This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 32013R0876
Commission Delegated Regulation (EU) No 876/2013 of 28 May 2013 supplementing Regulation (EU) No 648/2012 of the European Parliament and of the Council with regard to regulatory technical standards on colleges for central counterparties Text with EEA relevance
Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 876/2013 van de Commissie van 28 mei 2013 tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad met technische reguleringsnormen betreffende colleges voor centrale tegenpartijen Voor de EER relevante tekst
Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 876/2013 van de Commissie van 28 mei 2013 tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad met technische reguleringsnormen betreffende colleges voor centrale tegenpartijen Voor de EER relevante tekst
PB L 244 van 13.9.2013, pp. 19–22
(BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)
In force: This act has been changed. Current consolidated version:
15/10/2025
|
13.9.2013 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 244/19 |
GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. 876/2013 VAN DE COMMISSIE
van 28 mei 2013
tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad met technische reguleringsnormen betreffende colleges voor centrale tegenpartijen
(Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende otc-derivaten, centrale tegenpartijen en transactieregisters (1), en met name artikel 18, lid 6,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Om een consistente en samenhangende werking van colleges in de Unie te garanderen, is het noodzakelijk de regelingen voor de deelneming aan de colleges voor centrale tegenpartijen (CTP’s) vast te stellen teneinde de uitvoering van de in Verordening (EU) nr. 648/2012 omschreven taken te faciliteren. |
|
(2) |
De uitsluiting van een centrale bank die een relevante EU-valuta van in de CTP geclearde financiële instrumenten uitgeeft, doet geen afbreuk aan de rechten van de betrokken valuta-uitgevende centrale bank om overeenkomstig artikel 18, lid 3, en artikel 84 van Verordening (EU) nr. 648/2012 om informatie te verzoeken en deze te ontvangen. |
|
(3) |
De activiteit van een CTP kan voor een bepaalde valuta-uitgevende centrale bank relevant zijn vanwege de geclearde volumes die luiden in de valuta die door de betrokken centrale bank wordt uitgegeven. De relevantie van een valuta voor de deelneming van een valuta-uitgevende centrale bank aan het college voor de CTP dient echter te worden bepaald aan de hand van het aandeel van deze valuta in de gemiddelde open geclearde posities van de CTP teneinde voor een evenredige omvang van het college te zorgen. |
|
(4) |
Om te garanderen dat collegevergaderingen een effectief resultaat opleveren, moeten de doelstellingen van een vergadering of activiteit van het college duidelijk door de voor de CTP bevoegde autoriteit worden vastgesteld, in overleg met de leden van het college. Teneinde een doeltreffende discussie mogelijk te maken, moeten deze doelstellingen ruim van tevoren aan de deelnemers worden medegedeeld, samen met de documentatie die door de voor de CTP bevoegde autoriteit of door andere leden van het college is opgesteld. |
|
(5) |
De functie van colleges is de uitvoering van de in Verordening (EU) nr. 648/2012 omschreven taken te faciliteren. Zowel de taken van leden van colleges als de samenstelling, de oprichting en het bestuur van colleges zijn door de wetgever in de vorm van wettelijke verplichtingen in de verordening beschreven, waardoor zij verbindend en rechtstreeks toepasselijk zijn in alle lidstaten. Voor de praktische werking van een college moet een schriftelijke overeenkomst worden goedgekeurd door de leden ervan. Om te waarborgen dat alle CTP-colleges gebruikmaken van schriftelijke standaardovereenkomsten waarin de beste praktijken voor de werkzaamheden van het college zijn vastgelegd, en dat de bevoegde autoriteiten consistente benaderingen volgen, alsook om de snelle oprichting van CTP-colleges binnen de bij artikel 18, lid 1, van Verordening (EU) nr. 648/2012 vastgestelde termijn te bevorderen, dient de ESMA volgens de procedure van artikel 16 van Verordening (EU) nr. 1095/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 tot oprichting van een Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Autoriteit voor effecten en markten) (2) richtsnoeren en aanbevelingen uit te vaardigen. |
|
(6) |
Niets in dit besluit mag afbreuk doen aan de bevoegdheid van de Commissie om op grond van artikel 258 VWEU een inbreukprocedure in te leiden of om een klacht in te dienen als bedoeld in artikel 265 en artikel 271, onder d), VWEU. |
|
(7) |
Teneinde een tijdige uitwisseling van actuele informatie tussen de leden van het college te waarborgen, moet het college periodiek vergaderen en de leden van het college de gelegenheid bieden zowel te discussiëren over en een bijdrage te leveren aan de toetsing van de regelingen, strategie, procedures en mechanismen van de CTP om zich naar Verordening (EU) nr. 648/2012 te voegen, als te discussiëren over de inschatting door de bevoegde autoriteit van de risico’s waaraan de CTP is of kan zijn blootgesteld en die de CTP zelf kan opleveren. |
|
(8) |
Om te waarborgen dat naar behoren met alle standpunten van de leden van het college rekening wordt gehouden, dient de bevoegde autoriteit alles in het werk te stellen om ervoor te zorgen dat alle verschillen van mening tussen autoriteiten die leden van het college zullen worden, zijn geregeld voordat de schriftelijke overeenkomst voor de oprichting en werking van het college in definitieve vorm wordt gegoten. De ESMA dient de definitieve afronding van de overeenkomst te faciliteren door indien nodig bemiddelend op te treden. |
|
(9) |
Deze verordening is gebaseerd op de ontwerpen van technische reguleringsnormen die de Europese Autoriteit voor effecten en markten (ESMA, European Securities and Markets Authority) aan de Commissie heeft voorgelegd. |
|
(10) |
Wanneer zulks noodzakelijk was, heeft de ESMA de Europese Bankautoriteit (EBA), het Europees Comité voor systeemrisico’s en de leden van het Europees Stelsel van centrale banken (ESCB) geraadpleegd voordat zij is overgegaan tot de indiening van de ontwerpen van technische normen waarop deze verordening is gebaseerd. Overeenkomstig artikel 10 van Verordening (EU) nr. 1095/2010 heeft de ESMA openbare raadplegingen over deze ontwerpen van technische reguleringsnormen gehouden, de mogelijke daaraan verbonden kosten en voordelen geanalyseerd en de bij artikel 37 van Verordening (EU) nr. 1095/2010 opgerichte Stakeholdergroep effecten en markten om advies verzocht, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Bepaling van de meest relevante valuta’s
1. De meest relevante EU-valuta’s worden bepaald op basis van het relatieve aandeel van elke valuta in het over een periode van een jaar berekende gemiddelde van de open posities van de CTP aan het einde van de dag voor alle door de CTP geclearde financiële instrumenten.
2. De meest relevante EU-valuta’s zijn de drie valuta’s met het overeenkomstig lid 1 berekende grootste relatieve aandeel, op voorwaarde dat elk afzonderlijk aandeel groter is dan 10 %.
3. Het relatieve aandeel van de valuta’s wordt jaarlijks berekend.
Artikel 2
Operationele organisatie van colleges
1. Nadat zij heeft vastgesteld dat een aanvraag volledig is in de zin van artikel 17, lid 3, van Verordening (EU) nr. 648/2012, legt de voor de CTP bevoegde autoriteit een voorstel voor de in artikel 18, lid 5, van Verordening (EU) nr. 648/2012 bedoelde schriftelijke overeenkomst voor aan de overeenkomstig artikel 18, lid 2, van Verordening (EU) nr. 648/2012 bepaalde leden van het college. Deze schriftelijke overeenkomst voorziet onder meer in een jaarlijkse evaluatieprocedure. In de overeenkomst is tevens een wijzigingsprocedure vastgelegd, waarbij op initiatief van de voor de CTP bevoegde autoriteit of van andere leden van het college te allen tijde wijzigingen kunnen worden aangebracht, mits het college daarmee instemt volgens de procedure van dit artikel.
2. Ingeval de in lid 1 bedoelde leden van het college binnen een termijn van 10 kalenderdagen geen opmerkingen maken, gaat de voor de CTP bevoegde autoriteit verder met de goedkeuring van de schriftelijke overeenkomst door het college en met de oprichting van het college overeenkomstig artikel 18, lid 1, van Verordening (EU) nr. 648/2012.
3. Ingeval de leden van het college opmerkingen maken met betrekking tot het overeenkomstig lid 1 voorgelegde voorstel voor een schriftelijke overeenkomst, doen zij deze opmerkingen, samen met een gedetailleerde toelichting ervan, binnen een termijn van 10 kalenderdagen aan de voor de CTP bevoegde autoriteit toekomen. Indien nodig, werkt de voor de CTP bevoegde autoriteit een herzien voorstel uit en roept zij een vergadering bijeen om overeenstemming over de definitieve schriftelijke overeenkomst te bereiken, rekening houdend met de in artikel 18, lid 1, van Verordening (EU) nr. 648/2012 bedoelde termijn.
4. Na goedkeuring van de schriftelijke overeenkomst wordt het college geacht te zijn opgericht.
5. Alle leden van het college zijn gebonden door de schriftelijke overeenkomst die overeenkomstig de leden 1, 2 en 3 van dit artikel is goedgekeurd.
Artikel 3
Deelneming aan de colleges
1. Wanneer een college overeenkomstig artikel 18, lid 3, van Verordening (EU) nr. 648/2012 een verzoek om informatie ontvangt van een bevoegde autoriteit van een lidstaat die geen deel uitmaakt van het college, beslist de voor de CTP bevoegde autoriteit, na raadpleging van het college, welke de meest geschikte manier is om informatie te verstrekken aan de autoriteiten die geen deel uitmaken van het college, en om deze autoriteiten om informatie te verzoeken.
2. Elk lid van het college wijst één deelnemer aan die de vergaderingen van het college bijwoont en kan één plaatsvervanger aanwijzen, met uitzondering van de voor de CTP bevoegde autoriteit, die extra deelnemers zonder stemrecht kan eisen.
3. Wanneer één van de meest relevante EU-valuta’s door meerdere centrale banken wordt uitgegeven, bepalen de betrokken centrale banken wie de enige vertegenwoordiger zal zijn die aan het college zal deelnemen.
4. Wanneer een autoriteit op grond van meer dan één van de punten c) tot en met h) van artikel 18, lid 2, van Verordening (EU) nr. 648/2012 het recht heeft om aan het college deel te nemen, mag zij extra deelnemers zonder stemrecht benoemen.
5. Wanneer er overeenkomstig dit artikel meer dan één deelnemer van een lid van het college is of er meer uit dezelfde lidstaat afkomstige leden van het college zijn dan het aantal stemmen dat die leden van het college overeenkomstig artikel 19, lid 3, van Verordening (EU) nr. 648/2012 mogen uitbrengen, stelt het betrokken lid van het college of de betrokken leden van het college het college ervan in kennis welke deelnemers stemrechten zullen uitoefenen.
Artikel 4
Governance van de colleges
1. De voor de CTP bevoegde autoriteit draagt er zorg voor dat de werkzaamheden van het college de overeenkomstig Verordening (EU) nr. 648/2012 te vervullen taken vergemakkelijken.
2. Het college stelt de ESMA in kennis van alle taken die het college overeenkomstig lid 1 vervult. De ESMA speelt een coördinerende rol bij het monitoren van de door een college uitgevoerde taken en ziet erop toe dat de doelstellingen van het betrokken college zoveel mogelijk overeenstemmen met die van andere colleges.
3. De voor de CTP bevoegde autoriteit draagt er ten minste zorg voor dat:
|
a) |
de doelstellingen van elke vergadering of activiteit van het college duidelijk zijn vastgesteld; |
|
b) |
de vergaderingen of werkzaamheden van het college doeltreffend blijven en ziet er tegelijkertijd op toe dat alle leden van het college volledig op de hoogte zijn van de voor hen relevante werkzaamheden van het college; |
|
c) |
het tijdschema voor de vergaderingen of werkzaamheden van het college zodanig is bepaald dat de resultaten van deze vergaderingen of werkzaamheden behulpzaam zijn voor het toezicht op de CTP; |
|
d) |
de CTP en andere essentiële belanghebbenden een duidelijk inzicht hebben in de rol en werking van het college; |
|
e) |
de werkzaamheden van het college periodiek worden getoetst en dat wordt ingegrepen indien het college niet doeltreffend functioneert; |
|
f) |
de agenda wordt vastgesteld voor een jaarlijkse vergadering van de leden van het college voor de planning van de crisisbeheersing, indien nodig in samenwerking met de CTP. |
4. Om de efficiëntie en doeltreffendheid van het college te waarborgen, treedt de voor de CTP bevoegde autoriteit op als centraal contactpunt voor elke aangelegenheid die met de praktische organisatie van het college verband houdt. De voor de CTP bevoegde autoriteit voert ten minste de volgende taken uit:
|
a) |
opstellen, bijwerken en laten circuleren van de lijst van contactpersonen van de leden van het college; |
|
b) |
laten circuleren van zowel de agenda als de documentatie voor de vergaderingen of werkzaamheden van het college; |
|
c) |
opstellen van notulen van de vergaderingen en formeel vaststellen van actiepunten; |
|
d) |
beheren van de website van het college of eventuele andere elektronische mechanismen voor het delen van informatie; |
|
e) |
wanneer zulks praktisch haalbaar en passend is, informatie en gespecialiseerde teams beschikbaar stellen om het college bij te staan bij het vervullen van zijn taken; |
|
f) |
op passende wijze informatie tussen de leden van het college delen. |
5. De frequentie van de vergaderingen van het college wordt bepaald door de voor de CTP bevoegde autoriteit, die daarbij rekening houdt met de omvang, aard, schaal en complexiteit van de CTP, de systeemimplicaties van de CTP in verschillende rechtsgebieden en voor verschillende valuta’s, de potentiële gevolgen van de activiteiten van de CTP, externe omstandigheden en eventuele verzoeken van leden van het college. Er vindt ten minste eens per jaar een vergadering van het college plaats, alsook, indien zulks door de voor de CTP bevoegde autoriteit noodzakelijk wordt geacht, telkens als uit hoofde van Verordening (EU) nr. 648/2012 een besluit moet worden genomen. De voor de CTP bevoegde autoriteit organiseert periodiek vergaderingen tussen de leden van het college en de hoogste leiding van de CTP.
6. In de in artikel 2 bedoelde schriftelijke overeenkomst wordt een quorum van tweederde van de leden voor vergaderingen van het college vastgelegd.
7. De voor de CTP bevoegde autoriteit streeft ernaar dat voor elke vergadering van het college een geldig quorum voor het nemen van besluiten aanwezig is. Ingeval het quorum niet is bereikt, zorgt de voorzitter ervoor dat alle te nemen besluiten worden uitgesteld totdat een quorum aanwezig is, rekening houdend met de desbetreffende termijnen die bij Verordening (EU) nr. 648/2012 zijn vastgesteld.
Artikel 5
Uitwisseling van informatie tussen autoriteiten
1. Elk lid van een college verstrekt de voor de CTP bevoegde autoriteit tijdig alle benodigde informatie voor de operationele werking van het college en voor de uitvoering van de essentiële werkzaamheden waaraan het betrokken lid deelneemt. De voor de CTP bevoegde autoriteit verstrekt de leden van het college tijdig soortgelijke informatie.
2. De voor de CTP bevoegde autoriteit verstrekt het college ten minste de volgende informatie:
|
a) |
significante wijzigingen in de structuur en de eigendom van de groep van de CTP; |
|
b) |
significante wijzigingen in de omvang van het kapitaal van de CTP; |
|
c) |
wijzigingen in de organisatie, de hoogste leiding, de procedures of de regelingen wanneer deze wijzigingen een significant effect op de governance of het risicobeheer sorteren; |
|
d) |
een lijst van clearingleden van de CTP; |
|
e) |
bijzonderheden over de bij het toezicht op de CTP betrokken autoriteiten, met inbegrip van eventuele wijzigingen in hun verantwoordelijkheden; |
|
f) |
informatie over alle wezenlijke bedreigingen van het vermogen van de CTP om zich naar Verordening (EU) nr. 648/2012 en de desbetreffende gedelegeerde en uitvoeringsverordeningen te voegen; |
|
g) |
moeilijkheden die mogelijk significante overloopeffecten hebben; |
|
h) |
factoren die op een potentieel hoog besmettingsrisico duiden; |
|
i) |
significante ontwikkelingen in de financiële positie van de CTP; |
|
j) |
vroegtijdige waarschuwingen van mogelijke liquiditeitsproblemen of aanzienlijke fraude; |
|
k) |
wanbetalingen van leden en eventuele follow-upmaatregelen; |
|
l) |
sancties en uitzonderlijke toezichtmaatregelen; |
|
m) |
verslagen over prestatieproblemen of gebeurde incidenten en genomen corrigerende maatregelen; |
|
n) |
periodieke gegevens over de activiteit van de CTP, waarvan de reikwijdte en frequentie moeten worden afgesproken in de in artikel 2 beschreven schriftelijke overeenkomst; |
|
o) |
overzicht van belangrijke commerciële voorstellen, met inbegrip van nieuwe producten of diensten die zullen worden aangeboden; |
|
p) |
wijzigingen in het risicomodel van de CTP, stresstests en tests achteraf; |
|
q) |
in voorkomend geval, wijzigingen in de interoperabiliteitsregelingen van de CTP. |
3. De uitwisseling van informatie tussen de leden van het college weerspiegelt hun verantwoordelijkheden en informatiebehoeften. Om onnodige informatiestromen te vermijden, vindt een evenredige en risicogeoriënteerde informatie-uitwisseling plaats.
4. De leden van het college gaan na op welke manieren informatie het efficiëntst kan worden medegedeeld om een continue, tijdige en evenredige informatie-uitwisseling te garanderen.
5. Het risicobeoordelingsverslag dat de voor een CTP bevoegde autoriteit overeenkomstig artikel 19, lid 1, van Verordening (EU) nr. 648/2012 moet opstellen, wordt binnen een passend tijdsbestek bij het college ingediend om ervoor te zorgen dat de leden van het college het kunnen inkijken en er indien nodig aan kunnen bijdragen.
Artikel 6
Vrijwillig delen en delegeren van taken
1. De leden van het college bereiken overeenstemming over de gedetailleerde voorwaarden voor alle specifieke delegatieregelingen en regelingen voor de vrijwillige toevertrouwing van taken aan andere leden, met name in geval van delegaties die resulteren in de delegatie van de voornaamste toezichttaken van een lid.
2. Partijen bij specifieke delegatieregelingen en regelingen voor de vrijwillige toevertrouwing van taken bereiken overeenstemming over de gedetailleerde voorwaarden die ten minste op de volgende aspecten betrekking hebben:
|
a) |
de specifieke werkzaamheden op welomschreven terreinen welke zullen worden toevertrouwd of gedelegeerd; |
|
b) |
de toe te passen procedures en processen; |
|
c) |
de rol en verantwoordelijkheden van elke partij; |
|
d) |
het soort informatie dat tussen partijen zal worden uitgewisseld. |
3. Het is niet de bedoeling dat het delen en delegeren van taken resulteert in een wijziging in de allocatie van de beslissingsbevoegdheid van de voor de CTP bevoegde autoriteit.
Artikel 7
Inwerkingtreding
Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 28 mei 2013.
Voor de Commissie
De voorzitter
José Manuel BARROSO