EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 01970R1108-20130701

Consolidated text: Verordening (EEG) n r. 1108/70 van de Raad van 4 juni 1970 betreffende de invoering van een boekhouding van de uitgaven voor de wegen voor het vervoer per spoor, over de weg en over de binnenwateren

ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/1970/1108/2013-07-01

1970R1108 — NL — 01.07.2013 — 004.001


Dit document vormt slechts een documentatiehulpmiddel en verschijnt buiten de verantwoordelijkheid van de instellingen

►B

VERORDENING (EEG) Nr. 1108/70 VAN DE RAAD

van 4 juni 1970

betreffende de invoering van een boekhouding van de uitgaven voor de wegen voor het vervoer per spoor, over de weg en over de binnenwateren

(PB L 130, 15.6.1970, p.4)

Gewijzigd bij:

 

 

Publicatieblad

  No

page

date

►M1

Verordening (EEG) nr. 1384/79 van de Raad van 25 juni 1979 

  L 167

1

5.7.1979

 M2

Verordening (EEG) nr. 3021/81 van de Raad van 19 oktober 1981 

  L 302

8

23.10.1981

►M3

Verordening (EEG) nr. 3572/90 van de Raad van 4 december 1990 

  L 353

12

17.12.1990

►M4

VERORDENING (EG) Nr. 1791/2006 VAN DE RAAD van 20 november 2006

  L 363

1

20.12.2006

►M5

VERORDENING (EU) Nr. 517/2013 VAN DE RAAD van 13 mei 2013

  L 158

1

10.6.2013


Gewijzigd bij:

 A1

  L 73

14

27.3.1972

 

  L 002

1

..

►A2

  L 291

17

19.11.1979

►A3

  L 302

23

15.11.1985

 A4

  C 241

21

29.8.1994

 

  L 001

1

..

►A5

  L 236

33

23.9.2003




▼B

VERORDENING (EEG) Nr. 1108/70 VAN DE RAAD

van 4 juni 1970

betreffende de invoering van een boekhouding van de uitgaven voor de wegen voor het vervoer per spoor, over de weg en over de binnenwateren



DE RAAD VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, inzonderheid op artikel 75,

Gelet op de beschikking van de Raad van 22 juni 1964 betreffende de organisatie van een enquête naar de kosten van de weg van het vervoer per spoor, over de weg en over de binnenwateren ( 1 ), met name op artikel 7,

Gezien het voorstel van de Commissie,

Gezien het advies van het Europese Parlement ( 2 ),

Gezien het advies van het Economisch en Sociaal Comité ( 3 ),

Overwegende dat voor de invoering in het kader van het gemeenschappelijk vervoerbeleid van een geldelijke regeling voor het gebruik van de wegen met name de voor de wegen gedane uitgaven bekend moeten zijn; dat de meest geëigende wijze om deze kennis te verkrijgen bestaat uit de invoering van een permanente boekhouding met, voor elke tak van vervoer, voor alle Lid-Staten uniforme boekhoudkundige schema's;

Overwegende dat de boekhouding van de uitgaven voor de wegen betrekking moet hebben op alle wegen die openstaan voor het openbare verkeer en die dienen voor het vervoer per spoor, over de weg en over de binnenwateren; dat sommige wegen van ondergeschikte betekenis, alsmede bepaalde waterwegen van maritieme aard evenwel zonder bezwaar kunnen worden uitgesloten;

Overwegende dat het wenselijk is dat de Lid-Staten kunnen vaststellen op welke wijze de boekhouding van de uitgaven voor de wegen dient te geschieden ten einde rekening te houden met de van geval tot geval verschillende bijzondere aspecten en praktische mogelijkheden;

Overwegende dat voor de invoering van een geldelijke regeling voor het gebruik van de wegen ook de kennis van gegevens over het gebruik van de wegen noodzakelijk is en dat er een lijst van deze gegevens dient te worden vastgesteld;

Overwegende dat het van belang is dat de Lid-Staten de uitkomsten van de boekhouding van de uitgaven voor de wegen regelmatig aan de Commissie toezenden en dat deze genoemde uitkomsten jaarlijks in een samenvattend verslag aan de Raad voorlegt;

Overwegende dat het, ten einde een zo homogeen mogelijke toepassing van de bepalingen van deze verordening te waarborgen, wenselijk is dat de Commissie, in haar taak bijgestaan door een Comité van Regeringsdeskundigen, zorg draagt voor de coördinatie van de werkzaamheden die op grond van deze verordening noodzakelijk zijn;

Overwegende dat een procedure dient te worden vastgesteld om de boekhoudkundige schema's, de lijst van wegen en de lijst van gegevens over het gebruik der wegen voortdurend te kunnen aanpassen aan de opgedane ervaring en aan de ontwikkeling van het gemeenschappelijk vervoerbeleid;

Overwegende dat er bepaalde van de algemene voorschriften afwijkende bepalingen moeten worden vastgesteld ten einde rekening te houden met de moeilijkheden waarvoor sommige Lid-Staten gedurende de eerste jaren van toepassing der verordening zullen komen te staan,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:



Artikel 1

Per 1 januari 1971 wordt op de in deze verordening aangegeven wijze een uniforme en permanente boekhouding ingevoerd van de uitgaven voor de wegen voor het vervoer per spoor, over de weg en over de binnenwateren.

Artikel 2

1.  De in de boekhouding op te nemen uitgaven zijn de voor de vervoerfunctie der wegen specifieke uitgaven, alsmede het aan de vervoerfunctie toe te rekenen deel van de uitgaven die voor de vervoerfunctie en voor andere functies gemeenschappelijk zijn gedaan.

2.  Ongeacht de in de Lid-Staten toegepaste boekhoudkundige voorschriften zijn de voor een bepaald jaar te boeken uitgaven die, welke in de loop van dat jaar zijn gedaan voor de aanleg, het functioneren en het beheer der wegen. Deze uitgaven omvatten niet de lasten van rente en aflossing van leningen die voor de financiering van de uitgaven voor wegen zijn aangegaan.

▼M1

Artikel 3

De boekhouding van de uitgaven voor wegen geschiedt voor elk der in bijlage II A 1 genoemde spoorwegnetten, voor het geheel der overige in bijlage II A 2 genoemde netten en voor het geheel der landwegen en binnenscheepvaartwegen die openstaan voor het openbaar verkeer, met uitzondering van:

a) landwegen die zijn gesloten voor het gemotoriseerde verkeer, dat wil zeggen voor verkeer van voertuigen met een cilinderinhoud van 50 cm3 of meer,

b) landwegen die uitsluitend worden gebruikt door voertuigen van land- of bosbouwbedrijven of alleen dienen voor de toegang tot deze bedrijven,

c) binnenscheepvaartwegen waarop het verkeer slechts is toegestaan aan schepen met een laadvermogen van minder dan 250 ton,

d) waterwegen van maritieme aard, volgens de in Verordening (EEG) nr. 281/71 ( 4 ) opgestelde lijst.

▼B

Artikel 4

De boekhouding van de uitgaven voor de wegen geschiedt overeenkomstig de schema's in bijlage I.

De wijze waarop deze boekhouding wordt gevoerd, wordt vastgesteld door de betrokken Lid-Staat.

Artikel 5

1.  De Lid-Staten brengen ieder jaar uiterlijk op 31 december de uitkomsten van de boekhouding van de uitgaven voor de wegen van het voorafgaande jaar ter kennis van de Commissie. Zij leggen deze uitkomsten voor overeenkomstig de schema's in bijlage I.

▼M1

2.  Afzonderlijke uitkomsten worden medegedeeld:

a) wat de spoorwegen betreft,

i) voor elk der in bijlage II A 1 genoemde netten,

ii) voor alle overige in bijlage II A 2 genoemde netten. De mededeling van de gegevens voor deze netten geschiedt evenwel slechts om de vijf jaar, en voor het eerst voor het jaar 1980.

▼B

b) wat de landwegen betreft, voor elk der in bijlage II B vermelde categorieën wegen, afzonderlijk voor de wegen binnen de bebouwde kom en de wegen daarbuiten,

c) wat de binnenscheepvaartwegen betreft, overeenkomstig het in bijlage II C gemaakte onderscheid.

Artikel 6

Gelijktijdig met de uitkomsten, genoemd in artikel 5, en voor dezelfde referentieperiode, brengen de Lid-Staten de Commissie de volgende gegevens ter kennis voor het geheel der wegen van elke tak van vervoer:

 grootte van de in het jaar aangegane leningen ter financiering van uitgaven voor de wegen,

▼M1

 grootte van de lasten van respectievelijk rente en aflossing van eerder aangegane leningen.

▼B

Bij het opstellen van deze gegevens nemen de Lid-Staten alleen die leningen in aanmerking, waarvan de opbrengst uitdrukkelijk bestemd was voor de financiering van uitgaven voor de wegen.

▼M1

Artikel 7

Gelijktijdig met de uitkomsten, genoemd in artikel 5, en voor dezelfde referentieperiode, brengen de Lid-Staten de Commissie de gegevens betreffende het gebruik der wegen ter kennis volgens de tabellen A, B 1.1 en C van bijlage III.

De mededeling van de gegevens bedoeld in de tabellen B 1.2 en B 2 van die bijlage geschiedt slechts om de vijf jaar. Wat tabel B 1.2 betreft, vindt de mededeling voor het eerst plaats voor de gegevens betreffende 1980; wat tabel B 2 betreft, wordt zij opgeschort totdat de werkzaamheden betreffende een geldelijke regeling voor het gebruik van de wegen het vereisen.

▼B

Artikel 8

1.  Totdat er door de Commissie op grond van artikel 9, lid 1, gemeenschappelijke maatstaven worden vastgesteld voor de bepaling van het aan de vervoerfunctie toe te rekenen deel van de uitgaven die voor de vervoerfunctie en voor andere functies der wegen gemeenschappelijk zijn gedaan en totdat deze maatstaven door de Lid-Staten worden toegepast, dienen in de boekhouding voor elke post van de boekhoudkundige schema's enerzijds de voor de vervoerfunctie specifieke uitgaven en anderzijds het geheel der gemeenschappelijke uitgaven afzonderlijk te worden geboekt.

2.  Totdat op grond van artikel 9, lid 1, de onderlinge aanpassing van de maatstaven die worden aangelegd om te bepalen of wegen binnen, dan wel buiten de bebouwde kom liggen, haar beslag heeft gekregen, gebruiken de Lid-Staten voor het opstellen van de gegevens, bedoeld in artikel 5, lid 2, sub b), en in bijlage III B, de maatstaven van hun keus; zij brengen deze aan de Commissie ter kennis in de mededelingen die zij haar ingevolge de artikelen 5 en 7 doen.

3.  Voor de Bondsrepubliek Duitsland is de mededeling aan de Commissie van de gegevens, bedoeld in bijlage II C, slechts verplicht vanaf de opgave over 1972.

4.  De mededeling aan de Commissie van de in tabel B 1 van bijlage III bedoelde gegevens over het gebruik der wegen, is voor de opgaven over de jaren 1972 tot en met 1974 verplicht voor de categorieën voertuigen welke een rangnummer met één cijfer bezitten en facultatief voor de overige categorieën.

5.  Voor Nederland is de mededeling aan de Commissie van de in de tabellen B van bijlage III bedoelde gegevens over het gebruik der wegen, voor de in bijlage II B, sub 5, bedoelde categorie wegen van dit land slechts verplicht vanaf de opgave over 1975.

6.  Voor Italië dient de mededeling aan de Commissie van de in tabel B 2 van bijlage III bedoelde gegevens over het gebruik der wegen voor het eerst te geschieden met het overzicht over 1971. De volgende mededelingen betreffende deze tabel zullen geschieden voor dezelfde jaren als die waarvoor de mededelingen, bedoeld in artikel 7, tweede alinea, plaatsvinden.

7.  De mededeling aan de Commissie van de in tabel C van bijlage III bedoelde gegevens over het gebruik der wegen, is verplicht:

 voor België, voor de categorieën schepen, genoemd sub e) en f) en voor het verkeer op het zeebekken van de Schelde, vanaf de opgave over 1973;

 voor de Bondsrepubliek Duitsland, vanaf de opgave over 1973;

 voor Frankrijk, voor de categorieën schepen, genoemd sub e) en f), alsmede het aantal geschutte schepen, vanaf de opgave over 1974;

 voor Nederland, voor geregulariseerde waterwegen, vanaf de opgave over 1972.

Artikel 9

1.  De Commissie draagt zorg voor de coördinatie van het geheel van de werkzaamheden welke uit deze verordening voortvloeien en ziet toe op de gelijke toepassing van de bepalingen van deze verordening. Zij stelt in het bijzonder de inhoud vast van de verschillende posten van de boekhoudkundige schema's in bijlage I en stelt tevens gemeenschappelijke maatstaven vast voor de bepaling van het aan de vervoerfunctie toe te rekenen deel der uitgaven welke voor de vervoerfunctie en voor andere functies der wegen gemeenschappelijk zijn gedaan.

De Commissie streeft er daarenboven naar om de wijzen waarop de boekhouding in de verschillende Lid-Staten wordt gevoerd geleidelijk tot elkander te brengen, om de maatstaven die worden aangelegd om te bepalen of landwegen binnen, dan wel buiten de bebouwde kom liggen, onderling aan te passen, alsmede om de methodes voor het inwinnen van gegevens over het gebruik der wegen te verbeteren en onderling aan te passen.

2.  Het Comité van Regeringsdeskundigen, bedoeld in artikel 5 van de beschikking van de Raad van 13 mei 1965, strekkende tot toepassing van artikel 4 van Beschikking nr. 64/389/EEG van de Raad van 22 juni 1964 betreffende de organisatie van een enquête naar de kosten van de weg van het vervoer per spoor, over de weg en over de binnenwateren ( 5 ), verleent de Commissie bijstand bij de uitvoering van al deze taken, alsmede bij de opstelling van de in artikel 3, sub e), bedoelde lijst van waterwegen.

3.  De Commissie legt de Raad ieder jaar, zes maanden na ontvangst van de mededelingen, bedoeld in de artikelen 5, 6 en 7, een samenvattend verslag voor met de belangrijkste uitkomsten van de boekhouding van de uitgaven voor wegen.

Artikel 10

De Raad kan met gekwalificeerde meerderheid, op voorstel van de Commissie, de bijlagen van deze verordening wijzigen om rekening te houden met de opgedane ervaring en met de eisen die voortvloeien uit de maatregelen inzake een geldelijke regeling voor het gebruik van de wegen.

Artikel 11

De Lid-Staten stellen na raadpleging van de Commissie tijdig de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen vast die voor de uitvoering van deze verordening noodzakelijk zijn.

Indien een Lid-Staat zulks verzoekt of de Commissie dit gewenst acht, treedt de Commissie met de betrokken Lid-Staten in overleg over de ontwerpen betreffende de in de voorgaande alinea genoemde bepalingen.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat.




BIJLAGE I

IN ARTIKEL 4 BEDOELDE SCHEMA'S VOOR DE BOEKHOUDING VAN DE UITGAVEN

A.   SPOORWEGEN:

1.  Investeringsuitgaven

(Uitgaven voor nieuwbouw, uitbreiding, reconstructie en vernieuwing)

2.  Lopende uitgaven

(Uitgaven voor onderhoud en exploitatie)

3.  Algemene kosten

B.   LANDWEGEN:

1.  Investeringsuitgaven

(Uitgaven voor nieuwbouw, uitbreiding, reconstructie en vernieuwing)

2.  Lopende uitgaven

(Uitgaven voor onderhoud en exploitatie)

3.  Verkeerspolitie

4.  Algemene kosten

C.   BINNENSCHEEPVAARTWEGEN:

1.  Investeringsuitgaven

(Uitgaven voor nieuwbouw, uitbreiding, reconstructie en vernieuwing)

2.  Lopende uitgaven

(Uitgaven voor onderhoud en exploitatie)

3.  Rivierpolitie

4.  Algemene kosten




▼M1

BIJLAGE II

LIJST VAN DE SPOORWEGNETTEN, CATEGORIEËN LANDWEGEN EN BINNENSCHEEPVAARTWEGEN, BEDOELD IN ARTIKEL 3 EN IN ARTIKEL 5, LID 2

A.1. SPOORWEGEN —   Hoofdnetten

▼M3

 Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen (NMBS)/ Société Nationale des Chemins de Fer Belges (SNCB),

 Danske Statsbaner (DSB),

 Deutsche Bundesbahn (DB),

 Deutsche Reichsbahn (DR),

 Οργανισμός Σιδηροδρόμων Ελλάδος (ΟΣΕ),

 Red Nacional de los Ferrocarriles Españoles (RENFE),

 Société Nationale des Chemins de Fer Français (SNCF),

 Córas Iompair Éireann (CIE),

 Ente Ferrovie dello Stato (FS),

 Société Nationale des Chemins de Fer Luxembourgeois (CFL),

 Naamloze Vennootschap Nederlandse Spoorwegen (NS),

 Österreichische Bundesbahnen (ÖBB),

▼M3

 Caminhos do Ferro Portugueses, EP (CP),

 Valtionrautatiet/Statsjärnvägarna (VR),

 Statens järnvägar (SJ),

▼M3

 British Rail (BR),

 Northern Ireland Railways (NIR).

▼A5

Tsjechische Republiek

 Správa železniční dopravní cesty s.o.

Republiek Estland

 AS Eesti Raudtee

 Edelaraudtee AS

Republiek Letland

 Valsts akciju sabiedrība „Latvijas Dzelzceļš” (LDZ)

Republiek Litouwen

 Ackinė bendrovė „Lietuvos geležinkeliai”

Republiek Hongarije

 Magyar Államvasutak Rt. (MÁV)

 Győr-Sopron-Ebenfurti Vasút Rt. (GySEV)

Republiek Polen

 PKP Polskie Linie Kolejowe S.A.

Republiek Slovenië

 Slovenske železnice (SŽ)

Slowaakse Republiek

 Železnice Slovenskej republiky (ŽSR).

▼M4

Republiek Bulgarije

 Национална компания „Железопътна инфраструктура” (НК „ЖИ”)

Roemenië

 Compania Națională de Căi Ferate „C.F.R.” — S.A. (CFR).

▼M5

Republiek Kroatië

 HŽ Infrastruktura d.o.o.

▼M1

A.2. SPOORWEGEN —   Netten voor het openbaar verkeer en aangesloten op het hoofdnet (met uitzondering van stadsnetten)

Bondsrepubliek Duitsland

Albtal-Verkehrs-Gesellschaft mbH

Alsternordbahn GmbH

Eisenbahn-Gesellschaft Altona-Kaltenkirchen-Neumünster

Augsburger Lokalbahn GmbH

Bayerische Landeshafenverwaltung

Bentheimer Eisenbahn AG

Birkenfelder Eisenbahn GmbH

Delmenhorst-Harpstedter Eisenbahn GmbH

DB, Bundesbahndirektion Frankfurt, NE-Geschäftsführung

Deutsche Eisenbahn-GmbH

Dortmunder Eisenbahn

Elmshorn-Barmstedt-Oldesloer Eisenbahn AG

Verkehrsbetriebe Extertal — Extertalbahn GmbH

Filderbahn der Stuttgarter Straßenbahnen AG

Hafen- und Verkehrsbetriebe der Stadt Kiel

Häfen der Stadt Köln

Hafen- und Bahnbetriebe der Stadt Krefeld

Hersfelder Kreisbahn

Hohenzollerische Landesbahn AG

Verkehrsbetriebe Grafschaft Hoya GmbH

Hümmlinger Kreisbahn

Ilmebahn-Gesellschaft AG

Köln-Bonner Eisenbahnen AG

Kölner Verkehrs-Betriebe AG (Köln-Frechen-Benzelrather Eisenbahn)

Eisenbahn Köln-Mülheim-Leverkusen der Farbenfabriken Bayer AG

Krefelder Eisenbahn-Gesellschaft AG

Kreiswerke Gelnhausen GmbH — Verkehrsbetriebe

Meppen-Haselünner Eisenbahn

Merzig-Büschfelder Eisenbahn GmbH

Mindener Kreisbahnen

Bahnen der Stadt Monheim GmbH

Neukölln-Mittenwalder Eisenbahn-Gesellschaft

Neusser Eisenbahn

Niederrheinische Verkehrsbetriebe Aktiengesellschaft NIAG

Nordfriesische Verkehrsbetriebe AG

Kreisbahn Osterode am Harz — Kreiensen

Osthannoversche Eisenbahnen AG

Osthavelländische Eisenbahn

Verkehrsbetriebe Peine-Salzgitter GmbH

Regentalbahn AG

Rhein-Sieg-Verkehrsgesellschaft

Verkehrsbetriebe des Kreises Schleswig-Flensburg

Siegener Kreisbahn GmbH

Südwestdeutsche Eisenbahnen AG

Tegernsee-Bahn AG

Trossinger Eisenbahn

Uetersener Eisenbahn-AG

Verden-Walsroder Eisenbahn GmbH

Vorwohle-Emmerthaler Verkehrsbetriebe GmbH

Bahngesellschaft Waldhof — Nebenbahn Waldhof/Sandhofen

Wanne-Bochum-Herner Eisenbahn

Werne-Bochum-Höveler Eisenbahn

Westfälische Verkehrsgesellschaft mbH

Westerwaldbahn

Wuppertaler Stadtwerke AG

Württembergische Eisenbahn-GmbH

Württembergische Nebenbahnen GmbH

Industriebahn der Stadt Zülpich

Hafenbahn Aschaffenburg

Brohltal-Eisenbahn GmbH

Kleinbahnverwaltung Gemeinde Edewecht

Hohenlimburger Kleinbahn

Oberrheinische Eisenbahn Gesellschaft AG

Wittlager Kreisbahn GmbH

Italiaanse Republiek

Torino — Ceres

Ferrovie Nord Milano

Trento — Malè

Società veneta autoferrovie

Società veneta per imprese e costruzioni pubbliche

Ferrovia Suzzara — Ferrara

Gestione governativa ferrovie padane

Azienda trasporti consorziali di Modena

Azienda trasporti consorziali-Bologna

Acotral

Ferrovie Adriatico Appennino

Gestione governativa ferrovia Cancello-Benevento

Ferrotranviaria (SpA)

Ferrovie del Sud-Est

Ferrovie del Gargano

Gestione governativa ferrovie Circumetnea

Azienda consorziale trasporti — Reggio Emilia

La Ferroviaria italiana

Società mediterranea strade ferrate umbro-aretine

Società nazionale di ferrovie e tranvie.

Republiek Finland

Valtionrautatiet/Statsjärnvägarna (VR)

Koninkrijk Zweden

Inlandsbanen Aktiebolag (IBAB)

Malmö-Limhamns Järnväg (MLJ)

Växjö-Hultsfred-Västerviks Järnväg (VHVJ)

Johannesberg-Ljungaverks Järnväg (JLJ)

▼A5

Tsjechische Republiek

Jindřichohradecké místní dráhy (JHMD) a.s.

Connex Morava, a.s.

OKD Doprava, a.s.

Viamont, a.s.

Republiek Estland

AS Eesti Raudtee

Edelaraudtee AS

Republiek Letland

Valsts akciju sabiedrība „Latvijas Dzelzceļš” (LDZ)

Pašvaldību dzelzceļa infrastruktūras pārvaldītājs ILDC

Republiek Litouwen

Akcinė bendrovė „Lietuvos geležinkeliai”

Republiek Hongarije

Fertővidéki Helyiérdekű Vasút Rt. (FHÉV)

Republiek Polen

Przedsiębiorstwo Transportu Kolejowego i Gospodarki Kamieniem S.A. — Rybnik

Kopalnia Piasku „Kuźnica Warężyńska” S.A. — Dąbrowa Górnicza

Kopalnia Piasku „Szczakowa” S.A. — Jaworzno

Kopalnia Piasku „Kotlarnia” S.A. — Kotlarnia

Jastrzębska Spółka Kolejowa Sp. z o.o. w Jastrzębiu Zdroju

▼M4

Roemenië

Compania Națională de Căi Ferate „C.F.R.” — S.A. (CFR)

B.   LANDWEGEN

Koninkrijk België

1. Autosnelwegen / Autoroutes

2. Andere rijkswegen / Autres routes de l'État

3. Provinciale wegen / Routes provinciales

4. Gemeentewegen / Routes communales

Koninkrijk Denemarken

1. Motorveje

2. Hovedlandeveje

3. Landeveje

4. Biveje

Bondsrepubliek Duitsland

1. Bundesautobahnen

2. Bundesstraßen

3. Land-(Staats-)straßen

4. Kreisstraßen

5. Gemeindestraßen

▼A2

Helleense Republiek

1. Εθνικό οδικό δίκτυο

2. Επαρχιακό οδικό δίκτυο

3. Δημοτικό ή κοινοτικό οδικό δίκτυο

▼A3

Koninkrijk Spanje

1. Autopistas

2. Autovías

3. Carreteras estatales

4. Carreteras provinciales

5. Carreteras municipales

Franse Republiek

1. Autoroutes

2. Routes nationales

3. Chemins départementaux

4. Voies communales

Ierland

1. National primary roads

2. Main roads

3. County roads

4. County borough roads

5. Urban roads

Italiaanse Republiek

1. Autostrade

2. Strade statali

3. Strade regionali e provinciali

4. Strade comunali

Groothertogdom Luxemburg

1. Routes d'État

2. Chemins repris

3. Chemins vicinaux

Koninkrijk der Nederlanden



1.  Autosnelwegen van het Rijkswegenplan

(primaire wegen) right accolade

2.  Overige wegen van het Rijkswegenplan

3.  Wegen van de secundaire wegenplannen

 

4.  Wegen van de tertiaire wegenplannen

 

5.  Overige verharde wegen

 

Republiek Oostenrijk

1. Bundesautobahnen

2. Bundesstraßen

3. Landesstraßen

4. Gemeindestraßen

▼A3

Portugese Republiek

1. Auto-estradas

2. Estradas nacionais e regionais

3. Vias municipais

4. Vias florestais

Republiek Finland

1. Päätiet/Huvudvägar

2. Muut maantiet/Övriga landsvägar

3. Paikallistiet/Bygdevägar

4. Kadut ja kaavatiet/Gator och planlagda vägar

Koninkrijk Zweden

1. Motorvägar

2. Motortrafikleder

3. Övriga vägar

Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittanië en Noord-Ierland

1. Motorways and trunk roads

2. Principal roads

3. Non-principal and other roads

▼A5

Tsjechische Republiek

1. Dálnice

2. Silnice

3. Místní komunikace

Republiek Estland

1. Põhimaanteed

2. Tugimaanteed

3. Kõrvalmaanteed

4. Kohalikud maanteed ja tänavad

Republiek Cyprus

1. Αυτοκινητόδρομοι

2. Κύριοι Δρόμοι

3. Δευτερεύοντες Δρόμοι

4. Τοπικοί Δρόμοι

Republiek Letland

1. Valsts galvenie autoceļi

2. Valsts 1. šķiras autoceļi

3. Valsts 2. šķiras autoceļi

4. Ilsētu ielas un autoceļi

Republiek Litouwen

1. Magistraliniai keliai

2. Krašto keliai

3. Rajoniniai keliai

Republiek Hongarije

1. Gyorsforgalmi utak

2. Főutak

3. Mellékutak

4. Önkormányzati utak

Republiek Malta

1. Toroq Arterjali

2. Toroq Distributorji

3. Toroq Lokali

Republiek Polen

1. Drogi krajowe

2. Drogi wojewódzkie

3. Drogi powiatowe

4. Drogi gminne

Republiek Slovenië

1. Avtoceste

2. Hitre ceste

3. Glavne ceste

4. Regionalne ceste

5. Lokalne ceste

6. Javne poti

Slowaakse Republiek

1. Diaľnice

2. Rýchlostné cesty

3. Cesty I. triedy

4. Cesty II. triedy

5. Cesty III. triedy

▼M4

Republiek Bulgarije

1. Автомагистрали

2. Републикански пътища

3. Общински пътища

Roemenië

1. Autostrăzi

2. Drumuri naționale

3. Drumuri județene

4. Drumuri comunale

▼M5

Republiek Kroatië

1. Autoceste

2. Državne ceste

3. Županijske ceste

4. Lokalne ceste

▼B

C.   BINNENSCHEEPVAARTWEGEN:



Waterwegen of groepen van waterwegen

Geregulariseerde waterwegen

Gekanaliseerde waterwegen

Kanalen

Overige waterwegen

Toegankelijk voor schepen met een laadvermogen:

 
 
 
 

I.  van 250 tot minder dan 400 ton

 
 
 
 

II.  van 400 tot minder dan 650 ton

 
 
 
 

III.  van 650 tot minder dan 1.000 ton (1)

 
 
 
 

IV.  van 1.000 tot minder dan 1.500 ton (1)

 
 
 
 

V.  van 1.500 tot minder dan 3.000 ton (1)

 
 
 
 

VI.  3.000 ton of meer (1)

 
 
 
 

(1)   Voor deze groepen waterwegen worden de uitkomsten ingediend per waterweg of vak daarvan. Voor korte stukken van een binnenscheepvaartweg, die behoren tot een andere klasse dan het overwegende deel van het desbetreffende vak behoeven de uitkomsten niet afzonderlijk te worden opgegeven. Voorts worden binnen elke post de waterwegen die in aanleg zijn, afzonderlijk opgegeven.




BIJLAGE III

LIJST VAN DE IN ARTIKEL 7 BEDOELDE GEGEVENS OVER HET GEBRUIK VAN DE WEGEN

TABEL A —   SPOORWEGEN

Lid-Staat:

Spoorwegnet:

De gegevens dienen naar gelang van de wijze van tractie (elektrische tractie en andere) afzonderlijk te worden vermeld



Omschrijving

Reizigerstreinen (1)

Goederentreinen (1) (2)

Ander treinverkeer (3)

Exprestreinen (4)

Andere categorieën (4)

Versnelde treinen (4)

Gewone treinen (4)

1.  Trein-km

 
 
 
 
 

2.  Totale bruto ton-km

 
 
 
 
 

(1)   Inclusief de gegevens betreffende het los-rijden van locomotieven voor af na daadwerkelijk gebruik bij het reizigers- of goederenvervoer.

(2)   Uitsluitend commercieel vervoer.

(3)   Gegevens betreffende diensttreinen, dienstvervoer, werktreinen, werkplaatstreinen, hulptreinen, proefritten, enz.

(4)   Dit onderscheid is facultatief.

▼M1

TABELLEN B —   LANDWEGEN

1.1.   Jaarlijks aantal voertuig-km, afgelegd op wegen buiten de bebouwde kom

Lid-Staat:

Categorie landwegen:



(x miljoen)

Categorie voertuigen

Voertuig-km

1.  Personenauto's met minder dan 10 plaatsen

 

2.  Betselauto's met een maximaal toegestaan totaalgewicht van minder dan 3 ton

 

3.  Vrachtauto's

 

4.  Vrachtauto's met aanhangwagen

 

5.  Trekkers met oplegger

 

6.  Autobussen en touringcars

 

7.  Diversen

 

1.2.   Jaarlijks aantal voertuig-km, afgelegd op wegen buiten de bebouwde kom

Lid-Staat:

Categorie landwegen:



(x miljoen)

Categorie voertuigen

Voertuig-km

3.1.  Tweeassige vrachtauto's

 

3.2.  Drie-assige vrachtauto's

 

3.3.  Vierassige vrachtauto's

 

4.1.  Tweeassige vrachtauto's met tweeassige aanhangwagen

 

4.2.  Tweeassige vrachtauto's met drieassige aanhangwagen

 

4.3.  Drieassige vrachtauto's met tweeassige aanhangwagen

 

4.4.  Drieassige vrachtauto's met drieassige aanhangwagen

 

4.5.  Overige categorieën van vrachtauto's met aanhangwagen (1)

 

5.1.  Tweeassige trekkers met eenassige oplegger

 

5.2.  Tweeassige trekkers met tweeassige oplegger

 

5.3.  Drieassige trekkers met eenassige oplegger

 

5.4.  Drieassige trekkers met tweeassige oplegger

 

5.5.  Overige categorieën trekkers met oplegger (1)

 

6.1.  Tweeassige autobussen en touringcars

 

6.2.  Drieassige autobussen en touringcars

 

(1)   Eventueel per representatieve categorie onder te verdelen naar aantal en ligging der assen

▼B

2.   Samenstelling van het verkeer van bedrijfsvoertuigen, onderverdeeld in klassen naar het maximaal toegestaan totaalgewicht en naar de werkelijke asdruk

(wegen buiten de bebouwde kom)

Lid-Staat:

Categorie landwegen:



(x 1.000)

Categorie voertuigen (per klasse van 2 ton maximaal toegestaan gewicht)

Trekkend voertuig

Getrokken voertuig

As-km voorassen

As-km achterassen

As-km voorassen

As-km achterassen

enkel

dubbel

enkel

dubbel

drievoudig

enkel

dubbel

enkel

dubbel

drievoudig

 

— per klasse van 1 ton werkelijke asdruk —

3.1.  Twee-assige vrachtauto's

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

3.2.  Drie-assige vrachtauto's

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

3.3.  Vier-assige vrachtauto's

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

4.1.  Twee-assige vrachtauto's met twee-assige aanhangwagen

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

4.2  Twee-assige vrachtauto's met drie-assige aanhangwagen

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

4.3.  Drie-assige vrachtauto's met twee-assige aanhangwagen

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

4.4.  Drie-assige vrachtauto's met drie-assige aanhangwagen

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

4.5.  Overige categorieën van vrachtauto's met aanhangwagen (1)

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

5.1.  Twee-assige trekkers met een-assige oplegger

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

5.2.  Twee-assige trekkers met twee-assige oplegger

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

5.3.  Drie-assige trekkers met een-assige oplegger

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

5.4.  Drie-assige trekkers met twee-assige oplegger

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

5.5.  Overige categorieën trekkers met oplegger (1)

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

6.1.  Twee-assige autobussen en autocars

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

6.2.  Drie-assige autobussen en autocars

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

(1)   Eventueel per representatieve categorie onder te verdelen naar aantal en ligging der assen.

TABEL C —   BINNENSCHEEPVAARTWEGEN



(x 1.000)

Categorie schepen

Vaartuig-km

Laadvermogen ton-km

Aantal geschutte schepen (2)

1

2

3

4



 

<

250 t

250

399 t

400

649 t

650

999 t

1 000

1 499 t

 

1 500 t

 
 
 

Totaal a)

 
 
 


 

<

250 t

250

399 t

400

649 t

650

999 t

1 000

1 499 t

 

1 500 t

 
 
 

Totaal b)

 
 
 


 

<

400 t

400

649 t

650

999 t

1 000

1 499 t

 

1 500 t

 
 
 

Totaal c)

 
 
 

d)  Zeeschepen met een netto inhoud van:

 
 
 


 

<

300 NRT

 (4)

 (4)

 (4)



300

999 NRT

 (4)

 (4)

 (4)



 

1 000 NRT

 (4)

 (4)

 (4)

Totaal d)

 (4)

 (4)

 (4)

▼M1



 

<

184 W

184

293 W

294

734 W

 

735 W

 
 
 

Totaal e)

 
 
 


 

<

184 W

184

293 W

294

734 W

 

735 W

 
 
 

Totaal f)

 
 
 

▼B

g)  Passagiersschepen (4)

 

 

(1)   Dit betreft de lijst van waterwegen en groepen waterwegen voorkomend in bijlage II C.

(2)   Iedere doorvaart van een sluis door een schip wordt afzonderlijk geteld. Een zelfde schip wordt net zo vaak geteld als het een sluis passeert.

(3)   Het onderscheiden van de eerste twee laadvermogenklassen is facultatief.

(4)   Deze opgave is facultatief.



( 1 ) PB nr. 102 van 29. 6. 1964, blz. 1598/64.

( 2 ) PB nr. C 135 van 14. 12. 1968, blz. 33.

( 3 ) PB nr. C 48 van 16. 4. 1969, blz. 1.

( 4 ) PB nr. L 33 van 10. 2. 1971, blz. 11.

( 5 ) PB nr. L 88 van 24. 5. 1965, blz. 1473/65.

Top