Accept Refuse

EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32000R1623

Verordening (EG) nr. 1623/2000 van de Commissie van 25 juli 2000 tot vaststelling van de uitvoeringsbepalingen met betrekking tot de marktmechanismen als bedoeld in Verordening (EG) nr. 1493/1999 houdende een gemeenschappelijke ordening van de wijnmarkt

OJ L 194, 31.7.2000, p. 45–99 (ES, DA, DE, EL, EN, FR, NL, PT, FI, SV)
Special edition in Czech: Chapter 03 Volume 030 P. 182 - 236
Special edition in Estonian: Chapter 03 Volume 030 P. 182 - 236
Special edition in Latvian: Chapter 03 Volume 030 P. 182 - 236
Special edition in Lithuanian: Chapter 03 Volume 030 P. 182 - 236
Special edition in Hungarian Chapter 03 Volume 030 P. 182 - 236
Special edition in Maltese: Chapter 03 Volume 030 P. 182 - 236
Special edition in Polish: Chapter 03 Volume 030 P. 182 - 236
Special edition in Slovak: Chapter 03 Volume 030 P. 182 - 236
Special edition in Slovene: Chapter 03 Volume 030 P. 182 - 236
Special edition in Bulgarian: Chapter 03 Volume 034 P. 120 - 174
Special edition in Romanian: Chapter 03 Volume 034 P. 120 - 174

No longer in force, Date of end of validity: 31/07/2008; opgeheven door 32008R0555

ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2000/1623/oj

32000R1623

Verordening (EG) nr. 1623/2000 van de Commissie van 25 juli 2000 tot vaststelling van de uitvoeringsbepalingen met betrekking tot de marktmechanismen als bedoeld in Verordening (EG) nr. 1493/1999 houdende een gemeenschappelijke ordening van de wijnmarkt

Publicatieblad Nr. L 194 van 31/07/2000 blz. 0045 - 0099


Verordening (EG) nr. 1623/2000 van de Commissie

van 25 juli 2000

tot vaststelling van de uitvoeringsbepalingen met betrekking tot de marktmechanismen als bedoeld in Verordening (EG) nr. 1493/1999 houdende een gemeenschappelijke ordening van de wijnmarkt

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EG) nr. 1493/1999 van de Raad houdende een gemeenschappelijke ordening van de wijnmarkt(1), en met name op de artikelen 24, 25, 26, 33, 34, 35, 36 en 80,

Overwegende hetgeen volgt:

(1) In titel III van Verordening (EG) nr. 1493/1999 zijn algemene bepalingen met betrekking tot de mechanismen van de wijnmarkt vastgesteld en wordt voor het overige verwezen naar door de Commissie vast te stellen uitvoeringsbepalingen.

(2) Tot dusver waren deze uitvoeringsbepalingen verspreid over een groot aantal communautaire verordeningen; in het belang zowel van de marktdeelnemers als van de administratieve instanties die belast zijn met de toepassing van de communautaire regelgeving is het dienstig al deze bepalingen in één enkele verordening samen te brengen.

(3) De bestaande regelgeving moet in deze verordening worden overgenomen en tegelijk worden aangepast aan de nieuwe eisen van Verordening (EG) nr. 1493/1999; de regelgeving dient verder op een aantal punten te worden gewijzigd om ze coherenter te maken, te vereenvoudigen en een aantal lacunes aan te vullen, zodat een afgeronde communautaire regelgeving op dit gebied wordt vastgesteld; voorts dient een aantal bepalingen te worden verduidelijkt om de rechtszekerheid bij de toepassing ervan te vergroten.

(4) Bij artikel 35, lid 1, onder a), van Verordening (EG) nr. 1493/1999 is een steunregeling ingesteld om druivenmost en geconcentreerde druivenmost die zijn vervaardigd uit in de Gemeenschap geproduceerde druiven, te gebruiken voor de productie van druivensap of van andere eetbare producten uit druivensap.

(5) Deze andere eetbare producten dienen te worden gespecificeerd.

(6) Het economische doel van deze steunregeling is te stimuleren dat bij de productie van druivensap of van eetbare producten uit druivensap wijnbouwproducten van communautaire oorsprong worden gebruikt in plaats van ingevoerde producten; de steun dient derhalve te worden verleend aan de gebruikers van de grondstof, dat wil zeggen de verwerkers.

(7) Gepreciseerd moet worden dat de steun slechts wordt verleend voor grondstoffen die voldoen aan de kwaliteitseisen voor verwerking tot druivensap; derhalve dient met name te worden bepaald dat de druiven en de druivenmost waarvoor een verklaring wordt ingediend, bij 20 °C een soortelijke massa moeten hebben tussen 1,055 en 1,100 g/cm3.

(8) Toepassing van deze steunregeling brengt mee dat een administratieregeling moet worden ingevoerd die het mogelijk maakt zowel de oorsprong als de bestemming te controleren van het product waarvoor steun kan worden verleend.

(9) Met het oog op een goede werking van de steun- en controleregeling, dient te worden bepaald dat belangstellende verwerkers een schriftelijke verklaring moeten indienen waarin de nodige gegevens zijn vermeld om controle op de werkzaamheden mogelijk te maken;

(10) Om zowel voor de verwerkers als de administratieve instanties een teveel aan papierwerk te voorkomen, is het niet dienstig indiening van bovengenoemde schriftelijke verklaring voor te schrijven voor verwerkers die slechts een beperkte hoeveelheid druiven of druivenmost per wijnoogstjaar gebruiken; deze hoeveelheid moet worden vastgesteld; de betrokken verwerkers moeten de bevoegde autoriteiten van hun lidstaat echter aan het begin van het wijnoogstjaar in kennis stellen van hun voornemen om een bepaalde hoeveelheid druiven of druivenmost te verwerken.

(11) Als de verwerker niet zelf de gebruiker van het betrokken product is, is het voor de controle-autoriteiten, vooral wanneer het die van een andere lidstaat zijn dan die van de verwerker, niet altijd gemakkelijk vast te stellen of het druivenmost betreft waarvoor nog geen steun is verleend op grond van deze verordening dan wel druivensap waarvoor reeds een steunaanvraag loopt; bepaald moet worden dat op het geleidedocument bij het vervoer van het betrokken product een aantekening over het bestaan van een steunaanvraag moet worden vermeld.

(12) Met het oog op een merkbare kwantitatieve invloed van de steunregeling op het gebruik van de communautaire grondstoffen, dient voor elk product een minimumhoeveelheid te worden vastgesteld waarop een steunaanvraag betrekking kan hebben.

(13) In artikel 35, lid 5, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 is bepaald dat een deel van de steun wordt gereserveerd voor campagnes om het verbruik van druivensap te stimuleren; voor de financiering van deze campagnes moet het steunpercentage zo worden vastgesteld dat voldoende middelen beschikbaar komen om een doeltreffende reclamecampagne voor dit product te voeren.

(14) De verwerking gebeurt zowel door verwerkers die dit incidenteel doen als door ondernemingen die continu draaien; in de uitvoeringsbepalingen van de steunregeling moet rekening worden gehouden met dit verschil in structuur.

(15) Om de bevoegde instanties van de lidstaten in staat te stellen de nodige controles te verrichten, moeten de verplichtingen van de verwerker ten aanzien van het bijhouden van zijn voorraadboekhouding gepreciseerd worden.

(16) Om niet gerechtvaardigde uitgaven te voorkomen en met het oog op de controle is het dienstig een op de normale verwerkingstechnieken gebaseerde maximumverhouding tussen de verwerkte grondstoffen en het geproduceerde druivensap voor te schrijven.

(17) Om commerciële redenen wordt het geproduceerde druivensap door sommige verwerkers lange tijd opgeslagen voordat het wordt verpakt; daarom is het dienstig een voorschottenregeling in te voeren om de steun vroeger aan de bedrijven te betalen, maar tegelijk de bevoegde instanties door een passende zekerheid te beschermen tegen het risico dat ten onrechte steun wordt uitbetaald; bijgevolg moeten de termijnen voor de betaling van het voorschot en de voorschriften voor het vrijgeven van de zekerheid gepreciseerd worden.

(18) Om de steun te ontvangen, moeten de betrokkenen een aanvraag vergezeld van een aantal bewijsstukken indienen; met het oog op een uniforme toepassing van de regeling in de lidstaten moeten termijnen voor de indiening van de aanvraag en voor de uitbetaling van de aan de verwerker verschuldigde steun worden vastgesteld.

(19) Krachtens artikel 44, lid 5, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 is het verboden wijn te bereiden uit druivensap en druivensap aan wijn toe te voegen; om te waarborgen dat deze bepaling wordt nageleefd, moeten de verplichtingen van en de bijzondere controles op de verwerkers en de bottelaars van druivensap gepreciseerd worden.

(20) Bij artikel 34 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 is een steunregeling ingevoerd voor in de Gemeenschap geproduceerde geconcentreerde druivenmost en gerectificeerde geconcentreerde druivenmost die worden gebruikt om het alcoholgehalte van de wijn te verhogen.

(21) In artikel 36 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 is bepaald dat de uitvoeringsbepalingen met name betrekking kunnen hebben op de voorwaarden voor de toekenning van deze steun; op basis hiervan dient de maatregel te worden gespecificeerd ten aanzien van kleine producenten; voorts dient te worden bepaald dat alleen producenten die hun communautaire verplichtingen gedurende een bepaalde periode zijn nagekomen, in aanmerking komen voor deze maatregel.

(22) Bij de bevoegde instanties moet aangifte worden gedaan van verrijking door toevoeging van geconcentreerde druivenmost en gerectificeerde geconcentreerde druivenmost en van de voorraden van deze producten; de hoeveelheden van deze producten die voor verrijking worden of zijn gebruikt, moeten worden genoteerd in de in artikel 70, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde registers; daarom is er geen reden om te bepalen dat bijkomende documenten moeten worden overgelegd om voor de steun in aanmerking te komen.

(23) Met het oog op een uniforme toepassing van de betrokken steunregeling moet de bepaling van het potentiële alcoholgehalte van most op communautair niveau worden geharmoniseerd.

(24) De kostprijs van most die wordt gebruikt voor de productie van geconcentreerde druivenmost en gerectificeerde geconcentreerde druivenmost is afhankelijk van het potentiële natuurlijke alcoholgehalte; om rekening te houden met deze situatie en met de noodzaak om de handelsstromen niet te verstoren, lijkt het noodzakelijk de steun te differentiëren en een hoger bedrag toe te kennen voor geconcentreerde en gerectificeerde geconcentreerde druivenmost die afkomstig zijn van de meest zuidelijk gelegen wijngaarden van de Gemeenschap, die vanouds de most met het hoogste potentiële natuurlijke alcoholgehalte voortbrengen.

(25) Bij artikel 35, lid 1, onder b) en c), van Verordening (EG) nr. 1493/1999 is een steunregeling ingesteld om enerzijds druivenmost en geconcentreerde druivenmost die in de wijnbouwzones C III a) en C III b) zijn geproduceerd te gebruiken bij de vervaardiging in het Verenigd Koninkrijk en Ierland van bepaalde producten van GN-code 220600 en anderzijds in de Gemeenschap geproduceerde geconcentreerde druivenmost te gebruiken bij de vervaardiging van bepaalde producten die in het Verenigd Koninkrijk en Ierland in de handel worden gebracht met de nodige instructies om er een wijnimitatiedrank uit te maken.

(26) Momenteel wordt bij de vervaardiging van de in artikel 35, lid 1, onder c), van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde producten van GN-code 220600 uitsluitend geconcentreerde druivenmost gebruikt; derhalve is het dienstig nu alleen steun voor het gebruik van geconcentreerde druivenmost vast te stellen.

(27) Voor de toepassing van de steunregeling is een administratieve regeling nodig die het mogelijk maakt zowel de oorsprong als de bestemming te controleren van het product waarvoor steun kan worden verleend.

(28) Met het oog op de goede werking van de steun- en controleregeling dient te worden bepaald dat gegadigden een schriftelijke aanvraag moeten indienen waarin de nodige gegevens zijn vermeld om het product te kunnen identificeren en controle op de werkzaamheden mogelijk te maken.

(29) Met het oog op een merkbare kwantitatieve invloed van de steunregeling op het gebruik van de communautaire grondstoffen moet een minimumhoeveelheid worden vastgesteld voor elk product waarvoor een aanvraag kan worden ingediend.

(30) Ook moet worden gepreciseerd dat alleen steun wordt verleend voor producten die voldoen aan de minimumkwaliteitseisen voor gebruik voor de in artikel 35, lid 1, onder b) en c), van Verordening (EG) nr. 1493/1999 genoemde doeleinden.

(31) Om de bevoegde instanties van de lidstaten in staat te stellen de nodige controles te verrichten, moeten de verplichtingen van de bedrijven ten aanzien van het bijhouden van hun voorraadboekhouding gepreciseerd worden.

(32) Het is dienstig te bepalen dat het recht op steun ontstaat op het ogenblik waarop de verwerking is beëindigd; gelet op de technische verliezen dient te worden toegestaan dat de feitelijk verwerkte hoeveelheid 10 % lager is dan de in de steunaanvraag vermelde hoeveelheid.

(33) Om technische redenen worden de grondstoffen door sommige bedrijven lange tijd opgeslagen voordat de in de handel te brengen producten worden vervaardigd; daarom is het dienstig een voorschottenregeling in te voeren om de steun vroeger aan de bedrijven te betalen, maar tegelijk de bevoegde instanties door een passende zekerheid te beschermen tegen het risico dat ten onrechte steun wordt uitbetaald; bijgevolg moeten de termijnen voor de betaling van het voorschot en de voorschriften voor het vrijgeven van de zekerheid gepreciseerd worden.

(34) Titel III, hoofdstuk I, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 voorziet in een steunregeling voor de particuliere opslag van tafelwijn, druivenmost, geconcentreerde druivenmost en gerectificeerde geconcentreerde druivenmost; overeenkomstig artikel 24, lid 2, van diezelfde verordening wordt de steun alleen toegekend als een opslagcontract is gesloten; er moeten uitvoeringsbepalingen worden vastgesteld met betrekking tot het sluiten, de inhoud, de looptijd en de gevolgen van deze contracten.

(35) Het begrip producent moet worden gedefinieerd en, met het oog op de door de producent na te komen verplichtingen, moet worden geëist dat hij eigenaar is van de producten waarvoor een opslagcontract wordt gesloten.

(36) Het is nodig dat een doeltreffende controle wordt ingevoerd op de producten waarvoor opslagcontracten worden gesloten; met name blijkt het nodig te bepalen dat een interventiebureau van een lidstaat alleen contracten mag sluiten voor hoeveelheden die op het grondgebied van deze lidstaat zijn opgeslagen, en dat het van elke wijziging in verband met het product of de plaats van opslag op de hoogte moet worden gebracht.

(37) Met het oog op gelijke voorwaarden bij het sluiten van contracten moeten dergelijke contracten worden gesloten volgens een voor de hele Gemeenschap identiek model dat voldoende nauwkeurig is om het betrokken product te kunnen identificeren.

(38) De ervaring met de verschillende regelingen inzake de particuliere opslag van landbouwproducten leert dat moet worden gepreciseerd in hoeverre Verordening (EEG, Euratom) nr. 1182/71 van de Raad van toepassing is voor de berekening van de in deze regelingen bedoelde termijnen, data en vervaldata, en dat de begin- en einddata van de contractuele opslag nauwkeurig moeten worden gedefinieerd.

(39) In artikel 3, lid 4, van Verordening (EEG, Euratom) nr. 1182/71 is bepaald dat indien de laatste dag van een termijn valt op een feestdag, een zondag of een zaterdag, deze termijn afloopt op het einde van het laatste uur van de daaropvolgende werkdag; voor opslagcontracten is het mogelijk dat toepassing van deze bepaling niet in het belang van de marktdeelnemers is; zij kan namelijk leiden tot een ongelijke behandeling wanneer de laatste dagen van de opslag worden overgedragen; daarom is het nodig voor de berekening van de laatste dag van de contractuele opslag van deze bepaling af te wijken.

(40) Om te waarborgen dat het sluiten van de contracten van invloed is op de ontwikkeling van de marktprijzen, moet worden voorgeschreven dat de contracten slechts voor noemenswaardige hoeveelheden mogen worden gesloten.

(41) De steun voor opslag moet worden beperkt tot producten die de ontwikkeling van de marktprijzen beïnvloeden; deze steun mag bijgevolg slechts worden toegekend voor ongebottelde producten; om dezelfde redenen mogen de contracten alleen betrekking hebben op producten van voldoende kwaliteit; bovendien moet voor tafelwijn het sluiten van contracten worden beperkt tot wijn waarvan de bereiding reeds in een gevorderd stadium is en mag voorts tijdens de looptijd van het contract de uitvoering van de behandelingen of oenologische procédés die nodig zijn voor een goede bewaring van het product niet worden belemmerd.

(42) Met het oog op de verbetering van de kwaliteit van de productie dient een minimumalcoholgehalte te worden vastgesteld voor de wijn en de most waarvoor opslagmaatregelen kunnen worden genomen; daartoe tevens dient te worden voorzien in de mogelijkheid om voor tafelwijn waarvoor langlopende opslagcontracten worden gesloten, strengere voorwaarden vast te stellen naar gelang van de kwaliteit van de oogst.

(43) Ter voorkoming van misbruiken moet worden bepaald dat tafelwijn waarvoor een opslagcontract is gesloten niet als v.q.p.r.d. kan worden erkend.

(44) Om te voorkomen dat de marktsituatie wordt beïnvloed door producten waarvoor een contract is gesloten, moet verboden worden dat deze producten tijdens de looptijd van het contract worden afgezet en bepaalde handelingen ter voorbereiding daarvan worden verricht.

(45) Krachtens artikel 26, lid 1, derde streepje, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 kan worden toegestaan dat druivenmost waarvoor een langlopend contract is gesloten, tijdens de geldigheidsduur van dit contract tot geconcentreerde druivenmost of gerectificeerde geconcentreerde druivenmost wordt verwerkt; aangezien deze verwerking een gebruikelijke verwerking is, dient de betrokken mogelijkheid permanent te gelden.

(46) Met het oog op uitvoering van de nodige controles moet het interventiebureau worden ingelicht over elke verwerking van druivenmost waarvoor een opslagcontract is gesloten.

(47) De verwerking van druivenmost tot geconcentreerde druivenmost en gerectificeerde geconcentreerde druivenmost leidt tot een vermindering van het volume van het opgeslagen product en dus tot lagere opslagkosten; daartegenover staat, aangezien het vervaardigde product een hogere waarde heeft, een stijging van de rentekosten; derhalve lijkt het gerechtvaardigd om, bij verwerking van het product, tijdens de hele geldigheidsduur van het contract het steunbedrag te handhaven op het niveau dat is berekend op basis van de oorspronkelijke hoeveelheden druivenmost waarvoor het contract is gesloten; voorts moeten de vervaardigde producten aan de eisen van de communautaire wetgeving voldoen.

(48) Het bedrag van de steun voor de particuliere opslag moet worden bepaald rekening houdend met de technische opslagkosten en de rente; de technische kosten kunnen variëren naar gelang van de aard van de producten, terwijl de rentekosten afhangen van de waarde van de betrokken producten; gelet op deze situatie en om het beheer van de contracten te vereenvoudigen, is het dienstig het steunbedrag per dag en per hectoliter vast te stellen, per soortengroep tafelwijn en most; op grond van artikel 25, lid 4, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 moet het steunbedrag voor geconcentreerde druivenmost worden vastgesteld door op het steunbedrag voor druivenmost een coëfficiënt van 1,5 toe te passen; de bij deze verordening vastgestelde bedragen kunnen evenwel worden gewijzigd bij aanzienlijke veranderingen in de marktprijs van de producten of de rentestand.

(49) Bovendien dient de mogelijkheid te worden gegeven om de opslagperiode te verkorten wanneer de producten die worden uitgeslagen bestemd zijn voor uitvoer; het bewijs dat de producten zijn uitgevoerd, moet, zoals voor restituties, worden geleverd overeenkomstig het bepaalde in Verordening (EG) nr. 800/1999 van de Commissie van 15 april 1999 houdende gemeenschappelijke uitvoeringsbepalingen van het stelsel van restituties bij uitvoer voor landbouwproducten(2).

(50) Om de doeltreffendheid van de maatregel te waarborgen, maar tegelijk rekening te houden met de eisen voor de administratie door de interventiebureaus, moeten termijnen voor de uitbetaling van de steun worden vastgesteld; met het oog op de behoeften aan kasmiddelen van de producenten in het geval van langlopende contracten is het evenwel dienstig de lidstaten toe te staan een voorschottenregeling in te voeren met de nodige zekerheidstelling.

(51) Wanneer bij het aflopen van een opslagcontract voor tafelwijn de voorwaarden voor het sluiten van een nieuw contract voor hetzelfde product vervuld zijn en de producent hierom verzoekt, kunnen de formaliteiten voor het sluiten van het nieuwe contract worden vereenvoudigd.

(52) De markt voor most en geconcentreerde most voor de productie van druivensap is volop in ontwikkeling; om het gebruik van wijnbouwproducten voor ander gebruik dan wijn te bevorderen, is het dienstig toe te staan dat most en geconcentreerde most waarvoor een opslagcontract is gesloten en die bestemd worden voor de productie van druivensap, vanaf de vijfde maand van de contractperiode in de handel worden gebracht, mits de producent het interventiebureau daarvan in kennis stelt; dezelfde mogelijkheid moet worden geboden om de uitvoer van deze producten te bevorderen.

(53) Het is dienstig vast te stellen welke producten door distillatie mogen worden vervaardigd, en met name de minimumkwaliteitseisen voor neutrale alcohol te bepalen; bij de vaststelling van deze eisen moet enerzijds rekening worden gehouden met de huidige stand van de technologische ontwikkeling en anderzijds met de noodzaak te waarborgen dat alcohol wordt geproduceerd die normaal op de markt kan worden verkocht voor verschillende gebruiksmogelijkheden.

(54) De controle op te distilleren producten moet worden versterkt.

(55) Wat de in de artikelen 29 en 30 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde distillatie betreft, dient te worden bepaald dat de producenten met de distilleerders leveringscontracten sluiten die voor goedkeuring aan het interventiebureau worden voorgelegd, om toezicht op het verloop van de werkzaamheden en op het naleven van de verplichtingen van beide partijen mogelijk te maken; dit systeem maakt het bovendien mogelijk de kwantitieve gevolgen van distillatie op de markt beter te volgen; het contractensysteem moet evenwel worden aangepast om rekening te houden met het feit dat er enerzijds producenten zijn die voornemens zijn distillatie in loonwerk te laten uitvoeren en anderzijds producenten die zelf over distillatie-installaties beschikken.

(56) Het is met name dienstig specifieke voorschriften in te voeren om te waarborgen dat uit hoofde van een van de facultatieve distillaties geleverde wijn van de eigen productie van de producent afkomstig is; daartoe moet worden bepaald dat deze producent dient te bewijzen dat hij de voor levering bestemde wijn inderdaaad heeft geproduceerd en in bezit heeft; voorts moeten regels worden opgesteld ter waarborging van een toereikend toezicht op de essentiële onderdelen van de distillatiecontracten.

(57) Op grond van de ervaring dient ten opzichte van de hoeveelheid en het effectief alcoholvolumegehalte van de wijn die in het leveringscontract zijn vermeld een zekere tolerantie te worden toegestaan.

(58) Het is wenselijk termijnen te bepalen waarbinnen de steun door de interventiebureaus aan de distilleerders wordt uitbetaald; bovendien dient te worden bepaald dat aan de distilleerder een voorschot op de steun kan worden uitgekeerd; om te garanderen dat het interventiebureau geen onverantwoorde risico's loopt, moet een stelsel van zekerheden worden ingevoerd.

(59) De ervaring heeft geleerd dat het, ten aanzien van de in de artikelen 27 en 28 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde distillaties, voor de producenten niet altijd gemakkelijk is precies te berekenen welke hoeveelheden product zij moeten leveren om aan hun verplichting te voldoen; voorkomen moet worden dat wanneer de voor de levering vastgestelde termijn wordt overschreden, dit voor producenten die de vereiste hoeveelheden vrijwel volledig hebben geleverd en nog slechts een kleine hoeveelheid moeten naleveren, gevolgen heeft die niet evenredig zijn met de begane overtreding; daartoe moet, op voorwaarde dat de betrokken producenten de ontbrekende hoeveelheden product later leveren, ervan worden uitgegaan dat zij hun hoofdverplichting binnen de gestelde termijn zijn nagekomen.

(60) De in de artikelen 27 en 28 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde distillaties zijn van essentieel belang voor de totstandbrenging van het evenwicht op de markt voor tafelwijn en indirect ook voor de structurele aanpassing van het wijnbouwpotentieel aan de vraag; deze maatregelen dienen dus zeer strikt te worden toegepast en alle betrokkenen moeten de hoeveelheden die met hun distillatieverplichting overeenkomen daadwerkelijk leveren; gebleken is dat uitsluiting van de toepassing van de interventiemaatregelen in bepaalde gevallen niet volstaat om de betrokkene zijn verplichting te doen nakomen; derhalve moet worden voorzien in de mogelijkheid om extra communautaire maatregelen te treffen voor producenten die niet aan hun verplichtingen voldoen binnen de gestelde termijn, maar wel vóór een andere, te bepalen datum.

(61) Via de verschillende distillaties in de wijnbouwsector mag neutrale alcohol worden geproduceerd zoals gedefinieerd in bijlage V bij deze verordening; om te kunnen nagaan of aan deze criteria is voldaan, dienen communautaire analysemethoden te worden vastgesteld.

(62) Deze methoden moeten derhalve verplicht worden gesteld voor elke handelstransactie en elke controle en gezien de beperkte mogelijkheden in de handel moet een beperkt aantal gangbare methoden worden toegestaan waarmee de gezochte waarden snel en met voldoende zekerheid kunnen worden bepaald.

(63) Als communautaire analysemethoden dienen methoden te worden geselecteerd die algemeen erkend worden en die methoden moeten uniform worden toegepast.

(64) Met het oog op een goede vergelijkbaarheid van de resultaten van de toepassing van de in Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde analysemethoden moeten de criteria met betrekking tot de herhaalbaarheid en de reproduceerbaarheid van deze resultaten worden bepaald.

(65) De aankoopprijs van de bijproducten moet worden toegepast franco distilleerinstallaties; in bepaalde gevallen wordt het vervoer om praktische redenen door de distilleerder uitgevoerd; om deze handelwijze, die vaak nodig is, niet te belemmeren, dient te worden gepreciseerd dat de aankoopprijs in dat geval wordt verminderd met de vervoerkosten.

(66) De verplichting tot distillatie is een aanzienlijke belasting voor individuele producenten die slechts een kleine hoeveelheid wijn produceren; deze verplichting zou voor hen kosten voor het vervoer van hun druivendraf en wijnmoer veroorzaken die buitensporig hoog zijn in vergelijking met de inkomsten die ze kunnen verwachten uit de daaruit geproduceerde alcohol; derhalve dient de worden toegestaan dat deze producenten de bijproducten niet leveren.

(67) Gepreciseerd zij dat producenten, voor het gedeelte van hun wijnproductie dat daadwerkelijk wordt geleverd voor de in artikel 28 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde distillatie, slechts verplicht zijn de bijproducten van de wijnbereiding uit hoofde van de in artikel 27 bedoelde distillatie van diezelfde verordening te leveren.

(68) In bepaalde productiegebieden vormt de distillatie van bijproducten voor bepaalde kleine producenten een buitensporige last; derhalve moet hun, op verzoek van hun lidstaat, worden toegestaan hun verplichting na te komen door die bijproducten onder toezicht uit de markt te laten nemen.

(69) Producenten die hun druivendraf leveren voor de vervaardiging van oenocyanine leveren over het algemeen ongegiste druivendraf; door de behandelingen voor de extractie van de oenocyanine wordt deze draf ongeschikt voor vergisting en distillatie; deze producenten moeten dus worden vrijgesteld naar verhouding van hun levering van druivendraf voor de vervaardiging van oenocyanine.

(70) Als wijn die normaal in het kader van de verplichte distillatie zou moeten worden geleverd voor de bereiding van wijnazijn wordt gebruikt, zal aan de interventiebureaus minder alcohol worden geleverd; daarom moet de producenten worden toegestaan om de hoeveelheid wijn die zij eventueel nog moeten laten distilleren om volledig aan hun verplichtingen inzake levering van bijproducten van de wijnbereiding te voldoen, in plaats daarvan aan azijnfabrieken te leveren.

(71) Als, overeenkomstig artikel 27, leden 7 en 8, van Verordening (EG) nr. 1493/1999, bijproducten van de wijnbereiding onder toezicht uit de markt worden genomen, moet ervoor worden gezorgd dat alle bijproducten van de verwerking van druiven worden geëlimineerd vóór het einde van het wijnoogstjaar waarin ze zijn vervaardigd; daartoe dient een adequate controleregeling te worden ingesteld, die geen onevenredige administratieve lasten veroorzaakt, met name niet in de lidstaten met zeer geringe wijnproductie.

(72) Bepaald moet worden dat het bewijs moet worden geleverd van levering van de draf, de wijnmoer en de wijn aan de distilleerder, waarbij onderscheid wordt gemaakt naargelang de distilleerder gevestigd is in dezelfde lidstaat als de producent dan wel in een andere lidstaat.

(73) Overeenkomstig artikel 27, lid 11, en artikel 28, lid 5, van Verordening (EEG) nr. 1493/1999 kunnen distilleerders hetzij steun kunnen krijgen voor het te distilleren product, hetzij het bij de distillatie verkregen product aan het interventiebureau leveren; bij de vaststelling van het steunbedrag moet rekening worden gehouden met de marktprijs van de verschillende producten die bij de distillatie kunnen worden verkregen.

(74) Om de steun te ontvangen, moeten de betrokkenen een aanvraag vergezeld van een aantal bewijsstukken indienen; wat de aard en het aantal van de vereiste bewijsstukken betreft, moet rekening worden gehouden met de verschillen tussen enerzijds wijn en wijnmoer en anderzijds druivendraf; met het oog op een uniforme toepassing van de regeling in de lidstaten dienen termijnen voor de indiening van de aanvraag en voor de uitbetaling van de aan de verwerker verschuldigde steun te worden vastgesteld; voorts moeten regels worden vastgesteld voor de evenredigheid van steunverlaging ingeval de distilleerder weliswaar zijn voornaamste verplichtingen is nagekomen, maar het bewijs daarvan te laat heeft geleverd.

(75) Bij de vaststelling van de door de interventiebureaus voor de hun geleverde producten te betalen prijs moet rekening worden gehouden met de gemiddelde kosten voor het vervoeren en distilleren van het betrokken product.

(76) Voor de producten die aan de interventiebureaus worden geleverd uit hoofde van de in artikel 27 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde distillatie dient een uniforme forfaitaire prijs te worden vastgesteld voor alle distillatieproducten, ongeacht de grondstof.

(77) In bepaalde gebieden van de Gemeenschap is de verhouding tussen de hoeveelheden draf enerzijds en de hoeveelheden wijn en wijnmoer anderzijds zo dat de gemiddelde distillatiekosten verschillen van die welke voor de vaststelling van de forfaitaire prijs worden aangehouden; deze situatie maakt het in sommige van de betrokken gebieden economisch onmogelijk, of dreigt het daar onmogelijk te maken, het uiteindelijke doel van de verplichte distillatie van de bijproducten van de wijnbereiding te bereiken; derhalve is het noodzakelijk tegelijk met de forfaitaire prijs ook prijzen vast te stellen die zijn gedifferentieerd naar gelang van de grondstof waaruit het distillatieproduct is verkregen, waarbij de beslissing de gedifferentieerde prijzen toe te passen in de gebieden waar de toepassing van de forfaitaire prijs bovengenoemde moeilijkheden veroorzaakt aan de lidstaten moet worden gelaten.

(78) Wanneer van deze mogelijkheid gebruik wordt gemaakt, mag dit niet leiden tot extra uitgaven van het interventiebureau en derhalve van het EOGFL; daarom moet een correlatie worden vastgesteld tussen het niveau van de naar het basisproduct gedifferentieerde prijzen en de forfaitaire prijs; die correlatie moet zo zijn dat het gewogen gemiddelde van de naar het basisproduct gedifferentieerde prijzen niet hoger is dan de forfaitair vastgestelde prijs.

(79) Bij gebreke van een gemeenschappelijke marktordening voor ethyalcohol zijn de interventiebureaus die de alcohol moeten afzetten die zij moeten aankopen uit hoofde van de in de artikelen 27 en 28 van Verordening (EG) nr. 1493/1999, gedwongen deze alcohol te verkopen tegen een lagere prijs dan de aankoopprijs; bepaald moet worden dat het verschil tussen de aankoopprijs en de verkoopprijs van de betrokken alcohol via een forfaitair bedrag voor rekening komt van het EOGFL, afdeling Garantie.

(80) Artikel 29 van Verordening (EG) nr. 1493/99 van de Raad voorziet in distillatie om de wijnmarkt te ondersteunen en bijgevolg de bevoorrading van de segmenten van de drinkalcoholsector met distillatieproducten van wijn te blijven bevorderen; om rekening te kunnen houden met de overschotten aan het eind van het wijnoogstjaar is het dienstig deze maatregel elk wijnoogstjaar vanaf 1 september toe te passen.

(81) De verantwoordelijkheid van de Commissie voor de afzet van bepaalde, van wijn afkomstige alcohol, brengt mee dat een betere kennis van de transacties op de alcoholmarkt nodig is; daarom moeten de lidstaten aan de Commissie niet alleen inlichtingen verstrekken over alcohol afkomstig van verplichte distillaties, maar ook over alcohol van vrijwillige distillaties die in het bezit van de interventiebureaus is.

(82) Het is wenselijk om de kenmerken waaraan producten die kunnen worden gedistilleerd, moeten voldoen beter te definiëren.

(83) Bepaald moet worden dat de fysieke controle van de in de distilleerderij binnenkomende producten zo moet worden uitgevoerd dat een adequate representativiteit gewaarborgd is.

(84) Bepaald moet worden wat de consequenties zijn wanneer de producent zijn verplichtingen niet nakomt; het is echter wenselijk te bepalen dat de Commissie regels vaststelt ten aanzien van het recht op steun van distilleerders die zich niet aan bepaalde administratieve termijnen hebben gehouden, zulks met name om rekening te houden met het proportionaliteitsbeginsel.

(85) Er moeten bepalingen worden vastgesteld die het mogelijk maken rekening te houden met overmacht als gevolg waarvan de voorgenomen distillatie onmogelijk is geweest.

(86) Voor een goed toezicht op de distillatieverrichtingen moet een erkenningsregeling voor distilleerders worden ingevoerd.

(87) Om rekening te houden met de realiteit van de markt van wijn die voor distillatie is bestemd, is het dienstig toe te staan dat die wijn zowel door de distilleerders als door de bereiders tot distillatiewijn kan worden verwerkt en dat daartoe de nodige aanpassingen in de algemene regeling worden aangebracht.

(88) Het is wenselijk dat de lidstaten met het oog op een optimale controle het aantal plaatsen kunnen beperken waar distillatiewijn mag worden geproduceerd.

(89) Er moeten nadere bepalingen worden vastgesteld inzake de betaling van de aankoopprijs van de wijn, de betaling van de steun aan de bereider van distillatiewijn en van het voorschot op de steun, alsmede inzake het stellen van een zekerheid en het vrijgeven daarvan.

(90) De toevoeging van een verklikstof aan de voor distillatie bestemde wijn is een doeltreffend controlemiddel; bepaald moet worden dat de aanwezigheid van een dergelijke verklikstof het verkeer van deze wijn en van de daaruit verkregen producten niet mag beletten.

(91) In verband met werkwijzen in een aantal lidstaten op het gebied van het vervoer van de producten naar de distilleerderij, met name wanneer het geringe hoeveelheden betreft, moeten de lidstaten worden gemachtigd toe te staan dat het vervoer gemeenschappelijk gebeurt.

(92) Op grond van artikel 32 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 moet voor bepaalde distillaties aan producenten een lagere aankoopprijs worden betaald voor wijn waarvan zij door toevoeging van sacharose of van geconcentreerde druivenmost waarvoor de in artikel 34 bedoelde steun is aangevraagd of waarvoor deze steun is toegekend, het alcoholgehalte hebben verhoogd.

(93) Het is zeer moeilijk om voor elke producent te bepalen in welke mate het alcoholgehalte van de voor distillatie geleverde wijn is verhoogd; daarom kan het economische voordeel dat elke producent zo heeft verkregen alleen nauwkeurig worden bepaald ten koste van een buitensporige administratie die kan leiden tot achterstand bij de uitbetaling van steun en daardoor het vlotte verloop van alle interventiemaatregelen in het gedrang kan brengen; het is daarom dienstig een verlaging van de aankoopprijs van de wijn toe te passen, gebaseerd op de gemiddelde verhoging van het natuurlijke alcoholgehalte in elke wijnbouwzone; om de buitensporige administratieve last van systematische controle op de verhoging van het alcoholgehalte bij alle producenten te vermijden, moet voor elke zone of elk gedeelte van een zone een forfaitaire verlaging van de aankoopprijs worden vastgesteld voor alle voor distillatie geleverde wijn.

(94) Het is billijk te bepalen dat producenten die het alcoholgehalte van de tafelwijn die zij hebben geproduceerd hebben verhoogd door toevoeging van sacharose of van geconcentreerde druivenmost met steun als bedoeld in artikel 34 van Verordening (EG) nr. 1493/1999, de volledige prijs ontvangen; bovendien moet worden bepaald dat de producenten die dit procédé slechts hebben toegepast voor een kleiner deel van hun productie dan zijn voor distillatie leveren, de volledige prijs ontvangen voor een hoeveelheid die overeenkomt met het verschil tussen de geleverde hoeveelheid en de verrijkte hoeveelheid.

(95) De steun voor het door distillatie verkregen product en de prijzen van de producten die door het interventiebureau in het kader van de in artikel 28 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde distillatiemaatregelen zijn overgenomen, moeten worden aangepast om rekening te houden met de verlaging van de aankoopprijs van de wijn.

(96) De situatie op de alcoholmarkt in de Gemeenschap wordt gekenmerkt door voorraden als gevolg van interventiemaatregelen op grond van de artikelen 27, 28 et 30 van Verordening (EG) nr. 1493/1999.

(97) Om een gelijke behandeling van de kopers te waarborgen, moeten de specifieke bepalingen voor deze openbare inschrijvingen worden vastgesteld.

(98) Bepaald moet worden dat voor de afzet van deze voorraden alcohol verschillende vormen van openbare inschrijving mogelijk zijn, naar gelang van het gebruik en de bestemming van deze alcohol alsmede van de hoeveelheden alcohol 100 % vol waarop de openbare inschrijvingen betrekking hebben.

(99) Aangezien de openbare inschrijving ten doel heeft de beste prijs te verkrijgen, moet de Commissie, wanneer zij besluit op de offertes in te gaan, toewijzen aan de hoogste bieder; bovendien moeten bepalingen worden vastgesteld voor het geval dat in verscheidene offertes voor een zelfde partij dezelfde prijs wordt geboden.

(100) Om door bepaalde verwerkers uitgedachte nieuwe toepassingen voor alcohol in middelgrote industriële bedrijven te kunnen uittesten en zo op termijn nieuwe afzetmogelijkheden voor alcohol uit de Gemeenschap te ontwikkelen zonder de markt voor gedistilleerde dranken te verstoren, moet onder bepaalde voorwaarden worden voorzien in de mogelijkheid om offertes van hoogstens 5000 hectoliter in te dienen.

(101) Bepaald moet worden welke vormen van verwerking tot goederen die in het kader van het actieve veredelingsverkeer worden uitgevoerd, met werkelijke industriële toepassingen kunnen worden gelijkgesteld.

(102) Om er zeker van te kunnen zijn dat de verkochte alcohol werkelijk een bestemming krijgt die niet tot verstoring van de alcoholmarkt leidt, moet in de op grond van deze inschrijvingen ingediende offertes nauwkeurig worden vermeld waarvoor de alcohol zal worden gebruikt.

(103) Het is dienstig te bepalen dat een inschrijver een offerte mag indienen per type alcohol, per type eindgebruik en per inschrijving; de juridische gevolgen voor de inschrijver die meer dan één offerte indient, moeten worden gepreciseerd.

(104) Om de concurrentiepositie van de producten die door alcohol zouden kunnen worden vervangen niet ongunstig te beïnvloeden, moet de Commissie de mogelijkheid worden gegeven niet op de offertes in te gaan.

(105) Om zo veel mogelijk offertes in aanmerking te kunnen nemen waarin enerzijds een bevredigende prijs wordt geboden en anderzijds voor de alcohol een eindbestemming is aangegeven die voor dat product nieuwe afzetmogelijkheden in de industrie schept, moet binnen bepaalde grenzen worden voorzien in de mogelijkheid dat inschrijvers die zulke offertes hebben ingediend een vervangingspartij wordt toegewezen; daardoor zal meer alcohol uit de Gemeenschap kunnen worden verkocht en een deel van de voorraden, waarvan het beheer grote uitgaven voor de begroting met zich brengt, kunnen worden weggewerkt.

(106) Ondanks de tolerantie voor de totale hoeveelheid die door middel van inschrijving wordt afgezet, moet, vóór de afgifte van een afhaalbon, de te betalen prijs worden berekend aan de hand van de op een hectoliter nauwkeurig bepaalde hoeveelheid alcohol 100 % vol.

(107) Met het oog op een betere continuïteit in de voorziening van de betrokken landen moeten regelmatig openbare inschrijvingen worden gehouden voor uitvoer naar de landen van het Caribische gebied van wijnalcohol die uitsluitend in de sector motorbrandstoffen mag worden gebruikt; de ervaring heeft geleerd dat er weinig risico is dat die afzetmogelijkheid de markt verstoort en dat het een belangrijke afzetmogelijkheid betreft.

(108) Het is dienstig om de omvang van de partijen die bij inschrijving worden verkocht om naar de landen van het Caribische gebied te worden uitgevoerd, aan te passen aan de normaal ingezette capaciteit van de zeeschepen en zo voor de betrokken handelaren de kosten voor de honoreringszekerheid te beperken; de voor de afhaling van de toegewezen alcohol vastgestelde termijnen moeten dienovereenkomstig worden aangepast.

(109) Er moeten bepaalde voorwaarden inzake de openbare verkoop van wijnalcohol bestemd voor gebruik in de sector motorbrandstoffen binnen de Gemeenschap worden vastgesteld om de bevoorrading van de ondernemingen in zekere mate te garanderen en rekening te houden met de kosten van de in de verwerkingsbedrijven voor dat gebruik uit te voeren investeringen, zonder daardoor echter het vervoer van de te koop aangeboden alcohol onmogelijk te maken.

(110) Bepaald moet worden dat een dergelijke openbare verkoop betrekking kan hebben op verscheidene partijen alcohol wanneer grote hoeveelheden voor afzet via dit soort openbare verkoop zijn bestemd en de alcohol uit de betrokken opslagtanks niet mag worden vervoerd zolang geen afhaalbon is afgegeven.

(111) In geval van een inschrijving of een openbare verkoop voor alcohol die in de sector motorbrandstoffen moet worden gebruikt en waarbij het nodig is de afhaling en de verwerking van de alcohol over verscheidene jaren te spreiden, moet de door de koper geboden prijs per hectoliter alcohol 100 % vol driemaandelijks aan de hand van een in het betrokken bericht van inschrijving vermelde coëfficiënt worden herzien om de voor de toegewezen alcohol te betalen prijs te laten aansluiten bij de ontwikkeling van de brandstofprijzen op de wereldmarkt.

(112) Wegens de grootte van bepaalde tanks waarin een deel van de uit de verplichte distillaties verkregen alcohol is opgeslagen en de lange opslagduur van bepaalde hoeveelheden van deze alcohol, is het in de praktijk onmogelijk precies te weten hoeveel verkoopbare alcohol sommige van deze tanks bevatten.

(113) Daarom moet worden bepaald dat elke inschrijving die uiteindelijk betrekking blijkt te hebben op een verkochte hoeveelheid alcohol van 99 tot 101 % van de oorspronkelijk te koop aangeboden hoeveelheid alcohol, als uitgevoerd moet worden beschouwd.

(114) Gepreciseerd moet worden dat de verklaring van de inschrijver waarbij hij afziet van klachten over de kwaliteit en de kenmerken van de hem eventueel toegewezen alcohol geen betrekking heeft op eventuele verborgen gebreken die vanwege de aard ervan door de inschrijver niet vooraf kunnen worden geconstateerd en het product voor het geplande gebruik ongeschikt maken.

(115) Bovendien moet worden bepaald dat bij verkoop in het kader van bepaalde openbare inschrijvingen de alcohol in voorkomend geval wordt gedenatureerd om te voorkomen dat hij voor andere doeleinden wordt gebruikt; de denaturering dient te gebeuren door benzine aan de toegewezen alcohol toe te voegen.

(116) Er moet een stelsel van zekerheden worden ingevoerd om ervoor te zorgen dat de inschrijvingsprocedures efficiënt verlopen en dat de alcohol daadwerkelijk wordt gebruikt voor het doel waarvoor de betrokken inschrijving wordt gehouden; de zekerheden moeten op een zodanig niveau worden vastgesteld dat, overeenkomstig artikel 31 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 wordt voorkomen dat de markt voor in de Gemeenschap geproduceerde alcohol en gedistilleerde dranken wordt verstoord door een gebruik van de alcohol dat strijdig is met de doelstellingen van de inschrijvingen; er dient te worden verwezen naar de voorschriften van Verordening (EEG) nr. 2220/85 van de Commissie van 22 juli 1985 tot vaststelling van gemeenschappelijke uitvoeringsbepalingen inzake de regeling voor het stellen van zekerheden voor landbouwproducten, met inbegrip van wijn; derhalve moeten de primaire eisen worden vastgesteld voor de verplichtingen waarvoor de zekerheden worden gesteld.

(117) Bij het vervoer over land en over zee en bij de verwerking van de alcohol vóór het eindgebruik kunnen bepaalde hoeveelheden alcohol verloren gaan; bij het beoordelen van de bij het laden en lossen van alcohol geconstateerde verschillen in het volume alcohol moet rekening worden gehouden met de terzake geldende technische normen en voor elk van de bovengenoemde verliezen moet een specifieke maximmumtolerantie worden vastgesteld.

(118) Er moet een algemene maximumtolerantie worden vastgesteld voor de alcoholverliezen bij veelvuldig vervoer over land en over zee in het kader van een openbare inschrijving voor de uitvoer van alcohol die verwerkt wordt in één van de in deze verordening bedoelde derde landen; bovendien moet voor alcoholverliezen die het gevolg zijn van de verwerking in deze derde landen een hogere maximumtolerantie worden vastgesteld dan voor dezelfde bewerkingen als ze zijn uitgevoerd in de Gemeenschap, om rekening te houden met de klimaatsfactoren en met andere aspecten, alsmede met het lagere rendement van installaties in bepaalde derde landen.

(119) Alcoholverliezen boven de vastgestelde maximumtoleranties moeten worden bestraft door van de uitvoeringsgarantie een forfaitair bedrag verbeurd te verklaren dat de kostprijs dekt van de alcohol die in het kader van de in de artikelen 27, 28 en 30 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde distillaties aan het interventiebureau is geleverd; een deel van deze garantie mag pas worden vrijgegeven nadat de koper bewijzen heeft geleverd over alle verliezen in het kader van de betrokken inschrijving, zodat een voldoende groot garantiebedrag beschikbaar blijft om sancties te kunnen opleggen voor ongeoorloofde alcoholverliezen.

(120) Voor verwerking van de verkochte alcohol tot bepaalde voorgeschreven bestemmingen is het nodig dat die alcohol of eerst wordt gerectificeerd of gedehydrateerd; daarbij wordt ook alcohol van slechte smaak geproduceerd, die niet geschikt is om voor de oorspronkelijk bij de inschrijving vastgestelde doeleinden te worden gebruikt; derhalve moeten de voorwaarden voor de vrijgave van de uitvoeringszekerheid aan die situatie worden aangepast.

(121) Voorts dient te worden bepaald dat de controle op de afzet van de alcohol voor de in de inschrijvingen vastgestelde doeleinden ten minste gelijkwaardig dient te zijn aan die op de binnenlandse alcohol; het kan dienstig zijn voor de controle op bepaalde vormen van gebruik of bepaalde bestemmingen een bureau voor internationale verificaties in te schakelen om na te gaan of de verplichtingen in het kader van de openbare inschrijving goed worden nagekomen; met het oog op de versterking en ontwikkeling van de interne markt in het wenselijk de fysieke controles uit te voeren op de plaats van vertrek of bestemming van de alcoholtransporten.

(122) De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité van beheer voor wijn,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Object van deze verordening

De communautaire regelgeving inzake mechanismen voor de regulering van de wijnmarkt bestaat uit titel III van Verordening (EG) nr. 1493/1999 en deze verordening.

Deze verordening betreft de uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 1493/1999 met betrekking tot de steun voor het gebruik van druiven, druivenmost, geconcentreerde druivenmost (titel I), de steun voor particuliere opslag (titel II) en voor distillatie (titel III).

Artikel 2

Algemene voorschriften

1. De lidstaten kunnen bepalen dat marktdeelnemers die hun activiteiten in de loop van een bepaald wijnoogstjaar voor het eerst uitoefenen, slechts in aanmerking kunnen komen voor steun uit hoofde van deze verordening voor producten die afkomstig zijn van druiven van hun eigen productie.

2. Onverminderd artikel 30 van deze verordening komen marktdeelnemers voor wie in het voorgaande wijnoogstjaar de in de artikelen 27 en 28 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde verplichtingen golden, alleen in aanmerking voor de in deze verordening vervatte maatregelen als zij aantonen dat zij hun verplichtingen tot levering of tot het onder toezicht uit de markt nemen, zijn nagekomen.

TITEL I

STEUN VOOR HET GEBRUIK VAN DRUIVEN, DRUIVENMOST, GECONCENTREERDE DRUIVENMOST OF GERECTIFICEERDE GECONCENTREERDE DRUIVENMOST

HOOFDSTUK I

PRODUCTIE VAN DRUIVENSAP

Artikel 3

Object van de steun

1. In dit hoofdstuk worden de uitvoeringsbepalingen vastgesteld van de in artikel 35, lid 1, onder a), van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde steun. De steun wordt toegekend aan verwerkers:

a) die, producenten of producentengroeperingen zijnde, de van hun eigen oogst afkomstige druiven, en de druivenmost en de geconcentreerde druivenmost die volledig uit hun eigen oogst zijn verkregen, verwerken of laten verwerken tot druivensap of tot andere eetbare producten uit dit druivensap, of

b) die druiven, druivenmost of geconcentreerde druivenmost, geproduceerd in de Gemeenschap, direct of indirect kopen bij de producenten of producentengroeperingen om ze te verwerken tot druivensap of tot andere eetbare producten uit dit druivensap.

De gebruikte grondstof moet volledig afkomstig zijn van in de Gemeenschap geproduceerde druiven.

2. Bij gebruik voor de productie van eetbare producten moet het druivensap voldoen aan de bepalingen van richtlijn nr. 93/77/EEG.

Artikel 4

Bedrag van de steun

De bedragen van de steun voor het gebruik van druiven, druivenmost en geconcentreerde druivenmost als bedoeld in artikel 35 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 worden als volgt vastgesteld:

a) Druiven (per 100 kilo): 4,952 [fmxeuro].

b) Druivenmost (per hectoliter): 6,193 [fmxeuro].

c) Geconcentreerde druivenmost (per hectoliter): 21,655 [fmxeuro].

Artikel 5

Technische eisen ten aanzien van de verwerking

De in artikel 4, lid 1, van deze verordening bedoelde producten moeten van gezonde handelskwaliteit zijn en geschikt voor verwerking tot druivensap. De druivenmost en de druivenmost die uit de gebruikte druiven is verkregen, moeten bij 20 °C een soortelijke massa hebben tussen 1,055 en 1,100 g/cm3.

Artikel 6

Regels voor de verwerkers

1. Verwerkers die het hele wijnoogstjaar verwerkingsactiviteiten uitvoeren en die de in artikel 35, lid 1, onder a), van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde steun willen ontvangen, moeten vóór het begin van het wijnoogstjaar of, wanneer zij voor het eerst druivensap produceren, vóór ze met deze activiteit beginnen bij de bevoegde instanties van de lidstaat waar de verwerking plaatsvindt een programma met ten minste de volgende gegevens indienen:

a) de naam of de firmanaam en het adres van de verwerker;

b) de volgende technische gegevens:

i) de aard van de grondstof (druiven, druivenmost of geconcentreerde druivenmost),

ii) de plaats van opslag van de voor verwerking bestemde druivenmost en geconcentreerde druivenmost,

iii) de plaats waar de verwerking zal plaatsvinden.

De lidstaten kunnen met het oog op de controle driemaandelijkse verklaringen en aanvullende gegevens eisen.

2. Verwerkers die verwerkingsactiviteiten uitvoeren op bepaalde data en die de in artikel 35, lid 1, onder a), van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde steun willen ontvangen, moeten ten minste drie werkdagen vóór het begin van deze verwerking bij de bevoegde instantie een schriftelijke verklaring indienen met ten minste de volgende gegevens:

a) de volgens lid 1, onder a) en b), van dit artikel vereiste gegevens;

b) de wijnbouwzone waaruit de grondstof afkomstig is, volgens de indeling in bijlage III bij Verordening (EG) nr. 1493/1999;

c) de volgende technische gegevens:

i) de hoeveelheid (in 100 kg voor druiven en in hectoliter voor druivenmost of geconcentreerde druivenmost),

ii) de soortelijke massa, voor druivenmost en geconcentreerde druivenmost,

iii) de begindatum van de verwerking en de geplande duur daarvan.

De verklaring moet betrekking hebben op een hoeveelheid van ten minste:

a) 1300 kilo voor druiven;

b) 10 hectoliter voor druivenmost;

c) 3 hectoliter voor geconcentreerde druivenmost.

De lidstaten kunnen aanvullende gegevens voor de identificatie van het product eisen.

3. Verwerkers die per wijnoogstjaar niet meer dan 50 ton druiven, 800 hectoliter druivenmost of 150 hl geconcentreerde druivenmost gebruiken voor de productie van druivensap, dienen aan het begin van het wijnoogstjaar bij de bevoegde autoriteiten een verklaring in met de volgens lid 1, onder a) en b), van dit artikel vereiste gegevens. De andere, in de leden 1 en 2 bedoelde verklaringen hoeven door hen niet te worden ingediend.

4. De in de leden 1, 2 en 3 bedoelde verklaringen en programma's moeten worden ingediend in ten minste twee exemplaren, waarvan er ten minste één, naar behoren geviseerd door de bevoegde instantie, naar de verwerker wordt teruggestuurd.

5. De verwerker dient een voorraadboekhouding bij te houden waarin met name de volgende gegevens uit de geleidedocumenten of de in artikel 70 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde registers worden vermeld:

a) de hoeveelheden, de soortelijke massa en de wijnbouwzone van oorsprong van de grondstoffen die dagelijks in zijn bedrijf worden aangevoerd en, in voorkomend geval, de naam en het adres van de verkoper(s),

b) de hoeveelheden en de soortelijke massa van de grondstoffen die dagelijks zijn verwerkt,

c) de dagelijks bij de verwerking geproduceerde hoeveelheden druivensap,

d) de hoeveelheden druivensap die dagelijks zijn bedrijf verlaten en de naam en het adres van de geadresseerde(n).

Wanneer de verwerker in de sapproductie-installaties één van de in artikel 7, lid 1, van deze verordening bedoelde bewerkingen zelf uitvoert, in voorkomend geval met druivensap vermengd met andere producten, hoeven de onder d) van de voorgaande alinea bedoelde gegevens niet te worden vermeld. In dat geval moeten in de voorraadboekhouding bovendien de dagelijks verpakte hoeveelheden druivensap worden vermeld.

6. De bewijsstukken met betrekking tot de in lid 5 bedoelde voorraadboekhouding moeten bij elke verificatie ter beschikking worden gesteld van de controle-instanties.

Artikel 7

Regels voor de gebruikers

1. In de zin van dit artikel wordt onder "gebruiker" verstaan elke andere marktdeelnemer dan de verwerker, die één van de volgende bewerkingen uitvoert: botteling of verpakking, opslag met het oog op verkoop aan één of meer bedrijven die de hiervoor of hierna genoemde bewerkingen verrichten, of vervaardiging, door vermenging met andere producten dan druivensap, van eetbare producten.

2. Wanneer de verwerker niet zelf de in lid 1 bedoelde bewerkingen uitvoert, moet hij op het in artikel 70, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde geleidedocument aangeven of hij voor de productie van druivensap een steunaanvraag in het kader van deze verordening heeft ingediend of zal indienen.

3. Wanneer het druivensap in de Gemeenschap door de verwerker wordt verzonden naar een gebruiker die het opslaat voordat het wordt gebotteld of voordat het wordt gebruikt voor de vervaardiging van andere eetbare producten,

a) zendt het opslagbedrijf het geleidedocument voor het druivensap uiterlijk vijftien dagen na de ontvangst van het product aan de bevoegde instantie van de plaats van lossing,

b) mag de bevoegde instantie het onder a), bedoelde geleidedocument alleen viseren na zich ervan te hebben vergewist dat ten minste een even grote hoeveelheid als die waarop de betrokken zending betrekking heeft, met een passend geleidedocument naar een bottelaar of een fabrikant van de in deze verordening bedoelde eetbare producten is verzonden en door deze gebruikers in ontvangst is genomen.

Als aan de in de eerste alinea, onder b), van dit lid bedoelde voorwaarden is voldaan en na ontvangst van het geleidedocument, retourneert de bevoegde instantie van de plaats van lossing de kopie van het onder a) bedoelde geleidedocument, naar behoren geviseerd, aan de verwerker/verzender van het betrokken druivensap.

4. Wanneer het druivensap door de verwerker in de Gemeenschap wordt verzonden naar een gebruiker die het bottelt, zendt deze laatste binnen vijftien dagen na ontvangst van het product een kopie van het geleidedocument aan de bevoegde instantie van de plaats van lossing.

Uiterlijk dertig dagen na de ontvangst ervan retourneert de bevoegde instantie van de plaats van lossing de kopie van het geleidedocument, naar behoren geviseerd, aan de verwerker/verzender van het betrokken druivensap.

Op verzoek van de gebruiker die bottelt of de verwerker retourneert de bevoegde instantie of de gemachtigde dienst van de plaats van lossing hem rechtstreeks de naar behoren geviseerde kopie van het geleidedocument.

5. Wanneer het druivensap door de verwerker in de Gemeenschap wordt verzonden naar een gebruiker die andere eetbare producten op basis van dit druivensap vervaardigt,

a) zendt de fabrikant van deze producten het geleidedocument voor het druivensap uiterlijk vijftien dagen na de ontvangst van dit product aan de bevoegde instantie,

b) mag de bevoegde instantie de onder a) bedoelde geleidedocumenten alleen viseren, als zij voldoende garanties heeft dat het druivensap daadwerkelijk bestemd is voor de vervaardiging van de betrokken eetbare producten.

Zodra deze garanties er zijn, retourneert de bevoegde instantie van de plaats van lossing uiterlijk dertig dagen na ontvangst van het in dit lid bedoelde geleidedocument de naar behoren geviseerde kopie aan de verwerker/verzender van het betrokken druivensap.

6. In de in dit artikel bedoelde gevallen dient de gebruiker een voorraadboekhouding bij te houden waarin met name moeten worden vermeld:

a) de onverpakte hoeveelheden druivensap die dagelijks in zijn bedrijf worden aangevoerd, en de naam en het adres van de verzender of de verwerker,

b) de onverpakte hoeveelheden druivensap die dagelijks zijn bedrijf verlaten, en de naam en het adres van de geadresseerde(n),

c) de dagelijks verpakte hoeveelheden druivensap en/of druivensap vermengd met andere producten, met opgave van de hoeveelheden druivensap die zijn gebruikt bij de vervaardiging van de betrokken producten.

7. De bewijsstukken met betrekking tot de in lid 7 van dit artikel bedoelde voorraadboekhouding moeten bij elke verificatie ter beschikking van de controle-instanties worden gesteld.

Artikel 8

Steunaanvraag

1. Om steun te ontvangen, moet de in artikel 6, lid 1, van deze verordening bedoelde verwerker uiterlijk zes maanden na het einde van het wijnoogstjaar bij de bevoegde instantie één of meer steunaanvragen indienen, vergezeld van:

a) de in zijn bezit zijnde kopie van de jaarlijkse of driemaandelijkse aangiften of een samenvatting daarvan,

b) een kopie van de in artikel 6, lid 5, van deze verordening bedoelde boekhouding of een samenvatting daarvan. De lidstaten kunnen eisen dat deze kopie of samenvatting door een controle-instantie wordt geviseerd.

2. Om de steun te ontvangen, moet de in artikel 6, lid 2, bedoelde verwerker uiterlijk zes maanden na beëindiging van de verwerking bij de bevoegde instantie een steunaanvraag indienen, vergezeld van:

a) de in zijn bezit zijnde kopie van de verklaring;

b) een kopie of samenvatting van de in artikel 6, lid 5, bedoelde boekhouding. De lidstaten kunnen eisen dat deze kopie of samenvatting door een controle-instantie wordt geviseerd;

c) een kopie van het geleidedocument betreffende het vervoer van de grondstoffen naar het verwerkingsbedrijf of een samenvatting van deze documenten. De lidstaten kunnen eisen dat deze kopie of samenvatting door een controle-instantie wordt geviseerd.

In de steunaanvraag moeten de daadwerkelijk verwerkte hoeveelheid grondstof en de dag waarop de verwerking is beëindigd, worden vermeld.

3. Bovendien moeten de betrokken verwerkers binnen zes maanden na de datum waarop het in artikel 7 van deze verordening bedoelde visum is aangebracht, of na de datum waarop het druivensap is uitgevoerd, naar gelang van het geval, indienen:

a) een kopie van het geleidedocument, geviseerd door de in artikel 7 bedoelde bevoegde instantie,

b) een kopie van het geleidedocument dat voorzien is van het douanestempel als bevestiging dat het product is uitgevoerd.

4. Alle documenten die nodig zijn om voor steun in aanmerking te komen, moeten uiterlijk zes maanden na indiening van de aanvraag worden overgelegd. Wanneer bewijsstukken worden overgelegd in de zes maanden na deze termijn, wordt de steun verminderd met 30 %; daarna wordt geen steun meer uitgekeerd.

Artikel 9

Voorwaarden voor de toekenning van de steun

1. Behalve in geval van overmacht is de steun slechts verschuldigd voor de daadwerkelijk verwerkte hoeveelheden grondstof waarvoor de volgende verhouding tussen de betrokken producten en het vervaardigde druivensap niet is overschreden:

a) 1,3 voor druiven in 100 kg/hl;

b) 1,05 voor most in hl/hl;

c) 0,30 voor geconcentreerde druivenmost in hl/hl.

Bij productie van geconcentreerd druivensap worden deze coëfficiënten vermenigvuldigd met 5.

2. Wanneer de verwerker een andere uit deze verordening voortvloeiende verplichting niet nakomt dan die om de grondstof waarop de steunaanvraag betrekking heeft, te verwerken tot druivensap, wordt, behalve in geval van overmacht, de te betalen steun verminderd met een bedrag dat door de bevoegde instantie wordt vastgesteld naar gelang van de ernst van het verzuim.

3. In geval van overmacht neemt de bevoegde instantie de maatregelen die zij in verband met de aangevoerde omstandigheden noodzakelijk acht.

Artikel 10

Betaling van de steun

De bevoegde instantie betaalt de steun voor de daadwerkelijk verwerkte hoeveelheid grondstof uiterlijk drie maanden na ontvangst van alle in artikel 8 van deze verordening bedoelde bewijsstukken, behalve

- in geval van overmacht,

- wanneer een administratief onderzoek is geopend met betrekking tot het recht op steun. In dat geval wordt pas betaald nadat het recht op het steunbedrag is erkend.

Artikel 11

Voorschot

1. De verwerker kan, op voorwaarde dat hij ten gunste van het interventiebureau een zekerheid heeft gesteld, vragen dat hem een bedrag wordt voorgeschoten dat gelijk is aan het steunbedrag dat is berekend voor de grondstoffen waarvoor hij het bewijs levert dat deze in zijn bedrijf zijn aangevoerd. De zekerheid bedraagt 120 % van bedoeld steunbedrag. In dit geval hoeven de in artikel 8 van deze verordening bedoelde bewijsstukken in dit stadium niet te worden overgelegd.

Wanneer de verwerker in het kader van deze verordening meer dan een steunaanvraag opstelt, kan de bevoegde instantie of de hiertoe gemachtigde dienst hem toestaan één enkele zekerheid te stellen. In dit geval bedraagt de zekerheid 120 % van het totaal van de overeenkomstig de eerste alinea berekende bedragen.

2. Het in lid 1 bedoelde voorschot wordt betaald binnen drie maanden na overlegging van het bewijs dat de zekerheid gesteld is. Het voorschot wordt evenwel niet vóór 1 januari van het betrokken wijnoogstjaar betaald.

3. Na verificatie van alle in artikel 8 van deze verordening bedoelde documenten door de bevoegde instantie of de gemachtigde dienst wordt de in lid 1 bedoelde zekerheid geheel of, in voorkomend geval, gedeeltelijk vrijgegeven volgens de procedure van artikel 19 van Verordening (EEG) nr. 2220/85 van de Commissie. Behoudens overmacht wordt de zekerheid verbeurd als de gebruikte hoeveelheid kleiner is dan 95 % van de hoeveelheid waarvoor het voorschot is betaald.

Wanneer de verwerkte hoeveelheid kleiner is dan 95 % van de hoeveelheid waarvoor het voorschot is betaald, behoudt de verwerker het recht op steun voor de daadwerkelijk verwerkte hoeveelheid.

Wanneer de verwerkte hoeveelheid ligt tussen 95 en 99,9 % van de hoeveelheid waarvoor het voorschot is betaald, wordt de zekerheid slechts verbeurd voor het gedeelte dat niet is verwerkt tijdens het wijnoogstjaar.

HOOFDSTUK II

STEUN VOOR HET GEBRUIK VAN MOST TER VERHOGING VAN HET ALCOHOLGEHALTE VAN WIJNBOUWPRODUCTEN

Artikel 12

Object van de steun

1. De in artikel 34, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde steun wordt toegekend aan de producenten van tafelwijn of in een bepaald gebied voortgebrachte kwaliteitswijn (v.q.p.r.d.) die in de Gemeenschap voortgebrachte geconcentreerde druivenmost en gerectificeerde geconcentreerde druivenmost gebruiken om het natuurlijke alcoholvolumegehalte van de in bijlage V, punt C, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde producten te verhogen.

2. In afwijking van het bepaalde in lid 1 kunnen de lidstaten besluiten dat de steun voor hoeveelheden van niet meer dan 10 hl geconcentreerde druivenmost of gerectificeerde geconcentreerde druivenmost die per wijnoogstjaar worden gebruikt aan de verwerker van geconcentreerde druivenmost en van gerectificeerde geconcentreerde druivenmost mag worden betaald wanneer de koper een individuele wijnproducent is die het product uitsluitend voor verrijking van zijn productie gebruikt.

De lidstaten stellen de uitvoeringsbepalingen voor deze maatregel vast en delen deze mee aan de Commissie.

Artikel 13

Bedrag van de steun

1. Voor de volgende categorieën producten wordt het bedrag van de in artikel 34, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde steun, per % vol potentieel alcoholgehalte/hl, als volgt vastgesteld:

a) Geconcentreerde druivenmost verkregen uit druiven die zijn geoogst:

- In de wijnbouwzones CIII a) en CIII b) 1,699 [fmxeuro]/% vol/hl

- In andere gebieden 1,446 [fmxeuro]/% vol/hl

b) Gerectificeerde geconcentreerde druivenmost verkregen uit druiven die zijn geoogst:

- In de wijnbouwzones CIII a) en CIII b) 2,206 [fmxeuro]/% vol/hl

- In andere gebieden 1,955 [fmxeuro]/% vol/hl

Voor de wijnoogstjaren 2000/2001 tot en met 2002/2003 geldt voor gerectificeerde geconcentreerde druivenmost die is verkregen uit druiven uit andere zones dan de wijnbouwzones CIII a) en CIII b) en die is bereid in installaties waar vóór 1 januari 1986 (Spanje) of vóór 30 juni 1982 (elders) is begonnen met de productie van gerectificeerde geconcentreerde druivenmost het voor de producten van de zones C III vastgestelde bedrag.

2. Het potentiële alcoholgehalte van de in lid 1 bedoelde producten wordt bepaald door de gegevens van de concordantietabel in bijlage II bij deze verordening toe te passen op de cijfers die bij een temperatuur van 20 °C worden aangegeven door de refractometer die wordt gebruikt volgens de methode zoals vastgesteld in bijlage XVIII bij Verordening (EG) nr. 1622/2000 tot invoering van de communautaire regeling inzake oenologische procédés en behandelingen.

Artikel 14

Steunaanvraag

Producenten die de in artikel 34, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde steun willen ontvangen, moeten daartoe bij het bevoegde interventiebureau een aanvraag indienen die betrekking heeft op alle in artikel 34 bedoelde bewerkingen ter verhoging van het alcoholgehalte. Deze aanvraag moet binnen twee maanden na de dag waarop de laatste betrokken bewerking heeft plaatsgevonden bij het interventiebureau zijn ontvangen.

De aanvraag gaat vergezeld van de documenten betreffende de bewerkingen waarvoor de steun wordt aangevraagd.

Artikel 15

Voorwaarden voor de toekenning van de steun

1. Behoudens overmacht is de steun niet verschuldigd als de producent de in artikel 34, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde bewerking niet uitvoert overeenkomstig bijlage V, punten C en D, van Verordening (EG) nr. 1493/1999.

2. Wanneer de producent een andere uit deze verordening voortvloeiende verplichting niet nakomt dan die bedoeld in lid 1, wordt, behalve in geval van overmacht, de te betalen steun verminderd met een bedrag dat door de bevoegde instantie wordt vastgesteld naar gelang van de ernst van het verzuim.

3. In geval van overmacht neemt de bevoegde instantie de maatregelen die zij in verband met de aangevoerde omstandigheden noodzakelijk acht.

Artikel 16

Betaling van de steun

Het steunbedrag wordt vóór 31 augustus na het einde van het betrokken wijnoogstjaar aan de producent uitbetaald, behalve:

a) in geval van overmacht,

b) wanneer een administratief onderzoek is geopend met betrekking tot het recht op steun. In dat geval wordt pas betaald nadat het recht op het steunbedrag is erkend.

Artikel 17

Voorschot

1. Vanaf 1 januari van het betrokken wijnoogstjaar kan de producent, op voorwaarde dat hij een zekerheid ten gunste van het interventiebureau stelt, verzoeken dat hem een bedrag wordt voorgeschoten dat gelijk is aan de steun die is berekend voor de producten die worden gebruikt voor de verhoging van het alcoholgehalte. Deze zekerheid bedraagt 120 % van de aangevraagde steun.

Het beschikbare gedeelte van de in artikel 14, tweede alinea, bedoelde documenten dient bij de aanvraag te worden gevoegd. De resterende documenten moeten vóór het einde van het wijnoogstjaar worden ingediend.

2. Het interventiebureau betaalt het voorschot binnen drie maanden na overlegging van het bewijs dat zekerheid gesteld is.

3. Na verificatie van alle documenten door de bevoegde instantie of de gemachtigde dienst en rekening houdend met het uit te betalen steunbedrag wordt de zekerheid volledig of, in voorkomend geval, gedeeltelijk vrijgegeven volgens de procedure van artikel 19 van Verordening (EEG) nr. 2220/85 van de Commissie.

HOOFDSTUK III

STEUN VOOR DE VERVAARDIGING VAN BEPAALDE PRODUCTEN IN HET VERENIGD KONINKRIJK EN IN IERLAND

Artikel 18

Object en hoogte van de steun

1. De in artikel 35, lid 1, onder b) en c), van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde steun wordt toegekend aan:

a) marktdeelnemers, hierna "bereiders" genoemd, die geconcentreerde druivenmost, uitsluitend verkregen uit in de wijnbouwzones C III a) en C III b) geproduceerde druiven, gebruiken voor de vervaardiging in het Verenigd Koninkrijk en Ierland van die producten van GN-code 220600 waarvoor, op grond van bijlage VII, punt C.3, van Verordening (EG) nr. 1493/1999, door deze lidstaten het gebruik van een samengestelde benaming waarin het woord "wine" voorkomt, kan worden toegestaan; deze steun bedraagt 0,2379 [fmxeuro] per kilogram;

b) marktdeelnemers, hierna "fabrikanten" genoemd, die geconcentreerde druivenmost, uitsluitend verkregen uit in de Gemeenschap geproduceerde druiven, gebruiken als hoofdbestanddeel van een pakket producten dat in het Verenigd Koninkrijk en Ierland door hen in de handel wordt gebracht met daarbij duidelijke instructies voor de consument om er thuis een wijnimitatiedrank uit te bereiden; deze steun bedraagt 0,3103 [fmxeuro] per kilogram.

2. De geconcentreerde druivenmost waarvoor steun wordt aangevraagd, moet van gezonde handelskwaliteit zijn en geschikt om voor de in artikel 35, lid 1, onder b) en c), van Verordening (EG) nr. 1493/1999 genoemde doeleinden te worden gebruikt.

Artikel 19

Steunaanvraag

1. Bereiders of fabrikanten die de in artikel 35, lid 1, onder b) of c), van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde steun willen ontvangen, moeten daartoe tussen 1 augustus en 31 juli van het betrokken wijnoogstjaar een schriftelijke aanvraag indienen bij de bevoegde instantie van de lidstaat waar de geconcentreerde druivenmost wordt gebruikt.

De aanvraag moet ten minste zeven werkdagen voordat met de betrokken werkzaamheden wordt begonnen, ingediend worden.

De termijn van zeven werkdagen kan evenwel worden ingekort als de bevoegde instantie hiervoor schriftelijk haar toestemming geeft.

2. De steunaanvraag moet betrekking hebben op een hoeveelheid van ten minste 50 kg geconcentreerde druivenmost.

3. In de steunaanvragen worden met name de volgende gegevens verstrekt:

a) de naam of de firmanaam en het adres van de bereider of de fabrikant,

b) de wijnbouwzone waaruit de geconcentreerde druivenmost afkomstig is, volgens de indeling in bijlage III bij Verordening (EG) nr. 1493/1999;

c) de volgende technische gegevens:

i) de plaats van opslag,

ii) de hoeveelheid (uitgedrukt in kg of, als de in artikel 35, lid 1, onder c), van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde geconcentreerde druivenmost verpakt wordt in recipiënten met een inhoud van ten hoogste 5 kg, in aantal recipiënten),

iii) de soortelijke massa,

iv) de betaalde prijzen.

v) de plaats waar de in artikel 35, lid 1, onder b) en c), van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde werkzaamheden worden uitgevoerd.

De lidstaten kunnen aanvullende gegevens voor de identificatie van de geconcentreerde druivenmost eisen.

4. Bij de steunaanvraag dient een kopie te worden gevoegd van het/de door de bevoegde instantie van de lidstaat afgegeven geleidedocument(en) betreffende het vervoer van de geconcentreerde druivenmost naar het bedrijf van de bereider of de fabrikant.

De wijnbouwzone waar de gebruikte verse druiven zijn geoogst, moet worden vermeld in kolom 8 van het document.

Artikel 20

Voorwaarden voor toekenning van de steun

1. De bereider of de fabrikant moet de totale hoeveelheid geconcentreerde druivenmost waarvoor steun is aangevraagd, gebruiken voor de in artikel 35, lid 1, onder b) en c), van Verordening (EG) nr. 1493/1999 genoemde doeleinden. Er wordt een tolerantie naar beneden van 10 % ten opzichte van de in de aanvraag vermelde hoeveelheid geconcentreerde druivenmost toegestaan.

2. De bereider of de fabrikant dient een voorraadboekhouding bij te houden waarin met name moeten worden vermeld:

a) de partijen geconcentreerde druivenmost die dagelijks worden gekocht en in zijn bedrijf worden aangevoerd, alsmede de in artikel 19, lid 2, onder b) en c), van deze verordening bedoelde gegevens en de naam en het adres van de verkoper(s);

b) de hoeveelheden geconcentreerde druivenmost die dagelijks voor de in artikel 35, lid 1, onder b) en c), van Verordening (EG) nr. 1493/1999 genoemde doeleinden worden gebruikt,

c) de partijen eindproducten als bedoeld in artikel 35, lid 1, onder b) en c), van Verordening (EG) nr. 1493/1999 die dagelijks worden geproduceerd en zijn bedrijf verlaten, en de naam en het adres van de geadresseerde(n).

3. Binnen één maand na de datum waarop, rekening houdend met de bij lid 1 van dit artikel vastgestelde tolerantie, de totale hoeveelheid geconcentreerde druivenmost waarvoor steun is aangevraagd, voor de in artikel 35, lid 1, onder b) of c), van Verordening (EG) nr. 1493/1999 genoemde doeleinden is gebruikt, brengt de bereider of de fabrikant de bevoegde instantie daarvan schriftelijk op de hoogte.

4. Behoudens overmacht is de steun niet verschuldigd wanneer de bereider of de fabrikant de in lid 1 van dit artikel bedoelde verplichting niet nakomt.

5. Wanneer de bereider of de fabrikant een andere uit deze verordening voortvloeiende verplichting niet nakomt dan die bedoeld in lid 1 van dit artikel, wordt, behalve in geval van overmacht, de te betalen steun verminderd met een bedrag dat door de bevoegde instantie wordt vastgesteld naar gelang van de ernst van het verzuim.

6. In geval van overmacht neemt de bevoegde instantie de maatregelen die zij in verband met de aangevoerde omstandigheden noodzakelijk acht.

Artikel 21

Betaling van de steun

De bevoegde instantie betaalt de steun voor de werkelijk gebruikte hoeveelheid geconcentreerde druivenmost uiterlijk drie maanden na ontvangst van de in artikel 20, lid 3, van deze verordening bedoelde mededeling.

Artikel 22

Voorschot

1. De bereider of de fabrikant als bedoeld in artikel 18 van deze verordening kan vragen dat hem een bedrag wordt voorgeschoten dat gelijk is aan de steun, op voorwaarde dat hij ten gunste van de bevoegde instantie een zekerheid van 120 % van bedoeld steunbedrag heeft gesteld.

2. Het in lid 1 bedoelde voorschot wordt betaald binnen drie maanden na overlegging van het bewijs dat de zekerheid is gesteld, op voorwaarde dat het bewijs wordt geleverd dat de geconcentreerde druivenmost is betaald.

3. Nadat de bevoegde instantie de in artikel 20, lid 3, van deze verordening bedoelde mededeling heeft ontvangen en rekening houdend met het uit te betalen steunbedrag, wordt de in lid 1 bedoelde zekerheid geheel of, in voorkomend geval, gedeeltelijk vrijgegeven volgens de procedure van artikel 19 van Verordening (EEG) nr. 2220/85 van de Commissie.

TITEL II

STEUN VOOR PARTICULIERE OPSLAG

Artikel 23

Object van deze titel

In deze titel worden de uitvoeringsbepalingen vastgesteld van de in titel III, hoofdstuk I, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde steunregeling voor particuliere opslag.

Artikel 24

Definities

In deze titel wordt verstaan onder "producten", ongeacht het wijnoogstjaar waarin ze zijn geproduceerd, druivenmost, geconcentreerde druivenmost, gerectificeerde geconcentreerde druivenmost en tafelwijn.

Artikel 25

Bedrag van de steun

Het voor de hele Gemeenschap geldende steunbedrag voor de opslag wordt forfaitair per dag en per hectoliter als volgt vastgesteld:

a) voor druivenmost: 0,01837 [fmxeuro];

b) voor geconcentreerde druivenmost: 0,06152 [fmxeuro];

c) voor gerectificeerde druivenmost: 0,06152 [fmxeuro];

d) voor tafelwijn: 0,01544 [fmxeuro].

Artikel 26

Regels voor de begunstigden

1. De interventiebureaus sluiten alleen contracten voor particuliere opslag met producenten.

In deze titel wordt onder producent verstaan elke natuurlijke persoon of rechtspersoon of groepering van zulke personen die de volgende producten verwerkt of laat verwerken:

a) verse druiven tot druivenmost;

b) druivenmost tot geconcentreerde druivenmost of gerectificeerde geconcentreerde druivenmost;

c) verse druiven, druivenmost of gedeeltelijk gegiste druivenmost tot tafelwijn.

Producentenorganisaties als bedoeld in artikel 39 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 worden voor de door de georganiseerde producenten verkregen hoeveelheden gelijkgesteld met producenten. De in artikel 2 van deze verordening bedoelde verplichtingen blijven rusten op de leden die de wijn hebben geleverd waarvoor het contract is gesloten.

2. Een producent kan alleen een contract sluiten voor een product dat is vervaardigd

- door hemzelf

- of onder zijn verantwoordelijkheid en dat zijn eigendom is

- of, in het geval van producentenorganisaties als bedoeld in lid 1, derde alinea, onder de verantwoordelijkheid van de leden daarvan.

3. Het interventiebureau van een lidstaat kan alleen contracten sluiten voor een op het grondgebied van die lidstaat opgeslagen product.

4. Dezelfde producten kunnen niet én het object zijn van een contract voor particuliere opslag én onder het in artikel 5, lid 1, van Verordening (EEG) nr. 565/80 van de Raad bedoelde stelsel worden gebracht.

Artikel 27

Kenmerken van de producten waarvoor steun wordt verleend

Bij het sluiten van een contract:

a) moet druivenmost op grond van artikel 19 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 volledig afkomstig zijn van druiven die als druiven van wijndruivenproducerende rassen zijn ingedeeld, en een natuurlijk alcoholvolumegehalte hebben dat ten minste gelijk is aan het voorgeschreven minimale natuurlijke alcoholgehalte voor de wijnbouwzone waar de most is verkregen,

b) i) moet tafelwijn beantwoorden aan de minimumkwaliteitseisen die in bijlage II bij deze verordening zijn vastgesteld voor de categorie waarvoor het contract wordt gesloten,

ii) mag het gehalte aan reducerende suikers van de tafelwijn niet meer dan 2 gram per liter bedragen, behalve voor tafelwijn uit Portugal, waarvoor dit gehalte niet meer dan 4 gram per liter mag bedragen,

iii) moet de tafelwijn goed reageren bij blootstelling aan de lucht gedurende 24 uur,

iv) mag de tafelwijn geen slechte smaak hebben;

c) mogen bij de in artikel 24 van deze verordening bedoelde producten de in de communautaire wetgeving vastgestelde maximaal toelaatbare niveaus van radioactiviteit niet overschreden worden; de controle op de mate van radioactieve besmetting wordt alleen uitgevoerd als de situatie dit vereist en zolang dat nodig blijft.

Artikel 28

Hoeveelheden waarvoor steun kan worden verleend

1. De totale hoeveelheid producten waarvoor een producent opslagcontracten sluit, kan niet groter zijn dan de hoeveelheid die vermeld is in de overeenkomstig artikel 18, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 voor het betrokken wijnoogstjaar ingediende opgave van de productie, vermeerderd met de door hemzelf na de datum van indiening van de genoemde opgave geproduceerde hoeveelheden, bepaald aan de hand van de in artikel 70 van diezelfde Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde registers.

2. De contracten hebben betrekking op een minimumhoeveelheid van 50 hectoliter voor tafelwijn, 30 hectoliter voor druivenmost en 10 hectoliter voor geconcentreerde druivenmost en gerectificeerde geconcentreerde druivenmost.

Artikel 29

Sluiten van contracten

1. Contracten worden alleen gesloten op voorwaarde dat de producent voor iedere recipiënt waarin het betrokken product opgeslagen ligt de volgende gegevens verstrekt:

a) aanduidingen waardoor de recipiënt kan worden geïdentificeerd,

b) de volgende analysegegevens:

i) de kleur,

ii) het gehalte aan zwaveldioxide

iii) het feit dat geen hybriderassen zijn gebruikt, hetgeen voor rode producten wordt nagegaan door onderzoek op malvidoldiglucoside.

Wanneer het druivenmost, geconcentreerde druivenmost of gerectificeerde geconcentreerde druivenmost betreft, wordt voorts vermeld:

c) de aanduiding in cijfers die bij een temperatuur van 20 °C wordt aangegeven door de refractometer die wordt gebruikt volgens de in de bijlage bij Verordening (EEG) nr. 558/93 van de Commissie vastgestelde methode. Bij controles door de autoriteiten wordt een tolerantie van 0,2 toegestaan.

Wanneer het tafelwijn betreft, moeten voorts onder meer de volgende analysegegevens worden verstrekt:

d) het totale alcoholvolumegehalte;

e) het effectieve alcoholvolumegehalte;

f) het totale zuurgehalte, uitgedrukt in gram wijnsteenzuur/liter of in milli-equivalent/liter; voor witte wijn kunnen de lidstaten evenwel bepalen dat deze aanduiding niet vereist is;

g) het gehalte aan vluchtige zuren, uitgedrukt in gram azijnzuur/liter of in milli- equivalent/liter; voor witte wijn kunnen de lidstaten evenwel bepalen dat deze aanduiding niet vereist is;

h) het gehalte aan reducerende suikers;

i) het gedrag van de wijn bij blootstelling aan de lucht gedurende 24 uur;

j) het feit dat de wijn geen slechte smaak heeft.

De bovenbedoelde analysegegevens worden vastgesteld door een officieel laboratorium als bedoeld in artikel 72 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 in de 30 dagen voordat het contract wordt gesloten.

2. De lidstaten kunnen het aantal contracten dat een producent voor elk wijnoogstjaar mag sluiten, beperken.

3. Een contract voor tafelwijn kan niet worden gesloten vóór de datum waarop de betrokken wijn voor het eerst wordt afgetapt.

4. Producenten die een opslagcontract voor tafelwijn willen sluiten, stellen het interventiebureau bij de indiening van de aanvraag voor het sluiten van een contract in kennis van de totale hoeveelheid tafelwijn die zij in het lopende wijnoogstjaar hebben geproduceerd.

Met het oog hierop dient de producent een kopie in van de in artikel 18, tweede alinea, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde productieopgave(n) en, in voorkomend geval, ook van de in artikel 29 van deze verordening bedoelde registers. Wanneer de opgave nog niet beschikbaar is, mag een voorlopig attest worden overgelegd.

5. Onverminderd artikel 25, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bevat het contrat ten minste de volgende gegevens:

a) de naam en het adres van de betrokken producenten;

b) de naam en het adres van het interventiebureau,

c) de aard van het product volgens de in artikel 25 van deze verordening bedoelde categorieën;

d) de hoeveelheid;

e) de plaats van opslag;

f) de eerste dag van de opslagperiode;

g) het bedrag van de steun, uitgedrukt in [fmxeuro].

Wanneer het tafelwijn betreft, bevat het contract voorts:

h) een verklaring dat de tafelwijn al voor het eerst is afgetapt;

i) een bepaling dat het volume met een door de Commissie, volgens de procedure van artikel 75 van Verordening (EG) nr. 1493/1999, vast te stellen percentage kan worden verminderd, wanneer het totale volume van de ondertekende contracten aanzienlijk hoger ligt dan het gemiddelde van de drie voorafgaande wijnoogstjaren; de opgeslagen hoeveelheden mogen door deze vermindering niet onder de in artikel 28, lid 2, vastgestelde minima komen te liggen. Wanneer deze vermindering wordt toegepast, blijft de steun geheel verschuldigd voor de periode die daaraan voorafgaat.

De lidstaten kunnen aanvullende gegevens eisen voor de identificatie van het betrokken product.

Artikel 30

Afwijking van artikel 2 van deze verordening

De lidstaten kunnen toestaan dat contracten worden gesloten voordat de producent het in artikel 2 van deze verordening bedoelde bewijs heeft geleverd, op voorwaarde dat in deze contracten een verklaring van de producent wordt opgenomen dat hij de in datzelfde artikel 2 bedoelde verplichtingen is nagekomen of dat hij voldoet aan de voorwaarde als bedoeld in artikel 58 van titel III van deze verordening en hij zich ertoe verbindt de hoeveelheden die nog nodig zijn om zijn verplichtingen volledig na te komen, binnen de door de bevoegde nationale autoriteit vastgestelde termijn te leveren.

Het in de eerste alinea bedoelde bewijs wordt geleverd vóór 31 augustus van het volgende wijnoogstjaar.

Artikel 31

Begin van de opslagperiode

1. De eerste dag van de opslagperiode is de dag na die waarop het contract wordt gesloten.

2. Als echter een contract wordt gesloten voor een opslagperiode die ingaat na de dag die volgt op de dag waarop het contract wordt gesloten, mag de eerste dag van de opslagperiode niet later vallen dan 16 februari.

Artikel 32

Einde van de opslagperiode

1. Opslagcontracten voor druivenmost, geconcentreerde druivenmost en gerectificeerde geconcentreerde druivenmost vervallen tussen 1 augustus en 30 november volgende op de dag waarop ze zijn gesloten.

2. Opslagcontracten voor tafelwijn vervallen tussen 1 september en 30 november volgende op de dag waarop ze zijn gesloten

3. Met het oog op de bepaling van de vervaldatum van het contract zendt de producent het interventiebureau een verklaring waarin de datum van de laatste dag van het contract wordt vermeld. De lidstaten stellen de bepalingen voor de indiening van deze verklaring vast.

Als een dergelijke verklaring niet wordt ontvangen, wordt 30 november vastgesteld als vervaldatum van het contract.

4. Producenten die niet hebben verzocht om een voorschot op grond van artikel 38 van deze verordening mogen vanaf de eerste dag van de vijfde opslagmaand de druivenmost en de geconcentreerde druivenmost in de handel brengen voor uitvoer of voor de bereiding van druivensap.

In dit geval brengen de producenten het interventiebureau op de hoogte overeenkomstig het bepaalde in lid 3.

Het interventiebureau vergewist zich ervan dat het product daadwerkelijk voor het opgegeven doel wordt gebruikt.

Artikel 33

Vervroegde beëindiging van het contract op verzoek van de producent

1. Als de Commissie dat, gezien de ontwikkeling van de markt, de gegevens over de voorraadsituatie en de oogstprognoses, toestaat, kunnen de producenten die geen voorschot als bedoeld in artikel 38 van deze verordening hebben aangevraagd vanaf 1 juni het opslagcontract beëindigen.

2. Bovendien kunnen, wanneer de Commissie op grond van artikel 29, lid 5, onder i), van deze verordening besluit de volumes te verminderen, de producenten het contract eenzijdig geheel of gedeeltelijk opzeggen in de maand na die van bekendmaking van dit besluit.

Artikel 34

Uitvoeringsbepalingen voor de opslag

1. Gedurende de opslagperiode en tot en met de laatste dag van de geldigheidsduur van het contract moeten de opgeslagen producten:

a) beantwoorden aan de respectieve definities van bijlage I bij Verordening (EG) nr. 1493/1999,

b) ten minste het minimumalcoholgehalte hebben dat bij het sluiten van het contract van toepassing was voor de betrokken categorie tafelwijn,

c) verpakt zijn in recipiënten van ten minste 50 liter,

d) ongebotteld blijven en

e) wat wijn betreft, geschikt zijn om aan het eind van de opslagperiode voor rechtstreekse menselijke consumptie te worden aangeboden of geleverd.

2. Onverminderd artikel 6 mogen voor producten waarvoor het contract is gesloten slechts de behandelingen of oenologische procédés worden uitgevoerd die nodig zijn voor een goede bewaring. Voor wijn wordt een verandering van het in het contract vermelde volume van ten hoogste 2 % toegestaan; voor druivenmost mag deze verandering niet groter zijn dan 3 %. Wanneer veranderd is van tank worden deze percentages verhoogd met 1 %. Wanneer deze percentages voor de totale hoeveelheid van het contract niet worden overschreden, blijft de steun volledig verschuldigd; in geval van overschrijding is de steun niet langer verschuldigd.

3. Onverminderd artikel 33 van deze verordening mag de producent tijdens de geldigheidsduur van het contract het product waarvoor het contract is gesloten niet verkopen, noch op enige andere wijze in de handel brengen.

In afwijking van de eerste alinea mag de producent zich er tijdens de geldigheidsduur van het contract toe verbinden de tafelwijn waarvoor het contract is gesloten, zodra dit contract afloopt, te leveren voor een distillatie als bedoeld in titel III van deze verordening.

4. De producent brengt het interventiebureau vooraf, binnen een door de lidstaat vast te stellen termijn, op de hoogte van elke wijziging gedurende de geldigheidsduur van het contract:

a) in de plaats van opslag, of

b) in de verpakking van het product. In dit geval geeft hij de recipiënten aan waarin het product definitief zal worden opgeslagen.

5. Wanneer de producent voornemens is het product waarvoor het contract is gesloten, te vervoeren naar een opslagplaats in een andere plaats of in een ruimte die niet zijn eigendom is, mag het vervoer slechts worden verricht nadat het overeenkomstig het bepaalde in lid 4 op de hoogte gebrachte interventiebureau daarmee heeft ingestemd.

6. Producenten die een contract hebben gesloten voor de particuliere opslag van druivenmost, mogen deze most tijdens de geldigheidsduur van het contract geheel of gedeeltelijk verwerken tot geconcentreerde druivenmost of gerectificeerde geconcentreerde druivenmost.

Producenten die een contract hebben gesloten voor de particuliere opslag van geconcentreerde druivenmost, mogen deze producten tijdens de geldigheidsduur van het contract geheel of gedeeltelijk verwerken tot gerectificeerde geconcentreerde druivenmost.

De producenten mogen de in de twee bovenstaande alinea's bedoelde verwerking door derden laten uitvoeren voor zover de door verwerking verkregen producten eigendom zijn van deze producenten en deze vooraf een aangifte hebben ingediend. De betrokken lidstaat verricht de controles op deze activiteiten.

7. De belanghebbende producenten delen het interventiebureau schriftelijk de volgende gegevens mee: de datum waarop de in lid 6 bedoelde verwerking begint, de opslagplaats en de soort verpakking.

De mededeling moet ten minste vijftien dagen vóór het begin van de verwerking bij het interventiebureau binnenkomen.

Binnen één maand, te rekenen vanaf de dag waarop de verwerking is beëindigd, doen de producenten het interventiebureau een analyseverslag inzake het verkregen product toekomen, waarin ten minste de voor dit product vereiste gegevens als bedoeld in artikel 29 van deze verordening zijn vermeld.

8. Wanneer tot één van de in lid 6 van dit artikel bedoelde verwerkingen wordt overgegaan, is het bedrag van de steun voor de opslag van het product waarvoor het contract is gesloten gelijk aan:

a) het in artikel 25, onder a), van deze verordening vastgestelde bedrag voor de in lid 6, eerste alinea, bedoelde verwerking,

b) het in artikel 25, onder b), van deze verordening vastgestelde bedrag voor de in lid 6, tweede alinea, bedoelde verwerking.

De steun wordt, voor de hele duur van de opslag, berekend op basis van de hoeveelheden product vóór verwerking, waarvoor het contract geldt.

Artikel 35

Verandering in het product tijdens de opslag

1. Als het product waarvoor een contract is gesloten of een deel daarvan niet meer beantwoordt aan de in artikel 34, lid 1, van deze verordening bedoelde eisen, brengt de producent het interventiebureau daarvan onverwijld op de hoogte. Deze mededeling gaat vergezeld van een analyseverslag dat dient als bewijs. Het interventiebureau beëindigt het contract voor de betrokken hoeveelheid product op de datum van het analyseverslag.

2. Als bij een controle door het interventiebureau of door een andere controle-instantie wordt geconstateerd dat in de loop van de geldigheidsduur van een contract de hele hoeveelheid waarvoor dat contract is gesloten of een deel daarvan niet meer beantwoordt aan de in artikel 34, lid 1, van deze verordening bedoelde eisen, beëindigt het interventiebureau het contract voor de betrokken hoeveelheid op de datum die het zelf bepaalt.

Artikel 36

Voorwaarden voor de toekenning van de steun

1. Behalve in geval van overmacht

a) is de steun niet verschuldigd als de producent de uit artikel 34, leden 1, 2, 3, 4, 5 en 7, van deze verordening voortvloeiende verplichtingen niet nakomt of wanneer hij weigert controles te laten uitvoeren;

b) wordt, als de producent één van de andere uit deze verordening of uit het contract voortvloeiende verplichtingen dan die bedoeld onder a), niet nakomt, de steun verminderd met een bedrag dat door de bevoegde instantie wordt vastgesteld naar gelang van de ernst van de overtreding.

2. In gevallen van erkende overmacht neemt de bevoegde instantie de maatregelen die zij in verband met de aangevoerde omstandigheden noodzakelijk acht.

Artikel 37

Betaling van de steun

1. Het steunbedrag wordt uiterlijk drie maanden na de vervaldatum van het contract uitbetaald, behalve

a) in geval van overmacht,

b) wanneer een administratief onderzoek is geopend met betrekking tot het recht op steun. In dat geval vindt betaling alleen plaats nadat het recht op het steunbedrag is erkend.

2. Wanneer het contract overeenkomstig de artikelen 33 of 36 van deze verordening is beëindigd, is de steun verschuldigd naar rata van de feitelijke duur van het contract. De steun wordt betaald uiterlijk drie maanden na de dag waarop het contract is beëindigd.

Artikel 38

Voorschot

1. Aan producenten die een langlopend opslagcontract hebben gesloten, kan op hun verzoek een voorschot op het bij de opstelling van het contract berekende steunbedrag worden betaald, op voorwaarde dat ten gunste van het interventiebureau een zekerheid is gesteld van 120 % van het steunbedrag.

Het voorschot wordt betaald uiterlijk drie maanden nadat het bewijs is geleverd dat de zekerheid is gesteld.

Het saldo wordt uiterlijk drie maanden na de vervaldatum van het contract betaald.

2. De in lid 1 bedoelde zekerheid wordt gesteld in de vorm van een garantie die wordt gegeven door een instelling die voldoet aan de criteria welke zijn vastgesteld door de lidstaat waaronder het interventiebureau ressorteert.

De zekerheden worden vrijgegeven zodra het saldo is betaald.

Wanneer de steun op grond van artikel 36, lid 1, onder a), van deze verordening niet verschuldigd is, worden de zekerheden volledig verbeurd.

Wanneer de steun ingevolge de toepassing van artikel 36, lid 1, onder b), van deze verordening wordt vastgesteld op een bedrag dat lager is dan het reeds betaalde bedrag, wordt het bedrag van de zekerheid verminderd met 120 % van het boven de verschuldigde steun betaalde bedrag. De aldus verlaagde zekerheid wordt uiterlijk drie maanden na de vervaldag van het contract vrijgegeven.

3. Bij toepassing van het bepaalde in artikel 29, lid 5, onder i), brengen de lidstaten de nodige aanpassingen aan.

Artikel 39

Verband met kwaliteitswijn

Tafelwijn waarvoor een opslagcontract is gesloten, mag later niet worden erkend als v.q.p.r.d., noch worden gebruikt voor de bereiding van een v.q.p.r.d., een v.m.q.p.r.d., een v.l.q.p.r.d. of een v.p.q.p.r.d als gedefinieerd in artikel 54, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1493/1999.

TITEL III

DISTILLATIE

Artikel 40

Object van deze titel

In deze titel worden de uitvoeringsbepalingen vastgesteld van de in titel III, hoofdstuk II, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde distillaties.

Artikel 41

Definities

1. Voor de toepassing van het bepaalde in deze titel wordt verstaan onder:

a) producent:

i) voor de toepassing van hoofdstuk I van deze titel: iedere natuurlijke persoon, rechtspersoon of groepering van deze personen die uit zelf verkregen of aangekochte verse druiven, druivenmost, gedeeltelijk gegiste druivenmost of jonge, nog gistende wijn, wijn bereidt, alsmede iedere natuurlijke persoon, rechtspersoon of groepering van deze personen voor wie de in artikel 27 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde verplichtingen gelden;

ii) voor de toepassing van de hoofdstukken II en III van deze titel: iedere natuurlijke persoon, rechtspersoon of groepering van deze personen die uit zelf verkregen of aangekochte verse druiven, druivenmost of gedeeltelijk gegiste druivenmost wijn bereidt,

b) distilleerder: iedere natuurlijke persoon, rechtspersoon of groepering van deze personen die:

i) wijn, distillatiewijn, bijproducten van de wijnbereiding of van een andere verwerking van druiven distilleert en

ii) erkend is door de bevoegde instanties van de lidstaat op het grondgebied waarvan de distilleerinstallaties zich bevinden;

c) bereider van distillatiewijn: iedere natuurlijke persoon, rechtspersoon of groepering van personen, met uitzondering van de distilleerder, die:

i) wijn tot distillatiewijn verwerkt en

ii) erkend is door de bevoegde autoriteiten van de lidstaat op het grondgebied waarvan de installaties zich bevinden;

d) bevoegd interventiebureau:

i) voor het in ontvangst nemen en goedkeuren van de leveringscontracten of -aangiften voor distillatie, en van de leveringscontracten voor de bereiding van distillatiewijn: het interventiebureau dat is aangewezen door de lidstaat op het grondgebied waarvan de wijn zich bevindt op het ogenblik waarop het contract of de aangifte wordt ingediend,

ii) voor de betaling van de in artikel 69 bedoelde steun aan de bereider van distillatiewijn: het interventiebureau dat is aangewezen door de lidstaat op het grondgebied waarvan de distillatiewijn wordt bereid,

iii) voor alle overige gevallen: het interventiebureau dat is aangewezen door de lidstaat op het grondgebied waarvan de distillatie wordt uitgevoerd.

2. Voor de toepassing van deze titel wordt gelijkgesteld met de distilleerder, de natuurlijke persoon of rechtspersoon of de groepering van deze personen, andere dan de bereider van distillatiewijn, die:

a) erkend is door de bevoegde autoriteiten van de lidstaat op het grondgebied waarvan hij gevestigd is,

b) bij een producent als gedefinieerd in lid 1, onder a), wijn of bijproducten van de wijnbereiding of van een andere verwerking van druiven koopt om deze voor eigen rekening door een erkend distilleerder te laten distilleren en

c) aan de producent voor het van hem gekochte product ten minste de voor de betrokken distillatie vastgestelde minimumaankoopprijs betaalt.

De persoon of de groepering die met de distilleerder wordt gelijkgesteld, heeft dezelfde rechten en plichten als de distilleerder.

3. De lidstaten kunnen, volgens door hen vast te stellen regels, bepalen dat voor het sluiten van contracten en de levering van wijn voor distillatie, een vereniging van wijnbouwcoöperaties voor de hoeveelheid wijn die door de aangesloten coöperaties is bereid en afgeleverd, op haar verzoek wordt gelijkgesteld met een producent. De aangesloten coöperaties behouden echter de in de communautaire regeling vastgestelde rechten en blijven verantwoordelijk voor naleving van de daarin vastgestelde verplichtingen.

Als de vereniging, met instemming van de betrokken coöperaties, voornemens is om in een bepaald wijnoogstjaar gebruik te maken van één van de in deze titel bedoelde distillaties, stelt zij het interventiebureau daarvan schriftelijk in kennis. In dat geval

a) mogen de aangesloten coöperaties niet individueel distillatiecontracten sluiten of leveringen voor de betrokken distillatie doen,

b) worden de hoeveelheden wijn die de door de vereniging voor distillatie worden geleverd, geboekt op naam van de aangesloten coöperaties voor rekening waarvan de levering wordt uitgevoerd.

Wat de toepassing van artikel 2 van deze verordening betreft, impliceert schending van de daarin vermelde verplichtingen door één of meer aangesloten coöperaties, onverminderd de gevolgen daarvan voor die coöperaties zelf, dat de vereniging van de leveringen voor de betrokken distillatie wordt uitgesloten voor de hoeveelheid wijn die zou zijn geleverd door de coöperaties die de overtreding hebben begaan.

De lidstaten die van de in dit lid bedoelde mogelijkheid gebruik maken, geven daarvan kennis aan de Commissie en delen haar mee welke maatregelen zij daartoe hebben getroffen. De Commissie brengt de andere lidstaten op de hoogte.

Artikel 42

Erkenning van distilleerders

1. De bevoegde instanties van de lidstaten erkennen de op hun grondgebied gevestigde distilleerders die de in deze titel bedoelde distillaties willen verrichten en stellen hiervan een lijst op. Het staat deze instanties evenwel vrij erkende distilleerders die niet in staat zijn in het kader van de distillaties als bedoeld in hoofdstuk I van deze titel producten te verkrijgen met een alcoholgehalte van 92 % vol of meer, niet in deze lijst op te nemen.

De bevoegde instanties werken deze lijst geregeld bij en de lidstaten stellen de Commissie in kennis van alle wijzigingen die in de lijst worden aangebracht. De Commissie zorgt voor publicatie van deze lijst en de daarin aangebrachte wijzigingen.

2. De erkenning van een distilleerder kan door de bevoegde instantie tijdelijk of definitief worden ingetrokken als de distilleerder de krachtens de communautaire bepalingen op hem rustende verplichtingen niet nakomt.

Artikel 43

Via distillatie geproduceerde alcohol

Via de in deze titel bedoelde distillaties mag alleen worden geproduceerd:

a) neutrale alcohol die voldoet aan de definitie in bijlage III bij deze verordening, of

b) eau-de-vie van wijn of van draf van wijn die voldoet aan de definities in artikel 1, lid 4, onder d) of f) van Verordening (EEG) nr. 1576/89 van de Raad tot vaststelling van de algemene voorschriften betreffende de definitie, de aanduiding en de aanbiedingsvorm van gedistilleerde dranken(3), of

c) distillaat of ruwe alcohol met een alcoholgehalte van ten minste 52 % vol.

Als het in de eerste alinea, onder c), bedoelde product wordt vervaardigd, mag dit alleen onder officiële controle worden gebruikt voor:

i) productie van een alcoholhoudende drank;

ii) verwerking tot één van de producten als bedoeld onder a) en b), met uitzondering van eau-de-vie van druivendraf.

iii) de productie van alcohol bestemd voor industrieel gebruik.

De lidstaten nemen de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat de in de tweede alinea bedoelde verplichting wordt nagekomen.

Artikel 44

Methode voor de analyse van neutrale alcohol

De communautaire methoden voor de analyse van neutrale alcohol zoals die is gedefinieerd in bijlage IV bij deze verordening, zijn opgenomen in bijlage V bij deze verordening.

HOOFDSTUK I

VERPLICHTE DISTILLATIE

Afdeling I: Distillatie van de bijproducten van de wijnbereiding

Artikel 45

Verplichte levering van de bijproducten voor distillatie

1. Producenten waarvoor één van de in artikel 27 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde verplichtingen inzake distillatie geldt, voldoen aan hun verplichting wanneer ze uiterlijk op 15 juli van het betrokken wijnoogstjaar:

a) de totale hoeveelheid draf van druiven en wijnmoer leveren aan een erkend distilleerder, en

b) eventueel, de wijn leveren aan een erkend distilleerder of een erkend bereider van distillatiewijn.

Wanneer de producent levert aan een distilleerder wiens erkenning is ingetrokken, mogen de geleverde hoeveelheden worden geboekt maar is communautaire steun uitgesloten.

2. Producenten die de wijnbereiding of enige andere verwerking van druiven niet hebben uitgevoerd in coöperatieve installaties en die tijdens het betrokken wijnoogstjaar niet meer dan 25 hectoliter wijn of most produceren, zijn niet verplicht te leveren.

In het Italiaanse gedeelte van de wijnbouwzones C en in de wijnbouwzone van Portugal kunnen degenen die aan de in lid 1 bedoelde verplichting moeten voldoen, deze verplichting ook nakomen door gebruik te maken van de in artikel 27, lid 8, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde mogelijkheid, voor zover zij wijn hebben bereid of op een andere manier druiven hebben verwerkt overkomend met een hoeveelheid van meer dan 25 maar niet meer dan 40 hectoliter wijn.

Artikel 46

Kenmerken van de voor distillatie geleverde bijproducten

1. In afwijking van artikel 27, lid 4, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedraagt, voor producenten die de draf leveren voor de productie van oenocyanine, de hoeveelheid alcohol in de voor distillatie geleverde producten ten minste 5 % van de hoeveelheid alcohol in de wijn. Voor witte vqprd bedraagt deze hoeveelheid ten minste 7 %.

2. Het forfaitaire natuurlijke alcohol-volumegehalte dat in aanmerking moet worden genomen voor de bepaling van de hoeveelheid alcohol die voor distillatie moet worden geleverd in de vorm van de in artikel 48 bedoelde producten, is voor de verschillende wijnbouwzones vastgesteld als volgt:

a) 8,5 % voor zone B,

b) 9,0 % voor zone C I,

c) 9,5 % voor zone C II,

d) 10,0 % voor zone C III,

3. Ten einde de distillatiekosten binnen aanvaardbare grenzen te houden, moeten de bijproducten van de wijnbereiding bij de levering aan de distilleerderij gemiddeld ten minste aan de volgende eisen voldoen:

a) draf van druiven:

i) in wijnbouwzone B: 2 liter zuivere alcohol per 100 kg,

ii) in wijnbouwzone C: 2 liter zuivere alcohol per 100 kg, wanneer hij is verkregen uit wijnstokrassen die in de indeling voor de betrokken administratieve eenheid als andere dan wijndruivenrassen zijn vermeld; 2,8 liter zuivere alcohol per 100 kg, wanneer hij afkomstig is van wijnstokrassen die in de indeling voor de betrokken administratieve eenheid alleen zijn vermeld als wijndruivenrassen;

b) wijnmoer:

i) in wijnbouwzone B: 3 liter zuivere alcohol per 100 kg, 45 % vocht,

ii) in wijnbouwzone C: 4 liter zuivere alcohol per 100 kg, 45 % vocht.

4. Voor producenten die wijn van hun eigen productie aan azijnfabrieken leveren, wordt de in zuivere alcohol uitgedrukte hoeveelheid alcohol die aanwezig is in de geleverde wijn, afgetrokken van de in zuivere alcohol uitgedrukte hoeveelheid alcohol in de wijn die op grond van de verplichting als bedoeld in artikel 27, lid 3, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 voor distillatie moet worden geleverd.

Voor producenten die hun wijn of hun bijproducten leveren met het oog op door de lidstaten gecontroleerde experimenten zijn de bepalingen betreffende de aankoopprijs als bedoeld in artikel 47 van toepassing en bedraagt de aan de distilleerder toe te kennen steun 0,277 [fmxeuro]/%vol/hl.

Voor experimenten geldt per lidstaat per experiment een maximumhoeveelheid van 100 ton draf en 100 ton wijnmoer.

Artikel 47

Aankoopprijs

1. De in artikel 27, lid 9, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde aankoopprijs geldt voor onverpakte producten, franco distilleerinstallatie.

2. De in lid 1 bedoelde aankoopprijs wordt door de distilleerder voor de geleverde hoeveelheid aan de producent betaald binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de dag waarop deze hoeveelheid in de distilleerderij is binnengekomen.

Behalve wanneer de producent zich hiertegen verzet, kan de distilleerder evenwel:

a) uiterlijk drie maanden na levering van de producten aan de producent een voorschot van 80% van de aankoopprijs betalen, of

b) het onder a) bedoelde voorschot betalen na levering van de producten en uiterlijk één maand na overlegging van de vóór 31 augustus volgende op het betrokken wijnoogstjaar voor de betrokken producten op te stellen factuur.

Het saldo wordt uiterlijk op 31 oktober daaropvolgend betaald.

Artikel 48

Aan de distilleerder te betalen

1. Het bedrag van de aan de distilleerder te betalen steun voor producten die zijn gedistilleerd uit hoofde van één van de in artikel 27 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde distillaties wordt, per % vol alcoholgehalte en per hectoliter door de distillatie verkregen product, als volgt vastgesteld:

a) Neutrale alcohol:

i) forfaitaire steun 0,6279 [fmxeuro]

ii) steun voor draf 0,8453 [fmxeuro]

iii) steun voor wijn en wijnmoer 0,4106 [fmxeuro]

b) Eau-de-vie van draf en distillaat: 0,3985 [fmxeuro]

of ruwe alcohol uit wijnmoer met een alcoholgehalte van ten minste 52 % vol

c) Eau-de-vie van wijn: 0,2777 [fmxeuro]

d) Ruwe alcohol uit wijn en wijnmoer 0,2777 [fmxeuro].

Wanneer de distilleerder het bewijs levert dat het distillaat of de ruwe alcohol die hij heeft verkregen door distillatie van draf anders is gebruikt dan als eau-de-vie van draf, kan hij een aanvullend bedrag van 0,3139 [fmxeuro]/%/vol/hl ontvangen.

2. De in lid 1, onder a), bedoelde gedifferentieerde steun voor drafalcohol of wijn- en droesemalcohol

a) kan door de lidstaten worden toegepast wanneer de toepassing van de onder i) bedoelde forfaitaire steun ertoe leidt of dreigt te leiden dat het in bepaalde gebieden van de Gemeenschap niet mogelijk is één of meer bijproducten van de wijnbereiding te laten distilleren,

b) wordt verplicht toegepast voor distilleerders die tijdens een wijnoogstjaar één grondstof hebben gebruikt voor meer dan 60 % van de totale distillatie.

3. Er is geen steun verschuldigd voor de hoeveelheden voor distillatie geleverde wijn die de in artikel 45, lid 1, van deze verordening bedoelde verplichting met meer dan 2 % overschrijden.

Artikel 49

Uitzonderingen op de verplichte levering

1. De in artikel 27 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde verplichtingen gelden niet voor:

a) producenten van bijproducten van de wijnbereiding die onder controle uit de markt worden genomen overeenkomstig artikel 50, lid 1, van deze verordening,

b) producenten van aromatische mousserende kwaliteitswijn en in bepaalde gebieden voortgebrachte aromatische mousserende kwaliteitswijn en kwaliteitsparelwijn die deze wijn hebben bereid uit gekochte druivenmost of gedeeltelijk gegiste druivenmost die stabilisatiebehandelingen heeft ondergaan om de wijnmoer te elimineren.

2. Producenten die geen wijn hebben bereid of niet op andere wijze in coöperatieve installaties druiven hebben verwerkt en die in het betrokken wijnoogstjaar niet meer dan 25 hl wijn of most produceren, zijn niet verplicht bijproducten van de wijnbereiding te leveren.

3. Voor het gedeelte van hun wijnproductie dat daadwerkelijk aan de distilleerderij wordt geleverd in het kader van de distillatie als bedoeld in artikel 28 van Verordening (EG) nr. 1493/1999, behoeven de producenten voor de distillatie als bedoeld in artikel 27, lid 3, van die verordening alleen de bijproducten van de wijnbereiding te leveren.

Artikel 50

Uit de markt nemen van bijproducten

1. Van de in artikel 27, lid 8, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde mogelijkheid mogen alleen gebruik maken:

a) producenten die gevestigd zijn in wijnbouwgebieden waar distillatie een naar verhouding te zware last voor hen betekent. De lijst van deze wijnbouwgebieden wordt door de bevoegde instanties van de lidstaten opgesteld. De lidstaten delen deze lijst aan de Commissie mee.

b) producenten die geen wijnbereiding of enige andere verwerking van druiven hebben uitgevoerd in coöperatieve installaties en voor wie het geringe volume of de bijzondere kenmerken van de productie en de ligging van de distillatie-installaties tot buitensporige distillatiekosten leiden.

2. Voor de toepassing van artikel 27, leden 7 en 8, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 moeten de bijproducten onverwijld en uiterlijk aan het einde van het wijnoogstjaar waarin zij zijn verkregen, uit de markt worden genomen. Het uit de markt nemen met opgave van de geraamde hoeveelheden wordt vermeld in de registers krachtens artikel 70 van Verordening (EG) nr. 1493/1999, dan wel vastgelegd in een officiële verklaring van de bevoegde autoriteiten.

De betrokken wijnmoer wordt geacht uit de markt te zijn genomen wanneer de wijnmoer gedenatureerd is zodat hij niet meer kan worden gebruikt voor de wijnbereiding en wanneer de levering van deze gedenatureerde wijnmoer aan derden is geboekt in de in de voorgaande alinea bedoelde registers. De lidstaten nemen de nodige maatregelen om de controle op deze transacties te waarborgen.

Lidstaten die meer dan 25000 hectoliter wijn per jaar produceren, controleren steekproefsgewijs ten minste of het in artikel 51 bedoelde gemiddelde minimumalcoholgehalte in acht is genomen en of de bijproducten volledig en binnen de gestelde termijnen uit de markt zijn genomen.

Artikel 51

Kenmerken van uit de markt genomen bijproducten

Het gehalte aan zuivere alcohol van de bijproducten van de wijnbereiding die overeenkomstig artikel 27, leden 7 en 8, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 onder toezicht uit de markt worden genomen, moet ten minste gelijk zijn aan:

a) draf van druiven:

i) 2,1 liter per 100 kg voor witte vqprd,

ii) 3 liter per 100 kg in de andere gevallen.

b) wijnmoer:

i) 3,5 liter per 100 kg voor witte vqprd,

ii) 5 liter per 100 kg in de andere gevallen.

Afdeling II: Distillatie van wijn uit druiven van rassen met een dubbele indeling

Artikel 52

Verplichte levering van wijn

Producenten voor wie de in artikel 28 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde verplichting tot distillatie geldt, voldoen aan hun verplichting wanneer zij uiterlijk op 15 juli van het betrokken wijnoogstjaar hun wijn aan een erkend distilleerder leveren.

In het in artikel 71 van deze verordening bedoelde geval wordt aan de verplichting voldaan door de wijn uiterlijk op 15 juni van het betrokken wijnoogstjaar aan een erkend bereider van distillatiewijn te leveren.

Artikel 53

Hoeveelheid te leveren wijn

1. Voor de in artikel 28 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde wijn moet iedere producent een hoeveelheid leveren die gelijk is aan zijn totale productie. Deze hoeveelheid wordt verminderd met

a) de hoeveelheid die overeenkomt met de normale productie, berekend overeenkomstig lid 2 van dit artikel,

b) de hoeveelheid waarvoor hij het bewijs levert dat zij uiterlijk op 15 juli van het betrokken wijnoogstjaar is uitgevoerd.

Bovendien kan de producent van de te leveren hoeveelheid maximaal 10 hectoliter aftrekken.

2. Voor iedere administratieve eenheid is de totale normale productie voor wijn uit druiven van rassen die tegelijk zijn ingedeeld als wijndruivenrassen en als rassen voor een ander gebruik, gelijk aan het gemiddelde van die productie in de wijnoogstjaren:

- 1974/1975 tot en met 1979/1980 in de Gemeenschap van Tien,

- 1978/1979 tot en met 1983/1984 in Spanje en Portugal,

- 1988/1989 tot en met 1993/1994 in Oostenrijk.

Voor wijn uit druivenrassen die voor dezelfde administratieve eenheid tegelijk zijn ingedeeld als wijndruivenrassen en als rassen voor de bereiding van eau-de-vie van wijn, wordt deze normale productiehoeveelheid echter verminderd met de hoeveelheden die zijn gedistilleerd voor een andere bestemming dan de productie van eau-de-vie van wijn met een benaming van oorsprong.

Voor wijn als bedoeld in de eerste alinea wordt de normale wijnproductie per hectare door de betrokken lidstaten vastgesteld door voor de in die alinea bedoelde referentieperiode het aandeel te bepalen van respectievelijk wijn uit druiven van rassen die voor dezelfde administratieve eenheid tegelijk zijn ingedeeld als wijndruivenrassen en als rassen voor een ander gebruik.

3. De totale productie van iedere producent is gelijk aan de som van de hoeveelheden van de in artikel 53 lid 1 bedoelde wijn die zijn vermeld in de productieopgave en van de hoeveelheden die zijn vermeld in het in artikel 70 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde register en die hij zelf, na de datum van indiening van de productieopgave, heeft verkregen uit de in die opgave vermelde druiven of most van druiven van de in artikel 28 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde rassen.

4. In afwijking van het bepaalde in de vorige lid en voor wijn uit druiven van rassen die bij dezelfde administratieve eenheid tegelijk zijn ingedeeld als wijndruivenrassen en als rassen voor een ander gebruik, mogen de lidstaten vanaf het wijnoogstjaar 1998/1999, voor producenten die vanaf het wijnoogstjaar 1997/1998 voor een deel van het wijnbouwareaal van hun bedrijf de in artikel 8 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 van de Raad bedoelde premie voor de definitieve stopzetting van de wijnbouw hebben ontvangen, gedurende de vijf wijnoogstjaren na de rooiing, de normale productiehoeveelheid houden op het niveau van vóór de rooiing.

Artikel 54

Uitzonderingen op de verplichte levering

Op grond van de uitzonderingsbepaling van artikel 28, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 mag de in dat artikel bedoelde wijn worden vervoerd:

a) om naar een douanekantoor te worden gebracht voor het vervullen van de douaneformaliteiten bij uitvoer, en daarna het grondgebied van de Gemeenschap verlaten, of

b) om naar de installaties van een erkend bereider van distillatiewijn te worden gebracht voor verwerking tot distillatiewijn.

Artikel 55

Aankoopprijs

1. De in artikel 28, lid 3, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde aankoopprijs wordt door de distilleerder aan de producent voor de geleverde hoeveelheid betaald binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de dag waarop deze hoeveelheid in de distilleerderij is geleverd. Deze prijs geldt voor onverpakte producten, franco installatie van de producent.

2. Voor de in artikel 53, lid 2, tweede alinea, bedoelde wijn kan de aankoopprijs overeenkomstig het bepaalde in artikel 28, lid 3, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 door Frankrijk volgens de opbrengst per hectare worden uitgesplitst over diegenen die aan de verplichting tot distillatie moeten voldoen. De door de lidstaat vastgestelde bepalingen waarborgen dat voor de gedistilleerde wijn gemiddeld 1,34 [fmxeuro] per hl en per % vol wordt betaald.

Artikel 56

Aan de distilleerder te betalen steun

Het bedrag van de in artikel 28, lid 5, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde steun wordt, per % vol alcoholgehalte en per hectoliter door de distillatie verkregen product, als volgt vastgesteld:

a) Neutrale alcohol 0,7728 [fmxeuro].

b) Eau-de-vie van wijn, ruwe alcohol en wijndistillaat 0,6401 [fmxeuro].

Artikel 57

Kenmerken van door bepaalde distillaties verkregen alcohol

Producten die worden verkregen door rechtstreekse distillatie van wijn uit druivenrassen die voor dezelfde administratieve eenheid tegelijk zijn ingedeeld als wijndruivenrassen en als rassen voor de bereiding van eau-de-vie van wijn, moeten een alcoholgehalte hebben van ten minste 92 % vol.

Afdeling III: Gemeenschappelijke bepalingen voor de afdelingen I en II van dit hoofdstuk

Artikel 58

Gedeeltelijke leveringen

Producenten voor wie één van de in de artikelen 45 en 52 van deze verordening bedoelde verplichtingen geldt en die vóór 15 juli van het lopende wijnoogstjaar ten minste 90% van de door hen te leveren hoeveelheid product hebben geleverd, kunnen volledig aan hun verplichting voldoen door de ontbrekende hoeveelheid te leveren vóór een door de bevoegde instantie vast te stellen datum die niet later mag vallen dan 31 augustus van het volgende wijnoogstjaar.

In dat geval

a) worden de aankoopprijs voor de in de eerste alinea bedoelde ontbrekende hoeveelheid en de prijs voor de daaruit verkregen en aan het interventiebureau geleverde alcohol verlaagd met een bedrag dat gelijk is aan de overeenkomstig artikel 48, lid 1, onder a), punt i), en artikel 56, onder a), van deze verordening voor de betrokken distillatie vastgestelde steun voor neutrale alcohol,

b) wordt voor de distillatieproducten die niet aan het interventiebureau worden geleverd, geen steun uitbetaald,

c) wordt de verplichting geacht binnen de krachtens lid 1 vastgestelde termijn te zijn nagekomen,

d) worden de termijnen voor de distillatie, voor het overleggen van het bewijs van betaling van de onder a) bedoelde prijs en voor levering van de alcohol aan het interventiebureau, door de bevoegde autoriteit aan de verlenging van de leveringstermijn aangepast.

Artikel 59

Bewijs van levering

Als bewijs van de leveringen geeft de distilleerder aan de producent vóór 31 augustus van het volgende verkoopseizoen een verklaring af waarin ten minste de aard, de hoeveelheid en het alcoholvolumegehalte van het geleverde product, alsmede de leveringsdata zijn vermeld.

Als een producent de producten die hij moet laten distilleren, levert aan een distilleerderij in een andere lidstaat dan die waar de betrokken producten zijn verkregen, laat de distilleerder evenwel door het interventiebureau van de lidstaat waar de distillatie plaatsvindt, in het in artikel 70 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde begeleidend document, certificeren dat deze producten door de distilleerderij zijn overgenomen. De distilleerder zendt de producent binnen één maand na da dag waarop de te distilleren producten in ontvangst zijn genomen, een kopie van het aldus aangevulde document.

Artikel 60

Door de distilleerder aan het interventiebureau over te leggen bewijsstukken

1. Om voor steun in aanmerking te komen, dient de distilleerder uiterlijk op 30 november volgende op het betrokken wijnoogstjaar bij het interventiebureau een aanvraag in met daarbij, voor de hoeveelheden waarvoor steun wordt gevraagd:

a) i) voor wijn en wijnmoer, een samenvatting van de leveringen van elke producent, waarin ten minste worden vermeld:

- de aard, de hoeveelheid, de kleur en het alcohol-volumegehalte,

- het nummer van het in artikel 70, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde document, wanneer dit document vereist is voor het vervoer van de producten tot de installaties van de distilleerder of, als dit niet zo is, een verwijzing naar het document dat wordt gebruikt op grond van de nationale bepalingen;

ii) voor draf van druiven, een lijst met de namen van de producenten die hen draf van druiven hebben geleverd en de hoeveelheden alcohol in de draf die is geleverd in het kader van de in artikel 27 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde distillatie;

b) een verklaring die is geviseerd door de bevoegde instantie die is aangewezen door de lidstaat en waarin ten minste worden vermeld:

i) de hoeveelheden product die zijn verkregen door de distillatie, uitgesplitst naar de categorieën product vermeld in artikel 43 van deze verordening,

ii) de datum waarop deze producten zijn vervaardigd;

c) het bewijs dat hij de producent binnen de vastgestelde termijn de minimumaankoopprijs in het kader van de betrokken distillatie heeft betaald.

De lidstaten kunnen evenwel, mits instemming vooraf van de Commissie, een vereenvoudigde regeling vaststellen voor de overlegging van het bewijs dat de minimumaankoopprijs in het kader van de distillatie van de bijproducten van de wijnbereiding is betaald.

2. Als de distillatie door de producent zelf wordt uitgevoerd, wordt de in lid 1 bedoelde documentatie vervangen door een verklaring die is geviseerd door de bevoegde instantie van de lidstaat en waarin ten minste worden vermeld:

a) de aard, de hoeveelheid, de kleur en het alcohol-volumegehalte van het te distilleren product,

b) de hoeveelheden van de door de distillatie verkregen producten, uitgesplitst naar de categorieën vermeld in artikel 43 van deze verordening,

c) de data waarop de producten zijn vervaardigd.

3. Het bewijs dat de minimumprijs is betaald, kan worden vervangen door het bewijs dat ten gunste van het interventiebureau een zekerheid is gesteld. Deze zekerheid bedraagt 120 % van de gevraagde steun.

In dat geval wordt het bewijs dat de distilleerder de in artikel 27, lid 9, of artikel 28, lid 3, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde aankoopprijs volledig heeft betaald, uiterlijk aan het interventiebureau overgelegd op de laatste dag van de maand februari volgende op het betrokken wijnoogstjaar.

4. In het in artikel 47, lid 2, tweede alinea van deze verordening bedoelde geval wordt het bewijs dat de aankoopprijs betaald is, vervangen door het bewijs dat het voorschot betaald is.

5. Het interventiebureau betaalt de steun aan de distilleerder of, in de in lid 2 bedoelde gevallen, aan de producent, binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de dag waarop de aanvraag, vergezeld van de vereiste documenten, is ingediend.

6. Als wordt geconstateerd dat de distilleerder niet de aankoopprijs aan de producent heeft betaald, betaalt het interventiebureau de producent vóór 1 juni volgende op het betrokken wijnoogstjaar een bedrag dat gelijk is aan de steun, eventueel via het interventiebureau van de lidstaat van de producent.

Artikel 61

Data van de distillaties

1. De wijn die eventueel wordt geleverd om te voldoen aan de in artikel 27 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde verplichting, mag pas worden gedistilleerd vanaf 1 januari van het betrokken wijnoogstjaar.

2. De distilleerders sturen het interventiebureau, uiterlijk de tiende van elke maand voor de voorafgaande maand, een overzicht van de hoeveelheden producten die ze hebben gedistilleerd en van de hoeveelheden producten die ze hebben verkregen, uitgesplitst volgens de in artikel 43 van deze verordening vermelde categorieën van producten.

3. Distillatiewijn mag niet worden gedistilleerd na 31 juli van het betrokken wijnoogstjaar.

Artikel 62

Levering van de alcohol aan het interventiebureau

1. Onverminderd de toepassing van artikel 27, lid 12, en artikel 28, lid 6, van Verordening (EG) nr. 1493/1999, mag de distilleerder uiterlijk op 30 november volgende op het betrokken wijnoogstjaar het product met een alcoholgehalte van ten minste 92 % vol leveren aan het interventiebureau.

De werkzaamheden die nodig zijn om het in de eerste alinea bedoelde product te verkrijgen, kunnen worden uitgevoerd hetzij in het bedrijf van de distilleerder die dit product aan het interventiebureau levert, hetzij in het bedrijf van een loonwerkdistilleerder.

Behalve in geval van toepassing van lid 2, tweede alinea, van dit artikel mag de distilleerder die de alcohol aan het interventiebureau levert deze alcohol niet fysiek in zijn eigen bedrijf bewaren; de alcohol moet worden opgeslagen in installaties waarvan de administratie wordt bijgehouden door het interventiebureau.

2. De prijs die door het interventiebureau voor de geleverde ruwe alcohol aan de distilleerder moet worden betaald, wordt als volgt in % vol/hl vastgesteld:

a) Distillatie als bedoeld in artikel 27 van Verordening (EG) nr. 1493/1999:

i) Forfaitaire prijs 1,654 [fmxeuro].

ii) Drafalcohol: 1,872 [fmxeuro].

iii) Wijn- en droesemalcohol: 1,437 [fmxeuro].

b) Distillatie als bedoeld in artikel 28 van Verordening (EG) nr. 1493/1999:

- Prijs: 1,799 [fmxeuro].

Wanneer de alcohol wordt opgeslagen in de installaties waar hij is geproduceerd, worden bovenbedoelde prijzen verlaagd met 0,5 [fmxeuro]/hl alcohol %.

3. De in lid 2, onder a), bedoelde gedifferentieerde prijzen voor drafalcohol of wijn- en droesemalcohol

a) kunnen door de lidstaten worden toegepast wanneer de toepassing van de forfaitaire prijs ertoe leidt of dreigt te leiden dat het in bepaalde gebieden van de Gemeenschap niet mogelijk is één of meer bijproducten van de wijnbereiding te laten distilleren,

b) worden verplicht toegepast voor distilleerders die tijdens een wijnoogstjaar één grondstof hebben gebruikt voor meer dan 60 % van de totale distillatie.

4. Als de distilleerder de in de artikelen 48 en 56 van deze verordening bedoelde steun heeft ontvangen, worden de in lid 2 bedoelde prijzen verminderd met een bedrag dat overeenkomt met het bedrag van deze steun.

5. Het interventiebureau betaalt de prijs aan de distilleerder uiterlijk drie maanden na de dag waarop de alcohol is geleverd, op voorwaarde dat de in artikel 60 bedoelde documenten en bewijzen zijn overgelegd.

HOOFDSTUK II

FACULTATIEVE DISTILLATIE

Artikel 63

Opening van de in artikel 29 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde distillatie

1. Elk wijnoogstjaar, vanaf 1 september, wordt de in artikel 29 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde distillatie van tafelwijn en wijn die tot tafelwijn kan worden verwerkt, geopend.

2. De hoeveelheid tafelwijn en wijn die tot tafelwijn kan worden verwerkt, die elke producent mag laten distilleren is beperkt tot 40 % van de hoogste productie die hij heeft opgegeven in de laatste drie wijnoogstjaren, daaronder begrepen het lopende wijnoogstjaar als de productie reeds is opgegeven. Bij toepassing van het bovenbedoelde percentage is de geproduceerde hoeveelheid tafelwijn die welke is vermeld als wijn in de kolom "tafelwijn" van de in artikel 18, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde productieopgave

3. Elke producent die tafelwijn of wijn die tot tafelwijn kan worden verwerkt, heeft geproduceerd, kan een contract sluiten of een aangifte indienen als bedoeld in artikel 65 van deze verordening. Het contract gaat vergezeld van het bewijs dat een zekerheid van 5 [fmxeuro] per hectoliter is gesteld. Deze contracten mogen niet worden overgedragen.

4. De lidstaten melden de Commissie de vijfde en de twintigste van elke maand of de eerste daaropvolgende werkdag de totale hoeveelheid waarvoor respectievelijk in de periode van de zestiende tot en met de eenendertigste van de voorgaande maand en van de eerste tot en met de vijftiende van de lopende maand contracten voor deze distillatie zijn gesloten.

5. De lidstaten kunnen de betrokken contracten na een termijn van 10 dagen na de in lid 4 bedoelde melding goedkeuren, tenzij de Commissie intussen bijzondere maatregelen heeft genomen. De lidstaten melden de Commissie uiterlijk tegelijk met de volgende in lid 4 bedoelde melding de totale hoeveelheid waarvoor contracten zijn goedgekeurd.

6. Als de hoeveelheden waarvoor contracten zijn gesloten, die op de volgens het bepaalde in lid 4 vastgestelde dag aan de Commissie worden gemeld, groter zijn of groter dreigen te worden dan verenigbaar is met de beschikbare begrotingsmiddelen of groter zijn of dreigen te worden dan de opnamecapaciteit van de sector drinkalcohol, stelt de Commissie één enkel aanvaardingspercentage voor de in de contracten vermelde hoeveelheden vast en/of schorst zij de melding van nieuwe contracten. In dit geval wordt de in lid 3 bedoelde zekerheid vrijgegeven voor de hoeveelheden waarvoor contracten zijn gesloten, maar niet zijn aanvaard.

Voorts kan de Commissie een aanvaardingspercentage voor de gesloten contracten vaststellen of de melding van nieuwe contracten schorsen in geval van abnormale ontwikkeling in het sluiten van contracten of wanneer de continuïteit in de traditionele bevoorrading met distillatieproducten ernstig dreigt te worden verstoord.

7. Contracten die zijn gesloten, maar die niet overeenkomstig het bepaalde in lid 4 aan de Commissie zijn gemeld, kunnen niet worden goedgekeurd.

8. De in lid 3 bedoelde zekerheid wordt vrijgegeven naar evenredigheid van de geleverde hoeveelheden, wanneer de producent het bewijs van de levering aan de distilleerderij levert.

9. De hoeveelheden waarvoor contracten zijn aanvaard, moeten uiterlijk op 30 juni van het wijnoogstjaar aan de distilleerderij worden geleverd.

Artikel 64

Bedrag van de steun

1. De steun die aan de distilleerder of, in het in artikel 65, lid 3, van deze verordening bedoelde geval, aan de producent moet worden betaald voor de in het kader van de in dit hoofdstuk bedoelde distillatie gedistilleerde wijn, bedraagt, per % vol alcohol en per hectoliter bij de distillatie verkregen product:

a) voor de primaire steun als bedoeld in artikel 29, lid 4, van Verordening (EG) nr. 1493/1999:

- 1,751 [fmxeuro] per %/vol en per hectoliter voor ruwe alcohol en eau-de-vie van wijn, en

- 1,884 [fmxeuro] per %/vol en per hectoliter voor neutrale alcohol,

b) voor de bijkomende steun als bedoeld in artikel 29, lid 6, van Verordening (EG) nr. 1493/1999: 0,0336 [fmxeuro] per dag/hectoliter.

2. De distilleerder die voor de bijkomende steun in aanmerking wenst te komen, deelt het interventiebureau de hoeveelheid en de kenmerken mee van het product dat hij wil opslaan, alsmede de geplande datum van het begin van de opslag. Deze gegevens moeten ten minste 30 dagen vóór het begin van de opslag worden meegedeeld.

De geplande datum geldt als datum van opslag, tenzij het interventiebureau hiertegen binnen genoemde periode van 30 dagen bezwaar heeft gemaakt.

3. De in lid 1, onder b), bedoelde bijkomende steun kan slechts worden verleend:

- voor een hoeveelheid alcohol van minstens 100 hl die is opgeslagen in recipiënten met een capaciteit van niet minder dan 100 hl

- voor een periode van ten hoogste 12 maanden vanaf 1 december

- voor een periode van ten minste 6 maanden.

Als de Commissie dit wegens de situatie in de sector toestaat, kan de distilleerder vanaf 1 juni de opslag van alcohol beëindigen.

4. De primaire steun, berekend overeenkomstig het bepaalde in lid 1 van dit artikel, wordt door het interventiebureau aan de distilleerder of, in het in artikel 65, lid 2, bedoelde geval, aan de producent betaald, binnen drie maanden na de dag waarop de in artikel 65, lid 10, van deze verordening bedoelde bewijzen zijn overgelegd.

Het interventiebureau betaalt de bijkomende steun binnen drie maanden na het einde van de opslagperiode.

5. De alcohol waarvoor de in dit artikel bedoelde steun wordt toegekend, mag achteraf niet door de overheid worden aangekocht. Als de distilleerder niettemin zijn alcohol aan de overheid wil verkopen, moet hij eerst de betrokken steun terugbetalen.

6. Voor overheden met een programma voor de verkoop van alcohol voor niet-traditioneel gebruik, zoals een milieuprogramma voor de landbouw voor de verkoop van alcohol in de sector motorbrandstoffen, geldt een uitzondering op het bepaalde in lid 5 voor de hoeveelheden alcohol die in het kader van zo'n programma worden verkocht.

HOOFDSTUK III

GEMEENSCHAPPELIJKE BEPALINGEN VOOR DE HOOFDSTUKKEN I EN II

Afdeling I: Algemene bepalingen

Artikel 65

Leveringscontract

1. Elke producent die voornemens is wijn van zijn eigen productie te leveren voor de distillaties bedoeld in de artikelen 29 of 30 van Verordening (EG) nr. 1493/1999, sluit één of meer leveringscontracten, hierna "contract" te noemen, met één of meer distilleerders. Dit contract wordt vóór een nader te bepalen datum voor goedkeuring voorgelegd aan het interventiebureau volgens de door de lidstaten vastgestelde bepalingen.

Tegelijk met het contract wordt aan het interventiebureau het bewijs overgelegd dat de producent de te leveren hoeveelheid wijn daadwerkelijk heeft geproduceerd en in zijn bezit heeft. In lidstaten waar de autoriteiten dit bewijs reeds hebben ontvangen in het kader van een andere regeling, hoeft dit bewijs niet te worden geëist.

De producenten voor wie de in de artikel 27 en 28 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 vastgestelde verplichtingen gelden, leveren de distilleerders bovendien het bewijs dat zij in de in artikel 2, lid 2, van deze verordening vastgestelde periode aan deze verplichtingen hebben voldaan.

2. In het contract moeten ten minste de volgende gegevens van de betrokken wijn worden vermeld:

a) de hoeveelheid; deze hoeveelheid mag niet kleiner zijn dan 10 hl;

b) de diverse kenmerken, met name de kleur.

De producent mag de wijn slechts voor distillatie leveren als het contract door het bevoegde interventiebureau is goedgekeurd. De bevoedgde autoriteit kan een limiet vaststellen voor het aantal contracten dat een producent mag sluiten.

Wanneer de distillatie plaatsvindt in een andere lidstaat dan die waarin het contract is goedgekeurd, zendt het interventiebureau dat het contract heeft goedgekeurd een kopie ervan aan het interventiebureau van de andere lidstaat.

3. De in lid 1 van dit artikel bedoelde producenten:

a) die zelf over distillatie-installaties beschikken en voornemens tot in dit hoofdstuk bedoelde distillatie over te gaan,

b) die voornemens zijn deze distillatie te laten uitvoeren in de installaties van een erkende distilleerder die in loonwerk distillaties uitvoert,

dienen vóór een nader te bepalen datum bij het bevoegde interventiebureau een aangifte inzake de levering voor distillatie in, hierna "aangifte" te noemen, die door dat bureau moet worden goedgekeurd.

De producenten waarvoor de in artikel 27 en 28 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde verplichtingen gelden, leggen aan het bevoegde interventiebureau bovendien het bewijs voor dat zij in de in artikel 2, lid 2, van deze verordening vastgestelde referentieperiode aan deze verplichtingen hebben voldaan.

4. In het in lid 3 bedoelde geval wordt het contract vervangen:

a) in het in lid 3, eerste alinea, onder a), bedoelde geval, door de aangifte,

b) in het in lid 3, eerste alinea, onder b), bedoelde geval, door de aangifte vergezeld van een tussen de producent en de distilleerder gesloten leveringscontract voor loonwerkdistillatie.

5. De kenmerken van de te distilleren wijn mogen niet verschillen van die welke zijn vermeld in het contract of de aangifte uit hoofde van dit artikel.

Er is geen steun verschuldigd

a) als de feitelijk voor distillatie geleverde hoeveelheid wijn kleiner is dan 95 % van de hoeveelheid die is vermeld in het contract of de aangifte;

b) voor de hoeveelheid wijn boven 105 % van de hoeveelheid die is vermeld in het contract of de aangifte;

c) voor de hoeveelheid wijn waardoor de voor de betrokken distillatie geldende maximumhoeveelheid wordt overschreden.

6. De distilleerder betaalt de producent voor de wijn die hem wordt geleverd de op grond van artikel 29 of 30 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 vastgestelde prijzen; deze prijzen gelden per % vol, per hectoliter alcohol voor de producten zonder verpakking, af bedrijf van de producent.

7. De distilleerder betaalt de producent binnnen 3 maanden na de levering de in lid 6 bedoelde minimumaankoopprijs, op voorwaarde dat de producent aan de bevoegde instantie binnen twee maanden na levering van de wijn het in lid 1, derde alinea, van dit artikel bedoelde bewijs heeft overgelegd. Als het bewijs na genoemde twee maanden wordt overgelegd, betaalt de distilleerder vervolgens binnen een termijn van één maand.

8. De distilleerder verstrekt het interventiebureau binnen de vastgestelde termijnen:

a) voor elke producent die hem wijn heeft geleverd en voor elke levering, gegevens over de hoeveelheid, de kleur en het effectief alcohol-volumegehalte van de wijn, alsmede het nummer van het in artikel 70 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde document dat wordt gebruikt voor het vervoer van de wijn tot de installaties van de distilleerder,

b) het bewijs dat de totale hoeveelheid wijn die in het contract of in de aangifte is vermeld binnen de voorgeschreven termijnen is gedistilleerd,

c) het bewijs dat hij de producent binnen de voorgeschreven termijnen de in lid 7 van dit artikel bedoelde aankoopprijs heeft betaald.

In het in lid 9 bedoelde geval hoeft alleen het onder b) bedoelde bewijs aan het interventiebureau te worden verstrekt.

De distilleerders zenden het interventiebureau uiterlijk de tiende van elke maand met betrekking tot de voorgaande maand een overzicht van de hoeveelheden producten die zijn gedistilleerd en de hoeveelheden distillatieproducten die daardoor zijn verkregen, uitgesplitst volgens de categorieën vermeld in artikel 43 van deze verordening.

9. Als de distillatie wordt uitgevoerd door de producent zelf of door een distilleerder die voor rekening van de producent werkt, moet de producent de in lid 8 bedoelde gegevens aan het bevoegde interventiebureau meedelen.

10. De lidstaten controleren aan de hand van representatieve steekproeven de wijn die in de contracten is genoemd en met name of

a) de te leveren hoeveelheid wijn daadwerkelijk is geproduceerd door en in voorraad is bij de producent,

b) de in het contract vermelde wijn wijn is van de categorie waarvoor de distillatie geopend is.

De controle kan worden verricht op ieder ogenblik vanaf de dag waarop het contract ter goedkeuring wordt voorgelegd tot de dag waarop de wijn in de distilleerderij wordt afgeleverd. Lidstaten met een efficiënter systeem voor de controle op punt a) in de eerste alinea van dit lid, mogen de controle beperken tot de aflevering van de wijn in de distilleerderij.

Artikel 66

Voorschot

1. De distilleerder of, in het in artikel 65, lid 3, van deze verordening bedoelde geval, de producent, kan vragen dat een bedrag gelijk aan de voor de betrokken distillatie vastgestelde steun wordt voorgeschoten, op voorwaarde dat hij een zekerheid ten gunste van het interventiebureau heeft gesteld. Deze zekerheid bedraagt 120 % van voornoemd bedrag.

Het in de eerste alinea bedoelde bedrag wordt berekend per % vol alcohol dat in het leveringscontract of in de leveringsaangifte voor de wijn is vermeld en per hectoliter van deze wijn of per hectoliter zuivere alcohol voor de bijkomende steun als bedoeld in artikel 64, lid 1, onder b), van deze verordening. Voorzover het contract wordt goedgekeurd, wordt het voorschot door het interventiebureau betaald binnen drie maanden na overlegging van het bewijs dat de zekerheid is gesteld.

2. Het interventiebureau geeft de zekerheid vrij na overlegging, binnen de voorgeschreven termijn, van de in artikel 65, lid 8, bedoelde bewijzen.

Artikel 67

Bijdrage van het EOGFL in de kosten van de distillatiemaatregelen

1. Het Europees Oriëntatie- en Garantiefonds voor de Landbouw, afdeling Garantie, draagt bij in de uitgaven van de interventiebureaus voor het overnemen van de alcohol.

Het bedrag van deze bijdrage is gelijk aan de steun die wordt vastgesteld volgens de artikelen 48, 56 en 68, onder a), van deze verordening en artikel 3 van Verordening (EG) nr. 1493/1999.

2. De artikelen 4 en 6 van Verordening (EG) nr. 1258/1999(4) zijn van toepassing op deze bijdrage.

Afdeling II: Distillatiewijn

Artikel 68

Verwerking tot distillatiewijn

1. De wijn die bestemd is voor een van de in deze verordening bedoelde distillatiemaatregelen, mag tot distillatiewijn worden verwerkt. In dat geval mag door de distillatie van de distillatiewijn alleen eau-de-vie van wijn worden vervaardigd.

2. De bereiding van de distillatiewijn geschiedt onder officiële controle.

Daartoe

a) wordt in de documenten en registers als bedoeld in artikel 70 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 de verhoging van het effectieve alcohol-volumegehalte, uitgedrukt in volumepercentage, genoteerd door vermelding van het betrokken gehalte vóór en na de toevoeging van het distillaat aan de wijn;

b) wordt vóór de verwerking tot distillatiewijn, onder controle van een officiële instantie, een monster van de wijn genomen voor de analytische bepaling van het effectieve alcohol-volumegehalte door een officieel laboratorium of een laboratorium dat onder officiële controle werkt;

c) worden twee verslagen van de onder b) bedoelde analyse toegezonden aan de bereider van de distillatiewijn, die één exemplaar toezendt aan het interventiebureau van de lidstaat waar de distillatiewijn wordt bereid.

3. De bereiding van de distillatiewijn vindt plaats binnen dezelfde termijn als die welke voor de betrokken distillatie is bepaald.

4. De lidstaten kunnen de plaatsen waar de distillatiewijn mag worden bereid, beperken, voor zover dat nodig is om een adequate controle te garanderen.

Artikel 69

Bereiding van distillatiewijn

1. Wanneer gebruik wordt gemaakt van de in artikel 68, lid 1, bedoelde mogelijkheid en de distillatiewijn niet wordt bereid door de distilleerder of voor zijn rekening, sluit de producent met een erkend bereider een leveringscontract dat hij aan het bevoegde interventiebureau ter goedkeuring voorlegt.

Als de producent evenwel is erkend als bereider van distillatiewijn en hij voornemens is de distillatiewijn zelf te bereiden, wordt het in de eerste alinea bedoelde contract door een leveringsaangifte vervangen.

2. Voor de in lid 1 bedoelde contracten en aangiften zijn de door de lidstaten vastgestelde bepalingen van toepassing.

3. De bereider van distillatiewijn betaalt de producent voor de geleverde wijn ten minste de minimumaankoopprijs die is vastgesteld voor de respectieve in de artikelen 27, 28, 29 en 30 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde distillaties. Deze prijs geldt voor onverpakte producten:

a) franco bereiderinstallatie in geval van de in artikel 27, lid 9, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde distillatie,

b) af bedrijf van de producent in de overige gevallen.

Behoudens de nodige aanpassingen, gelden voor de bereider van distillatiewijn dezelfde verplichtingen als die welke uit hoofde van deze titel voor de distilleerder gelden.

Het bedrag van de steun die aan de bereider van distillatiewijn moet worden uitgekeerd, wordt per volumepercentage effectief alcoholgehalte en per hectoliter als volgt vastgesteld:

- voor de in artikel 27 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde distillatie: 0,2657 [fmxeuro]

- voor de in artikel 28 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde distillatie: 0,6158 [fmxeuro]

- voor de in artikel 29 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde distillatie: 0,1715 [fmxeuro].

De steun wordt door het bevoegde interventiebureau aan de bereider van distillatiewijn uitgekeerd op voorwaarde dat deze een zekerheid stelt van 120 % van de te ontvangen steun. Deze zekerheid is echter niet vereist, wanneer al is voldaan aan de voorwaarden voor de betaling van de steun.

Wanneer de bereider distillatiewijn bereidt in het kader van distillatiemaatregelen op grond van verscheidene bepalingen van Verordening (EG) nr. 1493/1999, kan hij volstaan met één enkele zekerheid. Deze zekerheid bedraagt 120 % van de som van de steunbedragen die voor genoemde distillatiemaatregelen aan de bereider moeten worden uitgekeerd.

De zekerheid wordt door het interventiebureau vrijgegeven, nadat binnen de vastgestelde termijnen het bewijs is overgelegd dat:

a) de distillatie van de totale hoeveelheid distillatiewijn die in het contract of in de aangifte is vermeld, binnen de voorgeschreven termijnen is uitgevoerd;

b) de minimumaankoopprijs als bedoeld in de artikelen 27, 28, 29 en 30 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 binnen de vastgestelde termijnen is betaald.

In het in lid 1, tweede alinea, bedoelde geval verstrekt de producent het interventiebureau alleen het onder a) bedoelde bewijs.

Artikel 70

Distillatie in een andere lidstaat

1. Als distillatiewijn wordt gedistilleerd in een andere lidstaat dan die waarin het contract of de leveringsaangifte wordt goedgekeurd, kan, in afwijking van artikel 69, lid 4, de voor de verschillende distillatiemaatregelen verschuldigde steun aan de distilleerder worden uitgekeerd op voorwaarde dat deze binnen twee maanden na de uiterste datum voor het uitvoeren van de betrokken distillatie bij het interventiebureau van de lidstaat op het grondgebied waarvan de distillatie heeft plaatsgevonden, een aanvraag daartoe indient.

2. Bij de in lid 1 bedoelde aanvraag dienen de volgende documenten te worden gevoegd:

a) een document dat is geviseerd door de bevoegde autoriteiten van de lidstaat op het grondgebied waarvan de distillatiewijn is bereid, waarbij de bereider van de distillatiewijn zijn recht op steun aan de distilleerder overdraagt met vermelding van de betrokken hoeveelheden distillatiewijn en van het betrokken steunbedrag;

b) een kopie van het in artikel 69, lid 1, bedoelde en door het ter zake bevoegde interventiebureau goedgekeurde contract, respectievelijk leveringsaangifte;

c) een kopie van het in artikel 68 bedoelde analyseverslag;

d) het bewijs dat aan de producent de minimumaankoopprijs van de wijn is betaald;

e) het in artikel 70 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde document voor het vervoer van de distillatiewijn naar de distilleerderij, waarin de verhoging van het effectieve alcohol-volumegehalte, uitgedrukt in volumepercentage, is genoteerd door vermelding van het betrokken gehalte vóór en na de toevoeging van het distillaat aan de wijn;

f) het bewijs dat de betrokken distillatiewijn is gedistilleerd.

3. In het in lid 1 bedoelde geval hoeft de bereider van distillatiewijn de in artikel 69, lid 4, bedoelde zekerheid niet te stellen.

4. Uiterlijk drie maanden na de indiening van de aanvraag en de in lid 2 bedoelde documenten wordt de steun door het interventiebureau uitgekeerd.

Artikel 71

Specifieke voorschriften

1. In het in artikel 69, lid 1, van deze verordening bedoelde geval wordt het contract of de leveringsaangifte voor de bereiding van distillatiewijn uiterlijk op 31 december van het betrokken wijnoogstjaar voor goedkeuring bij het bevoegde interventiebureau ingediend. Het interventiebureau deelt de producent binnen 15 dagen na de indiening van het contract of de aangifte de uitslag van de goedkeuringsprocedure mee.

2. Voor de in artikel 27 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde distillatie mag de bereiding pas plaatsvinden vanaf 1 januari van het betrokken wijnoogstjaar en, in ieder geval, pas na de goedkeuring van het contract of de aangifte.

3. De bereider zendt het interventiebureau uiterlijk de tiende van elke maand een overzicht van de hoeveelheden wijn die hem in de vorige maand zijn geleverd.

4. Om voor de steun in aanmerking te komen, dient de bereider uiterlijk op 30 november na het betrokken wijnoogstjaar bij het bevoegde interventiebureau een aanvraag in en voegt daarbij het bewijs dat de in artikel 69, lid 4, van deze verordening bedoelde zekerheid is gesteld.

De steun wordt uiterlijk betaald 3 maanden na overlegging van het in vorige alinea bedoelde bewijs dat de zekerheid is gesteld en, in ieder geval, na de datum waarop het contract of de aangifte is goedgekeurd.

5. Onverminderd het bepaalde in artikel 69, lid 4, van deze verordening, wordt de zekerheid pas vrijgegeven als de in artikel 69, lid 4, van deze verordening bedoelde documentatie binnen 12 maanden na de indiening van de aanvraag bij het bevoegde interventiebureau wordt ingediend.

6. Als wordt geconstateerd dat de bereider van distillatiewijn de producent niet de aankoopprijs heeft betaald, betaalt het interventiebureau de producent vóór 1 juni van het wijnoogstjaar na dat waarin de wijn is geleverd, een bedrag dat gelijk is aan de steun eventueel via het interventiebureau van de producerende lidstaat.

Afdeling III: Administratieve bepalingen

Artikel 72

Overmacht

1. Als wegens overmacht het te distilleren product of een deel daarvan niet kan worden gedistilleerd:

a) brengt de producent, als de overmachtsituatie voor het te distilleren product zich heeft voorgedaan terwijl hij er het beschikkingsrecht over had, zulks onverwijld ter kennis van het interventiebureau van de lidstaat waar zijn wijnpakhuis zich bevindt,

b) brengt de distilleerder, in alle andere gevallen, zulks onverwijld ter kennis van het interventiebureau van de lidstaat waar de distillatie-installaties zich bevinden.

In de in de eerste alinea bedoelde gevallen treft het interventiebureau dat de kennisgeving heeft ontvangen, de maatregelen die het in verband met de aangevoerde redenen nodig acht. Het kan met name een verlenging van de vastgestelde termijnen toestaan.

2. In het in lid 1, eerste alinea, onder a), bedoelde geval en wanneer het wijnpakhuis van de producent en de distillatie-installaties zich in twee verschillende lidstaten bevinden, werken de interventiebureaus van de twee betrokken lidstaten, door rechtstreekse uitwisseling van de gegevens, samen voor de toepassing van lid 1.

In het in lid 1, eerste alinea, onder b) bedoelde geval kan het interventiebureau dat de kennisgeving heeft ontvangen de distilleerder er ook toe machtigen zijn rechten en verplichtingen voor de nog niet gedistilleerde hoeveelheid product aan een andere distilleerder over te dragen; bij loonwerkdistillatie is hiervoor de toestemming van de producent vereist.

Artikel 73

Controle op de distillatie

1. De controle van de kenmerken van de producten die voor distillatie worden geleverd, met name de hoeveelheid, de kleur en het alcoholgehalte, gebeurt aan de hand van:

a) het in artikel 70 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde document onder dekking waarvan het vervoer plaatsvindt,

b) een analyse van de monsters die bij de levering van het product aan de distilleerderij worden genomen onder controle van een officiële instantie van de lidstaat op het grondgebied waarvan de distilleerderij zich bevindt. De bemonstering mag gebeuren in de vorm van een representatieve steekproef;

c) in voorkomend geval, de ter uitvoering van deze titel gesloten contracten.

De analyses worden uitgevoerd door de in artikel 72 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde erkende laboratoria, die de uitslag ervan toezenden aan het interventiebureau van de lidstaat waar de distillatie wordt uitgevoerd.

Wanneer overeenkomstig de geldende bepalingen van het gemeenschapsrecht het in de eerste alinea, onder a), bedoelde document niet wordt opgesteld, wordt de controle op de kenmerken van het voor distillatie bestemde product uitgevoerd aan de hand van de onder b), van dezelfde alinea bedoelde analyses.

Een vertegenwoordiger van een officiële instantie verifieert de hoeveelheid product die is gedistilleerd, de datum van de distillatie, de hoeveelheden en de kenmerken van de vervaardigde producten.

2. De uitslag van het onderzoek van een deel van de wijn waarop een contract betrekking heeft, geldt voor de hele hoeveelheid waarop dit contract betrekking heeft.

3. De lidstaten kunnen bovendien het gebruik van een verklikstof voorschrijven. De lidstaten mogen niet beletten dat een voor distillatie bestemd product of uit dit product gedistilleerde producten, wegens de aanwezigheid van een verklikstof daarin, op hun grondgebied in het verkeer wordt gebracht.

De lidstaten kunnen voorschrijven dat, als verscheidene producenten in deze verordening bedoelde producten voor distillatie leveren, deze producten gemeenschappelijk worden vervoerd. In dat geval wordt de in artikel 65 van deze verordening bedoelde controle op de kenmerken van de producten uitgevoerd volgens de door de betrokken lidstaten vastgestelde bepalingen.

4. De lidstaten die gebruik maken van de in lid 3 bedoelde mogelijkheid melden dit aan de Commissie en delen mee welke bepalingen zij in dat verband hebben vastgesteld. In het in deze alinea bedoelde geval licht de Commissie de andere lidstaten hierover in.

Artikel 74

Overtredingen van bepalingen van deze titel

1. Als bij verificatie van het dossier blijkt dat de producent voor de geleverde producten of een gedeelte daarvan niet aan de voorwaarden van de communautaire bepalingen voor de betrokken distillatie voldoet, stelt het bevoegde interventiebureau de distilleerder en de producent daarvan in kennis.

2. Voor de hoeveelheden producten als bedoeld in lid 1 hoeft de distilleerder zich niet te houden aan de respectievelijk in de artikelen 27, 28, 29 en 30 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde prijs.

3. Als de producent of de distilleerder voor de voor distillatie geleverde producten of een gedeelte daarvan niet voldoet aan de voorwaarden die bij de communautaire bepalingen voor de betrokken distillatie zijn vastgesteld en onverminderd artikel 2 van deze verordening,

a) is voor de betrokken hoeveelheden de steun niet verschuldigd,

b) mag de distilleerder de bij de distillatie van de betrokken hoeveelheden verkregen producten niet aan het interventiebureau leveren.

Als de steun reeds is uitbetaald, vordert het interventiebureau de steun van de distilleerder terug.

Als de bij de distillatie verkregen producten reeds zijn geleverd, vordert het interventiebureau van de distilleerder een bedrag terug dat gelijk is aan de voor de betrokken distillatie geldende steun.

Er kan echter worden bepaald dat, als de in deze verordening bepaalde termijnen worden overschreden, de steun wordt verminderd.

4. Het interventiebureau vordert van de producent een bedrag terug dat gelijk is aan de aan de distilleerder betaalde steun, als de producent niet aan de in de communautaire bepalingen voor de betrokken distillatie vastgestelde voorwaarden voldoet omdat:

a) hij geen oogst-, productie- of voorraadopgave heeft ingediend binnen de voorgeschreven termijnen;

b) hij een door de bevoegde autoriteit van de lidstaat als onvolledig of onjuist beschouwde oogst- productie- of voorraadopgave heeft ingediend en de ontbrekende of onjuiste gegevens onmisbaar zijn voor de toepassing van de betrokken maatregel;

c) hij niet heeft voldaan aan de in artikel 37 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bepaalde verplichtingen en de overtreding is geconstateerd of aan de distilleerder gemeld nadat de minimumprijs reeds was betaald op basis van vroegere opgaven.

Artikel 75

Sancties

1. Gevallen van overmacht uitgezonderd

a) is de steun niet verschuldigd, als de distilleerder de verplichtingen op grond van deze titel niet nakomt of weigert controles te laten uitvoeren,

b) wordt de steun verlaagd met een bedrag dat door de bevoegde instantie wordt vastgesteld volgens de ernst van de overtreding, als de distilleerder een andere verplichting dan de verplichtingen bedoeld onder a) niet nakomt.

2. In erkende gevallen van overmacht bepaalt het interventiebureau de maatregelen die het in verband met de aangevoerde redenen nodig acht.

3. Als de distilleerder zijn verplichtingen niet binnen de voorgeschreven termijnen nakomt, wordt de steun als volgt verminderd:

a) wat de betaling van de aankoopprijs aan de producent betreft als bedoeld in artikel 47, lid 2, in artikel 55, en in artikel 65, lid 7, wordt de steun verminderd met 1 % per dag termijnoverschrijding met een maximum van één maand. Bij termijnoverschrijding met meer dan één maand wordt geen steun meer toegekend.

b) wat betreft:

i) het verstrekken van het bewijs van betaling van de aankoopprijs, als bedoeld in artikel 60, lid 1, en in artikel 65, lid 8,

ii) de indiening van de steunaanvraag, als bedoeld in artikel 60, lid 1, en in artikel 64, lid 2, tweede alinea,

iii) de levering van de alcohol als bedoeld in artikel 62, lid 1,

iv) de mededeling van een overzicht van de gedistilleerde hoeveelheden en van de verkregen producten, als bedoeld in artikel 61, lid 2,

v) de mededeling van een overzicht van de voor de bereiding van distillatiewijn geleverde hoeveelheden, als bedoeld in artikel 71, lid 3,

wordt de steun verminderd met 0,5 % per dag termijnoverschrijding, met een maximum van twee maanden.

Bij termijnoverschrijding met meer dan twee maanden wordt geen steun meer toegekend.

Als een voorschot op de steun is toegekend, wordt de betrokken zekerheid vrijgegeven in verhouding tot de werkelijk verschuldigde steun. Wanneer geen steun is verschuldigd, wordt de zekerheid verbeurd.

4. De lidstaten stellen de Commissie in kennis van de gevallen waarin zij het bepaalde in lid 1 hebben toegepast en van de beslissingen die zij hebben getroffen ten aanzien van degenen die een beroep gedaan hebben op de overmachtclausule.

Afdeling IV: Verlaging van de aankoopprijs voor wijn als bedoeld in artikel 32 van Verordening (EG) nr. 1493/1999

Artikel 76

Verlaging van de aankoopprijs voor bepaalde verrijkte wijnen

1. De aankoopprijs van wijn die voor een van de in de artikelen 29 en 30 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde distillatiemaatregelen wordt geleverd, wordt verlaagd met:

- 0,3626 [fmxeuro] voor zone A

- 0,3019 [fmxeuro] voor zone B

- 0,1811 [fmxeuro] voor zone C

De in de eerste alinea bedoelde verlaging geldt niet voor:

a) wijn die wordt geleverd door producenten in gebieden waar het alcoholgehalte alleen mag worden verhoogd door toevoeging van most, die voor het betrokken wijnoogstjaar afzien van steun in het kader van artikel 34 van Verordening (EG) nr. 1493/1999. In dat geval legt de producent aan de distilleerder een kopie over van het document waarbij hij afziet van de betrokken steun, welke kopie door de door de lidstaat aangewezen bevoegde instantie is geviseerd,

b) wijn die na de in bijlage V, onder G, punt 7, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 voor de verschillende wijnbouwzones bepaalde data aan de distilleerderij wordt geleverd door een producent die aan de bevoegde instanties het bewijs levert dat hij tijdens het wijnoogstjaar het alcoholgehalte van de door hem geproduceerde tafelwijn niet door toevoeging van saccharose heeft verhoogd, en voor deze wijn ook geen verzoek om steun als bedoeld in artikel 34 van genoemde verordening heeft ingediend,

c) wijn en wijnsoorten waarvoor de lidstaten voor het betrokken wijnoogstjaar geen verhoging van het alcoholgehalte toestaan of hebben toegestaan.

2. Voor de hoeveelheid die voor één van de in lid 1 genoemde distillaties wordt geleverd, wordt een bedrag gelijk aan de in dat lid bedoelde verlaging betaald aan de producent die daartoe vóór 1 augustus bij de bevoegde instantie, hetzij rechtstreeks, hetzij via een distilleerder, een aanvraag indient en die tijdens het wijnoogstjaar het alcoholgehalte van de door hem geproduceerde tafelwijn niet door toevoeging van saccharose heeft verhoogd en voor deze wijn ook geen verzoek om steun als bedoeld in artikel 34 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 heeft ingediend.

Aan producenten die vóór 1 augustus een aanvraag indienen en die tijdens het wijnoogstjaar het alcoholgehalte van hun wijn niet hebben verhoogd door toevoeging van saccharose of die de genoemde steun slechts hebben aangevraagd voor een deel van hun tafelwijnproductie dat kleiner is dan de hoeveelheid die zij tijdens het wijnoogstjaar voor alle genoemde distillatiemaatregelen samen hebben geleverd, wordt het in de eerste alinea bedoelde bedrag betaald voor de hoeveelheid die overeenkomt met het verschil tussen de hoeveelheid tafelwijn die zij voor distillatie hebben geleverd of hebben laten leveren en de hoeveelheid tafelwijn waarvan het alcoholgehalte is verhoogd.

De bevoegde instanties van de lidstaten kunnen eisen dat deze producenten alle gegevens meedelen die nodig zijn om de gegrondheid van de aanvraag te verifiëren.

Artikel 77

Verlaging van de in artikel 81 bedoelde steun

Voor wijn die wordt geleverd voor een van de in artikel 76 van deze verordening bedoelde distillatiemaatregelen en waarvoor de verlaging is toegepast, wordt

a) de aan de distilleerders te betalen steun,

b) de aan de distilleerders te betalen prijs voor levering aan een interventiebureau op grond van artikel 30 van Verordening (EG) nr. 1493/1999,

c) de bijdrage van het EOGFL (Europees Oriëntatie- en Garantiefonds voor de Landbouw) in de uitgaven van de interventiebureaus voor de overname van de alcohol overeenkomstig artikel 30 van Verordening (EG) nr. 1493/1999

verlaagd met een bedrag dat gelijk is aan de in artikel 76 bedoelde verlaging.

HOOFDSTUK IV

AFZET VAN ALCOHOL DIE IS VERKREGEN VIA DISTILLATIE ALS BEDOELD IN HOOFDSTUK I VAN DEZE TITEL EN IN VOORKOMEND GEVAL IN ARTIKEL 30 VAN VERORDENING (EG) NR. 1493/1999

Artikel 78

Object van deze afdeling en definities

1. Bij deze afdeling worden de uitvoeringsbepalingen vastgesteld voor de afzet van alcohol die is verkregen via distillatie als bedoeld in de artikelen 27, 28 en 30 van Verordening (EG) nr. 1493/1999, hierna "alcohol" te noemen.

De alcohol kan worden afgezet voor nieuwe vormen van industrieel gebruik (onderafdeling I), voor exclusief gebruik in de sector motorbrandstoffen in derde landen (onderafdeling II), of voor gebruik als bio-ethanol in de Gemeenschap (onderafdeling III).

2. In deze verordening wordt onder "openbare inschrijving" verstaan het via een oproep tot mededinging of een hiervan afgeleid procédé laten concurreren van de gegadigden, waarbij wordt gegund aan de hoogst biedende wiens offerte aan deze verordening beantwoordt.

Onderafdeling I: Afzet van alcohol voor nieuwe vormen van industrieel gebruik

Artikel 79

Definitie van de nieuwe vormen van industrieel gebruik

Onverminderd het bepaalde in artikel 31, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 kan de Commissie openbare inschrijvingen houden voor uitvoering in de Gemeenschap van kleinschalige projecten om nieuwe vormen van industrieel eindgebruik te bevorderen, zoals:

a) verwarming van kassen,

b) drogen van diervoeder,

c) brandstof voor stookinstallaties, met name van cementfabrieken,

en voor de verwerking tot goederen die voor industrieel gebruik worden uitgevoerd door een handelaar die de laatste twee jaar minstens eenmaal voor de regeling voor het actieve veredelingsverkeer in aanmerking is gekomen. Deze verwerking mag niet uitsluitend bestaan in herdistillatie, rectificatie, dehydrering, zuivering of denaturering van de alcohol.

Als de alcohol bestemd is voor uitvoer naar derde landen in de vorm van goederen, moet het bewijs worden geleverd dat in de voorafgaande twee jaren een vergunning is verleend voor het gebruik van de alcohol uit derde landen voor de vervaardiging onder de regeling voor het actieve veredelingsverkeer, van diezelfde uitgevoerde goederen.

Artikel 80

Opening van de openbare inschrijving

De Commissie opent volgens de procedure van artikel 75 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 een openbare inschrijving om alcohol die is geproduceerd via distillatie als bedoeld in de artikelen 27, 28 en 30 van voornoemde verordening af te zetten voor nieuwe vormen van industrieel gebruik. De hoeveelheden alcohol die in het kader van deze inschrijving worden toegewezen, mogen niet groter zijn dan 400000 hectoliter alcohol 100 % vol per jaar.

Artikel 81

Bericht van inschrijving

Het bericht van inschrijving wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen.

In dit bericht worden vermeld:

a) de specifieke voorwaarden die gelden voor de inschrijving, alsmede de naam en het adres van de betrokken interventiebureaus

b) de hoeveelheid alcohol, uitgedrukt in hectoliter alcohol 100 % vol, waarop de inschrijving betrekking heeft,

c) één of meer opslagtanks die samen een partij per lidstaat vormen;

d) de minimumprijs die voor de offertes in acht moet worden genomen, eventueel gedifferentieerd naar gelang van de eindbestemming,

e) het bedrag van de in artikel 82, lid 5, van deze verordening bedoelde inschrijvingszekerheid en van de in artikel 84, lid 3, onder b), van deze verordening bedoelde uitvoeringszekerheid.

Artikel 82

Voorwaarden voor de offertes

1. Naast de op grond van artikel 97 van deze verordening te verstrekken gegevens, moeten in de offerte worden vermeld:

a) de hoeveelheid waarop de offerte betrekking heeft, per opslagtank, uitgedrukt in hectoliter alcohol 100 % vol;

b) het nummer van de opslagtanks waarin de alcohol waarop de offerte betrekking heeft, is opgeslagen; deze opslagtanks moeten zich alle in dezelfde lidstaat bevinden;

c) het precieze industriële gebruik van de alcohol;

d) de aard van de uit te voeren goederen, als het voorgenomen gebruik van de alcohol uitvoer naar derde landen in de vorm van goederen is.

2. In een offerte kan worden vermeld dat deze alleen als ingediend mag worden beschouwd als de hele door de inschrijver in zijn offerte vermelde hoeveelheid daarvan wordt toegewezen.

3. Een inschrijver mag slechts één offerte indienen voor elk type alcohol, voor elk type eindgebruik en voor elke inschrijving. Als een inschrijver meer dan één offerte per type alcohol, per type eindgebruik en per inschrijving indient, is geen enkele ervan ontvankelijk.

4. De offertes moeten uiterlijk om 12.00 uur (Brusselse tijd) op de uiterste dag die in het bericht van inschrijving voor het indienen van de offertes is vastgesteld, bij het interventiebureau van de betrokken lidstaat worden ingediend. Deze uiterste dag dient te liggen in de periode tussen de vijftiende en de vijfentwintigste dag na de datum van bekendmaking van het bericht van inschrijving.

5. Een offerte is slechts geldig als vóór het verstrijken van de indieningstermijn het bewijs is geleverd dat bij het betrokken interventiebureau een inschrijvingszekerheid is gesteld.

6. Het betrokken interventiebureau verstrekt de Commissie, binnen twee werkdagen na de uiterste datum voor het indienen van de offertes, een mededeling met de nominatieve lijst van de inschrijvers wier offerte ontvankelijk is overeenkomstig artikel 97 van deze verordening, de geboden prijzen, de gevraagde hoeveelheden, de opslagplaatsen en het type van de betrokken alcohol, alsook het gebruik waarvoor de alcohol bestemd wordt.

Artikel 83

Gunning

1. Na inzage van de offertes besluit de Commissie, volgens de procedure van artikel 75 van Verordening (EG) nr. 1493/1999, in voorkomend geval voor elke aangegeven eindbestemming van de alcohol, of zij op de offertes ingaat of niet.

2. De Commissie stelt de lijst van de aanvaarde offertes op, te beginnen met de hoogste offerte en verder in dalende volgorde totdat de volledige hoeveelheid die in het bericht van inschrijving is vermeld, is uitgeput.

3. Als aanvaardbare offertes geheel of gedeeltelijk op dezelfde opslagtanks betrekking hebben, wijst de Commissie de betrokken hoeveelheid alcohol toe aan de inschrijver die in absolute cijfers het hoogste bod heeft gedaan.

In het in lid 1 van dit artikel bedoelde besluit kan de Commissie aan de inschrijvers op wier in de eerste alinea bedoelde offertes niet kan worden ingegaan, voorstellen de betrokken hoeveelheid alcohol door een hoeveelheid alcohol van hetzelfde type te vervangen. In dat geval worden de offertes van de betrokken inschrijvers als geaccepteerd beschouwd, tenzij deze bij het bevoegde interventiebureau schriftelijk bezwaar tegen deze vervanging aantekenen binnen tien werkdagen na de dag van kennisgeving door de Commissie van het in lid 5, onder a), van dit artikel bedoelde besluit.

Daartoe wordt in het besluit van de Commissie, in overleg met het betrokken interventiebureau, de opslagtank aangegeven waarin de vervangende hoeveelheid alcohol is opgeslagen.

4. Wanneer als gevolg van gelijke offertes de hoeveelheid alcohol waarvoor de inschrijving is geopend, zou worden overschreden, wijst het betrokken interventiebureau deze hoeveelheid toe als volgt:

a) naar evenredigheid van de in de offertes vermelde hoeveelheden of

b) door verdeling van de betrokken hoeveelheid over de inschrijvers in overleg met hen, of

c) door loting.

5. De Commissie:

a) zendt alleen een kennisgeving van de op grond van dit artikel genomen besluiten aan die lidstaten en interventiebureaus die in bezit zijn van de alcohol waarvoor een offerte is aanvaard,

b) maakt in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen de uitslag van de inschrijving in vereenvoudigde vorm bekend.

Artikel 84

Verklaring van toewijzing

1. Het interventiebureau meldt de inschrijvers onverwijld schriftelijk, tegen bewijs van ontvangst, het resultaat van hun offerte.

2. Bij het interventiebureau is voor inschrijvers aan wie is gegund een verklaring van toewijzing verkrijgbaar, waarin wordt bevestigd dat hun offerte is aanvaard.

Wanneer de Commissie op grond van artikel 83, lid 3, van deze verordening een vervanging van de hoeveelheid heeft voorgesteld waartegen de inschrijver geen bezwaar heeft aangetekend, stelt het betrokken interventiebureau de in de eerste alinea bedoelde verklaring van toewijzing op op de werkdag na het verstrijken van de in artikel 83, lid 3, tweede alinea, laatste zin, genoemde termijn.

3. Binnen twee weken na de datum waarop de koper de in lid 1 bedoelde kennisgeving heeft ontvangen, of bij toepassing van lid 2, tweede alinea, van dit artikel, binnen twee weken na de datum waarop de verklaring van toewijzing is opgesteld:

a) laat hij zich door het interventiebureau de in lid 2 bedoelde verklaring van toewijzing verstrekken,

b) levert hij het bewijs dat hij bij het betrokken interventiebureau een uitvoeringsszekerheid heeft gesteld die moet garanderen dat de betrokken alcohol voor de in zijn offerte aangegeven doeleinden wordt gebruikt.

Artikel 85

Afhaling van de alcohol

1. De alcohol kan worden afgehaald tegen overlegging van een afhaalbon die na betaling van de betrokken hoeveelheid wordt afgegeven door het interventiebureau. Deze hoeveelheid wordt bepaald op 1 hl alcohol 100 % vol nauwkeurig.

2. De eigendom van de alcohol waarvoor een afhaalbon wordt afgegeven, gaat over op de datum die in de bon is vermeld en die niet later mag vallen dan 5 dagen na de datum waarop de bon is afgegeven; de betrokken hoeveelheden worden geacht op die datum te zijn uitgeslagen. Vanaf die datum zijn dus voor de nog niet afgehaalde alcohol de risico's voor diefstal, verlies of vernietiging, en ook de opslagkosten voor rekening van de koper.

3. Op de afhaalbon wordt de uiterste datum vermeld waarop de alcohol in de opslagplaatsen van het betrokken interventiebureau moet worden afgehaald.

4. De alcohol moet binnen vier maanden na de datum waarop de kennisgeving is ontvangen, volledig afgehaald zijn.

5. De toegewezen alcohol moet binnen twee jaar na de datum van de eerste afhaling volledig gebruikt zijn.

Onderafdeling II: Afzet van alcohol voor uitsluitend gebruik in de sector motorbrandstoffen in derde landen

Artikel 86

Voorwaarden voor de in deze onderafdeling bedoelde openbare inschrijving

De Commissie opent, volgens de procedure van artikel 75 van Verordening (EG) nr. 1493/1999, per kwartaal verschillende gewone inschrijvingen telkens voor een hoeveelheid van minstens 50000 hl wijnalcohol, maar in het totaal voor hoogstens 600000 hl wijnalcohol, uitgedrukt in hectoliter alcohol 100 % vol, met het oog op uitvoer naar bepaalde derde landen voor uitsluitend gebruik in de sector motorbrandstoffen.

De betrokken alcohol moet

1. worden ingevoerd en gedehydrateerd in een van de volgende derde landen:

a) Costa Rica,

b) Guatemala,

c) Honduras, met inbegrip van de Swan-eilanden,

d) El Salvador,

e) Nicaragua,

f) Saint Kitts en Nevis,

g) Bahamas,

h) Dominicaanse Republiek,

i) Antigua en Barbuda,

j) Dominica,

k) Britse Virgins Islands en Montserrat,

l) Jamaica,

m) Saint Lucia,

n) Saint Vincent, met inbegrip van de noordelijke Grenadines,

o) Barbados,

p) Trinidad en Tobago,

q) Belize,

r) Granada, met inbegrip van de zuidelijke Grenadines,

s) Aruba,

t) Nederlandse Antillen (Curaçao, Bonaire, Sint Eustachius, Saba en het zuidelijke deel van Sint-Maarten),

u) Guyana,

v) Virgins Islands van de Verenigde Staten van Amerika,

w) Haïti.

2. uitsluitend worden gebruikt in de sector motorbrandstoffen in een derde land.

Artikel 87

Bericht van inschrijving

1. Het bericht van inschrijving wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen.

In het bericht van inschrijving worden vermeld:

a) de regels voor het indienen van de offertes,

b) het uiteindelijke gebruik en/of de eindbestemming die voor de alcohol zijn vastgesteld,

c) de minimumprijs die voor de offertes in acht moet worden genomen,

d) de dienst van de Commissie waarbij de offertes moeten worden ingediend,

e) de in artikel 91, lid 10, van deze verordening bedoelde termijn voor de afhaling,

f) de regels voor de monsterneming,

g) de betalingsvoorwaarden,

h) of de alcohol moet worden gedenatureerd.

2. Elk bericht van openbare inschrijving heeft betrekking op een enkele partij; de alcohol van deze partij kan in verscheidene lidstaten zijn opgeslagen.

3. In het bericht van openbare inschrijving kan worden bepaald dat de inschrijving voor sommige van de in punt 1 van artikel 86 vemelde landen van bestemming niet geldt.

Artikel 88

Offertes

1. Een inschrijver mag per in deze onderafdeling II bedoelde openbare inschrijving slechts één offerte indienen. Als hij meer dan één offerte indient, is geen enkele ervan ontvankelijk.

2. Een offerte is slechts ontvankelijk, als daarin de plaats wordt vermeld waar de toegewezen alcohol zal worden gebruikt en ze een verbintenis van de inschrijver bevat om zich aan deze bestemming te houden.

3. De offerte moet ook bewijzen die dateren van na het bericht van inschrijving bevatten, dat de inschrijver dwingende verbintenissen heeft aangegaan met een ondernemer in de sector motorbrandstoffen in een van de in artikel 86 van deze verordening vermelde derde landen, die zich ertoe verbindt de toegewezen alcohol in een van deze landen te dehydrateren en de alcohol uit te voeren, uitsluitend voor gebruik in de sector motorbrandstoffen.

4. De offerte moet uiterlijk om 12 uur (Brusselse tijd) op de uiterste dag die in het bericht van inschrijving is vastgesteld, bij de bevoegde dienst van de Commissie worden ingediend.

5. Een offerte is alleen geldig als vóór het verstrijken van de termijn voor het indienen van de offertes het bewijs is geleverd dat bij ieder betrokken interventiebureau de inschrijvingszekerheid is gesteld.

De betrokken inschrijvingszekerheid bedraagt 4 [fmxeuro] per hectoliter alcohol 100 % vol en moet worden gesteld voor de hele hoeveelheid die te koop wordt aangeboden.

6. Voor de toepassing van het bepaalde in lid 5 verstrekken de betrokken interventiebureaus

a) aan de inschrijvers onverwijld een verklaring dat de inschrijvingszekerheid is gesteld; ieder bureau geeft deze verklaring af voor de hoeveelheden die bij hem zijn opgeslagen,

b) de Commissie binnen twee werkdagen na de uiterste datum voor het indienen van de offertes, de lijst van de geverifieerde en aanvaarde inschrijvingszekerheden.

7. Handhaving van de offerte na afloop van de termijn voor het indienen van de offertes, en het stellen van de exportzekerheid en/of van de uitvoeringszekerheid zijn primaire eisen in de zin van artikel 20 van Verordening (EEG) nr. 2220/85 van de Commissie in het kader van de inschrijvingszekerheid.

Artikel 89

Gunning

1. Na inzage van de offertes besluit de Commissie, volgens de procedure van artikel 75 van Verordening (EG) nr. 1493/1999, zo spoedig mogelijk of zij op de offertes ingaat of niet.

2. Als op de offertes wordt ingegaan, aanvaardt de Commissie de gunstigste offerte en wijst zij, bij gelijke offertes, de betrokken hoeveelheid toe door loting.

3. De Commissie:

a) stelt de inschrijvers wier offerte niet is aanvaard schriftelijk en tegen ontvangstbewijs in kennis van het resultaat van hun offerte;

b) stelt de lidstaten die de alcohol in hun bezit hebben en de inschrijvers aan wie is gegund, van haar beslissing in kennis;

c) maakt in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen de uitslag van de inschrijving in vereenvoudigde vorm bekend.

4. De in artikel 88, lid 5, van deze verordening bedoelde inschrijvingszekerheid wordt vrijgegeven wanneer de offerte niet is aanvaard of wanneer de koper de volledige exportzekerheid of de uitvoeringszekerheid voor de betrokken inschrijving heeft gesteld.

Artikel 90

Verklaring van toewijzing

Bij het interventiebureau is voor inschrijvers aan wie is gegund een verklaring van toewijzing verkrijgbaar waarin wordt bevestigd dat hun offerte is aanvaard.

Deze verklaring moet worden afgegeven binnen 20 dagen na de datum waarop de koper de in artikel 89, lid 3, van deze verordening bedoelde kennisgeving heeft ontvangen.

Artikel 91

Afhalen van de alcohol

1. Het interventiebureau dat de alcohol in zijn bezit heeft en de koper stellen in onderling overleg een tijdschema voor de afhalingen van de alcohol vast.

2. Voordat met het afhalen van de alcohol wordt begonnen en uiterlijk op de dag waarop de afhaalbon wordt afgegeven, stelt de koper bij het interventiebureau een exportzekerheid als garantie dat de uitvoer binnen de vastgestelde termijnen zal plaatsvinden en een uitvoeringszekerheid om te garanderen dat hij zijn verbintenissen zal nakomen.

3. De uitvoeringszekerheid bedraagt 30 [fmxeuro] per hectoliter alcohol à 100 % vol.

4. De zekerheid ter garantie van de uitvoer binnen de voorgeschreven termijnen bedraagt 3 [fmxeuro] per hectoliter alcohol à 100 % vol, en moet worden gesteld voor elke hoeveelheid alcohol waarvoor een afhaalbon wordt afgegeven.

5. Vóór het afhalen van de toegewezen alcohol nemen het interventiebureau en de inschrijver een monster voor contradictoir onderzoek en laten het analyseren om het in % vol opgegeven alcoholgehalte daarvan te controleren.

Als uit het eindresultaat van de op dit monster uitgevoerde analyses blijkt dat het alcohol-volumegehalte van de af te halen alcohol en het in de inschrijving vermelde minimum-alcohol-volumegehalte van elkaar verschillen, zijn de volgende bepalingen van toepassing:

a) het interventiebureau brengt nog op dezelfde dag de diensten van de Commissie, de opslaghouder en de inschrijver aan wie gegund is van het verschil op de hoogte;

b) de inschrijver aan wie gegund is kan:

i) hetzij accepteren de partij met de geconstateerde kenmerken over te nemen, voorzover de Commissie hiermee instemt,

ii) hetzij weigeren de betrokken partij over te nemen.

In beide gevallen deelt de inschrijver aan wie gegund is nog op dezelfde dag zijn beslissing aan het interventiebureau en aan de Commissie mee overeenkomstig het bepaalde in bijlage V bij deze verordening.

Als de inschrijver, nadat hij bovengenoemde verplichting is nagekomen, weigert de betrokken partij over te nemen, is hij onmiddellijk ontslagen van elke andere verplichting ten aanzien van de betrokken partij.

6. Als de inschrijver, overeenkomstig het bepaalde in lid 5, weigert de goederen over te nemen, stelt het betrokken interventiebureau hem zonder extra kosten, binnen een termijn van ten hoogste acht dagen, een andere hoeveelheid alcohol van de oorspronkelijke kwaliteit ter beschikking.

7. De alcohol kan worden afgehaald tegen overlegging van een afhaalbon die na betaling van de betrokken hoeveelheid wordt afgegeven door het interventiebureau. Deze hoeveelheid wordt bepaald op een hectoliter alcohol 100 % vol nauwkeurig.

Een afhaalbon wordt afgegeven voor een hoeveelheid van ten minste 2500 hl, behalve voor de laatste afhaling in elke lidstaat.

Op de afhaalbon wordt de uiterste datum vermeld waarop de alcohol in de opslagplaatsen van het betrokken interventiebureau moet worden afgehaald. Deze datum mag niet later vallen dan vijf dagen.

8. De eigendom van de alcohol waarvoor een afhaalbon wordt afgegeven, gaat over op de datum die op de bon is vermeld; deze datum mag niet later liggen dan vijf dagen en de betrokken hoeveelheden worden geacht op die datum te zijn uitgeslagen. Vanaf deze datum zijn dus voor de nog niet afgehaalde alcohol de risico's voor diefstal, verlies of vernietiging, en ook de opslagkosten voor rekening van de koper.

9. Als door de schuld van het interventiebureau de afhaling van de alcohol meer dan vijf werkdagen vertraging oploopt ten opzichte van de datum waarop de door de koper af te halen alcohol is aanvaard, moet de lidstaat hiervoor een vergoeding betaling.

10. De alcohol moet binnen ten hoogste 6 maanden volledig uit de opslagplaatsen van elk betrokken interventiebureau afgehaald zijn.

11. De alcohol moet binnen twee jaar, te rekenen na de datum van de eerste afhaling volledig gebruikt zijn.

12. De exportzekerheid wordt door het interventiebureau waarbij de alcohol is opgeslagen, vrijgegeven voor elke hoeveelheid alcohol waarvoor het bewijs wordt geleverd dat ze binnen de voorgeschreven termijn is uitgevoerd. In afwijking van artikel 23 van Verordening (EEG) nr. 2220/85 geldt, behoudens overmacht, wanneer de uitvoertermijn wordt overschreden, de voor de verbeurdverklaring van exportzekerheid van 5 [fmxeuro] per hectoliter alcohol 100 % vol het volgende:

a) 15 % van de zekerheid wordt in ieder geval verbeurd,

b) van het bedrag dat overblijft na toepassing van de vermindering van 15 %, wordt 0,33 % verbeurd per dag dat de betrokken uitvoertermijn wordt overschreden.

13. De uitvoeringszekerheid wordt vrijgegeven overeenkomstig het bepaalde in artikel 100, lid 3, onder b), van deze verordening.

Onderafdeling III: Afzet voor het gebruik als bio-ethanol in de Gemeenschap

Artikel 92

Voorwaarden voor de in deze onderafdeling bedoelde afzet

1. De Commissie kan, volgens de procedure van artikel 75 van Verordening (EG) nr. 1493/1999, binnen drie maanden na het in artikel 89 van deze verordening bedoelde besluit openbare verkopen houden om de alcohol af te zetten.

2. De alcohol wordt toegewezen aan in de Europese Gemeenschap gevestigde ondernemingen en moet worden gebruikt in de sector motorbrandstoffen.

3. Daartoe wordt een lijst van erkende ondernemingen opgesteld. Deze lijst wordt bekendgemaakt in reeks C van het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen en zal regelmatig worden bijgewerkt.

De lidstaten melden de Commissie de namen van de ondernemingen waarvan zij achten dat ze in aanmerking komen voor opneming in de lijst en die een aanvraag hebben ingediend met

- een verklaring van de onderneming waaruit blijkt dat deze in staat is ten minste 50000 hl alcohol per jaar te gebruiken,

- de administratieve vestigingsplaats van de onderneming en van de installaties waar de alcohol wordt verwerkt,

- een kopie van de tekeningen van de installaties voor de productie van bio-ethanol voor de sector motorbrandstoffen met opgave van de capaciteit en de soort productie,

- een kopie van de vergunning van de nationale autoriteiten voor de exploitatie van deze installaties,

- certificaten van de nationale autoriteiten waaruit blijkt dat de installatie de alcohol alleen als bio-ethanol gebruikt en dat deze bio-ethanol alleen in de sector motorbrandstoffen wordt gebruikt,

- de administratieve vestigingsplaats van de raffinagebedrijven die zijn erkend voor de distributie van motorbrandstoffen tot in het stadium van het verbruik, behalve wanneer het erkende bedrijf zich zelf met distributie bezighoudt.

De Commissie beoordeelt aan de hand van deze documentatie of de onderneming in aanmerking komt voor opneming in de lijst of niet en deelt de ondernemingen die een aanvraag hebben ingediend de uitslag van deze evaluatie mee.

Artikel 93

Procedure van openbare verkoop

1. Het bericht van openbare verkoop van de alcohol wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen.

In dit bericht worden vermeld:

a) het volume van de te koop aangeboden alcohol,

b) de opslagtanks en de plaats waar deze zich bevinden,

c) de verkoopprijs,

d) het bedrag van de uitvoeringszekerheid; ondernemingen kunnen echter de zekerheid per inschrijvingsbericht vervangen door een permanente zekerheid,

e) de bepalingen voor het aanvragen van een monster,

f) de betalingscondities.

2. De te koop aangeboden hoeveelheid alcohol wordt gegroepeerd in partijen van een zelfde hoeveelheid. De Commissie stelt de partijen samen. Behalve als de Commissie anders beslist volgens de procedure van artikel 75 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 zijn er evenveel partijen als er geregistreerde ondernemingen voorkomen in de erkende lijst en worden de partijen toegewezen aan alle in de erkende lijst geregistreerde ondernemingen. Als een onderneming de te koop aangeboden alcohol niet aanvaardt, moet zij dit aan de Commissie en het betrokken interventiebureau melden binnen 30 dagen na de datum van de publicatie van het bericht van de openbare verkoop van de alcohol. Voor de niet-aanvaarde alcohol geldt vanaf de datum van de kennisgeving van de weigering niet langer het in artikel 95, lid 2, van deze verordening bedoelde verbod op het vervoer van de alcohol en deze alcohol kan bij een volgende openbare verkoop worden verkocht.

3. De verkoopprijs van de alcohol is gelijk aan de hoogste prijs waartegen is toegewezen bij de meest recente inschrijving als bedoeld in onderafdeling II van titel III, hoofdstuk III, van deze verordening, verhoogd met een bedrag per hectoliter dat wordt vastgesteld volgens de procedure van artikel 75 van Verordening (EG) nr. 1493/1999.

4. De Commissie meldt de toewijzing van de alcohol aan de lidstaten die in bezit zijn van de alcohol en aan de betrokken ondernemingen.

5. Behalve als ze een permanente zekerheid hebben gesteld, moeten de ondernemingen waaraan is toegewezen binnen 30 dagen na de in lid 3 bedoelde kennisgeving het bewijs leveren dat bij elk betrokken interventiebureau een uitvoeringszekerheid is gesteld die garandeert dat de betrokken alcohol als bio-ethanol in de sector motorbrandstoffen wordt gebruikt.

6. De alcohol moet binnen drie maanden na de datum van de kennisgeving van het toewijzingsbesluit van de Commissie volledig afgehaald zijn.

Artikel 94

Afhalen van de alcohol

De leden 1, 7, 8 en 11 van artikel 91 van deze verordening zijn van toepassing voor deze openbare verkopen.

Onderafdeling IV: Algemene bepalingen en controlebepalingen

Artikel 95

Voorwaarden betreffende de alcohol

1. Met het oog op de opstelling van de berichten van inschrijving of van openbare verkopen voor alcohol, zendt de Commissie de betrokken lidstaten een verzoek om inlichtingen over:

a) de hoeveelheid alcohol uitgedrukt in hectoliter alcohol 100 % vol, waarvoor een openbare inschrijving kan worden gehouden,

b) het type van de betrokken alcohol,

c) de kwaliteit van de partij, met vaststelling van een onder- en bovengrens voor de in artikel 96, lid 4, onder d), i) en ii), van deze verordening bedoelde kenmerken.

Binnen twaalf dagen na de datum van ontvangst van dit verzoek stellen de betrokken lidstaten de Commissie in kennis van de plaats en de precieze gegevens van de verschillende tanks met alcohol die aan de gevraagde kwaliteitseisen voldoet, zulks voor een totale hoeveelheid die ten minste gelijk is aan de in de eerste alinea, onder a), van dit artikel bedoelde hoeveelheid alcohol.

2. Na de in lid 1, tweede alinea, bedoelde mededeling door de lidstaten mag de alcohol in de betrokken opslagtanks niet meer worden vervoerd totdat voor die alcohol een afhaalbon is afgegeven.

Dit verbod geldt niet voor de alcohol in opslagtanks die in de betrokken berichten van inschrijving of openbare verkopen van alcohol niet zijn vermeld of die niet zijn genoemd in een besluit van de Commissie als bedoeld in de artikelen 83 tot en met 89 van deze verordening.

De alcohol in de opslagtanks die zijn vermeld in de in lid 1 van dit artikel bedoelde mededeling van de lidstaten kan door de interventiebureaus, onder meer om logistieke redenen, totdat er een afhaalbon voor is afgegeven in overleg met de Commissie, worden vervangen door alcohol van hetzelfde type of worden vermengd met andere alcohol die aan het interventiebureau is geleverd.

3. De lidstaten waar alcohol is opgeslagen waarvoor een inschrijving of een openbare verkoop is gehouden, informeren de Commissie elke maand over de hoeveelheden alcohol van de betrokken geopende inschrijving die reeds zijn afgehaald.

Artikel 96

Voorwaarden betreffende de partijen

1. De alcohol wordt verkocht in partijen.

2. Een partij bestaat uit een hoeveelheid alcohol van in voldoende mate homogene kwaliteit, die in verscheidene opslagtanks, op verscheidene plaatsen en in verscheidene lidstaten opgeslagen kan zijn.

3. Iedere partij wordt genummerd. De nummers van de partijen worden voorafgegaan door de letters "EG".

4. Iedere partij wordt beschreven. In die beschrijving worden ten minste vermeld:

a) de plaats waar de partij is opgeslagen, met inbegrip van de gegevens aan de hand waarvan elke opslagtank waarin alcohol is opgeslagen, kan worden geïdentificeerd en de hoeveelheid die in elke tank is opgeslagen;

b) de totale hoeveelheid alcohol, in hectoliter alcohol 100 % vol. Voor deze hoeveelheid geldt een tolerantie van 1 %;

c) het minimumalcoholgehalte van de alcohol in iedere opslagtank, in % vol en

d) zo mogelijk de kwaliteit van de partij, met vermelding van een hoogste en een laagste waarde voor:

i) het zuurgehalte, in gram azijnzuur per hectoliter alcohol 100 % vol,

ii) het gehalte aan methanol, in gram per hectoliter alcohol 100 % vol;

e) de verwijzing naar de interventiemaatregel op grond waarvan de alcohol is geproduceerd door opgave van het betrokken artikel van Verordening (EG) nr. 1493/1999.

5. Als een inschrijving betrekking heeft op verscheidene partijen, worden alleen de eerste partij of de eerste twee partijen van 1 miljoen hl alcohol 100 % vol beschreven overeenkomstig lid 4.

Artikel 97

Algemene voorwaarden betreffende de offertes

1. Een offerte is slechts ontvankelijk, als ze schriftelijk wordt ingediend en naast de in de onderafdelingen I of II bedoelde specifieke gegevens, ook de volgende gegevens bevat:

a) het referentienummer van het bericht van inschrijving;

b) de naam en het adres van de inschrijver;

c) de geboden prijs, in [fmxeuro] per hectoliter alcohol 100 % vol;

d) de verbintenis van de inschrijver om alle bepalingen van de betrokken inschrijving na te komen;

e) een verklaring van de inschrijver dat hij:

i) afziet van klachten over de kwaliteit of de kenmerken van het hem eventueel toegewezen product;

ii) elke controle met betrekking tot de bestemming en het gebruik van de alcohol accepteert;

iii) aanvaardt dat hij het bewijs moet leveren dat de alcohol wordt gebruikt overeenkomstig de in het bericht van inschrijving vastgestelde voorwaarden.

2. Een offerte is slechts geldig, als:

a) de inschrijver in de Gemeenschap gevestigd is;

b) ze geldt voor de hele partij.

3. Een offerte die ontvankelijk is, kan niet worden ingetrokken.

4. De offerte kan worden afgewezen als de inschrijver niet de nodige waarborgen biedt dat hij zijn verplichtingen zal nakomen.

Artikel 98

Monsters

1. Elke gegadigde kan na de publicatie van een bericht van openbare inschrijving en tot de in dat bericht vastgestelde uiterste datum voor het indienen van de offertes, tegen betaling van 2 [fmxeuro] per liter monsters van de te koop aangeboden alcohol krijgen. Per gegadigde wordt ten hoogste 5 l per tank geleverd. Voor de in onderafdeling III bedoelde afzet kan het monster tegen dezelfde betaling worden verkregen binnen 30 dagen na het bericht van openbare verkoop.

2. Na de uiterste datum voor het indienen van de offertes

a) kan de inschrijver of de in artikel 92 bedoelde erkende onderneming monsters van de toegewezen alcohol krijgen,

b) kan de inschrijver of de in artikel 92 bedoelde erkende onderneming aan wie op grond van artikel 83, lid 3, van deze verordening een vervangingshoeveelheid is voorgesteld, monsters van de ter vervanging voorgestelde alcohol krijgen.

Deze monsters zijn bij het interventiebureau verkrijgbaar tegen betaling van 10 [fmxeuro] per liter. Per gegadigde wordt ten hoogste 5 l per tank geleverd.

3. Het interventiebureau van de lidstaat op het grondgebied waarvan de alcohol is opgeslagen, neemt de nodige maatregelen om de gegadigden in staat te stellen van het in lid 2 bedoelde recht gebruik te maken.

4. Wanneer de koper of de in artikel 92 bedoelde erkende onderneming binnen de in de artikelen 85, 91 of 94 van deze verordening bedoelde maximumtermijn voor het afhalen van de betrokken partij alcohol constateert dat een hoeveelheid van de toegewezen alcohol niet voor het geplande gebruik geschikt is wegens verborgen gebreken die door de aard ervan in het kader van de vóór de toewijzing van de alcohol mogelijke controle niet konden worden ontdekt en deze constatering door het betrokken interventiebureau wordt bevestigd, kan de Commissie de koper een vervangende hoeveelheid alcohol voorstellen. De tank met de vervangende hoeveelheid alcohol wordt in overleg met het betrokken interventiebureau aangewezen. Als de koper niet binnen tien werkdagen, te rekenen vanaf de datum van de kennisgeving van het besluit waarin de Commissie de vervangende hoeveelheid alcohol opgeeft, het betrokken interventiebureau schriftelijk meedeelt dat hij niet akkoord gaat met deze vervanging, wordt hij geacht met deze vervanging in te stemmen.

Artikel 99

Eisen in verband met de denaturering en/of merking

1. Als de alcohol moet worden gedenatureerd, moet dit voor de af te halen hoeveelheid onder controle van de betrokken lidstaten gebeuren tussen het tijdstip waarop de afhaalbon wordt afgegeven en dat waarop de alcohol feitelijk wordt afgehaald. De kosten van de denaturering zijn voor rekening van de koper.

2. De denaturering gebeurt door aan de hoeveelheid alcohol 100 % vol 1 % benzine toe te voegen.

3. De denaturering kan worden uitgevoerd in een daartoe bestemde tank.

Artikel 100

Eisen in verband met de zekerheden

Voor de toepassing van deze verordening geldt dat:

1) a) handhaving van de offerte na afloop van de termijn voor het indienen van de offertes, en het stellen van de uitvoeringszekerheid, primaire eisen zijn in de zin van artikel 20 van Verordening (EEG) nr. 2220/85 in het kader van de inschrijvingszekerheid;

b) het effectieve gebruik van de afgehaalde alcohol voor de bij de betrokken openbare inschrijving vermelde doeleinden en het afhalen van de totale hoeveelheid alcohol uit de opslagtanks van elk betrokken interventiebureau binnen de vastgestelde termijn, primaire eisen zijn in de zin van artikel 20 van Verordening (EEG) nr. 2220/85 in het kader van de uitvoeringszekerheid;

2) a) de toegewezen alcohol, afgezien van eventuele verliezen tijdens het vervoer en tijdens de voor het eindgebruik ervan noodzakelijke verwerkingsbehandelingen, volledig moet worden gebruikt voor de bij de betrokken inschrijving vermelde doeleinden.

Eventuele verliezen worden, voor zover ze de in punt b) bepaalde grenzen niet overschrijden, slechts geaccepteerd als ze zijn geverifieerd op de plaats van het uiteindelijk gebruik en, voor alcohol die bestemd is voor uitvoer, op de plaats waar die alcohol het grondgebied van de Gemeenschap heeft verlaten, en ze verder zijn bevestigd door de bevoegde controle-instantie en/of het bureau voor internationale verificaties, wanneer een dergelijk bureau is aangewezen overeenkomstig het bepaalde in artikel 102 van deze verordening;

b) behoudens overmacht, wordt een bedrag van 96 [fmxeuro] per hectoliter van de uitvoeringszekerheid verbeurd, als alcoholverliezen tijdens de volgende handelingen de hierna vermelde grenzen overschrijden:

i) 0,05 % van de per opslagmaand opgeslagen hoeveelheden, als het verlies een gevolg is van verdamping;

ii) 0,4 % van de uit de opslagplaatsen afgehaalde hoeveelheden alcohol, als het verlies zich heeft voorgedaan bij een of meer transporten over land;

iii) 1 % van de uit de opslagplaatsen afgehaalde hoeveelheden alcohol, als de verliezen zich hebben voorgedaan bij een of meer transporten over land, in combinatie met een of meer transporten over zee of over binnenwateren;

iv) 2 % van de uit de opslagplaatsen afgehaalde hoeveelheden alcohol, als de verliezen zich hebben voorgedaan bij vervoer over land of over zee dat nodig was wegens de toewijzing van alcohol voor uitvoer naar een van de in artikel 86 van deze verordening vermelde derde landen;

v) 0,9 % van de hoeveelheden alcohol die zijn gerectificeerd, als het verlies zich heeft voorgedaan bij rectificatie van de alcohol in de Gemeenschap;

vi) 0,9 % van de hoeveelheden alcohol die zijn gedehydreerd, als het verlies zich heeft voorgedaan bij dehydratering in de Gemeenschap,

vii) 1,2 % van de hoeveelheden alcohol die zijn gerectificeerd, als het verlies zich heeft voorgedaan bij rectificatie van alcohol in een van de in artikel 86 van deze verordening vermelde derde landen,

viii) 1,2 % van de hoeveelheden alcohol die zijn gedehydreerd, als het verlies zich heeft voorgedaan bij dehydratering in een van de in artikel 86 van deze verordening vermelde derde landen.

Het vierde en/of het vijfde percentage mogen worden gecumuleerd met de eerste twee percentages.

Het zesde en/of het zevende percentage mogen worden gecumuleerd met het derde percentage.

Voor de toepassing van bovengenoemde percentages worden de hoeveelheden alcohol bepaald aan de hand van de ijkcertificaten of soortgelijke documenten die door de bevoegde controle-instanties zijn afgegeven.

c) Voor alcohol die wordt toegewezen voor een nieuw industrieel gebruik en die vóór het eindgebruik moet worden gerectificeerd, wordt de afgehaalde alcohol geacht volledig voor de voorgeschreven doeleinden te zijn gebruikt, wanneer ten minste 90 % van de in het kader van een inschrijving afgehaalde hoeveelheden alcohol voor deze doeleinden zijn gebruikt; de koper deelt de Commissie de hoeveelheid, de bestemming en het gebruik van de afgeleide producten van de rectificatie mee. De verliezen mogen echter de onder b) vastgestelde maxima niet overschrijden.

3) a) De inschrijvingszekerheid wordt onmiddellijk vrijgegeven wanneer de offerte niet is aanvaard of wanneer de koper de in lid 1, onder a), bepaalde voorwaarden is nagekomen.

b) De uitvoeringszekerheid wordt onmiddellijk vrijgegeven door elk van de interventiebureaus die alcohol hebben geleverd, wanneer de koper aan elk interventiebureau voor de door hem afgehaalde hoeveelheid de in de punten 2 en 3 en in titel V van Verordening (EEG) nr. 2220/85 voorgeschreven bewijzen overlegt.

c) In afwijking van artikel 27 van Verordening (EEG) nr. 2220/85 wordt een bedrag overeenkomend met 10 % van de uitvoeringszekerheid pas vrijgegeven nadat de koper aan elk betrokken interventiebureau voor de hoeveelheid alcohol die hij bij dit interventiebureau heeft afgehaald, de vereiste bewijzen met betrekking tot het gebruik van de alcohol levert, met vermelding van alle eventuele verliezen die zich in het kader van de betrokken openbare inschrijving hebben voorgedaan. Als deze bewijzen niet worden geleverd binnen 12 maanden na de termijn voor het eindgebruik van de alcohol, wordt een bedrag van 96 [fmxeuro] per hectoliter verbeurd voor de verliezen boven de in lid 2 bepaalde maxima.

Artikel 101

Controlemaatregelen

1. De betrokken lidstaten nemen de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat de verrichtingen als bedoeld in dit hoofdstuk vlot verlopen en dat de communautaire bepalingen ter zake in acht worden genomen. Zij dragen één of meer instanties op toezicht te houden op de naleving van deze bepalingen.

Het toezicht omvat ten minste de controles die worden uitgevoerd ten aanzien van binnenlandse alcohol, maar in ieder geval:

a) een materiële controle van de vervoerde hoeveelheid alcohol,

b) een controle op het gebruik van de alcohol door middel van onaangekondigde frequente en ten minste eenmaal per maand uit te voeren controles,

c) een controle van de boekhouding, registers, verwerkingsprocédés en voorraden.

Wanneer de alcohol is gedenatureerd, wordt ten minste eenmaal per twee maanden een controle uitgevoerd.

2. De lidstaten bepalen welke documenten, registers en andere bewijsstukken of gegevens de koper dient te verstrekken. Zij stellen de Commissie in kennis van de ter uitvoering van lid 1 vastgestelde controlemaatregelen. In voorkomend geval maakt de Commissie aan de betrokken lidstaat de nodige opmerkingen om een doeltreffende controle te waarborgen.

3. De maatregelen die de lidstaten hebben genomen, worden de Commissie vóór het begin van de controle meegedeeld.

Artikel 102

Inschakeling van een verificatiebureau

In het bericht van inschrijving kan worden bepaald dat een bureau voor internationale verificaties wordt ingeschakeld voor de controle op de juiste uitvoering van de verplichtingen in het kader van de openbare inschrijving en met name van die in verband met het uiteindelijk gebruik en/of de eindbestemming van de alcohol. De kosten van die controles en van de ter uitvoering van artikel 99 van deze verordening uitgevoerde analyses en controles zijn voor rekening van de koper.

TITEL IV

SLOTBEPALINGEN

Artikel 103

Mededelingen aan de Commissie

1. De lidstaten delen de Commissie de volgende gegevens mee:

a) iedere maand, voor de distillaties als bedoeld in artikel 29 van Verordening (EG) nr. 1493/1999:

i) de hoeveelheden wijn die zijn gedistilleerd,

ii) de hoeveelheden alcohol waarvoor bijkomende steun wordt verleend;

b) om de twee maanden, voor elk van de in de artikelen 27, 28 en 30 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde distillatiemaatregelen:

i) de hoeveelheden wijn, wijnmoer en distillatiewijn die zijn gedistilleerd,

ii) eventueel uitgesplitst in neutrale alcohol, ruwe alcohol en eau-de-vie:

- de in de voorgaande periode geproduceerde hoeveelheden,

- de door de interventiebureaus in de voorgaande periode op grond van communautaire of nationale bepalingen overgenomen hoeveelheden,

- de in de voorgaande periode door diezelfde interventiebureaus afgezette hoeveelheden,

- de hoeveelheden die aan het einde van de voorgaande periode in het bezit van diezelfde interventiebureaus waren.

Zij delen voor de door deze interventiebureaus afgezette hoeveelheden ook de toegepaste verkoopprijzen mee en verklaren dat de producten binnen de Gemeenschap zijn verzonden of zijn uitgevoerd;

c) tien dagen vóór het einde van elk kwartaal; het gevolg dat is gegeven aan de verzoeken om toepassing van de overmachtclausule en de maatregelen die naar aanleiding daarvan door de bevoegde instanties zijn getroffen, in de gevallen als bedoeld in de volgende artikelen van deze verordening:

i) artikel 9,

ii) artikel 10,

iii) artikel 11, lid 3,

iv) artikel 15,

v) artikel 16,

vi) artikel 20, leden 4, 5 en 6,

vii) artikel 36,

viii) artikel 37,

ix) artikel 72,

x) artikel 75, lid 1,

xi) artikel 100, lid 2, onder b);

d) uiterlijk op 31 december van het lopende wijnoogstjaar; voor de steun voor de particuliere opslag als bedoeld in hoofdstuk I van titel III van Verordening (EG) nr. 1493/1999 en in titel II van deze verordening:

- de hoeveelheden druivenmost die tijdens de geldigheidsduur van het contract tot geconcentreerde druivenmost of gerectificeerde geconcentreerde druivenmost zijn verwerkt, en de geproduceerde hoeveelheden;

e) uiterlijk op 5 maart van het lopende wijnoogstjaar:

- voor de steun voor particuliere opslag als bedoeld in hoofdstuk I van titel III van Verordening (EG) nr. 1493/1999 en in titel II van deze verordening:

- de hoeveelheden producten waarvoor op 16 februari een contract is gesloten;

- met betrekking tot de in artikel 34 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 en in hoofdstuk II van titel I van deze verordening bedoelde steun:

- het aantal producenten dat de steun ontvangen heeft,

- de hoeveelheden wijn die zijn verrijkt,

- de hoeveelheden geconcentreerde druivenmost en gerectificeerde geconcentreerde druivenmost die hiervoor zijn gebruikt, uitgedrukt in percent potentieel alcoholvolumegehalte en in hectoliter;

f) uiterlijk op 30 april voor het voorgaande wijnoogstjaar:

i) voor de steun als bedoeld in artikel 35, lid 1, onder a), van Verordening (EG) nr. 1493/1999 en in hoofdstuk I van titel I van deze verordening:

- de hoeveelheden grondstoffen waarvoor steun is aangevraagd, uitgesplitst naar de aard van die grondstoffen en naar de wijnbouwzone van oorsprong;

- de hoeveelheden grondstoffen waarvoor steun is toegekend, uitgesplitst naar de aard van die grondstoffen en naar de wijnbouwzone van oorsprong;

ii) voor de steunmaatregelen als bedoeld in artikel 35, lid 1, onder b) en c), van Verordening (EG) nr. 1493/1999 en in hoofdstuk II van titel I van deze verordening :

- de hoeveelheden druivenmost en geconcentreerde druivenmost waarvoor steun is aangevraagd, uitgesplitst naar wijnbouwzone van oorsprong;

- de hoeveelheden druivenmost en geconcentreerde druivenmost waarvoor steun is toegekend, uitgesplitst naar wijnbouwzone van oorsprong;

- de prijzen die de bereiders en de fabrikanten voor de druivenmost en de geconcentreerde druivenmost hebben betaald.

iii) de gevallen waarin distilleerders of bereiders van distillatiewijn hun verplichtingen niet zijn nagekomen en de naar aanleiding daarvan getroffen maatregelen.

Artikel 104

Termijnen en data

De in deze verordening bedoelde termijnen, data en vervaldata worden vastgesteld overeenkomstig Verordening (EEG, Euratom) nr. 1182/71. Artikel 3, lid 4, van laatstgenoemde verordening is echter niet van toepassing voor de vaststelling van de duur van de in titel II van deze verordening bedoelde opslagperiode.

Artikel 105

Intrekking

De Verordeningen (EEG) nrs. 2682/77, 1059/83, 3461/85, 441/88, 2598/88, 2640/88, 2641/88, 2721/88, 2728/88, 3105/88, 1238/92, 377/93 en 2192/93 worden ingetrokken.

Artikel 106

Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen.

Zij is van toepassing met ingang van 1 augustus 2000.

Voor de producten van het verkoopseizoen 1999/2000 blijven de volgende verordeningen echter van toepassing tot en met 31 augustus 2000:

- Verordening (EEG) nr. 1059/83,

- Verordening (EEG) nr. 2640/88,

- Verordening (EEG) nr. 2641/88,

- Verordening (EEG) nr. 2721/88,

- Verordening (EEG) nr. 2728/88,

- Verordening (EEG) nr. 3105/88.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 25 juli 2000.

Voor de Commissie

Franz Fishler

Lid van de Commissie

(1) PB L 179 van 14.7.1999, blz. 1.

(2) PB L 102 van 17.4.1999, blz. 11.

(3) PB L 160 van 27.6.1989, blz. 1. Laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 3378/94 (PB L 366 van 31.12.1994, blz. 1).

(4) PB L 160 van 26.6.1999, blz. 103.

BIJLAGE I

Tabel betreffende het verband tussen het potentiële alcoholgehalte en het cijfer dat bij een temperatuur van 20 °C wordt aangegeven door de refractometer die wordt gebruikt volgens de methode zoals vastgesteld in bijlage XVII van Verordening (EG) nr. 1622/2000 tot instelling van een communautaire regeling inzake oenologische procédés en behandelingen

(artikel 13 van deze verordening)

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

BIJLAGE II

In artikel 27, onder b), ii), van deze verordening bedoelde minimumkwaliteitseisen voor tafelwijn

I. Witte wijn

a) Minimaal effectief alcoholgehalte: 10,5 % vol

b) Maximumgehalte aan vluchtige zuren: 9 milli-equivalenten per liter

c) Maximumgehalte aan zwaveldioxide: 155 milligram per liter

II. Rode wijn

a) Minimaal effectief alcoholgehalte: 10,5 % vol

b) Maximumgehalte aan vluchtige zuren: 11 milli-equivalenten per liter

c) Maximumgehalte aan zwaveldioxide: 115 milligram per liter

Roséwijn moet voldoen aan de bovenstaande eisen voor rode wijn, behalve wat zwaveldioxide betreft, waarvoor hetzelfde maximumgehalte geldt als voor witte wijn.

Voor rode tafelwijn van het druivenras Portugieser en voor witte tafelwijn van druivenrassen van het type Sylvaner, Müller-Thurgau of Riesling gelden de onder a) en c) bedoelde eisen evenwel niet.

BIJLAGE III

Definitie van neutrale alcohol als bedoeld in artikel 43 van deze verordening

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

BIJLAGE IV

Communautaire methode voor de analyse van neutrale alcohol

Voor de toepassing van deze bijlage wordt verstaan onder:

a) herhaalbaarheidsgrens: de waarde waarbeneden met een van tevoren vastgesteld betrouwbaarheidsinterval het absolute verschil ligt tussen de resultaten van twee bepalingen die onder dezelfde omstandigheden (dezelfde medewerker, dezelfde apparatuur, hetzelfde laboratorium en kort na elkaar) zijn uitgevoerd;

b) reproduceerbaarheidsgrens: de waarde waarbeneden met een van tevoren vastgesteld betrouwbaarheidsinterval het absolute verschil ligt tussen de resultaten van twee bepalingen die onder verschillende omstandigheden (verschillende medewerkers, verschillende apparatuur en/of verschillende laboratoria en/of op verschillende tijdstippen) zijn uitgevoerd.

Onder "resultaat van een bepaling" wordt verstaan de waarde die wordt verkregen bij één volledige toepassing van de genormaliseerde proefmethode op één enkel monster. Tenzij anders vermeld, geldt het 95 %-betrouwbaarheidsinterval.

BIJLAGE V

Melding van weigering of aanvaarding van partijen in het kader van een openbare inschrijving voor de uitvoer van wijnalcohol

- Naam van de inschrijver aan wie is gegund:

- Datum van de inschrijving:

- Datum van de weigering of aanvaarding van de partij:

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

Top