producten voor steun in aanmerking komen, een representatieve steekproef van ten minste 5 % van de ingeslagen hoeveelheden fysiek gecontroleerd teneinde vast te stellen dat de opslagpartijen, met name wat het gewicht, de identificatie en de aard van de producten betreft, in overeenstemming zijn met de gegevens in de aanvraag tot sluiting van het contract.

Het gewicht van de producten zoals vastgesteld bij aanvang van de contractuele periode wordt gebruikt om de betaling van de steun te bepalen. Er wordt echter geen steun betaald voor een hoeveelheid groter dan de aangevraagde hoeveelheid zoals bepaald in artikel 4, lid 6, onder d).

3.   Om door de lidstaat naar behoren gemotiveerde redenen kan de in lid 2 vastgestelde termijn van 30 dagen met 15 dagen worden verlengd.

4.   Indien bij de controles wordt geconstateerd dat de opgeslagen producten niet voldoen aan de criteria om in aanmerking te komen zoals vastgesteld in artikel 3 en niet de producten zijn zoals gespecificeerd in artikel 4, lid 6, onder c), dan wordt de in artikel 4, lid 6, onder h), bedoelde zekering verbeurd.

5.   De voor de controles bevoegde autoriteit:

a)

verzegelt bij de in lid 2 bedoelde controle de producten per contract, per opslagpartij of per kleinere hoeveelheid, of

b)

verricht een onaangekondigde controle om zich ervan te vergewissen dat de contractuele hoeveelheid zich in de opslagplaats bevindt.

De in de eerste alinea, onder b), bedoelde controle wordt verricht op ten minste 10 % van de totale hoeveelheid onder contract en moet representatief zijn. Deze controles omvatten een onderzoek van de in artikel 7, lid 3, bedoelde voorraadboekhouding en van bewijsstukken zoals wegingsbewijzen en leveringsbonnen, alsmede een verificatie van de aanwezigheid van de producten in opslag, de soort en de identificatie van de producten, die wordt uitgevoerd op ten minste 5 % van de hoeveelheid waarop de onaangekondigde controle betrekking heeft.

6.   Aan het einde van de contractuele opslagperiode verifieert de voor de controles bevoegde autoriteit voor ten minste de helft van de contracten aan de hand van steekproeven het gewicht en de identificatie van de opgeslagen producten. Met het oog op deze controle waarschuwt de contractant de bevoegde autoriteit, met vermelding van de betrokken opslagpartijen, ten minste vijf werkdagen:

a)

vóór het einde van de maximale opslagperiode, of

b)

vóór het begin van de uitslag wanneer de producten worden uitgeslagen voordat de maximale contractuele opslagperiode is verstreken.

De lidstaat kan instemmen met een waarschuwingstermijn van minder dan vijf werkdagen.

7.   Wanneer tijdens en aan het einde van de contractuele opslag het gewicht van de producten wordt gecontroleerd ter verificatie van de aanwezigheid van de producten in het pakhuis, leidt mogelijk natuurlijk gewichtsverlies niet tot een verlaging van de steun en de verbeurdverklaring van de zekerheid.

8.   Bij toepassing van het bepaalde in lid 5, onder a), wordt aan het einde van de contractuele opslagperiode geverifieerd of de zegels aanwezig en intact zijn. De verzegelingskosten en de kosten van de goederenbehandeling zijn voor rekening van de contractant.

9.   De steekproeven voor het verifiëren van de kwaliteit en de samenstelling van de producten worden genomen door ambtenaren van de voor de controles bevoegde autoriteit of in aanwezigheid van deze ambtenaren.

Bij de weging wordt een fysieke controle of verificatie van het gewicht uitgevoerd in aanwezigheid van deze ambtenaren.

Om de continuïteit van het controlespoor te verzekeren, worden de door die ambtenaren gecontroleerde voorraadboekhouding, financiële boekhouding en documenten tijdens het controlebezoek afgestempeld of geparafeerd. Wanneer computerbestanden worden geverifieerd, wordt daarvan een afdruk gemaakt die in het controledossier wordt bewaard.

Artikel 17

Rapportage over controles

1.   De voor de controles bevoegde autoriteit stelt over elke controle ter plaatse een controleverslag op. In het verslag worden de verschillende gecontroleerde aspecten nauwkeurig beschreven.

De volgende gegevens worden in het verslag opgenomen:

a)

de datum en het begintijdstip van de controle;

b)

nauwkeurige gegevens over de aankondiging van de controle;

c)

de duur van de controle;

d)

de aanwezige verantwoordelijke personen;

e)

de aard en de omvang van de uitgevoerde controles, met vermelding van, met name, gegevens over de onderzochte documenten en producten;

f)

de bevindingen en conclusies;

g)

de eventuele behoefte aan follow-up.

Het verslag wordt ondertekend door de verantwoordelijke ambtenaar en medeondertekend door de contractant of, in voorkomend geval, de beheerder van de opslagplaats, en wordt bij het betalingsdossier gevoegd.

2.   Wanneer belangrijke onregelmatigheden aan het licht komen die betrekking hebben op ten minste 5 % of meer van de gecontroleerde hoeveelheid waarvoor eenzelfde contract is afgesloten, wordt de verificatie uitgebreid tot een grotere, door de voor de controles bevoegde autoriteit te bepalen steekproef.

3.   De voor de controles bevoegde autoriteit registreert op basis van de criteria ernst, omvang, permanent karakter en herhaling elk geval van niet-naleving dat kan leiden tot uitsluiting overeenkomstig artikel 18, lid 1, en/of terugbetaling van ten onrechte betaalde steun, eventueel inclusief rente, overeenkomstig lid 4 van dat artikel.

Artikel 18

Sancties

1.   Wanneer de bevoegde autoriteit van een lidstaat constateert dat een door een aanvrager ingediend document betreffende de toekenning van uit deze verordening voortvloeiende rechten, onjuiste informatie bevat die doorslaggevend is voor de toekenning van die rechten, sluit die bevoegde autoriteit de aanvrager gedurende één jaar vanaf het tijdstip waarop een definitief administratief besluit over de onregelmatigheid is vastgesteld, uit van de procedure tot verlening van steun voor het product waarover onjuiste informatie is verstrekt.

2.   De in lid 1 bedoelde uitsluiting wordt niet toegepast wanneer de aanvrager ten genoegen van de bevoegde autoriteit aantoont dat de in dat lid omschreven situatie te wijten is aan overmacht of een klaarblijkelijke vergissing.

3.   Ten onrechte betaalde steun, inclusief rente, wordt teruggevorderd van de betrokken marktdeelnemers. Artikel 7 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 809/2014 van de Commissie (8) is van overeenkomstige toepassing.

4.   De in het onderhavige artikel bedoelde toepassing van administratieve sancties en terugvordering van ten onrechte betaalde bedragen vinden plaats onverminderd de mededeling van onregelmatigheden aan de Commissie op grond van Verordening (EG) nr. 1848/2006 van de Commissie (9).

Artikel 19

Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de derde dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 15 oktober 2015.

Voor de Commissie

De voorzitter

Jean-Claude JUNCKER


(1)   PB L 347 van 20.12.2013, blz. 671.

(2)  Verordening (EU) nr. 1151/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 21 november 2012 inzake kwaliteitsregelingen voor landbouwproducten en levensmiddelen (PB L 343 van 14.12.2012, blz. 1).

(3)  Verordening (EU) nr. 1306/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 inzake de financiering, het beheer en de monitoring van het gemeenschappelijk landbouwbeleid en tot intrekking van de Verordeningen (EEG) nr. 352/78, (EG) nr. 165/94, (EG) nr. 2799/98, (EG) nr. 814/2000, (EG) nr. 1290/2005 en (EG) nr. 485/2008 van de Raad (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 549).

(4)  Richtlijn 1999/93/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 december 1999 betreffende een gemeenschappelijk kader voor elektronische handtekeningen (PB L 13 van 19.1.2000, blz. 12).

(5)  Besluit 2004/563/EG, Euratom van de Commissie van 7 juli 2004 tot wijziging van haar reglement van orde (PB L 251 van 27.7.2004, blz. 9).

(6)  Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 907/2014 van de Commissie van 11 maart 2014 tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 1306/2013 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de betaalorganen en andere instanties, het financieel beheer, de goedkeuring van de rekeningen, de zekerheden en het gebruik van de euro (PB L 255 van 28.8.2014, blz. 18).

(7)  Verordening (EG) nr. 792/2009 van de Commissie van 31 augustus 2009 tot vaststelling van de uitvoeringsbepalingen voor de kennisgeving door de lidstaten aan de Commissie van de informatie en de documenten ter uitvoering van de gemeenschappelijke marktordening, de regeling voor rechtstreekse betalingen, de afzetbevordering voor landbouwproducten en de regelingen voor de ultraperifere gebieden en de kleinere eilanden in de Egeïsche Zee (PB L 228 van 1.9.2009, blz. 3).

(8)  Uitvoeringsverordening (EU) nr. 809/2014 van de Commissie van 17 juli 2014 tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen voor Verordening (EU) nr. 1306/2013 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft het geïntegreerd beheers- en controlesysteem, plattelandsontwikkelingsmaatregelen en de randvoorwaarden (PB L 227 van 31.7.2014, blz. 69).

(9)  Verordening (EG) nr. 1848/2006 van de Commissie van 14 december 2006 betreffende onregelmatigheden in het kader van de financiering van het gemeenschappelijk landbouwbeleid en terugvordering van bedragen die in dat kader onverschuldigd zijn betaald, alsmede de organisatie van een informatiesysteem op dit gebied en houdende intrekking van Verordening (EEG) nr. 595/91 van de Raad (PB L 355 van 15.12.2006, blz. 56).


BIJLAGE

Lidstaat

Maximale hoeveelheden

(ton)

België

1 243

Bulgarije

696

Tsjechië

1 421

Denemarken

3 334

Duitsland

23 626

Estland

454

Ierland

1 835

Griekenland

1 880

Spanje

3 635

Frankrijk

20 830

Kroatië

348

Italië

12 015

Cyprus

199

Letland

348

Litouwen

1 163

Luxemburg

33

Hongarije

827

Malta

30

Nederland

8 156

Oostenrijk

1 968

Polen

7 859

Portugal

704

Roemenië

797

Slovenië

164

Slowakije

426

Finland

1 210

Zweden

945

Verenigd Koninkrijk

3 854

Totaal

100 000


Top