Accept Refuse

EUR-Lex Access to European Union law

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32014D0660

2014/660/EU: Uitvoeringsbesluit van de Commissie van 11 september 2014 inzake de modelfinancieringsovereenkomst voor de bijdrage van het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling en het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling aan gezamenlijke financieringsinstrumenten voor onbeperkte garanties en securitisatie ten gunste van kleine en middelgrote ondernemingen

OJ L 271, 12.9.2014, p. 58–92 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

In force

ELI: http://data.europa.eu/eli/dec_impl/2014/660/oj

12.9.2014   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 271/58


UITVOERINGSBESLUIT VAN DE COMMISSIE

van 11 september 2014

inzake de modelfinancieringsovereenkomst voor de bijdrage van het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling en het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling aan gezamenlijke financieringsinstrumenten voor onbeperkte garanties en securitisatie ten gunste van kleine en middelgrote ondernemingen

(2014/660/EU)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 1303/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 houdende gemeenschappelijke bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds, het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling en het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij, en algemene bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds en het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1083/2006 van de Raad (1), en met name artikel 39, lid 4, tweede alinea,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Kleine en middelgrote ondernemingen (kmo's) in de Europese Unie zijn sinds 2009 getroffen door de financiële crisis, onder andere als gevolg van het opschonen van de balansen door Europese banken om te voldoen aan de kapitaalvereisten van Richtlijn 2013/36/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende toegang tot het bedrijf van kredietinstellingen en het prudentieel toezicht op kredietinstellingen en beleggingsondernemingen, tot wijziging van Richtlijn 2002/87/EG en tot intrekking van de Richtlijnen 2006/48/EG en 2006/49/EG (2) en Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende prudentiële vereisten voor kredietinstellingen en beleggingsondernemingen en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 (3). De Europese Raad heeft de Commissie de bevoegdheid verleend om de mogelijkheden te onderzoeken om financieringsinstrumenten beschikbaar te maken voor kmo's op pan-Europees niveau, teneinde de mogelijk hieruit voortvloeiende gevallen van marktfalen op het gebied van financiële diensten en financieringsinstrumenten voor kmo's aan te pakken.

(2)

De Commissie heeft samen met de Europese Investeringsbank (EIB) in december 2013 een ex-antebeoordeling uitgevoerd (4), waaruit bleek dat de markt tekortschiet bij de financiering van levensvatbare kmo's in de Europese Unie, en dat het tekort aan financiering naar schatting tussen 20 en 112 miljard EUR bedroeg.

(3)

In de ex-antebeoordeling werd het belang benadrukt van een snelle respons op de financiële crisis die kmo's treft, in de context van een gezamenlijke Europese inspanning om het geblokkeerde kredietkanaal naar kmo's weer vrij te laten functioneren, de economische groei te stimuleren en fragmentatie van de interne markt tegen te gaan wat betreft de toegang van kmo's tot krediet.

(4)

Deel van deze respons is het instellen van specifieke onderdelen binnen financiële instrumenten, die op het niveau van de Unie zijn ingesteld op grond van Verordening (EU) nr. 1287/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 tot vaststelling van een programma voor het concurrentievermogen van ondernemingen en kleine en middelgrote ondernemingen (Cosme) (2014-2020) en tot intrekking van Besluit nr. 1639/2006/EG (5) en Verordening (EU) nr. 1291/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 tot vaststelling van Horizon 2020 — Het kaderprogramma voor onderzoek en innovatie (2014-2020) en tot intrekking van Besluit nr. 1982/2006/EG (6).

(5)

Aangezien met artikel 17, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1287/2013 (Cosme) en de artikelen 20 en 21 van Verordening (EU) nr. 1291/2013 tot vaststelling van Horizon 2020 uitdrukkelijk wordt getracht om complementariteit en synergieën te waarborgen binnen de Europese structuur- en investeringsfondsen (ESI-fondsen), wordt het de lidstaten in een ander deel van de respons toegestaan om het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling (EFRO) en het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling (Elfpo) in te zetten voor een financiële bijdrage aan deze financieringsinstrumenten, die zijn ingesteld voor de gehele Unie op grond van artikel 39, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1303/2013.

(6)

Deze op EU-niveau ingestelde financieringsinstrumenten worden indirect door de Commissie beheerd. De uitvoeringstaken zijn in handen van de EIB of het EIF, op grond van artikel 58, lid 1, onder c), iii) en artikel 139, lid 4 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 (7), wat betreft financieringsinstrumenten voor onbeperkte garanties en securitisatie ten gunste van kmo's. Met het oog hierop moet de Commissie delegatieovereenkomsten sluiten met de EIB en het Europees Investeringsfonds (EIF).

(7)

Indien een lidstaat gebruik maakt van de mogelijkheid om een financiële bijdrage van het EFRO en het Elfpo te gebruiken voor de op EU-niveau ingestelde financieringsinstrumenten, is het op grond van artikel 39, lid 4, onder c) van Verordening (EU) nr. 1303/2013 vereist dat de deelnemende lidstaten een financieringsovereenkomst sluiten met de EIB of het EIF.

(8)

De op EU-niveau ingestelde financieringsinstrumenten kunnen uitsluitend de gewenste snelle respons bieden indien de werking ervan voldoet aan twee voorwaarden. Ten eerste moeten er uniforme voorwaarden en gelijke behandeling worden gewaarborgd voor en tussen de deelnemende lidstaten wat betreft de aanwending van de EFRO- en Elfpo-middelen. Ten tweede moeten de voorwaarden voor de bijdrage van het EFRO en het Elfpo op grond van individuele financieringsovereenkomsten tussen deelnemende lidstaten en de EIB of het EIF overeenkomen met de voorwaarden in de delegatieovereenkomsten betreffende andere bronnen in het kader van Cosme en Horizon 2020. De beste wijze om naleving van deze voorwaarden te waarborgen is een modelfinancieringsovereenkomst, beschikbaar voor de deelnemende lidstaten en de EIB of het EIF. Het is derhalve noodzakelijk om een model voor de financieringsovereenkomst vast te leggen.

(9)

Om een doeltreffende besteding van de desbetreffende EFRO- en Elfpo-middelen te waarborgen, moet de modelfinancieringsovereenkomst onder andere de taken en verplichtingen van de EIB of het EIF bevatten, zoals beloning, een te bereiken minimale hefboom bij duidelijk omschreven mijlpalen, voorwaarden voor het creëren van nieuwe schuldfinanciering ten gunste van kmo's, bepalingen inzake niet in aanmerking komende activiteiten en uitsluitingscriteria, een schema voor EFRO- en Elfpo-betalingen aan de financieringsinstrumenten, boeten voor achterblijvende prestaties door de betrokken financieel intermediairs, bepalingen voor de selectie van financieel intermediairs, bepalingen betreffende toezicht, verslaglegging, controle en zichtbaarheid van de financiële instrumenten en voorwaarden voor beëindiging van de overeenkomst.

(10)

Om een onmiddellijke toepassing van de beoogde maatregelen mogelijk te maken, dient dit besluit in werking te treden op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

(11)

De in dit besluit vastgestelde maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Coördinatiecomité voor de Europese structuur- en investeringsfondsen, ingesteld bij artikel 150, lid 1, van Verordening (EU) nr. 1303/2013,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Het model voor de financieringsovereenkomst voor de financiële bijdrage van het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling en het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling aan gezamenlijke financieringsinstrumenten voor onbeperkte garanties en securitisatie ten gunste van kleine en middelgrote ondernemingen, te sluiten door de Europese Investeringsbank of het Europese Investeringsfonds enerzijds en iedere deelnemende lidstaat anderzijds, is opgenomen in de bijlage.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de dag na die van bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 11 september 2014.

Voor de Commissie

De voorzitter

José Manuel BARROSO


(1)  PB L 347 van 20.12.2013, blz. 320.

(2)  PB L 176 van 27.6.2013, blz. 338.

(3)  PB L 176 van 27.6.2013, blz. 1.

(4)  Werkdocument van de diensten van de Commissie SWD(2013)517 final.

(5)  PB L 347 van 20.12.2013, blz. 33.

(6)  PB L 347 van 20.12.2013, blz. 104.

(7)  PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.


BIJLAGE

[MANAGEMENTSAUTORITEIT VAN DE LIDSTAAT DIE DEELNEEMT AAN HET KMO-INITIATIEF]

en

[EUROPEES INVESTERINGSFONDS]/[EUROPESE INVESTERINGSBANK]

MODELFINANCIERINGSOVEREENKOMST

Inhoudsopgave

Artikel 1

Definities en uitlegging

Artikel 2

Doel en reikwijdte van deze financieringsovereenkomst

Artikel 3

Subsidiabiliteits- en uitsluitingscriteria voor nieuwe schuldfinanciering

Artikel 4

Beginselen van toepassing op de verwezenlijking en het beheer van het/de specifieke loket[ten]

Artikel 5

Doel en aard van het/de specifieke loket[ten]

Artikel 6

Territoriale dekking

Artikel 7

Minimaal hefboomeffect, mijlpalen en boeten

Artikel 8

Taken en plichten van het EIF

Artikel 9

Keuze van financieel intermediairs en operationele overeenkomsten

Artikel 10

Bestuur

Artikel 11

LS-bijdrage

Artikel 12

EIF-bijdrage

Artikel 13

Specifiek-loketrekening[en] en activabeheer

Artikel 14

Beheerskosten en -vergoedingen

Artikel 15

Boekhouding

Artikel 16

Operationele en financiële verslaglegging

Artikel 17

Audits, controles en toezicht

Artikel 18

Evaluatie

Artikel 19

Aanbesteding van goederen, werken en diensten

Artikel 20

Zichtbaarheid

Artikel 21

Bekendmaking van informatie over financieel intermediairs en eindontvangers

Artikel 22

Cessie

Artikel 23

Aansprakelijkheid

Artikel 24

Toepasselijk recht en rechtsgebied

Artikel 25

Inwerkingtreding — Beëindiging

Artikel 26

Kennisgevingen en mededelingen

Artikel 27

Wijzigingen en overige bepalingen

Artikel 28

Bijlagen

Bijlage 1

Modaliteiten voor het/de specifiek[e] loket[ten]

Bijlage 2

Uitsluitingscriteria voor financieel intermediairs en eindontvangers en subsidiabiliteitscriteria voor de EU-bijdrage [gedeeltelijk te verstrekken op grond van de specifieke financieringsovereenkomsten]

Bijlage 3

Betalingsverzoek [te verstrekken op grond van de specifieke financieringsovereenkomsten]

Bijlage 4

Richtsnoeren voor activabeheer [te verstrekken op grond van de specifieke financieringsovereenkomsten]

Bijlage 5

Verslaglegging van de operationele aspecten van het/de specifiek[e] loket[ten] [te verstrekken op grond van de specifieke financieringsovereenkomsten]

Bijlage 6

Verslaglegging van de operationele aspecten van het/de specifiek[e] loket[ten] [te verstrekken op grond van de specifieke financieringsovereenkomsten]

Deze overeenkomst werd op [] 2014 aangegaan door en tussen:

(1)

[Managementautoriteit van de lidstaat die deelneemt aan het kmo-initiatief] (de „managementautoriteit”), die voor de ondertekening van deze overeenkomst wordt vertegenwoordigd door [naam van de persoon], [functie],

en

(2)

het [Europees Investeringsfonds]/de [Europese Investeringsbank], [15, avenue J.F. Kennedy]/[98-100 boulevard Konrad Adenauer], [2968]/[2950] Luxemburg, Luxemburg (het „EIF”), dat voor de ondertekening van deze overeenkomst wordt vertegenwoordigd door [naam van de persoon], [functie]; hierna tezamen de „partijen” en afzonderlijke de „partij” genoemd, al naar gelang de context.

OVERWEGENDE HETGEEN VOLGT:

(1)

De Europese Investeringsbank (EIB) en de Europese Commissie hebben overeenkomstig de conclusies van de Europese Raad van 27 en 28 juni 2013 een ex-antebeoordeling uitgevoerd om vast te stellen waarin de markt voor financiële diensten tekortschiet en welke financieringsinstrumenten kmo's momenteel op pan-Europees niveau tot hun beschikking hebben (de „ex-antebeoordeling”), dit als bijdrage aan de gezamenlijke Europese inspanningen om de stagnerende kredietstroom richting kmo's weer op gang te brengen, de economische groei te stimuleren en versnippering op de interne markt wat betreft de toegang van kmo's tot krediet tegen te gaan (het „kmo-initiatief”).

(2)

De ex-antebeoordeling werd in december 2013 afgesloten en gaf een marktfalen te zien in de verstrekking van middelen aan levensvatbare kleine en middelgrote ondernemingen in [naam van de lidstaat] met een geschatte omvang van [] á [] miljoen EUR.

(3)

Op 17 december 2013 werd vastgesteld Verordening (EU) Nr. 1303/2013 van het Europees Parlement en de Raad 17 december 2013 houdende gemeenschappelijke bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds, het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling en het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij en algemene bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds en het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1083/2006 van de Raad (1) (de „VGB”).

(4)

Overeenkomstig artikel 38, lid 1, onder a) van de VGB mogen de managementautoriteiten een financiële bijdrage aan een financieringsinstrument verlenen op het niveau van de Unie; [naam van de lidstaat] mag overeenkomstig artikel 39, lid 2, van de VGB tot 7 % van de totale toewijzingen van het EFRO en Elfpo aanwenden als bijdrage aan dergelijke financieringsinstrumenten, die indirect beheerd worden door de Europese Commissie en waarvan de uitvoerende taak berust bij de EIB-Groep (EIB, als omschreven in artikel 2, lid 23, van de VGB, zijnde de Europese Investeringsbank, het Europees Investeringsfonds of een eventuele dochterinstelling van de Europese Investeringsbank) (de „EIB-Groep”) overeenkomstig artikel 58, lid 1, onder c), iii), en artikel 139, lid 4, van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 (2) (het Financieel Reglement), waar het gaat om [onbeperkte garanties ter verlening van capital relief aan financieel intermediairs voor nieuwe schuldfinancieringsportefeuilles voor subsidiabele kmo's overeenkomstig artikel 37, lid 4, van de VGB] EN/OF [securitisatie, als omschreven in punt 61 van artikel 4, lid 1, van Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende prudentiële vereisten voor kredietinstellingen en beleggingsondernemingen en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 (3), van [bestaande schuldfinancieringsportefeuilles voor kmo's en andere ondernemingen met minder dan 500 werknemers;] EN/OF [nieuwe schuldfinancieringsportefeuilles voor kmo's] (optie 2); [met samenvoeging van de LS-bijdrage en bijdragen van andere lidstaten (optie 3)].

(5)

De Europese Commissie heeft overeenkomstig Verordening (EU) nr. 1287/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 tot vaststelling van een programma voor het concurrentievermogen van ondernemingen en kleine en middelgrote ondernemingen (Cosme) (2014-2020) en tot intrekking van Besluit nr. 1639/2006/EG (4) (de „Cosme-verordening”) financieringsinstrumenten in het leven geroepen (de „Cosme-financieringsinstrumenten”) die bedoeld zijn om de toegang tot financiering voor kleine en middelgrote ondernemingen in hun start- en groeifase en in de overdrachtsfase te vergemakkelijken en te verbeteren en die een aanvulling zijn op het gebruik van financieringsinstrumenten voor kleine en middelgrote ondernemingen door de lidstaten op nationaal en regionaal niveau; als indicatieve bijdrage van de Europese Commissie aan de Cosme-financieringsinstrumenten in de periode 2014-2016 is een bedrag van ten hoogste [] miljoen EUR voorzien.

(6)

De Europese Commissie heeft overeenkomstig Verordening (EU) nr. 1291/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 tot vaststelling van Horizon 2020 — Het kaderprogramma voor onderzoek en innovatie (2014-2020) en tot intrekking van Besluit nr. 1982/2006/EG (5) en overeenkomstig Besluit 2013/743/EU van de Raad van 3 december 2013 tot vaststelling van het specifieke programma tot uitvoering van „Horizon 2020” — Het kaderprogramma voor onderzoek en innovatie (2014-2020) en tot intrekking van de Besluiten 2006/971/EG, 2006/972/EG, 2006/973/EG, 2006/974/EG en 2006/975/EG (6) (samen de „H2020-verordening”) financieringsinstrumenten in het leven geroepen (de „H2020-financieringsinstrumenten”) die erop gericht zijn de toegang tot risicofinanciering te vergemakkelijken voor eindontvangers die onderzoeks- of innovatieprojecten uitvoeren; als indicatieve bijdrage van de Europese Commissie aan de H2020-financieringsinstrumenten in de periode 2014-2016 is een bedrag van ten hoogste [] miljoen EUR voorzien.

(7)

Op [datum] [respectievelijk op [datum] hebben de Europese Commissie [, de EIB] en het EIF [een] delegatieovereenkomst[en] (de „delegatieovereenkomst[en]”) ondertekend, waarin zij onder andere, de voorwaarden omschrijven voor: i) de [Cosme-financieringsinstrumenten] EN/OF [H2020-financieringsinstrumenten] en met name voor de specifieke loketten samenhangend met verschillende op eigen en op vreemd vermogen gebaseerde financieringsproducten (met inbegrip van producten die bij het kmo-initiatief werden aangedragen) die ook open staan voor bijdragen van de lidstaten; ii) de bijdrage van de Europese Commissie aan dergelijke specifieke loketten van de [Cosme-financieringsinstrumenten] EN/OF [H2020-financieringsinstrumenten].

(8)

De partijen zijn bereid voor het kmo-initiatief samen te werken aan de verwezenlijking en het beheer van [een] specifiek[e] loket[ten] in samenhang met de LS-bijdrage aan de [Cosme-financieringsinstrumenten] [EN/OF] de [H2020-financieringsinstrumenten] (het/de „specifieke loket[ten]”) ter verstrekking van [onbeperkte garanties voor nieuwe schuldfinancieringsportefeuilles voor subsidiabele kmo's overeenkomstig artikel 37, lid 4 van de VGB (optie 1)] [EN/OF] [securitisatie, als omschreven in punt 61 van artikel 4, lid 1 van Verordening (EU) nr. 575/2013, van [bestaande schuldfinancieringsportefeuilles voor kmo's en andere ondernemingen met minder dan 500 werknemers;] [EN/OF] [nieuwe schuldfinancieringsportefeuilles voor kmo's (optie 2); [met samenvoeging van de LS-bijdrage en bijdragen van andere lidstaten (optie 3)].

(9)

Overeenkomstig artikel 39, lid 4, onder b) van de VGB heeft [naam van de lidstaat] op [hier datum invullen] 2014 bij de Commissie één specifiek nationaal programma voor zijn deelname aan het/de specifieke loket[ten] ingediend (het „ene specifieke nationale programma”). Op [hier datum invullen] 2014 is per Besluit C(2014) [] van de Europese Commissie het ene specifieke nationale programma goedgekeurd.

(10)

Overeenkomstig artikel 39 van de VGB dienen de voorwaarden voor deelname aan the kmo-initiatief vastgelegd te worden in een financieringsovereenkomst, gesloten tussen elke deelnemende lidstaat en de EIB-Groep.

(11)

Het/de specifieke loket[ten] zal/zullen verwezenlijkt worden als deel van een categorie van de [Cosme-financieringsinstrumenten] EN/OF [H2020-financieringsinstrumenten] behorend tot [NAAM VAN DE LIDSTAAT] (de „categorie”); aan de categorie zal tevens ten goede komen de EU-bijdrage, alsmede de EIF-bijdrage en eventuele eigen middelen van de EIB en andere investeerders, conform de voorwaarden van de delegatieovereenkomst[en] en van enige andere overeenkomst, gesloten tussen het EIF en relevante investeerders, indien van toepassing. Om een goede inschatting te kunnen maken van de omvang en de rol van de LS-bijdrage in de [Cosme-financieringsinstrumenten] EN/OF [H2020-financieringsinstrumenten] zijn de partijen voornemens een specifiek bestuur over het/de specifieke loket[ten] in te stellen dat onder andere zal omvatten een ad-hocraad van investeerders (de „raad van investeerders”) met een adviserende rol, en in aanvulling op de bepalingen van de delegatieovereenkomst[en] voor aangelegenheden die de LS-bijdragen betreffen.

(12)

Mede na kennisneming van de uitkomsten van de ex-antebeoordeling en van de beraadslagingen met betrokken instellingen en marktpartijen, bedoeld om de hoeveelheid aan het/de specifieke loket[ten] toe te wijzen publieke middelen te kunnen vaststellen, wordt/worden de/het specifieke loket[ten] gedoteerd met een indicatieve LS-bijdrage ten hoogte van [] miljoen EUR; als indicatieve EU-bijdrage in de periode 2014-2016 is een bedrag van ten hoogste [] miljoen EUR voorzien.

(13)

De opzet van het/de specifieke loket[ten] is in overeenstemming met de staatssteunregels van het recht van de Unie; [NAAM VAN DE LIDSTAAT] en het EIF erkennen dat de verwezenlijking van het/de specifieke loket[ten] in overeenstemming dient te zijn met Verordening (EU) nr. 1407/2013 van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de minimissteun (7) (de mininimisverordening), of Verordening (EU) nr. 1408/2013 van de Commissie van 18 december 2013 inzake de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de minimissteun in de landbouwsector (8), dan wel met de toepasselijke algemene groepsvrijstellingsverordening en dat voor het overige specifieke kwesties ter beoordeling aan de Europese Commissie voorgelegd dienen te worden.

(14)

De ondertekening van onderhavige financieringsovereenkomst namens de managementautoriteit is bekrachtigd bij wijze van een [door managementautoriteit te overleggen].

(15)

De ondertekening van onderhavige financieringsovereenkomst namens het EIF is bekrachtigd bij wijze van een [door EIF te overleggen],

zijn de partijen het volgende overeengekomen:

Artikel 1

Definities en uitlegging

1.1.

Overal waar de volgende begrippen in onderhavige overeenkomst worden gebruikt, hebben zij de volgende betekenis:

„Werkdag”

iedere werkdag waarop de openbare diensten van de managementautoriteit en het EIF geopend zijn in [vestigingsplaats in lidstaat] en Luxemburg;

„Verbintenisperiode”

de periode waarin [NAAM VAN DE LIDSTAAT] zijn LS-bijdrage uit de begroting van [NAAM VAN DE LIDSTAAT] toewijst aan het EIF voor gebruik in het/de specifieke loket[ten]. De verbintenisperiode loopt af op 31 december 2016;

„Categorie”

heeft de betekenis die er in overweging 11 aan is gegeven;

„Cosme-financierings-instrumenten”

heeft de betekenis die er in overweging 5 aan is gegeven;

„Cosme-verordening”

heeft de betekenis die er in overweging 5 aan is gegeven;

„VGB”

heeft de betekenis die er in overweging 3 aan is gegeven;

„Specifiek[e] loket[ten]”

heeft de betekenis die er in overweging 8 aan is gegeven;

„Specifiek-loket rekening[en]”

elke bijzondere rekening: i) door het EIF ten behoeve van de managementautoriteit op eigen naam bij een handelsbank geopend, en ii) overeenkomstig artikel 13 van onderhavige financieringsovereenkomst namens de managementautoriteit beheerd;

„Delegatieovereenkomst[en]”

heeft de betekenis die er in overweging 7 aan is gegeven;

„Aangewezen dienst”

de dienst van de Europese Commissie die belast is met het indirect beheer van de [Cosme-financieringsinstrumenten] [EN/OF] [H2020-financieringsinstrumenten]; voor de toepassing van deze financieringsovereenkomst respectievelijk het DG [ENTR EN/OF RTD] van de Europese Commissie of [een] opvolgerdienst[en] daarvan;

„Elfpo”

Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling;

„EIF”

heeft de betekenis die er in de preambule aan is gegeven;

„EIF-taken”

de taken die het EIF uit hoofde van deze financieringsovereenkomst heeft uit te voeren;

„EIF-bijdrage”

het totaal aan geldmiddelen vastgelegd door het EIF (met inbegrip van de voor de EIB beheerde, maar met uitsluiting van andere ESIF-middelen en middelen uit het Cosme- en het H2020-financieringsinstrument) ten bate van de categorie, zoals bepaald in artikel 12;

„EFRO”

Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling;

„EU-bijdrage”

het totaal aan door de Europese Commissie ten bate van de categorie vastgelegde of — in voorkomende gevallen — betaalde financiële middelen;

„Eurorekening”

een in euro luidende rekening die deel uitmaakt van de specifiek-loketrekening[en];

„Evaluatie”

iedere evaluatie of beoordeling als bedoeld in artikel 18 van een specifiek loket, met uitzondering van de evaluatie waarin bij artikel 57, lid 3, van de VGB wordt voorzien;

„Beëindigingsprocedure”

de procedure voor de verdeling van de liquidatieopbrengsten van het/de specifieke loket[ten] na beëindiging van deze financieringsovereenkomst en in het bijzonder: i) het opmaken van de balans op de specifiek-loketrekening[en] met betrekking tot de LS-bijdrage na aftrek van de toepasselijke beheerskosten en –vergoedingen; ii) de restitutie van het nettosaldo van de specifiek-loketrekening[en] aan de managementautoriteit, en iii) afsluiting van de specifiek-loketrekening[en] [De procedure wordt contractueel nader uitgewerkt];

„Eindontvanger”:

een kmo die door een transactie een nieuwe schuldfinanciering ontvangt;

„Financieel intermediair”

financiële entiteit zoals een bank, financiële instelling, fonds, verzekeringsmaatschappij, onderlinge waarborgmaatschappij, micro-kredietverstrekker, leasingmaatschappij en enige andere rechtspersoon of entiteit, door het EIF geselecteerd overeenkomstig de voorwaarden als omschreven in deze financieringsovereenkomst, met het oog op een concrete actie die tot doel heeft [een] specifiek[e] loket[ten] te verwezenlijken; om misverstanden uit te sluiten zij opgemerkt dat de definitie van financieel intermediair: i) tevens financiële entiteiten omvat die door een financieel intermediair zijn geselecteerd als financieel sub-intermediair, en ii) zich niet uitstrekt tot tegenpartijen die door het EIF zijn geselecteerd ten behoeve van het activabeheer door het EIF of, wat optie 2 in geval van een echte-verkoopsecuritisatie betreft, de begunstigde van de garantieovereenkomst;

„Financieel Reglement”

Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012, samen met de bijbehorende uitvoeringsvoorschriften uit de Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1268/2012 van de Commissie van 29 oktober 2012 houdende uitvoeringsvoorschriften voor Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie (9), die van tijd tot tijd kunnen worden gewijzigd, aangevuld of aangepast;

„Overmacht”

elke onvoorziene en uitzonderlijke situatie of gebeurtenis die plaatsvindt buiten de wil van de partijen om en niet te wijten is aan een fout of nalatigheid van een der partijen of van een onderaannemer, waardoor een der partijen een of meer contractuele verplichtingen niet kan nakomen, en waarvan de gevolgen ondanks alle passende en redelijkerwijs te verlangen inspanningen niet kunnen worden voorkomen. Elk verzuim bij de dienstverlening, gebreken in uitrusting of materiaal of vertraging bij de beschikbaarstelling daarvan, tenzij deze zelf rechtstreeks het gevolg zijn van een duidelijk geval van overmacht, alsmede arbeidsconflicten, stakingen of financiële moeilijkheden kunnen niet worden aangevoerd als gevallen van overmacht.

„Financieringsovereenkomst”

onderhavige overeenkomst, die van tijd tot tijd kan worden gewijzigd, aangevuld of aangepast;

„Garantieovereenkomst”

de operationele overeenkomst en, in geval van een echte-verkoopsecuritisatie bij optie 2, de garantieovereenkomst, gesloten tussen het EIF en een begunstigde in verband met een concrete actie;

„H2020-financierings-instrumenten”

heeft de betekenis die er in overweging 6 aan is gegeven;

„H2020-verordening”

heeft de betekenis die er in overweging 6 aan is gegeven;

„Uitvoeringsperiode”

de periode waarin het EIF enig deel van de LS-bijdrage aanwendt ten behoeve van concrete acties in het kader van het/de specifieke loket[ten]. De uitvoeringsperiode loopt af op 31 december 2016, met uitzondering van terugbetalingen en ontvangsten, die mogen worden aangewend tot de liquidatie van het/de specifieke loket[ten];

„Uitvoeringsstrategie”

het beleid van het EIF voor de toewijzing van concrete acties als omschreven in artikel 4.6;

„Interne controle”

een proces dat zich leent voor alle beheersniveaus en dat erop toegesneden is een redelijke zekerheid te verschaffen over het verwezenlijken van de volgende doelstellingen:

a)

doeltreffendheid, efficiëntie en zuinigheid van de verrichtingen;

b)

betrouwbaarheid van de verslaglegging;

c)

veiligstelling van vermogen en informatie;

d)

preventie, opsporing en correctie van fraude en onregelmatigheden en de naar aanleiding van deze fraude en onregelmatigheden genomen maatregelen;

e)

adequate beheersing van de risico's in verband met de wettigheid en regelmatigheid van de financiële verrichtingen, rekening houdend met het meerjarige karakter van de programma's en met de aard van de betrokken betalingen.

„Raad van investeerders”

de stuurgroep van het/de specifieke loket[ten] als omschreven in artikel 10;

„Hefboomeffect”

met betrekking tot deze financieringsovereenkomst: de verhouding tussen de via het/de specifieke loket[ten] aan eindontvangers te verstrekken nieuwe schuldfinanciering en de LS-bijdrage, dan wel, indien van toepassing op een specifieke operationele overeenkomst, de verhouding tussen de uit hoofde van deze operationele overeenkomst aan eindontvangers te verstrekken nieuwe schuldfinanciering en de daarmee samenhangende LS-bijdrage;

„Beheerskosten en -vergoedingen”

heeft de betekenis die daaraan in artikel 14 is gegeven;

„Managementautoriteit”

heeft de betekenis die er in de preambule aan is gegeven;

„Mijlpaal”

elk van de mijlpalen uit artikel 39, lid 5, van de VGB, als omschreven in artikel 7;

„LS-bijdrage”

de vastgelegde, dan wel de betaalde lidstaatbijdrage, of, in voorkomende gevallen, beide;

„Vastgelegde LS-bijdrage”

het totale bedrag aan vastleggingskredieten uit de begroting van het [operationeel programma van het EFRO] [en het Elfpo-programma voor plattelandsontwikkeling] voor het/de specifieke loket[ten];

„Betaalde LS-bijdrage”

het totale bedrag van alle middelen uit het [operationeel programma van het EFRO] [en het Elfpo-programma voor plattelandsontwikkeling], betaald door de managementautoriteit voor het/de specifieke loket[ten], met inbegrip van ontvangsten en terugbetalingen;

„Nieuwe schuldfinanciering”

de nieuwe leningen, leases of garanties die uiterlijk 31 december 2023 door de financieel intermediair aan eindontvangers worden verstrekt volgens de voorwaarden uit de operationele overeenkomsten;

„Niet-Eurorekening”

een rekening, deel uitmakend van de specifiek-loketrekening, waarvan het grootste deel in een andere munteenheid dan de euro luidt;

„OLAF”

Europees Bureau voor Fraudebestrijding;

„Concrete actie”

het geheel van acties ondernomen [door het EIF en een financieel intermediair] [ voor optie 1 ] EN/OF [door het EIF, een financieel intermediair en andere partijen] [ optie 2 ], als nader toegelicht in bijlage 1, die tot doel hebben het/de specifieke loket[ten] te verwezenlijken;

„Operationele overeenkomst”

de overeenkomst[en], gesloten tussen [het EIF en een financieel intermediair, waarin de voorwaarden voor een concrete actie worden vastgelegd] [ voor optie 1 ] EN/OF [het EIF en de financieel intermediair voor de totstandbrenging van nieuwe schuldfinanciering] [ optie 2 ];

„Optie 1”

heeft de betekenis die daaraan in artikel 5, i), is gegeven;

„Optie 2”

heeft de betekenis die daaraan in artikel 5, ii), is gegeven;

„Optie 3”

heeft de betekenis die daaraan in artikel 5, ii), is gegeven;

„Betalingsverzoek”

het betalingsverzoek waarnaar in artikel 11.3 wordt verwezen;

„Boeten”

de contractuele boeten als omschreven in artikel 7, overeenkomstig geldende wetgeving uit hoofde van een operationele overeenkomst te betalen door een financieel intermediair;

„Terugbetalingen”

bedragen die voortvloeien uit vrijgegeven garanties en bedragen die via het/de specifieke loket[ten] teruggevorderd zijn;

„Ontvangsten”

alle bedragen, met inbegrip van garantiepremies en rente op trustrekeningen, overgemaakt op de specifiek-loketrekening[en] behorend tot het/de specifiek[e] loket[ten], met inbegrip van eventueel uit een beëindigingsprocedure voortvloeiende bedragen;

„Secretariaat”

het secretariaat van de raad van investeerders als omschreven in artikel 10;

„Eén Specifiek Nationaal Programma”

heeft de betekenis die daaraan in overweging 9 is gegeven;

„kmo”

een micro- (inclusief eenmansbedrijven/zelfstandigen), kleine of middelgrote onderneming, als omschreven in Aanbeveling 2003/361/EG van de Commissie van 6 mei 2003 betreffende de definitie van kleine, middelgrote en micro-ondernemingen (10);

„kmo-initiatief”

heeft de betekenis die daaraan in overweging 1 is gegeven;

„Beëindigingsgebeurtenis”

elk van de gevallen waarnaar in artikel 25.5 wordt verwezen;

„Procedureel kader”

hieronder wordt verstaan de openbare procedure voor het indienen van blijken van belangstelling, ingesteld door het EIF;

„Transactie”

het afsluiten van een lening, lease of garantie door een financieel intermediair (of financieel sub-intermediair) enerzijds en een eindontvanger anderzijds, waarmee automatisch een nieuwe schuldfinanciering wordt gecreëerd;

„Activabeheer”

het beheer van kasmiddelen die bestaan uit betaalde LS-bijdragen, zoals nader omschreven in artikel 13;

„Embleem van de Unie”

het beeldmerk van de Europese Unie, bestaande uit twaalf gele sterren tegen een blauwe achtergrond.

1.2.

In deze overeenkomst en tenzij uit de context anders blijkt,

a)

zijn de kopjes boven de artikelen slechts gemakshalve aangebracht; zij zijn dus niet van invloed op de samenstelling of de uitleg van de bepalingen van deze financieringsovereenkomst;

b)

verwijzen woorden in het enkelvoud tevens naar het meervoud, en omgekeerd;

c)

is een verwijzing naar een artikel, lid, deel of schema een verwijzing naar dat artikel, lid, deel of schema in deze financieringsovereenkomst.

Artikel 2

Doel en reikwijdte van deze financieringsovereenkomst

2.1.

In deze financieringsovereenkomst worden de voorwaarden vastgesteld voor het gebruik van de LS-bijdrage in verband met de verwezenlijking van het/de specifieke loket[ten] door het EIF.

2.2.

De indicatieve hoogte van de LS-bijdrage aan het/de specifieke loket[ten] zal maximaal [] miljoen EUR belopen.

2.3.

De managementautoriteit machtigt hierbij het EIF tot het verwezenlijken en beheren van het/de specifieke loket[ten] voor wat de LS-bijdrage betreft, op naam van het EIF, ten behoeve en voor risico van de managementautoriteit, conform de bepalingen van de VGB en van deze financieringsovereenkomst.

Artikel 3

Subsidiabiliteits- en uitsluitingscriteria voor nieuwe schuldfinanciering

3.1.

Het EIF wendt de LS-bijdrage aan voor concrete acties die tot doel hebben binnen het kader van het/de specifieke loket[ten] nieuwe schuldfinanciering tot stand te brengen tot steun aan kmo's en gericht op:

de oprichting van nieuwe ondernemingen,

startkapitaal (te weten zaaikapitaal en aanloopkapitaal),

expansiekapitaal,

kapitaal ter versterking van de algemene bedrijfsactiviteiten, of

de verwezenlijking van nieuwe projecten, penetratie van nieuwe markten, of nieuwe ontwikkelingen door bestaande ondernemingen,

dit alles onverminderd toepasselijke staatssteunregels van de Unie en in overeenstemming met de voorschriften van het EFRO en het Elfpo, naar gelang van toepassing.

3.2.

Binnen de criteria als omschreven in artikel 3.1:

i)

kan/kunnen het/de specifieke loket[ten] investeringen in materiële en immateriële activa omvatten, alsmede bedrijfskapitaal, binnen de grenzen van de toepasselijke staatssteunregels van de Unie en als stimulans voor de private sector als verstrekker van financiële steun aan ondernemingen. De steun kan tevens de kosten omvatten van de overdracht, tussen onafhankelijke investeerders, van de eigendomsrechten op een onderneming;

ii)

draagt/dragen het/de specifieke loket[ten] bij aan investeringen die als financieel levensvatbaar gelden en die nog niet fysiek voltooid zijn of volledig ten uitvoer zijn gelegd op het moment van opneming in de nieuwe schuldfinanciering, en

iii)

steunt/steunen het/de specifieke loket[ten] eindontvangers die op het moment van steunverlening geacht worden economisch levensvatbaar te kunnen zijn met het oog op de doelen als omschreven in de VGB, de [Cosme-verordening] OF de [H2020-verordening], zoals verder kunnen worden uitgewerkt in deze financieringsovereenkomst.

[3.3]

[Het/de specifieke loket[ten] mag/mogen slechts bijdragen in werkkapitaal ten behoeve van en gebonden aan een nieuwe investering in de land- of bosbouwsector, voor een bedrag dat de 30 % van de totale transactiesom niet te boven gaat en dient/dienen daar desgewenst de financieel intermediair een overtuigende onderbouwing van te geven. Voor niet-landbouwactiviteiten zijn steunbijdragen aan het werkkapitaal niet toegestaan.] [ Dit lid is slechts van toepassing op specifieke loketten gefinancierd uit het Elfpo ]

3.4.

Financiële steun via het/de specifieke loket[ten] wordt verleend met inachtneming van de toepasselijke uitsluitingscriteria voor EU-bijdragen in de vorm van [de Cosme-financieringsinstrumenten] EN/OF [de H2020-financieringsinstrumenten], welke ter kennisneming staan vermeld in bijlage 2.

3.5.

Het is de partijen bekend dat op dat deel van de conform artikel 3.1 gecreëerde nieuwe schuldfinanciering dat correspondeert met een veelvoud daarvan in de EU-bijdrage in de vorm van [de Cosme-financieringsinstrumenten] EN/OF [de H2020-financieringsinstrumenten] de bepalingen van toepassing zijn die in de delegatieovereenkomst(en) inzake de EU-bijdrage zijn vastgelegd.

Artikel 4

Beginselen van toepassing op de verwezenlijking en het beheer van het/de specifieke loket[ten]

4.1.

Het EIF implementeert, beheert, controleert en liquideert het/de specifieke loket[ten] conform de financieringsovereenkomst, de toepasselijke bepalingen van de VGB, de delegatieovereenkomst(en), het Financieel Reglement en andere relevante EU-wetgeving, met name ten aanzien van staatssteun. Daarbij houdt het EIF zich aan zijn eigen regels, beleidslijnen en procedures, al dan niet in gewijzigde, aangepaste of aangevulde vorm, evenals aan goede praktijken in de sector en neemt het de, hieronder nader omschreven, geëigende controle- en beheersmaatregelen.

4.2.

Het EIF is verantwoordelijk voor de werving en indienstneming van personeelsleden en/of adviseurs, die zij uitvoeringstaken aangaande het/de specifieke loket[ten] toe kan wijzen, die voor de toepassing van deze financieringsovereenkomst onder de verantwoordelijkheid van het EIF vallen en die in alle opzichten gehouden zijn aan de regels, beleidslijnen en procedures die het EIF ten aanzien van zijn personeel en/of adviseurs hanteert.

4.3.

Het EIF komt zijn verplichtingen ten aanzien van het/de specifieke loket[ten], waarvan de bijzonderheden in deze financieringsovereenkomst vastgelegd zijn, met dezelfde professionele zorg, doelmatigheid, transparantie en stiptheid die het bij de afhandeling van zijn eigen zaken betracht.

4.4.

Een partij die met overmacht geconfronteerd wordt, brengt de andere partij daar onverwijld van op de hoogte, onder vermelding van de aard, vermoedelijke duur en te verwachten gevolgen ervan. De partijen ondernemen alle stappen die nodig zijn om de kosten en schade van overmacht te beperken of te minimaliseren.

4.5.

Het beheer en de verwezenlijking van het/de specifieke loket[ten] gebeurt op basis van het beginsel van onderlinge afstemming van belangen tussen de partijen. Wat het beginsel van de afstemming van belangen betreft, houdt het EIF zich aan de principes vervat in artikel 12 en bijlage 1.

4.6.

De toewijzing van concrete acties gebeurt op grond van de criteria die in de uitvoeringsstrategie genoemd worden. Het EIF legt zijn uitvoeringsstrategie binnen [3] maanden na ondertekening van deze financieringsovereenkomst voor aan de managementautoriteit en brengt deze onverwijld op de hoogte van enige wijziging in deze uitvoeringsstrategie.

4.7.

Uit de LS-bijdrage komen geen ongepaste voordelen voort, met name niet in de vorm van ongepaste dividenden of winstuitkeringen aan derden, anders in overeenstemming met deze financieringsovereenkomst.

4.8.

Er wordt via het/de specifieke loket[ten] geen financiële steun verstrekt aan enige financieel intermediair of eindontvanger die in een positie verkeert als genoemd in artikel 9.4 [deze voorwaarden zullen contractueel nader worden uitgewerkt].

Artikel 5

Doel en aard van het/de specifieke loket[ten]

Als nader uitgewerkt in bijlage 1 dekt/dekken het/de specifieke loket[ten] de financiële risico's van:

i)

nieuwe schuldfinancieringsportefeuilles door middel van onbeperkte garanties ter verlening van capital relief, die conform de relevante voorschriften aangaande kapitaalvereisten ten hoogste 80 % van elke afzonderlijke lening in de betrokken portefeuilles dekken („optie 1”), OF

ii)

[bestaande portefeuilles met leningen, leases of garanties verstrekt aan kmo's en andere ondernemingen met minder dan 500 werknemers] OF [nieuwe schuldfinancieringsportefeuilles] door middel van securitisatie, als omschreven in Verordening (EU) nr. 575/2013, artikel 4, lid 1, punt 61 („optie 2”) [met samenvoeging van de LS-bijdrage en bijdragen van andere lidstaten („optie 3”)].

Artikel 6

Territoriale dekking

De LS-bijdrage wordt uitsluitend aangewend met het doel nieuwe schuldfinanciering te creëren voor eindontvangers die staan ingeschreven en actief zijn op het grondgebied [van [NAAM VAN DE LIDSTAAT]], volgens de volgende verdeelsleutel: [][deze voorwaarden zullen contractueel nader worden uitgewerkt]].}

Artikel 7

Minimaal hefboomeffect, mijlpalen en boeten

7.1.

Het EIF zorgt ervoor dat in elke operationele overeenkomst bepalingen worden opgenomen die van financieel intermediairs verlangen de volgende mijlpalen te bereiken:

i)

dat het hefboomeffect aan het einde van een periode van [] maanden na ondertekening van de operationele overeenkomst niet kleiner zal zijn dan [];

ii)

mocht dit eerder het geval zijn, dat het hefboomeffect tussen de beëindigingsdatum van deze overeenkomst en 31 december 2023 niet kleiner zal zijn dan [].

7.2.

Het EIF geeft de managementautoriteit als onderdeel van het verslag waar in artikel 16.1 naar verwezen wordt schriftelijk bericht van het bereiken van een mijlpaal, voor of na de termijnen die in artikel 7.1 genoemd worden en voorziet de managementautoriteit van informatie over de omvang van de nieuwe schuldfinanciering op een wijze waarin deze overeenkomst voorziet.

7.3.

Elke operationele overeenkomst voorziet indicatief als volgt in boeten, op te leggen aan financieel intermediairs en uiteindelijk ten goede komend aan de managementautoriteit:

a)

ingeval de omvang van de nieuwe schuldfinanciering, door de financieel intermediair uit hoofde van de daarop betrekking hebbende operationele overeenkomst gecreëerd, kleiner is dan [A] % van de som aan nieuwe schuldfinanciering die daarin voor de mijlpaal in kwestie werd overeengekomen, een boete die gelijkstaat aan [X] % van het verschil tussen de overeengekomen en de gecreëerde nieuwe schuldfinanciering, of

b)

ingeval de omvang van de nieuwe schuldfinanciering, door de financieel intermediair uit hoofde van de daarop betrekking hebbende operationele overeenkomst gecreëerd, groter is dan [A] %, maar kleiner dan [B] % van de som aan nieuwe schuldfinanciering die daarin voor de mijlpaal in kwestie werd overeengekomen, een boete die gelijkstaat aan [Y] % van het verschil tussen de overeengekomen en de gecreëerde nieuwe schuldfinanciering.

Daarnaast geldt, voor [een] specifiek[e] loket[ten] bij optie 2, ingeval de financieel intermediair geen hefboomeffect bereikt dat ten minste gelijk is aan 1, een boete die gelijkstaat aan het verschil tussen enerzijds de betaalde LS-bijdrage in kwestie, toegewezen aan de concrete actie in kwestie, en anderzijds de betrokken som van de gerealiseerde nieuwe schuldfinanciering;

[nadere bijzonderheden over de omvang van boeten en de manier waarop deze opgelegd worden op het niveau van een afzonderlijke concrete actie zullen contractueel worden vastgelegd]

7.4.

De managementautoriteit verzekert dat de garantieovereenkomsten en de daarmee samenhangende concrete acties niet te lijden hebben van een geval waarin de betrokken financieel intermediair er niet in slaagt te voldoen aan de hefboomvereisten uit deze financieringsovereenkomst of de operationele overeenkomst in kwestie.

7.5.

De boete zal bestaan uit een eenmalige som voor elke concrete actie, door het EIF bij elke mijlpaal berekend, waarbij de meest recent berekende bedragen als genoemd in artikel 7.3 door de financieel intermediair conform de afzonderlijke operationele overeenkomsten zijn te voldoen aan het EIF op de vroegste van de volgende tijdstippen: (x) beëindiging van de operationele overeenkomst om redenen die aan de financieel intermediair te wijten zijn, of (y) het einde van de betrokken berekeningsperiode voor het creëren van nieuwe schuldfinanciering. Dit bedrag zal door het EIF worden betaald aan de managementautoriteit, zodra het dit van de financieel intermediair in kwestie ontvangen heeft. [Nadere voorwaarden kunnen indien nodig contractueel vastgelegd worden]

7.6.

[Volledigheidshalve zij opgemerkt dat de boeten gelden onverminderd de overige toepasselijke sancties of vergoedingen uit hoofde van de [Cosme-financieringsinstrumenten] OF [H2020-financieringsinstrumenten] alsmede de delegatieovereenkomsten ten aanzien van de respectievelijke EU-bijdrage].

Artikel 8

Taken en plichten van het EIF

8.1.

Het EIF streeft er na ondertekening van deze financieringsovereenkomst naar om de eerste operationele overeenkomst niet later dan [X] maanden na ondertekening van deze financieringsovereenkomst aan te gaan.

8.2.

Onverminderd de overige bepalingen van deze financieringsovereenkomst zal het EIF:

a)

voor de duur van deze financieringsovereenkomst elk specifiek loket verwezenlijken onder toepassing van een effectief internecontrolesysteem;

b)

de toepasselijke bepalingen en voorwaarden uit deze financieringsovereenkomst overnemen in de operationele overeenkomsten met financieel intermediairs en in het bijzonder de bepalingen aangaande het hefboomeffect, opgenomen in artikel 7;

c)

alle beslissingen nemen die nodig zijn om fondsen voor concrete acties vrij te maken en waar passend te annuleren, alsmede de raad van investeerders daarvan op de hoogte brengen;

d)

zich van al die rechtsinstrumenten voorzien die het naar het eigen professioneel inzicht dienstig acht voor de uitvoering, het beheer en indien nodig de beëindiging van de concrete acties;

e)

van de financieel intermediairs eisen dat zij elk ten onrechte aan hen betaalde bedrag restitueren op grond van de operationele overeenkomst;

f)

van de financieel intermediairs eisen dat zij op grond van de operationele overeenkomst gepaste stappen ondernemen ter invordering van enig bedrag dat de eindontvangers in kwestie uit hoofde van de betrokken transacties verschuldigd zijn;

g)

waar gepast en met recht op vergoeding van proceskosten conform artikel 14.9, processen voeren (waaronder begrepen, maar niet beperkt tot aanhangig maken, schikken en verdedigen) die betrekking hebben op enige concrete actie;

h)

de specifiek-loketrekening[en] laten openen, bijhouden en annuleren, debet- en creditboekingen doen op de specifiek-loketrekening[en] overeenkomstig de bepalingen van deze financieringsovereenkomst, alle betalingen doen waar deze financieringsovereenkomst in voorziet en voor het overige alle aan de specifiek-loketrekening[en] gerelateerde transacties uitvoeren die deze financieringsovereenkomst in aanmerking neemt;

i)

afzonderlijke grootboeken bijhouden en een zorgvuldige en nauwgezette administratie bijhouden van het gebruik dat van de LS-bijdrage gemaakt wordt;

j)

de noodzakelijke maatregelen treffen ter bescherming van persoonsgegevens waarover het EIF beschikt, zoals voorgeschreven in Verordening (EG) nr. 45/2001 van het Europees Parlement en de Raad van 18 december 2000 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door de communautaire instellingen en organen en betreffende het vrije verkeer van die gegevens (11), alsmede in de daarop volgende wijzigingen;

k)

er zorg voor dragen dat er contractuele bepalingen worden opgenomen in de operationele overeenkomsten voor het doorgeven van rentesubsidie die de financieel intermediairs zijn overeengekomen aan de eindontvangers, alsmede erop toe zien dat deze nageleefd worden;

l)

alle overige stappen ondernemen die het noodzakelijk acht voor de juiste verwezenlijking en het juiste beheer van het/de specifieke loket[ten] binnen de grenzen die in deze financieringsovereenkomst gesteld worden.

8.3.

Het EIF verbindt zich ertoe alle verplichtingen en taken voortvloeiend uit deze financieringsovereenkomst met de vereiste mate van professionele zorgvuldigheid na te komen en te vervullen en in het bijzonder:

a)

beroepsnormen en -praktijken te hanteren die niet ongunstiger zijn dan in zijn handelen voor eigen rekening, met inachtneming van de bepalingen uit deze financieringsovereenkomst;

b)

voldoende middelen vrij te maken om een juiste verwezenlijking en een juist beheer van het/de specifieke loket[ten] te waarborgen;

c)

te werven voor het/de specifieke loket[ten] en de managementautoriteit te helpen over het hele uitvoeringstraject tot aan de eindontvanger een brede bekendheid te geven aan de EU-steun, op nader in deze financieringsovereenkomst te bepalen wijze;

d)

geen andere lasten, pandrechten e.d. te vestigen op de gelden van de specifiek-loketrekening[en] dan die welke stilzwijgend voortvloeien uit de wet of gebruikelijk zijn in het bankwezen;

e)

het activabeheer van enige balans op de specifiek-loketrekening[en] te verzorgen conform artikel 13 van deze financieringsovereenkomst.

8.4.

[Voor alle duidelijkheid zij opgemerkt dat de taken en verplichtingen van het EIF uit hoofde van deze financieringsovereenkomst gelden onverminderd de overige verplichtingen die de [Cosme-] OF [H2020-delegatieovereenkomst[en]] het EIF opleggen].

Artikel 9

Keuze van financieel intermediairs en operationele overeenkomsten

9.1.

Het EIF kiest op eigen verantwoordelijkheid een of meer financieel intermediairs voor de verwezenlijking van het/de specifieke loket[ten] overeenkomstig de toepasselijke bepalingen van de [Cosme-] EN/OF [H2020-delegatieovereenkomst[en]]. [Nadere voorwaarden kunnen indien nodig contractueel vastgelegd worden]

9.2.

De financieel intermediairs met wie het EIF verkiest een operationele overeenkomst aan te gaan, worden op grond van EIF-beleidslijnen en -procedures geselecteerd via een openbare, transparante, evenredige en niet-discriminerende en objectieve selectieprocedure, onder vermijding van belangenverstrengeling, met inachtneming van de aard van het/de specifieke loket[ten] en van de ervaring en financiële deskundigheid van de financieel intermediair. De selectie van deze financieel intermediairs geschiedt op continue basis en aan de hand van een scoresysteem, waardoor op grond van specifieke criteria aan bepaalde financieel intermediairs de voorkeur kan worden gegeven.

9.3.

De operationele overeenkomsten die het EIF met financieel intermediairs sluit, zullen recht doen aan alle daarop betrekking hebbende verplichtingen die deze financieringsovereenkomst het EIF oplegt. Met name bevatten dergelijke operationele overeenkomsten bepalingen aangaande de aansprakelijkheid van financieel intermediairs wat boeten betreft.

9.4.

In de operationele overeenkomsten wordt voor de verwezenlijking van het/de specifieke loket[ten] van de selecteerde financieel intermediairs geëist teneinde:

a)

hun volledige medewerking te kunnen verlenen aan de bescherming van de financiële belangen van de Unie;

b)

het recht van de managementautoriteit ten volle gebruik te maken van haar bevoegdheden te waarborgen, dat zij:

c)

OLAF voorzien van alle faciliteiten, informatie en documentatie over de betrokken concrete acties die nodig zijn om het bureau ten volle gebruik te laten maken van zijn bevoegdheden tot het doen van onderzoek, met inbegrip van controles en inspecties ter plaatse, conform de voorschriften en procedures vervat in Verordening (EU, Euratom) nr. 883/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 september 2013 betreffende onderzoeken door het Europees Bureau voor fraudebestrijding (OLAF) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1073/1999 van het Europees Parlement en de Raad en Verordening (Euratom) nr. 1074/1999 van de Raad (12), Verordening (Euratom, EG) nr. 2185/96 van de Raad van 11 november 1996 betreffende de controles en verificaties ter plaatse die door de Commissie worden uitgevoerd ter bescherming van de financiële belangen van de Europese Gemeenschappen tegen fraudes en andere onregelmatigheden (13) en Verordening (EG, Euratom) nr. 2988/95 van de Raad van 18 december 1995 betreffende de bescherming van de financiële belangen van de Europese Gemeenschappen (14), ook in later eventueel aangepaste, gewijzigde of aangevulde vorm, ter bescherming van de financiële belangen van de Unie en met de bedoeling vast te stellen of er bij de schuldfinanciering via het/de specifieke loket[ten] al dan niet sprake is van fraude, corruptie of enige andere onwettige handeling ten nadele van de financiële belangen van de Unie;

d)

alle documentatie die betrekking heeft op de verwezenlijking van het/de specifieke loket[ten] voor een periode van zeven [7] jaar volgend op het einde van de uitvoeringsperiode, de beëindiging van de operationele overeenkomst dan wel de beëindiging van concrete acties, waarbij de langste van deze perioden van toepassing is, bewaren en te allen tijde kunnen overleggen;

e)

de Europese Rekenkamer toegang verschaffen tot alle faciliteiten en voorzien van alle informatie die hij nodig acht voor de uitvoering van zijn taken conform artikel 161 van het Financieel Reglement;

f)

zich houden aan de geldende normen en de toepasselijke wetgeving inzake het witwassen van geld en de bestrijding van terrorisme en belastingfraude;

g)

de bepalingen als vastgelegd in dit artikel 9.4 en artikel 9.5 welke van belang zijn voor de omgang met andere intermediairs en eindontvangers overnemen in hun overeenkomsten met dezen, met dien verstande dat financieel intermediairs en eindontvangers ten aanzien van artikel 9.5 een bewijs overleggen dat zij niet in een uitsluitingssituatie als omschreven in bijlage 2 verkeren;

h)

zich ertoe verbinden voor het uitvoeren van concrete acties geen enkele vergoeding van het EIF te vragen;

i)

voor elke transactie het bruto subsidie-equivalent als bedoeld in artikel 4, lid 2 van de de minimisverordening berekenen aan de hand van het berekeningsmodel als omschreven in bijlage 1 en de uitkomst ervan doorgeven aan het EIF, en

j)

het volledige bedrag aan staatssteun uit de baten van de LS-bijdrage overmaken aan de eindontvangers, op een in bijlage 1 nader omschreven wijze.

[Nadere voorwaarden worden contractueel vastgelegd]

9.5.

Financieel intermediairs die in een van de situaties genoemd in bijlage 2 verkeren, komen niet voor selectie in aanmerking.

9.6.

Voorafgaand aan de ondertekening van een operationele overeenkomst brengt het EIF de managementautoriteit schriftelijk op de hoogte van de voornaamste elementen van de betrokken concrete actie, die in de financieringsovereenkomst nader omschreven worden. [Nadere voorwaarden worden contractueel vastgelegd]. Het EIF brengt de managementautoriteit onverwijld op de hoogte van de ondertekening van een operationele overeenkomst.

9.7.

Het EIF brengt de managementautoriteit onverwijld schriftelijk op de hoogte van een gedeeltelijke opzegging, inhoudelijke wijziging of vervroegde beëindiging van een operationele overeenkomst, met opgave van de redenen daarvoor, op een nader in deze financieringsovereenkomst omschreven wijze. [Nadere voorwaarden worden contractueel vastgelegd]

Artikel 10

Bestuur

10.1.

Op de verwezenlijking van het/de specifieke loket[ten] door het EIF zal worden toegezien door een raad van investeerders (de „raad van investeerders”). De raad van investeerders bestaat uit [4] met de nodige volmachten beklede leden, benoemd door de managementautoriteit en deze vertegenwoordigend, [1] lid benoemd door het EIF, [1] waarnemer, benoemd door de EIB en [2] waarnemers, benoemd door de Europese Commissie.

10.2.

De raad van investeerders:

a)

keurt het procedureel kader goed en waar nodig ook enige wijziging of herziening daarvan en beoordeelt uitnodigingen tot het indienen van voorstellen die hem door het EIF voorafgaand aan publicatie worden voorgelegd;

b)

beoordeelt de voortgang bij het verwezenlijken van het/de specifieke loket[ten], met inbegrip van het bereiken van mijlpalen en de pijplijn voor nieuwe concrete acties;

c)

beoordeelt en verstrekt adviezen over de strategische en beleidsmatige aspecten van het/de specifieke loket[ten];

d)

geeft bij twijfel richtsnoeren voor de interpretatie van subsidiabiliteitscriteria als vervat in de artikelen 3.1 tot en met 3.4;

e)

beoordeelt de jaarverslagen van het/de specifieke loket[ten], als genoemd in artikel 16;

f)

beoordeelt het referentiekader voor evaluaties alsmede de evaluatieverslagen, voor zover aanwezig, van het/de specifieke loket[ten];

g)

beoordeelt voorgestelde wijzigingen in het/de specifieke loket[ten] naar aanleiding van evaluatieverslagen als bedoeld in artikel 18;

h)

stelt, indien gepast, wijzigingen in deze financieringsovereenkomst voor;

i)

[overige taken]. [Nadere voorwaarden kunnen indien nodig contractueel vastgelegd worden]

10.3.

De raad van investeerders neemt besluiten met eenparigheid van stemmen en ondermijnt in geen geval enig besluit aangaande de uitvoering van de algemene strategie van de [Cosme-financieringsinstrumenten] [EN/OF] [H2020-financieringsinstrumenten], genomen door een stuurgroep die bij delegatieovereenkomst tot stand is gekomen.

10.4.

De raad van investeerders kiest zijn voorzitter. De voorzitter is een vertegenwoordiger van de managementautoriteit.

De raad van investeerders wordt op verzoek van een of meer van zijn leden bijeengeroepen, maar vergadert ten minste [] keer per jaar. De vergaderingen van de raad van investeerders worden georganiseerd door het secretariaat.

10.5.

De raad van investeerders stelt zijn reglement vast na daarvoor van het secretariaat een ontwerp te hebben gekregen.

10.6.

Voor het bijwonen van vergaderingen van de raad van investeerders wordt geen vergoeding betaald. De organisatie die het lid heeft benoemd, draagt al diens reis- en andere kosten gemaakt voor het bijwonen van de vergaderingen van de raad van investeerders.

10.7.

Het EIF draagt conform deze financieringsovereenkomst zorg voor het secretariaat.

Het secretariaat neemt onder andere de volgende taken op zich:

a)

het organiseren van vergaderingen van de raad van investeerders, waaronder het opstellen en verspreiden van de vergaderstukken, agenda en notulen;

b)

alle overige taken [als omschreven in deze financieringsovereenkomst] of als opgedragen door de raad van investeerders;

c)

mededelingen en vragen over de activiteiten van de raad van investeerders worden via het secretariaat geleid.

Artikel 11

LS-bijdrage:

11.1.

De LS-bijdrage zal uitsluitend worden gebruikt in relatie tot het/de specifieke loket[ten] en concrete acties in het kader daarvan.

11.2.

Het EIF informeert de managementautoriteit ieder jaar uiterlijk op [X] over: i) de in behandeling zijnde concrete acties die in het lopende jaar naar verwachting worden ondertekend en het voorgenomen bedrag van de LS-bijdrage dat voor het lopende jaar wordt betaald; ii) het tijdschema voor de betalingen van de voorgenomen jaarlijkse LS-bijdrage tot aan het einde van de vastleggingsperiode, waaronder de relevante beheersvergoedingen; iii) eventuele nodig geachte wijzigingen voor de aangegeven LS-bijdrage die in het lopende jaar wordt uitgetrokken.

Het EIF verstrekt indien nodig ieder jaar uiterlijk op [X] herziene gegevens betreffende bovenstaande alinea aan de managementautoriteit.

11.3.

Na een zorgvuldigheidsonderzoek van de financieel intermediairs die in aanmerking komen voor selectie op grond van artikel 9, zal het EIF wanneer het dat nodig acht een betalingsverzoek zenden aan de managementautoriteit, in de vorm van bijlage 3 (het „betalingsverzoek”). Het betalingsverzoek bevat: i) de voorgestelde LS-bijdrage ter dekking van de vastleggingen op grond van garantieovereenkomsten die naar verwachting worden ondertekend binnen drie maanden na de datum van het betalingsverzoek; ii) een tijdschema voor de jaarlijkse betaling van de LS-bijdrage tot het einde van de vastleggingsperiode, in verband met de relevante concrete acties.

11.4.

Een betalingsverzoek kan een voorstel bevatten voor een LS-bijdrage van 100 % van het nodige bedrag ter dekking van de vastleggingen op grond van een garantieovereenkomst.

11.5.

Na ontvangst van een betalingsverzoek en afhankelijk van het beschikbare budget zal de managementautoriteit binnen een redelijke termijn en in ieder geval voordat het EIF een garantieovereenkomst ondertekent, een LS-bijdrage deponeren op de specifiek-loketrekening[en] die gelijk is aan de LS-bijdrage in het betalingsverzoek, en het EIF hierover inlichten.

11.6.

De managementautoriteit kan betaling van de LS-bijdrage op ieder moment opschorten door het EIF te informeren dat aan het betalingsverzoek niet kan worden voldaan omdat:

a)

enig aspect in materiële zin niet overeenkomt met de bepalingen van deze financieringsovereenkomst, of

b)

er ernstige twijfels bestaan over de aanvaardbaarheid van de beoogde onderliggende uitgaven, of

c)

de managementautoriteit informatie ontvangt over een aanzienlijk gebrek in de werking van het internecontrolesysteem of over een ernstige, niet herstelde onregelmatigheid in verband met de door het EIF gecertificeerde bedrag. In een dergelijk geval kan de managementautoriteit de betaling uitsluitend opschorten indien dat nodig is ter voorkoming van aanzienlijke schade aan zijn financiële belangen ten opzichte van de Uniebegroting.

Een dergelijke opschorting wordt naar behoren door de managementautoriteit onderbouwd en heeft geen terugwerkende kracht. Het EIF wordt zo spoedig mogelijk in kennis gesteld van een dergelijke opschorting, alsmede van de redenen daarvoor.

De opschorting treedt in werking op de datum waarop de managementautoriteit het EIF ervan in kennis stelt. De resterende betalingstermijn gaat opnieuw in op de datum waarop de gevraagde inlichtingen of de herziene documenten zijn ontvangen, of waarop de vereiste aanvullende verificaties, onder andere in de vorm van controles ter plaatse, zijn verricht.

Indien de opschorting langer duurt dan [twee] maanden, kan het EIF de managementautoriteit verzoeken om te beoordelen of de opschorting moet worden gehandhaafd.

Artikel 12

EIF-bijdrage

Het EIF zal de EIF-bijdrage doen aan de categorie volgens de in bijlage 1 vastgestelde voorwaarden.

Artikel 13

Specifiek-loketrekening[en] en activabeheer

13.1.

Het activabeheer van de specifiek-loketrekeningen wordt uitgevoerd door het EIF of een door het EIF aangewezen entiteit, na goedkeuring door de raad van investeerders en in overeenstemming met de richtsnoeren voor activabeheer in bijlage 4.

13.2.

Het EIF zal voor elk specifiek loket een specifiek-loketrekening openen en aanhouden [in relatie tot de middelen uit bijdragen van het operationeel programma van het EFRO, en een specifiek-loketrekening in relatie tot de middelen uit het Elfpo-programma voor plattelandsontwikkeling], in overeenstemming met het interne beleid en de procedures van het EIF.

13.3.

De LS-bijdrage aan het/de specifiek[e] loket[ten] wordt overgemaakt naar de specifiek-loketrekeningen in overeenstemming met artikel 11 van deze overeenkomst.

13.4.

De specifiek-loketrekeningen moeten boekhoudkundig gezien altijd en in alle opzichten gescheiden van andere EIF-middelen of -rekeningen worden gebruikt, verplicht gesteld of anderszins ingezet of beheerd. Alle transacties moeten zijn voorzien van een valutadatum.

13.5.

De specifiek-loketrekeningen mogen uitsluitend worden gebruikt voor transacties of specifieke acties in overeenstemming met deze financieringsovereenkomst.

13.6.

De activa worden beheerd in overeenstemming met EIF-beleid en -procedures, het beginsel van goed financieel beheer en de beginselen in bijlage 4. Dit vermogen wordt geïnvesteerd voor het risico van de managementautoriteit (ook wat betreft negatieve rente en activabeheerverliezen), op grond van een vooraf overeengekomen risicoprofiel en investeringsstrategie en indien van toepassing activabeheerrichtsnoeren in het formulier in bijlage 4.

13.7.

Het EIF brengt een vergoeding in rekening bij de managementautoriteit in overeenstemming met artikel 14, voor het activabeheer dat het EIF uitvoert of laat uitvoeren.

13.8.

Voor het beheer van de specifiek-loketrekening[en] opent het EIF een eurorekening en indien van toepassing een rekening in een andere munteenheid, voor specifieke acties die in een andere munteenheid dan de euro worden uitgevoerd.

13.9.

De specifiek-loketrekening[en] worden gecrediteerd met:

a)

de betaalde LS-bijdrage;

b)

terugbetalingen;

c)

inkomsten.

13.10.

De specifiek-loketrekeningen worden gedebiteerd met:

a)

voor specifieke acties vereiste bedragen;

b)

aan het EIF verschuldigde bedragen op grond van artikel 14;

c)

aan de managementautoriteit terugbetaalde bedragen op grond van de beëindigingsprocedure;

d)

voor activabeheer vereiste bedragen.

13.11.

De in artikel 13.10, onder c) bedoelde overschrijving wordt gedaan naar de volgende bankrekening van de managementautoriteit:

Naam [van de bank]:

[]

Adres [van de bank]:

[]

BIC:

[]

IBAN:

[]

Naam begunstigde:

[]

Adres begunstigde::

[]

BIC van de begunstigde:

[]

Referentie:

Terugbetaling van bedragen betreffende de beëindigingsprocedure van [acroniem van het/de specifiek[e] loket[ten] en mogelijke andere referentie invoegen].

13.12.

Met het oog op beëindiging van deze financieringsovereenkomst zoals bepaald in artikel 25 sluit het EIF de specifiek-loketrekening[en] en stelt het de managementautoriteit hiervan onverwijld op de hoogte.

13.13.

Het EIF gebruikt inkomsten en terugbetalingen binnen de doelstellingen van het/de specifiek[e] loket[ten], waaronder betaling van beheerskosten en -vergoedingen, en voert een administratie van het gebruik van inkomsten en terugbetalingen.

13.14.

[Indien van toepassing, en in ieder geval na het einde van de vastleggingsperiode, niet later dan [X] van ieder jaar, stelt het EIF de managementautoriteit op de hoogte van de vastgelegde LS-bijdrage die nog niet is overgemaakt naar de specifiek-loketrekening[en], en die niet langer nodig is voor de doeleinden van deze financieringsovereenkomst of enige garantieovereenkomst zoals elders in deze overeenkomst wordt bepaald [Nadere voorwaarden worden contractueel vastgelegd].]

13.15.

[Na het einde van de vastleggingsperiode en ingeval er geen resterende LS-bijdrage moet worden betaald, stelt het EIF jaarlijks, niet later dan op [X] van elk jaar, de managementautoriteit in kennis van de niet langer vereiste bedragen in verband met het/de specifiek[e] loket[ten] of enige garantieovereenkomst. De managementautoriteit kan op grond daarvan een debetnota zenden aan het EIF om het corresponderende bedrag terug te doen betalen ten gunste van de begroting van de managementautoriteit.]

Artikel 14

Beheerskosten en -vergoedingen

14.1.

De managementautoriteit betaalt het EIF voor zijn activiteiten door middel van: i) een beheersvergoeding; ii) een stimuleringspremie; iii) een activabeheervergoeding, en iv) een reservevergoeding voor onvoorziene kosten (gezamenlijk de „beheerskosten en -vergoedingen”), zoals verder in dit artikel aangegeven.

14.2.

De beheerskosten en -vergoedingen worden door het EIF gedebiteerd van de specifiek-loketrekening[en] na facturering aan en controle door, [contractueel nader vast te leggen] de managementautoriteit. Dit vormt de volledige vergoeding voor het EIF voor diens activiteiten. [Nadere voorwaarden kunnen indien nodig contractueel vastgelegd worden]

14.3.

De som van de beheersvergoeding en de stimuleringspremie bedraagt in geen geval meer dan 6 % van de vastgelegde LS-bijdrage, behalve in naar behoren gemotiveerde omstandigheden. Met inachtneming van de artikelen 14.6 en 14.7 bedraagt de stimuleringspremie niet minder dan een derde van de som van de beheersvergoeding en de stimuleringspremie.

Naast de beheersvergoeding en stimuleringspremie bedraagt de activabeheervergoeding meer dan [1] % [of anders aangegeven in de afzonderlijke financieringsovereenkomsten] van de vastgelegde LS-bijdrage. Voorts bedraagt de reservevergoeding niet meer dan [0,5] % [of anders aangegeven in de afzonderlijke financieringsovereenkomsten] van de vastgelegde LS-bijdrage.

14.4.

De beheersvergoeding vormt de totale vergoeding voor door het EIF gemaakte beheerskosten in verband met het/de specifiek[e] loket[ten], waaronder begrepen maar niet beperkt tot: marktonderzoek, marketing, productontwikkeling, voorlichtingsactiviteiten, onderhandeling, toezicht, aanpassingen aan IT-systemen, juridische kosten, reiskosten, belastingadvies, bancaire kosten, onderaanneming, boekhouding en verslaglegging, toezicht en controle, secretariaat, eventuele evaluaties, interne en externe boekhoudkundige controle, zichtbaarheid en publiciteit. Er wordt rekening gehouden met aan financieel intermediairs berekende kosten. [Indien nodig kunnen nadere voorwaarden contractueel vastgelegd worden.]

14.5.

Met inachtneming van de in artikel 14.3 aangegeven plafonds zal de beheersvergoeding als volgt aan het EIF worden uitbetaald:

1.

Het eerste deel van de beheersvergoeding is gekoppeld aan de realisatie van het/de specifiek[e] loket[ten] en is gelijk aan [2] % van de betaalde LS-bijdrage. Dit bedrag wordt aan het EIF betaald bij ondertekening van de eerste operationele overeenkomst. [dergelijke voorwaarden worden contractueel nader vastgelegd]

2.

Het resterende deel van de beheersvergoeding is gekoppeld aan de tenuitvoerlegging, het beheer, het toezicht en de liquidatie van het/de specifiek[e] loket[ten] en wordt jaarlijks achteraf betaald [Indien nodig kunnen nadere voorwaarden contractueel vastgelegd worden].

14.6.

De stimuleringspremie beloont het EIF voor financiële en beleidsgerelateerde prestaties van het/de specifiek[e] loket[ten].

14.7.

Met inachtneming van het plafond in artikel 14.3 wordt de stimuleringspremie aan het EIF betaald op basis van prestatie-indicatoren, met name het bereikte hefboomeffect in overeenstemming met de in artikel 7 vastgestelde mijlpalen. [Dergelijke voorwaarden worden contractueel verder aangegeven]. De stimuleringspremie wordt jaarlijks achteraf uitbetaald.

14.8.

De activabeheervergoeding wordt aangewend voor activabeheersactiviteiten.

14.9.

De reservevergoeding wordt aangewend voor onvoorziene uitgaven zoals voor geschillen. Betaling voor onvoorziene uitgaven moet vooraf worden goedgekeurd door de managementautoriteit. [Nadere voorwaarden worden contractueel vastgelegd].

14.10.

De beheerskosten en -vergoedingen worden in eerste instantie gedekt door inkomsten en terugbetalingen. Indien de inkomsten en terugbetalingen onvoldoende zijn, zal het tekort worden aangevuld uit de betaalde LS-bijdrage, in overeenstemming met de in dit artikel bepaalde regels. Afgezien van het bovenstaande zal de managementautoriteit het EIF belonen voor de EIF-activiteit na 31 december 2023 met in de financieringsovereenkomst verder aangegeven vergoedingen, afzonderlijk van de beheerskosten en -vergoedingen. [Nadere voorwaarden worden contractueel vastgelegd]

Artikel 15

Boekhouding

15.1.

Het EIF gebruikt gescheiden specifiek-loketrekening[en] voor de aan ieder financieel instrument gerelateerde activiteiten, in overeenstemming met de regels en procedures van het EIF.

15.2.

Financiële transacties en de afschriften met betrekking tot een specifiek loket worden vastgesteld in overeenstemming met:

a)

de regels en procedures van het EIF die op het bewuste specifieke loket van toepassing zijn,

en

b)

de boekhoudregels van de Unie, vastgesteld door de rekenplichtige van de Europese Commissie op grond van de normen van de raad voor internationale boekhoudkundige normen in de publieke sector (International Public Sector Accounting Standards, IPSAS), die van tijd tot tijd kunnen worden gewijzigd en voorafgaand meegedeeld door de Europese Commissie aan het EIF op grond van de voorwaarden van de delegatieovereenkomst(en) [Indien nodig kunnen nadere voorwaarden contractueel worden vastgelegd].

15.3.

Het EIF houdt tot zeven (7) jaar na het einde van de uitvoeringsperiode of beëindiging van deze financieringsovereenkomst, of na afsluiting van de activiteiten op grond van een financieel instrument indien dat langer is, financiële en boekhoudkundige documenten bij betreffende de betaalde LS-bijdrage.

15.4.

Het EIF doet de gecontroleerde boekhouding van een specifiek loket jaarlijks aan de managementautoriteit toekomen.

Artikel 16

Operationele en financiële verslaglegging

16.1.

Het EIF brengt met een overeen te komen frequentie verslag uit aan de managementautoriteit [Nadere voorwaarden worden contractueel vastgelegd] betreffende de operationele aspecten van het/de specifiek[e] loket[ten] in overeenstemming met bijlage 5, te weten:

a)

vaststelling van het ene specifieke nationale programma en van de prioriteit of maatregel op grond waarvan de LS-bijdrage wordt verschaft;

b)

beschrijving van het/de specifiek[e] loket[ten] en tenuitvoerleggingsregelingen;

c)

identiteit van de financiële tussenpersonen;

d)

totaalbedrag van betaalde LS-bijdrage per prioriteit of maatregel op grond van het ene specifieke nationale programma;

e)

totaalbedrag van de nieuwe schuldfinanciering die in het relevante kwartaal is ontstaan en tot heden;

f)

totaalbedrag van beheerskosten en -vergoedingen;

g)

de prestaties van het/de specifiek[e] loket[ten], waaronder voortgang bij de verwezenlijking ervan en bij de selectie van financieel intermediairs;

h)

totaalbedrag van verzamelde terugbetalingen en inkomsten;

i)

voortgang met betrekking tot de hefboomwerking;

j)

bijdrage van het/de specifiek[e] loket[ten] aan het bereiken van de indicatoren van de betreffende prioriteit of maatregel binnen het ene specifieke nationale programma;

k)

aantal eindontvangers (totaal en per concrete activiteit);

l)

bruto subsidie-equivalent voor iedere transactie.

[Nadere voorwaarden worden contractueel vastgelegd]

16.2.

Het EIF brengt verslag uit aan de managementautoriteit betreffende de financiële aspecten van het/de specifiek[e] loket[ten] in de in artikel 16.1 genoemde frequentie, in overeenstemming met bijlage 6. [Nadere voorwaarden worden contractueel vastgelegd]

16.3.

Het EIF zendt ieder jaar uiterlijk op [] een jaarverslag met alle verzamelde gegevens betreffende de operationele en financiële aspecten van het/de specifiek[e] loket[ten] sinds de instelling ervan. Dit jaarverslag wordt onverwijld aan de raad van investeerders voorgelegd ter beoordeling. [Nadere voorwaarden worden contractueel vastgelegd].

Het EIF zal de managementautoriteit regelmatige controleverslagen zenden van de externe auditors die zijn aangewezen in de financieringsovereenkomst, in de vorm van een management letter. [Nadere voorwaarden worden contractueel vastgelegd]

De partijen kunnen daarnaast indien nodig aanvullende verslagleggingsmaatregelen overeenkomen in verband met de concrete activiteiten. [Verdere voorwaarden kunnen contractueel worden aangegeven]

16.4.

De in artikel 16.1 en 16.2 genoemde relevante verslagleggingsvereisten worden gebaseerd op de van tijd tot tijd door het EIF verzamelde informatie op grond van de relevante verslagleggingsverplichtingen in de operationele overeenkomsten tussen het EIF en de financieel intermediairs die het/de specifiek[e] loket[ten] ten uitvoer leggen. In de operationele overeenkomst moeten de financieel intermediairs worden verplicht om dergelijke informatie aan het EIF te verstrekken. [Nadere voorwaarden worden contractueel vastgelegd]

16.5.

De aan de managementautoriteit voorgelegde verslagen worden uitgedrukt in euro. Deze verslagen kunnen worden afgeleid uit afschriften in andere munteenheden, met inachtneming van de vereisten van het EIF. Indien nodig worden de bedragen omgezet in euro. Tenzij anders aangegeven in deze financieringsovereenkomst, worden bedragen in een andere munteenheid dan de euro die door een partij aan de andere worden gemeld, omgezet in euro tegen de op de relevante verslagleggingsdatum geldende wisselkoers, zoals vastgesteld door de Europese Centrale Bank.

Artikel 17

Audits, controles en toezicht

17.1.

In overeenstemming met de van toepassing zijnde Uniewetgeving zullen de Rekenkamer en de Europese Commissie bevoegd zijn om de tenuitvoerlegging van het/de specifiek[e] loket[ten] te controleren.

17.2.

Het EIF verricht controles van de tenuitvoerlegging van het/de specifiek[e] loket[ten] in overeenstemming met zijn regels, beleid en procedures en met deze financieringsovereenkomst, waaronder, indien van toepassing, controles ter plaatse van representatieve en/of op risico gebaseerde steekproeven van transacties, om te waarborgen dat het/de specifiek[e] loket[ten] doeltreffend en correct worden verwezenlijkt en in orde zijn, onder andere om onregelmatigheden en fraude te voorkomen en te corrigeren.

17.3.

Bij vermoeden van fraude, corruptie of andere illegale activiteiten die de financiële belangen van de Unie aantast, stelt het EIF onmiddellijk OLAF op de hoogte en kan het in nauwe samenwerking met OLAF passende voorzorgsmaatregelen treffen, waaronder maatregelen voor het veiligstellen van bewijs. In geval van onregelmatigheden met betrekking tot de LS-bijdrage zal het EIF de managementautoriteit onmiddellijk inlichten en alle noodzakelijke maatregelen treffen, waaronder juridische maatregelen, om eventuele verschuldigde bedragen terug te vorderen in overeenstemming met de bepalingen van de operationele overeenkomst en in lijn met bijlage 1, en teruggevorderde bedragen direct retourneren naar de specifiek-loketrekening[en].

17.4.

Het EIF houdt toezicht op de tenuitvoerlegging van het/de specifiek[e] loket[ten] aan de hand van de verslagen en/of afschriften van de financieel intermediairs, de beschikbare interne en externe controles en eventuele controles die door hen of het EIF zijn uitgevoerd, waaronder een analyse van de aard en reikwijdte van fouten en zwakke punten die in de systemen zijn vastgesteld, met de getroffen of voorziene corrigerende maatregelen. Het EIF brengt verslag uit aan de managementautoriteit over de materiële resultaten van dergelijke activiteiten.

17.5.

Het toezicht van het EIF op de tenuitvoerlegging van het/de specifiek[e] loket[ten] is erop gericht om de managementautoriteit in staat te stellen om vast te stellen: i) of het interne controlesysteem doelmatig en doeltreffend is; ii) of de LS-bijdrage is gebruikt in overeenstemming met de relevante wettelijke en contractuele bepalingen en, iii) in welke mate er voortgang is geboekt richting de beleidsdoelstellingen, zoals weergegeven in de relevante output- en resultaatindicatoren.

17.6.

De managementautoriteit kan controle en toezicht uitoefenen op de tenuitvoerlegging van het/de specifiek[e] loket[ten] via haar lidmaatschap van de raad van investeerders, aan de hand van de gecontroleerde financiële gegevens die het EIF op grond van artikel 15.4 heeft verstrekt.

17.7.

OLAF kan onderzoek uitvoeren, waaronder controles ter plaatse en inspecties, in overeenstemming met de bepalingen en procedures van Verordening (EU, Euratom) nr. 883/2013, Verordening (Euratom, EG) nr. 2185/96 en Verordening (EG, Euratom) nr. 2988/95, die van tijd tot tijd kunnen worden gewijzigd, aangevuld of aangepast, ter bescherming van de financiële belangen van de Unie, teneinde vast te stellen of er sprake is geweest van fraude, corruptie of enige andere onrechtmatige activiteit die de financiële belangen van de Unie schaadt, in verband met enige financieringsactiviteit onder het/de specifiek[e] loket[ten].

Artikel 18

Evaluatie

18.1.

Partijen kunnen overeenkomen dat de uitvoering van de financieringsovereenkomst wordt geëvalueerd onder hier nader bepaalde voorwaarden. [Nadere voorwaarden kunnen contractueel worden vastgesteld].

18.2.

Het EIF schrijft voor dat financieel intermediairs in elke operationele overeenkomst aan het EIF informatie verstrekken die in hun bezit is en redelijkerwijs vereist is voor een door de Europese Commissie op grond van artikel 57, lid 3, VGB uit te voeren evaluatie.

Artikel 19

Aanbesteding van goederen, werken en diensten

19.1.

De aanbesteding van goederen, werken of diensten door het EIF in verband met het/de specifiek[e] loket[ten] geschiedt overeenkomstig de toepasselijke door het EIF vastgestelde regels en procedures met inachtneming van de beginselen van transparantie, evenredigheid, gelijke behandeling, grootste economische voordeel, vermijding van belangenverstrengeling en non-discriminatie bij het plaatsen van opdrachten, mits uitbesteding, rekening houdend met kosten en duur, niet leidt tot hogere kosten dan bij rechtstreekse uitvoering door het EIF zelf. Voor alle duidelijkheid: met dergelijke uitbesteding wordt niet verwezen naar de selectie van financieel intermediairs op grond van artikel 9.

19.2.

Kandidaten en inschrijvers die zijn opgenomen in de centrale gegevensbank van uitsluitingen die door de Europese Commissie is opgericht en wordt beheerd overeenkomstig Verordening (EG, Euratom) nr. 1302/2008 van de Commissie van 17 december 2008 over de centrale gegevensbank van uitsluitingen (15) ten behoeve van het beheer van specifieke loketten, komen niet in aanmerking.

Artikel 20

Zichtbaarheid

20.1.

Het EIF neemt alle passende maatregelen die in deze financieringsovereenkomst zijn voorzien om bekendheid te geven aan het feit dat het/de specifiek[e] loket[ten] medegefinancierd worden door het [EFRO] OF [Elfpo], en om de bepalingen op te nemen die voorschrijven dat de vereisten op grond van dit artikel ook in de desbetreffende overeenkomsten worden opgenomen ten aanzien van financieel intermediairs en eindontvangers. [Nadere voorwaarden worden contractueel vastgelegd]

20.2.

Het EIF verlangt dat in de informatie die aan de pers, de belanghebbenden, de financieel intermediairs en de eindontvangers van het/de specifiek[e] loket[ten] wordt verstrekt, wordt bevestigd dat het/de specifiek[e] loket[ten] is/zijn verwezenlijkt „met subsidie van de Europese Unie” (in de toepasselijke taal van de Unie) en op passende wijze het embleem van de Unie (twaalf gele sterren op een blauwe achtergrond) wordt afgebeeld overeenkomstig de voorschriften van de delegatieovereenkomst(en).

20.3.

Het EIF verlangt dat de financieel intermediair de in deze financieringsovereenkomst uiteengezette informatie-, marketing- en publiciteitscampagnes uitvoert [Nadere voorwaarden worden contractueel vastgesteld] op het grondgebied van [NAAM VAN LIDSTAAT] met de bedoeling bekendheid te geven aan het/de specifiek[e] loket[ten] binnen dat grondgebied, en er daarbij op toeziet dat alle documenten betreffende de steun die via het/de specifiek[e] loket[ten] wordt verleend, een verklaring bevatten dat de transactie profiteert van steun van de Europese Unie uit hoofde van het „[kmo-initiatief], een specifiek loket gesubsidieerd door de Europese Unie op grond van het [EFRO] OF [Elfpo], [Cosme] EN/OF [Horizon 2020]”.

20.4.

De grootte en de plaatsing van de verklaring en het embleem van de Unie zijn zodanig dat deze elementen duidelijk zichtbaar zijn en geen verwarring scheppen over de aard van de activiteit van het EIF en de toepassing van de voorrechten en immuniteiten van het EIF op het/de specifiek[e] loket[ten].

20.5.

Alle publicaties van het EIF die specifiek betrekking hebben op het/de specifiek[e] loket[ten], in welke vorm of via welk medium dan ook, bevatten de volgende of een soortgelijke verklaring in de relevante taal van de Unie: „Dit document is tot stand gekomen met financiële steun van de Europese Unie. De inhoud van dit document komt niet noodzakelijk overeen met het officiële standpunt van de Europese Unie.”.

20.6.

De managementautoriteit neemt alle passende maatregelen om bekendheid te geven aan het feit dat het/de specifiek[e] loket[ten] medegefinancierd worden door het EIF en, indien van toepassing, de EIB. Informatie die aan de pers, de belanghebbenden, de financieel intermediairs en de eindontvangers wordt verstrekt, en alle bijbehorende publiciteitsmaterialen, officiële mededelingen, verslagen, publicaties en online aanwezige informatie bevatten de bevestiging dat het/de specifiek[e] loket[ten] mede tot stand kwamen „met subsidie van het Europees Investeringsfonds [en de Europese Investeringsbank]” (in de relevante taal van de Unie) en zijn op passende wijze voorzien van het logo van het EIF en, indien van toepassing, het logo van de EIB.

20.7.

Behoudens toepasselijke vertrouwelijkheidsvoorschriften stelt het EIF na de eerste ondertekening van een operationele overeenkomst onverwijld een persbericht in de Engelse taal op, dat wordt gepubliceerd op de website van het EIF. Het EIF beslist over de inhoud van het persbericht.

20.8.

Partijen overleggen met elkaar over voortgangs- en statusverslagen, publicaties, persberichten en actualiseringen ter zake van deze financieringsovereenkomst voordat deze worden uitgegeven of gepubliceerd en doen dergelijke documenten aan elkaar toekomen wanneer ze worden uitgegeven.

20.9.

Het EIF neemt in elke operationele overeenkomst de voorschriften van de desbetreffende delegatieovereenkomsten over de bekendheid bij financieel intermediairs van de door de Europese Unie geboden ondersteuning op.

Artikel 21

Bekendmaking van informatie over financieel intermediairs

21.1.

Het EIF maakt jaarlijks de namen van de op grond van het/de specifiek[e] loket[ten] ondersteunde financieel intermediairs bekend overeenkomstig de bepalingen van de delegatieovereenkomst(en).

21.2.

Bij de bekendmakingscriteria en de mate van gedetailleerdheid van de bekendmaking wordt rekening gehouden met de specifieke omstandigheden van de financiële sector en de aard van het/de specifiek[e] loket[ten]; tevens is de bekendmaking in overeenstemming met de specifieke regels van het EFRO en het Elfpo, voor zover van toepassing.

Artikel 22

Cessie

Geen van beide partijen draagt enige rechten of verplichtingen op grond van deze financieringsovereenkomst geheel of gedeeltelijk over aan derden zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de andere partij.

Artikel 23

Aansprakelijkheid

23.1.

Het EIF is er jegens de managementautoriteit verantwoordelijk voor dat het zijn taken en plichten op grond van deze financieringsovereenkomst met professionele zorg en toewijding vervult en is jegens de managementautoriteit aansprakelijk voor schade als gevolg van wanbeheer of grove nalatigheid van zijn kant.

[23.2.

Ten aanzien van de tenuitvoerlegging van deze financieringsovereenkomst komen de managementautoriteit en het EIF contractuele beschermingsmiddelen overeen met betrekking tot door het EIF geleden verliezen, schade of letsel.]

23.3.

Een partij die wordt geconfronteerd met overmacht wordt niet geacht haar verplichtingen op grond van deze financieringsovereenkomst te hebben verzaakt indien zij die verplichtingen niet heeft kunnen vervullen door overmacht.

Artikel 24

Toepasselijk recht en rechtsgebied

24.1.

Deze financieringsovereenkomst is onderworpen aan en opgesteld volgens het recht van [Contractueel vast te stellen], ongeacht toepasselijke collisierechtelijke beginselen.

24.2.

Partijen streven ernaar alle geschillen of klachten met betrekking tot de interpretatie, toepassing of uitvoering van deze financieringsovereenkomst, met inbegrip van het bestaan, de geldigheid of beëindiging ervan, minnelijk te schikken.

24.3.

Bij gebreke van een minnelijke schikking komen partijen overeen dat uitsluitend [bevoegde rechterlijke instanties contractueel vast te stellen] bevoegd zijn geschillen in verband met deze financieringsovereenkomst te beslechten.

Artikel 25

Inwerkingtreding en beëindiging

25.1.

Deze financieringsovereenkomst treedt in werking bij ondertekening door partijen en blijft van kracht tot en met [31 december 2023] of, als dit eerder is, tot het optreden van een beëindigingsgebeurtenis die niet ongedaan is gemaakt als bepaald in artikel 25.5.

25.2.

Uiterlijk [6] maanden voor [31 december 2023] overleggen partijen met elkaar over verlenging van deze financieringsovereenkomst met een volgende termijn.

25.3.

Indien een of meer operationele overeenkomsten en/of, afhankelijk van de situatie, garantieovereenkomsten nog van kracht zijn op [31 december 2023], wordt deze financieringsovereenkomst met instemming van partijen verlengd. Bij gebreke van dergelijke instemming blijft deze financieringsovereenkomst uitsluitend van kracht met betrekking tot daadwerkelijke of voorwaardelijke verplichtingen of risicoposities op grond van een concrete actie totdat die verplichtingen of risicoposities zijn afgeschreven of totdat is vastgesteld dat ze oninbaar zijn en elke toepasselijke verjaringstermijn is afgelopen.

25.4.

Gedurende de looptijd van deze financieringsovereenkomst kan elk van beide partijen deze financieringsovereenkomst te allen tijde met onmiddellijke ingang beëindigen door de andere partij mede te delen dat een beëindigingsgebeurtenis heeft plaatsgevonden.

25.5.

Voor een beëindigingsgebeurtenis bestaan de volgende gronden:

i)

de managementautoriteit kan mededeling doen van een beëindigingsgebeurtenis:

a)

indien het EIF de operationele overeenkomst met betrekking tot de hoogte van de LS-bijdrage die is opgenomen in een betalingsverzoek, niet ondertekent binnen drie maanden na de datum van een dergelijk betalingsverzoek, of

b)

indien het EIF niet voldoet aan enige materiële verplichting op grond van deze overeenkomst, of

c)

indien het EIF de eerste operationele overeenkomst niet ondertekent binnen de in artikel 8.2 bepaalde termijn;

in alle gevallen, mits de managementautoriteit een waarschuwing aan het EIF heeft gezonden met de mededeling dat een mogelijke beëindigingsgebeurtenis heeft plaatsgevonden en het EIF deze niet heeft hersteld binnen een termijn van (60) dagen vanaf de ontvangstdatum van de kennisgeving, en

ii)

het EIF kan mededeling doen van een beëindigingsgebeurtenis:

a)

indien de managementautoriteit, onverminderd het bepaalde in artikel 11, niet zonder onredelijke vertraging de LS-bijdrage ten belope van de in een betalingsverzoek gespecificeerde LS-bijdrage stort op de rekeningen van het/de specifiek[e] loket[ten], of

b)

indien de managementautoriteit niet voldoet aan enige materiële verplichting op grond van deze overeenkomst,

in alle gevallen mits het EIF een waarschuwing aan de managementautoriteit heeft gezonden met de mededeling dat een mogelijke beëindigingsgebeurtenis heeft plaatsgevonden en de managementautoriteit deze niet heeft hersteld binnen een termijn van 60 (zestig) dagen vanaf de ontvangstdatum van de waarschuwing.

25.6.

Onverminderd artikel 25.9 is het EIF in geval van beëindiging van deze overeenkomt met ingang van de beëindigingsdatum ontheven van elke verplichting tot uitvoering van de EIF-activiteit. Beheerskosten en -vergoedingen waarop het EIF recht heeft in verband met perioden voorafgaande aan de beëindigingsdatum, vervallen en zijn verschuldigd per die datum. [Indien nodig kunnen nadere voorwaarden contractueel worden vastgesteld, met inbegrip van mogelijke aanpassingen van eventuele verschuldigde beheerskosten en -vergoedingen bij voortijdige beëindiging van deze financieringsovereenkomst]

25.7.

De door een partij in verband met een beëindigingsgebeurtenis gemaakte kosten zijn voor rekening van de partij die aansprakelijk is voor het optreden van die beëindigingsgebeurtenis.

25.8.

Na afloop of beëindiging van deze financieringsovereenkomst wordt het nettosaldo van de LS-bijdrage die is gestort op de specifiek-loketrekening[en], terugbetaald aan de managementautoriteit in het kader van de beëindigingsprocedure. Alle door het EIF in verband met een dergelijke terugbetaling gemaakte kosten zijn voor rekening van de managementautoriteit en worden in mindering gebracht op de terug te betalen LS-bijdrage, tenzij de terugbetaling plaatsvindt na beëindiging van deze financieringsovereenkomst als gevolg van een beëindigingsgebeurtenis die door de managementautoriteit is meegedeeld.

25.9.

De beëindiging of afloop van deze financieringsovereenkomst heeft geen gevolgen voor de rechten en verplichtingen van partijen die voortkomen uit of bestaan ten tijde van die beëindiging of afloop, waaronder begrepen maar niet beperkt tot de rechten en verplichtingen van elk der partijen met betrekking tot betalingsverplichtingen. Na afloop of beëindiging van deze overeenkomst blijft deze financieringsovereenkomst van kracht met betrekking tot daadwerkelijke of voorwaardelijke verplichtingen of risicoposities op grond van een concrete actie totdat die verplichtingen of risicoposities zijn afgeschreven of totdat is vastgesteld dat ze oninbaar zijn en elke toepasselijke verjaringstermijn is verlopen; meer in het bijzonder heeft het EIF het recht zodanige bedragen aan te houden als op grond van deze overeenkomst of een operationele overeenkomst vereist kunnen zijn voor de betaling van daarvoor verschuldigde bedragen of de vervulling van uitstaande of voorwaardelijke verplichtingen op grond van uitstaande concrete acties.

25.10.

Wanneer het EIF in overleg met de Europese Commissie vaststelt dat er in de totale minimumbijdrage aan het/de specifiek[e] loket[ten], dat wil zeggen de som van de bijdrage van elk der deelnemende lidstaten van de Europese Unie, onvoldoende rekening is gehouden met de minimale kritische massa als gedefinieerd in the ex-antebeoordeling, kan het de managementautoriteit meedelen dat een beëindigingsgebeurtenis heeft plaatsgevonden.

25.11.

De bepalingen van de artikelen 23 (Aansprakelijkheid), 24 (Toepasselijk recht en rechtsgebied), 25 (Inwerkingtreding en beëindiging) en 26 (Kennisgevingen en mededelingen) blijven van kracht na beëindiging of afloop van deze financieringsovereenkomst.

25.12.

In geval van liquidatie van de [Cosme-financieringsinstrumenten] EN/OF [H2020-financieringsinstrumenten] komen partijen overeen hoe de LS-bijdrage zal worden aangewend.

Artikel 26

Kennisgevingen en mededelingen

26.1.

Kennisgevingen en mededelingen van de ene aan de andere partij in verband met deze financieringsovereenkomst worden schriftelijk op papier of op elektronische wijze verzonden volgens de bepalingen in de leden 2 en 3 van dit artikel met gebruikmaking van de volgende adresgegevens.

 

Voor de managementautoriteit:

[in te vullen].

 

Voor het EIF:

Europees Investeringsfonds

[Dienst in te vullen]

15, Avenue J.F. Kennedy

2968 Luxembourg (Groothertogdom Luxemburg)

Contact: [in te vullen]

Functioneel e-mailadres: [in te vullen]

26.2.

Een wijziging in bovenstaande adresgegevens is pas geldig nadat de andere partij daarvan schriftelijk op papier of op elektronische wijze in kennis is gesteld.

26.3.

Kennisgevingen en mededelingen worden geacht naar behoren te zijn gedaan wanneer [in te vullen].

Artikel 27

Wijzigingen en overige bepalingen

27.1.

Voor elke aanvulling, afwijking of aanpassing van deze financieringsovereenkomst is een schriftelijk, door elk van beide partijen naar behoren ondertekend instrument vereist, waarin de datum van inwerkingtreding is vastgesteld.

27.2.

De afstand- of respijtverklaring van een partij met betrekking tot een of meer gevallen van uitvoering van een bepaling van deze financieringsovereenkomst wordt niet opgevat als het doen van afstand van de rechten van die partij op toekomstige uitvoering van een dergelijke bepaling, en de verplichting van de andere partij met betrekking tot een dergelijke toekomstige uitvoering blijft onverkort van kracht.

Artikel 28

Bijlagen

De overwegingen en de volgende bijlagen vormen een integraal onderdeel van deze financieringsovereenkomst:

Bijlage 1

:

Modaliteiten voor het/de specifiek[e] loket[ten]

Instrument voor onbeperkte garantie (optie 1)

Instrument voor securitisatie (optie 2)

Bijlage 2

:

Uitsluitingscriteria voor financieel intermediairs en eindontvangers en subsidiabiliteitscriteria voor de EU-bijdrage [gedeeltelijk te verstrekken op grond van de specifieke financieringsovereenkomsten]

Bijlage 3

:

Betalingsverzoek [te verstrekken op grond van de specifieke financieringsovereenkomsten]

Bijlage 4

:

Richtsnoeren voor activabeheer [te verstrekken op grond van de specifieke financieringsovereenkomsten]

Bijlage 5

:

Verslaglegging van de operationele aspecten van het/de specifiek[e] loket[ten] [te verstrekken op grond van de specifieke financieringsovereenkomsten]

Bijlage 6

:

Verslaglegging van de financiële aspecten van het/de specifiek[e] loket[ten] [te verstrekken op grond van de specifieke financieringsovereenkomsten]

BIJLAGE 1

INSTRUMENT VOOR ONBEPERKTE GARANTIE  (16)

Kmo-initiatief — optie 1

INSTRUMENT VOOR ONBEPERKTE GARANTIE IN HET KADER VAN HET KMO-INITIATIEF — OPTIE 1

Dit instrument voorziet in het gebruik van door het EIF verstrekte onbeperkte garanties tot dekking van het kredietrisico van leningen, leases of garanties aan kleine en middelgrote ondernemingen. Het instrument voor onbeperkte garantie in het kader van het kmo-initiatief is gebaseerd op risicobehoud op verschillende niveaus door middel van EU-middelen (Cosme en/of Horizon 2020), EFRO/Elfpo, in combinatie met middelen van de EIB-Groep en mogelijk nationale stimuleringsbanken en garantieregelingen.

Met het instrument voor onbeperkte garantie in het kader van het kmo-initiatief verstrekt het EIF onbeperkte garanties tot overeengekomen maximumbedragen. Om de nodige afstemming van belangen te waarborgen („skin in the game”), houden de oorspronkelijke financiële instellingen een materieel belang in hun respectieve gegarandeerde portefeuilles aan in de vorm van een economische risicopositie van bijvoorbeeld 20 % per gegarandeerde lening.

De financieel intermediairs ontvangen individueel een onbeperkte garantie van het EIF tegen betaling van een garantievergoeding. Het hieruit voortvloeiende hogere portefeuillerisico wordt gedekt door een combinatie van de LS-bijdrage en/of middelen van Cosme of Horizon 2020. Het hieruit voortvloeiende lagere portefeuillerisico wordt tot overeengekomen maximumbedragen aangehouden met een combinatie van middelen van de EIB-groep en mogelijk nationale stimuleringsbanken en garantieregelingen. Een dergelijke risico-overdracht zonder kapitaaldekking, die de gedeeltelijke overdracht van kredietrisico aan derden mogelijk maakt zonder dat de portefeuille met vermogensbestanddelen feitelijk van de balans van de financiële instelling wordt verwijderd, biedt de oorspronkelijke financiële instelling de gelegenheid om, indien haalbaar, toetsingsvermogen beschikbaar te maken. Bij een dergelijke actie dienen de wettelijke voorschriften van het betrokken land in aanmerking te worden genomen.

De initiëring en het onderzoeken, documenteren en aflossen van de portefeuille bestaande uit subsidiabele lening-, lease- of garantietransacties voor kleine en middelgrote ondernemingen worden door de financieel intermediairs uitgevoerd overeenkomstig hun gebruikelijke procedures ter zake. De financieel intermediair (of sub-financieel intermediair in het geval van contragaranties) behoudt de rechtstreekse kredietrelatie met elke eindontvanger. De financieel intermediair verschaft periodiek informatie over de portefeuille aan het EIF en het EIF geeft dienovereenkomstig alle relevante informatie door aan de risicodragers overeenkomstig de relevante overeenkomsten.

De financieel intermediair maakt aan de kleine en middelgrote ondernemingen de volledige uitgekeerde staatssteun over, zoals gedefinieerd in de indicatieve voorwaarden en volgens de hierna onder 5 en 6 gespecificeerde formule. Bovendien worden de impliciete kosten (reputatierisico, financieel risico, administratief risico, risico in verband met de tenuitvoerlegging van de categorie (17)) van de financieel intermediair geacht elk voordeel met betrekking tot staatsmiddelen (de LS-bijdrage) te compenseren en aldus te waarborgen dat de financieel intermediair geen profijt heeft van onrechtmatige steun.

Tenzij uitdrukkelijk anders is bepaald, hebben gedefinieerde termen in bijlage 1 dezelfde betekenis als de dienovereenkomstige gedefinieerde termen op grond van deze modelfinancieringsovereenkomst.

Indicatieve voorwaarden van onbeperkte garanties uit hoofde van optie 1

1.

Hoofdkenmerken

 

Toepassingsgebied van het financieringsinstrument

De financieel intermediair initieert een portefeuille van nieuwe schuldfinanciering (onderworpen aan een minimaal hefboomeffect), waarvoor hij een onbeperkte portefeuillegarantie ontvangt (in de vorm van directe, tegen- of medegaranties) van het EIF in ruil voor de betaling van een garantievergoeding.

Het EIF treedt op als de dagelijkse beheerder van het financieringsinstrument die de bijdrage van de lidstaat, de EU-bijdrage (d.w.z. bijdragen uit hoofde van [de Cosme-verordening] EN/OF [de Horizon 2020-verordening], de bijdragen van het EIF en het door de EIB en mogelijkerwijs nationale stimuleringsbanken genomen kredietrisico beheert.

Garantie

De garantie wordt verstrekt door het EIF aan de financieel intermediair in ruil voor een garantievergoeding. De garantie dekt een deel (tot het garantiepercentage) van het kredietrisico dat is verbonden aan een portefeuille van onderliggende nieuwe schuldfinanciering (de „portefeuille”).

Garantiepercentage

Tot 80 % van elke afzonderlijke transactie in de portefeuille, zodat de financieel intermediair een wezenlijk economisch belang in de portefeuille houdt, dat gelijk is aan ten minste 20 % van de economische blootstelling aan de portefeuille, teneinde een adequate afstemming van de verschillende belangen te waarborgen.

Opzet

De garantie dekt, tot het garantiepercentage, de niet aan de financieel intermediair betaalde bedragen met betrekking tot elke in de portefeuille opgenomen subsidiabele transactie waarbij een partij in gebreke is gebleven.

De bijdrage van de lidstaat wordt gebruikt om het hoogste risico van de portefeuille te dekken, tot een percentage dat wordt bepaald met inachtneming van het multipliereffect voor de LS-bijdrage zoals overeengekomen in de financieringsovereenkomst. Dit kan er doorgaans in resulteren dat 100 % van dat bedrag wordt geabsorbeerd voor de dekking van de nettoverliezen in de portefeuille.

Het op één na meest risicovolle deel van de portefeuille wordt gedekt door een combinatie van middelen van het EIF, de EU-begroting en de managementautoriteit. Het resterende risico van de portefeuille wordt gedekt door een combinatie van middelen van de EIB-groep en mogelijkerwijs nationale stimuleringsbanken en nationale garantieregelingen.

De door de verschillende risiconemers verstrekte middelen worden op een zodanig niveau vastgesteld dat het risico verenigbaar is met de risicotolerantie van de EIB-groep en andere potentiële risiconemers.

Elke portefeuille heeft voldoende homogeniteit en voldoende pooldiversificatie om het EIF in staat te stellen een rating toe te kennen op basis van zijn risicobeoordelingsmethode.

Onbetaald gebleven bedragen

Dit begrip heeft betrekking op niet aan de financieel intermediair betaalde aflossingen van de hoofdsom en rente in verband met in de portefeuille opgenomen transacties waarbij een partij in gebreke is gebleven.

2.

Portefeuille

 

Beschikbaarheidsperiode

Het EIF en de financieel intermediair zullen een beschikbaarheidsperiode overeenkomen (die doorgaans maximaal drie jaar bedraagt) waarin transacties kunnen worden opgenomen in de portefeuille.

In aanmerking komende eindontvangers

De eindontvangers moeten voldoen aan de subsidiabiliteitscriteria van de artikel 37, lid 4, en artikel  39 van de VGB, evenals aan specifieke subsidiabiliteitscriteria van de EFRO- en de Elfpo-verordening.

Subsidiabiliteitscriteria van Cosme

Zie bijlage 2.

Subsidiabiliteitscriteria van Horizon 2020

Zie bijlage 2.

Uitsluitingsproces

Indien een transactie niet voldoet aan een subsidiabiliteitscriterium, wordt deze transactie uitgesloten van de portefeuille (en mag de transactie niet worden gedekt door de garantie). In bepaalde beperkte omstandigheden en bij de tenuitvoerlegging van de eisen van artikel 39, lid 2, onder a), van de VGB, kan de vaststelling of deze niet-naleving binnen de controle van de financieel intermediair valt resulteren in een voortgezette dekking door de garantie.

Vereisten inzake het hefboomeffect voor de LS-bijdragen

Het hefboomeffect wordt berekend als de totale nieuwe schuldfinanciering aan in aanmerking komende eindontvangers gedeeld door de LS-bijdrage. Het minimale hefboomeffect moet ten minste [X] keer de totale bijdrage van de lidstaat bedragen.

Vereisten inzake het minimale hefboomeffect van de bijdrage uit Cosme

Gegeven de bijdrage uit hoofde van de Cosme-verordening, indien van toepassing, moet een volume van nieuwe schuldfinanciering voor in aanmerking komende eindontvangers overeenkomstig de hefboomvereisten zoals vastgelegd in de Cosme-rechtsbasis en de delegatieovereenkomst ook voldoen aan de subsidiabiliteitscriteria van de Cosme-verordening.

Vereisten inzake het minimale hefboomeffect van de bijdrage uit Horizon 2020

Gegeven de bijdrage uit hoofde van de Horizon 2020-verordening, indien van toepassing, moet een volume van nieuwe schuldfinanciering voor in aanmerking komende eindontvangers overeenkomstig de hefboomvereisten zoals vastgelegd in de Horizon 2020-rechtsbasis en de delegatieovereenkomst ook voldoen aan de subsidiabiliteitscriteria van de Horizon 2020-verordening.

3.

Prijsstelling

 

Garantievergoeding

Het EIF brengt de financieel intermediair een garantievergoeding in rekening in verband met de in de portefeuille opgenomen transacties.

De garantievergoeding, uitgedrukt als [X] % per jaar, zal op kwartaalbasis worden berekend over het uitstaande bedrag van de portefeuille

Prijsstelling van de LS-bijdrage

De LS-bijdrage wordt vastgesteld op een niveau dat evenredig is aan het risico dat wordt genomen, met uitzondering van de dekking van het meest risicovolle deel van de portefeuille, dat op nul zal worden vastgesteld (d.w.z. dat de bijdrage van de lidstaat kosteloos zal worden verstrekt).

4.

Diversen

 

Boeten

Zie artikel 7.

Verslaglegging

Zie bijlage 5.

Toezicht en controle

Zie artikel 17.

5.

Overdracht van voordeel

 

Overdracht van voordeel

Het EIF beoordeelt het mechanisme voor de overdracht van het voordeel aan de eindontvangers. Dat mechanisme wordt opgenomen in het proces voor de selectie van financieel intermediairs en maakt deel uit van het definitieve besluit van het EIF over het al dan niet sluiten van een garantieovereenkomst, en zo ja onder welke voorwaarden. De overdracht van voordeel wordt toegepast voor het deel van de nieuwe schuldfinanciering dat wordt gedekt door de garantie, op het standaardrentetarief dat ten laste gaat van de eindontvangers via een vermindering van de kredietrisico-/garantiepremie. Deze overdracht wordt dienovereenkomstig gedocumenteerd.

Totale voordeel

Het totale voordeel wordt vastgesteld voor het deel van de lening dat wordt gedekt door de garantie als de verlaging van het rentetarief of de garantievergoeding, al naar gelang wat van toepassing is, dat of die door de financieel intermediair in rekening wordt gebracht aan de eindontvangers, rekening houdend met het aangegane onderliggende kredietrisico en het effect en de kosten van de garantie. Aangezien de financieel intermediair geen beloning/financiering van het EIF ontvangt, concentreert de beoordeling van het totale voordeel zich uitsluitend op de kredietrisicopremie. De financieel intermediair houdt bij de berekening van de nieuwe kredietrisico-/garantiepremie voor elke lening of garantie rekening met de kosten van de garantie (de garantievergoeding).

Het totale voordeel wordt berekend volgens de volgende formule:

Totale voordeel = standaardkrediet/garantierisicopremie — garantievergoeding

6.

Staatssteun

 

Staatssteunvoordeel

Het staatssteunvoordeel voor het deel van de lening dat door de garantie wordt gedekt, is een percentage van het totale voordeel dat evenredig is aan de LS-bijdrage (18) in de portefeuille van nieuwe schuldfinanciering en wordt berekend volgens de volgende formule:

Staatssteunvoordeel = totale voordeel * % van de bijdrage van de lidstaat aan de garantie (het gegarandeerde deel van de portefeuille van nieuwe schuldfinanciering).

Het staatssteunvoordeel wordt volledig door de financieel intermediair overgedragen aan de eindontvanger.

Berekening van het bruto-subsidie-equivalent

Op het niveau van de eindontvangers wordt het staatssteunvoordeel geacht een rentesubsidie te zijn in de zin van artikel 4, lid 2, van de de minimisverordening.

Het bruto-subsidie-equivalent wordt berekend volgens de volgende formule:

Bruto-subsidie-equivalent = bedrag van de gegarandeerde lening (19) * looptijd (gewogen gemiddelde levensduur) van de lening (garantie) (20) * staatssteunvoordeel

De financieel intermediair berekent het bruto-subsidie-equivalent voor elke afzonderlijke lening (garantie) (20) in de portefeuille van nieuwe schuldfinanciering en deelt dit mee aan het EIF. In alle gevallen kan het bruto-subsidie-equivalent niet hoger zijn dan de in de de minimisverordening vastgestelde drempel.

Staatssteunboetes

Het EIF brengt de financieel intermediair een staatssteunboete in rekening indien het staatssteunvoordeel niet volledig wordt overgedragen aan de eindontvanger.

SECURITISATIE-INSTRUMENT

Kmo-initiatief — optie 2

SECURITISATIE-INSTRUMENT VAN HET KMO-INITIATIEF

Dit instrument voorziet in het gebruik van door kmo-leningen, -leases of -garanties gedekte securitisatietransacties waarbij via EU-middelen (uit hoofde van Cosme en/of Horizon 2020) en middelen van het EFRO/Elfpo, samen met middelen van de EIB-groep en potentieel van nationale stimuleringsbanken, nationale garantieregelingen en andere institutionele investeerders, wordt ingeschreven op bepaalde bedragen met verschillende risiconiveaus of deze worden gegarandeerd.

In een securitisatie-instrument wordt een portefeuille van voor kmo's beschikbare financieringsinstrumenten gebruikt als onderpand voor verhandelbare effecten (tranches) die zijn gediversifieerd op basis van het risiconiveau.

Ook ongefinancierde regelingen voor de overdracht van risico (synthetische securitisatie) behoren tot de mogelijkheden. Deze regelingen maken de overdracht van kredietrisico aan derden mogelijk zonder dat de portefeuille van activa daadwerkelijk uit de balans van de bank wordt verwijderd, waardoor de initiërende bank de mogelijkheid heeft om een regulerende capital relief te realiseren. Bij dergelijke concrete acties moet rekening worden gehouden met de wettelijke kapitaalvereisten van het betrokken land.

Het securitisatie-instrument zal een significant deel van de onderliggende in aanmerking komende schuldfinancieringsportefeuille garanderen op basis van een verbintenis van de betrokken financieel intermediair om een additionele portefeuille te creëren, ook door als gevolg van de securitisatietransactie vrijgekomen middelen te gebruiken voor nieuwe kmo-financiering.

In het kader van het securitisatie-instrument van het kmo-initiatief schrijven het EIF en de EIB in op, of garanderen ze (mogelijk samen met nationale stimuleringsbanken, nationale garantieregelingen en andere institutionele investeerders), bepaalde tranches tot overeengekomen maximumbedragen. De initiërende financiële instellingen behouden een materieel belang in de transactie, zoals een adequaat aandeel (minimaal 50 %) van de achtergestelde tranche en een adequate blootstelling aan elke bij investeerders geplaatste tranche, of soortgelijke regelingen, om voor de noodzakelijke afstemming van belangen („skin in de game”) te zorgen en te voldoen aan de risicobehoudvereiste als bedoeld in Richtlijn 2013/36/EU en Verordening (EU) nr. 575/2013.

De rating van de niet-achtergestelde en mezzanine tranches is verenigbaar met de risicotolerantie van de EIB-groep en potentieel die van nationale stimuleringsbanken, nationale garantieregelingen en andere derde institutionele investeerders die mogelijk ook in de niet-achtergestelde tranches van deze securitisaties investeren en daardoor het hefboomeffect van de vastgestelde begrotingsmiddelen vergroten.

Op achtergestelde en mezzanine tranches die niet door de initiator worden behouden, wordt ingeschreven via een combinatie van middelen van het EFRO/Elfpo, middelen uit hoofde van Cosme/Horizon 2020 en eigen middelen van het EIF.

Managementautoriteiten die bereid zijn om aan een garantieregeling deel te nemen (via het EIF, waarbij het risico echter bij de bijdragen uit de ESI-fondsen ligt) garanderen/investeren in maximaal 50 % van de achtergestelde tranche.

De initiëring, het boekenonderzoek („due diligence”), de documentatie en de verschuldigde betalingen in het kader van de gesecuritiseerde portefeuille, bestaande uit kmo-leningen, leases of garanties aan kmo's en ondernemingen met minder dan vijfhonderd werknemers, worden uitgevoerd door de financieel intermediairs in overeenstemming met hun gebruikelijke procedures inzake initiëringen en verschuldigde bedragen. De financieel intermediairs houden de directe kredietrelatie met elke kmo-klant doorgaans in stand. De financieel intermediairs zullen elk kwartaal informatie verstrekken over zowel de gesecuritiseerde portefeuille als de additionele portefeuille (nieuw geïnitieerde kmo-financiering) aan respectievelijk de EIB en het EIF totdat de securitisatietransactie wordt beëindigd.

Indicatieve voorwaarden van de securitisatie

1.

Algemene termen

 

Toepassingsgebied van het financieringsinstrument

Door activa te securitiseren, pogen financieel intermediairs toetsingsvermogen en economisch kapitaal vrij te maken en/of nieuwe financieringsbronnen aan te boren die de financieel intermediair in staat stellen om nieuwe schuldfinanciering voor in aanmerking komende eindontvangers te initiëren (om een additionele portefeuille op te bouwen).

De financieel intermediair zal een garantie/investering van het EIF ontvangen om de gesecuritiseerde portefeuille te dekken in ruil voor de betaling van een vergoeding en zal zich ertoe verbinden een portefeuille van nieuwe schuldfinanciering te initiëren (onderworpen aan een minimaal hefboomeffect).

Het EIF treedt op als de dagelijkse beheerder van het financieringsinstrument die de bijdrage van de lidstaat, de EU-bijdrage (d.w.z. bijdragen uit hoofde van [de Cosme-verordening] EN/OF [de Horizon 2020-verordening], de bijdrage van het EIF en het van de EIB en potentieel van nationale stimuleringsbanken overgenomen kredietrisico beheert.

Transactiestructuur

Zowel daadwerkelijk betaalde als synthetische („ongefinancierde”) securitisaties zijn toegestaan.

Een daadwerkelijk betaalde securitisatie is een transactie in verband waarmee een initiator (de financieel intermediair) activa securitiseert door ze in de gesecuritiseerde portefeuille te bundelen en de gesecuritiseerde portefeuille te verkopen aan een speciaal voor dat doel opgerichte entiteit (special purpose entity — „SPE”). De SPE financiert de aankoop van de gesecuritiseerde portefeuille door middel van de uitgifte van door deze activa gedekte notes (asset-backed securities — „ABS”). De opbrengsten van de uitgifte van deze notes worden door de SPE gebruikt om de aankoopprijs van de gesecuritiseerde portefeuille te betalen aan de financieel intermediair.

In een synthetische securitisatie houdt de financieel intermediair de desbetreffende activa op zijn balans en dekt het EIF een deel van het risico van de gesecuritiseerde portefeuille. Dit resulteert potentieel in een capital relief voor de financieel intermediair.

Het EIF trancheert de gesecuritiseerde portefeuille op basis van het risico van de onderliggende transacties.

De achtergestelde tranche bestaat uit het meest risicovolle deel van de gesecuritiseerde portefeuille tot een vooraf vastgesteld percentage, rekening houdend met de kenmerken van de portefeuille, de kredietverbeteringsvereisten en de vereiste inzake het hefboomeffect van de LS-bijdrage. De bijdrage van de lidstaat zal maximaal 50 % van de achtergestelde tranche dekken, terwijl het resterende deel van de achtergestelde tranche wordt aangehouden door de financieel intermediair. Dit kan er doorgaans in resulteren dat 100 % van dat bedrag wordt geabsorbeerd voor de dekking van de nettoverliezen in de portefeuille.

De mezzanine tranche bestaat uit het op één na meest risicovolle deel van de gesecuritiseerde portefeuille en omvat drie subtranches, bestaande uit een combinatie van middelen van het EIF, middelen uit de EU-begroting en middelen van de managementautoriteit. De bijdrage van de lidstaat dekt in het bijzonder het risico van de lagere mezzanine tranche. De bijdrage uit hoofde van [de Cosme-verordening] en/of [de Horizon 2020-verordening] dekt het risico van de middelste mezzanine tranche. De bijdrage van het EIF dekt het risico van de hoogste mezzanine tranche.

De omvang van de mezzanine tranche wordt bepaald door het EIF, rekening houdend met de kenmerken van de portefeuille, de kredietverbeteringsvereisten en de vereiste inzake het hefboomeffect van de LS-bijdrage.

De laagste mezzanine tranche en de middelste mezzanine tranche vertegenwoordigen elk een [vooraf vastgesteld] percentage van de gesecuritiseerde portefeuille.

De niet-achtergestelde tranche bestaat uit het resterende risico van de gesecuritiseerde portefeuille en wordt gefinancierd/aangehouden door middel van een combinatie van middelen van de EIB-groep, tot een overeengekomen maximumbedrag, en potentieel van nationale stimuleringsbanken, nationale garantieregelingen en andere investeerders.

De niet-achtergestelde en hoogste mezzanine tranche worden vastgesteld op een zodanig niveau dat het risico verenigbaar is met de risicotolerantie van de EIB-groep en eventuele andere deelnemende risiconemers.

2.

Referentieportefeuille (gesecuritiseerde portefeuille)

 

Gesecuritiseerde portefeuille

De gesecuritiseerde portefeuille zou zowel bestaande activa (schuldfinanciering aan kmo's en andere ondernemingen met minder dan vijfhonderd werknemers) als portefeuilles van nieuwe schuldfinanciering aan kmo's kunnen omvatten.

Elke gesecuritiseerde portefeuille heeft voldoende homogeniteit en een voldoende pooldiversificatie om het EIF in staat te stellen een rating toe te kennen op basis van zijn risicobeoordelingsmethode.

Na de vastleggingsperiode worden bestaande portefeuilles niet opgenomen in de gesecuritiseerde portefeuille.

3.

Additionele portefeuille

 

De additionele portefeuille

Elke financieel intermediair wordt contractueel verplicht om nieuwe schuldfinanciering te verstrekken aan in aanmerking komende eindontvangers (additionele portefeuille).

Een inbreuk door de financieel intermediair op enige van de in de desbetreffende operationele overeenkomst gespecificeerde eisen heeft geen invloed op de in verband met de gesecuritiseerde portefeuille afgegeven garantie.

Vereisten inzake het hefboomeffect voor de LS-bijdrage

Het hefboomeffect wordt berekend als de totale nieuwe schuldfinanciering aan in aanmerking komende eindontvangers gedeeld door de LS-bijdrage. Het minimale hefboomeffect moet ten minste [X] keer de totale bijdrage van de lidstaat bedragen.

Beschikbaarheidsperiode

Het EIF en de financieel intermediair zullen een beschikbaarheidsperiode overeenkomen (die doorgaans maximaal [drie] jaar bedraagt) waarin transacties in de additionele portefeuille worden opgenomen.

In aanmerking komende eindontvangers

De eindontvangers moeten voldoen aan de subsidiabiliteitscriteria van de artikel 37, lid 4, en artikel 39 van de VGB, evenals aan specifieke subsidiabiliteitscriteria van de EFRO- en de Elfpo-verordening.

Subsidiabiliteitscriteria van Cosme

Zie de Cosme-verordening

Subsidiabiliteitscriteria van Horizon 2020

Zie de Horizon 2020-verordening

Vereisten inzake het minimale hefboomeffect van de bijdrage uit Cosme

Gegeven de bijdrage uit hoofde van de Cosme-verordening, indien van toepassing, moet een volume van nieuwe schuldfinanciering voor in aanmerking komende eindontvangers overeenkomstig de hefboomvereisten zoals vastgelegd in de Cosme-rechtsbasis en de delegatieovereenkomst ook voldoen aan de subsidiabiliteitscriteria van de Cosme-verordening.

Vereisten inzake het minimale hefboomeffect van de bijdrage uit Horizon 2020

Gegeven de bijdrage uit hoofde van de Horizon 2020-verordening, indien van toepassing, moet een volume van nieuwe schuldfinanciering voor in aanmerking komende eindontvangers overeenkomstig de hefboomvereisten zoals vastgelegd in de Horizon 2020-rechtsbasis en de delegatieovereenkomst ook voldoen aan de subsidiabiliteitscriteria van de Horizon 2020-verordening.

4.

Prijsstelling

 

Vergoeding

De vergoeding wordt vastgesteld op basis van de prijsstelling door elk van de risiconemers in het financieringsinstrument voor hun respectieve tranches (zie de prijsstelling hieronder).

Het EIF brengt de financieel intermediair [X] % per jaar in rekening in verband met het gedekte deel van de gesecuritiseerde portefeuille.

Prijsstelling van de niet-achtergestelde tranche

De prijs wordt vastgesteld op een vooraf vastgesteld percentage per jaar door de EIB en andere potentiële risiconemers in overeenstemming met hun prijsstellingsbeleid.

Prijsstelling van de mezzanine tranche

De prijs van de mezzanine tranche wordt vastgesteld op [X] % per jaar door het EIF in overeenstemming met zijn prijsstellingsbeleid.

De prijzen van de middelste en lagere mezzanine tranche worden zodanig vastgesteld dat het risico in verband met de verwachte verliezen van de respectieve tranches kan worden gedragen. In naar behoren gerechtvaardigde gevallen kan de prijs verder worden verlaagd om financieel intermediairs aan te trekken.

Prijsstelling van de achtergestelde tranche

De prijs is gelijk aan nul (d.w.z. dat de achtergestelde tranche, anders dan de door de initiator aangehouden tranche, kosteloos wordt verstrekt).

5.

Diversen

 

Boeten

Zie artikel 7.

Verslaglegging

Zie bijlage 5.

Toezicht en controle

Zie artikel 17.

6.

Overdracht van voordeel

 

Overdracht van voordeel

Het EIF beoordeelt het mechanisme voor de overdracht van voordeel van de financieel intermediair aan de eindontvangers in de additionele portefeuille. Dat mechanisme wordt opgenomen in het scoresysteem voor de selectie van financieel intermediairs en maakt deel uit van het definitieve besluit van het EIF inzake het al dan niet sluiten van een garantie- of investeringsovereenkomst, en zo ja onder welke voorwaarden.

De overdracht van voordeel wordt toegepast op het standaardrentetarief dat in rekening wordt gebracht van de eindontvangers voor nieuwe schuldfinanciering in de additionele portefeuille door middel van een verlaging van de kredietrisicopremie. Het mechanisme voor de overdracht van voordeel wordt dienovereenkomstig gedocumenteerd.

Totale voordeel

Bij de berekening van het totale voordeel wordt het aan de financieel intermediair verstrekte voordeel in elke tranche van de gesecuritiseerde portefeuille in aanmerking genomen.

Het totale voordeel wordt berekend als het verschil tussen de marktprijs en de door het EIF gerekende prijs voor elke tranche met hetzelfde risiconiveau. Het risiconiveau van elke tranche wordt vastgesteld volgens de interne ratingmethode van het EIF.

Bij het ontbreken van een marktprijs past het EIF de safe harbour-premie voor een gelijkwaardig risiconiveau voor garanties als bedoeld in de mededeling van de Commissie betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het EG-Verdrag op staatssteun in de vorm van garanties toe (PB C 155 van 20.6.2008, blz. 25). De safe harbour-premie voor de achtergestelde tranche bedraagt maximaal 10 % per jaar.

Het totale voordeel wordt berekend volgens de volgende formule:

Totaal voordeel = som van de voordelen van individuele tranches

Het voordeel van een individuele tranche wordt als volgt berekend:

Voordeel van een individuele tranche = (marktprijs van de tranche — vergoeding) * Totaal bedrag van de tranche in EUR * looptijd van de tranche (gewogen gemiddelde levensduur)

7.

Staatssteun

 

Staatssteunvoordeel

Het totale staatssteunvoordeel is een percentage van het totale voordeel dat evenredig is aan de LS-bijdrage (21) in de gesecuritiseerde portefeuille.

Het totale voordeel van aan een financieel intermediair verstrekte staatssteun wordt berekend volgens de volgende formule:

Het totale voordeel van staatssteun (in EUR) = som van (de voordelen van individuele tranches * het % van de LS-bijdrage aan de tranche).

Het totale staatssteunvoordeel wordt door de financieel intermediair volledig overgedragen aan alle in de additionele portefeuille opgenomen eindontvangers.

Het voordeel van de staatssteun aan de eindontvanger wordt berekend volgens de volgende formule:

Staatssteunvoordeel (rentesubsidie in basispunten) = (totale voordeel van staatssteun/nieuwe schuldfinanciering in de additionele portefeuille)/looptijd van de additionele portefeuille (gewogen gemiddelde levensduur)

Berekening van het bruto-subsidie-equivalent

Het voordeel van aan eindontvangers in de additionele portefeuille verstrekte staatssteun wordt geacht een rentesubsidie te zijn in de zin van artikel 4, lid 2, van de de minimisverordening.

Het bruto-subsidie-equivalent wordt berekend volgens de volgende formule:

Bruto-subsidie-equivalent = nominale bedrag van de lening * looptijd (gewogen gemiddelde levensduur) van de lening * staatssteunvoordeel

De financieel intermediair berekent het bruto-subsidie-equivalent voor elke afzonderlijke lening in de additionele portefeuille en deelt dit mee aan het EIF. In alle gevallen kan het bruto-subsidie-equivalent niet hoger zijn dan de in de de minimisverordening vastgestelde drempel.

Geen extra voordeel van capital relief

Bij de toepassing van de desbetreffende nationale voorschriften inzake kapitaalvereisten wordt het volume aan nieuwe schuldfinanciering vastgesteld op een niveau dat niet lager is dan het volume van de schuldfinanciering aan kmo's waarvan kan worden verwacht dat deze wordt gegenereerd door de financieel intermediairs met behulp van het als gevolg van de bijdrage van de lidstaat vrijgekomen kapitaal.

Staatssteunboetes

Het EIF brengt de financieel intermediair een staatssteunboete in rekening indien het staatssteunvoordeel niet volledig wordt overgedragen aan de eindontvanger.

BIJLAGE 2

Uitsluitingscriteria voor financieel intermediairs en eindontvangers en subsidiabiliteitscriteria voor de EU-bijdrage

1.   UITSLUITINGSCRITERIA VOOR FINANCIEEL INTERMEDIAIRS

Financieel intermediairs die zich in een van de hieronder genoemde situaties bevinden, worden — indien de situatie naar de professionele inschatting door het EIF hun vermogen om een financieringsinstrument ten uitvoer te leggen zou aantasten — niet geselecteerd:

1.

ze bevinden zich in een faillissement of in liquidatie, staan onder curatele van een rechtbank, zijn het voorwerp van een procedure betreffende een van deze situaties, of ze verkeren in een overeenkomstige toestand als gevolg van een soortgelijke procedure krachtens de nationale wet- en regelgeving;

2.

ze zijn veroordeeld voor een strafbaar feit met betrekking tot hun beroepsmatige gedrag bij een vonnis met kracht van gewijsde dat van invloed is op hun vermogen om een transactie uit te voeren;

3.

ze zijn bij een rechterlijke beslissing met kracht van gewijsde veroordeeld voor fraude, corruptie, deelname aan een criminele organisatie of enige andere illegale activiteit die de financiële belangen van de Unie schaadt;

4.

ze hebben zich schuldig gemaakt aan het geven van een verkeerde voorstelling van zaken bij het verstrekken van de voor de selectie als financieel intermediair vereiste informatie;

5.

ze zijn opgenomen in de centrale gegevensbank van uitsluitingen als bedoeld in artikel 9.5(e);

6.

ze hebben hun statutaire zetel op een grondgebied waarvan de gerechtelijke instanties niet samenwerken met de Unie bij de toepassing van de internationaal overeengekomen belastingnorm, of hun fiscale praktijken zijn niet in overeenstemming met de Aanbeveling van de Commissie van 6 december 2012 met betrekking tot maatregelen om derde landen aan te moedigen minimumnormen voor goed bestuur in belastingzaken toe te passen (C(2012)8805);

7.

hun bedrijfsactiviteit is niet in overeenstemming met het beleid van het EIF in verband met sectoren waarvoor restricties gelden.

De punten 2 en 3 zijn niet van toepassing indien de financieel intermediairs tot tevredenheid van het EIF kunnen aantonen dat toereikende maatregelen zijn genomen tegen de personen met vertegenwoordigings- of besluitvormingsbevoegdheden of die controle over hen uitoefenen en die zijn onderworpen aan een vonnis als bedoeld in de punten 2 en 3.

2.   UITSLUITINGSCRITERIA VOOR EINDONTVANGERS

Eindontvangers mogen niet door financieel intermediairs worden geselecteerd indien ze voldoen aan een of meer van de volgende criteria:

1.

ze worden niet potentieel economisch levensvatbaar geacht;

2.

ze zijn gevestigd in gebieden waarvan de gerechtelijke instanties niet samenwerken met de Unie bij de toepassing van internationaal aanvaarde belastingregels, of hun fiscale praktijken zijn niet in overeenstemming met de Aanbeveling van de Commissie van 6 december 2012 met betrekking tot maatregelen om derde landen aan te moedigen minimumnormen voor goed bestuur in belastingzaken toe te passen (C(2012)8805);

3.

ze bevinden zich in een faillissement of in liquidatie, staan onder curatele van een rechtbank, zijn het voorwerp van een procedure betreffende een van deze situaties, of ze verkeren in een overeenkomstige toestand als gevolg van een soortgelijke procedure krachtens de nationale wet- en regelgeving;

4.

ze zijn veroordeeld voor een strafbaar feit met betrekking tot hun beroepsmatige gedrag bij een vonnis met kracht van gewijsde dat van invloed is op hun vermogen om hun bedrijfsactiviteit te verrichten;

5.

ze zijn bij een rechterlijke beslissing met kracht van gewijsde veroordeeld voor fraude, corruptie, deelname aan een criminele organisatie of enige andere illegale activiteit die de financiële belangen van de Unie schaadt;

6.

ze hebben zich schuldig gemaakt aan het geven van een verkeerde voorstelling van zaken bij het verstrekken van de voor de selectie als eindontvanger vereiste informatie;

7.

ze zijn opgenomen in de door de Commissie opgezette en beheerde centrale gegevensbank van uitsluitingen als bedoeld in Verordening (EG, Euratom) nr. 1302/2008;

8.

hun bedrijfsactiviteit bestaat uit een of meer van de volgende activiteiten:

a)

een illegale economische activiteit (d.w.z. de productie van, handel in of andere activiteit die illegaal is volgens wet- of regelgeving die van toepassing is op de financieel intermediair of de betrokken eindontvanger, waaronder begrepen maar niet beperkt tot menselijke kloning voor reproductiedoeleinden);

b)

de productie van en handel in tabak en gedistilleerde alcoholhoudende dranken en aanverwante producten;

c)

de financiering van de productie van en handel in wapens en munitie van elke soort of van militaire operaties van elke soort;

d)

casino's en soortgelijke ondernemingen;

e)

internetgokactiviteiten en online-casino's;

f)

pornografie en prostitutie;

g)

kernenergie;

h)

activiteiten als bedoeld in artikel 19 van de Horizon 2020-verordening;

i)

het verrichten van onderzoek naar, de ontwikkeling van of de technische toepassing van elektronische gegevensprogramma's of oplossingen die specifiek gericht zijn op het ondersteunen van enige activiteit als bedoeld onder de punten a) tot en met h) hierboven of die zijn bedoeld om illegaal elektronische gegevensnetwerken binnen te dringen of elektronische gegevens te downloaden;

9.

hun bedrijfsactiviteit is niet in overeenstemming met het beleid van het EIF in verband met sectoren waarvoor restricties gelden;

10.

ze hebben nieuwe schuldfinanciering ontvangen die niet in overeenstemming is met de cumulatieregels van de de minimisverordening;

11.

ze hebben steun ontvangen voor activiteiten die verband houden met uitvoer naar derde landen of lidstaten, namelijk steun die rechtstreeks verband houdt met de geëxporteerde hoeveelheden, de opzet en het functioneren van een distributienet of met de lopende uitgaven in verband met de exportactiviteit;

12.

ze hebben steun ontvangen die afhankelijk is van het prioriteren van nationale boven ingevoerde producten.

3.   SUBSIDIABILITEITSCRITERIA VOOR DE EU-BIJDRAGE

3.1.

Subsidiabiliteitscriteria voor de EU-bijdrage aan de Cosme-financieringsinstrumenten [te verstrekken in het kader van specifieke financieringsovereenkomsten, op voorwaarde dat er een overeenkomst wordt gesloten tussen de Commissie en het EIF, in de delegatieovereenkomst voor Cosme]

3.2.

Subsidiabiliteitscriteria voor de EU-bijdrage aan de H2020-financieringsinstrumenten [te verstrekken in het kader van specifieke financieringsovereenkomsten, op voorwaarde dat er een overeenkomst wordt gesloten tussen de Commissie en het EIF, in de delegatieovereenkomst voor Horizon 2020]

(1)  PB L 347 van 20.12.2013, blz. 320.

(2)  PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.

(3)  PB L 176 van 27.6.2013, blz. 1.

(4)  PB L 347 van 20.12.2013, blz. 33.

(5)  PB L 347 van 20.12.2013, blz. 104.

(6)  PB L 347 van 20.12.2013, blz. 965.

(7)  PB L 352 van 24.12.2013, blz. 1.

(8)  PB L 352 van 24.12.2013, blz. 9.

(9)  PB L 362 van 31.12.2012, blz. 1.

(10)  PB L 124 van 20.5.2003, blz. 36.

(11)  PB L 8, 12.1.2001, blz. 1.

(12)  PB L 248 van 18.9.2013, blz. 1.

(13)  PB L 292 van 15.11.1996, blz. 2.

(14)  PB L 312 van 23.12.1995, blz. 1.

(15)  PB L 344 van 20.12.2008, blz. 12.

(16)  „Onbeperkte garantie” is de term die in artikel 39 van de VGB wordt gebruikt.

(17)  De specifieke vereisten met betrekking tot deelname aan de afdeling zijn:

a)

een minimumhefboomeffect om een portefeuille tot stand te brengen met een minimumbedrag aan nieuwe schuldfinanciering dat voldoet aan de subsidiabiliteitsvereisten voor de LS-bijdrage;

b)

een minimumbedrag aan nieuwe schuldfinanciering dat tevens voldoet aan de parameters voor subsidiabiliteit op grond van Cosme en/of Horizon 2020;

c)

beoordeling en controle van de subsidiabiliteitscriteria;

d)

boeten in het geval dat het minimumhefboomeffect bij een mijlpaal niet wordt bereikt en indien de uitgekeerde staatssteun niet wordt overgemaakt;

e)

activiteiten in verband met het overmaken van uitkeringen, inclusief de vaststelling van het mechanisme ter zake en van de verslaggeving aan het EIF;

f)

berekening van het BSE voor elke lening in de portefeuille van nieuwe schuldfinanciering en verslaggeving aan het EIF;

g)

zichtbaarheid van de EU-bijstand in de documentatie van de overeenkomst voor de eindontvangers en in het marketingmateriaal;

h)

controle- en toezichtactiviteiten in verband met de Europese Commissie en de Europese Rekenkamer.

Bovenstaande risico's en vereisten vertegenwoordigen impliciete kosten voor de financieel intermediair, die geen vergoeding ontvangt voor de transactiebeheersactiviteiten, ook geen administratieve vergoedingen of prestatievergoeding.

(18)  Alleen de bijdrage van de lidstaat is relevant voor overwegingen met betrekking tot staatssteun. Middelen van de Commissie en eigen middelen van de EIB en het EIF vormen geen staatssteun.

(19)  Bedrag van de gegarandeerde lening = bedrag van de nominale lening (bedrag van de nominale garantie) * garantiepercentage.

(20)  Voor de gevallen van tegengaranties.

(21)  Alleen de LS-bijdrage aan het EIF voor de gesecuritiseerde portefeuille is relevant voor overwegingen met betrekking tot staatssteun. Middelen van de Commissie en eigen middelen van de EIB en het EIF vormen geen staatssteun.


Top