Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 31986R2409

Verordening (EEG) nr. 2409/86 van de Commissie van 30 juli 1986 betreffende de verkoop van interventieboter bestemd voor bijmenging in mengvoeder

PB L 208 van 31.7.1986, pp. 29–37 (ES, DA, DE, EL, EN, FR, IT, NL, PT)

Dit document is verschenen in een speciale editie. (FI, SV)

Legal status of the document No longer in force, Date of end of validity: 11/03/1999; opgeheven door 399R0479

ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/1986/2409/oj

31986R2409

Verordening (EEG) nr. 2409/86 van de Commissie van 30 juli 1986 betreffende de verkoop van interventieboter bestemd voor bijmenging in mengvoeder

Publicatieblad Nr. L 208 van 31/07/1986 blz. 0029 - 0037
Bijzondere uitgave in het Fins: Hoofdstuk 3 Deel 21 blz. 0182
Bijzondere uitgave in het Zweeds: Hoofdstuk 3 Deel 21 blz. 0182


*****

VERORDENING (EEG) Nr. 2409/86 VAN DE COMMISSIE

van 30 juli 1986

betreffende de verkoop van interventieboter bestemd voor bijmenging in mengvoeder

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE

GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EEG) nr. 985/68 van de Raad van 15 juli 1968 houdende vaststelling van de algemene voorschriften betreffende de interventiemaatregelen op de markt voor boter en room (1), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 3790/85 (2), en met name op artikel 7 bis,

Gelet op Verordening (EEG) nr. 1677/85 van de Raad van 11 juni 1985 inzake de monetaire compenserende bedragen in de landbouwsector (3), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 1013/86 (4), en met name op artikel 12,

Overwegende dat de situatie op de botermarkt in de Gemeenschap wordt gekenmerkt door het bestaan van voorraden die zijn ontstaan door de interventies op de botermarkt welke in de voorgaande melkprijsjaren hebben plaatsgehad op grond van artikel 6, lid 1, van Verordening (EEG) nr. 804/68 van de Raad (5), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 1335/86 (6);

Overwegende dat het niet mogelijk is deze voorraden boter volledig af te zetten tegen de normale voorwaarden; dat, om de voorraden tot een aanvaardbaar peil terug te brengen, maatregelen moeten worden genomen om de afzet van de oudste boter te bevorderen;

Overwegende dat de verkoop van boter tegen verlaagde prijs voor de bereiding van mengvoeders in de Gemeenschap een dergelijke maatregel vormt;

Overwegende dat, om ervoor te zorgen dat de betrokken bedrijven gelijkelijk toegang krijgen tot deze boter, de procedure van een permanente verkoop bij inschrijving moet worden toegepast; dat het bovendien dienstig is naast de verkoop bij inschrijving te voorzien in de verkoop van de boter tegen vastgestelde prijs om de betrokken bedrijven in de mogelijkheid te stellen ook buiten de inschrijvingsprocedure boter te kopen;

Overwegende dat de boter moet worden verkocht tegen een prijs die kan concurreren met die van in veevoeder gebruikte vetten; dat derhalve de nodige maatregelen moeten worden genomen om ervoor te zorgen dat de boter niet aan haar bestemming wordt onttrokken; dat voor een doeltreffende controle op de bestemming van de boter moet worden bepaald dat uitsluitend bedrijven die aan bepaalde criteria beantwoorden en die zich ertoe verbinden de verplichtingen inzake de bestemming van de boter na te leven, aan de inschrijving kunnen deelnemen;

Overwegende dat de boter om technische redenen vóór de bijmenging in het mengvoeder tot boterconcentraat moet worden verwerkt; dat deze verwerking moet plaatsvinden onder controle ter plaatse; dat, om ervoor te zorgen dat het boterconcentraat niet aan zijn bestemming wordt onttrokken, verschillende methoden moeten worden vastgesteld voor de controle op de bijmenging van het boterconcentraat in het mengvoeder naar gelang de produkten bedoeld in artikel 6, lid 2, van deze verordening al dan niet aan het boterconcentraat zijn toegevoegd;

Overwegende dat met name inzake de verpakking van het mengvoeder moet worden verwezen naar een aantal bepalingen van Verordening (EEG) nr. 1725/79 van de Commissie van 26 juli 1979 met betrekking tot de uitvoeringsbepalingen inzake de toekenning van steun voor tot mengvoeder verwerkte ondermelk en voor magere-melkpoeder met name bestemd voor kalvervoeding (7), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 3812/85 (8), en naar Richtlijn 79/373/EEG van de Raad van 2 april 1979 betreffende de verkoop van mengvoeder (9), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 3768/85 (10);

Overwegende dat de krachtens deze verordening gekochte boter niet mag worden gebruikt voor de bestemmingen die zijn vastgesteld bij Verordening (EEG) nr. 262/79 van de Commissie van 12 februari 1979 betreffende de verkoop, tegen verlaagde prijs, van boter bestemd voor de vervaardiging van banketbakkerswerk, consumptie-ijs en andere voedingsmiddelen (11), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 665/86 (12), bij Verordening (EEG) nr. 1932/81 van de Commissie van 13 juli 1981 betreffende de toekenning van steun voor boter en boterconcentraat bestemd voor de vervaardiging van banketbakkerswerk, consumptie-ijs en andere voedingsmiddelen (13), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 3812/85 (14), en bij Verordening (EEG) nr. 3143/85 van de Commissie van 11 november 1985 betreffende de afzet, tegen verlaagde prijs, van interventieboter bestemd voor onmiddellijk verbruik in de vorm van boterconcentraat (15), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 1325/86 (16);

Overwegende dat Verordening (EEG) nr. 1687/76 van de Commissie van 30 juni 1976 tot vaststelling van gemeenschappelijke bepalingen inzake de controle op het gebruik en/of de bestemming van produkten uit interventie (1), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 1812/86 (2), van toepassing is en dat de bijlage daarvan derhalve dienovereenkomstig moet worden aangevuld;

Overwegende dat, met betrekking tot de financiering, de uitgaven uit hoofde van deze aanvullende afzet moeten worden beschouwd als voortvloeiende uit een van de maatregelen als bedoeld in artikel 4, lid 2, eerste streepje, van Verordening (EEG) nr. 1079/77 van de Raad van 17 mei 1977 inzake een medeverantwoordelijkheidsheffing en maatregelen ter verruiming van de markten in de sector melk en zuivelprodukten (3), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 1338/86 (4);

Overwegende dat het Comité van beheer voor melk en zuivelprodukten geen advies heeft uitgebracht binnen de door zijn voorzitter bepaalde termijn,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING

VASTGESTELD:

Artikel 1

Onder de in deze verordening vastgestelde voorwaarden wordt boter die overeenkomstig artikel 6, lid 1, van Verordening (EEG) nr. 804/68 is aangekocht en vóór 1 juli 1983 is ingeslagen, verkocht voor bijmenging in mengvoeder.

Artikel 2

Onverminderd de bepalingen van titel VII inzake de verkoop tegen vastgestelde prijs, wordt de boter verkocht bij permanente openbare inschrijving, die door elk interventiebureau wordt gehouden voor de betrokken hoeveelheden boter die het in zijn bezit heeft.

TITEL I

Voorwaarden betreffende de inschrijver

Artikel 3

Aan de inschrijving kan slechts worden deelgenomen door bedrijven die mengvoeder of mengsels voor de vervaardiging van mengvoeder produceren, bedrijven voor de vervaardiging van boterconcentraat en bedrijven voor de vervaardiging van oliën en vetten, die de voedingsmiddelenindustrie van grondstoffen voorzien.

Deze bedrijven kunnen zich laten vertegenwoordigen door een in hun naam optredende gevolmachtigde.

Artikel 4

De inschrijver kan slechts aan de inschrijving deelnemen indien hij er zich schriftelijk toe verbindt om de boter in de Gemeenschap tot boterconcentraat te verwerken of te laten verwerken met het oog op de bijmenging daarvan in mengvoeder als omschreven in artikel 2, sub b), van Richtlijn 79/373/EEG, met inachtneming van de in titels II en III vastgestelde voorwaarden en binnen een termijn van 120 dagen na de uiterste dag voor de indiening van de offertes voor de bijzondere inschrijving bedoeld in artikel 17.

Artikel 5

De inschrijver verbindt zich ertoe, indien hij de boter verkoopt nadat deze is verwerkt tot boterconcentraat waaraan de in artikel 6, lid 2, bedoelde produkten al dan niet zijn toegevoegd, in het verkoopcontract een clausule op te nemen waarbij de verplichting wordt aangegaan de boter binnen de in artikel 4 vastgestelde termijn en overeenkomstig titel III bij te mengen in mengvoeder als omschreven in artikel 2, sub b), van Richtlijn 79/373/EEG en de in artikel 14, punt 2, bedoelde controles toe te staan.

TITEL II

Voorwaarden inzake de verwerking van boter tot boterconcentraat

Artikel 6

1. De totale toegewezen hoeveelheid boter moet, met uitsluiting van elke andere behandeling of toevoeging en onverminderd het bepaalde in lid 2, worden verwerkt tot boterconcentraat met een minimumvetgehalte van 99,8 % in een bedrijf dat daartoe overeenkomstig lid 3 is erkend door de Lid-Staat waarin dat bedrijf is gevestigd en moet ten minste 100 kg boterconcentraat opleveren per

- 122,5 kg gebruikte boter ingeval het vetgehalte van de verkochte boter 82 gewichtspercenten of meer bedraagt,

- 125,5 kg gebruikte boter ingeval het vetgehalte van de verkochte boter minder dan 82 gewichtspercenten bedraagt.

2. Bij de verwerking van boter tot boterconcentraat mogen, met uitsluiting van elke andere behandeling dan het neutraliseren en reukloos maken of elke andere toevoeging dan die van anti-oxydantia en in hetzelfde bedrijf, na die eventuele behandeling of toevoeging, per 100 kg boterconcentraat de volgende produkten zodanig worden toegevoegd dat deze op homogene wijze worden verspreid:

a) 10 gram 4-hydroxy-3-methoxybenzaldehyde verkregen uit synthetische vanille,

en

b) 1,1 kg triglyceriden van n-heptaanzuur met een zuiverheidsgraad van ten minste 95 %, berekend in triglyceriden over het voor bijmenging gerede produkt met een maximumzuurgraad van 0,5 %, met een verzepingsgetal tussen 325 en 340, waarbij het gedeelte veresterd zuur wordt gevormd door ten minste 95 % n-heptaanzuur.

De bevoegde instantie vergewist er zich van dat de kwaliteit en de kenmerken, met name de zuiverheidsgraad, van de produkten die aan het boterconcentraat moeten worden toegevoegd, in acht zijn genomen.

3. Alleen een bedrijf dat:

a) over adequate technische installaties beschikt om minstens 5 ton boter per maand te verwerken;

b) over ruimten beschikt waardoor het mogelijk is eventuele voorraden melkvreemde vetten apart te houden en te identificeren;

c) zich ertoe verbindt voortdurend registers bij te houden met de oorsprong van de gebruikte boter, de gebruikte hoeveelheden, alsmede de hoeveelheden en de samenstelling van het boterconcentraat, in voorkomend geval inclusief de in lid 2 bedoelde produkten, de datum van uitslag van de vervaardigde produkten en de namen en adressen van de kopers,

en

d) zich ertoe verbindt aan de in artikel 14 bedoelde controle-instantie zijn produktieprogramma toe te zenden op de door de betrokken Lid-Staat voorgeschreven wijze,

kan worden erkend als een in lid 1 bedoeld bedrijf.

4. Indien het bedrijf ook boter verwerkt die krachtens Verordening (EEG) nr. 262/79 of Verordening (EEG) nr. 3143/85 is verkocht of waarvoor de in Verordening (EEG) nr. 1932/81 bedoelde steun kan worden toegekend, moet dit bedrijf bovendien de verplichting aangaan:

- de in lid 3, sub c), bedoelde registers apart bij te houden,

- achtereenvolgens boter die krachtens Verordening (EEG) nr. 262/79 of Verordening (EEG) nr. 3143/85 is verkocht of waarvoor in het kader van Verordening (EEG) nr. 1932/81 steun kan worden toegekend en de totale hoeveelheid boter die krachtens deze verordening is gekocht en in het bedrijf is opgeslagen, te verwerken. Op verzoek van de betrokkene kunnen de Lid-Staten evenwel toestaan dat niet aan deze verplichting wordt voldaan indien het bedrijf over ruimten beschikt waardoor gewaarborgd wordt dat eventuele voorraden van de betrokken boter afzonderlijk kunnen worden bewaard en geïdentificeerd.

5. De erkenning wordt ingetrokken indien niet aan de in dit artikel vervatte voorwaarden wordt voldaan; zij kan worden ingetrokken indien is geconstateerd dat het betrokken bedrijf een andere verplichting die uit deze verordening voortvloeit, niet is nagekomen.

Artikel 7

1. De in artikel 1 bedoelde boter blijft in haar oorspronkelijke verpakking totdat deze tot boterconcentraat wordt verwerkt.

Zij gaat vergezeld van een samenvattende lijst van de colli aan de hand waarvan de identiteit van de boter kan worden vastgesteld.

2. Op de verpakkingen, die de uitgeslagen boter bevatten, worden in duidelijk zichtbare en duidelijk leesbare letters een of meer van de volgende vermeldingen aangebracht:

- Mantequilla destinada a ser transformada en mantequilla concentrada e incorporada en piensos compuestos para animales - Reglamento (CEE) no 2409/86

- Smoer bestemt til forarbejdning til koncentreret smoer og iblanding i foderblandinger - forordning (EOEF) nr. 2409/86

- Butter zur Verarbeitung zu Butterfett und zur Beimengung in Mischfutter - Verordnung (EWG) Nr. 2409/86

- Voýtyro poy proorízetai na metapoiitheí se sympyknoméno voýtyro kai na ensomatotheí stis sýnthetes zootrofés - Kanonismós (EOK) arith. 2409/86

- Butter for processing into concentrated butter and incorporation in compound feedingstuffs - Regulation (EEC) No 2409/86

- Beurre destiné à être transformé en beurre concentré et incorporé dans des aliments composés pour animaux - règlement (CEE) no 2409/86

- Burro destinato ad essere trasformato in burro concentrato ed incorporato negli alimenti composti per animali - regolamento (CEE) n. 2409/86

- Boter bestemd om tot boterconcentraat te worden verwerkt en in mengvoeder te worden bijgemengd - Verordening (EEG) nr. 2409/86

- Manteiga destinada a ser transformada em manteiga concentrada e incorporada em alimentos compostos para animais - Regulamento (CEE) nº 2409/86.

Artikel 8

Indien de bijmenging van het boterconcentraat, in zuivere staat of vermengd met oliën en vetten, in mengvoeder of in een mengsel bestemd voor de vervaardiging van mengvoeder enerzijds en de verwerking tot boterconcentraat anderzijds niet op dezelfde plaats wordt verricht, wordt het boterconcentraat vervoerd in door de bevoegde instanties verzegelde tanks of containers waarop in letters van ten minste vijf centimeter een of meer van de voldende vermeldingen zijn aangebracht:

- Mantequilla concentrada (o mezcla de materias grasas), destinada exclusivamente a la incorporación en los piensos compuestos para animales - Reglamento (CEE) no 2409/86

- Koncentreret smoer eller fedtblandinger bestemt udelukkende til iblanding i foderblandinger - forordning (EOEF) nr. 2409/86

- Reines Butterfett oder Fettmischung ausschliesslich zur Beimengung in Mischfutter - Verordnung (EWG) Nr. 2409/86

- Sympyknoméno voýtyro (í meígmata liparón oysión) poy proorízetai apokleistiká gia ensomátosi stis sýnthetes zootrofés - Kanonismós (EOK) arith. 2409/86 - Concentrated butter, (or mixture of fatty substances) intended exclusively for incorporation in compound feedingstuffs - Regulation (EEC) No 2409/86

- Beurre concentré (ou mélange de matières grasses), destiné exclusivement à l'incorporation dans les aliments composés pour animaux - règlement (CEE) no 2409/86

- Burro concentrato o miscela di materie grasse, destinato esclusivamente all'incorporazione negli alimenti composti per animali - regolamento (CEE) n. 2409/86

- Boterconcentraat (of mengsel van oliën en vetten) uitsluitend bestemd voor bijmenging in mengvoeder - Verordening (EEG) nr. 2409/86

- Manteiga concentrada (ou mistura de matérias gordas) destinada exclusivamente à incorporação nos alimentos compostos para animais - Regulamento (CEE) nº 2409/86.

Ingeval de in artikel 6, lid 2, bedoelde produkten aan het boterconcentraat zijn toegevoegd, behoeven de tanks of de containers niet te worden verzegeld.

TITEL III

Voorwaarden betreffende de bijmenging in mengvoeder

Artikel 9

1. Als mengvoeders in de zin van deze verordening worden beschouwd de produkten omschreven in artikel 2, sub b), van Richtlijn 79/373/EEG.

Het boterconcentraat mag vooraf zijn vermengd met andere oliën en vetten of zijn bijgemengd in een mengsel dat bestemd is voor de vervaardiging van mengvoeder.

2. Onverminderd het bepaalde in artikel 10 en de bepalingen van Richtlijn 79/373/EEG wordt het mengvoeder verpakt in zakken of andere gesloten verpakkingen of recipiënten met een maximuminhoud van 50 kg, waarop in duidelijk leesbare letters het gehalte aan botervet van het eindprodukt alsmede de in artikel 4, lid 2, van Verordening (EEG) nr. 1725/79 bedoelde vermeldingen zijn gedrukt voor zover het produkt beantwoordt aan de in artikel 4, lid 1, van die verordening vastgestelde voorwaarden.

3. Bij mengsels bestemd voor de vervaardiging van mengvoeder worden in duidelijk leesbare letters de vermelding: »Verordening (EEG) nr. 2409/86" en, eventueel, de in artikel 4, lid 4, van Verordening (EEG) nr. 1725/79 bedoelde vermeldingen op de verpakking aangebracht.

Artikel 10

De bepalingen van artikel 9, lid 2, zijn niet van toepassing op mengvoeder dat, overeenkomstig het bepaalde in artikel 11, met tankwagens of containers wordt geleverd aan landbouwbedrijven of veemesterijen die dat mengvoeder gebruiken.

Artikel 11

1. Voor de levering van mengvoeder met tankwagens of containers gelden de volgende voorschriften:

a) het mengvoederbedrijf wordt, wanneer het daarom verzoekt, door de bevoegde instantie van de Lid-Staat op het grondgebied waarvan het is gevestigd, gemachtigd om deze vorm van transport te gebruiken;

b) de levering heeft plaats onder administratieve controle van de bevoegde instantie.

2. In het in lid 1 bedoelde geval wordt de in artikel 21, lid 2, bedoelde verwerkingszekerheid slechts vrijgegeven als het bedrijf bij de bevoegde instantie de bewijsstukken doet toekomen, waaruit blijkt dat de levering werkelijk heeft plaatsgehad.

Artikel 12

1. Ingeval de in artikel 10 bedoelde levering met tankwagens of containers plaatsvindt in een andere Lid-Staat dan de Lid-Staat van vervaardiging, kan het bewijs van levering slechts worden geleverd door overlegging van het in artikel 10 van Verordening (EEG) nr. 223/77 van de Commissie (1) bedoelde controle-exemplaar.

2. De vakkers nrs. 101, 103 en 104 van het controle-exemplaar worden ingevuld. In vak nr. 104 wordt het overbodige geschrapt en wordt bij het tweede streepje een van de volgende vermeldingen aangebracht:

- Aplicación del Reglamento (CEE) no 2409/86 - piensos compuestos para animales destinados a la explotación agrícola, de cría o de engorde que los utilicen (con sus nombres y direcciones)

- Anvendelse af forordning (EOEF) nr. 2409/86 - foderblandinger til anvendelse paa en landbrugsbedrift, en opdraetnings- eller en opfedningsvirksomhed (angivelse af navn og adresse)

- Anwendung der Verordnung (EWG) Nr. 2409/86 - fuer den landwirtschaftlichen bzw. Zucht- oder Mastbetrieb bestimmtes Mischfutter (mit seinem Namen und seiner Anschrift)

- Efarmogí toy kanonismoý (EOK) arith. 2409/86 - sýnthetes zootrofés proorizómenes gia georgikí ekmetállefsi, ekmetállefsi ektrofís í ekmetállefsi páchynsis poy chrisimopoieí sýnthetes zootrofés (me to ónoma kai ti diéfthynsi)

- Pursuant to Regulation (EEC) No 2409/86 - compound feedingstuffs intended for a farm or rearing or fattening concern using compound feedingstuffs (with the name and address)

- Application du règlement (CEE) no 2409/86 - aliments composés pour animaux destinés aux exploitations agricoles d'élevage ou d'engraissement utilisatrice (avec ses nom et adresse)

- Applicazione del regolamento (CEE) n. 2409/86 - alimenti composti per animali destinati all'azienda agricola o al centro d'ingrasso utilizzatori (con nome e indirizzo)

- Toepassing van Verordening (EEG) nr. 2409/86 - voor gebruik op het landbouwbedrijf of de veefokkerij of de veemesterij (met naam en adres) bestemd mengvoeder

- Aplicação do Regulamento (CEE) nº 2409/86 - Alimentos compostos para animais destinados à exploração agrícola ou exploração de pecuária ou de engorda utilizadoras (com o nome e endereco).

Artikel 13

1. Het mengvoeder mag slechts worden vervaardigd in een bedrijf dat daartoe is erkend door de bevoegde instantie van de Lid-Staat op het grondgebied waarvan de vervaardiging plaatsvindt.

2. De erkenning wordt verleend aan bedrijven die beschikken over de nodige technische installaties en over de administratie en de boekhouding om de tenuitvoerlegging van de bepalingen van deze verordening mogelijk te maken.

Zodra aan deze voorwaarden niet meer wordt voldaan, wordt de erkenning ingetrokken; de erkenning kan worden ingetrokken wanneer is geconstateerd dat het betrokken bedrijf een uit deze verordening voortvloeiende verplichting niet is nagekomen.

3. Het in lid 1 bedoelde bedrijf houdt permanent de door de bevoegde instantie van de betrokken Lid-Staat voorgeschreven boekhouding bij, waarin voor elke partij met name de volgende gegevens worden vermeld:

a) aard en oorsprong van de gebruikte grondstoffen,

b) verwerkte hoeveelheden oliën en vetten en de samenstelling ervan,

c) de hoeveelheden, de samenstelling en het gehalte aan botervet van de verkregen produkten,

d) de datum waarop die produkten het bedrijf hebben verlaten, gestaafd door leveringsbewijzen en facturen.

Voor de toepassing van dit artikel wordt onder vervaardigde partij verstaan een hoeveelheid mengvoeder van homogene kwaliteit, die zonder onderbreking van het produktieproces in een zelfde bedrijf is vervaardigd.

TITEL IV

Controlemaatregelen

Artikel 14

Om ervoor te zorgen dat de bepalingen van deze verordening in acht worden genomen, nemen de Lid-Staten met name de onderstaande controlemaatregelen.

1. Bij de verwerking van boter tot boterconcentraat en bij de eventuele toevoeging van de in artikel 6, lid 2, bedoelde produkten verricht de bevoegde instantie frequente en onverwachte controles ter plaatse op basis van het in artikel 6, lid 3, sub d), bedoelde produktieprogramma van het bedrijf.

Deze controles hebben met name betrekking op de produktievoorwaarden, de hoeveelheid en de samenstelling van het verkregen produkt naar gelang van de gebruikte boter. Zij omvatten het nemen van monsters van het boterconcentraat en, in voorkomend geval, van de andere oliën of vetten die voor elke vervaardigde partij zijn gebruikt.

Deze controles worden periodiek naar gelang van de verwerkte hoeveelheden, aangevuld met een grondige controle van de registers en een verificatie of de voorwaarden voor erkenning in het bedrijf worden nageleefd.

Voor de toepassing van dit artikel wordt onder geproduceerde partij verstaan een hoeveelheid boterconcentraat die in overeenstemming is met de hoeveelheid boter in de betrokken offerte als bedoeld in artikel 19, lid 2, van homogene kwaliteit is en zonder onderbreking van het produktieproces in een zelfde bedrijf is vervaardigd.

2. De controle op het gebruik van boterconcentraat bij de vervaardiging van mengvoeder als bedoeld in artikel 9, lid 1, omvat ten minste:

a) permanente controle ter plaatse in de betrokken bedrijven, waarbij met name de produktievoorwaarden worden gecontroleerd aan de hand van

- monsters,

- onderzoek van de gebruikte oliën en vetten ten einde de samenstelling ervan te bepalen,

- de samenstelling van het vervaardigde mengvoeder en het gehalte daarvan aan botervet,

- toezicht op de produkten die in het bedrijf worden ontvangen en die het bedrijf verlaten.

De overeenkomstig Richtlijn 79/373/EEG vastgestelde toleranties zijn niet van toepassing.

De controle wordt als volgt verricht:

- per vervaardigde partij in geval van gebruik van boterconcentraat waaraan de in artikel 6, lid 2, bedoelde produkten niet zijn toegevoegd;

- frequent en onverwachts, afhankelijk van het produktieprogramma, maar ten minste éénmaal per veertien produktiedagen, in geval van gebruik van boterconcentraat waaraan de in artikel 6, lid 2, bedoelde produkten zijn toegevoegd; b) de sub a) bedoelde controle wordt, naar gelang van de geproduceerde hoeveelheden, aangevuld door een grondige controle en een controle aan de hand van steekproeven van de in artikel 13, lid 3, bedoelde handelsdocumenten en boekhouding.

Artikel 15

In deel II van de bijlage bij Verordening (EEG) nr. 1687/76 »produkten met een ander gebruik en/of andere bestemming dan die bedoeld in deel I" worden het volgende punt en de desbetreffende voetnoot toegevoegd:

»38. Verordening (EEG) nr. 2409/86 van de Commissie van 30 juli 1986 betreffende de verkoop van interventieboter bestemd voor bijmenging in mengvoeder (38).

Bij de verzending van de boter in ongewijzigde staat, die bestemd is om te worden geconcentreerd, wordt vermeld in:

- vak 104:

Bestemd om te worden verwerkt tot boterconcentraat en daarna te worden bijgemengd in mengvoeder - Verordening (EEG) nr. 2409/86;

- vak 106:

de datum waarvóór het boterconcentraat in het mengvoeder moet zijn bijgemengd.

Bij de verzending van de boter nadat deze is verwerkt tot boterconcentraat en de in artikel 6, lid 2, van Verordening (EEG) nr. 2409/86 bedoelde produkten eraan zijn toegevoegd, wordt vermeld in:

- vak 104:

Bestemd om te worden bijgemengd in mengvoeder - Verordening (EEG) nr. 2409/86;

- vak 106:

de datum waarvóór het boterconcentraat in het mengvoeder moet zijn bijgemengd.

Bij de verzending van het boterconcentraat dat met andere oliën of vetten is vermengd, wordt vermeld in:

- vak 104:

Bestemd om te worden bijgemengd in mengvoeder - Verordening of nr. 2409/86;

- vak 106:

de datum waarvóór het boterconcentraat in het mengvoeder moet zijn bijgemengd;

- vak 107:

nummer en datum van het analyseverslag betreffende het in vak 104 bedoelde mengsel.

Het in vak 107 bedoelde analyseverslag wordt door de bevoegde instanties gewaarmerkt en verwijst naar het nummer en de datum van registratie van document T 5.

(38) PB nr. L 208 van 31. 7. 1986, blz. 29.".

TITEL VI

Inschrijvingsprocedure

Artikel 16

1. Het interventiebureau stelt een bericht van verkoop bij openbare inschrijving op, waarin met name wordt vermeld:

a) de ligging van het koelhuis of de koelhuizen waar de boter ligt opgeslagen;

b) de te koop aangeboden hoeveelheden boter die zich in elk koelhuis bevinden, waarbij, in voorkomend geval, wordt gepreciseerd welke hoeveelheden boter met een vetgehalte van minder dan 82 gewichtspercenten in deze hoeveelheden zijn begrepen;

c) de termijn waarbinnen en de plaats waar de aanbiedingen moeten worden ingediend.

2. Ten minste acht dagen vóór het einde van de eerste termijn voor het indienen van de aanbiedingen wordt het bericht van verkoop bij openbare inschrijving bekendgemaakt in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen. Het interventiebureau kan daarnaast tot andere bekendmakingen overgaan.

Artikel 17

1. Het interventiebureau gaat gedurende de geldigheidsperiode van de permanente verkoop bij inschrijving over tot het houden van bijzondere inschrijvingen. Elke bijzondere inschrijving heeft betrekking op het nog beschikbare gedeelte van de in artikel 1 bedoelde boter.

2. De termijn voor de indiening van de offertes voor elke van de bijzondere inschrijvingen loopt af op iedere tweede dinsdag van de maand om 12 uur en voor de eerste maal op 12 augustus 1986. Indien de dinsdag een feestdag is, wordt de termijn verlengd tot de eerstvolgende werkdag om 12 uur.

Artikel 18

1. Het interventiebureau houdt de in artikel 16, lid 1, sub b), bedoelde lijst bij van koelhuizen waar de te koop gestelde oudste boter ligt opgeslagen, alsmede van de respectieve hoeveelheden, en stelt deze aan belanghebbenden op aanvraag ter beschikking. Bovendien zorgt het interventiebureau regelmatig op een daartoe gepaste wijze, die het bekendmaakt in het in artikel 16 bedoelde bericht van verkoop bij openbare inschrijving, voor publikatie van de bijgewerkte lijst.

2. Het interventiebureau treft de nodige maatregelen om het de belanghebbenden mogelijk te maken vóór de indiening van de offerte op hun kosten monsters van de te koop aangeboden boter te onderzoeken. Artikel 19

1. De belanghebbenden nemen aan de bijzondere inschrijving deel hetzij door persoonlijk bij het interventiebureau hun schriftelijke offerte in te dienen tegen bewijs van ontvangst, hetzij door aan het interventiebureau een aangetekende brief te sturen. De interventiebureaus kunnen het gebruik van telex of telekopieerapparaat toestaan.

2. In de offerte worden vermeld:

a) de naam en het adres van de deelnemer aan de inschrijving;

b) de in artikel 3 bedoelde hoedanigheid op grond waarvan aan de inschrijving wordt deelgenomen;

c) de gevraagde hoeveelheid, waarbij het vetgehalte van de boter nader wordt aangegeven wanneer het betrokken interventiebureau boter met een vetgehalte van minder dan 82 gewichtspercenten te koop heeft gesteld;

d) de geboden prijs per 100 kg boter met het gewenste vetgehalte zonder rekening te houden met binnenlandse belastingen, af koelhuis waar de boter is opgeslagen, uitgedrukt in de valuta van de Lid-Staat op het grondgebied waarvan de boter is opgeslagen;

e) het koelhuis waar de boter zich bevindt en eventueel een vervangend koelhuis.

Een offerte voor verschillende opslagplaatsen wordt, onafhankelijk van de eventuele vervangende opslagplaats, geacht evenveel offertes te bevatten als het aantal koelhuizen waarop zij betrekking heeft.

Een offerte kan slechts betrekking hebben op boter met een zelfde vetgehalte (ofwel 82 gewichtspercenten of meer, ofwel minder dan 82 gewichtspercenten).

3. Een offerte is slechts geldig wanneer zij op ten minste 3 ton betrekking heeft. Wanneer de in een koelhuis beschikbare hoeveelheid evenwel kleiner is dan 3 ton, is de beschikbare hoeveelheid de minimumhoeveelheid voor de offerte.

4. Een offerte is slechts geldig indien:

a) zij vergezeld gaat van de in de artikelen 4 en 5 bedoelde schriftelijke verbintenis;

b) de deelnemer aan de inschrijving er een verklaring bijvoegt, waarbij hij van elke klacht inzake de verpakking, de kwaliteit of de kenmerken van de eventueel verkochte boter afziet;

c) het bewijs wordt geleverd dat de deelnemer vóór het aflopen van de termijn voor het indienen van de offertes de in artikel 20 bedoelde inschrijvingszekerheid voor de betrokken bijzondere inschrijving heeft gesteld.

5. De offerte mag niet worden ingetrokken na het verstrijken van de in artikel 17, lid 2, bedoelde termijn voor het indienen van de offertes voor de betrokken bijzondere inschrijving. De inschrijver kan echter bepalen dat voor het geval dat de in zijn aanbieding opgenomen prijs de voor de betrokken bijzondere inschrijving vastgestelde minimumverkoopprijs met meer dan 2 Ecu per 100 kg overschrijdt, zijn aanbieding moet worden geacht te zijn ingetrokken en dat hij zich ertoe verbindt gedurende de verkoopperiode, die begint op de derde dinsdag van dezelfde maand, onder de in artikel 26 vastgestelde voorwaarden, een gelijke hoeveelheid als in zijn aanbieding werd vermeld te kopen en af te nemen in een opslagplaats die kan verschillen van de in zijn aanbieding genoemde opslagplaats.

Artikel 20

1. In het kader van deze verordening vormen de handhaving van de offerte na het verstrijken van de termijn voor de indiening ervan en de betaling van de prijs binnen de in artikel 24, lid 2, vastgestelde termijn hoofdeisen waarvan de naleving door het stellen van een inschrijvingszekerheid van 40 Ecu per ton wordt gewaarborgd.

2. De inschrijvingszekerheid wordt gesteld in de Lid-Staat waar de offerte wordt ingediend.

Indien in de offerte is vermeld dat de verwerking van de boter tot boterconcentraat zal plaatshebben in een andere Lid-Staat dan de Lid-Staat van verkoop, mag de zekerheid worden gesteld bij de bevoegde instantie die daartoe door die Lid-Staat is aangewezen en die aan de inschrijver het in artikel 19, lid 4, sub c), bedoelde bewijs afgeeft. In dat geval deelt het interventiebureau van verkoop aan de bevoegde instantie van de andere Lid-Staat de feiten mede op grond waarvan de zekerheid wordt vrijgegeven of wordt verbeurd.

Artikel 21

1. Met inachtneming van de voor elke bijzondere verkoop bij inschrijving ontvangen offertes en volgens de procedure van artikel 30 van Verordening (EEG) nr. 804/68, wordt een minimumverkoopprijs vastgesteld.

Er kan worden besloten de verkoop bij inschrijving te annuleren.

2. Gelijktijdig met de minimumverkoopprijzen wordt volgens dezelfde procedure het bedrag, per 100 kg, van de verwerkingszekerheid vastgesteld, die ten doel heeft te verzekeren dat de hoofdeisen inzake de verwerking van boter tot boterconcentraat, de eventuele bijmenging van de in artikel 6, lid 2, bedoelde produkten en de bijmenging van het boterconcentraat in mengvoeder worden uitgevoerd, bij welke vaststelling rekening wordt gehouden met het verschil tussen de interventieprijs van de boter en de vastgestelde minimumprijzen.

3. De omrekening in nationale valuta van de in lid 1 bedoelde minimumverkoopprijs, de prijs die de koper zal moeten betalen en het bedrag van de verwerkingszekerheid, geschiedt aan de hand van de representatieve koers die geldt op de dag waarop de termijn voor de indiening van de offertes voor de betrokken bijzondere inschrijving afloopt. Artikel 22

1. Op de offerte wordt niet ingegaan wanneer de voorgestelde prijs beneden de voor de bijzondere inschrijving geldende minimumprijs ligt, waarbij rekening wordt gehouden met het vetgehalte van de betrokken boter.

2. Onverminderd het bepaalde in lid 1 wordt de partij toegewezen aan degene die de hoogste prijs biedt. Indien de in het betrokken koelhuis beschikbare hoeveelheid door deze toewijzing niet geheel is uitgeput, geschiedt de toewijzing voor de nog resterende hoeveelheid aan de andere inschrijvers volgens de geboden prijzen, te beginnen vanaf de hoogste prijs.

3. Wanneer het in aanmerking nemen van een offerte er voor het betrokken koelhuis toe zou leiden dat de nog beschikbare hoeveelheid boter wordt overschreden, zal de toewijzing aan de betrokken inschrijver slechts voor die hoeveelheid geschieden.

In afwijking van het bepaalde in artikel 19, lid 2, kan evenwel het interventiebureau in overleg met de inschrijver andere opslagplaatsen aanwijzen om tot de in de aanbieding vermelde hoeveelheid te komen.

4. Wanneer door het in aanmerking nemen van verschillende offertes met dezelfde prijzen de nog beschikbare hoeveelheid zou worden overschreden, geschiedt de toewijzing door proportionele verdeling over de hoeveelheden die voorkomen in de betrokken offertes.

In het geval echter dat een dergelijke verdeling zou leiden tot toewijzing van hoeveelheden van minder dan 3 ton, wordt overgegaan tot toewijzing door loting.

5. De uit de inschrijving voortvloeiende rechten en verplichtingen zijn niet overdraagbaar.

TITEL VI

Uitvoering van de inschrijving

Artikel 23

1. Elke inschrijver wordt door het interventiebureau onmiddellijk in kennis gesteld van het resultaat van zijn deelneming aan de bijzondere inschrijving.

2. Degene aan wie de partij is toegewezen, betaalt vóór de overneming van de boter en binnen de in artikel 24, lid 2, vastgestelde termijn, aan het interventiebureau voor elke hoeveelheid die hij voornemens is af te halen, het bedrag dat overeenkomt met zijn offerte.

3. Behoudens overmacht wordt het verkoopcontract voor de resterende hoeveelheden verbroken wanneer de koper het bedrag niet binnen de voorgeschreven termijn heeft betaald. Bovendien verliest hij de in artikel 20, lid 1, bedoelde inschrijvingszekerheid.

Artikel 24

1. Wanneer het in artikel 23, lid 2, bedoelde bedrag is betaald en de in artikel 21, leden 2 en 3, bedoelde zekerheden zijn gesteld overeenkomstig het bepaalde in artikel 13 van Verordening (EEG) nr. 1687/76, geeft het interventiebureau een afhaalbon af waarop worden vermeld:

a) de hoeveelheid waarvoor aan de in limine bedoelde voorwaarden is voldaan;

b) het koelhuis waar deze hoeveelheid is opgeslagen;

c) de uiterste datum waarop de boter moet zijn overgenomen;

d) de afloopdatum van de termijn voor de indiening van de aanbiedingen voor de bijzondere inschrijving op grond waarvan de boter is verkocht.

2. De koper neemt de hem toegewezen boter over uiterlijk binnen 24 dagen na het verstrijken van de termijn voor de indiening van de offertes. Deze overneming kan in gedeelten geschieden.

Indien de koper het in artikel 23, lid 2, bedoelde bedrag heeft betaald maar de boter niet binnen de bovengenoemde termijn heeft overgenomen, komen de kosten van opslag van de boter ten laste van de koper vanaf de dag die volgt op de in lid 1, sub c), bedoelde dag.

TITEL VII

Verkoop tegen vastgestelde prijs

Artikel 25

Overeenkomstig de hieronder vastgestelde voorwaarden wordt overgegaan tot de verkoop tegen vastgestelde prijs van de in artikel 1 bedoelde boter.

Artikel 26

1. De aankoopcontracten

- kunnen in de periode die begint op de derde dinsdag van iedere maand en eindigt op de eerste dinsdag van de daaropvolgende maand worden gesloten met elk interventiebureau dat in het bezit is van in artikel 1 bedoelde boter;

- zijn onderworpen aan de bepalingen van de titels I, II, III en IV alsmede aan het bepaalde in artikel 21, leden 2 en 3.

De in artikel 4 bedoelde termijn van 120 dagen gaat in op de dag waarop het contract wordt gesloten.

2. De boter wordt verkocht:

a) per hoeveelheid van 3 ton of meer. Ingeval de in het koelhuis beschikbare hoeveelheid kleiner is dan 3 ton, mag het koopcontract voor die hoeveelheid worden gesloten;

b) af koelhuis tegen een prijs die gelijk is aan de overeenkomstig artikel 21, lid 1, vastgestelde minimumverkoopprijs voor de bijzondere inschrijving die onmiddellijk aan de periode van verkoop voorafgaat, verhoogd met 2 Ecu per 100 kg. 3. De aanvragen tot aankoop die op dezelfde dag bij het interventiebureau zijn binnengekomen, worden geacht gelijktijdig te zijn ingediend. Ingeval het in aanmerking nemen van deze aanvragen ertoe zou leiden dat de in een koelhuis beschikbare hoeveelheid boter wordt overschreden, verdeelt het interventiebureau de beschikbare hoeveelheid in evenredigheid met de in de bovenbedoelde aanvragen vermelde hoeveelheden.

Ingeval een verdeling op die basis zou leiden tot de toewijzing van hoeveelheden van minder dan 3 ton, wordt de hoeveelheid bij loting toegewezen.

Artikel 27

1. Op de dag waarop het contract wordt gesloten

- levert de koper het bewijs dat hij, overeenkomstig artikel 13 van Verordening (EEG) nr. 1687/76, de in artikel 21, lid 2, bedoelde verwerkingszekerheid heeft gesteld;

- betaalt de koper de aankoopprijs van de boter.

2. Het interventiebureau geeft een afhaalbon af waarin worden vermeld:

- de hoeveelheid waarvoor aan de in lid 1 gestelde voorwaarden is voldaan,

- het koelhuis waar deze hoeveelheid zich bevindt,

- de datum waarop het contract is gesloten,

- de uiterste datum voor de overname ervan.

De koper neemt de verkochte boter over binnen een termijn van 24 dagen gerekend vanaf de dag waarop het contract is gesloten. Deze overneming kan in gedeelten geschieden.

De kosten van opslag van de boter zijn ten laste van de koper vanaf de dag na de uiterste datum voor de overname van de boter.

TITEL VIII

Algemene bepalingen

Artikel 28

Verordening (EEG) nr. 2220/85 van de Commissie (1) is, behoudens andersluidende specifieke bepalingen van deze verordening, van toepassing.

Artikel 29

De monetaire compenserende bedragen die van toepassing zijn op de boter komen overeen met de krachtens Verordening (EEG) nr. 1677/85 vastgestelde monetaire compenserende bedragen, vermenigvuldigd met de coëfficiënt vermeld in bijlage I, deel 5, van de verordening van de Commissie waarbij de monetaire compenserende bedragen worden vastgesteld.

Artikel 30

Voor de financiering wordt deze maatregel beschouwd als een van de maatregelen bedoeld in artikel 4, lid 2, eerste streepje, van Verordening (EEG) nr. 1079/77.

Artikel 31

De Lid-Staten delen de Commissie uiterlijk de tiende van iedere maand mede:

- hoeveel boter in de voorafgaande maand in het kader van de inschrijving is verkocht,

- voor hoeveel boter in de voorafgaande maand een verkoopcontract is gesloten,

- hoeveel boter in de voorafgaande maand is uitgeslagen, uitgesplitst naar verkoopformule.

Artikel 32

Deze verordening treedt in werking op de derde dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat.

Gedaan te Brussel, 30 juli 1986.

Voor de Commissie

Frans ANDRIESSEN

Vice-Voorzitter

(1) PB nr. L 169 van 18. 7. 1968, blz. 1.

(2) PB nr. L 367 van 31. 12. 1985, blz. 5.

(3) PB nr. L 164 van 24. 6. 1985, blz. 6.

(4) PB nr. L 94 van 9. 4. 1986, blz. 18.

(5) PB nr. L 148 van 28. 6. 1968, blz. 13.

(6) PB nr. L 119 van 8. 5. 1986, blz. 19.

(7) PB nr. L 199 van 7. 8. 1979, blz. 1.

(8) PB nr. L 368 van 31. 12. 1985, blz. 3.

(9) PB nr. L 86 van 6. 4. 1979, blz. 30.

(10) PB nr. L 362 van 31. 12. 1985, blz. 8.

(11) PB nr. L 41 van 16. 2. 1979, blz. 1.

(12) PB nr. L 66 van 8. 3. 1986, blz. 38.

(13) PB nr. L 191 van 14. 7. 1981, blz. 6.

(14) PB nr. L 368 van 31. 12. 1985, blz. 3.

(15) PB nr. L 298 van 12. 11. 1985, blz. 9.

(16) PB nr. L 154 van 5. 6. 1986, blz. 20.

(1) PB nr. L 190 van 14. 7. 1976, blz. 1.

(2) PB nr. L 157 van 12. 6. 1986, blz. 43.

(3) PB nr. L 131 van 26. 5. 1977, blz. 6.

(4) PB nr. L 119 van 8. 5. 1986, blz. 27.

(1) PB nr. L 38 van 9. 2. 1977, blz. 20.

(1) PB nr. L 205 van 3. 8. 1985, blz. 5.

Top