Accept Refuse

EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 31992D0097

92/97/EEG: Besluit van de Raad van 16 december 1991 houdende goedkeuring van de algemene voorschriften, algemene voorwaarden en procedurevoorschriften voor bemiddeling en arbitrage inzake door het Europees Ontwikkelingsfonds (EOF) gefinancierde overeenkomsten voor werken, leveringen en diensten, wat de toepassing daarvan betreft in de associatie van de landen en gebieden overzee met de Europese Economische Gemeenschap

OJ L 40, 15.2.1992, p. 1–107 (ES, DA, DE, EL, EN, FR, IT, NL, PT)
Special edition in Finnish: Chapter 11 Volume 019 P. 44 - 149
Special edition in Swedish: Chapter 11 Volume 019 P. 44 - 149
Special edition in Czech: Chapter 11 Volume 018 P. 40 - 145
Special edition in Estonian: Chapter 11 Volume 018 P. 40 - 145
Special edition in Latvian: Chapter 11 Volume 018 P. 40 - 145
Special edition in Lithuanian: Chapter 11 Volume 018 P. 40 - 145
Special edition in Hungarian Chapter 11 Volume 018 P. 40 - 145
Special edition in Maltese: Chapter 11 Volume 018 P. 40 - 145
Special edition in Polish: Chapter 11 Volume 018 P. 40 - 145
Special edition in Slovak: Chapter 11 Volume 018 P. 40 - 145
Special edition in Slovene: Chapter 11 Volume 018 P. 40 - 145
Special edition in Bulgarian: Chapter 11 Volume 007 P. 16 - 121
Special edition in Romanian: Chapter 11 Volume 007 P. 16 - 121
Special edition in Croatian: Chapter 11 Volume 130 P. 3 - 108

In force

ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/1992/97/oj

31992D0097

92/97/EEG: Besluit van de Raad van 16 december 1991 houdende goedkeuring van de algemene voorschriften, algemene voorwaarden en procedurevoorschriften voor bemiddeling en arbitrage inzake door het Europees Ontwikkelingsfonds (EOF) gefinancierde overeenkomsten voor werken, leveringen en diensten, wat de toepassing daarvan betreft in de associatie van de landen en gebieden overzee met de Europese Economische Gemeenschap

Publicatieblad Nr. L 040 van 15/02/1992 blz. 0001 - 0107
Bijzondere uitgave in het Fins: Hoofdstuk 11 Deel 19 blz. 0044
Bijzondere uitgave in het Zweeds: Hoofdstuk 11 Deel 19 blz. 0044


BESLUIT VAN DE RAAD van 16 december 1991 houdende goedkeuring van de algemene voorschriften, algemene voorwaarden en procedurevoorschriften voor bemiddeling en arbitrage inzake door het Europees Ontwikkelingsfonds (EOF) gefinancierde overeenkomsten voor werken, leveringen en diensten, wat de toepassing daarvan betreft in de associatie van de landen en gebieden overzee met de Europese Economische Gemeenschap (92/97/EEG)

DE RAAD VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, inzonderheid op artikel 136,

Gelet op Besluit 91/482/EEG van de Raad van 25 juli 1991 betreffende de associatie van de landen en gebieden overzee met de Europese Economische Gemeenschap (1), inzonderheid op de artikelen 211, 212 en 213,

Gezien het voorstel van de Commissie,

Overwegende dat het noodzakelijk is de algemene voorschriften en algemene voorwaarden vast te stellen voor de opdrachten voor werken, leveringen en diensten die uit de door de Commissie beheerde middelen van het Europees Ontwikkelingsfonds (EOF), hierna "EOF-middelen" te noemen, worden gefinancierd;

Overwegende dat het noodzakelijk is procedurevoorschriften voor bemiddeling en arbitrage inzake met de EOF-middelen gefinancierde overheidsopdrachten vast te stellen;

Overwegende dat de Raad bij de aanneming van dit besluit in het bijzonder rekening heeft gehouden met soortgelijke, voor het gebruik van EOF-gelden in de ACS-Staten vastgestelde documenten,

BESLUIT:

Artikel 1

De algemene voorschriften voor met EOF-middelen in de landen en gebieden overzee gefinancierde overheidsaanbestedingen voor werken, leveringen en diensten, die in bijlage I zijn vermeld, zijn van toepassing bij de opstelling en toekenning van met EOF-middelen gefinancierde overheidsopdrachten.

Voor de uitvoering van met EOF-middelen gefinancierde overheidsopdrachten gelden, behoudens het bepaalde in artikel 212, onder b), van Besluit 91/482/EEG, de volgende algemene voorwaarden:

- de in de LGO toepasselijke algemene voorwaarden voor door het EOF gefinancierde opdrachten voor werken, vermeld in bijlage II;

- de in de LGO toepasselijke algemene voorwaarden voor door het EOF gefinancierde opdrachten voor leveringen, vermeld in bijlage III;

- de in de LGO toepasselijke algemene voorwaarden voor door het EOF gefinancierde opdrachten voor diensten, vermeld in bijlage IV.

Geschillen in verband met een uit EOF-middelen gefinancierde opdracht, die ingevolge de algemene voorwaarden en de op de opdracht toepasselijke bijzondere voorwaarden door bemiddeling of arbitrage moeten worden geregeld, worden beslecht overeenkomstig de in bijlage V vermelde in de LGO toepasselijke procedurevoorschriften voor bemiddeling en arbitrage inzake door het EOF gefinancierde opdrachten.

Artikel 2

Dit besluit is van toepassing op de door het EOF in de LGO gefinancierde overheidsopdrachten, die vanaf 1 juni 1991 zijn gesloten.

Artikel 3

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen.

Gedaan te Brussel, 16 december 1991.

Voor de Raad

De Voorzitter

H. VAN DEN BROEK

(1) PB nr. L 263 van 19. 9. 1991, blz. 1.

BIJLAGE I

ALGEMENE VOORSCHRIFTEN VOOR DOOR HET EUROPEES ONTWIKKELINGSFONDS (EOF) GEFINANCIERDE OVEREENKOMSTEN VOOR WERKEN, LEVERINGEN EN DIENSTEN IN DE LGO

INHOUD

INLEIDING

Artikel 1 - Voorwaarden .......... 5

Artikel 2 - Nationaal recht .......... 5

DEFINITIES EN BEGINSELEN

Artikel 3 - Definities .......... 5

Artikel 4 - Voorwaarden om in aanmerking te komen voor gunning van overeenkomsten .......... 7

Artikel 5 - Gelijke deelneming .......... 8

Artikel 6 - Afwijking .......... 8

Artikel 7 - Concurrentie .......... 8

Artikel 8 - Aan een prijsvraag gekoppelde aanbesteding .......... 10

Artikel 9 - Preferentie .......... 10

Artikel 10 - Soorten overeenkomsten .......... 10

Artikel 11 - Technische specificaties en normen .......... 11

Artikel 12 - Berichten en schriftelijke mededelingen .......... 11

BEKENDMAKING VAN DE AANBESTEDING

Artikel 13 - Bericht van aanbesteding .......... 11

Artikel 14 - Voorafgaande selectie van inschrijvers .......... 12

Artikel 15 - Onderhandse overeenkomsten .......... 12

AANBESTEDINGSDOSSIER

Artikel 16 - Inhoud van het aanbestedingsdossier .......... 13

Artikel 17 - Toelichting op de inlichtingen voor inschrijvers .......... 13

Artikel 18 - Wijzigingen in het aanbestedingsdossier .......... 14

INSTRUCTIES VOOR DE INSCHRIJVERS

Artikel 19 - Taal .......... 14

Artikel 20 - Inhoud van de inschrijving .......... 14

Artikel 21 - Percelen .......... 14

Artikel 22 - Samenwerking met derden .......... 15

Artikel 23 - Onafhankelijkheid van de inschrijvers .......... 15

Artikel 24 - Prijsopgave in de inschrijving .......... 15

Artikel 25 - Geldigheidstermijn .......... 16

Artikel 26 - Inschrijvingsgarantie .......... 16

Artikel 27 - Variantontwerpen .......... 17

Artikel 28 - Verkenning vóór inschrijving .......... 17

Artikel 29 - Ondertekening van inschrijvingen .......... 17

INDIENING VAN INSCHRIJVINGEN

Artikel 30 - Termijn voor de indiening .......... 18

Artikel 31 - Verzegelen en kenmerken van de enveloppen .......... 18

Artikel 32 - Intrekking en wijziging .......... 18

ONDERZOEK VAN DE INSCHRIJVINGEN

Artikel 33 - Opening van de inschrijvingen .......... 19

Artikel 34 - Beoordeling van de inschrijvingen .......... 19

Artikel 35 - Annulering van een aanbestedingsprocedure .......... 20

GUNNING VAN DE OPDRACHT

Artikel 36 - Keuze .......... 21

Artikel 37 - Kennisgeving van de gunning .......... 21

Artikel 38 - Opstelling van het gunningsdocument .......... 22

Artikel 39 - Ondertekening van de overeenkomst .......... 22

Artikel 40 - Uitvoeringsgarantie .......... 22

ALGEMENE EN SLOTBEPALINGEN

Artikel 41 - Algemene en slotbepalingen .......... 22

INLEIDING

Artikel 1

Voorwaarden

1.1.

De gunning van uit de middelen van het Europees Ontwikkelingsfonds (EOF) gefinancierde overeenkomsten voor werken, leveringen en diensten valt onder de onderhavige algemene voorschriften.

1.2.

De uitvoering van uit de middelen van het Europees Ontwikkelingsfonds (EOF) gefinancierde overeenkomsten voor werken, leveringen en diensten vallen:

a) onder de algemene voorwaarden inzake elk type van door het EOF gefinancierde overeenkomsten, of

b) in geval van medegefinancierde projecten en programma's of van een aan derden toegekende afwijking, of van een versnelde procedure of in andere toepasselijke gevallen, onder andere algemene voorwaarden zoals eventueel overeengekomen door het betrokken land of gebied en de Europese Economische Gemeenschap (EEG), dat wil zeggen

ii) de algemene voorwaarden als voorgeschreven door de nationale wetgeving van het betrokken land of gebied of de aldaar gevestigde praktijk met betrekking tot internationale overeenkomsten, of

ii) enige andere internationale algemene voorwaarden voor overeenkomsten, en

c) de bijzondere voorwaarden.

1.3.

De algemene voorschriften behelzen de beginselen van en de voorwaarden voor deelname in opdrachten, instructies voor de inschrijvers, alsmede de beginselen van en de voorwaarden voor de gunning van opdrachten.

1.4.

De algemene voorwaarden die van toepassing zijn op een bepaald type overeenkomst, omvatten contractuele bepalingen van administratieve, financiële, wettelijke en technische aard met betrekking tot de uitvoering van de overeenkomsten.

1.5.

De bijzondere voorwaarden die van toepassing zijn op iedere overeenkomst behelzen:

a) wijzigingen in de algemene voorwaarden;

b) bijzondere contractuele bepalingen;

c) technische specificaties; en

d) andere aangelegenheden met betrekking tot de overeenkomst.

Artikel 2

Nationaal recht

Op alle aangelegenheden die niet onder deze algemene voorschriften vallen, is het nationale recht van de Staat van de opdrachtgever van toepassing.

DEFINITIES EN BEGINSELEN

Artikel 3

Definities

3.1.

Op deze algemene voorschriften zijn de volgende definities van toepassing:

EEG: de Europese Economische Gemeenschap.

EOF: het Europees Ontwikkelingsfonds.

Besluit van de Raad: Besluit 91/482/EEG van de Raad van 25 juli 1991 betreffende de associatie van de landen en gebieden overzee met de Europese Economische Gemeenschap.

LGO: de met de EEG geassocieerde landen en gebieden overzee.

ACS-Staten: de Staten in Afrika, het Caribische Gebied en de Stille Oceaan die de ACS-EEG-Overeenkomst hebben ondertekend.

Commissie: de Commissie van de Europese Gemeenschappen.

Gemachtigde: de vertegenwoordiger van de Commissie in de LGO.

Lid-Staten: de Lid-Staten van de Europese Economische Gemeenschap.

ACS-EEG-Overeenkomst: de toepasselijke Overeenkomst tussen de ACS-Staten en de EEG.

Opdrachtgever: de Staat of de publiekrechtelijke of privaatrechtelijke rechtspersoon door of namens welke de overeenkomst gesloten wordt.

Staat van de opdrachtgever: de LGO op het grondgebied waarvan de overeenkomst voor werken, leveringen of diensten moet worden uitgevoerd.

Inschrijver: elke natuurlijke of rechtspersoon of groep van dergelijke personen, die een inschrijving indient met het oog op de sluiting van een overeenkomst.

Gekozen inschrijver: de ingevolge een aanbestedingsprocedure geselecteerde inschrijver of, in het geval van onderhandse overeenkomsten, de inschrijver die de overeenkomst ondertekent.

Directie: de overheidsdienst, dan wel de publiekrechtelijke rechtspersoon, de natuurlijke persoon of de rechtspersoon die door de opdrachtgever is aangewezen overeenkomstig de wetgeving van de Staat van de opdrachtgever en belast is met de leiding over en/of controle van de uitvoering van de overeenkomst en aan wie de opdrachtgever krachtens de overeenkomst rechten en/of bevoegdheden kan delegeren.

Vertegenwoordiger van de directie: iedere door de directie krachtens de overeenkomst als zodanig aangewezen natuurlijke of rechtspersoon die bevoegd is de directie bij de uitvoering van haar taak en bij de uitoefening van de aan haar overgedragen rechten en/of bevoegdheden te vertegenwoordigen. Waar taken en rechten en/of bevoegdheden van de directie aan haar vertegenwoordiger zijn gedelegeerd, duidt de term directie dus ook haar vertegenwoordiger aan.

Werken: de tijdelijke of hulpwerken en duurzame werken die krachtens de overeenkomst moeten worden uitgevoerd.

Leveringen: alle zaken die de leverancier aan de opdrachtgever moet leveren, waar nodig met inbegrip van diensten zoals installatie, beproeving, inwerkingstelling, deskundigenhulp, toezicht, onderhoud, herstelling, opleiding en dergelijke andere verplichtingen in verband met de krachtens de overeenkomst te leveren zaken.

Diensten: de krachtens een overeenkomst voor diensten door de adviseur te verrichten taken, zoals studies, ontwerpen, verlening van technische bijstand en opleiding.

Bouwstoffen: machines, apparaten, bestanddelen en alle zaken, krachtens de overeenkomst te verstrekken of in te brengen.

Materieel: toestellen en andere machines en, indien van toepassing krachtens de wet en/of praktijk van de Staat van de opdrachtgever, de tijdelijke voorzieningen op de bouwplaats die nodig zijn voor de uitvoering van de overeenkomst, met uitzondering van bouwstoffen of andere zaken die deel moeten uitmaken van duurzame werken.

Becijferd bestek: het document dat een opgave per post van de onder een overeenkomst tegen eenheidsprijs uit te voeren taken bevat, met voor elke post vermelding van de hoeveelheid en de overeenkomstige eenheidsprijs.

Staat van eenheidsprijzen: de volledige gespecificeerde staat van de prijzen, met inbegrip van de specificatie van het totaalbedrag, die door de inschrijver samen met zijn inschrijving is ingediend en zo nodig gewijzigd, en die deel uitmaakt van de overeenkomst tegen eenheidsprijs.

Specificatie van het totaalbedrag: de gespecificeerde lijst van percentages en prijzen waaruit blijkt hoe de prijs van een op een totaalbedrag gebaseerde overeenkomst is opgebouwd, maar die geen deel uitmaakt van de overeenkomst.

Inschrijvingssom: het door de inschrijver in zijn inschrijving genoemde bedrag voor het uitvoeren van de overeenkomst.

Aannemingssom: het in de overeenkomst genoemde en als eerste raming bedoelde bedrag dat verschuldigd is voor de uitvoering van de werken, leveringen of diensten, of enig ander bedrag waarvan aan het eind van de overeenkomst wordt vastgesteld dat het krachtens de overeenkomst verschuldigd is.

Tekeningen: de tekeningen die de opdrachtgever en de inschrijver in verband met de inschrijving hebben verstrekt.

Dag: kalenderdag.

Termijnen: de contractuele termijnen die ingaan op de dag welke volgt op de datum van de akte of gebeurtenis die als beginpunt voor die termijnen geldt. Is de laatste dag van de termijn geen werkdag, dan verstrijkt de termijn aan het einde van de eerstvolgende werkdag na de laatste dag van de termijn.

Schriftelijk: in handschrift, machineschrift of druk, met inbegrip van telexen, telegraafberichten en telefaxen.

Mededelingen: certificaten, kennisgevingen, orders en instructies uit hoofde van de overeenkomst.

Nationale valuta: de valuta van de Staat van de opdrachtgever.

Ecu: de Europese munteenheid (European currency unit).

Vreemde valuta: elke krachtens deze algemene voorschriften toepasselijke valuta die niet de nationale valuta is, en die in de inschrijving is vermeld.

Beschrijving van de opdracht: de door de opdrachtgever opgestelde verklaring met de beschrijving van zijn eisen en/of de doeleinden van de diensten, zo nodig met inbegrip van de te gebruiken methoden en middelen en/of te bereiken resultaten.

Vennootschappen: vennootschappen naar burgerlijk recht of handelsrecht, daaronder begrepen openbare of andere ondernemingen, coöperatieve verenigingen en overige rechtspersonen en associaties naar publiek- of privaatrecht, met uitzondering van vennootschappen welke geen winst beogen, die in overeenstemming met de wetgeving van een Lid-Staat of van een LGO zijn opgericht en hun statutaire zetel, hun hoofdbestuur of hun hoofdvestiging binnen een Lid-Staat of een LGO hebben; een vennootschap die slechts haar statutaire zetel binnen een Lid-Staat of een LGO heeft, moet evenwel een activiteit uitoefenen die een reële, daadwerkelijke en voortdurende band heeft met de economie van die Lid-Staat of die LGO.

3.2.

De opschriften en titels in deze algemene voorschriften mogen niet als onderdeel daarvan worden beschouwd of bij de interpretatie van deze voorschriften in aanmerking worden genomen.

3.3.

Indien de context zulks toestaat worden in het enkelvoud gebruikte woorden geacht ook het meervoud te omvatten en vice versa, en worden mannelijke woorden geacht ook het vrouwelijk te omvatten en vice versa.

3.4.

Woorden die personen of partijen aanduiden omvatten ook vennootschappen, en iedere andere organisatie die rechtspersoonlijkheid bezit.

Artikel 4

Voorwaarden om in aanmerking te komen voor gunning van overeenkomsten

4.1.

Behoudens indien in overeenstemming met de beschikking van de Raad en/of met artikel 6 een afwijking is toegestaan:

a) staat de deelneming aan aanbestedingen en aan de gunning van door het EOF gefinancierde overeenkomsten op gelijke voorwaarden open voor:

iii) natuurlijke personen, vennootschappen of overheids- of semi-overheidsinstanties van de LGO en de EEG;

iii) coöperaties en andere publiekrechtelijke of privaatrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van die welke geen winst beogen, uit de EEG, de LGO en/of de ACS-Staten;

iii) gemeenschappelijke ondernemingen of combinaties van vennootschappen uit de LGO, de ACS-Staten en/of de EEG;

b) moeten leveringen van oorsprong uit de EEG, de LGO en/of de ACS-Staten zijn.

4.2.

Natuurlijke personen en vennootschappen komen niet in aanmerking voor gunning van overeenkomsten indien:

a) zij in staat van faillissement zijn;

b) betalingen aan hen zijn gestaakt op grond van een andere gerechtelijke uitspraak dan een faillietverklaring, welke overeenkomstig de nationale wetgeving gehele of gedeeltelijke ontheffing van het beheer en de beschikking over hun vermogen met zich brengt;

c) tegen hen een gerechtelijke procedure is geopend welke een bevel tot opschorting van de betalingen inhoudt en welke overeenkomstig hun nationale wetgeving kan leiden tot een faillietverklaring of tot een andere situatie die tot gevolg heeft dat zij geheel of gedeeltelijk worden ontheven van het beheer en de beschikking over hun vermogen;

d) zij bij een uiteindelijke uitspraak schuldig zijn bevonden aan een misdrijf in de uitoefening van hun beroep of een inbreuk op de gedragsregels van hun beroep;

e) zij zich in ernstige mate schuldig hebben gemaakt aan het verstrekken van onjuiste gegevens betreffende de voor de deelneming aan een aanbesteding vereiste inlichtingen;

f) zij bij een andere overeenkomst met de opdrachtgever contractbreuk hebben gepleegd.

4.3.

Om voor deelneming aan een aanbesteding en voor gunning van overeenkomsten in aanmerking te kunnen komen moeten de inschrijvers naar genoegen van de opdrachtgever aantonen dat zij voldoen aan artikel 4.1, alsook aan de gestelde juridische, technische en financiële eisen, en over de mogelijkheden en middelen beschikken om de overeenkomst adequaat uit te voeren. Hiertoe moeten alle inschrijvingen de volgende informatie bevatten:

a) een document waarvan de dagtekening minder dan 90 dagen geleden is opgesteld overeenkomstig de nationale wetgeving of gebruiken van de inschrijver, waarin wordt verklaard dat:

- hij voldoet aan de in artikel 4.1 genoemde voorwaarden;

- hij niet verkeert in een van de in artikel 4.2 bedoelde situaties;

b) afschriften van authentieke documenten inzake de oprichting en/of wettelijke status, de plaats van registratie en de statutaire zetel en, ingeval deze zich elders bevindt, de hoofdvestiging van de vennootschap of associatie dan wel, voor wat gemeenschappelijke ondernemingen betreft, van elke inschrijvende partij daarvan;

c) bijzonderheden over de ervaring en over de vroegere uitvoering door de inschrijver (of elke partij van een gemeenschappelijke onderneming) van soortgelijke overeenkomsten in de afgelopen vijf jaar, met bijzonderheden over andere in uitvoering zijnde overeenkomsten en details over de daadwerkelijke deelneming aan elk van die overeenkomsten;

d) waar zulks van toepassing is, het belangrijkste materieel dat ten behoeve van de uitvoering van de overeenkomst wordt gepland;

e) de kwalificaties en ervaring van het personeel op sleutelposities dat zou worden ingezet voor het beheer en de uitvoering van de overeenkomst, zowel ter plaatse als elders;

f) voorstellen betreffende de aard, de voorwaarden en de voorschriften voor onderaanneming, wanneer onderaanneming wordt overwogen voor onderdelen van de overeenkomst waarmee een bedrag van meer dan 10 % van de inschrijvingssom is gemoeid;

g) rapporten over de positie van de inschrijver (of elke partij bij een gemeenschappelijke onderneming) uit boekhoudkundig en financieel oogpunt, bij voorbeeld door middel van winst- en verliesrekeningen, balansen en accountantsrapporten over de laatste vijf jaar, een financiële prognose betreffende de komende twee jaar en een machtiging van de inschrijver (of de gevolmachtigde van een gemeenschappelijke onderneming) tot het inwinnen van informatie bij de bankiers van de inschrijver; en

h) informatie over lopende gerechtelijke of scheidsrechterlijke procedures of geschillen waarbij de inschrijver betrokken is. De bedoelde informatie blijft beperkt tot kwesties die rechtstreeks van belang zijn voor het toekennen of uitvoeren van de overeenkomst.

Artikel 5

Gelijke deelneming

De LGO en de Commissie treffen de nodige maatregelen voor een zo ruim mogelijke deelname onder gelijke voorwaarden aan de aanbestedingen voor overeenkomsten voor werken, leveringen en diensten, waaronder zo nodig maatregelen om:

a) te bewerkstelligen dat aanbestedingen via het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen, de officiële publikatiebladen van de betrokken LGO en andere passende informatiemiddelen, in het bijzonder in de LGO en ACS-Staten van de regio, bekend worden gemaakt;

b) discriminerende praktijken en technische specificaties die ruime deelname onder gelijke voorwaarden kunnen verhinderen, uit te sluiten;

c) samenwerking tussen vennootschappen uit de Lid-Staten en uit de ACS-Staten te bevorderen, bij voorbeeld door voorafgaande selectie van gemeenschappelijke ondernemingen en consortiums tussen vennootschappen van de Lid-Staten, de LGO en de ACS-Staten;

d) er zorg voor te dragen dat alle selectiecriteria in het inschrijvingsdossier worden genoemd; en

e) er zorg voor te dragen dat de gekozen inschrijving voldoet aan de eisen van het aanbestedingsdossier en aan de daarin genoemde selectiecriteria.

Artikel 6

Afwijking

6.1.

Terwille van een optimale kosten/batenverhouding van het stelsel kunnen natuurlijke en rechtspersonen uit niet tot de ACS-Staten behorende ontwikkelingslanden op verzoek van de betrokken LGO worden gemachtigd deel te nemen aan door de EEG gefinancierde overeenkomsten.

6.2.

De betrokken LGO verstrekken de gemachtigde in elk voorkomend geval de informatie die de EEG nodig heeft om over dergelijke uitzonderingen een besluit te nemen, waarbij bijzondere aandacht wordt geschonken aan:

a) de geografische ligging van de betrokken LGO;

b) het concurrentievermogen van de aannemers, leveranciers en adviseurs uit de EEG, de LGO en de ACS-Staten;

c) de noodzaak om buitensporige stijging van de uitvoeringskosten van overeenkomsten te vermijden;

d) de vervoersproblemen en vertragingen in verband met levertijden of soortgelijke problemen;

e) de meest geschikte en aan de lokale omstandigheden optimaal aangepaste technologie.

6.3.

Voor deelneming van derde landen die geen partij zijn bij de ACS-EEG-Overeenkomst, aan door de EEG gefinancierde overeenkomsten kan ook toestemming worden gegeven:

a) wanneer de EEG deelneemt in de financiering van regionale of interregionale activiteiten waarbij deze landen betrokken zijn;

b) in het geval van medefinanciering van projecten en programma's;

c) in geval van spoedhulp.

6.4.

In uitzonderingsgevallen kunnen in overleg met de Commissie adviesbureaus of deskundigen die de nationaliteit van de in artikel 6.3 bedoelde derde landen hebben, deelnemen aan overeenkomsten voor diensten.

Artikel 7

Concurrentie

7.1.

Behoudens voor zover anders bepaald in artikel 7, worden uit het EOF gefinancierde overeenkomsten voor werken en leveringen gesloten na openbare aanbesteding en overeenkomsten voor diensten na niet-openbare aanbesteding.

7.2.

De LGO kunnen krachtens de bepalingen van artikelen 7.3, 7.4 en 7.7 en in overleg met de Commissie:

a) overeenkomsten gunnen na niet-openbare aanbesteding, in voorkomend geval na een oproep tot voorafgaande kwalificatie;

b) onderhands overeenkomsten sluiten;

c) overeenkomsten uitvoeren via overheids- of semi-overheidsinstanties van de LGO.

7.3.

Niet-openbare aanbestedingen zijn toegestaan:

a) indien is vastgesteld dat de situatie urgent is of indien de aard of bepaalde bijzondere kenmerken van de overeenkomsten zulks wettigen;

b) voor zeer gespecialiseerde projecten of programma's;

c) voor overeenkomsten van grote omvang na voorafgaande selectie.

7.4.

Onderhandse overeenkomsten kunnen worden gegund in de volgende gevallen:

a) werkzaamheden van geringe omvang, urgente situaties of kortlopende projecten voor technische samenwerking;

b) spoedhulp;

c) werkzaamheden die aan individuele deskundigen worden opgedragen;

d) werkzaamheden ter aanvulling van of noodzakelijk voor de voltooing van andere die reeds in uitvoering zijn;

e) indien de uitvoering van de overeenkomst uitsluitend is voorbehouden aan houders van octrooien of licenties om de betrokken goederen te gebruiken, te verwerken of in te voeren;

f) wanneer een aanbesteding geen gunstig resultaat heeft opgeleverd.

7.5.

De volgende procedure is van toepassing op niet-openbare aanbestedingen en onderhandse overeenkomsten:

a) in het geval van overeenkomsten voor werken en leveringen wordt door de opdrachtgever in overleg met de gemachtigde een lijst van gegadigden opgesteld, na, indien van toepassing, een oproep tot voorafgaande kwalificatie;

b) in het geval van overeenkomsten voor diensten wordt de lijst van gegadigden door de opdrachtgever in overleg met de Commissie opgesteld op basis van de voorstellen van de opdrachtgever en de voorstellen van de Commissie;

c) bij onderhandse overeenkomsten staat het de opdrachtgever vrij het nodige overleg te plegen met de gegadigden op de lijst die hij overeenkomstig artikel 7.5, onder a) en b), heeft opgesteld, en de overeenkomst te gunnen aan de door hem gekozen inschrijver.

7.6.

Voor overeenkomsten voor diensten wordt terdege rekening gehouden met de beschikbaarheid van geschikte gegadigden die in de LGO zelf of in het gebied verblijven.

Eigen beheer

7.7.

Wanneer de betrokken LGO in zijn departementen beschikt over daartoe gekwalificeerde leidinggevende ambtenaren, worden overeenkomsten via overheids- of semi-overheidsinstanties van de betrokken LGO in eigen beheer uitgevoerd in geval van spoedhulp, van overeenkomsten voor diensten en van alle andere activiteiten waarvan de kosten worden geraamd op minder dan 5 miljoen ecu.

7.8.

De Gemeenschap zal bijdragen in de kosten van de betrokken instantie door beschikbaarstelling van ontbrekend materieel en/of materiaal en/of middelen waarmee de nodige bijkomende deskundigen uit de betrokken LGO of andere LGO of ACS-Staten kunnen worden aangeworven. De Gemeenschap zal alleen kosten voor haar rekening nemen die voortvloeien uit aanvullende maatregelen en tijdelijke uitgaven welke voor de uitvoering van het project absoluut vereist zijn.

Overeenkomsten voor spoedhulp

7.9.

Bij de behandeling van overeenkomsten voor spoedhulp wordt rekening gehouden met de urgentie van de situatie. Daartoe kan de opdrachtgever voor alle activiteiten in verband met spoedhulp, in overleg met de gemachtigde, toestemming geven voor:

a) het sluiten van onderhandse overeenkomsten;

b) het uitvoeren van overeenkomsten in eigen beheer;

c) tenuitvoerlegging via gespecialiseerde bureaus;

d) rechtstreekse tenuitvoerlegging door de Commissie.

Versnelde procedure

7.10.

Om een snelle en doeltreffende tenuitvoerlegging van de projecten en de programma's te waarborgen wordt een versnelde aanbestedingsprocedure toegepast, tenzij de betrokken LGO anders besluit of instemt met een andersluidend voorstel van de Commissie. De versnelde procedure voor het organiseren van aanbestedingen kent kortere aanbestedingstermijnen en de oproep tot inschrijving blijft beperkt tot de betrokken LGO en de aangrenzende LGO of ACS-Staten, in overeenstemming met de geldende voorschriften in de betrokken LGO. De versnelde procedure is van toepassing in de volgende gevallen:

a) overeenkomsten voor werken waarvan de kosten op minder dan 5 miljoen ecu worden geraamd;

b) spoedhulp, ongeacht het bedrag van de overeenkomst.

7.11.

Bij wijze van afwijking kan de nationale ordonnateur van de LGO in overleg met de gemachtigde voor een beperkt bedrag leveringen en/of diensten aanschaffen wanneer deze in de betrokken LGO of aangrenzende LGO of ACS-Staten verkrijgbaar zijn.

7.12.

Om de procedure te bespoedigen kunnen de ACS-Staten de Commissie verzoeken namens hen rechtstreeks of via het bevoegde bureau te onderhandelen over overeenkomsten voor diensten en deze op te stellen en te sluiten.

Artikel 8

Aan een prijsvraag gekoppelde aanbesteding

8.1.

Indien de opdrachtgever zulks om redenen van technische, esthetische of financiële aard wenselijk acht, kan een uitnodiging tot inschrijving voor een prijsvraag worden gedaan. De prijsvraag vindt plaats op basis van een programma en criteria die door de opdrachtgever zijn vastgesteld. Voorts geldt het volgende:

a) in het programma kan worden bepaald dat de beste ontwerpen in aanmerking komen voor prijzen. Deze worden vastgesteld in het programma en toegekend aan de ontwerpers overeenkomstig de door de opdrachtgever opgestelde rangorde. Eventueel kent de opdrachtgever geen prijzen toe indien de ontwerpen onbevredigend worden geacht;

b) tenzij anders in de aanbesteding aangegeven, zijn de aan het ontwerp verbonden auteursrechten eigendom van de mededingers. De opdrachtgever mag echter met hun toestemming de ontwerpen gebruiken voor verdere ontwikkeling.

8.2.

De opdrachtgever kan offertes vragen voor nader onderzoek, studie en ontwerp voor zover nodig voor de verdere ontwikkeling van het project.

8.3.

Behoudens artikel 8.1, onder b), en 8.2, kan de opdrachtgever offertes vragen voor de gedetailleerde uitwerking van een ontwerp van een mededinger en de voorbereiding van documenten tot het stadium waarin aanbestedingen voor leveringen of bouw kunnen worden gedaan.

8.4.

De opdrachtgever kan offertes vragen voor voorstellen voor ontwerp en uitvoering van een kant-en-klaar op te leveren project. De aanbesteding geschiedt dan op basis van een totaalbedrag. De inschrijvingen worden beoordeeld op hun esthetische, praktische, technische en economische verdiensten. Er worden geen prijzen uitgeloofd.

Artikel 9

Preferentie

9.1.

Er worden maatregelen genomen om te bevorderen dat zoveel mogelijk natuurlijke en rechtspersonen van de LGO deelnemen aan de uitvoering van de door het EOF gefinancierde overeenkomsten opdat de materiële en menselijke hulpbronnen van deze landen en gebieden zo goed mogelijk worden gebruikt. Hiervoor gelden de volgende bepalingen:

a) voor overeenkomsten voor werken waarmee minder dan 5 miljoen ecu is gemoeid, krijgen inschrijvers uit de LGO bij vergelijking van inschrijvingen van hetzelfde economische en technische kwaliteitsniveau een prijspreferentie van 10 %, op voorwaarde dat minstens een kwart van het aandelenkapitaal en van het leidinggevende personeel afkomstig is uit een of meer LGO;

b) voor overeenkomsten voor leveringen, ongeacht het daarmee gemoeide bedrag, krijgen inschrijvers uit de LGO die leveringen aanbieden waarvan minstens 50 % van het bedrag van de overeenkomst afkomstig is uit LGO, een prijspreferentie van 15 % bij vergelijking van inschrijvingen van hetzelfde economische en technische kwaliteitsniveau;

c) bij overeenkomsten voor diensten wordt, bij aanwezigheid van de vereiste bekwaamheden, de voorkeur gegeven aan deskundigen, instituten of adviesbureaus uit LGO bij vergelijking van inschrijvingen van hetzelfde economische en technische kwaliteitsniveau;

d) bij onderaanneming geeft de inschrijver aan wie de overeenkomst is gegund, de voorkeur aan natuurlijke personen en vennootschappen uit de LGO die de betrokken overeenkomst op vergelijkbare voorwaarden kunnen uitvoeren.

9.2.

De in artikel 9.1 bedoelde drempel en percentages kunnen op basis van de toepasselijke beschikking van de Raad worden gewijzigd.

Artikel 10

Soorten overeenkomsten

10.1.

De overeenkomst kan zijn:

a) op basis van een totaalbedrag, indien voor het geheel der onder de overeenkomst vallende werken, leveringen en diensten een vaste prijs geldt;

b) op basis van eenheidsprijzen, indien de werken, leveringen en diensten in een becijferd bestek postgewijs worden vermeld met opgave van de aangeboden eenheidsprijzen;

c) op basis van gecontroleerde uitgaven, indien de werken, leveringen en diensten worden betaald op basis van de feitelijke kosten verhoogd met overheadkosten en een winstfactor;

d) op gemengde basis, indien de prijzen worden vastgesteld op ten minste twee van de in artikel 10.1 genoemde wijzen;

e) op basis van voorlopige prijzen, indien in de uitzonderingsgevallen bedoeld in artikel 10.2 in overleg tussen de opdrachtgever en de inschrijver overeenkomsten worden gegund zonder dat de prijzen vooraf worden vastgesteld, en deze overeenkomsten op de overeengekomen wijze worden betaald.

10.2.

Gunning op basis van voorlopige prijzen mag uitsluitend plaatsvinden:

a) bij opdrachten die ingewikkeld zijn of waarvoor een nieuwe techniek moet worden toegepast waaraan belangrijke onbekende technische aspecten zijn verbonden, zodat met de opdracht moet worden begonnen zonder dat alle uitvoeringsvoorwaarden kunnen worden vastgesteld;

b) in geval van buitengewone en onvoorzienbare omstandigheden, bij voorbeeld wanneer de opdracht dringend is en de aard en de uitvoeringsmiddelen moeilijk te bepalen zijn.

10.3.

Behalve in het geval van overeenkomsten op basis van voorlopige prijzen vindt de gunning plaats op grond van vooraf bepaalde prijzen. Deze prijzen kunnen totaalbedragen of eenheidsprijzen zijn.

10.4.

De instructies voor de inschrijvers behelzen het volgende:

a) de aard van de overeenkomst;

b) voor overeenkomsten op basis van gecontroleerde uitgaven, de methode voor de berekening van kosten, overheadkosten en winst;

c) voor overeenkomsten op gemengde basis, de methoden voor de berekening van de krachtens de overeenkomst te betalen bedragen.

Artikel 11

Technische specificaties en normen

11.1.

De technische specificaties, alsmede de methoden voor de proefneming, controle, oplevering, overneming en berekening die in de overeenkomst voorkomen, mogen worden gegeven door verwijzing, in rangorde, naar door de EEG en de ACS-Staat gemeenschappelijk aanvaarde normen, dan wel naar nationale normen van ACS-Staten of van een Lid-Staat, dan wel naar andere normen, met inbegrip van internationale normen.

11.2.

Tenzij zulks door het onderwerp van de overeenkomst wordt gerechtvaardigd, is het verboden technische specificaties op te nemen die produkten van een bepaald fabrikaat of van een bepaalde herkomst of bijzondere werkwijzen vermelden, ten gevolge waarvan bepaalde produkten worden begunstigd of uitgeschakeld. Dit verbod geldt ook de aanduiding van merken, octrooien of types of inzake een specifieke oorsprong of produktie. Indien produkten of werkwijzen niet kunnen worden aangeduid door middel van voldoende nauwkeurige en begrijpelijke termen, mogen deze echter wel worden genoemd, met toevoeging van de vermelding "of daarmede gelijkwaardig".

Artikel 12

Berichten en schriftelijke mededelingen

12.1.

Tenzij anders bepaald in de bijzondere voorwaarden worden mededelingen tussen de opdrachtgever en/of de directie enerzijds en de inschrijvers of de gekozen inschrijver anderzijds per post, telegraaf, telex of telefax gezonden aan dan wel persoonlijk afgegeven op de door die partijen daartoe aangewezen adressen.

12.2.

Indien de afzender een ontvangstbewijs verlangt, maakt hij daarvan melding in zijn mededeling en verlangt hij een ontvangstbewijs wanneer er een uiterste datum van ontvangst voor de mededeling is voorgeschreven. In ieder geval treft de afzender de nodige maatregelen om de ontvangst van zijn mededeling te verzekeren.

BEKENDMAKING VAN DE AANBESTEDING

Artikel 13

Bericht van aanbesteding

13.1.

Opdrachtgevers die een overeenkomst willen sluiten via een openbare aanbesteding of via een niet-openbare aanbesteding met voorafgaande selectie, geven hun voornemen hiertoe te kennen in een bericht dat door de Commissie wordt bekendgemaakt in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen, in het officiële publikatieblad van de betrokken LGO en via alle andere passende informatiemiddelen, in het bijzonder in de omliggende LGO en ACS-Staten.

13.2.

Alvorens de aanbesteding bekend te maken legt de opdrachtgever het aanbestedingsdossier voor aan de gemachtigde.

13.3.

De gemachtigde:

a) keurt bij versnelde procedures, onderhandse overeenkomsten en overeenkomsten voor spoedhulp, voorafgaande aan de bekendmaking door de opdrachtgever, het aanbestedingsdossier goed binnen 30 dagen nadat de opdrachtgever dit aan hem heeft voorgelegd;

b) zendt in alle andere gevallen dan die van artikel 13.3, onder a), het aanbestedingsdossier door aan de Commissie die het goedkeurt binnen 30 dagen nadat de opdrachtgever het aan de gemachtigde heeft voorgelegd.

13.4.

Bij openbare aanbestedingen wordt in het bericht van aanbesteding met name het volgende vermeld:

a) het onderwerp en doel van de overeenkomst alsmede de aard en de omvang van de opdracht; indien de opdracht in percelen is verdeeld, de grootte van de percelen en de mogelijkheid om voor één, voor verscheidene of voor de massa der percelen in te schrijven; de mogelijkheid om variantontwerpen in te dienen wanneer zulks is toegestaan; bij aan een prijsvraag voor ontwerpen en uitvoering gekoppelde aanbestedingen de criteria voor het ontwerp en de andere eisen die de inschrijvers nodig hebben om het doel van de overeenkomst te begrijpen en dienovereenkomstig in te schrijven;

b) de gunningscriteria en alle belangrijke of ongebruikelijke beoordelingscriteria inzake de aanbesteding (bij voorbeeld de preferentiemarge);

c) de plaats van uitvoering, de financieringsbron en de uitvoeringstermijn van het project en bij leveringsovereenkomsten de plaats van levering en/of installatie;

d) de opdrachtgever en naam en adres van de gunnende dienst;

e) de wijze van inschrijving, de plaats waar het aanbestedingsdossier kan worden ingezien, alsmede de voorwaarden waarop het kan worden verkregen;

f) de termijn, te rekenen vanaf de voor de ontvangst van de inschrijvingen vastgestelde uiterste datum, gedurende welke de inschrijvers gebonden blijven door hun inschrijving;

g) de voor de ontvangst van de inschrijvingen vastgestelde uiterste datum en uur, het adres waaraan de inschrijvingen moeten worden gezonden, het aantal vereiste exemplaren en de taal waarin zij moeten worden gesteld;

h) zo nodig plaats, dag en uur van de opening der inschrijvingen;

i) de verschillende garanties die de opdrachtgever eist, alsmede het bedrag van elke garantie, waar passend uitgedrukt in een percentage van de inschrijving, en het tijdstip waarop die garanties moeten worden gesteld;

j) het adres van de diensten waar de inschrijvers aanvullende inlichtingen kunnen inwinnen.

13.5.

Bij niet-openbare aanbestedingen met voorafgaande selectie wordt in het bericht met name het volgende vermeld:

a) de wijze van inschrijving, alsmede de in artikel 13.4, onder a), b), c), d) en g), bedoelde gegevens;

b) de voorwaarden waarop het aanbestedingsdossier kan worden verkregen;

c) waar passend, de uiterste datum waarop de uitnodigingen tot inschrijving door de opdrachtgever zullen worden verzonden;

d) de inlichtingen die bij de aanvragen tot deelneming moeten worden verstrekt in de vorm van verklaringen en bescheiden met betrekking tot de hoedanigheid en bekwaamheid van de aanvrager die de opdrachtgever verlangt overeenkomstig artikel 4, alsmede de economische en technische eisen waaraan iedere aanvrager moet voldoen als hij voor selectie in aanmerking wenst te worden genomen.

Artikel 14

Voorafgaande selectie van inschrijvers

14.1.

Bij niet-openbare aanbesteding met voorafgaande selectie wordt een lijst van gegadigden opgesteld overeenkomstig artikel 14.2 na, indien van toepassing, een oproep tot voorafgaande kwalificatie, na bekendmaking van het in artikel 13.1 bedoelde bericht.

14.2.

Deze lijst wordt opgesteld, onder meer, in overeenkomst met artikel 7.5 en met de noodzakelijke kwalificaties om het voorgenomen project uit te voeren, inzonderheid artikel 4.

14.3.

De opdrachtgever kiest de gegadigden op grond van de informatie die zij hebben verstrekt in antwoord op hetgeen overeenkomstig artikel 13.5, onder d), wordt verlangd. De gekozen gegadigden ontvangen een uitnodiging tot inschrijving met met name de volgende gegevens:

a) de in artikel 13.4, onder e), f), g), h), i) en j), genoemde informatie;

b) een verwijzing naar het in artikel 13.5 bedoelde bericht van aanbesteding;

c) eventuele wijzigingen als bedoeld in artikel 18.

Artikel 15

Onderhandse overeenkomsten

15.1.

Bij onderhandse overeenkomsten worden de werken, leveringen of diensten die het onderwerp van een overeenkomst zullen vormen, na onderhandelingen tussen de opdrachtgever en de inschrijver vastgesteld.

15.2.

Wanneer de onderhandse procedure wordt toegepast, kiest de betrokken LGO een kandidaat uit een lijst die overeenkomstig de artikelen 4 en 7.5 is opgesteld.

15.3.

Na de voltooiing van de onderhandelingen stelt de opdrachtgever de tekst van de overeenkomst op en deelt hij die mee overeenkomstig artikel 38.

15.4.

De opdrachtgever en de inschrijver komen een datum overeen die als datum van sluiting van de overeenkomst geldt. Deze datum wordt vermeld in de tekst van de overeenkomst.

AANBESTEDINGSDOSSIER

Artikel 16

Inhoud van het aanbestedingsdossier

16.1.

De wijze van indiening van de inschrijvingen en de criteria voor de gunning worden bepaald in het aanbestedingsdossier. Behalve de uitnodiging tot inschrijving kan het aanbestedingsdossier, waar van toepassing, de volgende stukken bevatten:

a) de instructies voor de inschrijvers;

b) de algemene voorwaarden die van toepassing zijn op het specifieke type overeenkomst;

c) de bijzondere voorwaarden voor de specifieke overeenkomst;

d) de technische specificaties en/of beschrijving van de opdracht;

e) de vorm van de specificatie van het totaalbedrag in geval van overeenkomsten op basis van een totaalbedrag, en de vorm van de staat van eenheidsprijzen en/of van het becijferde bestek in geval van overeenkomsten op basis van eenheidsprijzen;

f) de lijst van eisen of lijsten met aanvullende informatie;

g) de tekeningen;

h) het inschrijvingsbiljet;

i) het inschrijvingsgarantieformulier;

j) het formulier voor de overeenkomst;

k) het uitvoeringsgarantieformulier; en

l) een beschrijving van de wijze waarop de inschrijvingen worden beoordeeld, met inbegrip van de beoordelingscriteria en het relatieve belang van elk criterium.

16.2.

Bij het aanbestedingsdossier wordt voorts naar gelang van de aard van de overeenkomst een "Nota van algemene inlichtingen" gevoegd. Deze nota wordt opgesteld door de gemachtigde, in overleg met de betrokken LGO en onder voorbehoud van hun goedkeuring. Zij is louter informatief en vormt geen deel van de overeenkomst. Zij bevat het geheel of een deel van de volgende inlichtingen:

a) geografische gegevens over het gebied waar de plaats van uitvoering van de overeenkomst is gelegen, met inbegrip van klimaatgegevens;

b) ligging van de plaats van uitvoering van de overeenkomst, toegangswegen en andere infrastructuur die kunnen worden gebruikt voor de uitvoering van de overeenkomst;

c) inlichtingen betreffende douane-, belasting- en prijsvoorschriften en -wetgeving;

d) loonschalen, alsmede de wettelijke of op overeenkomsten berustende lasten voor werkgevers, met opgave van het minimum- of normale loon dat bij de voorschriften van de Staat van de opdrachtgever is vastgesteld, of dat op de plaats van uitvoering van de overeenkomst gebruikelijk is, voor de voornaamste categorieën plaatselijke arbeidskrachten die voor de uitvoering van de overeenkomst nodig zijn;

e) gegevens over de wetgeving en voorschriften inzake deviezen, alsmede over het monetaire stelsel en de organisatie van het bankwezen in de Staat van de opdrachtgever;

f) alle verdere inlichtingen inzake de wetten en voorschriften van de Staat van de opdrachtgever betreffende de uitvoering van overeenkomsten, met opgave van de instanties waar afschriften van deze wetten en voorschriften kunnen worden verkregen.

16.3.

De beschrijving van de opdracht voor overeenkomsten voor diensten omvat met name:

a) een zo gedetailleerd mogelijke beschrijving van het voorwerp van de overeenkomst;

b) feitelijke bijzonderheden, zoals gegevens die in het bezit zijn van de opdrachtgever, beperkingen waardoor de opdrachtgever zelf gebonden is in verband met de naleving van bepaalde technische of andere voorschriften, en door de opdrachtgever vastgestelde verplichtingen;

c) afhankelijk van de aard van de overeenkomst en voor zover beschikbaar, voorbereidende ontwerpstudies of uitvoeringsschema's en een ontwerp-overeenkomst;

d) algemene documentatie, inzonderheid omvattende de wetgeving en voorschriften betreffende het technische gebied waarop de overeenkomst betrekking heeft of andere verwijzingen waardoor deze wetgeving en voorschriften verkregen kunnen worden.

16.4.

De inschrijver bestudeert alle instructies, voorwaarden, formulieren, beschrijvingen, specificaties en tekeningen in het aanbestedingsdossier zorgvuldig. Alleen de inschrijver is verantwoordelijk voor zijn antwoorden op de vragen in het aanbestedingsdossier en voor alle omissies of vergissingen in zijn antwoorden. Het niet verstrekken van alle in het aanbestedingsdossier verlangde gegevens of de indiening van een inschrijving die niet in alle opzichten op grond van het aanbestedingsdossier ontvankelijk is, is voor eigen risico van de inschrijver en kan leiden tot afwijzing van zijn inschrijving.

Artikel 17

Toelichting op de inlichtingen voor inschrijvers

Indien naar aanleiding van vragen van een inschrijver of om andere redenen informatie over de uit te voeren overeenkomst dan wel andere informatie die van belang kan zijn voor de prijsbepaling door de inschrijver, aan een inschrijver wordt verstrekt, wordt deze informatie tevens onverwijld schriftelijk medegedeeld aan de overige inschrijvers voor zover deze bekend zijn, met dien verstande dat informatie van commerciële aard inzake de aanvaardbaarheid van variantoplossingen niet aan de andere inschrijvers wordt verstrekt. De opdrachtgever gaat alleen in op vragen of verzoeken om toelichting die hij ten minste 30 dagen vóór de uiterste termijn voor de indiening van inschrijvingen ontvangt.

Artikel 18

Wijzigingen in het aanbestedingsdossier

Indien de opdrachtgever tijdens de periode voor de inschrijvingen een wijziging aanbrengt in het aanbestedingsdossier, worden alle gegadigde inschrijvers die in het bezit zijn gesteld van de inschrijvingsdocumenten, hiervan onmiddellijk schriftelijk in kennis gesteld, en tegelijk ook van een eventuele verlenging van de periode voor de inschrijvingen die de opdrachtgever noodzakelijk kan achten om de inschrijvers in staat te stellen met deze wijziging rekening te houden.

INSTRUCTIES VOOR DE INSCHRIJVERS

Artikel 19

Taal

De inschrijving, de tot de overeenkomst behorende stukken alsmede alle hierop betrekking hebbende correspondentie en documenten worden gesteld in de taal die in de instructies voor de inschrijvers is voorgeschreven.

Artikel 20

Inhoud van de inschrijving

20.1.

De door de inschrijver op te stellen en in te dienen inschrijving dient, overeenkomstig de voorwaarden van het aanbestedingsdossier, onderstaande stukken te bevatten:

a) het ingevulde inschrijvingsbiljet en het aanhangsel daarbij;

b) de inschrijvingsgarantie;

c) de specificatie van het totaalbedrag in geval van overeenkomsten op basis van een totaalbedrag, of de staat van eenheidsprijzen en/of het becijferde bestek in geval van overeenkomsten op basis van eenheidsprijzen;

d) lijsten met aanvullende informatie;

e) documenten waaruit de in artikel 4 bedoelde hoedanigheid en bekwaamheid van de inschrijver blijkt, behalve bij niet-openbare aanbesteding met voorafgaande selectie;

f) toegestane variantontwerpen alsmede andere elementen die dienen te worden overgelegd overeenkomstig de in het aanbestedingsdossier vermelde instructies voor de inschrijvers;

g) alle inlichtingen die nodig zijn ter beoordeling van de inschrijvingen;

h) wanneer in de instructies voor de inschrijvers wordt bepaald dat nazorg dient te worden verleend, een nota betreffende de voorzieningen die de inschrijver moet treffen om aan deze verplichtingen te voldoen;

i) in voorkomend geval, een opgave van de aanvullende waarborgen die de inschrijver voorstelt betreffende onder andere de uitvoeringstermijn en de omvang van het werk;

j) alle informatie over voorgenomen onderaannemingen; en

k) de inschrijvingssom en de wijze en valuta van betaling.

20.2.

Nazorg wordt verlangd voor overeenkomsten voor leveringen, tenzij de aard van de leveringen deze nazorg niet wettigt. Indien de opdrachtgever nazorg verlangt:

a) worden in de bijzondere voorwaarden de voorwaarden en voorschriften en de duur van deze nazorg vermeld;

b) richt de gekozen inschrijver, tenzij de aard van de leveringen of de voorwaarden ter zake zulks niet rechtvaardigen, in de Staat van de opdrachtgever de vereiste dienst voor nazorg op.

Artikel 21

Percelen

21.1.

Bij het onderzoek van de wijze waarop een project moet worden uitgevoerd, wordt rekening gehouden met de economische en technische voordelen van verdeling van het project in zo groot mogelijke homogene percelen.

21.2.

Indien een project in percelen is verdeeld, wordt in de instructies voor de inschrijvers vermeld:

a) het aantal percelen;

b) aard, plaats en omvang van elk perceel; en

c) eventueel het minimum- en maximumaantal percelen waarop een inschrijver kan inschrijven.

21.3.

De procedure voor de indiening van een inschrijving is als volgt:

a) een inschrijver kan voor elk afzonderlijk perceel inschrijven;

b) behalve indien in de instructies voor de inschrijvers anders is voorgeschreven, kan de inschrijver in zijn inschrijving de totale korting vermelden die hij toestaat indien bepaalde of alle percelen waarvoor hij per perceel heeft ingeschreven, worden samengevoegd;

c) behalve indien in de instructies voor de inschrijvers is vermeld dat de percelen die aan een zelfde inschrijver worden gegund, één opdracht vormen, wordt voor ieder van de percelen een aparte overeenkomst gesloten;

d) indien percelen aan verschillende inschrijvers worden gegund, kan in het aanbestedingsdossier of de instructies voor de inschrijvers worden voorgeschreven dat de inschrijver voor een bepaald perceel de uitvoering van alle percelen dient te coördineren.

Artikel 22

Samenwerking met derden

22.1.

Ten einde de LGO beter in staat te stellen hun technische bekwaamheden te ontwikkelen en de vakkennis van hun adviseurs te verbeteren, worden partnerschapsakkoorden gestimuleerd tussen adviesbureaus, raadgevende ingenieurs, deskundigen en instellingen van de EEG en die van de ACS-Staten. Met het oog hierop stellen de Commissie en de LGO alles in het werk om

a) door middel van joint ventures onderaanneming te bevorderen alsmede het gebruik van uit de LGO afkomstige deskundigen in teams die werken voor adviesbureaus, raadgevende ingenieurs of instituten in de EEG;

b) inschrijvers in het aanbestedingsdossier op de hoogte te stellen van de selectiecriteria en preferenties in deze algemene voorschriften, met name die welke betrekking hebben op het bevorderen van het gebruik van menselijke hulpbronnen uit de LGO.

22.2.

De opdrachtgever kan de gegadigden in de uitnodiging tot inschrijving of tijdens de onderhandelingen over een overeenkomst de medewerking voorstellen van andere maatschappijen of van nationale deskundigen of adviseurs uit de LGO of uit de ACS, die in onderlinge overeenstemming zijn aangewezen. Deze samenwerking kan geschieden in de vorm van een gemeenschappelijke onderneming, van onderaanneming of van praktijkopleiding van stagiairs.

22.3.

Wanneer de samenwerking geschiedt in de vorm van:

a) een gemeenschappelijke onderneming, dan is artikel 4.3, onder b), van toepassing;

b) onderaanneming, dan is artikel 4.3, onder f), van toepassing;

c) praktijkopleiding van stagiairs, dan moeten de door de opdrachtgever voorgedragen stagiairs de basisbekwaamheden bezitten die verenigbaar zijn met de daadwerkelijke medewerking, in het kader van de praktijkopleiding, aan de uitvoering van de overeenkomst. Het maximumaantal stagiairs wordt vastgesteld in de bijzondere voorwaarden. Bij de berekening van de vergoeding of in de inschrijvingssom wordt rekening gehouden met alle kosten die de inschrijver moet dragen als gevolg van het verstrekken van een praktijkopleiding aan stagiairs. De praktijkopleiding van stagiairs beperkt in geen geval de verplichtingen van de gekozen inschrijver met wie de overeenkomst is gesloten en leidt evenmin tot enige aansprakelijkheid van de opdrachtgever of van de directie.

22.4.

De betrokken partijen verbinden zich ertoe onderling samen te werken en stellen bij overeenkomst de procedure vast voor een dergelijke samenwerking en inzonderheid de daaruit voortvloeiende aansprakelijkheden.

Artikel 23

Onafhankelijkheid van de inschrijvers

23.1.

Bij overeenkomsten voor diensten brengt de inschrijver, indien hij een juridische betrekking heeft aangeknoopt met natuurlijke of rechtspersonen die zouden kunnen meewerken aan de uitvoering van werken of aan leveringen waarvan de omschrijving of de voorbereiding het onderwerp vormt van de diensten, of indien hij anderszins met hen bijzondere betrekkingen onderhoudt die zijn onafhankelijkheid kunnen aantasten, de opdrachtgever daarvan op de hoogte, hetzij in zijn inschrijving, hetzij bij de onderhandelingen over de sluiting van de overeenkomst of zodra dergelijke omstandigheden zich vóór de gunning van de opdracht voordoen.

23.2.

Indien desondanks met de betrokken inschrijver een overeenkomst wordt gesloten, behoudt de opdrachtgever zich het recht voor de betrokken natuurlijke of rechtspersonen uit te sluiten van iedere medewerking aan de uitvoering van de werken of leveringen.

Artikel 24

Prijsopgave in de inschrijving

24.1.

De inschrijver verstrekt de in het aanbestedingsdossier voor de prijsopgave vereiste informatie, maakt de nodige berekeningen, ondertekent het inschrijvingsbiljet en hecht dit aan zijn inschrijving.

24.2.

Het totaalbedrag van de inschrijving wordt in cijfers en voluit in letters geschreven. Indien er verschil is tussen de in cijfers en de in letters opgeschreven prijs, geldt de prijsopgave in letters. Indien de instructies voor de inschrijvers zulks voorschrijven, worden ook de volgende bedragen in cijfers en voluit in letters geschreven:

a) de specificatie van het totaalbedrag, in geval van overeenkomsten op basis van een totaalbedrag;

b) de eenheidsprijzen voor iedere post in het becijferde bestek en/of de staat van eenheidsprijzen, in geval van overeenkomsten op basis van eenheidsprijzen;

c) in geval van een gemengde overeenkomst de specificatie van het gedeelte tegen een totaalbedrag alsmede in het becijferde bestek en/of de staat van de prijzen, voor het gedeelte tegen eenheidsprijzen.

24.3.

De prijzen moeten overeenkomen met de waarde van elk van de posten in verhouding tot het totaalbedrag van de inschrijving. Zij mogen geen aanleiding kunnen geven tot distorsie van de vergelijking der inschrijvingen, noch tot termijnbetalingen die niet in verhouding staan tot de waarde van het uitgevoerde werk.

24.4.

Inschrijvingen worden uitgedrukt in de nationale valuta van de Staat van de opdrachtgever.

24.5.

Een inschrijver kan in zijn inschrijving verzoeken dat een gerechtvaardigd gedeelte, uitgedrukt in procenten van de inschrijvingsprijs, rechtstreeks in een vreemde valuta aan hem wordt betaald. De vereiste rechtvaardiging wordt beoordeeld in het licht van de verifieerbare feiten wat betreft de daadwerkelijke oorsprong van de uit te voeren werken, leveringen of diensten en de uitgaven die daarmee gemoeid zijn. De op de betaling in vreemde valuta toe te passen wisselkoers is die welke geldt 30 dagen vóór de uiterste termijn voor de indiening van offertes.

24.6.

In de door de inschrijver ingediende prijs wordt rekening gehouden met de belastingregelingen volgens de ACS-EEG-Overeenkomst.

Artikel 25

Geldigheidstermijn

25.1.

Inschrijvers blijven door hun inschrijvingen gebonden gedurende de overeenkomstig artikel 13 door de opdrachtgever voorgeschreven termijn. Iedere inschrijving die voor een kortere termijn geldt, kan door de opdrachtgever worden verworpen. De door de opdrachtgever vastgestelde termijn is voldoende lang voor een beoordeling en vergelijking van de inschrijvingen, alsmede voor het verkrijgen van alle nodige instemmingen en goedkeuringen en voor de kennisgeving van de gunning van de overeenkomst. De voorgeschreven geldigheidstermijn mag normaal niet langer zijn dan 120 dagen vanaf de uiterste datum die voor de indiening van de inschrijvingen is vastgesteld, doch kan variëren op grond van de aard en gecompliceerdheid van de overeenkomst.

25.2.

In buitengewone omstandigheden kan de opdrachtgever, vóór het verstrijken van de oorspronkelijke geldigheidstermijn van de inschrijvingen, de inschrijver verzoeken om een nader genoemde verlenging van de geldigheidstermijn. Aan inschrijvers die dit verzoek inwilligen, zal niet worden gevraagd noch worden toegestaan hun inschrijving te wijzigen; wel zal hun worden verzocht de geldigheidstermijn van hun inschrijvingsgarantie dienovereenkomstig te verlengen. Artikel 26 betreffende vrijgeving en verbeurdverklaring van de inschrijvingsgarantie blijven van toepassing gedurende de verlengde geldigheidstermijn van de inschrijving.

25.3.

De gekozen inschrijver blijft door zijn inschrijving gebonden gedurende een periode van 60 dagen na ontvangst van de kennisgeving dat hij is uitgekozen.

Artikel 26

Inschrijvingsgarantie

26.1.

Tenzij in de instructies voor de inschrijvers anders is bepaald, waarborgen de inschrijvers voor overeenkomsten voor werken en leveringen de ernst van hun aanbiedingen door het stellen van een garantie. In het aanbestedingsdossier wordt het bedrag van deze garantie vermeld, dat in geen geval 2 % van het bedrag van de overeenkomst overschrijdt.

26.2.

De inschrijvingsgarantie wordt verstrekt in de vorm van een bankgarantie, een bankwissel, een gewaarmerkte cheque, een borgtocht van een verzekerings- of borgtochtmaatschappij, een onherroepelijk accreditief, dan wel een deposito in gereed geld bij de opdrachtgever. Indien de inschrijvingsgarantie in de vorm van een bankgarantie, een bankwissel, een gewaarmerkte cheque of een borgtocht moet worden gegeven, geschiedt dit door een bank of een verzekerings- of borgtochtmaatschappij die goedgekeurd is door de opdrachtgever en in een LGO, een ACS-Staat of een Lid-Staat is gevestigd. De bankgarantie of borgtocht is strikt in overeenstemming met het formulier voor de inschrijvingsgarantie in het aanbestedingsdossier of, in geval van onderhandse overeenkomsten, in de bijzondere voorwaarden. Ongeacht de vorm van de garantie, is deze autonoom en betaalbaar op eerste verzoek en geldig tot ten minste 60 dagen na de geldigheidstermijn van de inschrijving.

26.3.

Inschrijvingen die niet vergezeld gaan van een aanvaardbare inschrijvingsgarantie, kunnen door de opdrachtgever worden verworpen.

26.4.

De inschrijvingsgaranties van niet gekozen inschrijvers worden vrijgegeven uiterlijk 60 dagen na het verstrijken van de geldigheidstermijn van de inschrijving, eventueel verlengd overeenkomstig artikel 25.2, of, indien dat eerder is, bij de gunning van de overeenkomst.

26.5.

De inschrijvingsgarantie van de gekozen inschrijver wordt vrijgegeven wanneer de inschrijver de overeenkomst heeft ondertekend en de vereiste uitvoeringsgarantie heeft gesteld, tot genoegen van de opdrachtgever.

26.6.

De inschrijvingsgarantie kan zonder kennisgeving worden ingeroepen:

a) indien een inschrijver zijn inschrijving gedurende de geldigheidsduur van zijn inschrijving intrekt;

b) indien de gekozen inschrijver nalaat binnen de voorgeschreven termijn de overeenkomst te ondertekenen of de vereiste uitvoeringsgarantie te stellen.

Artikel 27

Variantontwerpen

27.1.

Behoudens andersluidende bepalingen in de instructies voor de inschrijvers mogen inschrijvers een inschrijving voor variantontwerp indienen. In de instructies voor de inschrijving worden beperkingen, ontwerpcriteria en andere eisen gespecificeerd die aan een variantontwerp worden gesteld. Behoudens andersluidende bepalingen in de instructies voor de inschrijvers, mag een op een variantontwerp gebaseerde inschrijving alleen worden ingediend indien ook een inschrijving conform het ontwerp van de opdrachtgever wordt ingediend.

27.2.

Variantontwerpen mogen niet afwijken van de eisen van deze algemene voorschriften. De inschrijvingen voor het door de opdrachtgever voorgestelde ontwerp en die voor de variantontwerpen worden samen beoordeeld.

27.3.

In de instructies voor de inschrijvers moet worden bepaald of de inschrijver die een variantontwerp indient, aansprakelijk zal zijn voor het ontwerp van de variant; is dat het geval dan worden daarin de procedures voor controle, herziening en goedkeuring nader aangegeven.

27.4.

De indiening van ieder variantontwerp omvat:

a) een speciale inschrijving voor het variantontwerp;

b) de uiteenzetting van het voordeel van het variantontwerp boven het ontwerp van de opdrachtgever, met inbegrip van een kwantificeerbare rechtvaardiging van enig economisch voordeel;

c) een ontwerp van de wijzigingen in de technische bepalingen van de bijzondere voorwaarden die noodzakelijk zijn in verband met het variantontwerp;

d) de tekeningen en specificaties die worden gevraagd in het ontwerp van de opdrachtgever en die in het variantontwerp niet afwijken;

e) de tekeningen en specificaties die in het variantontwerp afwijken;

f) een technische toelichting op de conceptie van het variantontwerp alsmede, eventueel, tekeningen en berekeningen;

g) bij overeenkomsten op basis van een totaalbedrag, een specificatie van de totale prijs zoals gewijzigd door het variantontwerp;

h) bij overeenkomsten op basis van eenheidsprijzen, een becijferd bestek en/of een staat van prijzen, zoals gewijzigd door het variantontwerp.

Artikel 28

Verkenning vóór inschrijving

28.1.

De inschrijver wordt aangeraden de plaats waar de overeenkomst moet worden uitgevoerd en de omgeving daarvan te verkennen en te inspecteren en zelf, op eigen verantwoordelijkheid, alle informatie te verzamelen die nodig kan zijn om de inschrijving voor te bereiden en een overeenkomst te sluiten. De kosten van deze verkenning van de plaats van uitvoering van de overeenkomst zijn voor rekening van de inschrijver.

28.2.

De inschrijver en zijn personeel of gemachtigden krijgen van de opdrachtgever voor zover mogelijk toegang tot de plaats van uitvoering van de overeenkomst voor bovenbedoelde inspectie, mits de inschrijver, zijn personeel of zijn gemachtigden de opdrachtgever en diens personeel of vertegenwoordigers ontheffen van en schadeloosstellen voor iedere aansprakelijkheid ter zake. Dientengevolge is de inschrijver aansprakelijk voor verwondingen (al dan niet met dodelijke afloop), verlies of beschadiging die niet zouden zijn ontstaan indien de betrokken toegang niet was verkregen.

28.3.

Onverminderd de immigratiewetten en -voorschriften van de Staat van de opdrachtgever verleent de betrokken LGO een inreisvergunning voor personen die het bewijs leveren dat zij overeenkomstig artikel 4 in aanmerking komen voor deelneming aan een aanbesteding, of voor hun gemachtigden, opdat zij de nodige bezoeken ter voorbereiding van hun inschrijving kunnen brengen. Deze vergunning verloopt op de dag volgende op de einddatum van de geldigheidstermijn van de inschrijvingen.

Artikel 29

Ondertekening van inschrijvingen

29.1.

De inschrijving wordt ondertekend door de inschrijver of zijn naar behoren gemachtigde vertegenwoordiger, overeenkomstig de instructies voor de inschrijvers. Zij wordt opgemaakt in één origineel exemplaar dat de vermelding "origineel" draagt. In de instructies voor de inschrijvers wordt bepaald hoeveel afschriften de inschrijver moet verstrekken. Deze afschriften worden op dezelfde wijze ondertekend als het origineel en dragen de vermelding "afschrift".

29.2.

Een door een gemachtigde ingediende inschrijving vermeldt de lastgever namens wie wordt gehandeld. Iedere gemachtigde kan slechts één inschrijver vertegenwoordigen. De gemachtigden voegen bij de inschrijving hetzij alleen de overeenkomst hetzij de authentieke of onderhandse akte, waarbij zij worden gemachtigd namens de inschrijvers te handelen. Een onder een onderhandse akte gestelde handtekening wordt voor eensluidend gewaarmerkt volgens de nationale wetgeving van de Staat van de lastgever.

29.3.

Wanneer de inschrijver een gemeenschappelijke onderneming of een consortium van twee of meer personen is, mag er maar één inschrijving voor één overeenkomst worden ingediend, ondertekent elk van deze personen de inschrijving en zijn al deze personen gezamenlijk en hoofdelijk gebonden door de inschrijving en de eventueel daaruit voortvloeiende overeenkomst overeenkomstig de wet van de Staat van de opdrachtgever, en belasten zij een van hen met de leiding met de bevoegdheid om de gemeenschappelijke onderneming of het consortium te binden. Samenstelling of structuur van de gemeenschappelijke onderneming of het consortium worden niet zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever gewijzigd.

29.4.

De vertegenwoordiger van de gemeenschappelijke onderneming of het consortium mag de inschrijving alleen ondertekenen indien hij hiertoe door de leden van de gemeenschappelijke onderneming of het consortium uitdrukkelijk schriftelijk is gemachtigd en de overeenkomst of de authentieke of onderhandse akte, bij welke de volmacht is verleend, bij de inschrijving is gevoegd. Alle handtekeningen onder een machtiging moeten voor eensluidend worden gewaarmerkt volgens de nationale wetten en voorschriften van elk van de partijen bij de gemeenschappelijke onderneming of het consortium, evenals de volmachten waarin schriftelijk wordt bepaald dat de ondertekenaars van de inschrijving gemachtigd zijn namens de leden van de gemeenschappelijke onderneming of het consortium verbintenissen aan te gaan. Elk van de leden van de gemeenschappelijke onderneming of het consortium moet de door artikel 4 vereiste bewijsstukken overleggen, alsof hij zelf de inschrijver was.

29.5.

In de volledige inschrijving komen geen veranderingen, tussenvoegingen of doorhalingen voor, behoudens om haar in overeenstemming te brengen met instructies van de opdrachtgever of om vergissingen van de inschrijver te corrigeren. De veranderingen en correcties worden geparafeerd door de persoon of personen die de inschrijving ondertekenen.

29.6.

Behoudens in het geval van percelen overeenkomstig artikel 21 en een variantontwerp overeenkomstig artikel 27, mag er slechts één inschrijving door iedere inschrijver worden ingediend. Inschrijvers mogen in generlei hoedanigheid deelnemen in de inschrijving van een ander voor dezelfde overeenkomst.

INDIENING VAN INSCHRIJVINGEN

Artikel 30

Termijn voor de indiening

30.1.

De inschrijvingen moeten door de opdrachtgever worden ontvangen op het adres en vóór de datum en het uur als bepaald overeenkomstig artikel 13. Bij de bepaling van deze datum moet de opdrachtgever er zorg voor dragen dat voldoende tijd beschikbaar wordt gesteld, rekening houdend met de aard, de omvang, de gecompliceerdheid en de plaats van het voorgenomen project en andere relevante factoren. Deze periode bedraagt echter niet minder dan 90 dagen voor een open aanbesteding.

30.2.

De opdrachtgever kan de in artikel 30.1 bedoelde termijn voor de indiening van de inschrijvingen naar eigen goeddunken verlengen door het aanbestedingsdossier overeenkomstig artikel 18 te wijzigen; in dat geval geldt de verlengde termijn voor alle vorige rechten en verplichtingen van de opdrachtgever en de inschrijvers waarvoor de oorspronkelijke termijn gold. Indien een inschrijver zijn recht van intrekking uitoefent nadat hij van deze verlenging in kennis is gesteld, wordt zijn inschrijving aan hem teruggezonden en wordt zijn inschrijvingsgarantie vrijgegeven na de openbare opening van de inschrijvingen.

30.3.

Iedere inschrijving die door de opdrachtgever wordt ontvangen na de overeenkomstig de artikelen 13.4, onder g), en 18 door de opdrachtgever voorgeschreven uiterste datum voor ontvangst van inschrijvingen, wordt afgewezen en na de openbare opening van de inschrijvingen teruggezonden aan de inschrijver.

Artikel 31

Verzegelen en kenmerken van de enveloppen

31.1.

De inschrijvingen, de in de instructies voor de inschrijvers voorgeschreven bijlagen, alsmede de in artikel 4 bedoelde bewijsstukken worden gesloten in een verzegelde niet-identificeerbare enveloppe waarop uitsluitend zijn vermeld:

a) het adres dat in het bericht van aanbesteding of de uitnodiging tot inschrijving is opgegeven voor de indiening van inschrijvingen;

b) een verwijzing naar het bericht van aanbesteding waarop met de inschrijving wordt ingegaan;

c) indien van toepassing, de nummers van de percelen waarop wordt ingeschreven; en

d) het opschrift "niet openen vóór de zitting voor de opening van de inschrijvingen", gesteld in de taal van het aanbestedingsdossier.

31.2.

Voor elk geval wordt in de instructies voor de inschrijvers bepaald of de documenten betreffende het prijsvoorstel en het technische voorstel te zamen in één enveloppe moeten worden gesloten, dan wel in afzonderlijke enveloppen. In het laatste geval wordt het prijsvoorstel, in een afzonderlijke, identificeerbare enveloppe gesloten; deze wordt voorzien van de vermelding "inschrijvingssom", verzegeld en te zamen met het technische voorstel in de in artikel 31.1 bedoelde enveloppe gesloten.

Artikel 32

Intrekking en wijziging

32.1.

Een inschrijver mag zijn inschrijving vóór de uiterste datum voor indiening, bedoeld in artikel 30.3, wijzigen of intrekken, mits de opdrachtgever vóór de voor de indiening van deze inschrijving voorgeschreven uiterste datum een schriftelijke kennisgeving van de wijziging of intrekking heeft ontvangen.

32.2.

De kennisgeving van wijziging of intrekking door de inschrijver wordt opgesteld, verzegeld, gekenmerkt en verzonden overeenkomstig artikel 31. Een kennisgeving van intrekking kan ook persoonlijk worden afgegeven dan wel verzonden per telex, telegraaf of telefax, doch moet dan wel bevestigd worden door een ondertekend afschrift ter bevestiging, dat niet na de uiterste datum voor de indiening van de inschrijvingen op de post mag zijn afgestempeld. Intrekking geschiedt zonder enig voorbehoud en maakt een einde aan iedere verdere deelneming aan de inschrijvingsprocedure.

32.3.

Behoudens overeenkomstig artikel 34.1 mag een inschrijving niet worden gewijzigd na de uiterste datum, bedoeld in artikel 30.3.

32.4.

In de periode tussen de uiterste datum, bedoeld in artikel 30.3, en het verstrijken van de geldigheidstermijn van de inschrijvingen mogen geen inschrijvingen worden ingetrokken. Intrekking in die periode kan leiden tot verbeurdverklaring van de inschrijvingsgarantie.

ONDERZOEK VAN DE INSCHRIJVINGEN

Artikel 33

Opening van de inschrijvingen

33.1.

Bij ontvangst worden de inschrijvingen in volgorde van aankomst geregistreerd in een speciaal register. Het registratienummer, alsmede de datum en het uur van aankomst worden op de binnengekomen enveloppen vermeld. Deze enveloppen moeten verzegeld blijven en zorgvuldig bewaard worden tot zij onder de in artikel 33.2 en 33.3 gestelde voorwaarden worden geopend.

33.2.

Bij een in het openbaar plaatsvindende opening van de inschrijvingen worden de namen van de inschrijvers, de inschrijvingssommen, de schriftelijke kennisgevingen van wijziging en intrekking, het stellen van de vereiste inschrijvingsgarantie en eventuele andere bijzonderheden die door de opdrachtgever noodzakelijk worden geacht, medegedeeld. Bij een systeem van dubbele enveloppe als bedoeld in artikel 31.2 wordt tevens medegedeeld dat geen prijsenveloppen zijn geopend.

33.3.

De inschrijvingen worden geopend en onderzocht overeenkomstig de regels van de betrokken LGO ten einde na te gaan of de inschrijvingen volledig zijn, of de vereiste inschrijvingsgarantie is gesteld, of de documenten naar behoren zijn ondertekend en of de inschrijvingen in het algemeen in orde zijn.

33.4.

Enveloppen met de vermelding "inschrijvingssom" overeenkomstig artikel 31 worden niet geopend voordat de beoordeling van de inschrijvingen uitgezonderd de prijzen is voltooid.

33.5.

Slechts de inschrijvingen in die enveloppen die niet na de uiterste datum, bedoeld in artikel 30.3, zijn ontvangen, worden bij de beoordeling in aanmerking genomen.

33.6.

De opdrachtgever stelt ten eigen behoeve een proces-verbaal op van de opening van de inschrijvingen, met opgave van de ten overstaan van de aanwezigen openbaar gemaakte gegevens overeenkomstig artikel 33.2.

33.7.

Na de openbare opening van de inschrijvingen mogen geen gegevens betreffende het onderzoek, de adstructie, de beoordeling en de vergelijking van inschrijvingen en aanbevelingen inzake de gunning openbaar worden gemaakt aan inschrijvers of anderen die niet officieel bij de zaak betrokken zijn.

33.8.

Pogingen van een inschrijver om de opdrachtgever te beïnvloeden bij het onderzoek, de adstructie, de beoordeling en de vergelijking van inschrijvingen en bij beslissingen inzake de gunning hebben afwijzing van zijn inschrijving ten gevolge.

33.9.

De gemachtigde is aanwezig bij het openen van inschrijvingen en ontvangt een afschrift van elke inschrijving.

Artikel 34

Beoordeling van de inschrijvingen

34.1.

Ten einde het onderzoek, de beoordeling en de vergelijking van de inschrijvingen te vergemakkelijken kan de opdrachtgever elke inschrijver persoonlijk benaderen voor de adstructie van zijn inschrijving, met inbegrip van specificaties van eenheidsprijzen. Het daartoe strekkende verzoek en de reactie daarop geschieden schriftelijk en worden medegedeeld op één van de in artikel 12 genoemde wijzen, maar er mag geen wijziging van de prijs of inhoud van de inschrijving worden gevraagd, aangeboden of toegestaan tenzij ter correctie van rekenkundige vergissingen die de opdrachtgever bij de beoordeling van de inschrijvingen overeenkomstig artikel 34.7 heeft ontdekt.

34.2.

Alvorens tot de gedetailleerde beoordeling van de inschrijving over te gaan, controleert de opdrachtgever of iedere inschrijving in wezen ontvankelijk is op grond van de eisen van het aanbestedingsdossier.

34.3.

In de zin van artikel 34.2 is een ontvankelijke inschrijving een inschrijving die voldoet aan alle bepalingen, voorwaarden en specificaties van het aanbestedingsdossier zonder essentiële afwijking of essentieel voorbehoud. Onder essentiële afwijking of essentieel voorbehoud wordt verstaan al hetgeen de strekking, kwaliteit of uitvoering van de overeenkomst wezenlijk aantast, of wezenlijk onverenigbaar is met het aanbestedingsdossier of de rechten van de opdrachtgever dan wel de verplichtingen van de inschrijver krachtens de overeenkomst wezenlijk beperkt, waarbij de concurrentiepositie van andere inschrijvers die ontvankelijke inschrijvingen indienen, onbillijk zou worden aangetast.

34.4.

Indien een inschrijving niet ontvankelijk is op grond van de eisen van het aanbestedingsdossier, wordt zij door de opdrachtgever afgewezen en mag zij niet alsnog na correctie of intrekking van de afwijking of het voorbehoud, ontvankelijk worden verklaard.

34.5.

Van als ontvankelijk aangemerkte inschrijvingen wordt vervolgens nagegaan of zij vanuit technisch oogpunt conform het aanbestedingsdossier en artikel 36 zijn, waarna zij op grond van hun technische kwaliteiten worden gerangschikt. In de bijzondere voorwaarden worden, indien nodig, de criteria voor deze technische beoordeling uitvoerig gespecificeerd.

34.6.

Na de volledige technische beoordeling worden de inschrijvingen die op grond van artikel 34.5 technisch ontvankelijk zijn, financieel beoordeeld. Inschrijvingen worden vergeleken in de nationale valuta.

34.7.

Als ontvankelijk aangemerkte inschrijvingen worden door de opdrachtgever geverifieerd op calculatie- en telfouten. De fouten worden door de opdrachtgever als volgt gecorrigeerd:

a) bij discrepantie tussen zowel in cijfers als voluit geschreven bedragen gelden de voluit geschreven bedragen, en

b) behalve bij overeenkomsten op basis van een totaalbedrag geldt bij discrepantie tussen een eenheidsprijs en het produkt van die eenheidsprijs en de hoeveelheid, de opgegeven eenheidsprijs, tenzij volgens de opdrachtgever de eenheidsprijs kennelijk fout is, in welk geval het opgegeven produkt geldt en de eenheidsprijs door de opdrachtgever wordt gecorrigeerd.

34.8.

Het in de inschrijving vermelde, zo nodig overeenkomstig artikel 34.7 door de opdrachtgever gecorrigeerde bedrag wordt als bindend voor de inschrijver beschouwd. Indien de inschrijver de gecorrigeerde inschrijvingssom niet aanvaardt, wordt zijn inschrijving afgewezen.

34.9.

Nadat de inschrijvingen geheel in overeenstemming met artikel 34 zijn beoordeeld, worden de ontvankelijke inschrijvingen ingedeeld in inschrijvingen van inschrijvers die krachtens artikel 9 voor preferentie in aanmerking komen en inschrijvingen van andere inschrijvers. Uitsluitend voor de nadere beoordeling en vergelijking van de inschrijvingen worden de inschrijvingssommen, waar nodig gecorrigeerd, van de niet voor een preferentie in aanmerking komende inschrijvers verhoogd met het percentage van de preferentiemarge. Nadere bijzonderheden inzake de procedures voor de toepassing van de preferentiemargebepalingen van artikel 9 worden door de opdrachtgever vastgesteld in het aanbestedingsdossier.

34.10.

Het verloop van de beoordelingsprocedure wordt neergelegd in een naar behoren ondertekend proces-verbaal dat niet openbaar wordt gemaakt noch ter kennis van de inschrijvers wordt gebracht. Een afschrift van dit proces-verbaal wordt aan de Commissie toegezonden.

Artikel 35

Annulering van een aanbestedingsprocedure

35.1.

De opdrachtgever kan vóór de gunning van de opdracht, zonder ten aanzien van de inschrijvers aansprakelijk te zijn en onverminderd de fase die is bereikt in de procedure die tot het sluiten van de overeenkomst leidt:

a) hetzij de aanbestedingsprocedure annuleren overeenkomstig artikel 35.2, hetzij gelasten dat de procedure opnieuw, zo nodig op een andere wijze, wordt begonnen; of

b) indien het project is verdeeld in percelen, daar slechts bepaalde van gunnen en eventueel beslissen dat voor de overige percelen een of meer nieuwe inschrijvingen, zo nodig op een andere wijze, zullen plaatsvinden.

35.2.

Een aanbestedingsprocedure kan in de volgende gevallen door de opdrachtgever worden geannuleerd:

a) geen enkele inschrijving is ontvankelijk op grond van het aanbestedingsdossier;

b) geen enkele inschrijving beantwoordt aan de in artikel 36 bedoelde gunningscriteria;

c) de economische of technische gegevens van het project zijn gewijzigd;

d) buitengewone omstandigheden maken de normale uitvoering van de overeenkomst onmogelijk;

e) alle ontvangen inschrijvingen overschrijden de voor de overeenkomst uitgetrokken financiële middelen;

f) de ingekomen inschrijvingen bevatten ernstige onregelmatigheden resulterend in belemmering van de normale werking van de markt;

g) er is geen mededinging geweest.

35.3.

Indien een aanbestedingsprocedure wordt geannuleerd, betekent de opdrachtgever zijn beslissing aan de nog door hun inschrijving gebonden inschrijvers. Deze inschrijvers kunnen geen aanspraak maken op enige vergoeding; zij hebben recht op onmiddellijke vrijgeving van de inschrijvingsgaranties.

35.4.

Indien de annulering van de aanbestedingsprocedure te wijten is aan omstandigheden waarbij de inschrijvingen niet behoeven te worden geopend, worden de ongeopende en verzegelde enveloppen met, in voorkomend geval, de prijsvoorstellen en, in ieder geval, de andere inschrijvingselementen op kosten van de inschrijvers aan hen geretourneerd.

GUNNING VAN DE OPDRACHT

Artikel 36

Keuze

36.1.

De opdrachtgever gunt de opdracht aan de inschrijver:

a) wiens inschrijving op grond van het aanbestedingsdossier ontvankelijk is bevonden; en

b) wiens inschrijving, in het geval van overeenkomsten voor werken of leveringen, het voordeligst is bevonden op grond van onder andere:

i) de prijs, de exploitatie- en onderhoudskosten;

iii) de kwalificaties van de inschrijvers en de door hen geboden garanties, alsook de technische kwaliteiten van de inschrijving, met inbegrip van het aanbod van de nazorg in de betrokken LGO;

iii) de aard van de voorwaarden en de termijnen voor de uitvoering van de overeenkomsten en de aanpassing aan plaatselijke omstandigheden;

c) met, in het geval van overeenkomsten voor diensten, de voordeligste inschrijving waarbij onder andere rekening wordt gehouden met de prijs, de technische waarde van de inschrijving, de voor het verrichten van de diensten voorgestelde organisatie en methoden, alsmede de bekwaamheid, onafhankelijkheid en beschikbaarheid van het voorgestelde personeel.

36.2.

Indien twee inschrijvingen op grond van bovengenoemde criteria gelijkwaardig worden bevonden, wordt de voorkeur gegeven aan:

a) de inschrijver uit de LGO of een ACS-Staat; of

b) bij ontbreken van een dergelijke inschrijving, aan de inschrijver die het optimale gebruik van het materiële en menselijke potentieel van de LGO mogelijk maakt.

36.3.

De opdrachtgever:

a) voltooit de beoordeling van de inschrijvingen binnen de geldigheidstermijn waarbij hij rekening houdt met de periode die nodig is voor de goedkeuring van de overeenkomsten;

b) deelt het resultaat van de beoordeling van de inschrijvingen en een voorstel voor de gunning van de opdracht mede aan de gemachtigde.

36.4.

De gemachtigde:

a) verleent binnen 30 dagen zijn goedkeuring aan het voorstel van de opdrachtgever voor de gunning van de opdracht in het geval van alle:

i) onderhandse overeenkomsten;

iii) overeenkomsten voor diensten;

iii) overeenkomsten betreffende spoedhulp; en

iv) overeenkomsten via versnelde procedures, overeenkomsten voor werken ter waarde van minder dan 5 miljoen ecu en overeenkomsten voor leveringen ter waarde van minder dan 1 miljoen ecu;

b) verleent binnen 30 dagen zijn goedkeuring aan het voorstel van de opdrachtgever voor de gunning van de overeenkomsten die niet vallen onder artikel 36.4, onder a), in alle gevallen waarin aan de volgende voorwaarden is voldaan: de gekozen inschrijving is de laagste van de inschrijvingen die voldoen aan de eisen van het aanbestedingsdossier, voldoet aan de daarin vermelde selectiecriteria en overschrijdt niet het voor de overeenkomst uitgetrokken bedrag;

c) zendt, indien aan de voorwaarden van artikel 36.4, onder b), niet is voldaan, het voorstel voor de gunning van de overeenkomst door aan de Commissie die ter zake een besluit neemt binnen 60 dagen na de ontvangst door de gemachtigde. Indien de prijs van de gekozen inschrijving het voor de overeenkomst uitgetrokken bedrag overschrijdt, legt de Commissie, bij de goedkeuring van de gunning, tevens de noodzakelijke kredieten vast.

Artikel 37

Kennisgeving van de gunning

37.1.

Vóór het verstrijken van de geldigheidstermijn van de inschrijving stelt de opdrachtgever de gekozen inschrijver schriftelijk ervan in kennis dat zijn inschrijving is gekozen.

37.2.

Tenzij in het aanbestedingsdossier anders is bepaald, deelt bij overeenkomsten voor werken of leveringen de opdrachtgever, nadat de gekozen inschrijver overeenkomstig artikel 40 een uitvoeringsgarantie heeft gesteld, de andere inschrijvers onverwijld mee dat hun inschrijvingen niet gekozen zijn en retourneert hij hun inschrijvingsgaranties.

37.3.

De opdrachtgever is niet gehouden de beweegredenen van zijn keuze bekend te maken of met de inschrijvers in overleg te treden of te corresponderen over de uitslag van de aanbesteding.

37.4.

De uitslagen van openbare aanbestedingen worden bekendgemaakt in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen en, afhankelijk van de gebruiken in de betrokken LGO, in het officiële publikatieblad van die Staat en/of andere passende informatiemiddelen.

Artikel 38

Opstelling van het gunningsdocument

38.1.

Nadat de uitslag van de aanbesteding overeenkomstig artikel 37 is medegedeeld, stelt de opdrachtgever het gunningsdocument op voor ondertekening door de gekozen inschrijver. Dit document moet ten minste het volgende bevatten:

a) de opsomming van de stukken van de overeenkomst, met vermelding van de volgorde van belangrijkheid;

b) de overeengekomen toevoegingen aan en uitzonderingen op deze stukken;

c) de aannemingssom;

d) overeenkomstig artikel 34.7 door de opdrachtgever genomen beslissingen;

e) de naam van de directie en de vertegenwoordiger van de directie indien deze niet in de bijzondere voorwaarden zijn vermeld.

38.2.

Het gunningsdocument wordt ter ondertekening aan de gekozen inschrijver voorgelegd.

Artikel 39

Ondertekening van de overeenkomst

39.1.

Tenzij anders bepaald in het aanbestedingsdossier ondertekent de gekozen inschrijver de overeenkomst binnen 30 dagen na de ontvangst van het gunningsdocument. Na diens ondertekening wordt het gunningsdocument teruggezonden naar de opdrachtgever of diens gemachtigde vertegenwoordiger dan wel naar de bevoegde autoriteit van de betrokken LGO voor goedkeuring, indien nodig, en ondertekening.

39.2.

Tenzij anders bepaald in het aanbestedingsdossier, ondertekent de opdrachtgever de overeenkomst niet voordat de uitvoeringsgarantie overeenkomstig artikel 40 is gesteld.

39.3.

Door de ondertekening door de opdrachtgever wordt de overeenkomst bindend voor beide partijen; de gekozen inschrijver wordt van het feit van ondertekening op de hoogte gesteld.

39.4.

Ongeacht artikel 39.1 tot en met 39.3 kan de opdrachtgever, afhankelijk van de aard van de overeenkomst, beslissen de overeenkomst te sluiten op basis van de gunningsbriefprocedure waarbij de kennisgeving van de opdrachtgunning inhoudt dat de overeenkomst is gesloten. In dat geval worden de in artikel 38.1 genoemde stukken aan de brief gehecht.

39.5.

Indien de gekozen inschrijver afziet van de overeenkomst, kan de opdrachtgever diens inschrijvingsgarantie opvorderen. Bovendien kan hij dan hetzij de andere inschrijvers benaderen in de volgorde van rangschikking van hun inschrijvingen, hetzij een nieuwe aanbestedingsprocedure openen. Zo nodig kan een onderhandse overeenkomst worden gesloten.

Artikel 40

Uitvoeringsgarantie

40.1.

Tenzij anders bepaald in het aanbestedingsdossier stelt de gekozen inschrijver voor een overeenkomst voor werken of leveringen binnen 30 dagen na ontvangst van de kennisgeving van de gunning door de opdrachtgever aan de opdrachtgever een uitvoeringsgarantie in de vorm die is gespecificeerd in de algemene voorwaarden.

40.2.

Verzuim van de gekozen inschrijver om te voldoen aan artikel 40.1 vormt voldoende grond om de gunning te annuleren en de inschrijvingsgarantie verbeurd te verklaren; in dat geval kan de opdrachtgever overeenkomstig artikel 39.5 handelen.

ALGEMENE EN SLOTBEPALINGEN

Artikel 41

Algemene en slotbepalingen

41.1.

Alle documenten en voorstellen die door de opdrachtgever aan de Commissie of de gemachtigde worden voorgelegd voor instemming of goedkeuring overeenkomstig deze algemene voorschriften worden goedgekeurd of worden geacht te zijn goedgekeurd binnen de in deze algemene voorschriften vastgestelde termijnen, of binnen 30 dagen indien geen termijn wordt genoemd.

41.2.

Aanvaarde schadeclaims wegens te late betalingen worden vergoed door de betrokken LGO en de Commissie, ieder uit zijn/haar eigen middelen, voor dat gedeelte van de vertraging waarvoor hij/zij aansprakelijk is.

BIJLAGE II

ALGEMENE VOORWAARDEN VOOR DOOR HET EUROPEES ONTWIKKELINGSFONDS (EOF) GEFINANCIERDE OVEREENKOMSTEN VOOR WERKEN IN DE LGO

INHOUD

INLEIDENDE BEPALINGEN

Artikel 1 - Definities .......... 26

Artikel 2 - Recht en taal van de overeenkomst .......... 27

Artikel 3 - Rangorde van de contractuele bescheiden .......... 27

Artikel 4 - Kennisgevingen en schriftelijke mededelingen .......... 27

Artikel 5 - Directie en vertegenwoordiger van de directie .......... 27

Artikel 6 - Cessie .......... 28

Artikel 7 - Onderaanneming .......... 28

VERPLICHTINGEN VAN DE OPDRACHTGEVER

Artikel 8 - Verstrekken van bescheiden .......... 29

Artikel 9 - Toegang tot de bouwplaats .......... 29

Artikel 10 - Bijstand met betrekking tot plaatselijke voorschriften .......... 29

Artikel 11 - Achterstallige betalingen aan het personeel van de aannemer .......... 29

VERPLICHTINGEN VAN DE AANNEMER

Artikel 12 - Algemene verplichtingen .......... 30

Artikel 13 - Leiding van de werken .......... 30

Artikel 14 - Personeel .......... 31

Artikel 15 - Uitvoeringsgarantie .......... 31

Artikel 16 - Verzekering .......... 31

Artikel 17 - Algemeen tijdschema .......... 32

Artikel 18 - Specificatie van de prijzen .......... 32

Artikel 19 - Tekeningen van de aannemer .......... 32

Artikel 20 - Toereikendheid van de inschrijvingsprijzen .......... 33

Artikel 21 - Buitengewone risico's .......... 33

Artikel 22 - Veiligheid op de bouwplaatsen .......... 34

Artikel 23 - Bescherming van de belendende eigendommen .......... 34

Artikel 24 - Belemmering van het verkeer .......... 34

Artikel 25 - Kabels en leidingen .......... 34

Artikel 26 - Uitzetten van de werken .......... 35

Artikel 27 - Uit afbraak afkomstige materialen .......... 35

Artikel 28 - Vondsten .......... 35

Artikel 29 - Hulpwerken .......... 36

Artikel 30 - Bodemonderzoek .......... 36

Artikel 31 - Verband met andere werken .......... 36

Artikel 32 - Octrooien en licenties .......... 36

AANVANG EN VERTRAGINGEN

Artikel 33 - Opdracht tot aanvang van uitvoering .......... 36

Artikel 34 - Uitvoeringstermijn .......... 37

Artikel 35 - Verlenging van de uitvoeringstermijn .......... 37

Artikel 36 - Vertraging bij de uitvoering .......... 37

Artikel 37 - Wijzigingen .......... 37

Artikel 38 - Schorsing .......... 38

MATERIALEN EN WERKUITVOERING

Artikel 39 - Dagboek .......... 39

Artikel 40 - Kwaliteit van de werken en de materialen .......... 39

Artikel 41 - Inspectie en proefnemingen .......... 40

Artikel 42 - Afkeuring .......... 40

Artikel 43 - Eigendom van bouwstoffen en materialen .......... 41

BETALING

Artikel 44 - Algemeen .......... 41

Artikel 45 - Overeenkomsten op basis van voorlopige prijzen .......... 41

Artikel 46 - Voorschotten .......... 42

Artikel 47 - Inhoudingen .......... 42

Artikel 48 - Prijsherziening .......... 42

Artikel 49 - Meting .......... 43

Artikel 50 - Termijnbetalingen .......... 43

Artikel 51 - Eindafrekening .......... 44

Artikel 52 - Rechtstreekse betalingen aan onderaannemers .......... 45

Artikel 53 - Achterstallige betalingen .......... 45

Artikel 54 - Betaling aan derden .......... 46

Artikel 55 - Aanspraak op bijbetaling .......... 46

Artikel 56 - Betalingen in vreemde valuta .......... 46

OPLEVERING EN ONDERHOUD

Artikel 57 - Algemene bepalingen .......... 46

Artikel 58 - Keuring bij voltooiing van het werk .......... 46

Artikel 59 - Gedeeltelijke oplevering .......... 47

Artikel 60 - Voorlopige oplevering .......... 47

Artikel 61 - Onderhoudsverplichtingen .......... 47

Artikel 62 - Eindoplevering .......... 48

CONTRACTBREUK EN BEËINDIGING VAN DE OVEREENKOMST

Artikel 63 - Contractbreuk .......... 48

Artikel 64 - Beëindiging van de overeenkomst door de opdrachtgever .......... 49

Artikel 65 - Beëindiging van de overeenkomst door de aannemer .......... 50

Artikel 66 - Overmacht .......... 50

Artikel 67 - Overlijden .......... 51

BESLECHTING VAN GESCHILLEN

Artikel 68 - Beslechting van geschillen .......... 51

INLEIDENDE BEPALINGEN

Artikel 1

Definities

1.1.

Voor de toepassing van de onderhavige algemene voorwaarden en van de overeenkomst wordt verstaan onder:

EEG: de Europese Economische Gemeenschap.

LGO: de met de EEG geassocieerde landen en gebieden overzee.

Overeenkomst: de door de partijen aangegane en ondertekende overeenkomst voor de uitvoering van de werken, met inbegrip van alle bijlagen alsook alle bescheiden die er een geheel mee vormen.

Aannemer: de partij waarmee de opdrachtgever de overeenkomst sluit.

Opdrachtgever: de Staat of de publiekrechtelijke of privaatrechtelijke rechtspersoon door of namens welke de overeenkomst met de aannemer gesloten wordt.

Staat van de opdrachtgever: de LGO op het grondgebied waarvan de overeenkomst voor werken moet worden uitgevoerd.

Directie: de overheidsdienst, dan wel de publiekrechtelijke rechtspersoon, de natuurlijke persoon of de rechtspersoon die door de opdrachtgever is aangewezen overeenkomstig de wetgeving van de Staat van de opdrachtgever en belast is met de leiding over en/of controle van de uitvoering van de overeenkomst voor werken, en aan wie de opdrachtgever krachtens de overeenkomst rechten en/of bevoegdheden kan delegeren.

Vertegenwoordiger van de directie: iedere door de directie krachtens de overeenkomst als zodanig aangewezen natuurlijke of rechtspersoon die bevoegd is de directie bij de uitvoering van haar taak en bij de uitoefening van de aan haar overgedragen rechten en/of bevoegdheden te vertegenwoordigen. Waar taken en rechten en/of bevoegdheden van de directie aan haar vertegenwoordiger zijn gedelegeerd, duidt de term directie dus ook haar vertegenwoordiger aan.

Werken: de tijdelijke en duurzame werken die krachtens de overeenkomst moeten worden uitgevoerd.

Bouwstoffen: machines, apparaten, bestanddelen en alle zaken die krachtens de overeenkomst moeten worden geleverd om in de werken te worden geïntegreerd.

Materieel: toestellen en andere machines en, indien van toepassing krachtens de wet en/of praktijk van de Staat van de opdrachtgever, de tijdelijke voorzieningen op de bouwplaats die nodig zijn voor de uitvoering van de werken, met uitzondering van bouwstoffen of andere zaken die deel moeten uitmaken van de duurzame werken.

Becijferd bestek: het document dat een opgave per post bevat van de onder een overeenkomst tegen eenheidsprijs uit te voeren werken met voor elke post vermelding van de hoeveelheid en de overeenkomstige eenheidsprijs.

Staat van eenheidsprijzen: de volledig gespecificeerde staat van de prijzen, met inbegrip van de specificatie van het totaalbedrag, die door de aannemer samen met zijn inschrijving is ingediend en zo nodig gewijzigd, en die deel uitmaakt van de overeenkomst tegen eenheidsprijs.

Specificatie van het totaalbedrag: de gespecificeerde lijst van percentages en prijzen waaruit blijkt hoe de prijs van een op een totaalbedrag gebaseerde overeenkomst is opgebouwd, maar die geen deel uitmaakt van de overeenkomst.

Aannemingssom: het in de overeenkomst genoemde en als eerste raming bedoelde bedrag dat verschuldigd is voor de uitvoering van de werken, leveringen of diensten, of enig ander bedrag waarvan aan het eind van de overeenkomst wordt vastgesteld dat het krachtens de overeenkomst verschuldigd is.

Stelpost: een in de overeenkomst opgenomen en als zodanig aangeduid bedrag voor de uitvoering van werk of de levering van goederen, materialen, bouwstoffen of diensten, of voor onvoorziene uitgaven; dit bedrag kan op last van de directie geheel, gedeeltelijk of in het geheel niet worden gebruikt.

Tekeningen: de tekeningen van de opdrachtgever en de directie en de door de directie goedgekeurde tekeningen van de aannemer, bestemd voor de uitvoering van de werken.

Bouwplaats: de plaatsen waar de opdrachtgever de werken laat uitvoeren en de andere plaatsen die volgens de overeenkomst deel uitmaken van de bouwplaats.

Onderhoudstermijn: de in de overeenkomst bepaalde termijn onmiddellijk na de datum van voorlopige oplevering, tijdens welke de aannemer de uitvoering van de werken overeenkomstig de opdrachten van de directie moet voltooien en gebreken moet verhelpen.

Eindopleveringscertificaat: de aan het eind van de onderhoudstermijn door de directie aan de aannemer afgegeven verklaring(en) dat de aannemer heeft voldaan aan zijn verplichtingen tot uitvoering, voltooiing en onderhoud van de betrokken werken.

Dag: kalenderdag.

Termijnen: de contractuele termijnen die ingaan op de dag welke volgt op de datum van de akte of gebeurtenis die als beginpunt voor die termijnen geldt. Is de laatste dag van de termijn geen werkdag, dan verstrijkt de termijn aan het einde van de eerstvolgende werkdag na de laatste dag van de termijn.

Schriftelijk: in handschrift, machineschrift of druk, met inbegrip van telexen, telegraafberichten en telefaxen.

Mededelingen: certificaten, kennisgevingen, opdrachten en instructies uit hoofde van de overeenkomst.

Dienstorder: schriftelijke instructies of opdrachten van de directie aan de aannemer betreffende de uitvoering van de werken.

Nationale valuta: de valuta van de Staat van de opdrachtgever.

Vreemde valuta: elke toegelaten valuta die niet de nationale valuta is, en die in de overeenkomst is vermeld.

Algemene schadevergoeding: het niet vooraf in de overeenkomst bepaalde bedrag dat door een rechtbank of arbitrage-instantie wordt toegekend of door de partijen is overeengekomen als aan de benadeelde partij verschuldigde compensatie voor conctractbreuk door de andere partij.

Gefixeerde schadevergoeding: het in de overeenkomst vermelde bedrag dat de aannemer bij wijze van compensatie aan de opdrachtgever verschuldigd is wanneer hij verzuimt de werken of een deel daarvan te voltooien binnen de bij de overeenkomst voorgeschreven termijnen, of dat de ene partij aan de andere partij verschuldigd is voor enig ander in de overeenkomst gespecificeerd geval van contractbreuk.

Bijzondere voorwaarden: de in de overeenkomst opgenomen bijzondere voorwaarden, die door de opdrachtgever zijn opgesteld als onderdeel van de uitnodiging tot inschrijving en waar nodig van wijzigingen zijn voorzien, en die bestaan uit:

a) wijzigingen in de onderhavige algemene voorwaarden;

b) bijzondere contractuele bepalingen;

c) technische specificaties; en

d) andere aangelegenheden met betrekking tot de overeenkomst.

1.2.

De opschriften en titels in deze algemene voorwaarden mogen niet als onderdeel daarvan worden beschouwd of bij de interpretatie van de overeenkomst in aanmerking worden genomen.

1.3.

Indien de context zulks toestaat worden in het enkelvoud gebruikte woorden geacht ook het meervoud te omvatten en vice versa, en worden mannelijke woorden geacht ook het vrouwelijk te omvatten en vice versa.

1.4.

Woorden die personen of partijen aanduiden omvatten ook vennootschappen en iedere andere organisatie die rechtspersoonlijkheid bezit.

Artikel 2

Recht en taal van de overeenkomst

2.1.

Behoudens andersluidende bepalingen in de bijzondere voorwaarden is het recht van de Staat van de opdrachtgever van toepassing op de overeenkomst.

2.2.

In alle aangelegenheden die niet onder deze algemene voorwaarden vallen, is het recht van toepassing dat op de overeenkomst van toepassing is.

2.3.

De taal van de overeenkomst en van alle mededelingen tussen de aannemer, de opdrachtgever en de directie of hun vertegenwoordigers wordt in de bijzondere voorwaarden bepaald.

Artikel 3

Rangorde van de contractuele bescheiden

Tenzij in de overeenkomst anders is bepaald, wordt de rangorde van de contractuele bescheiden in de bijzondere voorwaarden vastgesteld.

Artikel 4

Kennisgevingen en schriftelijke mededelingen

4.1.

Tenzij anders bepaald in de bijzondere voorwaarden, worden mededelingen tussen de opdrachtgever en/of de directie enerzijds en de aannemer anderzijds per post, telegraaf, telex of telefax gezonden aan dan wel persoonlijk afgegeven op de daartoe door hen aangewezen adressen.

4.2.

Indien de afzender een ontvangstbewijs verlangt, moet hij daarvan melding maken in zijn mededeling; wanneer er een uiterste datum van ontvangst voor de mededeling is voorgeschreven, is hij gehouden een dergelijk ontvangstbewijs te verlangen. In ieder geval moet de afzender de nodige maatregelen treffen om de ontvangst van zijn mededeling te verzekeren.

4.3.

Telkens wanneer in de overeenkomst sprake is van betekening of afgifte van een kennisgeving, instemming, goedkeuring, certificaat of besluit, wordt daarmee, tenzij anders bepaald, een schriftelijke kennisgeving, instemming, goedkeuring, certificaat of besluit bedoeld en moet het gebruik van de woorden "kennisgeven", "verklaren" of "besluiten" dienovereenkomstig worden opgevat. Een dergelijk(e) instemming, goedkeuring, certificaat of besluit mag niet zonder geldige reden worden geweigerd of uitgesteld.

Artikel 5

Directie en vertegenwoordiger van de directie

5.1.

De directie vervult de in de overeenkomst omschreven taken. Behoudens uitdrukkelijk beding in de overeenkomst is de directie niet gerechtigd de aannemer van een van zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst te ontheffen.

5.2.

De directie kan in voorkomend geval, met behoud van haar uiteindelijke aansprakelijkheid, taken en bevoegdheden die bij haar berusten aan haar vertegenwoordiger delegeren en deze delegatie te allen tijde intrekken of de vertegenwoordiger vervangen. Delegatie, intrekking of vervanging gebeuren schriftelijk en hebben geen rechtsgevolgen voordat de aannemer er een afschrift van heeft ontvangen.

5.3.

Elke mededeling die door de vertegenwoordiger van de directie overeenkomstig de voorwaarden van een dergelijke delegatie aan de aannemer wordt gedaan, heeft dezelfde gevolgen als wanneer zij van de directie zelf was uitgegaan, met dien verstande dat:

a) wanneer de vertegenwoordiger van de directie verzuimt werk, materialen of bouwstoffen af te keuren, dit geen afbreuk doet aan het recht van de directie om dat alsnog te doen en de nodige opdrachten tot verbetering te geven;

b) het de directie vrijstaat om de mededeling ongedaan te maken of te wijzigen.

5.4.

Instructies en/of opdrachten van de directie worden gegeven in de vorm van dienstorders. Deze orders worden gedateerd, genummerd en door de directie in een register genoteerd; afschriften ervan worden zo nodig ter hand gesteld aan de vertegenwoordiger van de aannemer.

Artikel 6

Cessie

6.1.

Cessie is alleen geldig in de vorm van een schriftelijk akkoord waarbij de aannemer zijn in de overeenkomst vastgelegde opdracht of een deel daarvan aan een derde overdraagt.

6.2.

Het is de aannemer verboden om de overeenkomst of een deel ervan, dan wel enig voordeel of recht uit hoofde ervan, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever over te dragen, tenzij dit geschiedt:

a) door een zekerheid ten gunste van de banken van de aannemer te stellen voor alle bedragen die krachtens de overeenkomst verschuldigd zijn of opeisbaar zullen worden; of

b) door het verhaalrecht van de aannemer tegen aansprakelijke derden over te dragen aan de verzekeraars van de aannemer, wanneer deze diens schade of aansprakelijkheid hebben vergoed.

6.3.

Voor de toepassing van artikel 6.2 ontslaat de instemming van de opdrachtgever met een cessie de aannemer niet van zijn verplichtingen voor het reeds uitgevoerde of niet overgedragen deel van de in de overeenkomst vastgelegde opdracht.

6.4.

Wanneer de aannemer zijn overeenkomst zonder toestemming heeft overgedragen, kan de opdrachtgever zonder formele kennisgeving rechtens de in de artikelen 63 en 64 vastgestelde sancties wegens contractbreuk opleggen.

6.5.

Cessionarissen moeten voldoen aan de op de gunning van de overeenkomst toepasselijke criteria om als zodanig in aanmerking te komen.

Artikel 7

Onderaanneming

7.1.

Onderaanneming is alleen geldig in de vorm van een schriftelijk akkoord waarbij de aannemer de uitvoering van een deel van zijn overeenkomst aan een derde toevertrouwt.

7.2.

Onderaanneming kan niet geschieden zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever aan de aannemer. De in onderaanneming te geven werken en de identiteit van de onderaannemers worden aan de opdrachtgever meegedeeld. Met inachtneming van het bepaalde in artikel 4.3 betekent de opdrachtgever binnen 30 dagen na ontvangst van de mededeling zijn beslissing aan de aannemer, waarbij hij in voorkomend geval opgave doet van de redenen waarom toestemming wordt geweigerd.

7.3.

Bij de keuze van onderaannemers geeft de aannemer de voorkeur aan natuurlijke personen of vennootschappen van de Staat van de opdrachtgever, die in staat zijn het gevraagde werk op soortgelijke voorwaarden te verrichten.

7.4.

Onderaannemers moeten voldoen aan de op de gunning van de overeenkomst toepasselijke criteria om als zodanig in aanmerking te komen.

7.5.

Onverminderd artikel 52 heeft de opdrachtgever geen contractuele betrekkingen met onderaannemers.

7.6.

In dezelfde mate als voor handelingen, in gebreke blijven en nalatigheden van hemzelf, zijn gemachtigden of werknemers, is de aannemer aansprakelijk voor handelingen, in gebreke blijven en nalatigheden van zijn onderaannemers en hun gemachtigden of werknemers. De goedkeuring door de opdrachtgever van de onderaanneming van een deel van de overeenkomst of van de onderaannemer die een deel van de werken zal uitvoeren, ontslaat de aannemer van geen enkele verplichting krachtens de overeenkomst.

7.7.

Ingeval een onderaannemer zich ter zake van de uitvoering van het werk of de door hem geleverde goederen, materialen, bouwstoffen of diensten tegenover de aannemer verbonden heeft tot na de onderhoudstermijn krachtens de overeenkomst, is de aannemer na het verstrijken van de onderhoudstermijn te allen tijde gehouden, op verzoek en op kosten van de opdrachtgever, zijn vorderingsrecht voor de rest van de tijd waarvoor die verbintenis loopt, onmiddellijk aan de opdrachtgever over te dragen.

7.8.

Wanneer de aannemer zonder goedkeuring een onderaannemingsovereenkomst aangaat, kan de opdrachtgever zonder formele kennisgeving rechtens de in de artikelen 63 en 64 vastgestelde sancties wegens contractbreuk opleggen.

VERPLICHTINGEN VAN DE OPDRACHTGEVER

Artikel 8

Verstrekken van bescheiden

8.1.

Binnen 30 dagen nadat de aannemer de uitvoeringsgarantie overeenkomstig artikel 15 heeft verstrekt, ontvangt hij van de directie kosteloos een afschrift van de tekeningen die met het oog op de uitvoering van de overeenkomst zijn gemaakt, alsook twee afschriften van de specificaties en andere contractuele bescheiden. Voor zover ze beschikbaar zijn, kan de aannemer extra afschriften van deze tekeningen, specificaties en andere bescheiden kopen. De aannemer retourneert alle tekeningen, specificaties en andere contractuele bescheiden aan de opdrachtgever wanneer deze het onderhoudscertificaat verstrekt of bij de eindoplevering.

8.2.

Tenzij zulks voor toepassing van de overeenkomst noodzakelijk is, mag de aannemer de door de opdrachtgever verstrekte tekeningen, specificaties en andere bescheiden niet gebruiken of aan derden doorgeven zonder voorafgaande toestemming van de directie.

8.3.

De directie heeft het recht de aannemer dienstorders te geven met de aanvullende documenten en instructies die vereist zijn voor een behoorlijke en correcte uitvoering van de werken en voor het verhelpen van gebreken.

Artikel 9

Toegang tot de bouwplaats

9.1.

Te gepasten tijde en naar gelang van het verloop van de werkzaamheden stelt de opdrachtgever de bouwplaats en de toegang daartoe ter beschikking van de aannemer, overeenkomstig het in deze algemene voorwaarden bedoelde uitvoeringsplan. De aannemer biedt andere betrokken personen redelijke gelegenheid om hun werkzaamheden uit te voeren, als bepaald in de bijzondere voorwaarden of als verlangd bij dienstorder.

9.2.

Een terrein dat de opdrachtgever aan de aannemer beschikbaar heeft gesteld, mag door de aannemer alleen voor de uitvoering van de opdracht worden gebruikt.

9.3.

De aannemer behoudt hem ter beschikking gestelde gebouwen tijdens het gebruik in goede staat en herstelt ze, indien de opdrachtgever of de directie dit verzoekt, na voltooiing van de opdracht, behoudens normale slijtage, in hun oorspronkelijke toestand.

9.4.

De aannemer heeft geen recht op vergoeding voor verbeteringen door werk dat hij op eigen initiatief heeft uitgevoerd.

Artikel 10

Bijstand met betrekking tot plaatselijke voorschriften

10.1.

De aannemer kan de hulp van de opdrachtgever inroepen voor het verkrijgen van afschriften van wetten, voorschriften, en informatie over plaatselijke gebruiken, beschikkingen of verordeningen van het land waar de werken worden uitgevoerd, waarmee de aannemer bij de naleving van zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst te maken kan krijgen. De opdrachtgever kan de gevraagde hulp aan de aannemer verstrekken op diens kosten.

10.2.

Onverminderd de wetten en voorschriften inzake buitenlandse werknemers in de Staat waar de werken worden uitgevoerd, doet de opdrachtgever al het nodige om het de aannemer makkelijker te maken de vereiste visa en vergunningen, met inbegrip van werk- en verblijfsvergunningen, te verkrijgen voor het personeel waarvan de diensten door aannemer en opdrachtgever onmisbaar worden geacht, alsmede de verblijfsvergunningen voor hun gezinnen.

Artikel 11

Achterstallige betalingen aan het personeel

van de aannemer

Wanneer de verschuldigde lonen en salarissen van de werknemers van de aannemer en de in het recht van de Staat van de bouwplaats vastgestelde vergoedingen en bijdragen niet tijdig zijn uitbetaald, kan de opdrachtgever de aannemer meedelen dat hij de lonen, salarissen, vergoedingen en bijdragen binnen 15 dagen na de mededeling rechtstreeks zal uitbetalen. Indien de aannemer betwist dat deze betalingen verschuldigd zijn, stelt hij de opdrachtgever binnen de termijn van 15 dagen in kennis van zijn met redenen omklede bezwaren. Is de opdrachtgever, na kennisneming van die bezwaren, van oordeel dat de lonen, salarissen, vergoedingen en bijdragen verschuldigd zijn, dan kan hij ze uit de aan de aannemer verschuldigde bedragen betalen. Bij gebreke van verschuldigde bedragen kan hij putten uit één van de krachtens deze algemene voorwaarden gestelde garanties. Eventueel door de opdrachtgever uit hoofde van dit artikel ondernomen stappen ontslaan de aannemer niet van zijn verplichtingen jegens zijn werknemers, behoudens in de mate waarin door deze stappen aan een verplichting zou zijn voldaan. De opdrachtgever aanvaardt door genoemde stappen geen enkele aansprakelijkheid ten opzichte van de werknemers van de aannemer.

VERPLICHTINGEN VAN DE AANNEMER

Artikel 12

Algemene verplichtingen

12.1.

De aannemer dient de werken met de nodige zorg en toewijding en in overeenstemming met de bepalingen van de overeenkomst te ontwerpen in de mate waarin zulks in de overeenkomst is bepaald; voorts dient hij de werken uit te voeren en te voltooien en alle gebreken daarin te verhelpen. De aannemer zorgt voor de leiding, het personeel, de materialen, de bouwstoffen, het materieel, en alle overige tijdelijke of duurzame zaken voor het ontwerpen, uitvoeren en voltooien van de werken en voor het verhelpen van gebreken, voor zover zulks in de overeenkomst is omschreven of op redelijke gronden daaruit kan worden afgeleid.

12.2.

De aannemer is ten volle aansprakelijk voor de geschiktheid, stabiliteit en veiligheid van alle verrichtingen en constructiemethodes in het kader van de overeenkomst.

12.3.

De aannemer richt zich naar de dienstorders van de directie. Wanneer hij van mening is dat een dienstorder de bevoegdheid van de directie of de reikwijdte van de overeenkomst te buiten gaat, stelt hij de directie, op straffe van verval, binnen 30 dagen na ontvangst van de dienstorder in kennis van zijn met redenen omklede bezwaren. Deze kennisgeving heeft geen schorsende werking wat de uitvoering van de dienstorder betreft.

12.4.

De aannemer houdt zich aan alle wetten en voorschriften die gelden in de Staat van de opdrachtgever en hij ziet erop toe dat zijn personeel, hun gezinsleden en zijn plaatselijke werknemers die wetten en voorschriften eveneens naleven. De aannemer vrijwaart de opdrachtgever tegen alle vorderingen of gerechtelijke acties ten gevolge van overtredingen van die wetten en voorschriften die hij, zijn werknemers of hun gezinsleden zouden begaan.

12.5.

Wanneer de aannemer of een van zijn onderaannemers, gemachtigden of personeelsleden iemand steekpenningen, geschenken, fooien of commissiegelden aanbiedt dan wel belooft aan te bieden of te betalen, dan wel betaalt als aansporing tot of als beloning voor het verrichten of nalaten van een handeling ter zake van de overeenkomst of enige andere overeenkomst met de opdrachtgever, dan wel als aansporing tot of als beloning voor het begunstigen of achterstellen van een persoon ter zake van de overeenkomst of enige andere overeenkomst met de opdrachtgever, dan kan de opdrachtgever, onverminderd de rechten die de aannemer uit hoofde van de overeenkomst heeft verworven, de overeenkomst beëindigen, in welk geval de artikelen 63 en 64 van toepassing zijn.

12.6.

Alle documenten en inlichtingen in verband met de overeenkomst worden door de aannemer als persoonlijk en vertrouwelijk behandeld en worden, tenzij noodzakelijk voor de uitvoering van de overeenkomst, niet zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever of de directie na overleg met de opdrachtgever bekendgemaakt of prijsgegeven. Bij een geschil over de vraag of zij ter wille van de uitvoering van de overeenkomst openbaar moeten worden gemaakt of prijsgegeven, berust de eindbeslissing bij de opdrachtgever.

12.7.

Wanneer de aannemer een gemeenschappelijke onderneming of een consortium van twee of meer personen is, zijn deze personen gezamenlijk en hoofdelijk aansprakelijk voor de uitvoering van de overeenkomst overeenkomstig de wet van de Staat van de opdrachtgever, en belasten zij, op verzoek van de opdrachtgever, een van hen met de leiding en de bevoegdheid om de gemeenschappelijke onderneming of het consortium te binden. Samenstelling of structuur van de gemeenschappelijke onderneming of het consortium mogen niet zonder voorafgaande toestemming van de opdrachtgever worden gewijzigd.

Artikel 13

Leiding van de werken

13.1.

De aannemer neemt zelf de leiding van de werken op zich of wijst met dit doel een vertegenwoordiger aan. Deze aanwijzing wordt ter goedkeuring aan de directie voorgelegd. De goedkeuring kan te allen tijde worden ingetrokken. Wordt de goedkeuring van de aanwijzing geweigerd of ingetrokken, dan omkleedt de directie haar beslissing met redenen en legt de aannemer onverwijld een nieuwe aanwijzing voor.

13.2.

Wanneer de directie haar goedkeuring ten aanzien van de vertegenwoordiger van de aannemer intrekt, verwijdert de aannemer, zodra hij hiervan in kennis is gesteld, de vertegenwoordiger zo spoedig mogelijk van de werken en vervangt hem door een vertegenwoordiger die door de directie is aanvaard.

13.3.

De vertegenwoordiger van de aannemer is volledig bevoegd om alle beslissingen te nemen die voor de uitvoering van de werken vereist zijn, om dienstorders te ontvangen en uit te voeren en om het in artikel 39 bedoelde dagboek of, in voorkomend geval, het losbladige register mede te ondertekenen. De aannemer is in elk geval zelf voor de goede uitvoering van het werk verantwoordelijk en vergewist zich er derhalve onder meer van dat de specificaties en dienstorders door zijn eigen werknemers en door de onderaannemers worden nageleefd.

Artikel 14

Personeel

14.1.

Het personeel dat de aannemer in dienst heeft, moet voldoende in aantal zijn en een optimaal gebruik van de arbeidskrachten in de Staat waar de werken worden uitgevoerd, mogelijk maken. Deze werknemers moeten de nodige bekwaamheid en ervaring bezitten opdat de regelmatige voortgang en de juiste uitvoering van de werken verzekerd zijn. De aannemer vervangt iedere werknemer die naar het oordeel van de directie de goede uitvoering der werkzaamheden in gevaar kan brengen, onmiddellijk.

14.2.

De loontarieven en de algemene arbeidsvoorwaarden zoals deze zijn vastgelegd in de voorschriften van de Staat van de opdrachtgever, gelden als minimum voor de werknemers op de bouwplaats.

Artikel 15

Uitvoeringsgarantie

15.1.

Binnen 30 dagen na ontvangst van de kennisgeving van de gunning van de overeenkomst verstrekt de aannemer de opdrachtgever een garantie voor de volledige en correcte uitvoering van de overeenkomst. Het bedrag van de garantie wordt bepaald in de bijzondere voorwaarden en mag niet hoger liggen dan 10 % van de aannemingssom met inbegrip van de in aanvullingen op de overeenkomst bepaalde bedragen, tenzij in de bijzondere voorwaarden anders is bepaald. In geen enkel geval echter mag het 20 % van die som overschrijden.

15.2.

De uitvoeringsgarantie is bestemd voor vergoeding van de opdrachtgever voor verliezen ten gevolge van verzuim van de aannemer om zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst volledig en correct na te komen.

15.3.

De uitvoeringsgarantie dient te worden gesteld conform het bepaalde in de bijzondere voorwaarden en kan worden verstrekt in de vorm van een bankgarantie, een bankwissel, een gewaarmerkte cheque, een borgtocht van een verzekerings- en/of borgtochtmaatschappij, een onherroepelijke accreditief dan wel een deposito in gereed geld bij de opdrachtgever. Indien de uitvoeringsgarantie dient te worden gegeven in de vorm van een bankgarantie, een bankwissel, een gewaarmerkte cheque of een borgtocht, dan wordt zij gegeven door een bank of een borgtocht- en/of verzekeringsmaatschappij, goedgekeurd door de opdrachtgever in overeenstemming met de criteria die van toepassing zijn om voor de gunning van de overeenkomst in aanmerking te komen.

15.4.

Tenzij in de bijzondere voorwaarden anders is bepaald, luidt de uitvoeringsgarantie in de soorten en combinaties van valuta's waarin de overeenkomst betaalbaar is.

15.5.

Aan de aannemer worden geen betalingen gedaan voordat de garantie is verstrekt. De garantie blijft geldig totdat de overeenkomst volledig en correct is uitgevoerd.

15.6.

Kan de natuurlijke of rechtspersoon die borg staat, zijn verplichtingen tijdens de uitvoering van de overeenkomst niet nakomen, dan vervalt de geldigheid van de garantie. De opdrachtgever verzoekt de aannemer formeel een nieuwe garantie te verstrekken op dezelfde voorwaarden als de vorige. Verstrekt de aannemer geen nieuwe garantie, dan kan de opdrachtgever de overeenkomst beëindigen.

15.7.

Conform de garantievoorwaarden en ten belope van de garantiesom verzoekt de opdrachtgever betaling uit de garantiesom van alle bedragen waarvoor de borg uit hoofde van de garantie aansprakelijk is wegens in gebreke blijven van de aannemer in het kader van de overeenkomst. Op verzoek van de opdrachtgever betaalt de borg deze bedragen onverwijld uit zonder dat hij hiertegen, op welke grond dan ook, enig bezwaar kan maken. Alvorens aanspraak te maken op de uitvoeringsgarantie stelt de opdrachtgever de aannemer in kennis van de aard van het in gebreke blijven waarop de aanspraak berust.

15.8.

Tenzij in de overeenkomst anders is bepaald, wordt de uitvoeringsgarantie vrijgegeven binnen 30 dagen na de afgifte van de in artikel 51 bedoelde ondertekende eindafrekening.

Artikel 16

Verzekering

16.1.

De aannemer is gehouden om gezamenlijk namens zichzelf en de opdrachtgever een verzekering af te sluiten tegen verlies of schade waarvoor hij krachtens de overeenkomst aansprakelijk is. Deze verzekering dekt, tenzij in de bijzondere voorwaarden anders is bepaald, het volgende:

a) de volledige vervangingswaarde van de werken, met inbegrip van de materialen en de bouwstoffen die daarin worden verwerkt, bij verlies of beschadiging door enige andere oorzaak dan overmacht of risico's die krachtens de overeenkomst aan de opdrachtgever zijn toe te schrijven;

b) een extra bedrag dat gelijk is aan 15 % van de vervangingswaarde of dat in de bijzondere voorwaarden is omschreven, voor dekking van alle bijkomende kosten inzake en in verband met het herstel van verlies of schade, met inbegrip van de honoraria en kosten voor het slopen en verwijderen van enig gedeelte van de werken en voor het ruimen van afval van welke aard ook;

c) het materieel van de aannemer en andere zaken die hij op de bouwplaats heeft gebracht, voor een zodanig bedrag dat vervanging op de bouwplaats mogelijk is.

16.2.

De aannemer mag de in artikel 16.1 genoemde verzekeringspolis vervangen door een algemene polis, op voorwaarde dat die polis onder meer het genoemde in artikel 16.1, onder a), b) en c), dekt. De aannemer stelt de verzekeraar in dat geval in kennis van het belang van de opdrachtgever.

16.3.

De aannemer sluit een verzekering ter dekking van zijn aansprakelijkheid voor arbeidsongevallen en zijn uit de werkzaamheden voortvloeiende wettelijke aansprakelijkheid jegens een ieder die hij op het werk in dienst heeft, jegens de opdrachtgever en diens personeel. De aansprakelijkheid is onbeperkt in geval van lichamelijk letsel.

16.4.

De aannemer sluit een verzekering tegen risico's en wettelijke aansprakelijkheid wegens een handeling of nalatigheid die aan hem, zijn rechtsopvolgers of gemachtigden wordt toegeschreven. Die verzekering wordt gesloten voor ten minste het in de bijzondere voorwaarden genoemde bedrag. Voorts vergewist hij zich ervan dat al zijn onderaannemers een soortgelijke verzekering hebben gesloten.

16.5.

Alle in dit artikel bedoelde verzekeringen worden gesloten binnen 30 dagen na de kennisgeving van de gunning van de opdracht en moeten worden goedgekeurd door de opdrachtgever. De verzekeringen gaan in bij het begin van de werken en blijven van kracht tot de eindoplevering van de werken. Telkens wanneer de opdrachtgever of de directie dit van de aannemer verlangen, legt de aannemer onverwijld de verzekeringspolis over aan de opdrachtgever en toont hij aan dat de verzekeringspremies regelmatig worden betaald.

16.6.

Niettegenstaande de verzekeringsverplichting van de aannemer overeenkomstig artikel 16, is alleen hij aansprakelijk en vrijwaart hij de opdrachtgever en de directie tegen aanspraken van derden wegens schade aan eigendom of lichamelijk letsel ten gevolge van de uitvoering van de werken door hemzelf, zijn onderaannemers en werknemers.

Artikel 17

Algemeen tijdschema

17.1.

Overeenkomstig de bijzondere voorwaarden stelt de aannemer een algemeen tijdschema voor de tenuitvoerlegging van de overeenkomst op dat hij ter goedkeuring aan de directie voorlegt. Dit schema omvat ten minste:

a) de volgorde waarin de aannemer voorstelt de werken uit te voeen;

b) de termijnen waarbinnen de tekeningen moeten worden ingediend en goedgekeurd;

c) een algemene beschrijving van de door de aannemer voorgestelde werkwijze ter uitvoering van de werken; en

d) alle verdere details en gegevens die de directie redelijkerwijze kan verlangen.

17.2.

De goedkeuring van het schema door de directie ontheft de aannemer niet van zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst.

17.3.

Zonder goedkeuring van de directie worden in het schema geen belangrijke wijzigingen aangebracht. Wanneer de uitvoering van het werk echter niet conform het schema verloopt, kan de directie de aannemer opdragen het schema te herzien en het herziene schema ter goedkeuring aan haar voor te leggen.

Artikel 18

Specificatie van de prijzen

18.1.

Voor zover nodig in verband met de toepassing van de overeenkomst, verstrekt de aannemer, uiterlijk 20 dagen na ontvangst van een met redenen omkleed verzoek van de directie, een uitvoerige specificatie van zijn tarieven en prijzen.

18.2.

Na de kennisgeving van de gunning doet de aannemer, binnen de in de bijzondere voorwaarden gestelde termijn, aan de directie, uitsluitend ter informatie, gedetailleerde kwartaalramingen van de cash flow toekomen, met vermelding van alle betalingen waarop hij krachtens de overeenkomst recht heeft. Vervolgens dient hij op verzoek van de directie per kwartaal een herziene cash flow-raming over te leggen. Uit deze informatie vloeit voor de opdrachtgever of de directie generlei aansprakelijkheid voort.

Artikel 19

Tekeningen van de aannemer

19.1.

De aannemer legt aan de directie ter goedkeuring voor:

a) binnen de in de overeenkomst of het algemene tijdschema gestelde termijnen: de tekeningen, documenten, monsters en/of modellen die in de overeenkomst zijn omschreven;

b) de tekeningen die redelijkerwijs door de directie kunnen worden verlangd voor de uitvoering van de overeenkomst.

19.2.

Indien de directie haar in artikel 19.1 bedoelde goedkeuring niet betekent binnen de termijnen die zijn vastgesteld in de overeenkomst of het goedgekeurde algemene tijdschema, worden die tekeningen, documenten, monsters of modellen aan het einde van de gestelde termijnen geacht te zijn goedgekeurd. Indien geen termijn is gesteld, worden zij 30 dagen na ontvangst geacht te zijn goedgekeurd.

19.3.

Goedgekeurde tekeningen, documenten, monsters en modellen worden door de directie ondertekend of anderszins gewaarmerkt en er wordt behoudens andersluidende opdracht van de directie niet van afgeweken. Door de directie niet goedgekeurde tekeningen, documenten, monsters of modellen van de aannemer worden onmiddellijk aan de eisen van de directie aangepast en opnieuw door de aannemer ter goedkeuring voorgelegd.

19.4.

De aannemer verstrekt van de goedgekeurde tekeningen extra afdrukken waarvan vorm en aantal in de overeenkomst of latere dienstorders worden bepaald.

19.5.

De goedkeuring van de tekeningen, documenten, monsters of modellen door de directie ontheft de aannemer niet van zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst.

19.6.

De directie heeft het recht alle contractuele tekeningen, documenten, monsters of modellen te allen redelijke tijde ter plaatse bij de aannemer te controleren.

19.7.

Voor de voorlopige oplevering van het werk verstrekt de aannemer handleidingen en onderhoudsvoorschriften, voorzien van tekeningen, die zo gedetailleerd zijn dat zij de opdrachtgever in staat stellen alle onderdelen van het werk te gebruiken, te onderhouden, aan te passen en te repareren. Tenzij anders bepaald in de bijzondere voorwaarden, zijn de handleidingen en tekeningen in de taal van de overeenkomst gesteld en worden ze verschaft in de vorm en het aantal die in de overeenkomst zijn bepaald. Uit het oogpunt van voorlopige oplevering worden de werken niet voltooid geacht voordat de opdrachtgever de handleidingen en tekeningen heeft ontvangen.

Artikel 20

Toereikendheid van de inschrijvingsprijzen

20.1.

De aannemer wordt geacht de bouwplaats en de omgeving ervan te hebben gecontroleerd en bestudeerd, zich vóór de indiening van zijn inschrijving te hebben vergewist van de aard van de bodem en de ondergrond, rekening te hebben gehouden met vorm en aard van de bouwplaats, omvang en aard van het werk en van de daarvoor vereiste materialen, de communicatiemiddelen met en toegangswegen tot de bouwplaats, alsmede het vereiste onderkomen, en zich in het algemeen alle nodige informatie te hebben verschaft over risicofactoren, eventualiteiten en alle andere omstandigheden die zijn inschrijving beïnvloeden.

20.2.

De aannemer wordt geacht zich vóór de indiening van zijn inschrijving te hebben vergewist van de juistheid en de toereikendheid van de inschrijving en van de tarieven en prijzen die in het becijferde bestek of de staat van eenheidsprijzen zijn opgegeven, welke al zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst dekken, tenzij daarin anders is bepaald.

20.3.

Aangezien de aannemer geacht wordt zijn prijzen op grond van zijn eigen berekeningen, bewerkingen en ramingen te hebben vastgesteld, is hij gehouden tot uitvoering zonder extra kosten van elk werk dat correspondeert met een onderdeel van zijn inschrijving waarvoor hij geen eenheidsprijs of vast bedrag heeft opgegeven.

Artikel 21

Buitengewone risico's

21.1.

Indien de aannemer tijdens de uitvoering van het werk stuit op kunstmatige belemmeringen of natuurlijke omstandigheden die door een ervaren aannemer redelijkerwijze niet waren te voorzien en indien de aannemer van mening is dat hij daardoor extra kosten zal moeten maken en/of dat de uitvoeringstermijn daardoor moet worden verlengd, stelt hij de directie hiervan overeenkomstig de artikelen 35 en 55 in kennis. Daarbij vermeldt hij de kunstmatige belemmeringen en/of natuurlijke omstandigheden en verstrekt hij details omtrent de verwachte gevolgen daarvan, de maatregelen die hij neemt of wil nemen en de voorziene vertraging in of weerslag op de uitvoering van het werk.

21.2.

Na ontvangst van de kennisgeving kan de directie onder andere:

a) de aannemer om een kostenraming verzoeken van de maatregelen die hij neemt of voornemens is te nemen;

b) de in artikel 21.2, onder a), bedoelde maatregelen met of zonder wijziging goedkeuren;

c) schriftelijke instructies geven in verband met de aanpak van de kunstmatige belemmeringen of natuurlijke omstandigheden;

a) d) wijziging, schorsing of stopzetting van de overeenkomst gelasten.

21.3.

Voor zover de directie beslist dat de genoemde kunstmatige belemmeringen of natuurlijke omstandigheden door een ervaren aannemer redelijkerwijze niet geheel of gedeeltelijk waren te voorzien, wordt door de directie:

a) bij de vaststelling van een verlenging van de uitvoeringstermijn die uit hoofde van artikel 35 aan de aannemer moet worden toegestaan, rekening gehouden met iedere vertraging die deze wegens dergelijke belemmeringen of omstandigheden heeft opgelopen; en/of

b) in geval van kunstmatige belemmeringen of andere natuurlijke omstandigheden dan weersomstandigheden, de bijbetaling vastgesteld die uit hoofde van artikel 55 aan de aannemer verschuldigd is.

21.4.

Weersomstandigheden geven de aannemer geen recht op aanspraken uit hoofde van artikel 55.

21.5.

Beslist de directie dat de kunstmatige belemmeringen of natuurlijke omstandigheden door een ervaren aannemer redelijkerwijze geheel of gedeeltelijk waren te voorzien, dan stelt zij de aannemer daarvan zo spoedig mogelijk in kennis.

Artikel 22

Veiligheid op de bouwplaatsen

22.1.

De aannemer heeft het recht de toegang tot de bouwplaats te weigeren aan een ieder die niet bij de uitvoering van de overeenkomst betrokken is, met uitzondering echter van door de directie gemachtigde personen.

22.2.

De aannemer is gehouden tijdens de gehele uitvoeringsduur te zorgen voor de veiligheid op de bouwplaatsen en is er verantwoordelijk voor dat, in het belang van zijn werknemers, de gemachtigden van de opdrachtgever en derden, alle nodige maatregelen worden getroffen om schade of ongeval als gevolg van de uitvoering van de werken te voorkomen.

22.3.

De aannemer neemt onder zijn verantwoordelijkheid en op zijn kosten alle noodzakelijke maatregelen voor de bescherming, het behoud en het onderhoud van bestaande gebouwen en werken. Hij levert en onderhoudt op zijn kosten de voor de goede uitvoering van de werken noodzakelijke of door de directie redelijkerwijs verlangde verlichting, afsluitingen en beveiligings- en bewakingsvoorzieningen.

22.4.

Indien tijdens de uitvoering van de overeenkomst spoedmaatregelen moeten worden genomen om elk gevaar voor ongevallen of schade te voorkomen of om de veiligheid na een ongeval of schade te waarborgen, maant de directie de aannemer formeel aan het nodige te doen. Indien de aannemer deze maatregelen niet kan of wil nemen, kan de directie dit werk uitvoeren op kosten van de aannemer voor zover deze aansprakelijk is.

Artikel 23

Bescherming van de belendende eigendommen

23.1.

De aannemer treft onder zijn verantwoordelijkheid en op zijn kosten alle bouwkundige voorzorgen en, gelet op de heersende omstandigheden, beschermt de belendende eigendommen en vermijdt aldaar abnormale hinder te veroorzaken.

23.2.

De aannemer vrijwaart de opdrachtgever tegen de financiële gevolgen van door de eigenaren van belendende terreinen of omwonenden ingediende vorderingen, voor zover de aannemer hiervoor aansprakelijk is en de aan de belendende eigendommen toegebrachte schade niet het gevolg is van een risico voortvloeiend uit het ontwerp of de bij de bouw van het werk te volgen werkwijze, die door de opdrachtgever of de directie aan de aannemer is voorgeschreven.

Artikel 24

Belemmering van het verkeer

24.1.

De aannemer ziet erop toe dat de werken en installaties aan het verkeer op verbindingsinfrastructuur, zoals wegen, spoorwegen, waterwegen, vliegvelden, geen andere schade of hinder veroorzaken dan die welke in de bijzondere voorwaarden zijn toegestaan. Bij de keuze van routes en voertuigen houdt hij met name rekening met gewichtsbeperkingen.

24.2.

Alle door de aannemer noodzakelijk geachte, in de bijzondere voorwaarden omschreven of door de opdrachtgever vereiste speciale maatregelen ter beveiliging of versterking van een weg-, baan- of brugvak worden op kosten van de aannemer genomen, ongeacht of zij door hem worden uitgevoerd. De aannemer stelt de directie in kennis van alle door hem voorgenomen speciale maatregelen alvorens deze uit te voeren. De kosten voor het herstel van bij het vervoer van materialen, bouwstoffen of materieel aan weg-, baan- of brugvakken veroorzaakte schade zijn voor rekening van de aannemer.

Artikel 25

Kabels en leidingen

25.1.

Wanneer de aannemer in de loop van de uitvoering van de werkzaamheden op merktekens stuit die de ligging van ondergrondse kabels, leidingen of andere voorzieningen aangeven, laat hij deze tekens op hun plaats of plaatst hij ze terug indien de uitvoering van de werken een tijdelijke verwijdering noodzakelijk heeft gemaakt. Voor al deze handelingen is toestemming van de directie vereist.

25.2.

De aannemer is verantwoordelijk voor het in goede staat houden, het eventueel verwijderen en terugplaatsen van kabels, leidingen en andere voorzieningen waarvan de opdrachtgever het bestaan heeft vermeld in de overeenkomst; de daaraan verbonden kosten zijn voor rekening van de aannemer.

25.3.

Indien de aanwezigheid van kabels, leidingen en andere voorzieningen niet in de overeenkomst is vermeld, doch door merk- en kentekens wordt aangegeven, heeft de aannemer de algemene verplichting voorzorgsmaatregelen te nemen en dezelfde verplichtingen met betrekking tot het in stand houden, verwijderen en terugplaatsen als hierboven vermeld. In dit geval vergoedt de opdrachtgever hem de kosten in verband met die werkzaamheden voor zover deze voor de uitvoering van de overeenkomst noodzakelijk zijn.

25.4.

De verplichting tot verwijdering en terugplaatsing van kabels, leidingen en andere voorzieningen alsmede de kosten die daaruit voortvloeien, vallen evenwel niet onder de verantwoordelijkheid van de aannemer indien de opdrachtgever besluit deze verantwoordelijkheid zelf te dragen. Dit geldt eveneens indien deze verplichting en de daaraan verbonden kosten ten laste komen van een gespecialiseerde overheidsdienst of een concessiehouder.

25.5.

Als werkzaamheden op de bouwplaats openbare diensten kunnen verstoren of schade kunnen toebrengen aan openbare voorzieningen, stelt de aannemer de directie daar onmiddellijk en een redelijke tijd van te voren schriftelijk van in kennis, opdat tijdig passende maatregelen kunnen worden getroffen om de werkzaamheden normaal voortgang te laten vinden.

Artikel 26

Uitzetten van de werken

26.1.

Het is de taak van de aannemer:

a) de werken nauwkeurig uit te zetten aan de hand van de door de directie aangegeven oorspronkelijke tekens, lijnen en niveaus;

b) ervoor te zorgen dat de plaatsing, de niveaus, de afmetingen en het tracé van alle onderdelen van de werken juist zijn; en

c) alle instrumenten, gereedschappen en mankracht te leveren die nodig zijn om bovengenoemde taken te verrichten.

26.2.

Als tijdens de uitvoering van de werken blijkt dat er ten aanzien van de plaats, de niveaus, de afmetingen of het tracé van een van de onderdelen van de werken een vergissing is gemaakt, dient de aannemer, als de directie dat verlangt, op zijn kosten tot genoegen van de directie de nodige verbeteringen aan te brengen, tenzij de vergissing te wijten is aan onjuiste gegevens van de directie, in welk geval de kosten van rectificatie voor rekening van de opdrachtgever komen.

26.3.

De door de directie verrichte controle op het uitzetten van de werken of op lijnen en niveaus ontheft de aannemer niet van zijn verantwoordelijkheid voor de nauwkeurigheid daarvan en de aannemer dient er nauwlettend op toe te zien dat alle peilmaten, bouwplanken, piketten en andere zaken die noodzakelijk zijn voor het uitzetten van de werken, niet in het ongerede raken.

Artikel 27

Uit afbraak afkomstige materialen

27.1.

Wanneer in de overeenkomst afbraakwerkzaamheden zijn begrepen, zijn de daaruit afkomstige materialen en zaken, tenzij in de bijzondere voorwaarden en/of in de wetgeving van de Staat van de opdrachtgever anders is bepaald en behoudens het bepaalde in artikel 28, eigendom van de aannemer.

27.2.

Is in de bijzondere voorwaarden bepaald dat de opdrachtgever recht heeft op het eigendom van uit de afbraak afkomstige materialen en op alle zaken die daarbij vrijkomen of een gedeelte daarvan, dan treft de aannemer alle nodige voorzorgsmaatregelen om deze intact te houden. Hij is aansprakelijk wanneer die materialen of zaken door zijn toedoen of door toedoen van degenen die voor hem werken, worden vernield of beschadigd.

27.3.

Indien de opdrachtgever zich het recht op het eigendom van de materialen of zaken voorbehoudt, en ongeacht het gebruik dat hij voornemens is hiervan te maken, komen alle kosten in verband met het vervoer en het bewaren ervan, en alle kosten voor de opslag op de door de directie aangegeven plaats, ten laste van de aannemer voor zover de vervoersafstand niet meer dan 100 m bedraagt.

27.4.

Tenzij in de bijzondere voorwaarden anders is bepaald, verwijdert de aannemer naargelang het werk vordert op eigen kosten het afbraakmateriaal, puin en afval van de bouwplaats.

Artikel 28

Vondsten

28.1.

Vondsten van enigerlei belang die bij graaf- of sloopwerkzaamheden worden gedaan, worden terstond ter kennis van de directie gebracht. Rekening houdend met de wetgeving van de Staat van de opdrachtgever beslist de directie wat er met de vondsten moet gebeuren.

28.2.

De opdrachtgever behoudt zich het recht voor op het eigendom van vondsten die bij de graaf- of sloopwerkzaamheden op de terreinen van de opdrachtgever worden gedaan; de aannemer ontvangt een vergoeding voor eventuele bijzondere diensten.

28.3.

Kunstvoorwerpen, antiquiteiten en voorwerpen van belang voor de natuurlijke historie of voor de munt- en penningkunde of andere voorwerpen van wetenschappelijk belang, alsmede zeldzame of uit edel metaal vervaardigde voorwerpen die bij graaf- of sloopwerkzaamheden worden gevonden, zijn het eigendom van de opdrachtgever.

28.4.

Bij betwisting beslist uitsluitend de opdrachtgever over de interpretatie van het bepaalde in artikel 28.2 en 28.3.

Artikel 29

Hulpwerken

29.1.

De aannemer voert op zijn kosten alle hulpwerken uit die nodig zijn om de uitvoering van het werk mogelijk te maken. Hij legt de directie de tekeningen voor van de te gebruiken hulpwerken, zoals kistdammen, steigers, formelen, bekistingen. Hij houdt rekening met de opmerkingen van de directie in dit verband, maar draagt de verantwoordelijkheid voor deze tekeningen.

29.2.

Is in de bijzondere voorwaarden bepaald dat de opdrachtgever verantwoordelijk is voor het ontwerp van bijzondere hulpwerken, dan verstrekt de directie de aannemer binnen een redelijke termijn de nodige tekeningen opdat deze de hulpwerken kan uitvoeren volgens het uitvoeringsplan. In dergelijke gevallen blijft uitsluitend de opdrachtgever verantwoordelijk voor de veiligheid en de doelmatigheid van hun ontwerp. De aannemer is evenwel verantwoordelijk voor de juiste uitvoering ervan.

Artikel 30

Bodemonderzoek

Behoudens de bijzondere voorwaarden en de technische specificaties, stelt de aannemer personeel en materieel ter beschikking van de directie voor het verrichten van elk bodemonderzoek dat deze laatste redelijkerwijs noodzakelijk acht. Voor dit werk ontvangt de aannemer een vergoeding van de werkelijke kosten van arbeidskrachten en materieel die zijn gebruikt of ter beschikking gesteld, voor zover daarin niet in de overeenkomst is voorzien.

Artikel 31

Verband met andere werken

31.1.

Wat betreft de werkzaamheden van andere aannemers in dienst van de opdrachtgever en hun personeel, van het personeel van de opdrachtgever en van andere bevoegde overheidsinstanties die op of in de nabijheid van de bouwplaats werkzaamheden verrichten die niet zijn opgenomen in de overeenkomst of in een overeenkomst die de opdrachtgever in het kader van of ter ondersteuning van de werken is aangegaan, zorgt de aannemer er overeenkomstig de voorwaarden van de directie in alle redelijkheid voor dat deze naar behoren kunnen worden uitgevoerd.

31.2.

Stelt de aannemer echter op schriftelijk verzoek van de directie door hem te onderhouden wegen ter beschikking van een dergelijke aannemer of openbare instantie, dan wel van de opdrachtgever, of laat hij zijn hulpwerken, steigers of ander materieel op de bouwplaats door die personen of instanties gebruiken of verleent hij enige andere dienst waarin in de overeenkomst niet was voorzien, dan vergoedt de opdrachtgever de aannemer de daarmee gepaard gaande kosten en/of stemt hij in met een verlenging van de uitvoeringstermijn die de directie voor dat gebruik of die dienst redelijk acht.

31.3.

De aannemer kan niet op grond van artikel 31 worden ontslagen van enige verplichting uit hoofde van de overeenkomst, noch kan hij andere aanspraken laten gelden dan die waarin wordt voorzien door artikel 31.2.

Artikel 32

Octrooien en licenties

Behoudens andersluidende bepalingen in de bijzondere voorwaarden vrijwaart de aannemer de opdrachtgever en de directie tegen elke aanspraak wegens het duidelijk in de overeenkomst vermelde gebruik van octrooien, licenties, tekeningen, ontwerpen, modellen en fabrieks- of handelsmerken, behalve wanneer de overtreding te wijten is aan het naleven van het ontwerp dat of de specificatie die door de opdrachtgever en/of de directie is verstrekt.

AANVANG EN VERTRAGINGEN

Artikel 33

Opdracht tot aanvang van uitvoering

33.1.

De opdrachtgever stelt de datum vast waarop de uitvoering van de overeenkomst moet worden aangevangen en verwittigt de aannemer hiervan via de kennisgeving van de gunning van de overeenkomst of via een dienstorder, gegeven door de directie.

33.2.

Tenzij door de partijen anders is overeengekomen, wordt niet later dan 180 dagen na de kennisgeving van de gunning van de overeenkomst met de werken begonnen.

Artikel 34

Uitvoeringstermijn

De uitvoeringstermijn vangt aan op de overeenkomstig artikel 33.1 vastgestelde datum; de duur ervan is die welke is vastgelegd in de overeenkomst, onverminderd de termijnverlengingen die op grond van artikel 35 kunnen worden toegestaan.

Artikel 35

Verlenging van de uitvoeringstermijn

35.1.

De aannemer kan verzoeken de uitvoeringstermijn te verlengen wanneer er vertraging in de voltooiing van de overeenkomst is of zal ontstaan ten gevolge van:

a) uitzonderlijke weersomstandigheden in de Staat van de opdrachtgever;

b) kunstmatige belemmeringen of natuurlijke omstandigheden die door een ervaren aannemer redelijkerwijze niet waren te voorzien;

c) dienstorders die van invloed zijn op de datum van voltooiing, voor zover deze niet zijn uitgevaardigd omdat de aannemer in gebreke is gebleven;

d) niet-nakoming door de opdrachtgever van zijn verplichtingen uit hoofde van de overeenkomst;

e) schorsing van de werkzaamheden buiten de schuld van de aannemer;

f) overmacht;

g) andere in deze algemene voorwaarden genoemde oorzaken die niet te wijten zijn aan het in gebreke blijven van de aannemer.

35.2.

Wanneer de aannemer aanspraak meent te kunnen maken op verlenging van de uitvoeringstermijn, stelt hij binnen 30 dagen nadat hij zich er rekenschap van heeft gegeven dat vertraging zou kunnen optreden, de directie in kennis van zijn voornemen om een verzoek tot verlenging in te dienen; zo spoedig als volgens de omstandigheden redelijk is, verschaft hij de directie tevens volledige en nauwkeurige gegevens met betrekking tot zijn verzoek, opdat dit tijdig kan worden onderzocht.

35.3.

Na naar behoren te hebben overlegd met de opdrachtgever en, in voorkomend geval, met de aannemer, verleent de directie, indien verlenging van de uitvoeringstermijn in de toekomst of met terugwerkende kracht gerechtvaardigd is, deze verlenging of deelt zij de aannemer mee dat hij geen recht op verlenging heeft.

Artikel 36

Vertraging bij de uitvoering

36.1.

Als de aannemer er niet in slaagt de werken binnen de in de overeenkomst vastgestelde termijn(en) te voltooien, heeft de opdrachtgever, zonder formele kennisgeving en onverminderd zijn andere rechtsmiddelen uit hoofde van de overeenkomst, recht op gefixeerde schadevergoeding voor iedere dag of ieder dagdeel tussen het einde van de gestelde uitvoeringstermijn of de uit hoofde van artikel 35 verlengde uitvoeringstermijn en het werkelijke tijdstip van voltooiing, tegen het tarief en tot het maximumbedrag als bepaald in de bijzondere voorwaarden. Wanneer in overeenstemming met artikel 59 een gedeeltelijke oplevering van de werken heeft plaatsgevonden, kan de in de bijzondere voorwaarden vastgestelde gefixeerde schadevergoeding verhoudingsgewijze verminderd worden met het waardeaandeel dat het opgeleverde gedeelte vertegenwoordigt in de waarde van de werken in hun geheel.

36.2.

Indien de opdrachtgever aanspraak kan maken op het in artikel 36.1 bedoelde maximumbedrag, kan hij na kennisgeving aan de aannemer:

a) beslag leggen op de uitvoeringsgarantie; en/of

b) de overeenkomst beëindigen; en

c) voor rekening van de aannemer een overeenkomst met een derde sluiten voor de uitvoering van de resterende werken.

Artikel 37

Wijzigingen

37.1.

De directie heeft de bevoegdheid opdracht te geven tot wijziging van een deel van de werken, dat nodig is voor de correcte uitvoering en/of werking ervan. Bedoelde wijzigingen kunnen het volgende omvatten: toevoegingen, weglatingen, vervangingen, wijzigingen van kwaliteit, kwantiteit, vorm, karakter, aard, positie, afmeting, niveau of tracé, alsmede wijzigingen van de voorgeschreven volgorde, werkwijze of planning van de uitvoering van de werken. Een opdracht tot wijziging leidt niet tot nietigheid of ongeldigheid van de overeenkomst, doch de eventuele gevolgen worden gewaardeerd overeenkomstig artikel 37.5 en 37.7.

37.2.

Wijzigingen mogen uitsluitend worden aangebracht op grond van dienstorders, met dien verstande dat:

a) indien de directie het om enigerlei reden noodzakelijk acht om een mondelinge opdracht te geven, deze opdracht zo spoedig mogelijk door haar in een dienstorder wordt bevestigd;

b) indien de aannemer een in artikel 37.2, onder a), bedoelde mondelinge opdracht schriftelijk bevestigt en deze bevestiging niet terstond schriftelijk door de directie wordt weerlegd, een dienstorder voor de wijziging wordt geacht te zijn uitgevaardigd, tenzij in de bijzondere voorwaarden anders is bepaald;

c) een dienstorder tot wijziging niet vereist is voor een vermeerdering of vermindering van de hoeveelheid werk die het gevolg is van over- of onderschrijding van de in het becijferde bestek of in de staat van eenheidsprijzen vermelde hoeveelheid.

37.3.

Voordat de directie een dienstorder tot wijziging laat uitgaan, stelt zij, behalve in de gevallen bedoeld in artikel 37.2, de aannemer in kennis van de aard en de vorm van die wijziging. De aannemer dient zo spoedig mogelijk na ontvangst van deze kennisgeving bij de directie een voorstel in, inhoudende:

a) een beschrijving van het eventuele werk en een uitvoeringsschema;

b) eventueel noodzakelijke wijzigingen in het algemene tijdschema of met betrekking tot een van de verplichtingen van de aannemer, krachtens de overeenkomst;

c) eventuele aanpassing van de aannemingssom, overeenkomstig het bepaalde in artikel 37.

37.4.

Nadat de directie de voorstellen van de aannemer, als bedoeld in artikel 37.3, heeft ontvangen, besluit zij, na naar behoren overleg te hebben gepleegd met de opdrachtgever en, in voorkomend geval, met de aannemer, zo spoedig mogelijk of de wijziging zal worden uitgevoerd. Indien dat het geval is, geeft zij via een dienstorder de opdracht dat de wijziging wordt uitgevoerd tegen de prijzen en overeenkomstig de voorwaarden zoals die in de in artikel 37.3 bedoelde voorstellen van de aannemer zijn bedongen of zoals die door de directie zijn gewijzigd overeenkomstig artikel 37.5.

37.5.

De prijs van alle door de directie overeenkomstig artikel 37.2 en 37.4 opgedragen wijzigingen wordt door de directie vastgesteld overeenkomstig de volgende beginselen:

a) voor werk van dezelfde aard en uitgevoerd onder dezelfde voorwaarden als werk waarvoor een prijsopgave is gedaan in het becijferde bestek of in de staat van eenheidsprijzen, wordt de waarde tegen de daarin opgenomen prijzen en tarieven berekend;

b) voor werk dat niet van dezelfde aard is of dat niet onder dezelfde voorwaarden wordt uitgevoerd, worden de prijzen en tarieven van de overeenkomst, voor zover zulks redelijk is, als basis voor de berekening gebruikt; is zulks niet het geval, dan maakt de directie een billijke berekening;

c) is de aard of het bedrag van een wijziging ten opzichte van de aard of het bedrag van de overeenkomst in haar geheel of een deel ervan, zodanig dat een voor een bepaalde post in de overeenkomst opgenomen tarief of prijs volgens de directie door die wijziging onredelijk is geworden, dan stelt de directie een tarief of prijs vast die zij in de gegeven omstandigheden redelijk en passend acht;

d) indien een wijziging noodzakelijk is ten gevolge van in gebreke blijven of contractbreuk door de aannemer, komen alle extra kosten in verband met deze wijziging ten laste van de aannemer.

37.6.

Wanneer de aannemer een dienstorder betreffende de verlangde wijziging ontvangt, voert hij de wijziging uit en is hij daarbij door deze algemene voorwaarden gebonden alsof de wijziging in de overeenkomst was opgenomen. De werken mogen niet worden vertraagd tot er een verlenging van de uitvoeringstermijn of een aanpassing van de aannemingssom wordt toegekend. Indien de opdracht voor een wijziging voorafgaat aan de aanpassing van de aannemingssom, dient de aannemer een overzicht bij te houden van de kosten en de tijd die met de uitvoering van de wijziging gemoeid zijn. Deze gegevens dienen te allen redelijke tijde voor de directie ter inzage beschikbaar te zijn.

37.7.

Blijkt bij de voorlopige oplevering dat een dienstorder of een andere omstandigheid die niet aan het in gebreke blijven van de aannemer te wijten is, tot gevolg heeft dat de totale waarde van het werk met meer dan 15 % van de aannemingssom is gestegen of gedaald, dan beslist de directie, na overleg met de opdrachtgever en de aannemer, over een verhoging of verlaging van de aannemingssom ingevolge de toepassing van artikel 37.5. De aldus vast te stellen som wordt gebaseerd op het bedrag waarmee de waardestijging of -daling 15 % overschrijdt. De directie stelt de opdrachtgever en de aannemer van dit bedrag in kennis en de aannemingssom wordt dienovereenkomstig aangepast.

Artikel 38

Schorsing

38.1.

Indien de directie daar opdracht toe geeft, schorst de aannemer de uitvoering van de werkzaamheden of een gedeelte daarvan gedurende de periode of perioden en op de wijze die de directie nodig acht.

38.2.

Gedurende de periode van schorsing neemt de aannemer alle nodige voorzorgsmaatregelen om de werken, de bouwstoffen, het materieel en de bouwplaats te vrijwaren voor kwaliteitsvermindering, verlies of schade. Meerkosten in verband met dergelijke voorzorgsmaatregelen worden aan de aannemingssom toegevoegd, tenzij de schorsing:

a) onderwerp van andersluidende bepalingen in de overeenkomst is; of

b) noodzakelijk is wegens enig in gebreke blijven van de aannemer; of

c) noodzakelijk is in verband met de normale klimatologische omstandigheden op de bouwplaats; of

d) noodzakelijk is voor de veiligheid of de correcte uitvoering van de werken of enig onderdeel daarvan, voor zover deze noodzakelijkheid niet voortvloeit uit een handeling of in gebreke blijven van de directie of de opdrachtgever, dan wel uit één van de in artikel 21 bedoelde buitengewone risico's.

38.3.

De aannemer heeft geen recht op dergelijke aanvullingen op de aannemingssom als hij de directie niet binnen 30 dagen na ontvangst van de opdracht tot schorsing van de werkzaamheden meedeelt dat hij daar aanspraak op wil maken.

38.4.

Na overleg met de opdrachtgever en de aannemer kent de directie de aannemer die daar aanspraak op maakt, een zodanige bijbetaling en/of verlenging van de uitvoeringstermijn toe als zij billijk en redelijk acht.

38.5.

Indien de periode van schorsing 180 dagen overschrijdt en de schorsing niet aan het in gebreke blijven van de aannemer toe te schrijven is, kan de aannemer de directie schriftelijk toestemming vragen het werk binnen 30 dagen te hervatten, of kan hij de overeenkomst beëindigen.

MATERIALEN EN WERKUITVOERING

Artikel 39

Dagboek

39.1.

Op elke bouwplaats wordt door de directie, tenzij anderszins bepaald in de bijzondere voorwaarden, een dagboek bijgehouden waarin deze ten minste:

a) gegevens inschrijft omtrent weersomstandigheden, onderbrekingen van de werkzaamheden als gevolg van weersinvloeden, aantal arbeidsuren, aantal en hoedanigheid van de op de bouwplaats tewerkgestelde arbeiders, aangevoerde materialen, gebruikt materieel, materieel buiten dienst, ter plaatse uitgevoerde proeven, verzonden monsters, onverwachte gebeurtenissen, alsmede aan de aannemer gegeven opdrachten;

b) gedetailleerd aantekening houdt van alle kwantitatieve en kwalitatieve gegevens betreffende het uitgevoerde werk en de geleverde en gebruikte goederen die op de bouwplaats gecontroleerd kunnen worden en relevant zijn voor de berekening van de aan de aannemer te verrichten betalingen.

39.2.

De aantekeningen vormen een onderdeel van het dagboek, maar kunnen eventueel worden opgenomen in afzonderlijke documenten. De technische bepalingen met betrekking tot het bijhouden van de aantekeningen worden vastgesteld in de bijzondere voorwaarden.

39.3.

De aannemer draagt er tijdig en overeenkomstig de bijzondere voorwaarden zorg voor dat aantekening wordt gehouden van de werken, diensten en leveringen die later niet kunnen worden gemeten of gecontroleerd, bij gebreke waarvan hij genoegen moet nemen met de beslissingen van de directie, behoudens door hem op zijn kosten te leveren tegenbewijs.

39.4.

De tijdens de uitvoering van het werk in het dagboek verrichte inschrijvingen worden ondertekend door de directie en medeondertekend door de aannemer of diens vertegenwoordiger. Bij betwisting door de aannemer maakt deze binnen 15 dagen na de dag van de inschrijving van de gegevens of de aantekeningen waarmede hij zich niet kan verenigen, zijn opmerkingen kenbaar aan de directie. Verzuimt de aannemer mede te ondertekenen of zijn opmerkingen binnen de gestelde termijn kenbaar te maken, dan wordt hij geacht akkoord te gaan met de in het dagboek voorkomende vermeldingen. De aannemer kan op elk ogenblik kennis nemen van het dagboek; hij mag dit document niet meenemen, doch heeft het recht een afschrift te maken of te ontvangen van de inschrijvingen die hij te zijner informatie meent nodig te hebben.

39.5.

De aannemer verschaft de directie op haar verzoek de voor het correct bijhouden van het dagboek dienstige gegevens.

Artikel 40

Kwaliteit van de werken en de materialen

40.1.

De werken, bestanddelen en materialen moeten overeenstemmen met de in de overeenkomst opgenomen specificaties, tekeningen, staten, modellen, monsters, mallen en overige vereisten, die gedurende de gehele uitvoeringstermijn voor identificatie ter beschikking van de opdrachtgever of de directie worden gehouden.

40.2.

Voor iedere voorafgaande technische keuring die in de bijzondere voorwaarden wordt voorgeschreven, dient de aannemer een verzoek tot de directie te richten. Dit verzoek behelst het referentienummer van de overeenkomst, en indien van toepassing het nummer van de partij en de plaats waar deze keuring dient te geschieden. De in het verzoek omschreven onderdelen en materialen moeten voorafgaand aan hun integratie in de werken door de directie in overeenstemming met de vereisten voor technische aanvaarding worden verklaard.

40.3.

Ook na een dergelijke technische goedkeuring van materialen of produkten die bestemd zijn om in de werken te worden geïntegreerd of bij de vervaardiging van bestanddelen te worden verwerkt, kunnen deze materialen en produkten alsnog worden afgekeurd en dienen zij onmiddellijk door de aannemer te worden vervangen wanneer bij een nieuw onderzoek gebreken of onvolkomenheden worden geconstateerd. De aannemer kan in de gelegenheid worden gesteld de afgekeurde materialen of produkten te herstellen en in goede staat te brengen, maar deze materialen en produkten zullen alleen voor integratie in de werken worden goedgekeurd als ze tot tevredenheid van de directie zijn hersteld en in goede staat zijn gebracht.

Artikel 41

Inspectie en proefnemingen

41.1.

De aannemer draagt er zorg voor dat de bestanddelen en materialen voldoende tijdig op de bouwplaats worden afgeleverd om de directie gelegenheid te geven voor de keuring van de bestanddelen en materialen. De aannemer wordt geacht zich volkomen rekenschap te hebben gegeven van de moeilijkheden die zich daarbij kunnen voordoen, en derhalve wordt hem niet toegestaan zich te beroepen op enige oorzaak voor vertraging in het nakomen van zijn verplichtingen.

41.2.

De directie heeft het recht om, hetzij zelf hetzij middels haar gemachtigde, de bestanddelen, de materialen en de werkuitvoering te inspecteren, aan onderzoeken, metingen en proefnemingen te onderwerpen, en om de gang van zaken te controleren bij de voorbereiding, de vervaardiging of de produktie van alles wat wordt voorbereid, vervaardigd of geproduceerd om krachtens de overeenkomst te worden geleverd, ten einde vast te stellen of de bestanddelen, materialen en uitvoering aan de eisen inzake kwaliteit en hoeveelheid voldoen. Dit gebeurt op de plaats van voorbereiding, vervaardiging of produktie, dan wel op de bouwplaats of op andere plaatsen die in de overeenkomst worden genoemd.

41.3.

De aannemer dient met het oog op deze proefnemingen en inspecties:

a) de directie tijdelijk en gratis de bijstand te verlenen, alsmede de monsters en proefstukken, de machines, het materieel, de werktuigen, de materialen en het personeel ter beschikking te stellen die normaal gesproken voor inspecties en proefnemingen nodig zijn;

b) tijdstip en plaats van de proefnemingen overeen te komen met de directie;

c) te allen redelijke tijde aan de directie toegang te verschaffen tot de plaats van de proefnemingen.

41.4.

Als de directie op de afgesproken dag voor de proefnemingen niet aanwezig is, kan de aannemer, tenzij de directie hem een andere instructie verstrekt, overgaan tot de uitvoering van de proefnemingen die worden geacht in aanwezigheid van de directie te zijn verricht. De aannemer doet terstond naar behoren gewaarmerkte afschriften van de resulaten toekomen aan de directie, die, als zij de proefneming niet heeft bijgewoond, door de proefnemingsresultaten is gebonden.

41.5.

Wanneer bestanddelen en materialen de in artikel 41 bedoelde proefnemingen met goed gevolg hebben doorstaan, stelt de directie de aannemer daarvan in kennis of ondertekent zij het desbetreffende attest van de aannemer.

41.6.

Als de directie en de aannemer het niet eens zijn over de resultaten der proefnemingen, geven zij elkaar binnen 15 dagen nadat het meningsverschil is gerezen, een verklaring van hun standpunt. Zowel de directie als de aannemer kunnen verlangen dat de proefnemingen onder dezelfde omstandigheden en op dezelfde voorwaarden worden herhaald of dat ze, indien een van de beide partijen zulks wenst, opnieuw worden uitgevoerd door een in gezamenlijk overleg uitgekozen deskundige. Alle verslagen over de proefnemingen worden ingediend bij de directie, die de resultaten onverwijld aan de aannemer doet toekomen. De resultaten van de herkeuring zijn beslissend. De kosten voor herkeuring komen ten laste van de partij wier ongelijk is gebleken uit het resultaat van de herkeuring.

41.7.

Bij haar taakuitoefening is de directie en zijn alle door haar gemachtigde personen gehouden informatie die bij de inspecties en proefnemingen ter zake van de produktiemethoden en de werkwijze van de onderneming is verkregen, uitsluitend ter kennis te brengen van degenen die bevoegd zijn daarvan kennis te nemen.

Artikel 42

Afkeuring

42.1.

Bestanddelen en materialen die niet de gespecificeerde kwaliteit bezitten, worden afgekeurd. Zij kunnen worden voorzien van een speciaal merk; dit mag niet van dien aard zijn dat de kwaliteit of de handelswaarde van de afgekeurde bestanddelen en materialen erdoor wordt aangetast. De afgekeurde bestanddelen en materialen dienen binnen de door de directie te preciseren termijn door de aannemer van de bouwplaats te worden verwijderd; blijft de aannemer daarbij in gebreke, dan worden zij rechtens op kosten en voor risico van de aannemer door de directie verwijderd. Ieder werk waarin afgekeurde bestanddelen of materialen zijn verwerkt, wordt afgekeurd.

42.2.

De directie kan tijdens de uitvoering van het werk en voordat het in bezit wordt genomen, opdracht geven of besluiten dat

a) de bestanddelen of materialen die haars inziens niet in overeenstemming zijn met de overeenkomst, binnen de in de opdracht genoemde termijnen van de bouwplaats worden verwijderd;

b) deze bestanddelen of materialen door geschikte bestanddelen of materialen worden vervangen;

c) werk dat haars inziens ten aanzien van bestanddelen, materialen, uitvoering of ontwerp waarvoor de aannemer verantwoordelijk is, niet strookt met de overeenkomst, wordt afgebroken en op de juiste wijze opnieuw wordt uitgevoerd, dan wel op bevredigende wijze hersteld, ongeacht of het eerder is gekeurd of dat er een termijnbetaling voor is verricht.

42.3.

De directie stelt de aannemer zo spoedig als redelijkerwijs mogelijk is, schriftelijk in kennis van dit besluit, waarbij nauwkeurig opgave wordt gedaan van de geconstateerde gebreken.

42.4.

De aannemer herstelt op eigen kosten met bekwame spoed de aldus gespecificeerde gebreken. Indien de aannemer geen gehoor geeft aan de opdracht, is de opdrachtgever gerechtigd andere personen in dienst te nemen om de werkzaamheden uit te voeren; alle onkosten die hieruit voortvloeien of die hiervoor worden gemaakt, mogen door de opdrachtgever in mindering worden gebracht op bedragen die aan de aannemer verschuldigd zijn of zullen worden.

42.5.

De bepalingen van artikel 42 doen geen afbreuk aan het recht van de opdrachtgever om op grond van de artikelen 36 en 63 vorderingen in te dienen.

Artikel 43

Eigendom van bouwstoffen en materialen

43.1.

Alle door de aannemer verstrekte materieel, hulpwerken, bouwstoffen en materialen worden, wanneer zij eenmaal op de bouwplaats zijn binnengebracht, geacht uitsluitend bestemd te zijn voor de uitvoering van het werk en mogen zonder schriftelijke toestemming van de directie niet geheel of gedeeltelijk door de aannemer worden verwijderd, behalve om ze van het ene gedeelte van de bouwplaats naar het andere te brengen. Genoemde toestemming is evenwel niet vereist voor voertuigen die leidinggevend en uitvoerend personeel, materieel, hulpwerken, bestanddelen of materialen van of naar de bouwplaats vervoeren.

43.2.

In de bijzondere voorwaarden kan worden bepaald dat alle materieel, hulpwerken, bouwstoffen en materialen op de bouwplaats die eigendom zijn van de aannemer of van een firma waarin de aannemer een meerderheidsbelang heeft, voor de duur van de uitvoering van de werken:

a) in eigendom aan de opdrachtgever worden overgedragen; of

b) aan een retentierecht ten gunste van de opdrachtgever worden onderworpen; of

c) aan eender welke andere regeling betreffende voorrang of zekerheid worden onderworpen.

43.3.

Wanneer de overeenkomst overeenkomstig artikel 63 ingevolge contractbreuk van de aannemer wordt beëindigd, heeft de opdrachtgever het recht materieel, hulpwerken, bestanddelen en materialen op de bouwplaats te gebruiken ten einde de werken te voltooien.

43.4.

Ieder contract van de aannemer voor de huur van op de bouwplaats binnengebracht materieel, hulpwerken, bestanddelen of materialen bevat een bepaling krachtens welke de eigenaar daarvan, ingevolge een schriftelijk verzoek van de opdrachtgever binnen zeven dagen na de datum waarop de beëindiging overeenkomstig artikel 64 ingaat en ingevolge de verbintenis van de opdrachtgever om vanaf die datum alle daarvoor verschuldigde huur te betalen, zich ertoe verbindt het betrokken materieel en de betrokken bestanddelen, hulpwerken of materialen aan de opdrachtgever te verhuren op dezelfde voorwaarden als waarop zij aan de aannemer waren verhuurd, met dien verstande dat de opdrachtgever gerechtigd is iedere andere door hem in dienst genomen aannemer het gebruik ervan toe te staan met het oog op de voltooiing van het werk overeenkomstig artikel 64.3.

43.5.

In geval van beëindiging van de overeenkomst vóór de voltooiing van het werk, dient de aannemer alle bouwstoffen, hulpwerken, materieel of materialen die krachtens artikel 43.2 eigendom van de opdrachtgever zijn geworden dan wel aan een retentierecht zijn onderworpen, aan de opdrachtgever af te staan. Blijft de aannemer in gebreke, dan kan de opdrachtgever de door hem noodzakelijk geachte maatregelen nemen om in het bezit te komen van de bouwstoffen, hulpwerken, materieel, bestanddelen en materialen en de daarmee verband houdende kosten op de aannemer verhalen.

BETALING

Artikel 44

Algemeen

44.1.

Betalingen worden in de nationale valuta verricht, tenzij in de overeenkomst anders is bepaald.

44.2.

De administratieve of technische bepalingen voor de betaling van voorschotten, termijnbetalingen en/of eindafrekeningen overeenkomstig de artikelen 45 tot en met 56, worden vastgesteld in de bijzondere voorwaarden.

Artikel 45

Overeenkomsten op basis van voorlopige prijzen

45.1.

In uitzonderlijke gevallen, wanneer een overeenkomst op basis van voorlopige prijzen wordt gegund, worden de uit hoofde van de overeenkomst te betalen bedragen als volgt berekend:

a) zoals voor overeenkomsten op basis van kostprijs-plus in artikel 49.1, onder c); of

b) eerst op basis van voorlopige prijzen en, wanneer de uitvoeringsvoorwaarden van de overeenkomst bekend zijn, zoals voor overeenkomsten tegen een vast totaalbedrag of tegen eenheidsprijs volgens artikel 49.1, respectievelijk onder a) en onder b), of zoals voor een gemengde overeenkomst.

45.2.

De aannemer dient de opdrachtgever of de directie alle inlichtingen te verschaffen die deze redelijkerwijs ten aanzien van met de overeenkomst verband houdende zaken in verband met de berekening kunnen verlangen. Wanneer geen overeenstemming kan worden bereikt over de bepaling van de waarde van de werken, worden de te betalen bedragen bepaald door de directie.

Artikel 46

Voorschotten

46.1.

Indien de bijzondere voorwaarden hierin voorzien, worden aan de aannemer op zijn verzoek voor verrichtingen in verband met de uitvoering van de werken in de volgende gevallen voorschotten toegekend:

a) een vast bedrag ter dekking van uitgaven welke uit het op gang brengen van de uitvoering der overeenkomst voortvloeien;

b) indien hij aantoont dat hij een koopcontract heeft gesloten of een bestelling geplaatst voor de levering van materialen, bouwstoffen, materieel, machines en werktuigen enz. die nodig zijn voor de uitvoering van de overeenkomst, alsmede andere belangrijke uitgaven vooraf heeft gedaan, zoals voor de verwerving van octrooien of de kosten van studies.

46.2.

In de bijzondere voorwaarden wordt het bedrag van de voorschotten vastgesteld; het vaste voorschot overeenkomstig artikel 46.1, onder a), mag niet meer bedragen dan 10 % van de oorspronkelijke aannemingssom, en elk ander voorschot overeenkomstig artikel 46.1, onder b), niet meer dan 20 % daarvan.

46.3.

Voorschotten worden pas verstrekt nadat:

a) de overeenkomst is gesloten;

b) de aannemer de uitvoeringsgarantie overeenkomstig artikel 15 aan de opdrachtgever heeft verstrekt;

c) de aannemer aan de opdrachtgever voor het volledige bedrag van het voorschot een afzonderlijke afroepgarantie van de in artikel 15.3 genoemde instellingen heeft gegeven, die van kracht blijft totdat de aannemer het volledige voorschot heeft afgelost via de in de overeenkomst genoemde termijnbetalingen.

46.4.

De aannemer gebruikt het voorschot alleen voor verrichtingen in verband met de uitvoering van de werken. Indien de aannemer misbruik maakt van een gedeelte van het voorschot, dient hij het voorschot onmiddellijk terug te betalen en worden er verder geen voorschotten meer aan hem betaald.

46.5.

Indien de voorschotgarantie niet meer geldig is en de aannemer verzuimt deze weer te doen gelden, kan de opdrachtgever hetzij een bedrag ter grootte van het voorschot inhouden op latere betalingen die krachtens de overeenkomst aan de aannemer verschuldigd zijn, hetzij artikel 15.6 toepassen.

46.6.

In geval van beëindiging van de overeenkomst, ongeacht de oorzaak daarvan, kunnen de garanties tot zekerstelling van de voorschotten onmiddellijk worden ingeroepen met het oog op terugbetaling van het nog door de aannemer verschuldigde saldo van de voorschotten, zonder dat de borg de betaling ervan op welke gronden dan ook kan uitstellen of betwisten.

46.7.

De in artikel 46 bedoelde voorschotgarantie wordt vrijgegeven naarmate de voorschotten worden teruggestort.

46.8.

De nadere voorwaarden en procedures voor de toekenning en terugbetaling van voorschotten worden omschreven in de bijzondere voorwaarden.

Artikel 47

Inhoudingen

47.1.

Het bedrag dat op de termijnbetalingen wordt ingehouden als zekerheid voor de verplichtingen van de aannemer gedurende de onderhoudstermijn, alsmede de nauwkeurige voorschriften waaraan deze zekerheid moet voldoen, worden in de bijzondere voorwaarden vastgesteld; dit bedrag mag echter in geen geval hoger zijn dan 10 % van de aannemingssom.

47.2.

Uiterlijk tot de aanvang van de werken en met instemming van de opdrachtgever kan de aannemer de inhoudingen desgewenst vervangen door een inhoudingsgarantie die wordt verstrekt overeenkomstig artikel 15.3.

47.3.

De inhoudingen of de inhoudingsgarantie worden vrijgegeven binnen 90 dagen na de datum van eindoplevering van de werken.

Artikel 48

Prijsherziening

48.1.

Behoudens andersluidende bepalingen in de bijzondere voorwaarden en behoudens artikel 48.4, is de overeenkomst een overeenkomst met vaste prijzen die niet voor herziening vatbaar zijn.

48.2.

Bij overeenkomsten met voor herziening vatbare prijzen wordt bij de prijsherziening rekening gehouden met schommelingen in de prijzen voor belangrijke lokale of externe posten die als grondslag dienden voor de berekening van de inschrijvingssom, zoals arbeidslonen, diensten, materialen en leveringen, alsmede met de uit wettelijke bepalingen of regelingen voortvloeiende lasten. De nadere voorschriften voor de herziening worden in de bijzondere voorwaarden vastgelegd.

48.3.

De in de inschrijving van de aannemer vermelde prijzen worden geacht

a) te zijn opgemaakt op grond van de omstandigheden die golden 30 dagen voor de uiterste datum voor indiening van de inschrijvingen of, in geval van onderhandse overeenkomsten, op de datum van de overeenkomst;

b) rekening te houden met de wetten en relevante belastingvoorschriften die van toepassing waren op de overeenkomstig artikel 48.3, onder a), bepaalde referentiedatum.

48.4.

Wanneer na de in artikel 48.3 beoogde datum een wet, verordening, decreet of andere wettelijke regeling van een staat of deelstaat, dan wel een regeling of beschikking van een plaatselijke of andere overheidsinstantie wordt gewijzigd of in werking treedt, met als gevolg dat er een wijziging optreedt in de contractuele relatie tussen de partijen bij de overeenkomst, plegen de opdrachtgever en de aannemer overleg over de wijze waarop verder krachtens de overeenkomst te werk moet worden gegaan; ingevolge dat overleg kunnen zij besluiten:

a) dat de overeenkomst wordt gewijzigd; of

b) dat de ene partij aan de andere een vergoeding voor het ontstane nadeel betaalt; of

c) dat de overeenkomst in onderlinge overeenstemming wordt beëindigd.

48.5.

In geval van vertraging bij de uitvoering van het werk waarvoor de aannemer verantwoordelijk is, of aan het eind van de uitvoeringstermijn, die in voorkomend geval conform de overeenkomst is gewijzigd, worden de prijzen in de 30 dagen vóór de voorlopige oplevering niet meer herzien, behoudens toepassing van een nieuwe prijsindexering, indien zulks in het voordeel van de opdrachtgever is.

Artikel 49

Meting

49.1.

Bij de bepaling van de waarde van overeenkomsten voor werken zijn de volgende methoden van toepassing:

a) Voor overeenkomsten tegen een vast totaalbedrag wordt het krachtens de overeenkomst verschuldigde bedrag bepaald op grond van de specificatie van de totale aannemingssom, dan wel op grond van een specificatie, uitgedrukt in percentages van de aannemingssom die overeenkomen met de voltooide fases van de werken. Wanneer voor posten hoeveelheden worden vermeld, zijn dit vaste hoeveelheden waarvoor de aannemer een totaalbedrag heeft ingediend, en die worden betaald ongeacht de hoeveelheden werk die werkelijk zijn uitgevoerd.

b) Voor overeenkomsten tegen eenheidsprijs:

i) het krachtens de overeenkomst verschuldigde bedrag wordt berekend door de eenheidstarieven toe te passen op de hoeveelheden werk die in overeenstemming met de overeenkomst werkelijk voor de respectieve posten zijn uitgevoerd;

iii) de in het becijferde bestek vermelde hoeveelheden zijn de voor de werken geraamde hoeveelheden die echter niet worden beschouwd als de werkelijke en correcte hoeveelheden werk die de aannemer moet uitvoeren om aan zijn verplichtingen uit hoofde van de overeenkomst te voldoen;

iii) de directie bepaalt door meting de feitelijke hoeveelheden van de door de aannemer uitgevoerde werken, welke overeenkomstig artikel 50 worden betaald. Tenzij in de bijzondere voorwaarden anders is bepaald, worden er geen hoeveelheden aan de posten in het becijferde bestek toegevoegd behoudens ten gevolge van een wijziging overeenkomstig artikel 37 of van een andere bepaling in de overeenkomst die de aannemer het recht op bijbetaling geeft;

iv) indien de directie van oordeel is dat bepaalde onderdelen van de werken moeten worden gemeten, stelt zij de aannemer hiervan tijdig in kennis zodat hij de meting bij kan wonen of een gemachtigde kan sturen die hem vertegenwoordigt. De aannemer of zijn gemachtigde staat de directie bij de meting bij en verstrekt alle door de directie verlangde gegevens. Indien de aannemer de meting niet bijwoont of nalaat een gemachtigde te sturen, is de door de directie verrichte of goedgekeurde meting verbindend voor de aannemer;

iv) het werk wordt netto gemeten, ongeacht algemene of plaatselijke gebruiken, tenzij in de overeenkomst anders is bepaald.

c) Voor overeenkomsten op basis van kostprijs-plus wordt het krachtens de overeenkomst verschuldigde bedrag bepaald op grond van de werkelijke kosten met een overeengekomen bijbetaling voor algemene kosten en winst. In de bijzondere voorwaarden wordt bepaald welke gegevens de aannemer in verband met artikel 49.1, onder c), aan de directie dient te verstrekken en op welke wijze.

49.2.

Indien een post in de overeenkomst is aangeduid als "stelpost", wordt de voorziening daarvoor niet in aanmerking genomen bij de berekening van de percentages als bedoeld in artikel 37.

Artikel 50

Termijnbetalingen

50.1.

Tenzij anders bepaald in de bijzondere voorwaarden dient de aannemer, aan het eind van iedere in artikel 50.7 bedoelde periode en in een door de directie goedgekeurde vorm, bij de directie een verzoek tot termijnbetaling in. Naar gelang van het geval bevat dit verzoek de volgende gegevens:

a) de volgens de overeenkomst geraamde waarde van de duurzame werken die aan het eind van de betrokken periode zijn uitgevoerd;

b) een bedrag dat een eventuele prijsherziening krachtens artikel 48 weergeeft;

c) een bedrag dat moet worden ingehouden overeenkomstig artikel 47;

d) debiteringen/crediteringen met betrekking tot de betrokken periode ten aanzien van op de bouwplaats aanwezige bouwstoffen en materialen die bestemd zijn voor, maar nog niet geïntegreerd zijn in de duurzame werken, ter hoogte van het bedrag en onder de voorwaarden neergelegd in artikel 50.2;

e) een bedrag dat overeenkomstig artikel 46 bij wijze van aflossing van het voorschot moet worden afgetrokken;

f) alle andere bedragen waarop de aannemer krachtens de overeenkomst recht kan doen gelden.

50.2.

De aannemer heeft recht op de bedragen die de directie passend acht met betrekking tot bouwstoffen en materialen die bestemd zijn voor, maar nog niet in de duurzame werken zijn geïntegreerd, mits:

a) de bouwstoffen en materialen beantwoorden aan de specificaties voor de duurzame werken en zodanig in partijen zijn gesorteerd dat zij door de directie kunnen worden herkend;

b) de bouwstoffen en materialen op de bouwplaats zijn aangevoerd, en ten genoegen van de directie naar behoren zijn opgeslagen en beveiligd tegen verlies, beschadiging of kwaliteitsvermindering;

c) het overzicht van de aannemer inzake de behoeften, de bestellingen, de ontvangst en het gebruik van de bouwstoffen en materialen krachtens de overeenkomst wordt bijgehouden in een door de directie goedgekeurde vorm, en door de directie kan worden geverifieerd;

d) de aannemer, te zamen met zijn declaratie, een raming van de waarde van de op de bouwplaats aanwezige bouwstoffen en materialen indient, alsmede alle bescheiden die de directie nodig kan hebben voor de waardebepaling van de bouwstoffen en de materialen en waaruit blijkt dat de aannemer daarvan eigenaar is en ervoor heeft betaald; en mits

e) indien zulks in de bijzondere voorwaarden is bepaald, de eigendom van die bouwstoffen en materialen wordt geacht aan de opdrachtgever te zijn overgedragen.

50.3.

Wanneer de directie ingevolge artikel 50 door haar gefiatteerde termijnbetalingen met betrekking tot bouwstoffen en materialen goedkeurt, doet dat geen afbreuk aan het recht dat de directie krachtens de overeenkomst heeft om bouwstoffen en materialen die niet aan de overeenkomst voldoen, af te keuren.

50.4.

De aannemer is aansprakelijk voor verlies, beschadiging en de kosten van opslag en verplaatsing van bedoelde bouwstoffen en materialen op de bouwplaats en dient de nodige aanvullende verzekeringen af te sluiten ter dekking van risico's in verband met verlies of beschadiging, ongeacht de oorzaak.

50.5.

Binnen 30 dagen na ontvangst van het verzoek om termijnbetaling wordt dit goedgekeurd of zodanig gewijzigd dat het volgens de directie het bedrag weergeeft waarop de aannemer krachtens de overeenkomst recht heeft. Bij verschil van mening over de waarde van een post is het oordeel van de directie doorslaggevend. Na vaststelling van het aan de aannemer verschuldigde bedrag verstrekt de directie de opdrachtgever en de aannemer een termijnbetalingscertificaat voor het aan de aannemer verschuldigde bedrag en deelt zij de aannemer mede voor welke werkzaamheden betaling plaatsvindt.

50.6.

De directie mag via een termijnbetalingscertificaat correcties of wijzigingen aanbrengen in alle eerder door haar afgegeven certificaten en is gemachtigd de waardebepaling van een termijnbetalingscertificaat te wijzigen of de afgifte van een certificaat te weigeren indien de werken of onderdelen daarvan niet tot haar genoegen zijn uitgevoerd.

50.7.

Behoudens andersluidende bepalingen in de bijzondere voorwaarden vindt er één termijnbetaling per maand plaats.

Artikel 51

Eindafrekening

51.1.

Uiterlijk 90 dagen na afgifte van het in artikel 62 genoemde eindopleveringscertificaat dient de aannemer bij de directie een ontwerp-eindafrekening in, samen met bewijsstukken waarin op gedetailleerde wijze de waarde van de krachtens de overeenkomst uitgevoerde werken, alsmede alle andere bedragen waarop de aannemer in het kader van de overeenkomst recht meent te hebben, zijn aangegeven, ten einde de directie in staat te stellen de eindafrekening op te maken. Overeenkomstig artikel 51.6 kan evenwel in de bijzondere voorwaarden worden bepaald dat de ontwerp-eindafrekening en de daarmee samenhangende procedures vóór de afgifte van het certificaat van voorlopige oplevering afgehandeld moeten worden.

51.2.

Binnen 90 dagen na ontvangst van de ontwerp-eindafrekening en van alle gegevens die redelijkerwijs voor de controle ervan nodig zijn, stelt de directie de eindafrekening op met de volgende bedragen:

a) het bedrag dat volgens haar krachtens de overeenkomst uiteindelijk verschuldigd is; en

b) na vaststelling van de reeds verrichte betalingen en van alle bedragen waarop de opdrachtgever krachtens de overeenkomst recht heeft, het eventuele saldo dat de opdrachtgever aan de aannemer verschuldigd is, of dat de aannemer aan de opdrachtgever verschuldigd is, naar gelang van het geval.

51.3.

De directie verstrekt de opdrachtgever of diens naar behoren gemachtigde vertegenwoordiger en de aannemer de eindafrekening met het definitieve bedrag waarop de aannemer krachtens de overeenkomst recht heeft. De opdrachtgever of diens naar behoren gemachtigde vertegenwoordiger en de aannemer ondertekenen de eindafrekening waardoor zij de gehele en definitieve waarde erkennen van het werk dat krachtens de overeenkomst is uitgevoerd en zij sturen de directie onmiddellijk een ondertekend exemplaar. De eindafrekening bevat evenwel geen betwiste bedragen die het voorwerp zijn van onderhandelingen, bemiddeling, arbitrage of beslechting.

51.4.

De door de aannemer ondertekende eindafrekening vormt een schriftelijke kwijting aan de opdrachtgever, ter bevestiging dat het in de eindafrekening vermelde bedrag de gehele en definitieve vereffening is van alle bedragen die aan de aannemer uit hoofde van de overeenkomst verschuldigd zijn, behalve die bedragen die het voorwerp zijn van een minnelijke schikking, arbitrage of beslechting. Deze kwijting is echter pas effectief na betaling van bedragen die verschuldigd zijn op grond van de eindafrekening en nadat de in artikel 15 vermelde uitvoeringsgarantie aan de aannemer is gerestitueerd.

51.5.

De opdrachtgever kan door de aannemer niet aansprakelijk worden gesteld voor welke kwesties dan ook die voortvloeien uit of verband houden met de overeenkomst of de uitvoering van de werken, tenzij de aannemer dienaangaande aanspraken in zijn ontwerp-eindafrekening heeft gemaakt.

51.6.

Gelet op de gebruiken in de Staat van de opdrachtgever kan in de bijzondere voorwaarden worden afgeweken van artikel 51.

Artikel 52

Rechtstreekse betalingen aan onderaannemers

52.1.

Wanneer een naar behoren overeenkomstig artikel 7 aanvaarde onderaannemer bij de directie een vordering indient waarin hij stelt dat de aannemer niet heeft voldaan aan zijn financiële verplichtingen jegens hem, maant de directie de aannemer aan om deze onderaannemer te betalen of hem schriftelijk de redenen op te geven waarom geen betaling dient plaats te vinden. Blijft betaling of een schriftelijke opgave van redenen binnen de in de aanmaning gestelde termijn achterwege, dan kan de directie, na zich ervan te hebben overtuigd dat het werk is uitgevoerd, de schuldvordering van de onderaannemer fiatteren en betaalt de opdrachtgever deze schuldvordering uit de nog aan de aannemer verschuldigde bedragen. De aannemer blijft geheel verantwoordelijk voor het rechtstreeks betaalde werk.

52.2.

Toont de aannemer aan dat hij voldoende redenen heeft om de schuldvordering van de onderaannemer geheel of gedeeltelijk te weigeren, dan betaalt de opdrachtgever de onderaannemer slechts de bedragen waarover geen betwisting bestaat. De door de onderaannemer gevorderde bedragen waarvoor de aannemer voldoende weigeringsgronden heeft aangevoerd, worden pas door de opdrachtgever betaald na een minnelijke schikking tussen de partijen, na de uitspraak van een arbitrage-instantie of na een naar behoren aan de directie betekende gerechtelijke beslissing.

52.3.

De rechtstreekse betalingen aan onderaannemers mogen de tegen de prijzen van de overeenkomst berekende waarde van de door hen verrichte werkzaamheden waarvoor zij betaling verlangen, niet overschrijden; deze waarde wordt berekend of beoordeeld op grond van het becijferde bestek, de staat van eenheidsprijzen, of de specificatie van het totaalbedrag.

52.4.

De rechtstreekse betalingen aan onderaannemers geschieden geheel in de nationale valuta van het land waarin de overeenkomst wordt uitgevoerd, of deels in deze nationale valuta en deels in vreemde valuta, conform de overeenkomst.

52.5.

De in vreemde valuta verrichte rechtstreekse betalingen aan de onderaannemers worden berekend overeenkomstig artikel 56. Deze betalingen kunnen geen verhoging tot gevolg hebben van de totale som die conform de overeenkomst in vreemde valuta betaalbaar is.

52.6.

Artikel 52 is van toepassing onverminderd de krachtens artikel 54 geldende rechtsvoorschriften betreffende het recht op betaling van schuldeisers op grond van cessie of verpanding.

Artikel 53

Achterstallige betalingen

53.1.

De bedragen die verschuldigd zijn op grond van de door de directie afgegeven termijnbetalingscertificaten en eindafrekening, worden door de opdrachtgever aan de aannemer uitbetaald binnen 90 dagen nadat dit certificaat of deze afrekening bij de opdrachtgever is ingekomen. Bij overschrijding van de betalingstermijn heeft de aannemer recht op rente, berekend naar het aantal dagen vertraging en tegen het in de bijzondere voorwaarden vastgestelde percentage, over een eveneens in de bijzondere voorwaarden vermelde maximumperiode. De aannemer heeft, onverminderd alle andere rechten en verhaalmiddelen krachtens de overeenkomst, recht op betaling van die rente. Wat de eindafrekening betreft, wordt de rente voor de achterstallige betaling op dagbasis berekend tegen het in de bijzondere voorwaarden vastgestelde percentage.

53.2.

Is meer dan 120 dagen na het verstrijken van de in artikel 53.1 vastgestelde termijn geen betaling geschied, dan ontstaat voor de aannemer het recht om de overeenkomst niet uit te voeren of te beëindigen.

Artikel 54

Betaling aan derden

54.1.

Opdrachten tot betaling aan derden kunnen slechts worden uitgevoerd na een cessie overeenkomstig artikel 6. De cessie wordt ter kennis van de opdrachtgever gebracht.

54.2.

Kennisgeving van cessionarissen geschiedt uitsluitend door de aannemer.

54.3.

Onverminderd de in artikel 53 genoemde termijn beschikt de opdrachtgever, in geval van rechtsgeldige derdenbeslag op het eigendom van de aannemer, dat betrekking heeft op aan hem verschuldigde betalingen uit hoofde van de overeenkomst, over 30 dagen om de betalingen aan de aannemer te hervatten; deze termijn gaat in op de dag waarop hij kennisgeving ontvangt van de definitieve opheffing van het beletsel tot betaling.

Artikel 55

Aanspraak op bijbetaling

55.1.

Indien de aannemer van oordeel is dat er conform de overeenkomst omstandigheden zijn op grond waarvan hij aanspraak kan maken op bijbetalingen, moet hij:

a) indien hij het voornemen heeft aanspraak op bijbetalingen te maken, de directie daarvan in kennis stellen of deze aanspraken maken binnen 15 dagen nadat hij kennis heeft gekregen van genoemde omstandigheden, en dient hij zijn aanspraak te motiveren; en

b) zodra redelijkerwijs mogelijk is na het tijdstip van die kennisgeving, doch uiterlijk 60 dagen nadien, tenzij anderszins door de directie aanvaard, een volledige en gedetailleerde motivering van zijn aanspraak aan de directie voorleggen. Deze gegevens mogen echter in geen geval worden ingediend na de datum van indiening van de ontwerp-eindafrekening. De aannemer verstrekt de directie nadien onverwijld alle verdere informatie die deze redelijkerwijs kan verlangen om de gegrondheid van de aanspraak na te gaan.

55.2.

Wanneer de directie de verlangde volledige en gedetailleerde motivering van de aanspraak van de aannemer heeft ontvangen, gaat zij, onverlet artikel 21.4, na gepast overleg met de opdrachtgever en, in voorkomend geval, met de aannemer na of deze laatste recht heeft op bijbetaling en stelt zij de partijen hiervan in kennis.

55.3.

De directie kan de aanspraak op bijbetaling afwijzen, als deze niet voldoet aan de vereisten van artikel 55.

Artikel 56

Betalingen in vreemde valuta

Indien de aannemer krachtens de overeenkomst recht heeft op betalingen in vreemde valuta, zijn de omrekeningskoersen voor de betalingen die welke door de centrale bank van de Staat van de opdrachtgever zijn vastgesteld 30 dagen vóór de uiterste datum voor de indiening van de inschrijvingen voor de opdracht. Die omrekeningskoersen zijn vast.

OPLEVERING EN ONDERHOUD

Artikel 57

Algemene bepalingen

57.1.

De opneming van het werk door de directie met het oog op de voorlopige oplevering of de eindoplevering geschiedt in aanwezigheid van de aannemer. Diens afwezigheid vormt geen beletsel voor de opneming, mits hij ten minste 30 dagen vóór de opnemingsdatum naar behoren is opgeroepen.

57.2.

Indien buitengewone omstandigheden de vaststelling van de toestand van het werk of het op andere wijze overgaan tot aanvaarding daarvan gedurende de voor de voorlopige of de eindoplevering vastgestelde termijn beletten, dan wordt dit na overleg, indien mogelijk, met de aannemer bij proces-verbaal door de directie vastgesteld. Binnen 30 dagen na de dag waarop het beletsel is weggevallen vindt de opneming plaats en wordt door de directie een proces-verbaal van goedkeuring of afwijzing opgemaakt. De aannemer mag zich niet op bedoelde omstandigheden beroepen om zich te onttrekken aan de verplichting het werk in een geschikte staat van oplevering aan te bieden.

Artikel 58

Keuring bij voltooiing van het werk

58.1.

De werken worden slechts als opgeleverd beschouwd na op kosten van de aannemer op de voorgeschreven wijze te zijn opgenomen en beproefd. De aannemer stelt de directie in kennis van de datum waarop deze opneming en proefnemingen kunnen beginnen.

58.2.

De werken die niet voldoen aan de voorwaarden en bepalingen van de overeenkomst of, bij gebreke van voorwaarden en bepalingen, niet zijn uitgevoerd volgens de gebruiken van goed vakmanschap van de Staat waar de werken zijn gelegen, worden desgewenst door de aannemer gesloopt en opnieuw uitgevoerd of ten genoegen van de directie hersteld; doet de aannemer dit niet, dan geschiedt zulks rechtens na voorafgaande kennisgeving in opdracht van de directie op kosten van de aannemer. De directie kan onder dezelfde omstandigheden ook de sloop en wederuitvoering door de aannemer, dan wel de herstelling ten genoegen van de directie eisen van werken waarin materialen zijn verwerkt die niet kunnen worden goedgekeurd, alsmede van werken die zijn uitgevoerd in een periode waarin de werkzaamheden waren geschorst overeenkomstig artikel 38.

Artikel 59

Gedeeltelijke oplevering

59.1.

De opdrachtgever kan over de verschillende werken, gedeelten of onderdelen van werken die deel uitmaken van de overeenkomst beschikken naarmate zij gereed komen. Iedere inbezitneming van werken, delen of onderdelen van werken door de opdrachtgever wordt voorafgegaan door een voorlopige gedeeltelijke oplevering. In spoedeisende gevallen kan de inbezitneming echter vóór de oplevering plaatsvinden, mits vooraf door de directie een beschrijving van het nog uit te voeren werk wordt opgemaakt, die door de aannemer en de directie wordt goedgekeurd. Zodra de opdrachtgever de werken, een gedeelte of onderdeel daarvan in bezit heeft genomen, is de aannemer niet meer gehouden schade te herstellen, behalve wanneer deze het gevolg is van constructiefouten of onvoldoende vakmanschap.

59.2.

Indien de aard van het werk zich hiertoe leent, kan de directie op verzoek van de aannemer akkoord gaan met gedeeltelijke voorlopige oplevering, mits de werken, gedeelten of onderdelen daarvan voltooid en geschikt zijn voor het in de overeenkomst omschreven gebruik.

59.3.

Bij voorlopige gedeeltelijke oplevering als bedoeld in artikel 59.1 en 59.2, gaat de in artikel 62 vermelde onderhoudstermijn in op de datum van deze voorlopige gedeeltelijke oplevering, behoudens andersluidende bepalingen in de bijzondere voorwaarden.

Artikel 60

Voorlopige oplevering

60.1.

Het werk wordt door de opdrachtgever in bezit genomen wanneer het de bij voltooiing van het werk verrichte proefnemingen met bevredigend resultaat heeft doorstaan en wanneer een certificaat van voorlopige oplevering is afgegeven of geacht wordt te zijn afgegeven.

60.2.

Ten vroegste 15 dagen voordat het werk naar het oordeel van de aannemer voltooid zal zijn en ter voorlopige oplevering gereed komt, kan de aannemer de directie schriftelijk om een certificaat van voorlopige oplevering verzoeken. Binnen 30 dagen na ontvangst van het verzoek van de aannemer dient de directie:

a) het certificaat van voorlopige oplevering aan de aannemer te doen toekomen, met een afschrift aan de opdrachtgever; daarin vermeldt zij, in voorkomend geval, haar voorbehoud, en onder andere de datum waarop het werk volgens haar conform de overeenkomst was voltooid en ter voorlopige oplevering gereed is gekomen; of wel

b) het verzoek af te wijzen en daarbij aan te geven welke actie de aannemer volgens haar moet ondernemen om het certificaat te ontvangen.

60.3.

Indien de directie binnen 30 dagen geen certificaat van voorlopige oplevering verstrekt of het verzoek van de aannemer binnen die termijn niet afwijst, wordt ervan uitgegaan dat zij het certificaat heeft verstrekt op de laatste dag van die termijn. Het certificaat van voorlopige oplevering wordt niet beschouwd als een erkenning dat het werk in alle opzichten voltooid is. Indien het werk bij de overeenkomst in onderdelen is uitgesplitst, heeft de aannemer het recht om voor elk onderdeel een apart certificaat aan te vragen.

60.4.

Bij de voorlopige oplevering sloopt en verwijdert de aannemer de hulpwerken alsmede de materialen die niet meer nodig zijn voor de uitvoering van de overeenkomst. Bovendien verwijdert hij alle afval en obstakels en herstelt hij elke door de overeenkomst vereiste verandering in het terrein.

60.5.

Onmiddellijk na de voorlopige oplevering kan de opdrachtgever alle werken als voltooid in gebruik nemen.

Artikel 61

Onderhoudsverplichtingen

61.1.

De aannemer is verantwoordelijk voor het verhelpen of herstellen van gebreken of schade aan onderdelen van het werk, die tijdens de onderhoudstermijn of binnen 30 dagen na het verstrijken hiervan aan de dag treden of ontstaan en het gevolg zijn van:

a) verwerking van gebrekkige bouwstoffen of materialen of onvoldoende vakmanschap of een ondeugdelijk ontwerp van de aannemer; en/of

b) handelingen of nalatigheden van de aannemer gedurende de onderhoudstermijn.

61.2.

Zo spoedig als mogelijk is, verhelpt of herstelt de aannemer voor eigen rekening de gebreken of schade. Voor alle vervangingen of vernieuwingen herbegint de onderhoudstermijn vanaf de datum waarop de vervanging of de vernieuwing tot genoegen van de directie is geschied. Indien de overeenkomst voorziet in gedeeltelijke oplevering, wordt de onderhoudstermijn alleen verlengd voor het onderdeel van de werken dat door de vervanging of vernieuwing is betroffen.

61.3.

Indien dergelijke gebreken aan de dag treden of dergelijke schade ontstaat tijdens de in artikel 61.1 genoemde termijn, stelt de opdrachtgever of de directie de aannemer daarvan in kennis. Indien de aannemer de gebreken of schade niet binnen de in de kennisgeving gestelde termijn verhelpt of herstelt, kan de opdrachtgever:

a) het werk zelf uitvoeren of iemand anders in dienst nemen om het werk op risico en voor rekening van de aannemer te laten uitvoeren, waarbij de door de opdrachtgever gemaakte kosten worden afgetrokken van de bedragen verschuldigd aan of van de garanties gesteld door de aannemer, of van beide; of

b) de overeenkomst beëindigen.

61.4.

Indien de gebreken of schade zodanig zijn dat de opdrachtgever het genot van het geheel of van een deel van de werken in belangrijke mate wordt ontzegd, kan de opdrachtgever, onverlet ieder ander rechtsmiddel, terugbetaling eisen van alle bedragen die voor de betrokken onderdelen van het werk zijn betaald, alsmede van de kosten voor het slopen van die onderdelen en het opruimen van de bouwplaats.

61.5.

In spoedgevallen, wanneer de aannemer niet onmiddellijk kan worden bereikt of, als hij wel bereikt is, niet de vereiste maatregelen kan treffen, kunnen de opdrachtgever of de directie het werk laten uitvoeren op kosten van de aannemer. De opdrachtgever of de directie stellen de aannemer zo spoedig mogelijk in kennis van de genomen stappen.

61.6.

Indien in de bijzondere voorwaarden is bepaald dat de wegens normale slijtage noodzakelijke onderhoudswerkzaamheden door de aannemer worden uitgevoerd, worden de desbetreffende werkzaamheden betaald uit een voorlopig bedrag. Beschadigingen als gevolg van de in artikel 21 genoemde omstandigheden of die het gevolg zijn van abnormaal gebruik, vallen buiten deze verplichting, tenzij daardoor een gebrek of een tekortkoming aan het licht treedt die een eis tot herstel of vervanging overeenkomstig artikel 61 wettigt.

61.7.

De onderhoudsverplichting wordt geregeld in de bijzondere voorwaarden en technische specificaties. Indien de duur van de onderhoudstermijn niet wordt vermeld, bedraagt deze 365 dagen. De onderhoudstermijn gaat in op de dag van de voorlopige oplevering.

61.8.

Na de voorlopige oplevering en onverminderd de onderhoudsverplichtingen, bedoeld in artikel 61, is de aannemer niet meer aansprakelijk voor risico's die de werken kunnen treffen en waarvan de oorzaken hem niet kunnen worden toegerekend. De aannemer is echter vanaf de datum van de voorlopige oplevering wel aansprakelijk voor de deugdelijkheid van de werken overeenkomstig de bijzondere voorwaarden of de wetgeving van de Staat van de opdrachtgever.

Artikel 62

Eindoplevering

62.1.

Bij het verstrijken van de onderhoudstermijn of, wanneer er meer dan één onderhoudstermijn bestaat, bij het verstrijken van de laatste termijn, en wanneer alle gebreken zijn verholpen of alle schade is hersteld, verstrekt de directie de aannemer een eindopleveringscertificaat, met afschrift aan de opdrachtgever, waarin opgave wordt gedaan van de datum waarop de aannemer tot genoegen van de directie aan zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst heeft voldaan. Het eindopleveringscertificaat wordt door de directie overgelegd binnen 30 dagen na het einde van de genoemde termijn dan wel zodra de op grond van artikel 61 opgedragen werken tot genoegen van de directie zijn voltooid.

62.2.

De werken worden niet als voltooid beschouwd, zolang het eindopleveringscertificaat niet door de directie is ondertekend en aan de opdrachtgever afgegeven, met een afschrift aan de aannemer.

62.3.

Ongeacht de afgifte van het eindopleveringscertificaat blijven de aannemer en de opdrachtgever aansprakelijk voor de uitvoering van verplichtingen krachtens de overeenkomst, die zijn ontstaan voordat het eindopleveringscertificaat werd afgegeven, doch waaraan nog niet is voldaan op het moment waarop het werd verstrekt. De aard en de draagwijdte van dergelijke verplichtingen worden vastgesteld onder verwijzing naar de bepalingen van de overeenkomst.

CONTRACTBREUK EN BEËINDIGING VAN DE

OVEREENKOMST

Artikel 63

Contractbreuk

63.1.

Een partij pleegt contractbreuk, wanneer zij een krachtens de overeenkomst op haar rustende verplichting niet nakomt.

63.2.

In geval van contractbreuk staan de benadeelde partij de volgende rechtsmiddelen ter beschikking:

a) schadevergoeding; en/of

b) beëindiging van de overeenkomst.

63.3.

Schadevergoeding kan:

a) algemeen zijn; of

b) gefixeerd zijn.

63.4.

Indien de opdrachtgever recht heeft op schadevergoeding, mag hij deze inhouden op alle aan de aannemer verschuldigde bedragen of op de desbetreffende garantie.

Artikel 64

Beëindiging van de overeenkomst door de opdrachtgever

64.1.

De opdrachtgever kan de overeenkomst te allen tijde en met onmiddellijke ingang beëindigen, behoudens het bepaalde in artikel 64.2.

64.2.

Tenzij in deze algemene voorwaarden anders is bepaald, kan de opdrachtgever, na de aannemer hiervan zeven dagen van tevoren in kennis te hebben gesteld, in elk van de volgende gevallen de overeenkomst beëindigen en de aannemer de toegang tot de bouwplaats ontzeggen:

a) indien de aannemer de werken niet wezenlijk conform de bepalingen van de overeenkomst uitvoert;

b) indien de aannemer niet binnen een redelijke termijn gevolg geeft aan een aanmaning van de directie om een nalatigheid of verzuim bij de nakoming van zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst goed te maken, waardoor de correcte en tijdige uitvoering van de werken ernstig in het gedrang komt;

c) indien de aannemer dienstorders van de directie weigert of nalaat uit te voeren;

d) indien de aannemer de overeenkomst overdraagt of onderaannemingsovereenkomsten sluit zonder dat de opdrachtgever daarvoor toestemming heeft gegeven;

e) indien de aannemer failliet gaat of insolvent wordt, onder curatele wordt gesteld, een regeling met zijn schuldeisers treft, onder een curator, bewindvoerder of beheerder blijft voortwerken ten behoeve van zijn schuldeisers, of in liquidatie is;

f) indien een nadelige onherroepelijke rechterlijke uitspraak wordt gedaan over een inbreuk op de beroepsethiek van de aannemer;

g) indien enigerlei andere vorm van juridische onbekwaamheid de uitvoering van de overeenkomst in de weg staat;

h) indien er zich veranderingen in de organisatie voordoen die een wijziging van de rechtspersoonlijkheid, de aard of het beheer van de aannemer tot gevolg hebben, tenzij die veranderingen in een bijvoegsel bij de overeenkomst worden vastgelegd;

i) indien de aannemer verzuimt de vereiste garantie of zekerheid te stellen, of indien de persoon die de eerdere garantie of zekerheid stelde, zijn verplichtingen niet kan nakomen.

64.3.

Beëindiging van de overeenkomst doet geen afbreuk aan andere rechten of bevoegdheden waarover de opdrachtgever en de aannemer krachtens de overeenkomst beschikken. De opdrachtgever mag daarna de werken zelf beëindigen of voor rekening van de aannemer een andere overeenkomst met een derde partij sluiten. De aansprakelijkheid van de aannemer voor vertraging bij de voltooiing houdt onmiddellijk op wanneer de opdrachtgever hem de toegang tot de bouwplaats ontzegt, onverminderd elke eventuele eerder ontstane aansprakelijkheid.

64.4.

Wanneer de beëindiging van de overeenkomst wordt aangezegd, geeft de directie de aannemer opdracht onmiddellijk maatregelen te treffen om de werken onverwijld op ordelijke wijze tot een einde te brengen en de kosten tot een minimum te beperken.

64.5.

Zo spoedig mogelijk na beëindiging van de overeenkomst bepaalt de directie de waarde van de werken en stelt zij alle bedragen vast die bij de beëindiging van de overeenkomst aan de aannemer verschuldigd zijn.

64.6.

In geval van beëindiging van de overeenkomst

a) stelt de directie, na inspectie van de werken en na inventarisering van hulpwerken, materialen, bouwstoffen en materieel, zo spoedig mogelijk een rapport op van de door de aannemer uitgevoerde werkzaamheden. De aannemer wordt opgeroepen om bij de inspectie en de inventarisering aanwezig te zijn. De directie maakt eveneens een staat op van de lonen die de aannemer nog verschuldigd is aan de werknemers die hij in verband met de overeenkomst in dienst heeft genomen en van de bedragen die de aannemer aan de opdrachtgever verschuldigd is:

b) staat het de opdrachtgever vrij om alle of een deel van de door de directie goedgekeurde hulpwerken, alsmede de speciaal voor de contractuele uitvoering van de werken geleverde of vervaardigde bouwstoffen en materialen over te nemen;

c) is het bedrag voor overname van de vorenbedoeld(e) hulpwerken, materieel, bouwstoffen en materialen, niet groter dan het nog niet betaalde deel van de door de aannemer gedane uitgaven, beperkt tot hetgeen voor de uitvoering van de overeenkomst onder normale voorwaarden vereist is;

d) mag de opdrachtgever materialen en zaken die door de aannemer zijn aangevoerd of besteld en die nog niet door de opdrachtgever zijn betaald, tegen marktprijzen overnemen op de voorwaarden die door de directie dienstig worden geacht.

64.7.

De opdrachtgever is niet verplicht de aannemer verdere betalingen te doen voordat de werken zijn voltooid; daarna heeft de opdrachtgever het recht om de eventuele extra kosten voor de voltooiing van de werken bij de aannemer in te vorderen, of betaalt hij de aannemer het hem vóór de beëindiging van de overeenkomst verschuldigde saldo uit.

64.8.

Als de opdrachtgever de overeenkomst beëindigt, mag hij op de aannemer alle door hem geleden verliezen verhalen tot het in de overeenkomst vastgestelde maximumbedrag. Indien er geen maximumbedrag is vastgesteld, mag de opdrachtgever niet meer eisen dan ten hoogste het gedeelte van de aannemingssom dat overeenkomt met de waarde van het gedeelte van de werken dat door het in gebreke blijven van de aannemer niet kan worden gebruikt voor de daaraan gegeven bestemming.

64.9.

Indien deze beëindiging niet het gevolg is van een handeling of verzuim van de aannemer, is deze gerechtigd om naast de hem verschuldigde bedragen voor reeds uitgevoerde werkzaamheden een vergoeding voor geleden verliezen te vorderen.

Artikel 65

Beëindiging van de overeenkomst door de aannemer

65.1.

Met inachtneming van een opzegtermijn van 14 dagen kan de aannemer de overeenkomst met de opdrachtgever beëindigen, indien deze laatste:

a) de aannemer na afloop van de in artikel 53.2 genoemde termijn nog niet de bedragen heeft betaald die hem krachtens een door de directie afgegeven certificaat verschuldigd zijn; of

b) na herhaalde aanmaningen stelselmatig zijn verplichtingen verzuimt na te komen; of

c) de voortgang van de werken of een onderdeel daarvan langer dan 180 dagen schorst om redenen die niet in de overeenkomst zijn vermeld of die niet te wijten zijn aan het in gebreke blijven van de aannemer.

65.2.

Een dergelijke beëindiging van de overeenkomst doet geen afbreuk aan andere rechten waarover de opdrachtgever en de aannemer krachtens de overeenkomst beschikken. Wanneer de overeenkomst aldus wordt beëindigd, is de aannemer met inachtneming van de wet van de Staat van de opdrachtgever gerechtigd zijn materieel onmiddellijk van de bouwplaats te verwijderen.

65.3.

Bij een dergelijke beëindiging van de overeenkomst vergoedt de opdrachtgever de aannemer alle eventueel geleden verlies of schade. De desbetreffende bijbetalingen mogen een maximum dat in de overeenkomst moet worden vermeld, evenwel niet overschrijden.

Artikel 66

Overmacht

66.1.

Geen van de partijen wordt geacht in gebreke te zijn gebleven of haar verplichtingen krachtens de overeenkomst niet te zijn nagekomen, indien zij hierbij werden gehinderd door omstandigheden van overmacht die zich hebben voorgedaan na de datum van kennisgeving van de gunning, of na de datum waarop de overeenkomst van kracht werd, indien die datum eerder viel.

66.2.

Onder "overmacht" wordt hier verstaan: stakingen, uitsluitingen of andere arbeidsconflicten, staatsvijandige handelingen, al dan niet verklaarde oorlogen, blokkades, oproer, rellen, epidemieën, aardverschuivingen, aardbevingen, stormen, bliksem, overstromingen, verzakkingen, ordeverstoringen, explosies en andere soortgelijke onvoorziene gebeurtenissen die geen van beide partijen in de hand heeft en waaraan zij ondanks de nodige inzet niet in staat zijn het hoofd te bieden.

66.3.

Onverminderd de artikelen 36 en 64, kan niet ten nadele van de aannemer worden besloten tot verbeurdverklaring van zijn uitvoeringsgarantie, gefixeerde schadevergoeding of beëindiging van de overeenkomst wegens in gebreke blijven, indien en voor zover de vertraging in de uitvoering of het op andere

wijze niet nakomen van zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst het gevolg van overmacht is. Onverminderd de artikelen 53 en 65, is de opdrachtgever evenmin aansprakelijk voor betaling van rente

over achterstallige betalingen of voor het niet uitvoeren of beëindigen door de aannemer wegens zijn eigen in gebreke blijven indien en voor zover de vertraging of het op andere wijze niet nakomen van diens verplichtingen het gevolg van overmacht is.

66.4.

Indien een partij van mening is dat er zich omstandigheden van overmacht hebben voorgedaan die de nakoming van haar verplichtingen nadelig kunnen beïnvloeden, stelt zij de andere partij en de directie daarvan onmiddellijk in kennis, waarbij zij gedetailleerd opgave doet van de aard, de vermoedelijke duur en het waarschijnlijke gevolg van de omstandigheden. Behoudens andersluidende schriftelijke instructies van de directie, blijft de aannemer, voor zover dat redelijkerwijze mogelijk is, voldoen aan zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst en zoekt hij ter nakoming van zijn verplichtingen naar redelijke alternatieve middelen die niet door de overmachtsituatie worden gehinderd. De aannemer past deze alternatieve middelen uitsluitend toe indien de directie daartoe instructie geeft.

66.5.

Indien er voor de aannemer meeruitgaven ontstaan door het opvolgen van de instructies van de directie of door het gebruik van alternatieve middelen uit hoofde van artikel 66.4, wordt het bedrag daarvan door de directie gefiatteerd.

66.6.

Indien er zich omstandigheden van overmacht hebben voorgedaan en deze situatie 180 dagen aanhoudt, kan de ene partij, ongeacht een verlenging van de uitvoeringstermijn die op grond van die toestand eventueel aan de aannemer is verleend, de andere partij er met een opzegtermijn van 30 dagen van in kennis stellen dat zij de overeenkomst wenst te beëindigen. Indien de overmachtsituatie na deze 30 dagen nog bestaat, wordt de overeenkomst beëindigd en worden de partijen krachtens het op de overeenkomst toepasselijke recht bijgevolg ontheven van hun verdere verplichtingen krachtens de overeenkomst.

Artikel 67

Overlijden

67.1.

Wanneer de aannemer een natuurlijke persoon is, wordt de overeenkomst automatisch beëindigd indien die persoon komt te overlijden. De opdrachtgever onderzoekt evenwel alle voorstellen van erfgenamen of rechthebbenden die de wens tot voortzetting van de overeenkomst kenbaar hebben gemaakt. Binnen 30 dagen na ontvangst van dergelijke voorstellen brengt de opdrachtgever zijn beslissing ter kennis van de betrokkenen.

67.2.

Wanneer de aannemer uit verschillende natuurlijke personen bestaat en één of meer daarvan komen te overlijden, wordt in gemeenschappelijk overleg tussen de partijen een rapport over de stand van de werkzaamheden opgesteld; de opdrachtgever beslist of de overeenkomst wordt beëindigd dan wel voortgezet overeenkomstig de door de overlevenden, respectievelijk de erfgenamen of rechthebbenden aangegane verbintenis.

67.3.

In de in artikel 67.1 en 67.2 genoemde gevallen geven de personen die voorstellen om de uitvoering van de overeenkomst voort te zetten, hiervan binnen 15 dagen na de datum van het overlijden kennis aan de opdrachtgever.

67.4.

Deze personen zijn, behoudens andersluidende bepalingen in de bijzondere voorwaarden, in dezelfde mate als de overleden aannemer, gezamenlijk en hoofdelijk aansprakelijk voor de goede uitvoering van de overeenkomst. De voortzetting van de overeenkomst is onderworpen aan de bepalingen met betrekking tot het stellen van de in artikel 15 bedoelde garantie.

BESLECHTING VAN GESCHILLEN

Artikel 68

Beslechting van geschillen

68.1.

De opdrachtgever en de aannemer stellen alles in het werk om een minnelijke schikking te treffen voor geschillen in verband met de overeenkomst die tussen hen of tussen de directie en de aannemer kunnen ontstaan.

68.2.

De bijzondere voorwaarden bevatten voorschriften betreffende:

a) de procedure voor de minnelijke schikking van geschillen;

b) de termijnen waarin de procedure inzake minnelijke schikking kan worden ingeroepen na kennisgeving van het geschil aan de andere partij, alsmede de maximumtermijn om een dergelijke schikking te bereiken, waarbij geldt dat deze laatste termijn niet langer mag zijn dan 120 dagen vanaf het begin van de te volgen procedure;

c) de termijnen voor de schriftelijke beantwoording van een verzoek om minnelijke schikking of van andere verzoeken die tijdens die procedure geoorloofd zijn, en de gevolgen van het niet nakomen van die termijnen.

68.3.

Nadat de procedure inzake minnelijke schikking is mislukt, kunnen de partijen overeenkomen het geschil binnen een vastgestelde termijn te beslechten via bemiddeling door een derde partij.

68.4.

De procedure inzake minnelijke schikking of beslechting via bemiddeling behelst in alle gevallen een procedure waarbij de tegenpartij in kennis wordt gesteld van de klachten en de reacties daarop.

68.5.

Bij ontstentenis van een minnelijke schikking of beslechting via bemiddeling binnen de vastgestelde maximumtermijnen wordt het geschil beslecht:

a) in geval van een nationale overeenkomst, overeenkomstig het nationale recht van de Staat van de opdrachtgever; en

b) in geval van een transnationale overeenkomst, via arbitrage overeenkomstig de door de Raad van de Europese Gemeenschappen vastgestelde procedurevoorschriften.

BIJLAGE III

ALGEMENE VOORWAARDEN VOOR DOOR HET EUROPEES ONTWIKKELINGSFONDS (EOF) GEFINANCIERDE OVEREENKOMSTEN VOOR LEVERINGEN IN DE LGO

INHOUD

INLEIDENDE BEPALINGEN

Artikel 1 - Definities .......... 55

Artikel 2 - Recht en taal van de overeenkomst .......... 56

Artikel 3 - Rangorde van de contractuele bescheiden .......... 56

Artikel 4 - Kennisgevingen en schriftelijke mededelingen .......... 56

Artikel 5 - Directie en vertegenwoordiger van de directie .......... 56

Artikel 6 - Cessie .......... 57

Artikel 7 - Onderaanneming .......... 57

VERPLICHTINGEN VAN DE OPDRACHTGEVER

Artikel 8 - Verstrekken van bescheiden .......... 58

Artikel 9 - Bijstand met betrekking tot plaatselijke voorschriften .......... 58

VERPLICHTINGEN VAN DE LEVERANCIER

Artikel 10 - Algemene verplichtingen .......... 58

Artikel 11 - Uitvoeringsgarantie .......... 59

Artikel 12 - Verzekering .......... 59

Artikel 13 - Algemeen tijdschema .......... 60

Artikel 14 - Specificatie van de prijzen .......... 60

Artikel 15 - Tekeningen van de leverancier .......... 60

Artikel 16 - Toereikendheid van de inschrijvingsprijzen .......... 61

Artikel 17 - Octrooien en licenties .......... 61

AANVANG EN VERTRAGINGEN

Artikel 18 - Opdracht tot aanvang van uitvoering .......... 61

Artikel 19 - Uitvoeringstermijn .......... 61

Artikel 20 - Verlenging van de uitvoeringstermijn .......... 61

Artikel 21 - Vertraging bij de uitvoering .......... 62

Artikel 22 - Wijzigingen .......... 62

Artikel 23 - Schorsing .......... 63

MATERIALEN EN WERKUITVOERING

Artikel 24 - Kwaliteit van de leveringen .......... 64

Artikel 25 - Inspectie en proefnemingen .......... 64

Artikel 26 - Eigendom van de leveringen .......... 65

BETALING

Artikel 27 - Algemeen .......... 65

Artikel 28 - Overeenkomsten op basis van voorlopige prijzen .......... 65

Artikel 29 - Voorschotten .......... 65

Artikel 30 - Inhoudingen .......... 66

Artikel 31 - Prijsherziening .......... 66

Artikel 32 - Termijnbetalingen .......... 67

Artikel 33 - Eindafrekening .......... 67

Artikel 34 - Betaling aan derden .......... 68

Artikel 35 - Achterstallige betalingen .......... 68

Artikel 36 - Betalingen in vreemde valuta .......... 68

OVERNEMING EN GARANTIE

Artikel 37 - Aflevering .......... 69

Artikel 38 - Keuringen .......... 69

Artikel 39 - Voorlopige overneming .......... 70

Artikel 40 - Garantieverplichtingen .......... 70

Artikel 41 - Nazorg .......... 71

Artikel 42 - Definitieve overneming .......... 71

CONTRACTBREUK EN BEËINDIGING VAN DE OVEREENKOMST

Artikel 43 - Contractbreuk .......... 71

Artikel 44 - Beëindiging van de overeenkomst door de opdrachtgever .......... 72

Artikel 45 - Beëindiging van de overeenkomst door de leverancier .......... 73

Artikel 46 - Overmacht .......... 73

Artikel 47 - Overlijden .......... 73

BESLECHTING VAN GESCHILLEN

Artikel 48 - Beslechting van geschillen .......... 74

INLEIDENDE BEPALINGEN

Artikel 1

Definities

1.1.

Voor de toepassing van de onderhavige algemene voorwaarden en van de overeenkomst wordt verstaan onder:

EEG: de Europese Economische Gemeenschap.

LGO: de met de EEG geassocieerde landen en gebieden overzee.

Overeenkomst: de door de partijen aangegane en ondertekende overeenkomst voor de leveringen, met inbegrip van alle bijlagen en aanhangsels alsook alle bescheiden die er een geheel mee vormen.

Leverancier: de partij waarmee de opdrachtgever de overeenkomst sluit.

Opdrachtgever: de Staat of de publiekrechtelijke of privaatrechtelijke rechtspersoon door of namens welke de overeenkomst met de leverancier gesloten wordt.

Staat van de opdrachtgever: de LGO op het grondgebied waarvan de overeenkomst voor leveringen moet worden uitgevoerd.

Directie: de overheidsdienst, dan wel de publiekrechtelijke rechtspersoon, de natuurlijke persoon of de rechtspersoon die door de opdrachtgever is aangewezen overeenkomstig de wetgeving van de Staat van de opdrachtgever en belast is met de leiding over en/of controle van de uitvoering van de overeenkomst voor leveringen, of aan wie de opdrachtgever krachtens de overeenkomst rechten en/of bevoegdheden kan delegeren.

Vertegenwoordiger van de directie: iedere door de directie krachtens de overeenkomst als zodanig aangewezen natuurlijke of rechtspersoon die bevoegd is de directie bij de uitvoering van haar taak en bij de uitoefening van de aan haar overgedragen rechten en/of bevoegdheden te vertegenwoordigen. Waar taken en rechten en/of bevoegdheden van de directie aan haar vertegenwoordiger zijn gedelegeerd, duidt de term directie dus ook haar vertegenwoordiger aan.

Leveringen: alle zaken die de leverancier aan de opdrachtgever moet leveren, waar nodig met inbegrip van diensten zoals installatie, beproeving, inwerkingstelling, deskundigenhulp, toezicht, onderhoud, herstelling, opleiding en andere dergelijke verplichtingen in verband met de krachtens de overeenkomst te leveren zaken.

Becijferd bestek: het document dat een opgave per post bevat van de leveringen die moeten worden verricht krachtens een overeenkomst tegen eenheidsprijs, met voor elke post vermelding van de hoeveelheid en de overeenkomstige eenheidsprijs.

Staat van eenheidsprijzen: de volledige gespecificeerde staat van de prijzen, met inbegrip van de specificatie van het totaalbedrag, die door de leverancier samen met zijn inschrijving is ingediend en zo nodig is gewijzigd en die deel uitmaakt van de overeenkomst tegen eenheidsprijs.

Specificatie van het totaalbedrag: de opgave per post van de tarieven en prijzen, waaruit de opbouw blijkt van de prijs in een overeenkomst tegen een vast totaalbedrag, maar die geen onderdeel van de overeenkomst is.

Aannemingssom: het in de overeenkomst vermelde bedrag dat overeenkomstig de oorspronkelijke raming verschuldigd is voor de uitvoering van de leveringen, of ieder ander bedrag waarvan bij de eindafrekening is vastgesteld dat het krachtens de overeenkomst aan de leverancier verschuldigd is.

Tekeningen: de tekeningen van de opdrachtgever en de directie en de door de directie goedgekeurde tekeningen van de leverancier, bestemd voor de uitvoering van de leveringen.

Mededelingen: certificaten, kennisgevingen, opdrachten en instructies uit hoofde van de overeenkomst.

Schriftelijk: in handschrift, machineschrift of druk, met inbegrip van telexen, telegraafberichten en telefaxen.

Garantietermijn: de in de overeenkomst bepaalde termijn onmiddellijk na de datum van voorlopige overneming, tijdens welke de leverancier de uitvoering van de overeenkomst overeenkomstig de opdrachten van de directie moet voltooien en gebreken moet verhelpen.

Certificaat van definitieve overneming: de aan het eind van de garantietermijn door de directie aan de leverancier afgegeven verklaring dat de leverancier heeft voldaan aan zijn verplichtingen uit hoofde van de overeenkomst.

Dag: kalenderdag.

Termijnen: de contractuele termijnen die ingaan op de dag welke volgt op de datum van de akte of de gebeurtenis die als beginpunt voor die termijnen geldt. Is de laatste dag van de termijn geen werkdag, dan verstrijkt de termijn aan het einde van de eerstvolgende werkdag na de laatste dag van de termijn.

Dienstorder: schriftelijke instructies of opdrachten van de directie aan de leverancier betreffende de uitvoering van de leveringen.

Nationale valuta: de valuta van de Staat van de opdrachtgever.

Vreemde valuta: elke toegelaten valuta die niet de nationale valuta is, en die in de overeenkomst is vermeld.

Stelpost: een in de overeenkomst opgenomen en als zodanig aangeduid bedrag voor de levering van goederen, materialen, uitrusting of diensten, of voor onvoorziene uitgaven; dit bedrag kan op last van de directie geheel, gedeeltelijk of in het geheel niet worden gebruikt.

Gefixeerde schadevergoeding: het in de overeenkomst vermelde bedrag dat de leverancier bij wijze van compensatie aan de opdrachtgever verschuldigd is wanneer hij verzuimt de leveringen of een deel daarvan te voltooien binnen de bij de overeenkomst voorgeschreven termijnen of dat de ene partij aan de andere partij verschuldigd is voor enig ander in de overeenkomst gespecificeerd geval van contractbreuk.

Algemene schadevergoeding: het niet vooraf in de overeenkomst bepaalde bedrag dat door een rechtbank of arbitrage-instantie wordt toegekend of door de partijen is overeengekomen als aan de benadeelde partij verschuldigde compensatie voor contractbreuk door de andere partij.

Bijzondere voorwaarden: de in de overeenkomst opgenomen bijzondere voorwaarden die door de opdrachtgever zijn opgesteld als onderdeel van de uitnodiging tot inschrijving en waar nodig van wijzigingen zijn voorzien, en die bestaan uit:

a) wijzigingen in de onderhavige algemene voorwaarden;

b) bijzondere contractuele bepalingen;

c) technische specificaties; en

d) andere aangelegenheden met betrekking tot de overeenkomst.

1.2.

De opschriften en titels in deze voorwaarden mogen niet als onderdeel daarvan worden beschouwd of bij de interpretatie van de overeenkomst in aanmerking worden genomen.

1.3.

Indien de context zulks toestaat worden in het enkelvoud gebruikte woorden geacht ook het meervoud te omvatten en vice versa, en worden mannelijke woorden geacht ook het vrouwelijk te omvatten en vice versa.

1.4.

Woorden die personen of partijen aanduiden omvatten ook vennootschappen, en iedere andere organisatie die rechtspersoonlijkheid bezit.

Artikel 2

Recht en taal van de overeenkomst

2.1.

Behoudens andersluidende bepalingen in de bijzondere voorwaarden is het recht van de Staat van de opdrachtgever van toepassing op de overeenkomst.

2.2.

In alle aangelegenheden die niet onder deze algemene voorwaarden vallen, is het recht van toepassing dat op de overeenkomst van toepassing is.

2.3.

De taal van de overeenkomst en van alle mededelingen tussen de leverancier, de opdrachtgever en de directie of hun vertegenwoordigers wordt in de bijzondere voorwaarden bepaald.

Artikel 3

Rangorde van de contractuele bescheiden

Tenzij in de overeenkomst anders is bepaald, wordt de rangorde van de contractuele bescheiden in de bijzondere voorwaarden vastgesteld.

Artikel 4

Kennisgevingen en schriftelijke mededelingen

4.1.

Tenzij anders bepaald in de bijzondere voorwaarden, worden mededelingen tussen de opdrachtgever en/of de directie enerzijds en de leverancier anderzijds per post, telegraaf, telex of telefax gezonden naar dan wel persoonlijk afgegeven op de daartoe door hen aangewezen adressen.

4.2.

Indien de afzender een ontvangstbewijs verlangt, moet hij daarvan melding maken in zijn mededeling; wanneer er een uiterste datum van ontvangst voor de mededeling is voorgeschreven, is hij gehouden een dergelijk ontvangstbewijs te verlangen. In ieder geval moet de afzender de nodige maatregelen treffen om de ontvangst van zijn mededeling te verzekeren.

4.3.

Telkens wanneer in de overeenkomst sprake is van betekening of afgifte van een kennisgeving, instemming, goedkeuring, certificaat of besluit wordt daarmee, tenzij anders bepaald, een schriftelijk(e) kennisgeving, instemming, goedkeuring, certificaat of besluit bedoeld en moet het gebruik van de woorden "kennisgeven", "verklaren" of "besluiten" dienovereenkomstig worden opgevat. Een dergelijk(e) instemming, goedkeuring, certificaat of besluit mag niet zonder geldige reden worden geweigerd of uitgesteld.

Artikel 5

Directie en vertegenwoordiger van de directie

5.1.

De directie vervult de in de overeenkomst omschreven taken. Behoudens uitdrukkelijk beding in de overeenkomst is de directie niet gerechtigd de leverancier van een van zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst te ontheffen.

5.2.

De directie kan in voorkomend geval, met behoud van haar uiteindelijke aansprakelijkheid, taken en bevoegdheden die bij haar berusten aan haar vertegenwoordiger delegeren en deze delegatie te allen tijde

intrekken of de vertegenwoordiger vervangen. Delegatie, intrekking of vervanging gebeuren schriftelijk en hebben geen rechtsgevolgen voordat de leverancier er een afschrift van heeft ontvangen.

5.3.

Elke mededeling die door de vertegenwoordiger van de directie overeenkomstig de voorwaarden van een dergelijke delegatie aan de leverancier wordt gedaan, heeft dezelfde gevolgen als wanneer zij van de directie zelf was uitgegaan, met dien verstande dat:

a) wanneer de vertegenwoordiger van de directie verzuimt leveringen af te keuren, dit geen afbreuk doet aan het recht van de directie om dat alsnog te doen en de nodige opdrachten tot verbetering te geven;

b) het de directie vrijstaat om de mededeling ongedaan te maken of te wijzigen.

5.4.

Instructies en/of opdrachten van de directie worden gegeven in de vorm van dienstorders. Deze orders worden zo nodig gedateerd, genummerd en in een register genoteerd; afschriften ervan worden zo nodig ter hand gesteld aan de vertegenwoordiger van de leverancier.

Artikel 6

Cessie

6.1.

Cessie is alleen geldig in de vorm van een schriftelijk akkoord waarbij de leverancier zijn in de overeenkomst vastgelegde opdracht of een deel daarvan aan een derde overdraagt.

6.2.

Het is de leverancier verboden om de overeenkomst of een deel ervan, dan wel enig voordeel of recht uit hoofde ervan, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever over te dragen, tenzij dit geschiedt:

a) door een zekerheid ten gunste van de banken van de leverancier te stellen voor alle bedragen die krachtens de overeenkomst verschuldigd zijn of opeisbaar zullen worden; of

b) door het verhaalrecht van de leverancier tegen aansprakelijke derden over te dragen aan de verzekeraars van de leverancier, wanneer dezen diens schade of aansprakelijkheid hebben vergoed.

6.3.

Voor de toepassing van artikel 6.2 ontslaat de instemming van de opdrachtgever met een cessie de leverancier niet van zijn verplichtingen voor het reeds uitgevoerde of niet overgedragen deel van de in de overeenkomst vastgelegde opdracht.

6.4.

Wanneer de leverancier zijn overeenkomst zonder toestemming heeft overgedragen, kan de opdrachtgever zonder formele kennisgeving rechtens de in de artikelen 43 en 44 vastgestelde sancties wegens contractbreuk opleggen.

6.5.

Cessionarissen moeten voldoen aan de op de gunning van de overeenkomst toepasselijke criteria om als zodanig in aanmerking te komen.

Artikel 7

Onderaanneming

7.1.

Onderaanneming is alleen geldig in de vorm van een schriftelijk akkoord waarbij de leverancier de uitvoering van een deel van zijn overeenkomst aan een derde toevertrouwt.

7.2.

Onderaanneming kan niet geschieden zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever aan de leverancier. De in onderaanneming te geven leveringen en de identiteit van de onderaannemers worden aan de opdrachtgever meegedeeld. Met inachtneming van het bepaalde in artikel 4.3 betekent de opdrachtgever binnen 30 dagen na ontvangst van de mededeling zijn beslissing aan de leverancier, waarbij hij in voorkomend geval opgave doet van de redenen waarom toestemming wordt geweigerd.

7.3.

Bij de keuze van onderaannemers geeft de leverancier de voorkeur aan natuurlijke personen of vennootschappen van de Staat van de opdrachtgever die in staat zijn de gevraagde leveringen op soortgelijke voorwaarden uit te voeren.

7.4.

Onderaannemers moeten voldoen aan de op de gunning van de overeenkomst toepasselijke criteria om als zodanig in aanmerking te komen.

7.5.

De opdrachtgever heeft geen contractuele betrekkingen met onderaannemers.

7.6.

In dezelfde mate als voor handelingen, in gebreke blijven en nalatigheden van hemzelf, zijn gemachtigden of werknemers, is de leverancier aansprakelijk voor handelingen, in gebreke blijven en nalatigheden van zijn onderaannemers en hun gemachtigden of werknemers. De goedkeuring door de opdrachtgever van de onderaanneming van een deel van de overeenkomst of van de onderaannemer ontslaat de leverancier van geen enkele verplichting krachtens de overeenkomst.

7.7.

Ingeval een onderaannemer zich ter zake van de door hem uitgevoerde leveringen tegenover de leverancier verbonden heeft tot na de garantietermijn krachtens de overeenkomst, is de leverancier na het verstrijken van de garantietermijn te allen tijde gehouden, op verzoek en op kosten van de opdrachtgever, zijn vorderingsrecht voor de rest van de tijd waarvoor die verbintenis loopt, onmiddellijk aan de opdrachtgever over te dragen.

7.8.

Wanneer de leverancier zonder goedkeuring een onderaannemingsovereenkomst aangaat, kan de opdrachtgever zonder formele kennisgeving rechtens de in de artikelen 43 en 44 vastgestelde sancties wegens contractbreuk opleggen.

VERPLICHTINGEN VAN DE OPDRACHTGEVER

Artikel 8

Verstrekken van bescheiden

8.1.

Binnen 30 dagen nadat de leverancier de uitvoeringsgarantie overeenkomstig artikel 11 heeft verstrekt, ontvangt hij van de directie kosteloos een afschrift van de tekeningen die met het oog op de uitvoering van de overeenkomst zijn gemaakt, alsook twee afschriften van de specificaties en andere contractuele bescheiden. Voor zover ze beschikbaar zijn, kan de leverancier extra afschriften van deze tekeningen, specificaties en andere bescheiden kopen. De leverancier retourneert alle tekeningen, specificaties en andere contractuele bescheiden aan de opdrachtgever wanneer deze het garantiecertificaat verstrekt, of bij de definitieve overneming.

8.2.

Tenzij zulks voor toepassing van de overeenkomst noodzakelijk is, mag de leverancier de door de opdrachtgever verstrekte tekeningen, specificaties en andere bescheiden niet gebruiken of aan derden doorgeven zonder voorafgaande toestemming van de directie.

8.3.

De directie heeft het recht de leverancier dienstorders te geven met de aanvullende tekeningen en instructies die vereist zijn voor een behoorlijke en correcte uitvoering van de overeenkomst en voor het verhelpen van gebreken.

Artikel 9

Bijstand met betrekking tot plaatselijke voorschriften

9.1.

De leverancier kan de hulp van de opdrachtgever inroepen voor het verkrijgen van afschriften van wetten, voorschriften, en informatie over plaatselijke gebruiken, beschikkingen of verordeningen van het land waar de leveringen worden uitgevoerd, waarmee de leverancier bij de naleving van zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst te maken kan krijgen. De opdrachtgever kan de gevraagde hulp aan de leverancier verstrekken op diens kosten.

9.2.

De leverancier verstrekt de opdrachtgever tijdig de nadere gegevens over de leveringen om hem in staat te stellen alle nodige invoervergunningen of -certificaten te verkrijgen.

9.3.

De opdrachtgever zorgt ervoor dat alle voor de leveringen of enig onderdeel daarvan vereiste invoervergunningen of -certificaten redelijk op tijd worden verkregen, gelet op de tijd die nodig is voor de aflevering van de leveringen en voor de volledige uitvoering van de overeenkomst.

9.4.

Onverminderd de wetten en voorschriften inzake buitenlandse werknemers in de Staat waar de leveringen worden uitgevoerd, doet de opdrachtgever al het nodige om het de leverancier makkelijker te maken de vereiste visa en vergunningen, met inbegrip van werk- en verblijfsvergunningen, te verkrijgen voor het personeel waarvan de diensten door leverancier en opdrachtgever onmisbaar worden geacht, alsmede de verblijfsvergunningen voor hun gezinnen.

VERPLICHTINGEN VAN DE LEVERANCIER

Artikel 10

Algemene verplichtingen

10.1.

De leverancier voert de overeenkomst met de nodige zorg en toewijding uit, hetgeen, indien dit aldus is overeengekomen, mede inhoudt dat hij zich belast met het ontwerpen, vervaardigen, op de plaats van bestemming afleveren, installeren, testen en in bedrijf stellen van de te leveren goederen, alsmede alle overige werkzaamheden verricht, waaronder ook het verhelpen van eventuele gebreken in de leveringen. De leverancier zorgt voorts voor het materieel, de leiding, de arbeidskrachten en de faciliteiten die vereist zijn voor de uitvoering van de overeenkomst.

10.2.

De leverancier richt zich naar de dienstorders van de directie. Wanneer hij van mening is dat een dienstorder de bevoegdheid van de directie of de reikwijdte van de overeenkomst te buiten gaat, stelt hij de directie, op straffe van verval, binnen 30 dagen na ontvangst van de dienstorder in kennis van zijn met redenen omklede bezwaren. Deze kennisgeving heeft geen schorsende werking voor wat de uitvoering van de dienstorder betreft.

10.3.

De leverancier houdt zich aan alle wetten en voorschriften die gelden in de Staat van de opdrachtgever en hij ziet erop toe dat zijn personeel, hun gezinsleden en zijn plaatselijke werknemers die wetten en voorschriften eveneens naleven. De leverancier vrijwaart de opdrachtgever tegen alle vorderingen of gerechtelijke acties ten gevolge van overtredingen van die wetten en voorschriften die hij, zijn werknemers of hun gezinsleden zouden begaan.

10.4.

Wanneer de leverancier of één van zijn onderaannemers, gemachtigden of personeelsleden iemand steekpenningen, geschenken, fooien of commissiegelden aanbiedt dan wel belooft aan te bieden of te betalen, dan wel betaalt als aansporing tot of als beloning voor het verrichten of nalaten van een handeling ter zake van de overeenkomst of enige andere overeenkomst met de opdrachtgever, dan wel als aansporing tot of als beloning voor het begunstigen of achterstellen van een persoon ter zake van de overeenkomst of enige andere overeenkomst met de opdrachtgever, dan kan

de opdrachtgever, onverminderd de rechten die de leverancier uit hoofde van de overeenkomst heeft verworven, de overeenkomst beëindigen, in welk geval de artikelen 43 en 44 van toepassing zijn.

10.5.

Alle documenten en inlichtingen in verband met de overeenkomst worden door de leverancier als persoonlijk en vertrouwelijk behandeld en worden, tenzij noodzakelijk voor de uitvoering van de overeenkomst, niet zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever of de directie na overleg met de opdrachtgever bekendgemaakt of prijsgegeven. Bij een geschil over de vraag of zij ter wille van de uitvoering van de overeenkomst openbaar moeten worden gemaakt of prijsgegeven, berust de eindbeslissing bij de opdrachtgever.

10.6.

Wanneer de leverancier een gemeenschappelijke onderneming of een consortium van twee of meer personen is, zijn deze personen gezamenlijk en hoofdelijk aansprakelijk voor de uitvoering van de overeenkomst overeenkomstig de wet van de Staat van de opdrachtgever, en belasten zij, op verzoek van de opdrachtgever, een van hen met de leiding en de bevoegdheid om de gemeenschappelijke onderneming of het consortium te binden. Samenstelling of structuur van de gemeenschappelijke onderneming of het consortium mag niet zonder voorafgaande toestemming van de opdrachtgever worden gewijzigd.

Artikel 11

Uitvoeringsgarantie

11.1.

Binnen 30 dagen na ontvangst van de kennisgeving van de gunning van de overeenkomst verstrekt de leverancier de opdrachtgever een garantie voor de volledige en correcte uitvoering van de overeenkomst. Het bedrag van de garantie wordt bepaald in de bijzondere voorwaarden en mag niet hoger liggen dan 10 % van de aannemingssom met inbegrip van de in aanvullingen op de overeenkomst bepaalde bedragen, tenzij in de bijzondere voorwaarden anders is bepaald. In geen enkel geval echter mag het 20 % van die som overschrijden.

11.2.

De uitvoeringsgarantie is bestemd tot vergoeding van de opdrachtgever voor verliezen ten gevolge van verzuim van de leverancier om zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst volledig en correct na te komen.

11.3.

De uitvoeringsgarantie dient te worden gesteld conform het bepaalde in de bijzondere voorwaarden en kan worden verstrekt in de vorm van een bankgarantie, een bankwissel, een gewaarmerkte cheque, een borgtocht van een verzekerings- en/of borgtochtmaatschappij, een onherroepelijk accreditief, dan wel een deposito in gereed geld bij de opdrachtgever. Indien de uitvoeringsgarantie dient te worden gegeven in de vorm van een bankgarantie, een bankwissel, een gewaarmerkte cheque of een borgtocht, dan wordt zij gegeven door een bank of een borgtocht- en/of verzekeringsmaatschappij, goedgekeurd door de opdrachtgever in overeenstemming met de criteria die van toepassing zijn om voor de gunning van de overeenkomst in aanmerking te komen.

11.4.

Tenzij in de bijzondere voorwaarden anders is bepaald, luidt de uitvoeringsgarantie in de soorten en combinaties van valuta's waarin de basisovereenkomst betaalbaar is.

11.5.

Aan de leverancier worden geen betalingen gedaan voordat de garantie is verstrekt. De garantie blijft geldig totdat de overeenkomst volledig en correct is uitgevoerd.

11.6.

Kan de natuurlijke of rechtspersoon die borg staat, zijn verplichtingen tijdens de uitvoering van de overeenkomst niet nakomen, dan vervalt de geldigheid van de garantie. De opdrachtgever verzoekt de leverancier formeel een nieuwe garantie te verstrekken op dezelfde voorwaarden als de vorige. Verstrekt de leverancier geen nieuwe garantie, dan kan de opdrachtgever de overeenkomst beëindigen.

11.7.

Conform de garantievoorwaarden en ten belope van de garantiesom verzoekt de opdrachtgever betaling uit de garantiesom van alle bedragen waarvoor de borg uit hoofde van de garantie aansprakelijk is wegens in gebreke blijven van de leverancier in het kader van de overeenkomst. Op verzoek van de opdrachtgever betaalt de borg deze bedragen onverwijld uit zonder dat hij hiertegen, op welke grond dan ook, enig bezwaar kan maken. Alvorens aanspraak te maken op de uitvoeringsgarantie stelt de opdrachtgever de leverancier in kennis van de aard van het in gebreke blijven waarop de aanspraak berust.

11.8.

Met uitzondering van het eventueel in de bijzondere voorwaarden vermelde gedeelte voor de nazorg, wordt de uitvoeringsgarantie vrijgegeven binnen 30 dagen na de afgifte van de in artikel 33 bedoelde ondertekende eindafrekening.

Artikel 12

Verzekering

12.1.

Onverminderd het bepaalde in artikel 37 kan in de bijzondere voorwaarden worden voorgeschreven dat het vervoer van de leveringen moet geschieden onder dekking van een verzekeringspolis, waarvan de condities kunnen worden vastgelegd in de bijzondere voorwaarden. In de bijzondere voorwaarden kan voorts worden bepaald dat de leverancier ook nog andere soorten verzekeringen moet sluiten.

12.2.

Niettegenstaande de verzekeringsverplichting van de leverancier overeenkomstig artikel 12.1, is alleen hij aansprakelijk en vrijwaart hij de opdrachtgever en de directie tegen aanspraken van derden wegens schade

aan eigendom of lichamelijk letsel ten gevolge van de uitvoering van de overeenkomst door hemzelf, zijn onderaannemers en werknemers.

Artikel 13

Algemeen tijdschema

13.1.

Indien dit in de bijzondere voorwaarden is voorgeschreven, legt de leverancier een algemeen tijdschema voor de tenuitvoerlegging van de overeenkomst ter goedkeuring aan de directie voor. Dit schema omvat ten minste:

a) de volgorde waarin de leverancier voorstelt de overeenkomst uit te voeren, met inbegrip van het ontwerpen, vervaardigen, afleveren op de plaats van overneming, installeren, testen en in bedrijf stellen;

b) de termijnen waarbinnen de tekeningen moeten worden ingediend en goedgekeurd;

c) een algemene beschrijving van de door de leverancier voorgestelde werkwijze ter uitvoering van de overeenkomst; en

d) alle verdere details en gegevens die de directie redelijkerwijze kan verlangen.

13.2.

De goedkeuring van het schema door de directie ontheft de leverancier niet van zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst.

13.3.

Zonder goedkeuring van de directie worden in het schema geen belangrijke wijzigingen aangebracht. Wanneer de uitvoering van de overeenkomst echter niet conform het schema verloopt, kan de directie de leverancier opdragen het schema te herzien en het herziene schema ter goedkeuring aan haar voor te leggen.

Artikel 14

Specificatie van de prijzen

14.1.

Voor zover nodig in verband met de toepassing van de overeenkomst, verstrekt de leverancier uiterlijk 20 dagen na ontvangst van een met redenen omkleed verzoek van de directie een uitvoerige specificatie van zijn tarieven en prijzen.

14.2.

Na de kennisgeving van de gunning doet de leverancier, in voorkomend geval, binnen de in de bijzondere voorwaarden gestelde termijn, aan de directie, uitsluitend ter informatie, gedetailleerde kwartaalramingen van de cash flow toekomen, met vermelding van alle betalingen waarop hij krachtens de overeenkomst recht heeft. Vervolgens dient hij op verzoek van de directie per kwartaal een herziene cash flow-raming over te leggen. Uit deze informatie vloeit voor de opdrachtgever of de directie generlei aansprakelijkheid voort.

Artikel 15

Tekeningen van de leverancier

15.1.

Indien dit in de bijzondere voorwaarden is voorgeschreven, moet de leverancier aan de directie ter goedkeuring voorleggen:

a) binnen de in de overeenkomst of het algemene tijdschema gestelde termijnen: de tekeningen, documenten, monsters en/of modellen die in de overeenkomst zijn omschreven;

b) de tekeningen die redelijkerwijs door de directie verlangd kunnen worden voor de uitvoering van de overeenkomst.

15.2.

Indien de directie haar in artikel 15.1 bedoelde goedkeuring niet betekent binnen de termijnen die zijn vastgesteld in de overeenkomst of het goedgekeurde algemene tijdschema, worden die tekeningen, documenten, monsters of modellen aan het einde van de gestelde termijnen geacht te zijn goedgekeurd. Indien geen termijn is gesteld, worden zij 30 dagen na ontvangst geacht te zijn goedgekeurd.

15.3.

Goedgekeurde tekeningen, documenten, monsters en modellen worden door de directie ondertekend of anderszins gewaarmerkt en er wordt behoudens andersluidende opdracht van de directie niet van afgeweken. Door de directie niet goedgekeurde tekeningen, documenten, monsters of modellen van de leverancier worden onmiddellijk aan de eisen van de directie aangepast en opnieuw door de leverancier ter goedkeuring voorgelegd.

15.4.

De leverancier verstrekt van de goedgekeurde tekeningen extra afdrukken waarvan vorm en aantal in de overeenkomst of latere dienstorders worden bepaald.

15.5.

De goedkeuring van de tekeningen, documenten, monsters of modellen door de directie ontheft de leverancier niet van zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst.

15.6.

De directie heeft het recht alle contractuele tekeningen, documenten, monsters of modellen te allen redelijken tijde ter plaatse bij de leverancier te controleren.

15.7.

Voor de voorlopige overneming van de leveringen verstrekt de leverancier handleidingen en onderhoudsvoorschriften, voorzien van tekeningen, die zo gedetailleerd zijn dat zij de opdrachtgever in staat stellen alle onderdelen van de leveringen te gebruiken, te onderhouden, aan te passen en te repareren. Tenzij anders bepaald in de bijzondere voorwaarden, zijn de handleidingen en tekeningen in de taal van de overeenkomst gesteld en worden ze verschaft in de vorm en het aantal die in de overeenkomst zijn bepaald. Uit het oogpunt van voorlopige overneming worden de leveringen niet geacht voltooid te zijn voordat de opdrachtgever de handleidingen en tekeningen heeft ontvangen.

Artikel 16

Toereikendheid van de inschrijvingsprijzen

16.1.

Onverminderd eventuele aanvullende bepalingen in de bijzondere voorwaarden, wordt de leverancier geacht zich vóór de indiening van zijn inschrijving te hebben vergewist van de juistheid en de toereikendheid van de inschrijving, rekening te hebben gehouden met alle vereisten voor de volledige en correcte uitvoering van de overeenkomst, en in zijn tarieven en prijzen alle kosten betreffende de leveringen te hebben verwerkt, in het bijzonder:

a) de vervoerkosten;

b) de kosten van het verplaatsen, verpakken, laden, lossen, overslaan, afleveren, uitpakken, controleren en verzekeren van de te leveren goederen, alsmede de andere administratieve kosten in verband met de leveringen. Het verpakkingsmateriaal blijft eigendom van de opdrachtgever, tenzij in de bijzondere voorwaarden anders is bepaald;

c) de kosten van de documentatie betreffende de leveringen, wanneer deze documentatie door de opdrachtgever wordt verlangd;

d) het uitvoeren van en het toezicht op het ter plaatse monteren en/of opstarten van de afgeleverde goederen;

e) het verschaffen van werktuigen voor montage en/of onderhoud van de afgeleverde goederen;

f) het verschaffen van uitvoerige handleidingen en onderhoudsvoorschriften voor elk onderdeel van de afgeleverde goederen, overeenkomstig de bepalingen van de overeenkomst;

g) het toezicht op of de onderhouds- en/of reparatiewerkzaamheden aan de afgeleverde goederen gedurende een in de overeenkomst vastgelegde periode, met dien verstande dat deze nazorg de leverancier niet ontslaat van zijn garantieverplichtingen krachtens de overeenkomst; en

h) het opleiden van personeel van de opdrachtgever in de fabriek van de leverancier en/of elders als bepaald in de overeenkomst.

16.2.

Aangezien de leverancier geacht wordt zijn prijzen op grond van zijn eigen berekeningen, bewerkingen en ramingen te hebben vastgesteld, is hij gehouden tot uitvoering zonder extra kosten van elk werk dat correspondeert met een onderdeel van zijn inschrijving waarvoor hij geen eenheidsprijs of vast bedrag heeft opgegeven.

Artikel 17

Octrooien en licenties

Behoudens andersluidende bepalingen in de bijzondere voorwaarden vrijwaart de leverancier de opdrachtgever en de directie tegen elke aanspraak wegens het duidelijk in de overeenkomst vermelde gebruik van octrooien, licenties, tekeningen, ontwerpen, modellen en fabrieks- of handelsmerken, behalve wanneer de overtreding te wijten is aan het naleven van het ontwerp dat of de specificatie die door de opdrachtgever en/of de directie is verstrekt.

AANVANG EN VERTRAGINGEN

Artikel 18

Opdracht tot aanvang van uitvoering

18.1.

De opdrachtgever stelt de datum vast waarop de uitvoering van de overeenkomst moet worden aangevangen en verwittigt de leverancier hiervan via de kennisgeving van de gunning van de overeenkomst of via een dienstorder, gegeven door de directie.

18.2.

Tenzij door de partijen anders is overeengekomen, wordt niet later dan 180 dagen na de kennisgeving van de gunning van de overeenkomst met de uitvoering begonnen.

Artikel 19

Uitvoeringstermijn

19.1.

De uitvoeringstermijn vangt aan op de overeenkomstig artikel 18.1 vastgestelde datum; de duur ervan is die welke is vastgelegd in de overeenkomst, onverminderd de termijnverlengingen die op grond van artikel 20 kunnen worden toegestaan.

19.2.

Indien voor de levering van afzonderlijke partijen afzonderlijke uitvoeringstermijnen worden vastgesteld, worden deze termijnen in geval van toewijzing van meer dan één partij aan een zelfde leverancier niet bij elkaar opgeteld.

Artikel 20

Verlenging van de uitvoeringstermijn

20.1.

De leverancier kan verzoeken de uitvoeringstermijn te verlengen wanneer er vertraging in de voltooiing van de opdracht is of zal ontstaan ten gevolge van:

a) extra of aanvullende leveringen besteld door de opdrachtgever;

b) uitzonderlijke weersomstandigheden in de Staat van de opdrachtgever die van invloed kunnen zijn op de installatie of opbouw van de geleverde goederen;

c) natuurlijke belemmeringen of omstandigheden die van invloed kunnen zijn op de aflevering van de goederen en die door een ervaren leverancier redelijkerwijs niet waren te voorzien;

d) dienstorders die van invloed zijn op de datum van voltooiing, voor zover deze niet zijn uitgevaardigd omdat de leverancier in gebreke is gebleven;

e) niet-nakoming door de opdrachtgever van zijn verplichtingen uit hoofde van de overeenkomst;

f) schorsing van de aflevering en/of installatie van de goederen buiten de schuld van de leverancier;

g) overmacht;

h) andere in deze algemene voorwaarden genoemde oorzaken die niet te wijten zijn aan het in gebreke blijven van de leverancier.

20.2.

Wanneer de leverancier aanspraak meent te kunnen maken op verlenging van de uitvoeringstermijn, stelt hij binnen 15 dagen nadat hij zich er rekenschap van heeft gegeven dat vertraging zou kunnen optreden, de directie in kennis van zijn voornemen om een verzoek tot verlenging in te dienen; tenzij tussen de leverancier en de directie anders is overeengekomen, verschaft de leverancier de directie uiterlijk 60 dagen daarna volledige en nauwkeurige gegevens met betrekking tot zijn verzoek, opdat dit tijdig kan worden onderzocht.

20.3.

Na naar behoren te hebben overlegd met de opdrachtgever en, in voorkomend geval, met de leverancier, verleent de directie, indien verlenging van de uitvoeringstermijn in de toekomst of met terugwerkende kracht gerechtvaardigd is, deze verlenging of deelt zij de leverancier mee dat hij geen recht op verlenging heeft.

Artikel 21

Vertraging bij de uitvoering

21.1.

Als de leverancier er niet in slaagt enige of alle goederen te leveren of de diensten te verrichten binnen de in de overeenkomst vastgestelde termijn(en), heeft de opdrachtgever, zonder formele kennisgeving en onverminderd zijn andere rechtsmiddelen uit hoofde van de overeenkomst, recht op gefixeerde schadevergoeding voor iedere dag of ieder dagdeel tussen het einde van de gestelde uitvoeringstermijn of de uit hoofde van artikel 20 verlengde uitvoeringstermijn en het werkelijke tijdstip van voltooiing, tegen het tarief en tot het maximumbedrag als bepaald in de bijzondere voorwaarden.

21.2.

Indien de opdrachtgever aanspraak kan maken op het in artikel 21.1 genoemde maximumbedrag, kan hij na kennisgeving aan de leverancier:

a) beslag leggen op de uitvoeringsgarantie; en/of

b) de overeenkomst beëindigen; en

c) voor rekening van de leverancier een overeenkomst met een derde sluiten voor de uitvoering van het resterende gedeelte van de leveringen.

Artikel 22

Wijzigingen

22.1.

De directie heeft de bevoegdheid opdracht te geven tot wijziging van een deel van de leveringen dat nodig is voor de correcte uitvoering en afwerking van de leveringen. Bedoelde wijzigingen kunnen het volgende omvatten: toevoegingen, weglatingen, vervangingen, wijzigingen zowel van kwaliteit, kwantiteit, vorm, karakter of aard als in tekeningen, ontwerpen of specificaties, indien de te verrichten leveringen speciaal voor de opdrachtgever moeten worden vervaardigd, alsmede in de methode van verzending of verpakking, de plaats van aflevering en in de voorgeschreven volgorde, werkwijze of planning voor de uitvoering van de leveringen. Een opdracht tot wijziging leidt niet tot nietigheid of ongeldigheid van de overeenkomst, doch de eventuele gevolgen worden gewaardeerd overeenkomstig artikel 22.5 en 22.7.

22.2.

Wijzigingen mogen uitsluitend worden aangebracht op grond van dienstorders, met dien verstande dat:

a) indien de directie het om enigerlei reden noodzakelijk acht om een mondelinge opdracht te geven, deze opdracht zo spoedig mogelijk door haar in een dienstorder wordt bevestigd;

b) indien de leverancier een in artikel 22.2, onder a), bedoelde mondelinge opdracht schriftelijk bevestigt en deze bevestiging niet terstond schriftelijk door de directie wordt weerlegd, een dienstorder voor de wijziging wordt geacht te zijn uitgevaardigd;

c) een dienstorder tot wijziging niet vereist is voor een vermeerdering of vermindering van de hoeveelheid werk die het gevolg is van over- of onderschrijding van de in het becijferde bestek of in de staat van eenheidsprijzen vermelde hoeveelheid.

22.3.

Voordat de directie een dienstorder tot wijziging laat uitgaan, stelt zij, behalve in de gevallen bedoeld in artikel 22.2, de leverancier in kennis van de aard en de vorm van die wijziging. De leverancier dient zo spoedig mogelijk na ontvangst van deze kennisgeving bij de directie een voorstel in, inhoudende:

a) een beschrijving van de eventuele taken of maatregelen en een uitvoeringsschema;

b) eventueel noodzakelijke wijzigingen in het algemene tijdschema of met betrekking tot een van de verplichtingen van de leverancier krachtens de overeenkomst;

c) eventuele aanpassing van de aannemingssom, overeenkomstig het bepaalde in artikel 22.

22.4.

Nadat de directie de voorstellen van de leverancier, als bedoeld in artikel 22.3, heeft ontvangen, besluit zij, na naar behoren overleg te hebben gepleegd met de opdrachtgever en, in voorkomend geval, met de leverancier, zo spoedig mogelijk of de wijziging zal worden uitgevoerd. Indien dat het geval is, geeft zij via een dienstorder de opdracht dat de wijziging wordt uitgevoerd tegen de prijzen en overeenkomstig de voorwaarden zoals die in de in artikel 22.3 bedoelde voorstellen van de leverancier zijn bedongen of zoals die door de directie zijn gewijzigd overeenkomstig artikel 22.5.

22.5.

De prijs van alle door de directie overeenkomstig artikel 22.2 en 22.4 opgedragen wijzigingen wordt door de directie vastgesteld overeenkomstig de volgende beginselen:

a) voor taken van dezelfde aard en uitgevoerd onder dezelfde voorwaarden als taken waarvoor een prijsopgave is gedaan in het becijferde bestek of in de staat van eenheidsprijzen, wordt de waarde tegen de daarin opgenomen prijzen en tarieven berekend;

b) voor taken die niet van dezelfde aard zijn of niet onder dezelfde voorwaarden worden uitgevoerd, worden de prijzen en tarieven van de overeenkomst, voor zover zulks redelijk is, als basis voor de berekening gebruikt; is zulks niet het geval, dan maakt de directie een billijke berekening;

c) is de aard of het bedrag van een wijziging ten opzichte van de aard of het bedrag van de overeenkomst in haar geheel of een deel daarvan, zodanig dat een voor een bepaalde post in de overeenkomst opgenomen tarief of prijs volgens de directie door die wijziging onredelijk is geworden, dan stelt de directie een tarief of prijs vast die zij in de gegeven omstandigheden redelijk en passend acht;

d) indien een wijziging noodzakelijk is ten gevolge van in gebreke blijven of contractbreuk door de leverancier, komen alle extra kosten in verband met deze wijziging ten laste van de leverancier.

22.6.

Wanneer de leverancier een dienstorder betreffende de verlangde wijziging ontvangt, voert hij de wijziging uit en is hij daarbij door deze algemene voorwaarden gebonden alsof de wijziging in de overeenkomst was opgenomen. De leveringen mogen niet worden uitgesteld tot er een verlenging van de uitvoeringstermijn of een aanpassing van de aannemingssom wordt toegekend. Indien de opdracht voor een wijziging voorafgaat aan de aanpassing van de aannemingssom, dient de leverancier een overzicht bij te houden van de kosten en de tijd die met de uitvoering van de wijziging gemoeid zijn. Deze gegevens dienen te allen redelijken tijde voor de directie ter inzage beschikbaar te zijn.

22.7.

Blijkt bij de voorlopige overneming dat een dienstorder of een andere omstandigheid die niet aan het in gebreke blijven van de leverancier te wijten is, tot gevolg heeft dat de totale waarde van de volgens de overeenkomst voorgeschreven leveringen met meer dan 15 % van de aannemingssom is gestegen of gedaald, dan beslist de directie, na overleg met de opdrachtgever en de leverancier, over een verhoging of verlaging van de aannemingssom ingevolge de toepassing van artikel 22.5. De aldus vast te stellen som wordt gebaseerd op het bedrag waarmee de waardestijging of -daling 15 % overschrijdt. De directie stelt de opdrachtgever en de leverancier van dit bedrag in kennis en de aannemingssom wordt dienovereenkomstig aangepast.

Artikel 23

Schorsing

23.1.

De directie kan de leverancier te allen tijde via een dienstorder opdracht geven tot schorsing:

a) van de verdere vervaardiging van de te leveren goederen; of

b) van de aflevering van de goederen op de plaats van overneming op het in het algemene tijdschema vastgestelde tijdstip, of, indien geen tijdstip is aangegeven, op het voor de aflevering geschikte tijdstip; of

c) van de installatie van de goederen die op de plaats van overneming zijn afgeleverd.

23.2.

Zelfs indien de goederen conform de overeenkomst op de plaats van overneming zijn afgeleverd maar de installatie ervan door de directie is geschorst, moet de leverancier tijdens de periode van schorsing de bij hem of elders opgeslagen leveringen zoveel mogelijk en overeenkomstig de instructies van de directie tegen kwaliteitsverlies, verlies of schade beschermen en vrijwaren.

23.3.

De extra uitgaven in verband met deze beschermende maatregelen worden aan de aannemingssom toegevoegd. De leverancier kan echter geen aanspraak maken op vergoeding van extra uitgaven indien de schorsing:

a) onderwerp van andersluidende bepalingen in de overeenkomst is; of

b) noodzakelijk is in verband met de normale klimatologische omstandigheden op de plaats van overneming; of

c) noodzakelijk is wegens enig in gebreke blijven van de leverancier; of

d) noodzakelijk is voor de veiligheid of de correcte uitvoering van de overeenkomst of enig onderdeel daarvan, voor zover deze noodzakelijkheid niet voortvloeit uit een handeling of in gebreke blijven van de directie of de opdrachtgever.

23.4.

De leverancier heeft geen recht op dergelijke aanvullingen op de aannemingssom als hij de directie niet binnen 30 dagen na ontvangst van de order tot schorsing van verdere uitvoering of aflevering, meedeelt dat hij daar aanspraak op wil maken.

23.5.

Na overleg met de opdrachtgever en de leverancier kent de directie de leverancier die daar aanspraak op maakt, een zodanige bijbetaling en/of verlenging van de uitvoeringstermijn toe als zij billijk en redelijk acht.

23.6.

Indien de periode van schorsing 180 dagen overschrijdt en de schorsing niet aan het in gebreke blijven van de leverancier toe te schrijven is, kan de leverancier de directie schriftelijk toestemming vragen de leveringen binnen 30 dagen te hervatten, of kan hij de overeenkomst beëindigen.

MATERIALEN EN WERKUITVOERING

Artikel 24

Kwaliteit van de leveringen

24.1.

De leveringen moeten in alle opzichten voldoen aan de in de bijzondere voorwaarden opgenomen technische specificaties en in alle opzichten overeenstemmen met de in de overeenkomst opgenomen tekeningen, staten, modellen, monsters, mallen en overige vereisten, die gedurende de gehele uitvoeringstermijn voor identificatie ter beschikking van de opdrachtgever en de directie worden gehouden.

24.2.

Voor iedere voorafgaande technische keuring die in de bijzondere voorwaarden wordt voorgeschreven, dient de leverancier een verzoek tot de directie te richten. Dit verzoek behelst de specificatie van de materialen, voorwerpen en monsters die in overeenstemming met de overeenkomst ter keuring worden voorgelegd, en indien van toepassing het nummer van de partij en de plaats waar de keuring dient te geschieden. De in het verzoek omschreven voorwerpen, materialen en monsters moeten voorafgaand aan hun opneming in de leveringen door de directie in overeenstemming met de vereisten voor technische aanvaarding worden verklaard.

24.3.

Ook na een dergelijke technische goedkeuring van materialen of produkten die bestemd zijn om in de leveringen te worden opgenomen of bij de vervaardiging van bestanddelen te worden verwerkt, kunnen deze materialen of produkten alsnog worden afgekeurd en dienen zij onmiddellijk door de leverancier te worden vervangen wanneer bij een nieuw onderzoek gebreken of onvolkomenheden worden geconstateerd. De leverancier kan in de gelegenheid worden gesteld de afgekeurde materialen of produkten te herstellen en in goede staat te brengen, maar deze materialen en produkten zullen alleen voor opneming in de leveringen worden goedgekeurd als ze tot tevredenheid van de directie zijn hersteld en in goede staat zijn gebracht.

Artikel 25

Inspectie en proefnemingen

25.1.

De leverancier draagt er zorg voor dat de leveringen voldoende tijdig op de plaats van overneming worden afgeleverd om de directie gelegenheid te geven voor de keuring van de leveringen. De leverancier wordt geacht zich volkomen rekenschap te hebben gegeven van de moeilijkheden die zich daarbij kunnen voordoen, en derhalve wordt hem niet toegestaan zich te beroepen op enige oorzaak voor vertraging in het nakomen van zijn verplichtingen.

25.2.

De directie heeft het recht om, hetzij zelf, hetzij middels haar gemachtigde, de bestanddelen, materialen en de uitvoering op gezette tijden te inspecteren, aan onderzoeken, metingen en proefnemingen te onderwerpen, en om de gang van zaken te controleren bij de voorbereiding, de vervaardiging of de produktie van alles wat wordt voorbereid, vervaardigd of geproduceerd om krachtens de overeenkomst te worden afgeleverd, ten einde vast te stellen of de bestanddelen, materialen en uitvoering aan de eisen inzake kwaliteit en hoeveelheid voldoen. Dit gebeurt op de plaats van voorbereiding, vervaardiging of produktie dan wel op de plaats van overneming of op andere plaatsen die in de overeenkomst worden genoemd.

25.3.

De leverancier dient met het oog op deze proefnemingen en inspecties:

a) de directie tijdelijk en gratis de bijstand te verlenen, alsmede de monsters en proefstukken, de machines, het materieel, de werktuigen, de materialen, de tekeningen en de produktiegegevens ter beschikking te stellen die normaal gesproken voor inspecties en proefnemingen nodig zijn;

b) tijdstip en plaats van de proefnemingen overeen te komen met de directie;

c) te allen redelijken tijde aan de directie toegang te verschaffen tot de plaats van de proefnemingen.

25.4.

Als de directie op de afgesproken dag voor de proefnemingen niet aanwezig is, kan de leverancier, tenzij de directie hem een andere instructie verstrekt, overgaan tot de uitvoering van de proefnemingen, die worden geacht in aanwezigheid van de directie te zijn verricht. De leverancier doet terstond naar behoren

gewaarmerkte afschriften van de resultaten toekomen aan de directie, die, als zij de proefneming niet heeft bijgewoond, door de proefnemingsresultaten is gebonden.

25.5.

Wanneer bestanddelen en materialen de in artikel 25 bedoelde proefnemingen met goed gevolg hebben doorstaan, stelt de directie de leverancier daarvan in kennis of ondertekent zij het desbetreffende attest van de leverancier.

25.6.

Als de directie en de leverancier het niet eens zijn over de resultaten der proefnemingen, geven zij elkaar binnen 15 dagen nadat het meningsverschil is gerezen, een verklaring van hun standpunt. Zowel de directie als de leverancier kunnen verlangen dat de proefnemingen onder dezelfde omstandigheden en op dezelfde voorwaarden worden herhaald of dat ze, indien een van de beide partijen zulks wenst, opnieuw worden uitgevoerd door een in gezamenlijk overleg uitgekozen deskundige. Alle verslagen over de proefnemingen worden ingediend bij de directie, die de resultaten onverwijld aan de leverancier doet toekomen. De resultaten van de herkeuring zijn beslissend. De kosten voor herkeuring komen ten laste van de partij wier ongelijk is gebleken uit het resultaat van de herkeuring.

25.7.

Bij haar taakuitoefening is de directie en zijn alle door haar gemachtigde personen gehouden informatie die bij de inspecties en proefnemingen ter zake van de produktiemethoden en de werkwijze van de onderneming is verkregen, uitsluitend ter kennis te brengen van degenen die bevoegd zijn daarvan kennis te nemen.

Artikel 26

Eigendom van de leveringen

26.1.

In de bijzondere voorwaarden kan worden bepaald dat de leverancier, ten einde zich er met betrekking tot een deel van de leveringen van te verzekeren dat betaling krachtens artikel 32 plaatsvindt voordat de goederen op de plaats van overneming zijn afgeleverd, gehouden is:

a) de eigendom van het desbetreffende gedeelte aan de opdrachtgever over te dragen; of

b) dat gedeelte van de leveringen te onderwerpen aan een retentierecht ten gunste van de opdrachtgever; of

c) dat gedeelte van de leveringen te onderwerpen aan eender welke andere regeling betreffende voorrang of zekerheid.

26.2.

In geval van beëindiging van de overeenkomst vóór de voltooiing ervan, draagt de leverancier eender welk gedeelte van de leveringen dat krachtens artikel 26.1 eigendom van de opdrachtgever is geworden of aan een retentierecht is onderworpen, aan de opdrachtgever over. Blijft de leverancier in gebreke, dan kan de opdrachtgever de noodzakelijk geachte maatregelen nemen om in het bezit te komen van die leveringen en de daarmee verband houdende kosten op de leverancier verhalen.

BETALING

Artikel 27

Algemeen

27.1.

Betalingen worden in de nationale valuta verricht, tenzij in de overeenkomst anders is bepaald.

27.2.

De administratieve of technische bepalingen voor de betaling van voorschotten, termijnbetalingen en/of eindafrekeningen overeenkomstig de artikelen 28 tot en met 36 worden vastgesteld in de bijzondere voorwaarden.

Artikel 28

Overeenkomsten op basis van voorlopige prijzen

28.1.

In uitzonderlijke gevallen, wanneer niet alle prijzen vooraf kunnen worden bepaald, kan, in overleg tussen en met instemming van de opdrachtgever en de leverancier, een overeenkomst op basis van voorlopige prijzen worden gegund. Het bedrag van de overeenkomst wordt aanvankelijk bepaald op basis van voorlopige prijzen, en daarna, wanneer de uitvoeringsvoorwaarden van de overeenkomst bekend zijn, volgens de in de bijzondere voorwaarden uiteengezette procedure.

28.2.

De leverancier dient de opdrachtgever of de directie alle inlichtingen te verschaffen die deze redelijkerwijs ten aanzien van met de overeenkomst verband houdende zaken in verband met de berekeningen kan verlangen. Wanneer geen overeenstemming kan worden bereikt over de bepaling van de waarde van de leveringen, worden de te betalen bedragen bepaald door de directie.

Artikel 29

Voorschotten

29.1.

Tenzij anders bepaald in de bijzondere voorwaarden, worden aan de leverancier op zijn verzoek voor verrichtingen in verband met de uitvoering van de leveringen voorschotten toegekend in de vorm van een vast bedrag.

29.2.

Behoudens het bepaalde in de bijzondere voorwaarden, mag het totale bedrag van de voorschotten niet meer bedragen dan 60 % van de aannemingssom.

29.3.

Voorschotten worden pas verstrekt nadat:

a) de overeenkomst is gesloten;

b) de leverancier de uitvoeringsgarantie overeenkomstig artikel 11 aan de opdrachtgever heeft verstrekt;

c) de leverancier aan de opdrachtgever voor het volledige bedrag van het voorschot een afzonderlijke afroepgarantie van de in artikel 11.3 genoemde instellingen heeft gegeven, die van kracht blijft gedurende ten minste 60 dagen na de voorlopige overneming van de leveringen.

29.4.

De leverancier gebruikt het voorschot alleen voor verrichtingen in verband met de leveringen van de goederen. Indien de leverancier misbruik maakt van een gedeelte van het voorschot, dient hij het voorschot onmiddellijk terug te betalen en worden er verder geen voorschotten meer aan hem betaald.

29.5.

Indien de voorschotgarantie niet meer geldig is en de leverancier verzuimt deze weer te doen gelden, kan de opdrachtgever hetzij een bedrag ter grootte van het voorschot inhouden op latere betalingen die krachtens de overeenkomst aan de leverancier verschuldigd zijn, hetzij artikel 11.6 toepassen.

29.6.

In geval van beëindiging van de overeenkomst, ongeacht de oorzaak daarvan, kunnen de garanties tot zekerstelling van de voorschotten onmiddellijk worden ingeroepen met het oog op terugbetaling van het nog door de leverancier verschuldigde saldo van de voorschotten, zonder dat de borg de betaling ervan op welke gronden dan ook kan uitstellen of betwisten.

29.7.

De in artikel 29 bedoelde voorschotgarantie wordt niet vrijgegeven voordat de voorlopige overneming van de leveringen heeft plaatsgevonden, maar wel binnen 60 dagen na de datum van voorlopige overneming.

29.8.

De nadere voorwaarden en procedures voor de toekenning en terugbetaling van voorschotten worden omschreven in de bijzondere voorwaarden.

Artikel 30

Inhoudingen

30.1.

Het bedrag dat op de termijnbetalingen wordt ingehouden als zekerheid voor de verplichtingen van de leverancier gedurende de garantietermijn, alsmede de nauwkeurige voorschriften waaraan deze zekerheid moet voldoen, worden in de bijzondere voorwaarden vastgesteld; dit bedrag mag echter in geen geval hoger zijn dan 10 % van de aannemingssom.

30.2.

Uiterlijk tot de voorlopige overneming van de leveringen en met instemming van de opdrachtgever kan de leverancier de inhoudingen desgewenst vervangen door een inhoudingsgarantie die wordt verstrekt overeenkomstig artikel 11.3.

30.3.

De inhouding of de inhoudingsgarantie wordt vrijgegeven binnen 90 dagen na de datum van definitieve overneming van de leveringen.

Artikel 31

Prijsherziening

31.1.

Behoudens andersluidende bepalingen in de bijzondere voorwaarden en behoudens artikel 31.4, is de overeenkomst een overeenkomst met vaste prijzen die niet voor herziening vatbaar zijn.

31.2.

Bij overeenkomsten met voor herziening vatbare prijzen wordt bij de prijsherziening rekening gehouden met schommelingen in de prijzen voor belangrijke lokale of externe posten die als grondslag dienen voor de berekening van de inschrijvingssom, zoals arbeidslonen, diensten, materialen en leveringen, alsmede met de uit wettelijke bepalingen of regelingen voortvloeiende lasten. De nadere voorschriften voor de herziening worden in de bijzondere voorwaarden vastgelegd.

31.3.

De in de inschrijving van de leverancier vermelde prijzen worden geacht

a) te zijn opgemaakt op grond van de omstandigheden die golden 30 dagen vóór de uiterste datum voor indiening van de inschrijvingen of, in geval van onderhandse overeenkomsten, op de datum van de overeenkomst;

b) rekening te houden met de wetten en relevante belastingvoorschriften die van toepassing waren op de overeenkomstig artikel 31.3, onder a), bepaalde referentiedatum.

31.4.

Wanneer na de in artikel 31.3 beoogde datum een wet, verordening, decreet of andere wettelijke regeling van een Staat of deelstaat, dan wel een regeling of beschikking van een plaatselijke of andere overheidsinstantie, wordt gewijzigd of in werking treedt, met als gevolg dat er een wijziging optreedt in de contractuele relatie tussen de partijen bij de overeenkomst, plegen de opdrachtgever en de leverancier overleg over de wijze waarop verder krachtens de overeenkomst te werk moet worden gegaan; ingevolge dat overleg kunnen zij besluiten:

a) dat de overeenkomst wordt gewijzigd; of

b) dat de ene partij aan de andere een vergoeding voor het ontstane nadeel betaalt; of

c) dat de overeenkomst in onderlinge overeenstemming wordt beëindigd.

31.5.

In geval van vertraging bij de uitvoering van de overeenkomst, waarvoor de leverancier verantwoordelijk is, of aan het eind van de uitvoeringstermijn, die in voorkomend geval conform de overeenkomst is gewijzigd, worden de prijzen in de 30 dagen vóór de voorlopige overneming niet meer herzien, behoudens toepassing van een nieuwe prijsindexering, indien zulks in het voordeel van de opdrachtgever is.

Artikel 32

Termijnbetalingen

32.1.

Tenzij anders bepaald in de bijzondere voorwaarden, dient de leverancier, aan het eind van iedere in artikel 32.7 bedoelde periode en in een door de directie goedgekeurde vorm, bij de directie een verzoek tot termijnbetaling in. Naar gelang van het geval bevat dit verzoek de volgende gegevens:

a) de volgens de overeenkomst geraamde waarde van de leveringen die aan het eind van de betrokken periode zijn verricht;

b) een bedrag dat een eventuele prijsherziening krachtens artikel 31 weergeeft;

c) een bedrag dat moet worden ingehouden overeenkomstig artikel 30;

d) debiteringen/crediteringen met betrekking tot de betrokken periode ten aanzien van goederen die in het kader van de overeenkomst zijn geleverd, maar nog niet zijn geïnstalleerd of in werking gesteld, ter hoogte van het bedrag en onder de voorwaarden neergelegd in artikel 32.2;

e) alle andere bedragen waarop de leverancier krachtens de overeenkomst recht kan doen gelden.

32.2.

De leverancier heeft recht op de bedragen die de directie passend acht met betrekking tot goederen die in het kader van de overeenkomst zijn geleverd, maar nog niet zijn geïnstalleerd of in werking zijn gesteld, mits:

a) de leveringen beantwoorden aan de specificaties van de overeenkomst en zodanig in partijen zijn gesorteerd dat zij door de directie kunnen worden herkend;

b) de goederen op de plaats van overneming zijn afgeleverd en ten genoegen van de directie naar behoren zijn opgeslagen en beveiligd tegen verlies, beschadiging of kwaliteitsvermindering;

c) het overzicht van de leverancier inzake de behoeften, de bestellingen, de ontvangst en het gebruik van de goederen en materialen krachtens de overeenkomst wordt bijgehouden in een door de directie goedgekeurde vorm, en door de directie kan worden geverifieerd;

d) de leverancier, te zamen met zijn declaratie, een raming van de waarde van de op de plaats van overneming aanwezige leveringen indient, alsmede alle bescheiden die de directie nodig kan hebben voor de waardebepaling van de leveringen en waaruit blijkt dat de leverancier daarvan eigenaar is en ervoor heeft betaald; en mits

e) indien zulks in de bijzondere voorwaarden is bepaald, de eigendom van de leveringen als bedoeld in artikel 26 wordt geacht aan de opdrachtgever te zijn overgedragen.

32.3.

Wanneer de directie ingevolge artikel 32 door haar gefiatteerde termijnbetalingen met betrekking tot goederen en materialen goedkeurt, doet dat geen afbreuk aan het recht dat de directie krachtens de overeenkomst heeft om goederen en materialen die niet aan de overeenkomst voldoen, af te keuren. Indien zulks in de bijzondere voorwaarden is bepaald, worden in geval van afkeuring de afgekeurde goederen en materialen onmiddellijk weer eigendom van de leverancier.

32.4.

De leverancier is aansprakelijk voor verlies, beschadiging en de kosten van opslag, verplaatsing en verwijdering van de afgekeurde goederen en materialen van de plaats van overneming en dient de nodige aanvullende verzekeringen af te sluiten ter dekking van risico's in verband met verlies of beschadiging, ongeacht de oorzaak.

32.5.

Binnen 30 dagen na ontvangst van het verzoek om termijnbetaling wordt dit goedgekeurd of zodanig gewijzigd dat het volgens de directie het bedrag weergeeft waarop de leverancier krachtens de overeenkomst recht heeft. Bij verschil van mening over de waarde van een post is het oordeel van de directie doorslaggevend. Na vaststelling van het aan de leverancier verschuldigde bedrag verstrekt de directie de opdrachtgever en de leverancier een termijnbetalingscertificaat voor het aan de leverancier verschuldigde bedrag en deelt zij de leverancier mede voor welke leveringen betaling plaatsvindt.

32.6.

De directie mag via een termijnbetalingscertificaat correcties of wijzigingen aanbrengen in alle eerder door haar afgegeven certificaten en is gemachtigd de waardebepaling van een termijnbetalingscertificaat te wijzigen of de afgifte van een certificaat te weigeren indien de overeenkomst of onderdelen daarvan niet tot haar genoegen zijn uitgevoerd.

32.7.

De frequentie van de termijnbetalingen wordt vastgesteld in de bijzondere voorwaarden overeenkomstig de karakteristieken van de leveringen.

32.8.

In de bijzondere voorwaarden kan worden voorgeschreven dat sommige termijnbetalingen in hun geheel moeten worden gegarandeerd door een overeenkomstig artikel 11 goedgekeurde garantie.

Artikel 33

Eindafrekening

33.1.

Uiterlijk 60 dagen na afgifte van het in artikel 42 genoemde certificaat van definitieve overneming dient de leverancier bij de directie een ontwerp-eindafrekening in, samen met bewijsstukken waarin op gedetailleerde wijze de waarde van de krachtens de overeenkomst uitgevoerde leveringen, alsmede alle andere bedragen waarop de leverancier in het kader van de

overeenkomst recht meent te hebben, zijn aangegeven, ten einde de directie in staat te stellen de eindafrekening op te maken. Overeenkomstig artikel 33.6 kan evenwel in de bijzondere voorwaarden worden bepaald dat de ontwerp-eindafrekening en de daarmee samenhangende procedures vóór de afgifte van het certificaat van voorlopige overneming afgehandeld moeten worden.

33.2.

Binnen 60 dagen na ontvangst van deze ontwerp-eindafrekening en van alle gegevens die redelijkerwijs voor de controle ervan nodig zijn, stelt de directie de eindafrekening op met de volgende bedragen:

a) het bedrag dat volgens haar krachtens de overeenkomst uiteindelijk verschuldigd is, en

b) na vaststelling van de reeds verrichte betalingen en met alle bedragen waarop de opdrachtgever krachtens de overeenkomst recht heeft, het eventuele saldo dat de opdrachtgever aan de leverancier verschuldigd is, of dat de leverancier aan de opdrachtgever verschuldigd is, naar gelang van het geval.

33.3.

De directie verstrekt de opdrachtgever of diens naar behoren gemachtigde vertegenwoordiger en de leverancier de eindafrekening met het definitieve bedrag waarop de leverancier krachtens de overeenkomst recht heeft. De opdrachtgever of diens naar behoren gemachtigde vertegenwoordiger en de leverancier ondertekenen de eindafrekening, waardoor zij de gehele en definitieve waarde erkennen van de leveringen die krachtens de overeenkomst zijn uitgevoerd en zij sturen de directie onmiddellijk een ondertekend exemplaar. De eindafrekening bevat evenwel geen betwiste bedragen die het voorwerp zijn van onderhandelingen, bemiddeling, arbitrage of beslechting.

33.4.

De door de leverancier ondertekende eindafrekening vormt een schriftelijke kwijting aan de opdrachtgever, ter bevestiging dat het in de eindafrekening vermelde bedrag de gehele en definitieve vereffening is van alle bedragen die aan de leverancier uit hoofde van de overeenkomst verschuldigd zijn, behalve die bedragen die het voorwerp zijn van een minnelijke schikking, arbitrage of beslechting. Deze kwijting is echter pas effectief na betaling van bedragen die verschuldigd zijn op grond van de eindafrekening en nadat de in artikel 11 vermelde uitvoeringsgarantie aan de leverancier is gerestitueerd.

33.5.

De opdrachtgever kan door de leverancier niet aansprakelijk worden gesteld voor welke kwesties dan ook die voortvloeien uit of verband houden met de overeenkomst of de uitvoering van de leveringen, tenzij de leverancier dienaangaande aanspraken in zijn ontwerp-eindafrekening heeft gemaakt.

33.6.

Gelet op de gebruiken in de Staat van de opdrachtgever kan in de bijzondere voorwaarden worden afgeweken van artikel 33.

Artikel 34

Betaling aan derden

34.1.

Opdrachten tot betaling aan derden kunnen slechts worden uitgevoerd na een cessie overeenkomstig artikel 6. De cessie wordt ter kennis van de opdrachtgever gebracht.

34.2.

Kennisgeving van cessionarissen geschiedt uitsluitend door de leverancier.

34.3.

Onverminderd de in artikel 35 genoemde termijn beschikt de opdrachtgever, in geval van rechtsgeldig derdenbeslag op het eigendom van de leverancier, dat betrekking heeft op aan hem verschuldigde bedragen uit hoofde van de overeenkomst, over 30 dagen om de betalingen aan de leverancier te hervatten; deze termijn gaat in op de dag waarop hij kennisgeving ontvangt van de definitieve opheffing van het beletsel tot betaling.

Artikel 35

Achterstallige betalingen

35.1.

De bedragen die verschuldigd zijn op grond van de door de directie afgegeven termijnbetalingscertificaten en eindafrekening, worden door de opdrachtgever aan de leverancier uitbetaald binnen 90 dagen nadat dit certificaat of deze afrekening bij de opdrachtgever is ingekomen. Bij overschrijding van de betalingstermijn heeft de leverancier recht op rente, berekend naar het aantal dagen vertraging en tegen het in de bijzondere voorwaarden vastgestelde percentage, over een eveneens in de bijzondere voorwaarden vermelde maximumperiode. De leverancier heeft, onverminderd alle andere rechten en verhaalmiddelen krachtens de overeenkomst, recht op betaling van die rente. Voor wat de eindafrekening betreft wordt de rente voor de achterstallige betaling op dagbasis berekend tegen het in de bijzondere voorwaarden vastgestelde percentage.

35.2.

Is meer dan 120 dagen na het verstrijken van de in artikel 35.1 vastgestelde termijn geen betaling geschied, dan ontstaat voor de leverancier het recht om de overeenkomst niet uit te voeren of te beëindigen.

Artikel 36

Betalingen in vreemde valuta

Indien de leverancier krachtens de overeenkomst recht heeft op betalingen in vreemde valuta, zijn de omrekeningskoersen voor de betalingen die welke door de centrale bank van de Staat van de opdrachtgever zijn vastgesteld 30 dagen vóór de uiterste datum voor de indiening van de inschrijvingen voor de opdracht. Die omrekeningskoersen zijn vast.

OVERNEMING EN GARANTIE

Artikel 37

Aflevering

37.1.

De leverancier levert de goederen af overeenkomstig de bepalingen van de overeenkomsten en de leverancier blijft verantwoordelijk voor de leveringen tot de voorlopige overneming.

37.2.

De leverancier verpakt de leveringen zoals vereist is om te voorkomen dat zij schade of kwaliteitsverminderingen oplopen gedurende het vervoer naar hun eindbestemming als bepaald in de overeenkomst. De verpakking moet voldoende zijn om zonder beperkingen ruwe verlading, blootstelling aan extreme temperaturen, zout en neerslag gedurende het vervoer en opslag in de buitenlucht te kunnen doorstaan. Omvang en gewicht van de verpakking moeten, in voorkomend geval, zijn afgestemd op de afgelegen ligging van de eindbestemming van de leveringen en de mogelijke afwezigheid van faciliteiten voor het verladen van zware vrachten op alle punten tijdens het vervoer.

37.3.

Verpakking, merking en begeleidende documenten in en buiten op de verpakking moeten in overeenstemming zijn met de bijzondere eisen die uitdrukkelijk in de overeenkomst worden gesteld, onder voorbehoud van wijzigingen daarin volgens latere instructies van de opdrachtgever.

37.4.

De leveringen worden niet eerder naar de plaats van overneming verzonden of aldaar afgeleverd dan nadat de leverancier van de directie een schriftelijke bevestiging heeft verkregen uit hoofde waarvan de goederen mogen worden afgeleverd. De leverancier is verantwoordelijk voor de aflevering op de plaats van overneming van alle leveringen en voor het leveranciersmaterieel dat ten behoeve van de overeenkomst is vereist.

37.5.

Iedere aflevering moet vergezeld gaan van een door de leverancier opgemaakte staat. Deze staat, die conform het in de bijzondere voorwaarden voorgeschreven model is, behelst met name de volgende gegevens:

- de afleveringsdatum;

- het referentienummer van de overeenkomst;

- de identiteitsgegevens betreffende de leverancier;

- de omschrijving van de geleverde goederen, eventueel met opgave van de verdeling over de verpakkingen.

37.6.

Iedere verpakking moet duidelijk voorzien zijn van het volgnummer vermeld in de in artikel 37.5 bedoelde staat; tenzij anders voorgeschreven, bevat deze staat een inventaris van de inhoud.

37.7.

De aflevering wordt geacht te zijn geschied wanneer voor beide partijen toegankelijk schriftelijk bewijs bestaat dat de aflevering van de goederen heeft plaatsgevonden conform het bepaalde in de overeenkomst en wanneer de factuur of facturen en alle andere documenten als vermeld in de bijzondere voorwaarden aan de opdrachtgever zijn overgelegd. Wanneer de leveringen in een inrichting van de opdrachtgever worden afgeleverd, draagt deze overeenkomstig de bepalingen van het op de overeenkomst toepasselijke recht aansprakelijkheid als bewaarnemer, gedurende de tijd die verloopt tussen de aflevering voor opslag en de overneming.

37.8.

Alle materialen en goederen die uit hoofde van de overeenkomst worden geleverd, worden ten behoeve van de opdrachtgever volledig verzekerd tegen verlies of schade bij fabricage of verwerving, vervoer, opslag en aflevering, overeenkomstig het bepaalde in de bijzondere voorwaarden.

Artikel 38

Keuringen

38.1.

De leveringen worden slechts overgenomen na op kosten van de leverancier op de voorgeschreven wijze te zijn gekeurd en beproefd. De inspecties en proefnemingen kunnen worden uitgevoerd op de plaats van aflevering en/of van eindbestemming van de goederen.

38.2.

De directie kan tijdens de uitvoering van de leveringen en voordat deze worden overgenomen, opdracht geven of beslissen dat:

a) leveringen die haars inziens niet in overeenstemming zijn met de overeenkomst, binnen de in de opdracht genoemde termijn(en) van de plaats van overneming worden verwijderd;

b) deze goederen of materialen door geschikte goederen of materialen worden vervangen;

c) installaties die haars inziens ten aanzien van materialen, uitvoering of ontwerp waarvoor de leverancier verantwoordelijk is, niet stroken met de overeenkomst, worden verwijderd en op de juiste wijze opnieuw geïnstalleerd, ongeacht of zij eerder zijn gekeurd of dat er een termijnbetaling voor is verricht;

d) door de leverancier uitgevoerd werk, geleverde goederen of gebruikte materialen niet in overeenstemming zijn met de overeenkomst, dan wel dat de leveringen of een gedeelte daarvan niet aan de voorschriften van de overeenkomst voldoen.

38.3.

De leverancier herstelt op eigen kosten met bekwame spoed de aldus gespecificeerde gebreken. Indien de leverancier in gebreke blijft wat de uitvoering van de opdracht betreft, is de opdrachtgever gerechtigd andere personen in dienst te nemen om de opdrachten uit te voeren; alle onkosten die hieruit voortvloeien of die hiervoor worden gemaakt, worden door de opdrachtgever verhaald op de leverancier of kunnen door de opdrachtgever in mindering worden gebracht op bedragen die aan de leverancier verschuldigd zijn of zullen worden.

38.4.

Leveringen die niet de vereiste kwaliteit bezitten, worden afgekeurd. Zij kunnen worden voorzien van een speciaal merk; dit mag niet van dien aard zijn dat de kwaliteit of de handelswaarde van de afgekeurde goederen erdoor wordt aangetast. De afgekeurde leveringen dienen, indien de directie dit verlangt, binnen de door de directie te preciseren termijn door de leverancier van de plaats van overneming te worden verwijderd; blijft de leverancier daarbij in gebreke, dan worden zij rechtens op kosten en voor risico van de leverancier verwijderd. Ieder werk waarin afgekeurde materialen zijn verwerkt, wordt afgekeurd.

38.5.

De bepalingen van artikel 38 doen geen afbreuk aan het recht van de opdrachtgever om op grond van artikel 21 aanspraken te maken, noch ontslaan zij de leverancier op enigerlei wijze van garantieverplichtingen of andere contractuele verplichtingen.

Artikel 39

Voorlopige overneming

39.1.

De geleverde goederen worden door de opdrachtgever overgenomen wanneer zij conform de bepalingen van de overeenkomst zijn afgeleverd, wanneer zij de vereiste keuringen met bevredigend resultaat hebben doorstaan, wanneer zij in voorkomend geval in werking zijn gesteld en wanneer een certificaat van voorlopige overneming is afgegeven of geacht wordt te zijn afgegeven.

39.2.

Ten vroegste 15 dagen voordat de leveringen naar het oordeel van de leverancier voltooid zullen zijn en ter voorlopige overneming gereed komen, kan de leverancier de directie schriftelijk om een certificaat van voorlopige overneming verzoeken. Binnen 30 dagen na ontvangst van het verzoek van de leverancier dient de directie:

a) het certificaat van voorlopige overneming aan de leverancier te doen toekomen, met een afschrift aan de opdrachtgever; daarin vermeldt zij, in voorkomend geval, haar voorbehoud, en onder andere de datum waarop de leveringen volgens haar conform de overeenkomst waren voltooid en ter voorlopige overneming gereed zijn gekomen; of wel

b) het verzoek af te wijzen en daarbij aan te geven welke actie de leverancier volgens haar moet ondernemen om het certificaat te ontvangen.

39.3.

Indien buitengewone omstandigheden de overneming van de leveringen gedurende de voor de voorlopige of definitieve overneming vastgestelde termijn beletten, dan wordt dit, indien mogelijk na overleg met de leverancier, bij proces-verbaal door de directie vastgesteld. Binnen 30 dagen na de dag waarop het beletsel is weggevallen, wordt door de directie een certificaat van goedkeuring of afwijzing opgesteld. De leverancier mag zich niet op bedoelde omstandigheden beroepen om zich te onttrekken aan de verplichting de leveringen in een geschikte staat van overneming aan te bieden.

39.4.

Indien de directie binnen 30 dagen geen certificaat van voorlopige overneming verstrekt of de levering binnen die termijn niet afwijst, wordt ervan uitgegaan dat zij het certificaat heeft verstrekt op de laatste dag van die termijn. Een certificaat van voorlopige overneming wordt niet beschouwd als een erkenning dat de leveringen in alle opzichten verricht zijn. Indien de leveringen bij de overeenkomst in partijen zijn uitgesplitst, heeft de leverancier het recht om voor elke partij een apart certificaat aan te vragen.

39.5.

Na voorlopige overneming van de leveringen sloopt en verwijdert de leverancier de hulpwerken alsmede de materialen die niet meer nodig zijn voor de uitvoering van de overeenkomst. Bovendien verwijdert hij alle afval en obstakels en herstelt hij elke door de overeenkomst vereiste verandering van het terrein.

Artikel 40

Garantieverplichtingen

40.1.

De leverancier garandeert dat de geleverde goederen nieuw, niet eerder gebruikt en van het recentste model zijn en dat alle recente verbeteringen inzake ontwerp en materiaal daarin zijn verwerkt, tenzij in de overeenkomst anders is bepaald. Voorts garandeert de leverancier dat alle geleverde goederen geen ontwerp-, materiaal- of constructiefouten vertonen, behalve voor zover de keuze van ontwerp of materialen is bepaald in de specificaties, noch gebreken die door toedoen of nalatigheid van de opdrachtgever kunnen ontstaan bij normaal gebruik van de goederen onder de voorwaarden die gelden in de Staat van de opdrachtgever.

40.2.

Tenzij anders is bepaald in de bijzondere voorwaarden, moet deze garantie geldig blijven gedurende een periode van 360 dagen nadat de goederen, of desgevallend partijen ervan, op de in de overeenkomst vermelde eindbestemming zijn afgeleverd en in werking gesteld, of gedurende een periode van 540 dagen na verscheping in de haven van het land van herkomst, indien die periode vroeger eindigt. De garantieverplichting valt onder de bijzondere voorwaarden en de specificaties waarin de desbetreffende termijn en voorwaarden zijn vastgesteld.

40.3.

De leverancier is verantwoordelijk voor het verhelpen of herstellen van gebreken of schade aan onderdelen van de leveringen, die tijdens de garantietermijn of binnen 30 dagen na het verstrijken hiervan aan de dag treden of ontstaan:

a) ingevolge verwerking van gebrekkige materialen, onvoldoende vakmanschap, of een ondeugdelijk ontwerp van de leverancier; of

b) ingevolge handelingen of nalatigheden van de leverancier gedurende de garantietermijn; of

c) tijdens een keuring door of namens de directie vóór het verstrijken van de garantietermijn.

40.4.

Zo spoedig als mogelijk is, verhelpt of herstelt de leverancier voor eigen rekening de gebreken of schade. Voor alle vervangingen of reparaties begint de onderhoudstermijn opnieuw vanaf de datum waarop de vervanging of de reparatie tot genoegen van de directie is geschied. Indien de overeenkomst voorziet in gedeeltelijke overneming, wordt de onderhoudstermijn alleen verlengd voor het onderdeel van de leveringen dat door de vervanging of de reparatie is betroffen.

40.5.

Indien dergelijke gebreken aan de dag treden of dergelijke schade ontstaat tijdens de in artikel 40.3 genoemde periode, stelt de opdrachtgever of de directie de leverancier daarvan in kennis. Indien de leverancier de gebreken of schade niet binnen de in de kennisgeving gestelde termijn verhelpt of herstelt, kan de opdrachtgever:

a) het gebrek of de schade zelf verhelpen of herstellen, dan wel iemand anders in dienst nemen om het werk op risico en voor rekening van de leverancier te laten uitvoeren, waarbij de door de opdrachtgever gemaakte kosten worden afgetrokken van de bedragen verschuldigd aan of van de garanties gesteld door de leverancier, of van beide; of

b) de overeenkomst beëindigen.

40.6.

In spoedgevallen, wanneer de leverancier niet onmiddellijk kan worden bereikt of, als hij wel bereikt is, niet de vereiste maatregelen kan treffen, kan de opdrachtgever of de directie het werk laten uitvoeren op kosten van de leverancier. De opdrachtgever of de directie stelt de leverancier zo spoedig mogelijk in kennis van de genomen stappen.

Artikel 41

Nazorg

De eventueel bij de overeenkomst vereiste nazorg wordt verleend overeenkomstig de nadere bepalingen van de bijzondere voorwaarden. De leverancier verbindt zich ertoe te zorgen of te laten zorgen voor onderhoud en reparatie van de leveringen en te voorzien in snelle verstrekking van reserveonderdelen. In de bijzondere voorwaarden kan worden bepaald dat de leverancier met betrekking tot de door hem geproduceerde of gedistribueerde reserveonderdelen alle of een deel van de onderstaande verplichtingen dient na te komen:

a) levering van de reserveonderdelen die de opdrachtgever bij de leverancier verkiest aan te kopen, met dien verstande dat deze keuze de leverancier niet ontheft van zijn garantieverplichtingen krachtens de overeenkomst; en

b) bij stopzetting van de produktie: voorafgaande kennisgeving aan de opdrachtgever opdat deze de nodige onderdelen kan aankopen, en na stopzetting van de produktie: kosteloze verstrekking aan de opdrachtgever van de blauwdrukken, tekeningen en specificaties van de reserveonderdelen indien en wanneer daarom wordt verzocht.

Artikel 42

Definitieve overneming

42.1.

Bij het verstrijken van de garantietermijn of, wanneer er meer dan één garantietermijn bestaan, bij het verstrijken van de laatste termijn, en wanneer alle gebreken zijn verholpen en alle schade is hersteld, verstrekt de directie de leverancier een certificaat van definitieve overneming, met afschrift aan de opdrachtgever, waarin opgave wordt gedaan van de datum waarop de leverancier tot genoegen van de directie aan zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst heeft voldaan. Het certificaat van definitieve overneming wordt door de directie overgelegd binnen 30 dagen na het einde van de garantietermijn of zodra de op grond van artikel 40 opgedragen herstellingen tot genoegen van de directie zijn voltooid.

42.2.

De overeenkomst wordt niet als volledig uitgevoerd beschouwd, zolang het certificaat van definitieve overneming niet door de directie is ondertekend en aan de opdrachtgever afgegeven, met een afschrift aan de leverancier.

42.3.

Ongeacht de afgifte van het certificaat van definitieve overneming blijven de leverancier en de opdrachtgever aansprakelijk voor de uitvoering van verplichtingen krachtens de overeenkomst die zijn ontstaan voordat het certificaat van definitieve overneming werd afgegeven, doch waaraan nog niet is voldaan op het moment waarop het werd verstrekt. De aard en de draagwijdte van dergelijke verplichtingen worden vastgesteld onder verwijzing naar de bepalingen van de overeenkomst.

CONTRACTBREUK EN BEËINDIGING VAN DE

OVEREENKOMST

Artikel 43

Contractbreuk

43.1.

Een partij pleegt contractbreuk wanneer zij een krachtens de overeenkomst op haar rustende verplichting niet nakomt.

43.2.

In geval van contractbreuk staan de benadeelde partij de volgende rechtsmiddelen ter beschikking:

a) schadevergoeding; en/of

b) beëindiging van de overeenkomst.

43.3.

Schadevergoeding kan:

a) algemeen zijn; of

b) gefixeerd zijn.

43.4.

Indien de opdrachtgever recht heeft op schadevergoeding, mag hij deze inhouden op alle aan de leverancier verschuldigde bedragen of op de desbetreffende garantie.

Artikel 44

Beëindiging van de overeenkomst door de opdrachtgever

44.1.

De opdrachtgever kan de overeenkomst te allen tijde en met onmiddellijke ingang beëindigen, behoudens het bepaalde in artikel 44.2.

44.2.

Tenzij in deze algemene voorwaarden anders is bepaald, kan de opdrachtgever, na de leverancier hiervan zeven dagen van tevoren in kennis te hebben gesteld, in elk van de volgende gevallen de overeenkomst beëindigen:

a) indien de leverancier de leveringen niet strikt conform de bepalingen van de overeenkomst uitvoert;

b) indien de leverancier niet binnen een redelijke termijn gevolg geeft aan een aanmaning van de directie om een nalatigheid of verzuim bij de nakoming van zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst goed te maken, waardoor correcte en tijdige uitvoering van de overeenkomst ernstig in het gedrang komt;

c) indien de leverancier dienstorders van de directie weigert of nalaat uit te voeren;

d) indien de leverancier de overeenkomst overdraagt of onderaannemingsovereenkomsten sluit zonder dat de opdrachtgever daarvoor toestemming heeft gegeven;

e) indien de leverancier failliet gaat of insolvent wordt, onder curatele wordt gesteld, een regeling met zijn schuldeisers treft, onder een curator, bewindvoerder of beheerder blijft voortwerken ten behoeve van zijn schuldeisers, of in liquidatie is;

f) indien een nadelige onherroepelijke rechterlijke uitspraak wordt gedaan over een inbreuk op de beroepsethiek van de leverancier;

g) indien enigerlei andere vorm van juridische onbekwaamheid de uitvoering van de overeenkomst in de weg staat;

h) indien er zich veranderingen in de organisatie voordoen die een wijziging van de rechtspersoonlijkheid, de aard of het beheer van de leverancier tot gevolg hebben, tenzij die veranderingen in een bijvoegsel bij de overeenkomst worden vastgelegd;

i) indien de leverancier verzuimt de vereiste garantie of zekerheid te stellen of indien de persoon die de eerdere garantie of zekerheid stelde, zijn verplichtingen niet kan nakomen.

44.3.

Beëindiging van de overeenkomst doet geen afbreuk aan andere rechten of bevoegdheden waarover de opdrachtgever en de leverancier krachtens de overeenkomst beschikken. De opdrachtgever mag daarna voor rekening van de leverancier een andere overeenkomst met een derde partij sluiten. De aansprakelijkheid van de leverancier voor vertraging bij de voltooiing houdt onmiddellijk op wanneer de overeenkomst wordt beëindigd, onverminderd elke eventueel eerder ontstane aansprakelijkheid.

44.4.

Wanneer de beëindiging van de overeenkomst wordt aangezegd, geeft de directie de leverancier opdracht onmiddellijk maatregelen te treffen om de uitvoering van de overeenkomst onverwijld op ordelijke wijze tot een einde te brengen en de kosten tot een minimum te beperken.

44.5.

Zo spoedig mogelijk na beëindiging van de overeenkomst bepaalt de directie de waarde van de leveringen en stelt zij alle bedragen vast die bij de beëindiging van de overeenkomst aan de leverancier verschuldigd zijn.

44.6.

In geval van beëindiging van de overeenkomst:

a) stelt de directie, in aanwezigheid van de leverancier of zijn vertegenwoordigers dan wel na deze naar behoren te hebben opgeroepen, zo spoedig mogelijk een rapport op van de uitgevoerde leveringen en het verrichte werk en maakt zij een inventaris op van de aangevoerde materialen die niet zijn gebruikt. Voorts wordt een staat opgemaakt van de bedragen die de leverancier aan de opdrachtgever verschuldigd is;

b) mag de opdrachtgever materialen en zaken die door de leverancier zijn aangevoerd of besteld en die nog niet door de opdrachtgever zijn betaald, tegen marktprijzen overnemen op de voorwaarden die door de directie dienstig worden geacht.

44.7.

De opdrachtgever is niet verplicht de leverancier verdere betalingen te doen voordat de leveringen zijn voltooid; daarna heeft de opdrachtgever het recht om de eventuele extra kosten voor de voltooiing van de leveringen bij de leverancier in te vorderen, of betaalt hij de leverancier het hem vóór de beëindiging van de overeenkomst verschuldigde saldo uit.

44.8.

Als de opdrachtgever de overeenkomst beëindigt, mag hij op de leverancier alle door hem geleden verliezen verhalen tot het in de overeenkomst vastgestelde maximumbedrag. Indien er geen maximumbedrag is vastgesteld, mag de opdrachtgever niet meer eisen dan ten hoogste het gedeelte van de aannemingssom dat overeenkomt met de waarde van het gedeelte van de leveringen dat door het in gebreke blijven van de leverancier niet kan worden gebruikt voor de daaraan gegeven bestemming.

44.9.

Indien de beëindiging niet het gevolg is van een handeling of verzuim van de leverancier, is deze gerechtigd om naast de hem verschuldigde bedragen voor reeds uitgevoerde werkzaamheden een vergoeding voor geleden verliezen te vorderen.

Artikel 45

Beëindiging van de overeenkomst door de leverancier

45.1.

Met inachtneming van een opzegtermijn van 14 dagen kan de leverancier de overeenkomst met de opdrachtgever beëindigen, indien deze laatste:

a) de leverancier na afloop van de in artikel 35.2 vermelde termijn nog niet de bedragen heeft betaald die hem krachtens een door de directie afgegeven certificaat verschuldigd zijn; of

b) na herhaalde aanmaningen stelselmatig zijn contractuele verplichtingen verzuimt na te komen; of

c) de voortgang van de leveringen of een onderdeel daarvan langer dan 180 dagen schorst om redenen die niet in de overeenkomst zijn vermeld of die niet te wijten zijn aan het in gebreke blijven van de leverancier.

45.2.

Een dergelijke beëindiging van de overeenkomst doet geen afbreuk aan andere rechten waarover de opdrachtgever en de leverancier krachtens de overeenkomst beschikken.

45.3.

Bij een dergelijke beëindiging van de overeenkomst vergoedt de opdrachtgever de leverancier al het eventueel geleden verlies of schade. De desbetreffende bijbetalingen mogen een maximum, dat in de overeenkomst moet worden vermeld, evenwel niet overschrijden.

Artikel 46

Overmacht

46.1.

Geen van de partijen wordt geacht in gebreke te zijn gebleven of haar verplichtingen krachtens de overeenkomst niet te zijn nagekomen, indien zij hierbij werden gehinderd door omstandigheden van overmacht die zich hebben voorgedaan na de datum van kennisgeving van de gunning, of na de datum waarop de overeenkomst van kracht werd, indien die datum eerder viel.

46.2.

Onder "overmacht" wordt hier verstaan: stakingen, uitsluitingen of andere arbeidsconflicten, staatsvijandige handelingen, al dan niet verklaarde oorlogen, blokkades, oproer, rellen, epidemieën, aardverschuivingen, aardbevingen, stormen, bliksem, overstromingen, verzakkingen, ordeverstoringen, explosies en andere soortgelijke onvoorziene gebeurtenissen die geen van beide partijen in de hand heeft en waaraan zij ondanks de nodige inzet niet in staat zijn het hoofd te bieden.

46.3.

Onverminderd de artikelen 21 en 44 kan niet ten nadele van de leverancier worden besloten tot verbeurdverklaring van zijn uitvoeringsgarantie, gefixeerde schadevergoeding of beëindiging van de overeenkomst wegens in gebreke blijven, indien en voor zover de vertraging in de uitvoering of het op andere wijze niet nakomen van zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst het gevolg van overmacht is. Onverminderd de artikelen 35 en 45 is de opdrachtgever evenmin aansprakelijk voor betaling van rente over achterstallige betalingen of voor het niet uitvoeren of beëindigen door de leverancier wegens zijn eigen in gebreke blijven, indien en voor zover de vertraging of het op andere wijze niet nakomen van diens verplichtingen het gevolg van overmacht is.

46.4.

Indien een partij van mening is dat er zich omstandigheden van overmacht hebben voorgedaan die de nakoming van haar verplichtingen nadelig kunnen beïnvloeden, stelt zij de andere partij en de directie daarvan onmiddellijk in kennis, waarbij zij gedetailleerd opgave doet van de aard, de vermoedelijke duur en het waarschijnlijke gevolg van de omstandigheden. Behoudens andersluidende schriftelijke instructies van de directie blijft de leverancier, voor zover dat redelijkerwijze mogelijk is, voldoen aan zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst en zoekt hij ter nakoming van zijn verplichtingen naar redelijke alternatieve middelen die niet door de overmachtssituatie worden gehinderd. De leverancier past deze alternatieve middelen uitsluitend toe indien de directie daartoe instructie geeft.

46.5.

Indien er voor de leverancier meeruitgaven ontstaan door het opvolgen van de instructies van de directie of door het gebruik van alternatieve middelen uit hoofde van artikel 46.4, wordt het bedrag daarvan door de directie gefiatteerd.

46.6.

Indien er zich omstandigheden van overmacht hebben voorgedaan en deze situatie 180 dagen aanhoudt, kan de ene partij, ongeacht een verlenging van de uitvoeringstermijn die op grond van die toestand eventueel aan de leverancier is verleend, de andere partij er met een opzegtermijn van 30 dagen van in kennis stellen dat zij de overeenkomst wenst te beëindigen. Indien de overmachtssituatie na deze 30 dagen nog bestaat, wordt de overeenkomst beëindigd en worden de partijen krachtens het op de overeenkomst toepasselijke recht bijgevolg ontheven van hun verdere verplichtingen krachtens de overeenkomst.

Artikel 47

Overlijden

47.1.

Wanneer de leverancier een natuurlijke persoon is, wordt de overeenkomst automatisch beëindigd indien die persoon komt te overlijden. De opdrachtgever onderzoekt evenwel alle voorstellen van erfgenamen of rechthebbenden die de wens tot voortzetting van de overeenkomst kenbaar hebben gemaakt. Binnen 30 dagen na ontvangst van dergelijke voorstellen brengt de opdrachtgever zijn beslissing ter kennis van de betrokkenen.

47.2.

Wanneer de leverancier uit verschillende natuurlijke personen bestaat en één of meer daarvan komen te overlijden, wordt in gemeenschappelijk overleg tussen de partijen een rapport over de stand van de uitvoering van de overeenkomst opgesteld; de opdrachtgever beslist of de overeenkomst wordt beëindigd dan wel voortgezet overeenkomstig de door de overlevenden, respectievelijk de erfgenamen of rechthebbenden aangegane verbintenis.

47.3.

In de in artikel 47.1 en 47.2 genoemde gevallen geven de personen die voorstellen om de uitvoering van de overeenkomst voort te zetten, hiervan binnen 15 dagen na de datum van het overlijden kennis aan de opdrachtgever.

47.4.

Deze personen zijn, behoudens andersluidende bepalingen in de bijzondere voorwaarden, in dezelfde mate als de oorspronkelijke leverancier, gezamenlijk en hoofdelijk aansprakelijk voor de goede uitvoering van de overeenkomst. De voortzetting van de overeenkomst is onderworpen aan de bepalingen met betrekking tot het stellen van de in artikel 11 bedoelde garantie.

BESLECHTING VAN GESCHILLEN

Artikel 48

Beslechting van geschillen

48.1.

De opdrachtgever en de leverancier stellen alles in het werk om een minnelijke schikking te treffen voor geschillen in verband met de overeenkomst die tussen hen of tussen de directie en de leverancier kunnen ontstaan.

48.2.

De bijzondere voorwaarden bevatten voorschriften betreffende:

a) de procedure voor de minnelijke schikking van geschillen;

b) de termijnen waarin de procedure inzake minnelijke schikking kan worden ingeroepen na kennisgeving van het geschil aan de andere partij, alsmede de maximumtermijn om een dergelijke schikking te bereiken, waarbij geldt dat deze laatste termijn niet langer mag zijn dan 120 dagen vanaf het begin van de te volgen procedure;

c) de termijnen voor de schriftelijke beantwoording van een verzoek om minnelijke schikking of van andere verzoeken die tijdens die procedure geoorloofd zijn, en de gevolgen van het niet nakomen van die termijnen.

48.3.

Nadat de procedure inzake minnelijke schikking is mislukt, kunnen de partijen overeenkomen het geschil binnen een vastgestelde termijn te beslechten via bemiddeling door een derde partij.

48.4.

De procedure inzake minnelijke schikking of beslechting via bemiddeling behelst in alle gevallen een procedure waarbij de tegenpartij in kennis wordt gesteld van de klachten en de reacties daarop.

48.5.

Bij ontstentenis van een minnelijke schikking of beslechting via bemiddeling binnen de vastgestelde maximumtermijnen wordt het geschil beslecht:

a) in geval van een nationale overeenkomst, overeenkomstig het nationale recht van de Staat van de opdrachtgever; en

b) in geval van een transnationale overeenkomst via arbitrage overeenkomstig de door de Raad van de Europese Gemeenschappen vastgestelde procedurevoorschriften.

BIJLAGE IV

ALGEMENE VOORWAARDEN VOOR DOOR HET EUROPEES ONTWIKKELINGSFONDS (EOF) GEFINANCIERDE OVEREENKOMSTEN VOOR DIENSTEN IN DE LGO

INHOUD

INLEIDENDE BEPALINGEN

Artikel 1 - Definities .......... 77

Artikel 2 - Recht en taal van de overeenkomst .......... 78

Artikel 3 - Rangorde van de contractuele bescheiden .......... 78

Artikel 4 - Kennisgevingen en schriftelijke mededelingen .......... 78

Artikel 5 - Directie en vertegenwoordiger van de directie .......... 78

Artikel 6 - Cessie .......... 79

Artikel 7 - Onderaanneming .......... 79

VERPLICHTINGEN VAN DE OPDRACHTGEVER

Artikel 8 - Verstrekken van informatie .......... 80

Artikel 9 - Bijstand met betrekking tot plaatselijke voorschriften .......... 80

VERPLICHTINGEN VAN DE ADVISEUR

Artikel 10 - Algemene verplichtingen .......... 80

Artikel 11 - Beroepsethiek .......... 81

Artikel 12 - Onafhankelijkheid .......... 81

Artikel 13 - Specificaties en ontwerpen .......... 81

Artikel 14 - Schadeloosstelling .......... 81

Artikel 15 - Regelingen inzake gezondheid en verzekeringen .......... 82

Artikel 16 - Eigendom van rapporten en documenten .......... 83

AARD VAN DE DIENSTEN

Artikel 17 - Strekking van de diensten .......... 83

Artikel 18 - Verschaffing van personeel .......... 84

Artikel 19 - Personeel en materieel .......... 84

Artikel 20 - Stagiairs .......... 85

UITVOERING VAN DE OVEREENKOMST

Artikel 21 - Opdracht tot aanvang van uitvoering .......... 85

Artikel 22 - Uitvoeringstermijn .......... 85

Artikel 23 - Verlenging van de uitvoeringstermijn .......... 85

Artikel 24 - Vertraging bij de uitvoering .......... 86

Artikel 25 - Schorsing .......... 86

Artikel 26 - Wijzigingen .......... 86

Artikel 27 - Werktijden .......... 87

Artikel 28 - Verlofrechten .......... 87

Artikel 29 - Inlichtingen .......... 88

Artikel 30 - Boekhouding .......... 88

Artikel 31 - Indiening van rapporten .......... 88

Artikel 32 - Goedkeuring van rapporten en documenten .......... 88

BETALING

Artikel 33 - Algemeen .......... 88

Artikel 34 - Voorschotten .......... 88

Artikel 35 - Procedure voor de betalingen .......... 89

Artikel 36 - Reizen en vervoer .......... 90

Artikel 37 - Prijsherziening .......... 90

Artikel 38 - Achterstallige betalingen .......... 91

Artikel 39 - Betaling aan derden .......... 91

CONTRACTBREUK EN BEËINDIGING VAN DE OVEREENKOMST

Artikel 40 - Contractbreuk .......... 91

Artikel 41 - Beëindiging van de overeenkomst door de opdrachtgever .......... 91

Artikel 42 - Beëindiging van de overeenkomst door de adviseur .......... 92

Artikel 43 - Overmacht .......... 92

Artikel 44 - Overlijden .......... 93

BESLECHTING VAN GESCHILLEN

Artikel 45 - Beslechting van geschillen .......... 93

INLEIDENDE BEPALINGEN

Artikel 1

Definities

1.1.

Voor de toepassing van de onderhavige algemene voorwaarden en van de overeenkomst wordt verstaan onder:

EEG: de Europese Economische Gemeenschap.

LGO: de met de EEG geassocieerde landen en gebieden overzee.

Overeenkomst: de door de partijen aangegane en ondertekende overeenkomst voor het verrichten van de diensten, met inbegrip van alle bijlagen en aanhangsels alsook alle bescheiden die er een geheel mee vormen.

Adviseur: de partij waarmee de opdrachtgever de overeenkomst sluit.

Opdrachtgever: de Staat of de publiekrechtelijke of privaatrechtelijke rechtspersoon door of namens welke de overeenkomst met de adviseur wordt gesloten.

Staat van de opdrachtgever: de LGO op het grondgebied waarvan de overeenkomst voor diensten moet worden uitgevoerd.

Directie: de overheidsdienst, dan wel de publiekrechtelijke rechtspersoon, de natuurlijke persoon of de rechtspersoon die door de opdrachtgever is aangewezen overeenkomstig de wetgeving van de Staat van de opdrachtgever en belast is met de directie en/of controle van de uitvoering van de overeenkomst voor diensten, of aan wie de opdrachtgever krachtens de overeenkomst rechten en/of bevoegdheden kan delegeren.

Vertegenwoordiger van de directie: iedere door de directie krachtens de overeenkomst als zodanig aangewezen natuurlijke of rechtspersoon die bevoegd is de directie bij de uitvoering van haar taak en bij de uitoefening van de aan haar overgedragen rechten en/of bevoegdheden te vertegenwoordigen. Waar taken en rechten en/of bevoegdheden van de directie aan haar vertegenwoordiger zijn gedelegeerd, duidt de term directie dus ook haar vertegenwoordiger aan.

Diensten: krachtens de overeenkomst te verrichten taken, zoals studies, ontwerpen, verlening van technische bijstand, opleiding.

Beschrijving van de opdracht: de door de opdrachtgever opgestelde verklaring met de beschrijving van zijn eisen en/of de doeleinden van de diensten, zo nodig met inbegrip van de door de adviseur te gebruiken methoden en middelen en/of te bereiken resultaten.

Dag: kalenderdag.

Termijnen: de contractuele termijnen die ingaan op de dag welke volgt op de datum van de akte of gebeurtenis die als beginpunt voor die termijnen geldt. Is de laatste dag van de termijn geen werkdag, dan verstrijkt de termijn aan het einde van de eerstvolgende werkdag na de laatste dag van de termijn.

Aannemingssom: het in de overeenkomst vermelde bedrag dat overeenkomstig de oorspronkelijke raming verschuldigd is voor de verrichting van de diensten, of ieder ander bedrag waarvan bij het einde van de overeenkomst is vastgesteld dat het krachtens de overeenkomst aan de adviseur verschuldigd is.

Project: het project in verband waarmee de diensten krachtens de overeenkomst moeten worden verricht.

Staat van eenheidsprijzen: de volledige staat van de prijzen, met inbegrip van de specificatie van het totaalbedrag, die door de adviseur samen met zijn inschrijving is ingediend en zo nodig is gewijzigd, en die deel uitmaakt van de overeenkomst tegen eenheidsprijzen.

Specificatie van het totaalbedrag: de gespecificeerde lijst van percentages en prijzen waaruit blijkt hoe de prijs van een op een totaalbedrag gebaseerde overeenkomst is opgebouwd, maar die geen deel uitmaakt van de overeenkomst.

Tekeningen: de tekeningen van de opdrachtgever en de directie en de door de directie goedgekeurde tekeningen van de adviseur, bestemd voor het verrichten van de diensten.

Schriftelijk: in handschrift, machineschrift of druk, met inbegrip van telexen, telegraafberichten en telefaxen.

Dienstorder: schriftelijke instructies of opdrachten van de directie aan de adviseur betreffende het verrichten van de diensten.

Mededelingen: certificaten, kennisgevingen, opdrachten en instructies uit hoofde van de overeenkomst.

Nationale valuta: de valuta van de Staat van de opdrachtgever.

Vreemde valuta: elke toegelaten valuta die niet de nationale valuta is, en die in de overeenkomst is vermeld.

Algemene schadevergoeding: het niet vooraf in de overeenkomst bepaalde bedrag dat door een rechtbank of arbitrage-instantie wordt toegekend of door de partijen is overeengekomen als aan de benadeelde partij verschuldigde compensatie voor contractbreuk door de andere partij.

Gefixeerde schadevergoeding: het in de overeenkomst vermelde bedrag dat de adviseur bij wijze van

compensatie aan de opdrachtgever verschuldigd is wanneer hij verzuimt de overeenkomst of een deel daarvan binnen de bij de overeenkomst voorgeschreven termijnen uit te voeren, of dat de ene partij aan de andere partij verschuldigd is voor enig ander in de overeenkomst gespecificeerd geval van contractbreuk.

Bijzondere voorwaarden: de in de overeenkomst opgenomen bijzondere voorwaarden die door de opdrachtgever zijn opgesteld als onderdeel van de uitnodiging tot inschrijving en waar nodig van wijzigingen zijn voorzien, en die bestaan uit:

a) wijzigingen in de onderhavige algemene voorwaarden;

b) bijzondere contractuele bepalingen;

c) technische specificaties; en

d) andere aangelegenheden met betrekking tot de overeenkomst.

1.2.

De opschriften en titels in deze voorwaarden mogen niet als onderdeel daarvan worden beschouwd of bij de interpretatie van de overeenkomst in aanmerking worden genomen.

1.3.

Indien de context zulks toestaat worden in het enkelvoud gebruikte woorden geacht ook het meervoud te omvatten en vice versa, en worden mannelijke woorden geacht ook het vrouwelijk te omvatten en vice versa.

1.4.

Woorden die personen of partijen aanduiden omvatten ook vennootschappen en iedere andere organisatie die rechtspersoonlijkheid bezit.

Artikel 2

Recht en taal van de overeenkomst

2.1.

Behoudens andersluidende bepalingen in de bijzondere voorwaarden is het recht van de Staat van de opdrachtgever van toepassing op de overeenkomst.

2.2.

In alle aangelegenheden die niet onder deze algemene voorwaarden vallen, is het recht van toepassing dat op de overeenkomst van toepassing is.

2.3.

De taal van de overeenkomst en van alle mededelingen tussen de adviseur, de opdrachtgever en de directie of hun vertegenwoordigers wordt in de bijzondere voorwaarden bepaald. Alle verslagen, aanbevelingen en dossiers die krachtens de overeenkomst door de adviseur worden opgesteld, moeten eveneens in de in de bijzondere voorwaarden vermelde taal worden opgesteld.

Artikel 3

Rangorde van de contractuele bescheiden

Tenzij in de overeenkomst anders is bepaald, wordt de rangorde van de contractuele bescheiden in de bijzondere voorwaarden vastgesteld.

Artikel 4

Kennisgevingen en schriftelijke mededelingen

4.1.

Tenzij in de bijzondere voorwaarden anders is bepaald, worden mededelingen tussen de opdrachtgever en/of de directie enerzijds en de adviseur anderzijds per post, telegraaf, telex of telefax gezonden naar dan wel persoonlijk afgegeven op de daartoe door hen aangewezen adressen.

4.2.

Indien de afzender een ontvangstbewijs verlangt, moet hij daarvan melding maken in zijn mededeling; wanneer er een uiterste datum van ontvangst voor de mededeling is voorgeschreven, is hij gehouden een dergelijk ontvangstbewijs te verlangen. In ieder geval moet de afzender de nodige maatregelen treffen om de ontvangst van zijn mededeling te verzekeren.

4.3.

Telkens wanneer in de overeenkomst sprake is van betekening of afgifte van een kennisgeving, instemming, goedkeuring, certificaat of besluit wordt daarmee, tenzij anders bepaald, een schriftelijk(e) kennisgeving, instemming, goedkeuring, certificaat of besluit bedoeld en moet het gebruik van de woorden "kennisgeven", "verklaren" of "besluiten" dienovereenkomstig worden opgevat. Een dergelijk(e) instemming, goedkeuring, certificaat of besluit mag niet zonder geldige reden worden geweigerd of uitgesteld.

Artikel 5

Directie en vertegenwoordiger van de directie

5.1.

De directie vervult de in de overeenkomst omschreven taken. Behoudens uitdrukkelijk beding in de overeenkomst is de directie niet gerechtigd de adviseur van een van zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst te ontheffen.

5.2.

De directie kan in voorkomend geval, met behoud van haar uiteindelijke aansprakelijkheid, taken en bevoegdheden die bij haar berusten aan haar vertegenwoordiger delegeren en deze delegatie te allen tijde intrekken of de vertegenwoordiger vervangen. Delegatie, intrekking of vervanging gebeuren schriftelijk en hebben geen rechtsgevolgen voordat de adviseur er een afschrift van heeft ontvangen.

5.3.

Elke mededeling die door de vertegenwoordiger van de directie overeenkomstig de voorwaarden van een dergelijke delegatie aan de adviseur wordt gedaan, heeft dezelfde gevolgen als wanneer zij van de directie zelf was uitgegaan, met dien verstande dat:

a) wanneer de vertegenwoordiger van de directie verzuimt verslagen of diensten af te keuren, dit geen afbreuk doet aan het recht van de directie om dat alsnog te doen en de nodige opdrachten tot verbetering te geven;

b) het de directie vrijstaat om de mededeling ongedaan te maken of te wijzigen.

5.4.

Instructies en/of opdrachten van de directie worden gegeven in de vorm van dienstorders. Deze orders worden gedateerd, genummerd en in een register genoteerd; afschriften ervan worden zo nodig ter hand gesteld aan de vertegenwoordiger van de adviseur.

Artikel 6

Cessie

6.1.

Cessie is alleen geldig in de vorm van een schriftelijk akkoord waarbij de adviseur zijn in de overeenkomst vastgelegde opdracht of een deel daarvan aan een derde overdraagt.

6.2.

Het is de adviseur verboden de overeenkomst of een deel ervan, dan wel enig voordeel of recht uit hoofde ervan, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever over te dragen, tenzij dit geschiedt:

a) door een zekerheid ten gunste van de banken van de adviseur te stellen voor alle bedragen die krachtens de overeenkomst verschuldigd zijn of opeisbaar zullen worden; of

b) door het verhaalrecht van de adviseur tegen aansprakelijke derden over te dragen aan de verzekeraars van de adviseur, wanneer dezen diens schade of aansprakelijkheid hebben vergoed.

6.3.

Voor de toepassing van artikel 6.2 ontslaat de instemming van de opdrachtgever met een cessie de adviseur niet van zijn verplichtingen voor het reeds uitgevoerde of niet overgedragen deel van de in de overeenkomst vastgelegde opdracht.

6.4.

Wanneer de adviseur zijn overeenkomst zonder toestemming heeft overgedragen, kan de opdrachtgever zonder formele kennisgeving rechtens de in de artikelen 40 en 41 vastgestelde sancties wegens contractbreuk opleggen.

6.5.

Cessionarissen moeten voldoen aan op de gunning van de overeenkomst toepasselijke criteria om als zodanig in aanmerking te komen.

Artikel 7

Onderaanneming

7.1.

Onderaanneming is alleen geldig in de vorm van een schriftelijk akkoord waarbij de adviseur de uitvoering van een deel van zijn overeenkomst aan een derde toevertrouwt.

7.2.

Onderaanneming of indienstneming van een andere onafhankelijke adviseur om een deel van de diensten te verrichten kan niet geschieden zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever aan de adviseur. De in onderaanneming te geven diensten en de identiteit van de onafhankelijke adviseur worden aan de opdrachtgever meegedeeld. Met inachtneming van het bepaalde in artikel 4.3 betekent de opdrachtgever binnen 30 dagen na ontvangst van de mededeling zijn beslissing aan de adviseur, waarbij hij in voorkomend geval opgave doet van de redenen waarom toestemming wordt geweigerd.

7.3.

Bij de keuze van onderaannemers en/of andere onafhankelijke adviseurs gaat de voorkeur uit naar natuurlijke personen of vennootschappen van de Staat van de opdrachtgever die in staat zijn de gevraagde diensten onder soortgelijke voorwaarden te verrichten.

7.4.

Onderaannemers en/of onafhankelijke adviseurs moeten voldoen aan de op de gunning van de overeenkomst toepasselijke criteria om als zodanig in aanmerking te komen.

7.5.

De opdrachtgever erkent geen contractuele banden met onderaannemers en/of onafhankelijke adviseurs.

7.6.

In dezelfde mate als voor handelingen, in gebreke blijven en nalatigheden van hemzelf, zijn gemachtigden of werknemers, is de adviseur aansprakelijk voor handelingen, in gebreke blijven en nalatigheden van zijn onderaannemers en/of andere onafhankelijke adviseurs en hun gemachtigden of werknemers. De goedkeuring door de opdrachtgever van de onderaanneming van een deel van de overeenkomst of van het in dienst nemen door de adviseur van andere onafhankelijke adviseurs of onderaannemers om een deel van de diensten te verrichten, ontheft de adviseur van geen enkele verplichting krachtens de overeenkomst.

7.7.

Indien een hierboven bedoelde onderaannemer of onafhankelijke adviseur door de opdrachtgever of de directie ongeschikt wordt bevonden om zijn taken te vervullen, kan de opdrachtgever of de directie de adviseur onverwijld verzoeken, of wel ter vervanging een onafhankelijke adviseur of onderaannemer met de voor de opdrachtgever wel aanvaardbare kwalificaties en ervaring aan te trekken, of wel de diensten zelf te verrichten.

7.8.

Wanneer de adviseur zonder voorafgaande goedkeuring een onderaannemingsovereenkomst aangaat of een andere onafhankelijke adviseur in dienst neemt, kan de opdrachtgever zonder formele kennisgeving rechtens de in de artikelen 40 en 41 vastgestelde sancties wegens contractbreuk opleggen.

VERPLICHTINGEN VAN DE OPDRACHTGEVER

Artikel 8

Verstrekken van informatie

8.1.

De opdrachtgever verstrekt de adviseur zo spoedig mogelijk alle hem ter beschikking staande informatie en/of documentatie die voor de uitvoering van de overeenkomst van belang kan zijn. De betrokken documenten worden bij voltooiing van de diensten aan de opdrachtgever geretourneerd.

8.2.

De opdrachtgever verleent de adviseur alle mogelijke hulp bij het verkrijgen van voor de overeenkomst relevante gegevens waarom deze de opdrachtgever redelijkerwijze kan verzoeken met het oog op de uitvoering van de overeenkomst.

Artikel 9

Bijstand met betrekking tot plaatselijke voorschriften

9.1.

De adviseur kan de hulp van de opdrachtgever inroepen voor het verkrijgen van afschriften van wetten, voorschriften, en informatie over plaatselijke gebruiken, beschikkingen of verordeningen van het land waar de diensten moeten worden verricht, waarmee de adviseur bij de naleving van zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst te maken kan krijgen. De opdrachtgever kan de gevraagde hulp aan de adviseur verstrekken op diens kosten.

9.2.

Onverminderd de wetten en voorschriften inzake buitenlandse werknemers in de Staat waar de diensten moeten worden verricht, doet de opdrachtgever al het nodige om het de adviseur makkelijker te maken de vereiste visa en vergunningen, met inbegrip van werk- en verblijfsvergunningen, te verkrijgen voor het personeel waarvan de diensten door adviseur en opdrachtgever onmisbaar worden geacht, alsmede de verblijfsvergunningen voor hun gezinnen.

9.3.

De opdrachtgever geeft zijn functionarissen, gemachtigden en vertegenwoordigers alle nodige of passende instructies om de snelle en doeltreffende uitvoering van de diensten te vergemakkelijken.

VERPLICHTINGEN VAN DE ADVISEUR

Artikel 10

Algemene verplichtingen

10.1.

De adviseur houdt zich aan alle wetten en voorschriften die gelden in de Staat van de opdrachtgever en hij ziet erop toe dat zijn personeel, hun gezinsleden en zijn plaatselijke werknemers die wetten en voorschriften eveneens naleven. De adviseur vrijwaart de opdrachtgever tegen alle vorderingen en gerechtelijke acties ten gevolge van overtredingen van die wetten en voorschriften die hij, zijn werknemers of hun gezinsleden zouden begaan.

10.2.

De adviseur verricht de diensten met de nodige zorg, doeltreffendheid en toewijding, overeenkomstig de beste voor zijn beroep geldende praktijken en in overeenstemming met de onderhavige algemene voorwaarden, de beschrijving van de opdracht en de instructies van de directie.

10.3.

De adviseur richt zich naar de dienstorders van de directie. Wanneer hij van mening is dat een dienstorder de bevoegdheid van de directie of de reikwijdte van de overeenkomst te buiten gaat, stelt hij de directie, op straffe van verval, binnen 30 dagen na ontvangst van de dienstorder in kennis van zijn met redenen omklede bezwaren. Deze kennisgeving heeft geen schorsende werking voor wat de uitvoering van de dienstorder betreft.

10.4.

Wanneer de adviseur of een van zijn onderaannemers, onafhankelijke adviseurs, gemachtigden of personeelsleden iemand steekpenningen, geschenken, fooien of commissiegelden aanbiedt dan wel belooft aan te bieden of te betalen als aansporing tot of als beloning voor het verrichten of nalaten van een handeling ter zake van de overeenkomst of enige andere overeenkomst met de opdrachtgever, dan wel als aansporing tot of als beloning voor het begunstigen of achterstellen van een persoon ter zake van de overeenkomst of enige andere overeenkomst met de opdrachtgever, dan kan de opdrachtgever, onverminderd de rechten die de adviseur uit hoofde van de overeenkomst heeft verworven, de overeenkomst beëindigen, in welk geval de artikelen 40 en 41 van toepassing zijn.

10.5.

Alle documenten en inlichtingen in verband met de overeenkomst worden door de adviseur als persoonlijk en vertrouwelijk behandeld en worden, tenzij noodzakelijk voor de uitvoering van de overeenkomst, niet zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever of de directie na raadpleging van de opdrachtgever bekendgemaakt of prijsgegeven. Bij geschillen over de vraag of zij ter wille van de uitvoering van de overeenkomst openbaar moeten worden gemaakt of prijsgegeven, berust de eindbeslissing bij de opdrachtgever.

10.6.

Wanneer de adviseur een gemeenschappelijke onderneming of een consortium van twee of meer personen is, zijn deze personen gezamenlijk en hoofdelijk aansprakelijk voor de uitvoering van de overeenkomst overeenkomstig de wet van de Staat van de opdrachtgever, en belasten zij, op verzoek van de opdrachtgever, een van hen met de leiding en de

bevoegdheid om de gemeenschappelijke onderneming of het consortium te binden. Samenstelling of structuur van de gemeenschappelijke onderneming of het consortium mag niet zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever worden gewijzigd.

Artikel 11

Beroepsethiek

11.1.

Overeenkomstig de ethiek van zijn beroep en met inachtneming van de nodige discretie, gedraagt de adviseur zich steeds loyaal en onpartijdig en als een betrouwbaar raadgever van de opdrachtgever. Hij onthoudt zich er met name van, zonder voorafgaande toestemming van de opdrachtgever in het openbaar verklaringen over het project of over de diensten af te leggen en in het kader van de overeenkomst activiteiten te ontplooien die met zijn verplichtingen jegens de opdrachtgever in conflict komen. Hij bindt de opdrachtgever op generlei wijze zonder diens voorafgaande schriftelijke toestemming, en maakt deze verplichting zo nodig aan derden duidelijk.

11.2.

Tijdens de duur van de overeenkomst eerbiedigen de adviseur en zijn werknemers de politieke, culturele en godsdienstige gebruiken in de Staat van de opdrachtgever.

11.3.

Het honorarium dat de adviseur krachtens de overeenkomst ontvangt, vormt diens enige beloning voor de overeenkomst; de adviseur en zijn personeel mogen in het kader van de overeenkomst of voor de nakoming van hun daaruit voortvloeiende verplichtingen geen enkele provisie, korting, toelage, indirecte betaling of andere vergoeding aanvaarden.

11.4.

Behoudens schriftelijke toestemming van de opdrachtgever mag de adviseur direct noch indirect enige royalty, gift of provisie ontvangen voor een gepatenteerd of beschermd artikel dan wel procédé dat in het kader of voor de uitvoering van de overeenkomst of het project wordt toegepast of voor de uitvoering ervan wordt gebruikt.

11.5.

De adviseur en zijn personeel zijn gedurende de gehele duur van de overeenkomst en na voltooiing daarvan gebonden door het beroepsgeheim. In dit verband mogen, behoudens voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever, de adviseur en zijn werknemers of medewerkers de vertrouwelijke inlichtingen die hun zijn verstrekt of waarvan zij kennis hebben gekregen, nimmer meedelen aan personen of instanties; evenmin mogen zij zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever openbaarheid geven aan informatie met betrekking tot de aanbevelingen die in de loop van of als resultaat van de diensten zijn gedaan. Voorts mogen zij van de aan hen verstrekte inlichtingen en van de resultaten van in het kader van of voor de uitvoering van de overeenkomst uitgevoerde studies, proeven en onderzoek geen voor de opdrachtgever schadelijk gebruik maken.

Artikel 12

Onafhankelijkheid

12.1.

De adviseur onthoudt zich ervan betrekkingen aan te gaan die afbreuk zouden kunnen doen aan zijn onafhankelijkheid of aan de onafhankelijkheid van zijn personeel. Indien de adviseur zijn onafhankelijkheid niet bewaart, kan de opdrachtgever, onverminderd vergoeding van de schade die hij uit dezen hoofde mocht hebben geleden, de overeenkomst zonder formele kennisgeving onmiddellijk beëindigen.

12.2.

Na de sluiting of in verband met de beëindiging van de overeenkomst beperkt de adviseur zijn rol in verband met het project tot het verrichten van de diensten. Behoudens schriftelijke toestemming van de opdrachtgever, zijn de adviseur en de eventuele andere aannemers, adviseurs of leveranciers met wie hij geassocieerd of gelieerd is, uitgesloten van het verrichten van werken, leveringen of van andere diensten voor het project, in welke hoedanigheid dan ook, en van inschrijving voor enig onderdeel van het project.

Artikel 13

Specificaties en ontwerpen

13.1.

Bij de opstelling van alle specificaties en ontwerpen gebruikt de adviseur gangbare en algemeen erkende systemen die voor de opdrachtgever aanvaardbaar zijn, en houdt hij rekening met de meest recente ontwerpcriteria.

13.2.

De adviseur zorgt ervoor dat de specificaties en ontwerpen alsmede alle documentatie met betrekking tot het leveren van goederen en het verrichten van diensten voor het project op onpartijdige grondslag worden opgesteld ten einde concurrentie bij de inschrijvingen te stimuleren.

Artikel 14

Schadeloosstelling

14.1.

De opdrachtgever en diens gemachtigden en werknemers worden door de adviseur op diens kosten schadeloos gesteld voor en gevrijwaard tegen alle vorderingen, verliezen of schade ten gevolge van iedere handeling of nalatigheid van de adviseur tijdens het verrichten van de diensten, met inbegrip

van iedere inbreuk op wettelijke bepalingen of rechten van derden met betrekking tot octrooien, handelsmerken en andere vormen van intellectuele eigendom zoals auteursrechten.

14.2.

De opdrachtgever en diens gemachtigden en werknemers worden door de adviseur op diens kosten schadeloos gesteld voor en gevrijwaard tegen alle vorderingen, verliezen of schade die zouden ontstaan doordat de adviseur verzuimt zijn verplichtingen uit hoofde van artikel 10 na te komen, met dien verstande dat:

a) de adviseur uiterlijk 30 dagen nadat dergelijke vorderingen, verliezen of schade ter kennis van de opdrachtgever zijn gekomen, daarvan in kennis moet worden gesteld;

b) de aansprakelijkheid van de adviseur uit hoofde van artikel 14 beperkt blijft tot het in de bijzondere voorwaarden genoemde maximumbedrag, met dien verstande dat dat maximum niet van toepassing is bij vorderingen, verliezen of schade die te wijten zijn aan opzettelijk wangedrag van de adviseur;

c) de aansprakelijkheid van de adviseur uit hoofde van artikel 14.2 beperkt blijft tot vorderingen, verliezen of schade die rechtstreeks veroorzaakt zijn door het niet nakomen van zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst, en geen aansprakelijkheid omvat ten gevolge van onvoorziene voorvallen die daar direct of indirect het gevolg van zijn.

14.3.

Indien de adviseur heeft verzuimd zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst na te komen, dient hij iedere tekortkoming in de verrichting van de diensten op verzoek van de opdrachtgever voor eigen rekening te herstellen.

14.4.

Niettegenstaande andersluidende bepalingen in artikel 14 is de adviseur in geen enkel opzicht aansprakelijk voor vorderingen, verliezen of schade die te wijten zijn:

a) aan het feit dat de opdrachtgever nalaat een aanbeveling op te volgen of een handeling, beslissing of aanbeveling van de adviseur teniet doet of van de adviseur eist een beslissing of aanbeveling op te volgen waarmee de adviseur het niet eens is of ten aanzien waarvan hij een ernstig voorbehoud maakt; of

b) aan de onjuiste uitvoering van de instructies van de adviseur door gemachtigden, werknemers of onafhankelijke aannemers van de opdrachtgever.

14.5.

Na voltooiing van de diensten blijft de adviseur gedurende een periode als vastgesteld in het op de overeenkomst toepasselijke recht, aansprakelijk voor ieder in gebreke blijven ten aanzien van zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst.

Artikel 15

Regelingen inzake gezondheid en verzekeringen

15.1.

De werkovereenkomst van de adviseur met de opdrachtgever is onderworpen aan de voorwaarde dat aan de opdrachtgever het bevredigende bewijs wordt verstrekt dat de adviseur en/of zijn personeel in goede gezondheid verkeren en geen handicaps hebben die het verrichten van de diensten kunnen belemmeren. De opdrachtgever kan van de adviseur en/of zijn personeel dat de diensten verricht, verlangen dat zij zich door een gekwalificeerd arts medisch laten keuren voordat zij hun normale verblijfplaats verlaten en dat zij de uitslag van die medische keuring zo spoedig mogelijk aan de opdrachtgever doen toekomen.

15.2.

Voor de looptijd van de overeenkomst sluit de adviseur voor zichzelf en voor de andere door hem in het kader van de overeenkomst aangeworven personen een ziektekostenverzekering af. Behoudens andersluidend beding in de overeenkomst, draagt de opdrachtgever geen aansprakelijkheid voor de ziektekosten van de adviseur.

15.3.

De opdrachtgever aanvaardt geen verantwoordelijkheid voor levens-, ziekte-, ongevallen-, reis- of andere verzekeringen die noodzakelijk of wenselijk zijn voor het personeel van de adviseur of diens onderaannemers of andere onafhankelijke adviseurs voor het verrichten van de diensten, noch voor hun gezinsleden.

15.4.

Binnen 20 dagen na kennisgeving van de goedkeuring van de overeenkomst sluit de adviseur, voor een bedrag waarvan het maximum in de bijzondere voorwaarden is bepaald, een verzekering af, ten einde vanaf het begin van de uitvoering van de overeenkomst en gedurende de gehele looptijd daarvan de volgende risico's volledig te dekken:

a) aansprakelijkheid van de adviseur in verband met ziekte of arbeidsongevallen waardoor zijn werknemers worden getroffen, met inbegrip van de kosten van repatriëring om gezondheidsredenen;

b) verlies van of schade aan voor de uitvoering van de overeenkomst gebruikt materieel van de opdrachtgever;

c) wettelijke aansprakelijkheid voor ongevallen die in het kader van de uitvoering van de overeenkomst overkomen aan derden, de opdrachtgever of diens werknemers;

d) dood door ongeval of blijvende invaliditeit ten gevolge van lichamelijk letsel opgelopen tijdens de looptijd van de overeenkomst;

e) alle andere in de bijzondere voorwaarden genoemde risico's die volgens de wetgeving van de Staat van de opdrachtgever moeten worden verzekerd.

15.5.

In de bijzondere voorwaarden kan aan de adviseur ook de verplichting worden opgelegd om het risico van verlies van of schade aan persoonlijke bezittingen van zijn werknemers en hun gezinnen in de Staat van de opdrachtgever te verzekeren.

15.6.

Telkens wanneer de opdrachtgever of de directie dit van hem verlangt, toont de adviseur onverwijld aan dat hij in het bezit is van de verzekeringspolis en dat de verzekeringspremies regelmatig worden betaald.

Artikel 16

Eigendom van rapporten en documenten

16.1.

Alle rapporten en gegevens, zoals kaarten, diagrammen, tekeningen, specificaties, plannen, statistieken, berekeningen en bewijsstukken of materiaal, welke bij de uitvoering van de overeenkomst door de adviseur zijn verkregen, bijeengebracht of opgesteld, dragen een vertrouwelijk karakter en blijven het volledige eigendom van de opdrachtgever. Na de beëindiging van de overeenkomst draagt de adviseur al deze documenten en gegevens aan de opdrachtgever over. De adviseur mag kopieën of afschriften van deze documenten en gegevens bewaren, maar die zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever niet gebruiken voor doeleinden die geen verband houden met zijn overeenkomst.

16.2.

De adviseur mag zonder schriftelijke toestemming van de opdrachtgever geen artikelen publiceren die betrekking hebben op de diensten of daarnaar verwijzen bij de uitvoering van diensten voor anderen, noch van de opdrachtgever verkregen informatie verspreiden.

AARD VAN DE DIENSTEN

Artikel 17

Strekking van de diensten

17.1.

De adviseur verricht de diensten in overeenstemming met de overeenkomst en de beschrijving van de opdracht.

17.2.

De overeenkomst kan een of meer van de volgende taken omvatten:

- projectidentificering en -omschrijving;

- economische of marktstudies;

- voorbereidende en/of eigenlijke uitvoerbaarheidsstudie;

- studie voor projectuitvoering (voorontwerp of gedetailleerd ontwerp, en zo nodig definitief ontwerp van uitvoering, voorbereiding van het aanbestedingsdossier);

- toezicht op het project;

- leiding bij de projectuitvoering;

- verschaffen van personeel;

- andere vormen van technische bijstand.

17.3.

In de bijzondere voorwaarden wordt de beschrijving van de opdracht gegeven, waarbij onder meer worden vermeld:

a) doel en strekking van de overeenkomst;

b) de graad van nauwkeurigheid die in de verschillende stadia of gedeelten van de dienstverrichting moet worden bereikt; en

c) vorm en inhoud van de rapporten, verklaringen, plannen, berekeningen, metingen, specificaties, ramingen en van ieder ander document dat de adviseur bij voltooiing van ieder stadium of deel van de studie en bij voltooiing van de studie moet opmaken.

17.4.

Wanneer de overeenkomst tot doel heeft te voorzien in de verlening van technische bijstand aan de opdrachtgever en/of de directie, heeft de adviseur een adviserende functie ten aanzien van de opdrachtgever en/of de directie met betrekking tot alle uit de uitvoering van het project voortvloeiende technische aspecten. De adviseur heeft geen beslissingsverantwoordelijkheid.

17.5.

Wanneer de overeenkomst tot doel heeft te voorzien in leidinggeving bij de uitvoering van het project, neemt de adviseur, overeenkomstig de wetgeving van de Staat van de opdrachtgever en onder het gezag van de directie, alle leidinggevende taken op zich die zijn verbonden aan het toezicht op de uitvoering van een project.

17.6.

Indien de adviseur krachtens de bijzondere voorwaarden een aanbestedingsdossier moet voorbereiden, moet dit dossier alle documenten bevatten die nodig zijn voor de raadpleging van geschikte aannemers, fabrikanten en leveranciers en voor de voorbereiding van uitnodigingen tot inschrijving met het oog op de uitvoering van de werken, leveringen of diensten waarop de uitnodiging tot inschrijving betrekking heeft. De opdrachtgever verstrekt de adviseur alle nodige gegevens voor het opstellen van het administratieve gedeelte van het aanbestedingsdossier.

17.7.

Wanneer de overeenkomst tot doel heeft te voorzien in de uitoefening van toezicht op een project, krijgt de adviseur de leiding over de uitvoeringsfase van het project.

17.8.

Niettegenstaande artikel 12.2 kan de adviseur die belast is met de studie- en/of ontwerpstadia van het project, opdracht krijgen aanvullende diensten te verlenen in de vorm van leidinggeving bij en uitoefening van toezicht op het project, inclusief de verschaffing van personeel voor het verlenen van technische assistentie.

Artikel 18

Verschaffing van personeel

18.1.

Wanneer de overeenkomst tot doel heeft te voorzien in de verschaffing van personeel voor de uitvoering van een project, stelt de adviseur dit personeel beschikbaar op specifieke gebieden die te maken hebben met de uitvoering van het project; dit personeel verleent technische assistentie in een adviserende en/of leidinggevende functie of in beide. Het desbetreffende personeel staat onder rechtstreeks gezag van de directie.

18.2.

De diensten worden door de in de overeenkomst genoemde personeelsleden verricht gedurende de voor elk van hen daarin aangegeven termijn. De adviseur mag die termijnen na voorafgaande goedkeuring van de opdrachtgever enigszins wijzigen indien zulks voor een doelmatige dienstverrichting nodig is, op voorwaarde dat die wijzigingen niet meebrengen dat de betalingen op grond van de overeenkomst de aannemingssom overschrijden.

18.3.

De adviseur is verantwoordelijk voor de bekwaamheid van het personeel dat hij ter beschikking van de opdrachtgever stelt.

18.4.

De adviseur mag in geen geval overgaan tot vervanging van personeel zonder voorafgaande toestemming van de opdrachtgever. De adviseur draagt er echter zorg voor dat personeelsleden door andere voor de opdrachtgever aanvaardbare personeelsleden met ten minste gelijkwaardige kwalificaties en ervaring worden vervangen indien:

a) een personeelslid wegens ziekte of ongeval niet in staat is nog diensten te verrichten;

b) een in de overeenkomst genoemde persoon volgens de opdrachtgever niet in staat of niet geschikt is zijn taken uit hoofde van de overeenkomst te vervullen;

c) de vervanging van personeel van de adviseur noodzakelijk blijkt op grond van andere omstandigheden buiten de macht van de adviseur.

18.5.

Het aan het vervangende personeelslid betaalde salaris mag niet meer bedragen dan het salaris dat het vervangen personeelslid zou hebben ontvangen.

18.6.

Behoudens in geval van vervanging wegens overlijden of wanneer de opdrachtgever een vervanging verlangt die niet is voorzien in de overeenkomst, komen de extra kosten voortvloeiend uit of verbonden aan de vervanging van het personeel ten laste van de adviseur. Deze kosten omvatten de kosten voor de terugreis van het vervangen personeelslid en diens gezin en indien nodig de uitgaven die voortvloeien uit de noodzaak van de gelijktijdige aanwezigheid op de plaats van de dienstverrichting van het te vervangen personeelslid en zijn vervanger.

Artikel 19

Personeel en materieel

19.1.

De opdrachtgever verleent zijn goedkeuring aan het door de adviseur voor de uitvoering van de overeenkomst te gebruiken personeel. In de bijzondere voorwaarden worden de minimumeisen bepaald ten aanzien van het niveau van opleiding, kwalificaties en ervaring van het personeel van de adviseur, evenals, in voorkomend geval, de vereiste specialisaties.

19.2.

De referenties en het curriculum vitae van elk bij de uitvoering van de overeenkomst in te zetten personeelslid in dienst van de adviseur, worden ter goedkeuring aan de opdrachtgever voorgelegd, hetzij tegelijkertijd met de inschrijving van de adviseur in geval van een aanbestedingsprocedure, hetzij, in andere gevallen, bij de sluiting van de overeenkomst.

19.3.

De opdrachtgever deelt zijn goedkeuring of afwijzing mee binnen 30 dagen na de aanstelling van de adviseur of de inschrijving als bedoeld in artikel 19.2.

19.4.

Het door de opdrachtgever aanvaarde personeel begint zijn werkzaamheden op de in de bijzondere voorwaarden bepaalde datum of binnen de daarin aangegeven termijnen of, bij gebreke van desbetreffende voorschriften, op de datum of binnen de termijnen die door de opdrachtgever aan de adviseur worden meegedeeld.

19.5.

Tenzij in de bijzondere voorwaarden anders is bepaald, verblijft het personeel van de adviseur in de nabijheid van de plaats waar het werkzaam is. Wanneer de diensten gedeeltelijk buiten de Staat van de opdrachtgever moeten worden verricht, houdt de adviseur de directie op de hoogte van de namen en hoedanigheden van de personeelsleden die dat gedeelte van de diensten moeten uitvoeren, en van het daarvoor aangewende materieel.

19.6.

Te dien einde:

a) deelt de adviseur de directie binnen 15 dagen na de gunning van de overeenkomst het voor de plaatsing van het personeel voorgestelde tijdschema mee, alsmede een specificatie van hun taken en een lijst van het materieel dat hij voornemens is voor de diensten te gebruiken;

b) stelt de adviseur de directie tijdig in kennis van de data van aankomst en vertrek van ieder personeelslid;

c) verzoekt de adviseur de directie tijdig om toestemming voor iedere personeelswijziging en voor iedere wijziging in het oorspronkelijke tijdschema of in het materieel.

19.7.

De adviseur neemt alle maatregelen die vereist zijn om zijn personeel te voorzien en te blijven voorzien van het materieel dat het nodig heeft om zijn

gespecificeerde taken te vervullen onder omstandigheden die voor de doeltreffendheid het meest bevorderlijk zijn.

Artikel 20

Stagiairs

20.1.

De adviseur draagt gedurende de looptijd van de overeenkomst zorg voor de opleiding van stagiairs die hem uit hoofde van de overeenkomst door de opdrachtgever worden toegewezen.

20.2.

Het feit dat deze stagiairs door de adviseur worden opgeleid, verleent hun niet de rechtspositie van werknemer van de adviseur. Zij dienen de instructies van de adviseur en het bepaalde in artikel 11 evenwel in acht te nemen alsof zij werknemers van de adviseur waren. De adviseur kan op een met redenen omkleed schriftelijk verzoek toestemming krijgen een stagiair die in zijn werk of gedrag niet voldoet, te vervangen.

20.3.

Tenzij in de overeenkomst anders is bepaald, worden de beloning voor de stagiairs, alsmede hun reis- en verblijfkosten en alle andere met hen samenhangende uitgaven door de opdrachtgever gedragen.

20.4.

De adviseur brengt ieder kwartaal bij de opdrachtgever verslag uit over het stageverloop. Vlak voor de voltooiing van de diensten stelt de adviseur een rapport op over de resultaten van de opleiding van de stagiairs en geeft hij, met het oog op hun toekomstige tewerkstelling, een beoordeling van de bekwaamheden die zij hebben verworven. De vorm van deze rapporten en de rapporteringsprocedure worden in de bijzondere voorwaarden vastgelegd.

UITVOERING VAN DE OVEREENKOMST

Artikel 21

Opdracht tot aanvang van uitvoering

21.1.

De opdrachtgever stelt de datum vast waarop met de uitvoering van de overeenkomst moet worden aangevangen en verwittigt de adviseur hiervan via de kennisgeving van de gunning van de overeenkomst of via een dienstorder, gegeven door de directie.

21.2.

Tenzij door de partijen anders is overeengekomen, wordt niet later dan 180 dagen na de kennisgeving van de gunning van de overeenkomst met de uitvoering begonnen.

21.3.

Indien diensten buiten de Staat van de opdrachtgever moeten worden verricht, begint de uitvoering van de overeenkomst, wat die diensten betreft, op de datum waarop zij werkelijk worden verricht; deze datum mag niet vroeger vallen dan de door de opdrachtgever bepaalde datum.

Artikel 22

Uitvoeringstermijn

22.1.

De uitvoeringstermijn vangt aan op de overeenkomstig artikel 21.1 vastgestelde datum; de duur ervan is die welke is vastgelegd in de overeenkomst, onverminderd de termijnverlengingen die op grond van artikel 23 kunnen worden toegestaan.

22.2.

Indien voor afzonderlijke dienstverrichtingen afzonderlijke uitvoeringstermijnen worden vastgesteld, worden deze termijnen in geval van toewijzing van meer dan één dienstverrichting aan een zelfde adviseur, niet bij elkaar opgeteld.

22.3.

Indien projecten inzake technische samenwerking over verschillende jaren lopen en in de bijzondere voorwaarden is voorzien in verschillende contractperioden, dan wordt de uitvoeringstermijn bepaald met inachtneming van artikel 31 en zijn de partijen slechts gebonden voor de eerste contractperiode. Tenzij een van de partijen de overeenkomst na afloop van een contractperiode wenst te beëindigen, wordt de overeenkomst aan het einde van iedere periode vernieuwd door middel van opeenvolgende aanhangsels met vermelding van de door de adviseur te nemen maatregelen. Het honorarium voor de nieuwe contractperiode wordt vastgesteld op grond van de in de overeenkomst vastgelegde beginselen.

22.4.

De partij die het voornemen heeft de overeenkomst niet met een nieuwe contractperiode te verlengen, dient de andere partij hiervan uiterlijk 90 dagen vóór het verstrijken van de lopende contractperiode kennis te geven.

Artikel 23

Verlenging van de uitvoeringstermijn

23.1.

De adviseur kan verzoeken de uitvoeringstermijn te verlengen wanneer er vertraging in de voltooiing van de overeenkomst is of zal ontstaan ten gevolge van:

a) extra of aanvullende diensten in opdracht van de directie;

b) dienstorders die van invloed zijn op de datum van voltooiing, voor zover deze niet zijn uitgevaardigd omdat de adviseur in gebreke is gebleven;

c) niet-nakoming door de opdrachtgever van zijn verplichtingen uit hoofde van de overeenkomst;

d) schorsing van de diensten buiten de schuld van de adviseur;

e) overmacht;

f) andere in deze algemene voorwaarden genoemde oorzaken van vertraging die niet te wijten zijn aan het in gebreke blijven van de adviseur.

23.2.

Wanneer de adviseur aanspraak meent te kunnen maken op verlenging van de uitvoeringstermijn, stelt hij binnen 15 dagen nadat hij zich er rekenschap van heeft gegeven dat vertraging zou kunnen optreden, de directie in kennis van zijn voornemen om een verzoek tot verlenging in te dienen; tenzij tussen de adviseur en de directie anders is overeengekomen, verschaft de adviseur de directie uiterlijk 60 dagen daarna volledige en nauwkeurige gegevens met betrekking tot zijn verzoek, opdat dit tijdig kan worden onderzocht.

23.3.

Na naar behoren te hebben overlegd met de opdrachtgever en, in voorkomend geval, met de adviseur, verleent de directie, indien verlenging van de uitvoeringstermijn in de toekomst of met terugwerkende kracht gerechtvaardigd is, deze verlenging of deelt zij de adviseur mee dat hij geen recht op verlenging heeft.

Artikel 24

Vertraging bij de uitvoering

24.1.

Als de adviseur er niet in slaagt de diensten binnen de in de overeenkomst vastgestelde termijn(en) te verrichten, heeft de opdrachtgever, zonder formele kennisgeving en onverminderd zijn andere rechtsmiddelen uit hoofde van de overeenkomst, recht op gefixeerde schadevergoeding voor iedere dag of ieder dagdeel tussen het einde van de gestelde uitvoeringstermijn of de uit hoofde van artikel 23 verlengde uitvoeringstermijn en het werkelijke tijdstip van voltooiing, tegen het tarief en tot het maximumbedrag als bepaald in de bijzondere voorwaarden.

24.2.

Indien de opdrachtgever aanspraak kan maken op het in artikel 24.1 genoemde maximumbedrag, kan hij na kennisgeving aan de adviseur:

a) de overeenkomst beëindigen; en

b) de diensten voltooien op kosten van de adviseur.

Artikel 25

Schorsing

25.1.

Indien de directie daar opdracht toe geeft, schorst de adviseur de uitvoering van de diensten of een gedeelte daarvan gedurende de periode of perioden en op de wijze die de directie nodig acht.

25.2.

Na overleg met de opdrachtgever en de adviseur kent de directie de adviseur die daar aanspraak op maakt, een zodanige verlenging van de uitvoeringstermijn toe als zij billijk en redelijk acht.

25.3.

Indien de periode van schorsing 180 dagen overschrijdt en de schorsing niet aan het in gebreke blijven van de adviseur toe te schrijven is, kan de adviseur de directie schriftelijk toestemming vragen om de uitvoering van de diensten binnen 30 dagen te hervatten of kan hij de overeenkomst beëindigen.

Artikel 26

Wijzigingen

26.1.

Zonder aan het doel of de draagwijdte van de overeenkomst te raken, heeft de directie de bevoegdheid opdracht te geven tot wijziging van een deel van de te verrichten diensten, nodig voor de correcte voltooiing van de diensten. Bedoelde wijzigingen kunnen het volgende omvatten: toevoegingen, weglatingen, vervangingen, wijzigingen van kwaliteit en kwantiteit, alsmede wijzigingen van de voorgeschreven volgorde, werkwijze of planning van de uitvoering van de diensten. Een opdracht tot wijziging leidt niet tot nietigheid of ongeldigheid van de overeenkomst, doch de eventuele financiële gevolgen worden gewaardeerd overeenkomstig de artikelen 26.5 en 26.7.

26.2.

Wijzigingen mogen uitsluitend worden aangebracht op grond van dienstorders, met dien verstande dat:

a) indien de directie het om enigerlei reden noodzakelijk acht om een mondelinge opdracht te geven, deze opdracht zo spoedig mogelijk door haar in een dienstorder wordt bevestigd;

b) indien de adviseur een in artikel 26.2, onder a), bedoelde mondelinge opdracht schriftelijk bevestigt en deze bevestiging niet terstond schriftelijk door de directie wordt weerlegd, een dienstorder voor de wijziging wordt geacht te zijn uitgevaardigd.

26.3.

Voordat de directie een dienstorder tot wijziging laat uitgaan, stelt zij, behalve in de gevallen bedoeld in artikel 26.2, de adviseur in kennis van de aard en de vorm van die wijziging. De adviseur dient zo spoedig mogelijk na ontvangst van deze kennisgeving bij de directie een voorstel in, inhoudende:

a) een beschrijving van de te verrichten diensten en een uitvoeringsschema;

b) eventueel noodzakelijke wijzigingen in het algemene tijdschema of met betrekking tot een van de verplichtingen van de adviseur krachtens de overeenkomst;

c) eventuele aanpassing van de aannemingssom, overeenkomstig het bepaalde in artikel 26.

26.4.

Nadat de directie de voorstellen van de adviseur, als bedoeld in artikel 26.3, heeft ontvangen, besluit zij, na naar behoren overleg te hebben gepleegd met de opdrachtgever en, in voorkomend geval, met de adviseur, zo spoedig mogelijk of de wijziging zal worden uitgevoerd. Indien dat het geval is, geeft zij via een dienstorder de opdracht dat de wijziging wordt uitgevoerd tegen de prijzen en overeenkomstig de voorwaarden zoals die in de in artikel 26.3 bedoelde voorstellen van de adviseur zijn bedongen of zoals die door de directie zijn gewijzigd overeenkomstig artikel 26.5.

26.5.

De prijs van alle door de directie overeenkomstig artikel 26.4 opgedragen wijzigingen wordt door de directie vastgesteld overeenkomstig de volgende beginselen:

a) voor taken van dezelfde aard en uitgevoerd onder dezelfde voorwaarden als werk waarvoor een prijsopgave is gedaan in de staat van eenheidsprijzen, wordt de waarde tegen de daarin opgenomen prijzen en tarieven berekend;

b) voor taken die niet van dezelfde aard zijn of die niet onder dezelfde voorwaarden worden uitgevoerd, worden de prijzen en tarieven van de overeenkomst voor zover zulks redelijk is, als basis voor de berekening gebruikt; is zulks niet het geval, dan maakt de directie een billijke berekening;

c) is de aard of het bedrag van een wijziging ten opzichte van de aard of het bedrag van de overeenkomst in haar geheel of een deel daarvan, zodanig dat een voor een bepaalde post in de overeenkomst opgenomen tarief of prijs volgens de directie door die wijziging onredelijk is geworden, dan stelt de directie een tarief of prijs vast die zij in de gegeven omstandigheden redelijk en passend acht;

d) indien een wijziging noodzakelijk is ten gevolge van in gebreke blijven of contractbreuk door de adviseur, komen alle extra kosten in verband met deze wijziging ten laste van de adviseur.

26.6.

Wanneer de adviseur een dienstorder betreffende de verlangde wijziging ontvangt, voert hij de wijziging uit en is hij daarbij door deze algemene voorwaarden gebonden alsof de wijziging in de overeenkomst was opgenomen. De dienstverrichting mag niet worden vertraagd tot er een verlenging van de uitvoeringstermijn of een aanpassing van de aannemingssom wordt toegekend. Indien de opdracht voor een wijziging voorafgaat aan de aanpassing van de aannemingssom, dient de adviseur een overzicht bij te houden van de kosten en de tijd die met de uitvoering van de wijziging gemoeid zijn. Deze gegevens dienen te allen redelijken tijde voor de directie ter inzage beschikbaar te zijn.

26.7.

Blijkt bij de voorlopige goedkeuring van de verrichte diensten dat een dienstorder of een andere omstandigheid die niet aan het in gebreke blijven van de adviseur te wijten is, tot gevolg heeft dat de totale waarde van voorgeschreven werk met meer dan 15 % van de aannemingssom is gestegen of gedaald, dan beslist de directie, na overleg met de opdrachtgever en de adviseur, over een verhoging of verlaging van de aannemingssom ingevolge de toepassing van artikel 26.5. De aldus vast te stellen som wordt gebaseerd op het bedrag waarmee de waardestijging of -daling 15 % overschrijdt. De directie stelt de opdrachtgever en de adviseur van dit bedrag in kennis en de aannemingssom wordt dienovereenkomstig aangepast.

Artikel 27

Werktijden

De werkdagen en werkuren van de adviseur in de Staat van de opdrachtgever worden vastgesteld op basis van de wettelijke voorschriften en gebruiken van de Staat van de opdrachtgever en rekening houdend met de eisen van de te verrichten diensten.

Artikel 28

Verlofrechten

28.1.

Wanneer de overeenkomst in vakantie voorziet, is de adviseur gerechtigd gedurende de uitvoeringstermijn van de overeenkomst vakantie te nemen overeenkomstig artikel 28.

28.2.

Het recht op vakantie wordt verworven in het in de overeenkomst bepaalde tempo. De vakantie wordt toegekend voor iedere volle periode van zes maanden en elk daaropvolgend deel van een maand gedurende welke de adviseur zijn diensten verricht. De vakantie wordt gedurende de uitvoeringstermijn van de overeenkomst opgenomen op een door de directie goedgekeurd tijdstip.

28.3.

Het recht op vakantie kan niet worden omgezet in uitbetaling in geld, tenzij de eisen van de te verrichten diensten volgens de directie van dien aard zijn dat de vakantie niet gedurende de uitvoeringstermijn van de overeenkomst kan worden opgenomen.

28.4.

De adviseur heeft geen recht op ziekteverlof of buitengewoon verlof, met dien verstande echter dat de directie geheel naar eigen goeddunken, om humanitaire redenen of anderszins, aan de adviseur toestemming kan geven om gedurende de uitvoeringstermijn van de overeenkomst onbetaald verlof te nemen.

Artikel 29

Inlichtingen

De adviseur verstrekt de directie de inlichtingen over de diensten en het project waarom de directie desgevallend kan verzoeken. Hiertoe worden door de adviseur periodieke rapporten opgesteld waarvan onderwerp en frequentie in de bijzondere voorwaarden worden aangegeven. Over moeilijkheden bij de uitvoering of technische tekortkomingen in de beschrijving van de opdracht worden bijzondere rapporten opgesteld.

Artikel 30

Boekhouding

30.1.

De adviseur voert een nauwgezette en stelselmatige boekhouding met betrekking tot de diensten; vorm en inhoud van die boekhouding moeten stroken met de gebruiken in de betrokken beroepssector en toereikend zijn om nauwkeurig vast te kunnen stellen dat de in artikel 35 bedoelde kosten en uitgaven daadwerkelijk verband houden met de verrichting van de betrokken diensten.

30.2.

De adviseur stelt de directie in de gelegenheid de boekhouding met betrekking tot de diensten te allen redelijken tijde in te zien en afschriften of kopieën te maken; voorts stelt hij de directie of haar gemachtigden in de gelegenheid die boekhouding te allen redelijken tijde te controleren, zowel gedurende als na het verrichten van de diensten.

Artikel 31

Indiening van rapporten

31.1.

Vlak voor de voltooiing van de diensten stelt de adviseur een vertrouwelijk algemeen rapport op, in voorkomend geval met een financiële analyse van het project en een kritische studie over eventuele belangrijke problemen die zich gedurende de uitvoering van het project hebben voorgedaan.

31.2.

Het in artikel 31.1 bedoelde rapport wordt uiterlijk 60 dagen na de voltooiing van de diensten door de adviseur aan de directie toegezonden in het in de bijzondere voorwaarden aangegeven aantal exemplaren. Dit rapport is niet bindend voor de opdrachtgever.

31.3.

Indien een overeenkomst in verschillende stadia wordt uitgevoerd, wordt over de uitvoering van ieder stadium door de adviseur een rapport opgesteld, tenzij in de bijzondere voorwaarden anders is bepaald.

31.4.

Andere personen dan de directie aan wie exemplaren van de in de artikelen 29 en 31 bedoelde rapporten en documenten dienen te worden toegezonden en de termijnen waarbinnen de adviseur deze rapporten en documenten moet indienen, worden bepaald in de bijzondere voorwaarden. Bij deze termijnen wordt rekening gehouden met de in de bijzondere voorwaarden genoemde termijnen voor het onderzoek en de goedkeuring of de afwijzing van de rapporten en documenten door de opdrachtgever.

Artikel 32

Goedkeuring van rapporten en documenten

32.1.

De opdrachtgever bevestigt met zijn goedkeuring van de door de adviseur opgestelde en hem toegezonden rapporten en documenten dat deze beantwoorden aan de voorwaarden van de overeenkomst.

32.2.

De opdrachtgever stelt de adviseur binnen de in de bijzondere voorwaarden gestelde termijnen in kennis van zijn beslissing inzake de hem toegezonden rapporten en documenten, zulks met opgave van redenen indien hij de rapporten of documenten afwijst of om wijzigingen verzoekt.

32.3.

Wordt een rapport of document door de opdrachtgever goedgekeurd onder voorbehoud van door de adviseur aan te brengen wijzigingen, dan schrijft de opdrachtgever een termijn voor waarbinnen de gewenste wijzigingen moeten worden aangebracht.

32.4.

Indien een overeenkomst in verschillende stadia wordt uitgevoerd, geldt voor de uitvoering van ieder vervolgstadium de voorwaarde dat de opdrachtgever eerst zijn goedkeuring aan het voorgaande stadium moet hebben gehecht, behalve wanneer de stadia gelijktijdig worden uitgevoerd.

BETALING

Artikel 33

Algemeen

33.1.

Betalingen worden verricht in de in de overeenkomst bepaalde valuta of valuta's.

33.2.

De administratieve of technische bepalingen voor de betaling van voorschotten, termijnbetalingen of de vereffening van het eindsaldo overeenkomstig de artikelen 34 tot en met 39, worden vastgesteld in de bijzondere voorwaarden.

Artikel 34

Voorschotten

34.1.

Indien de bijzondere voorwaarden hierin voorzien, worden aan de adviseur op zijn verzoek voor verrichtingen in verband met de uitvoering van de diensten

voorschotten toegekend in de vorm van een vast bedrag ter dekking van uitgaven welke uit het op gang brengen van de uitvoering der overeenkomst voortvloeien.

34.2.

Behoudens het bepaalde in de bijzondere voorwaarden, mag het totaal van de voorschotten niet meer bedragen dan 20 % van de oorspronkelijke aannemingssom.

34.3.

Voorschotten kunnen pas worden verstrekt nadat:

a) de overeenkomst is gesloten;

b) de adviseur aan de opdrachtgever voor het volledige bedrag van het voorschot een afzonderlijke afroepgarantie heeft gegeven in de vorm van een bankgarantie, een bankwissel, een gewaarmerkte cheque, een borgtocht van een verzekerings- en/of borgtochtmaatschappij, een onherroepelijk accreditief, dan wel een deposito in gereed geld. Indien de garantie dient te worden gegeven in de vorm van een bankgarantie, een bankwissel, een gewaarmerkte cheque of een borgtocht, dan wordt zij gegeven door een bank of een borgtocht- en/of verzekeringsmaatschappij, goedgekeurd door de opdrachtgever in overeenstemming met de criteria die van toepassing zijn om voor de gunning van de overeenkomst in aanmerking te komen. De garantie moet in ieder geval gedurende ten minste 60 dagen na de goedkeuring van het eindrapport van kracht blijven.

34.4.

De adviseur gebruikt het voorschot alleen voor verrichtingen in verband met de uitvoering van de diensten. Indien de adviseur misbruik maakt van een gedeelte van het voorschot, dient hij het voorschot onmiddellijk terug te betalen en worden er verder geen voorschotten meer aan hem betaald.

34.5.

Indien de voorschotgarantie niet meer geldig is en de adviseur verzuimt deze weer te doen gelden, kan de opdrachtgever een bedrag ter grootte van het voorschot inhouden op latere betalingen die krachtens de overeenkomst aan de adviseur verschuldigd zijn; indien de opdrachtgever een dergelijke inhouding als onuitvoerbaar beschouwt, kan hij de overeenkomst beëindigen.

34.6.

In geval van beëindiging van de overeenkomst, ongeacht de oorzaak daarvan, kunnen garanties tot zekerstelling van de voorschotten onmiddellijk worden ingeroepen met het oog op terugbetaling van het nog door de adviseur verschuldigde saldo van de voorschotten, zonder dat de borg de betaling ervan op welke gronden dan ook kan uitstellen of betwisten.

34.7.

De in artikel 34 bedoelde voorschotgarantie wordt vrijgegeven naarmate de voorschotten worden teruggestort.

34.8.

De nadere voorwaarden en procedures voor de toekenning en terugbetaling van voorschotten worden omschreven in de bijzondere voorwaarden.

Artikel 35

Procedure voor de betalingen

35.1.

Wanneer de diensten zijn verricht en goedgekeurd, heeft de adviseur recht op termijnbetalingen of op vereffening van het eindsaldo overeenkomstig de in de overeenkomst neergelegde procedures, schema's en termijnen.

35.2.

De beloning voor gedeelten van een maand geschiedt op basis van een dertigste per dag van de dienovereenkomstige maandelijkse eenheidsprijs. Verminderingen voor onvolledig verrichte diensten vinden op basis van de in de overeenkomst vastgestelde prijzen plaats voor het niet verrichte deel van de diensten.

35.3.

Voor het gedeelte van de overeenkomst dat gebaseerd is op een vast bedrag of op eenheidsprijzen, kan slechts in termijnbetalingen worden voorzien voor diensten die reeds zijn verricht en, voor wat betreft het gedeelte van een overeenkomst dat gebaseerd is op kostenvergoeding, slechts tegen overlegging van passende bewijsstukken.

35.4.

Het bedrag van een termijnbetaling mag niet hoger zijn dan 90 % van de waarde van de diensten waarop zij betrekking heeft; de aldus ingehouden resterende 10 % wordt als eindsaldo betaald.

35.5.

De frequentie van de termijnbetalingen wordt in de bijzondere voorwaarden geregeld. Als algemene regel vinden zij plaats op maandelijkse basis, dan wel wanneer bepaalde stadia of gedeelten van de diensten zijn voltooid.

35.6.

De voorwaarden voor betalingen voor andere aan de adviseur toevertrouwde diensten worden bepaald in de bijzondere voorwaarden.

35.7.

Voor iedere betaling doet de adviseur de opdrachtgever in viervoud een schriftelijk betalingsverzoek met declaratieposten toekomen, vergezeld van kwitanties, facturen, reçus en andere passende bewijsstukken, voor de voor elke maand of periode te betalen bedragen.

35.8.

Binnen 30 dagen na ontvangst van het verzoek om termijnbetaling wordt dit goedgekeurd of zodanig gewijzigd dat het volgens de directie het bedrag weergeeft waarop de adviseur krachtens de overeenkomst recht heeft. Bij verschil van mening over de waarde van een post is het oordeel van de directie doorslaggevend. Na vaststelling van het aan de adviseur verschuldigde bedrag verstrekt de directie de opdrachtgever en de adviseur een termijnbetalingscertificaat voor het aan de adviseur verschuldigde bedrag en deelt zij de adviseur mede voor welke dienst betaling plaatsvindt.

35.9.

De directie mag via een termijnbetalingscertificaat correcties of wijzigingen aanbrengen in alle eerder door haar afgegeven certificaten en is gemachtigd de waardebepalingen van een termijnbetalingscertificaat te wijzigen of de afgifte van een certificaat te weigeren indien de diensten of onderdelen daarvan niet tot haar genoegen zijn uitgevoerd.

35.10.

De vereffening van het eindsaldo is afhankelijk van de voorwaarde dat de adviseur aan al zijn verplichtingen met betrekking tot de uitvoering van alle stadia of gedeelten van de diensten heeft voldaan en dat de opdrachtgever zijn goedkeuring aan het laatste stadium of gedeelte van de diensten heeft gehecht. De eindbetaling wordt pas verricht nadat het eindrapport en de als zodanig kenbaar gemaakte einddeclaratie door de adviseur zijn ingediend en door de opdrachtgever als bevredigend zijn goedgekeurd. Ieder bedrag dat de opdrachtgever overeenkomstig artikel 35 heeft betaald of laten betalen, en dat de rechten uit hoofde van de overeenkomst van de adviseur overschrijdt, wordt door de adviseur aan de opdrachtgever terugbetaald binnen 30 dagen na ontvangst van de desbetreffende kennisgeving door de adviseur.

35.11.

Wanneer zich voor kortere of langere tijd een of meer van de hieronder vermelde omstandigheden voordoen, kan de opdrachtgever de betaling van de krachtens de overeenkomst aan hem verschuldigde bedragen na schriftelijke kennisgeving aan de adviseur geheel of gedeeltelijk schorsen:

a) wanneer de adviseur in gebreke blijft bij de uitvoering van de overeenkomst;

b) in een andere situatie waarvoor de adviseur uit hoofde van de overeenkomst aansprakelijk is en die door de opdrachtgever wordt beschouwd als een belemmering of mogelijke belemmering voor de succesvolle voltooiing van het project of de overeenkomst.

Artikel 36

Reizen en vervoer

36.1.

Tenzij in de bijzondere voorwaarden anders is bepaald, komen de reiskosten van de daarvoor in aanmerking komende personeelsleden van de adviseur en van hun echtgenoten en ten laste komende kinderen in de zin van de wet van het land waar het bedrijf van de adviseur is gevestigd ten laste van de opdrachtgever. Deze kosten worden vergoed tot ten hoogste de kosten van de kortst mogelijke reisroute tussen de gewone verblijfplaats en de plaats waar de overeenkomst moet worden uitgevoerd.

36.2.

Reizen per vliegtuig worden gemaakt in de economy-klasse. Reizen overzee, per spoor en over de binnenwateren worden gemaakt in de eerste klasse. De kosten die worden gemaakt om de bagage van daarvoor in aanmerking komende personeelsleden te vervoeren van de gewone verblijfplaats naar de plaats waar de overeenkomst moet worden uitgevoerd, komen ten laste van de opdrachtgever tot aan de in de bijzondere voorwaarden aangegeven gewichtsmaxima.

36.3.

In de bijzondere voorwaarden wordt aangegeven onder welke voorwaarden de kosten voor het vervoer van documentatie, materieel en materialen ten laste van de opdrachtgever kunnen komen.

36.4.

In al deze gevallen vindt vergoeding alleen plaats tegen overlegging van bewijsstukken.

Artikel 37

Prijsherziening

37.1.

Behoudens andersluidende bepalingen in de bijzondere voorwaarden en behoudens artikel 37.4 is de overeenkomst een overeenkomst met vaste prijzen die niet voor herziening vatbaar zijn.

37.2.

Bij overeenkomsten met voor herziening vatbare prijzen wordt bij de prijsherziening rekening gehouden met schommelingen in de prijzen voor belangrijke lokale of externe posten die als grondslag dienden voor de berekening van de inschrijving, zoals arbeidslonen en andere diensten. De nadere voorschriften voor de herziening worden in de bijzondere voorwaarden vastgelegd.

37.3.

De in de inschrijving van de adviseur vermelde prijzen worden geacht:

a) te zijn opgemaakt op grond van de omstandigheden die golden 30 dagen vóór de uiterste datum voor indiening van de inschrijvingen of, in geval van ondershandse overeenkomsten, op de datum van de overeenkomst; en

b) rekening te houden met de wetten en relevante belastingvoorschriften die van toepassing waren op de overeenkomstig artikel 37.3, onder a), bepaalde referentiedatum.

37.4.

Wanneer na de in artikel 37.3 beoogde datum een wet, verordening, decreet of andere wettelijke regeling van een Staat of deelstaat, dan wel een regeling of beschikking van een plaatselijke of andere overheidsinstantie wordt gewijzigd of in werking treedt, met als gevolg dat er een wijziging optreedt in de contractuele relatie tussen de partijen bij de overeenkomst, plegen de opdrachtgever en de adviseur overleg over de wijze waarop verder krachtens de overeenkomst te werk moet worden gegaan; ingevolge dat overleg kunnen zij besluiten:

a) dat de overeenkomst wordt gewijzigd;

b) dat de ene partij aan de andere een vergoeding voor het ontstane nadeel betaalt; of

c) dat de overeenkomst in onderlinge overeenstemming wordt beëindigd.

37.5.

In geval van vertraging bij de verrichting van de diensten waarvoor de adviseur verantwoordelijk is, of aan het eind van de uitvoeringstermijn, die in voorkomend geval conform de overeenkomst is gewijzigd, worden de prijzen in de 30 dagen vóór de voltooiing van de diensten niet meer herzien, behoudens toepassing van een nieuwe prijsindexering, indien zulks in het voordeel van de opdrachtgever is.

Artikel 38

Achterstallige betalingen

38.1.

De bedragen die verschuldigd zijn op grond van de door de directie afgegeven certificaten voor de termijnbetalingen en de vereffening van het eindsaldo worden door de opdrachtgever aan de adviseur uitbetaald binnen 90 dagen nadat deze certificaten bij de opdrachtgever zijn ingekomen. Na overschrijding van de betalingstermijn heeft de adviseur recht op rente, berekend naar het aantal dagen vertraging en tegen het in de bijzondere voorwaarden vastgestelde percentage, over een eveneens in de bijzondere voorwaarden vermelde maximumperiode. De adviseur heeft, zonder aanmaning en onverminderd alle andere rechten en verhaalmiddelen krachtens de overeenkomst, recht op betaling van die rente. Voor wat de eindafrekening betreft, wordt de rente voor de achterstallige betalingen op dagbasis berekend tegen het in de bijzondere voorwaarden vastgestelde percentage.

38.2.

Is meer dan 120 dagen na het verstrijken van de in artikel 38.1 vastgestelde termijn geen betaling geschied, dan ontstaat voor de adviseur het recht om de overeenkomst niet uit te voeren of te beëindigen.

Artikel 39

Betaling aan derden

39.1.

Opdrachten tot betaling aan derden kunnen slechts worden uitgevoerd na een cessie overeenkomstig artikel 6. De cessie wordt ter kennis van de opdrachtgever gebracht.

39.2.

Kennisgeving van cessionarissen geschiedt uitsluitend door de adviseur.

39.3.

Onverminderd de in artikel 38 genoemde termijn beschikt de opdrachtgever in geval van rechtsgeldig derdenbeslag op het eigendom van de adviseur, dat betrekking heeft op aan hem verschuldigde betalingen uit hoofde van de overeenkomst, over 30 dagen om de betalingen aan de adviseur te hervatten; deze termijn gaat in op de dag waarop hij kennisgeving ontvangt van de definitieve opheffing van het beletsel tot betaling.

CONTRACTBREUK EN BEËINDIGING VAN DE

OVEREENKOMST

Artikel 40

Contractbreuk

40.1.

Een partij pleegt contractbreuk wanneer zij een krachtens de overeenkomst op haar rustende verplichting niet nakomt.

40.2.

In geval van contractbreuk staan de benadeelde partij de volgende rechtsmiddelen ter beschikking:

a) schadevergoeding; en/of

b) beëindiging van de overeenkomst.

40.3.

Schadevergoeding kan:

a) algemeen zijn; of

b) gefixeerd zijn.

40.4.

Indien de opdrachtgever recht heeft op schadevergoeding, mag hij deze inhouden op alle aan de adviseur verschuldigde bedragen of op de desbetreffende garantie.

40.5.

Onverminderd de wetgeving van de Staat van de opdrachtgever, heeft de opdrachtgever recht op vergoeding van door hem geleden schade die na de voltooiing van de overeenkomst aan de dag treedt.

Artikel 41

Beëindiging van de overeenkomst door de opdrachtgever

41.1.

De opdrachtgever kan de overeenkomst te allen tijde en met onmiddellijke ingang beëindigen, behoudens het bepaalde in artikel 41.2.

41.2.

Tenzij in deze algemene voorwaarden anders is bepaald, kan de opdrachtgever, na de adviseur hiervan zeven dagen van tevoren in kennis te hebben gesteld, in elk van de volgende gevallen de overeenkomst beëindigen:

a) indien de adviseur de diensten niet wezenlijk conform de bepalingen van de overeenkomst verricht;

b) indien de adviseur nog altijd in gebreke blijft gedurende 14 dagen nadat de opdrachtgever hem in kennis heeft gesteld van de schorsing van de betalingen uit hoofde van artikel 35.11;

c) indien de adviseur niet binnen een redelijke termijn gevolg geeft aan een aanmaning van de directie om een nalatigheid of verzuim bij de nakoming van zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst goed te maken, zodat de correcte en tijdige uitvoering van de diensten ernstig in het gedrang komt;

d) indien de adviseur dienstorders van de directie weigert of nalaat uit te voeren;

e) indien de adviseur de overeenkomst overdraagt of onderaannemingsovereenkomsten sluit zonder dat de opdrachtgever daarvoor toestemming heeft gegeven;

f) indien de adviseur failliet gaat of insolvent wordt, onder curatele wordt gesteld, een regeling met zijn schuldeisers treft, onder een curator, bewindvoerder of beheerder blijft voortwerken ten behoeve van zijn schuldeisers, of in liquidatie is;

g) indien een nadelige onherroepelijke rechterlijke uitspraak wordt gedaan over een inbreuk op de beroepsethiek van de adviseur;

h) indien enigerlei andere vorm van juridische onbekwaamheid de uitvoering van de overeenkomst in de weg staat;

i) indien er zich veranderingen in de organisatie voordoen die aan de opdrachtgever moeten worden medegedeeld en die een wijziging van de rechtspersoonlijkheid van de adviseur tot gevolg hebben, tenzij die veranderingen in een bijvoegsel bij de overeenkomst worden vastgelegd;

j) indien de adviseur zijn onafhankelijkheid uit hoofde van artikel 12.1 niet handhaaft;

k) indien de adviseur verzuimt de vereiste garanties of zekerheid te stellen of indien de persoon die de eerdere garantie of zekerheid stelde, zijn verplichtingen niet kan nakomen.

41.3.

Beëindiging van de overeenkomst doet geen afbreuk aan andere rechten of bevoegdheden waarover de opdrachtgever en de adviseur krachtens de overeenkomst beschikken. De opdrachtgever mag daarna de diensten zelf voltooien of voor rekening van de adviseur een andere overeenkomst met een derde partij sluiten. De aansprakelijkheid van de adviseur voor vertraging bij de voltooiing houdt onmiddellijk op wanneer de opdrachtgever de overeenkomst beëindigt, onverminderd elke eventuele eerder ontstane aansprakelijkheid.

41.4.

Na beëindiging van de overeenkomst of wanneer hem daarvan kennis is gegeven, neemt de adviseur onmiddellijk maatregelen om de diensten snel en ordelijk af te sluiten en de uitgaven tot een minimum te beperken.

41.5.

Zo spoedig mogelijk na beëindiging van de overeenkomst bepaalt de directie de waarde van de diensten en stelt zij alle bedragen vast die bij de beëindiging van de overeenkomst aan de adviseur verschuldigd zijn.

41.6.

De opdrachtgever is niet verplicht de adviseur verdere betalingen te doen voordat de diensten zijn voltooid; daarna heeft de opdrachtgever het recht de eventuele extra kosten voor de voltooiing van de diensten bij de adviseur in te vorderen of betaalt hij de adviseur het hem verschuldigde saldo uit.

41.7.

Als de opdrachtgever de overeenkomst beëindigt, mag hij op de adviseur alle door hem geleden verliezen verhalen tot het in de overeenkomst vastgestelde maximumbedrag. Indien er geen maximumbedrag is vastgesteld, mag de opdrachtgever, onverminderd zijn andere rechtsmiddelen uit hoofde van de overeenkomst, aanspraak maken op het gedeelte van de aannemingssom dat overeenkomt met het gedeelte van de diensten dat door het in gebreke blijven van de adviseur niet op bevredigende wijze is uitgevoerd.

41.8.

Indien de beëindiging niet het gevolg is van een handeling of verzuim van de adviseur, is deze gerechtigd om naast de hem verschuldigde bedragen voor reeds uitgevoerde werkzaamheden een vergoeding voor geleden verliezen te vorderen.

Artikel 42

Beëindiging van de overeenkomst door de adviseur

42.1.

Met inachtneming van een opzegtermijn van 14 dagen kan de adviseur de overeenkomst met de opdrachtgever beëindigen, indien deze laatste:

a) de adviseur na afloop van de in artikel 38.2 genoemde termijn nog niet de bedragen heeft betaald die hem krachtens een door de directie afgegeven certificaat verschuldigd zijn; of

b) na herhaalde aanmaningen stelselmatig zijn verplichtingen verzuimt na te komen; of

c) voortgang van de dienstverrichting of een onderdeel daarvan langer dan 180 dagen schorst om redenen die niet in de overeenkomst zijn vermeld of die niet te wijten zijn aan het in gebreke blijven van de adviseur.

42.2.

Een dergelijke beëindiging van de overeenkomst doet geen afbreuk aan andere rechten waarover de opdrachtgever en de adviseur krachtens de overeenkomst beschikken.

42.3.

Bij een dergelijke beëindiging van de overeenkomst vergoedt de opdrachtgever de adviseur alle eventueel geleden verlies of schade. De desbetreffende bijbetalingen mogen een maximum dat in de overeenkomst moet worden vermeld, evenwel niet overschrijden.

Artikel 43

Overmacht

43.1.

Geen van de partijen wordt geacht in gebreke te zijn gebleven of haar verplichtingen krachtens de overeenkomst niet te zijn nagekomen, indien zij hierbij werden gehinderd door omstandigheden van overmacht die zich hebben voorgedaan na de datum van

kennisgeving van de gunning, of na de datum waarop de overeenkomst van kracht werd, indien die datum eerder viel.

43.2.

Onder "overmacht" wordt hier verstaan: stakingen, uitsluitingen of andere arbeidsconflicten, staatsvijandige handelingen, al dan niet verklaarde oorlogen, blokkades, oproer, rellen, epidemieën, aardverschuivingen, aardbevingen, stormen, bliksem, overstromingen, verzakkingen, ordeverstoringen, explosies en andere soortgelijke onvoorziene gebeurtenissen die geen van beide partijen in de hand heeft en waaraan zij ondanks de nodige inzet niet in staat zijn het hoofd te bieden.

43.3.

Onverminderd de artikelen 24 en 41, kan niet ten nadele van de adviseur worden besloten tot gefixeerde schadevergoeding of beëindiging van de overeenkomst wegens in gebreke blijven, indien en voor zover de vertraging in de uitvoering of het op andere wijze niet nakomen van zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst het gevolg van overmacht is. Onverminderd de artikelen 38 en 42, is de opdrachtgever evenmin aansprakelijk voor betaling van rente over achterstallige betalingen of voor het niet uitvoeren of beëindigen door de adviseur wegens zijn eigen in gebreke blijven indien en voor zover de vertraging of het op andere wijze niet nakomen van diens verplichtingen het gevolg van overmacht is.

43.4.

Indien een partij van mening is dat er zich omstandigheden van overmacht hebben voorgedaan die de nakoming van haar verplichtingen nadelig kunnen beïnvloeden, stelt zij de andere partij en de directie daarvan onmiddellijk in kennis, waarbij zij gedetailleerd opgave doet van de aard, de vermoedelijke duur en het waarschijnlijke gevolg van de omstandigheden. Behoudens andersluidende schriftelijke instructies van de directie, blijft de adviseur, voor zover dat redelijkerwijze mogelijk is, voldoen aan zijn verplichtingen krachtens de overeenkomst en zoekt hij ter nakoming van zijn verplichtingen naar redelijke alternatieve middelen die niet door de overmachtsituatie worden gehinderd. De adviseur past deze alternatieve middelen uitsluitend toe indien de directie daartoe instructie geeft.

43.5.

Indien er voor de adviseur meeruitgaven ontstaan door het opvolgen van de instructies van de directie of door het gebruik van alternatieve middelen uit hoofde van artikel 43.4, wordt het bedrag daarvan door de directie gefiatteerd.

43.6.

Indien er zich omstandigheden van overmacht hebben voorgedaan en deze situatie 180 dagen aanhoudt, kan de ene partij, ongeacht een verlenging van de uitvoeringstermijn die op grond van die toestand eventueel aan de adviseur is verleend, de andere partij er met een opzegtermijn van 30 dagen van in kennis stellen dat zij de overeenkomst wenst te beëindigen. Indien de overmachtsituatie na deze 30 dagen nog bestaat, wordt de overeenkomst beëindigd en worden de partijen bijgevolg ontheven van hun verdere verplichtingen krachtens de overeenkomst.

Artikel 44

Overlijden

44.1.

Wanneer de adviseur een natuurlijke persoon is, wordt de overeenkomst automatisch beëindigd indien die persoon komt te overlijden. De opdrachtgever onderzoekt evenwel alle voorstellen van erfgenamen of rechthebbenden die de wens tot voortzetting van de overeenkomst kenbaar hebben gemaakt. Binnen 30 dagen na ontvangst van dergelijke voorstellen brengt de opdrachtgever zijn beslissing ter kennis van de betrokkenen.

44.2.

Wanneer de adviseur uit verschillende natuurlijke personen bestaat en één of meer daarvan komen te overlijden, wordt in gemeenschappelijk overleg tussen de partijen een rapport over de uitvoering van de diensten opgesteld; de opdrachtgever beslist of de overeenkomst wordt beëindigd dan wel voortgezet overeenkomstig de door de overlevenden, respectievelijk de erfgenamen of rechthebbenden aangegane verbintenis.

44.3.

In de in artikel 44.1 en 44.2 genoemde gevallen geven de personen die voorstellen om de uitvoering van de overeenkomst voort te zetten, hiervan binnen 15 dagen na de datum van het overlijden kennis aan de opdrachtgever.

44.4.

Deze personen zijn, behoudens andersluidende bepalingen in de bijzondere voorwaarden, in dezelfde mate als de eerste adviseur, gezamenlijk en hoofdelijk aansprakelijk voor de goede uitvoering van de overeenkomst. De voortzetting van de overeenkomst is onderworpen aan de bepalingen met betrekking tot het stellen van de in deze algemene voorwaarden bedoelde garanties.

BESLECHTING VAN GESCHILLEN

Artikel 45

Beslechting van geschillen

45.1.

De opdrachtgever en de adviseur stellen alles in het werk om een minnelijke schikking te treffen voor geschillen in verband met de overeenkomst die tussen hen of tussen de directie en de adviseur kunnen ontstaan.

45.2.

De bijzondere voorwaarden bevatten voorschriften betreffende:

a) de procedure voor de minnelijke schikking van geschillen;

b) de termijnen waarin de procedure inzake minnelijke schikking kan worden ingeroepen na kennisgeving van het geschil aan de andere partij,

alsmede de maximumtermijn om een dergelijke schikking te bereiken, waarbij geldt dat deze laatste termijn niet langer mag zijn dan 120 dagen vanaf het begin van de te volgen procedure;

c) de termijnen voor de schriftelijke beantwoording van een verzoek om minnelijke schikking of van andere verzoeken die tijdens die procedure geoorloofd zijn, en de gevolgen van het niet nakomen van de termijnen.

45.3.

Nadat de procedure inzake minnelijke schikking is mislukt, kunnen de partijen overeenkomen het geschil binnen een vastgestelde termijn te beslechten via bemiddeling door een derde partij.

45.4.

De procedure inzake minnelijke schikking of beslechting via bemiddeling behelst in alle gevallen een procedure waarbij de tegenpartij in kennis wordt gesteld van de klachten en de reacties daarop.

45.5.

Bij ontstentenis van een minnelijke schikking of beslechting via bemiddeling binnen de vastgestelde maximumtermijnen wordt het geschil beslecht:

a) in geval van een nationale overeenkomst, overeenkomstig het nationale recht van de Staat van de opdrachtgever; en

b) in geval van een transnationale overeenkomst via arbitrage overeenkomstig de door de Raad van de Europese Gemeenschappen vastgestelde procedurevoorschriften.

BIJLAGE V

PROCEDUREVOORSCHRIFTEN VOOR BEMIDDELING EN ARBITRAGE INZAKE UIT HET EUROPEES ONTWIKKELINGSFONDS (EOF) GEFINANCIERDE OVEREENKOMSTEN IN DE LGO

INHOUD

I - INLEIDENDE BEPALINGEN

Artikel 1 - Toepassingsgebied .......... 97

Artikel 2 - Definities .......... 97

Artikel 3 - Kennisgeving en berekening van termijnen .......... 97

Artikel 4 - Uitputting van interne administratieve middelen .......... 97

Artikel 5 - Bemiddeling .......... 97

II - HET GERECHT

Artikel 6 - Nationaliteit van de scheidsrechters .......... 98

Artikel 7 - Aantal scheidsrechters .......... 98

Artikel 8 - Benoeming van een alleen zetelend scheidsrechter .......... 98

Artikel 9 - Benoeming van drie scheidsrechters .......... 99

Artikel 10 - Benoemingen door de benoemende instantie .......... 99

Artikel 11 - Wraking van scheidsrechters .......... 100

Artikel 12 - Vervanging van een scheidsrechter .......... 100

III - DE ARBITRAGEPROCEDURE

Artikel 13 - Algemene bepalingen .......... 100

Artikel 14 - Toepasselijk recht en procedurevoorschriften .......... 101

Artikel 15 - Taal waarin de procedure wordt gevoerd .......... 101

Artikel 16 - Plaats waar de procedure wordt gevoerd .......... 101

Artikel 17 - Vertegenwoordiging en bijstand .......... 101

Artikel 18 - Aanvang van de arbitrageprocedure .......... 101

Artikel 19 - Verzoekschrift .......... 102

Artikel 20 - Verweerschrift .......... 102

Artikel 21 - Wijziging van het verzoekschrift of van het verweerschrift .......... 102

Artikel 22 - Betwisting van de bevoegdheid van het Gerecht .......... 102

Artikel 23 - Overige stukken .......... 103

Artikel 24 - Termijnen .......... 103

Artikel 25 - Bewijs .......... 103

Artikel 26 - Mondelinge behandeling .......... 103

Artikel 27 - Voorlopige of conservatoire maatregelen .......... 103

Artikel 28 - Deskundigen .......... 104

Artikel 29 - Verstek .......... 104

Artikel 30 - Afsluiting van de hoorzittingen .......... 104

Artikel 31 - Dekking van proceduregebreken .......... 104

IV - HET VONNIS

Artikel 32 - Wijze van beslissen .......... 104

Artikel 33 - Tijdstip, draagwijdte, vorm en rechtskracht van het vonnis .......... 105

Artikel 34 - Tenuitvoerlegging van het vonnis .......... 105

Artikel 35 - Dading of andere redenen tot beëindiging van de procedure .......... 105

Artikel 36 - Uitlegging van het vonnis .......... 105

Artikel 37 - Rechtzetting van het vonnis .......... 106

Artikel 38 - Aanvullend vonnis .......... 106

Artikel 39 - Honoraria .......... 106

Artikel 40 - Kosten .......... 106

Artikel 41 - Consignatie .......... 107

I - INLEIDENDE BEPALINGEN

Artikel 1

Toepassingsgebied

De regeling van geschillen over een door het Europees Ontwikkelingsfonds (EOF) gefinancierde overeenkomst, die overeenkomstig de algemene voorwaarden en de voor de overeenkomst geldende bijzondere voorwaarden door bemiddeling of arbitrage geregeld kunnen worden, geschiedt in overeenstemming met deze procedurevoorschriften.

Artikel 2

Definities

Behalve waar uit het verband een andere betekenis blijkt, worden de onderstaande woorden en uitdrukkingen in dit reglement als volgt verstaan:

LGO: de met de EEG geassocieerde landen en gebieden overzee.

Besluit van de Raad: Besluit 91/482/EEG van de Raad van 25 juli 1991 betreffende de associatie van de landen en gebieden overzee met de Europese Economische Gemeenschap.

Lid-Staat: een Lid-Staat van de Europese Economische Gemeenschap (EEG).

Administratief college: het college in de betrokken LGO dat tot taak heeft langs administratieve weg geschillen in verband met overeenkomsten waarbij de opdrachtgever partij is, te regelen.

Het Gerecht: het scheidsgerecht.

Benoemende Instantie: de door de partijen bij een arbitrage overeengekomen, of de bij gebreke van overeenstemming in dit reglement aangeduide instantie die bevoegd is om de scheidsrechter aan te wijzen.

Opdrachtgever: de Staat of de publiekrechtelijke of privaatrechtelijke rechtspersoon door of namens welke de overeenkomst gesloten wordt.

De ACS-EEG-Overeenkomst: de geldende Overeenkomst tussen ACS-Staten en de EEG.

De Raad van Ministers: de ACS-EEG-Raad van Ministers, zoals bedoeld in de ACS-EEG-Overeenkomst.

De overeenkomst: een EOF-overeenkomst voor werken, leveringen of diensten.

Verzoeker: de partij die het initiatief tot de arbitrageprocedure neemt door de andere partij een kennisgeving toe te zenden die als verzoek om arbitrage geldt en waarin zij haar middelen uiteenzet.

Verweerder: de partij bij de arbitrage tegen wie het verzoek gericht is.

Partij: in verband met arbitrage, de verzoeker of de verweerder bij arbitrage.

Artikel 3

Kennisgeving en berekening van termijnen

3.1.

Iedere in deze voorschriften vereiste kennisgeving wordt per aangetekend schrijven met verzoek om gedateerde ontvangstbevestiging toegezonden of met verzoek om een gedateerd ontvangstbewijs overhandigd. De kennisgeving wordt geacht te zijn ontvangen op de dag waarop ze aldus is overhandigd.

3.2.

De in deze voorschriften vastgestelde termijnen vangen aan op de dag volgend op de dag van ontvangst van de kennisgeving, de mededeling of het voorstel; wanneer de laatste dag van de termijn een wettelijke feestdag of een vrije dag is op het in die kennisgeving opgegeven adres voor de kennisgeving, wordt deze termijn tot de eerstvolgende werkdag verlengd. Wettelijke feestdagen en vrije dagen die binnen de termijn vallen, worden evenwel meegerekend.

Artikel 4

Uitputting van interne administratieve middelen

4.1.

Een geschil wordt slechts aan arbitrage volgens deze voorschriften onderworpen, indien alle interne administratieve rechtsmiddelen die de betrokken LGO voor het beslechten van dergelijke geschillen biedt, zijn of geacht worden te zijn uitgeput. De mogelijkheden tot het instellen van een administratief beroep worden geacht uitgeput te zijn, wanneer het administratief college binnen 120 dagen na ontvangst van het eerste verzoek om regeling van het geschil, geen eindbeslissing heeft gegeven.

4.2.

In gevallen waarin voor een verzoekende partij geen administratief beroep openstaat omdat dit in de betrokken LGO niet bestaat, kan een geschil pas aan arbitrage overeenkomstig deze voorschriften onderworpen worden nadat de verzoeker zijn bezwaar ter kennis van de andere partij heeft gebracht en deze partij binnen 120 dagen na ontvangst van deze kennisgeving geen noemenswaardige stappen ondernomen heeft om de oorzaak van het bezwaar weg te nemen of recht te zetten.

Artikel 5

Bemiddeling

5.1.

Wie het recht heeft om arbitrage te verzoeken, kan dat verzoek steeds vooraf laten gaan door een beroep op de goede diensten van de instelling die de overeenkomst financiert, of op regeling van het geschil door bemiddeling overeenkomstig deze voorschriften.

5.2.

In geval van overeenstemming tussen de partijen in het geschil treedt één persoon als bemiddelaar op, of anders een commissie van drie bemiddelaars.

5.3.

Om voor aanwijzing in aanmerking te komen, moet een bemiddelaar de nationaliteit hebben van de betrokken LGO of van een Lid-Staat.

5.4.

Indien één persoon als bemiddelaar optreedt, wordt deze door de partijen in het geschil te zamen gekozen. Indien een commissie bemiddelt, wijst elke partij in het geschil een van de leden van de commissie aan. Het derde lid van de commissie, dat voorzitter is en een andere nationaliteit bezit dan de betrokken partijen, wordt door de eerste twee leden van de commissie gekozen.

5.5.

De partij die om bemiddeling verzoekt, stelt de andere partij hiervan in kennis.

Het verzoek bevat een uiteenzetting van de argumenten van de verzoeker en gaat vergezeld van afschriften van ter zake strekkende stukken en documenten. Het verzoek vermeldt voorts de naam en het adres van de persoon die als bemiddelaar wordt voorgesteld of aangewezen.

5.6.

Binnen 60 dagen na ontvangst van de kennisgeving van het verzoek, deelt de andere partij de verzoeker mee of hij bereid is een bemiddelingspoging te aanvaarden en in dat geval de verzoeker een repliek op diens argumenten te doen toekomen. De repliek vermeldt ook de naam en het adres van de persoon die de andere partij als bemiddelaar voorstelt of aanwijst.

5.7.

Binnen 30 dagen na ontvangst van de repliek wijzen de door de partijen gekozen leden van de bemiddelingscommissie de voorzitter aan.

5.8.

De bemiddelaar of de bemiddelingscommissie gaan zo informeel en vlot te werk als met een billijke en objectieve regeling van het geschil verenigbaar is en hun optreden berust op het op eerlijke wijze horen van beide partijen.

Elke partij kan persoonlijk verschijnen of zich door een gemachtigde van haar keuze laten vertegenwoordigen.

5.9.

Na het onderzoeken van de zaak leggen de bemiddelaar of de bemiddelingscommissie indien mogelijk de inhoud van een regeling aan partijen voor.

5.10.

Wordt er een regeling bereikt, dan stelt de bemiddelaar of de bemiddelingscommissie hiervan een akte op en ondertekent deze. Ten blijke van aanvaarding wordt deze akte door partijen ondertekend. De aldus ondertekende akte van de regeling is voor partijen bindend.

5.11.

Aan de partijen worden afschriften verstrekt van de aldus ondertekende akte van de regeling.

5.12.

Wordt er geen regeling bereikt, dan blijven partijen vrij hun geschil overeenkomstig deze voorschriften aan arbitrage te onderwerpen, in welk geval niets van wat in verband met de procedure voor de bemiddelaar of de bemiddelingscommissie aan het licht is gekomen, hoe dan ook afbreuk kan doen aan hun legitieme rechten van partijen bij arbitrage.

5.13.

Wie ter regeling van een geschil als bemiddelaar of lid van een bemiddelingscommissie is opgetreden, kan niet voor dezelfde zaak als scheidsrechter aangesteld worden.

II - HET GERECHT

Artikel 6

Nationaliteit van de scheidsrechters

Om voor benoeming in aanmerking te komen, moet een scheidsrechter de nationaliteit hebben van de betrokken LGO of van een Lid-Staat.

Artikel 7

Aantal scheidsrechters

Indien de partijen het hierover eens zijn, bestaat het gerecht uit slechts één scheidsrechter. Deze overeenstemming moet tot stand komen binnen 15 dagen nadat de verweerder de kennisgeving waarbij de arbitrageprocedure overeenkomstig artikel 18 wordt ingeleid, heeft ontvangen. Indien de partijen binnen de gestelde termijn geen overeenstemming bereiken over arbitrage door één scheidsrechter of indien zij anderszins tot een akkoord komen, wordt het Gerecht uit drie scheidsrechters samengesteld.

Artikel 8

Benoeming van een alleen zetelend scheidsrechter

8.1.

Indien een alleen zetelend scheidsrechter moet worden benoemd, wordt die scheidsrechter of de benoemende instantie die die scheidsrechter benoemt, door partijen in onderlinge overeenstemming aangewezen binnen 60 dagen nadat de arbitrageprocedure overeenkomstig artikel 18 is ingeleid.

8.2.

Indien:

a) partijen binnen de gestelde 60 dagen geen overeenstemmig bereiken over de scheidsrechter of de benoemende instantie, of

b) de door partijen overeengekomen benoemende instantie weigert op te treden of nalaat binnen 60

dagen na ontvangst van hun daartoe strekkend verzoek de scheidsrechter te benoemen,

kan elke partij de hoogste in rang onder de rechters in het Internationaal Gerechtshof te Den Haag die onderdaan zijn van de betrokken LGO en de Lid-Staten, verzoeken de bevoegdheden van de benoemende instantie uit te oefenen.

Artikel 9

Benoeming van drie scheidsrechters

9.1.

Indien drie scheidsrechters moeten worden benoemd, benoemt iedere partij er één. De twee aldus benoemde scheidsrechters kiezen de derde scheidsrechter, die de functie van voorzitter van het Gerecht vervult.

9.2.

De benoeming van een scheidsrechter door elke partij geschiedt binnen 60 dagen na de datum waarop zij overeengekomen zijn dat het Gerecht uit drie scheidsrechters zal bestaan, of de datum waarop het overeenkomstig artikel 7.1 uitgesloten is dat in het Gerecht één scheidsrechter zal zetelen.

9.3.

Indien:

a) binnen 30 dagen nadat elke partij haar scheidsrechter heeft aangewezen, de twee benoemde scheidsrechters geen derde scheidsrechter hebben gekozen, of

b) binnen 30 dagen na ontvangst van de kennisgeving van de aanwijzing van een scheidsrechter door één partij, de andere partij de eerste partij niet heeft meegedeeld wie zij als scheidsrechter heeft aangewezen,

wordt de ontbrekende scheidsrechter op verzoek van een der partijen door de benoemende instantie aangewezen.

9.4.

De benoemende instantie wordt door partijen in onderlinge overeenstemming aangewezen uiterlijk 60 dagen na het specifieke verzuim dat de behoefte aan een optreden harerzijds doet ontstaan. Zijn de partijen het binnen die termijn niet eens geworden over een benoemende instantie, dan kan elke partij de hoogste in rang onder de rechters in het Internationaal Gerechtshof te Den Haag die onderdaan zijn van de LGO en de Lid-Staten, verzoeken de bevoegdheden van de benoemende instantie uit te oefenen.

Artikel 10

Benoemingen door de benoemende instantie

10.1.

Wanneer een benoemende instantie verzocht wordt een scheidsrechter te benoemen, zendt de partij die daarom verzoekt haar een afschrift toe van de in artikel 18.1 bedoelde kennisgeving van arbitrage, alsook een afschrift van de overeenkomst waarover of in verband waarmee het geschil is ontstaan. De benoemende instantie kan ieder der partijen om de inlichtingen verzoeken die zij voor de vervulling van haar taak nodig acht.

10.2.

Elke partij kan de benoemende instantie personen voordragen die geschikt zijn voor benoeming als scheidsrechter. Deze voordracht gaat vergezeld van de volledige naam en adres alsook de nationaliteit van de voorgedragen personen, met vermelding van hun kwalificaties.

10.3.

De benoemende instantie benoemt de scheidsrechter of scheidsrechters zo spoedig mogelijk. Daarbij dient zij:

a) zich te laten leiden door overwegingen die geschikt zijn om te waarborgen dat een onafhankelijke en onpartijdige scheidsrechter wordt benoemd, die van een andere nationaliteit is dan partijen, een hoog zedelijk aanzien geniet en met betrekking tot het geschil op juridisch, technisch of financieel gebied over een erkende bekwaamheid beschikt; en

b) tenzij beide partijen anders overeenkomen of de benoemende instantie op eigen gezag beslist dat zulks in het gegeven geval niet geraden is, de hierna beschreven procedure van lijsten te volgen:

i) de benoemende instantie deelt beide partijen een identieke lijst mee, waarop ten minste drie namen voorkomen van personen die overeenkomstig de artikelen 6.1 en 10.3, onder a), voor benoeming in aanmerking komen;

iii) binnen 30 dagen na ontvangst ervan kan iedere partij deze lijst aan de benoemende instantie terugzenden na doorhaling van de naam of namen waartegen zij bezwaar maakt en na nummering van de overblijvende namen in de volgorde van haar voorkeur. Wordt de lijst niet teruggezonden of wordt geen wijziging aangebracht in de volgorde van de namen op de oorspronkelijke lijst, dan worden de namen op die lijst geacht door de betrokken partij te zijn goedgekeurd in de volgorde waarin ze vermeld staan;

iii) na ontvangst van de door beide partijen teruggezonden lijst of, indien dit tijdstip vroeger valt, na het verstrijken van de termijn voor terugzending, wijst de benoemende instantie binnen 30 dagen de scheidsrechter aan op de lijst, uit de namen die zijn goedgekeurd of geacht worden te zijn goedgekeurd en in overeenstemming met de volgorde van voorkeur van de partijen;

iv) indien de benoeming om enigerlei reden niet volgens deze procedure kan plaatsvinden, kan de benoemende instantie een geschikte

scheidsrechter aanwijzen, daarbij terdege rekening houdend met het belang van de partijen, de aard van het geschil en, in voorkomend geval, het feit dat een van de partijen een Staat is.

Artikel 11

Wraking van scheidsrechters

11.1.

Een ieder die voor de functie van scheidsrechter wordt benaderd, brengt degenen die daartoe contact met hem opnemen, op de hoogte van alle feiten en omstandigheden die omtrent zijn onpartijdigheid of onafhankelijkheid gerechtvaardigde twijfel of argwaan zouden kunnen doen rijzen. Wie tot scheidsrechter benoemd is, maakt deze feiten of omstandigheden aan partijen bekend, indien hij hen daarover niet reeds eerder heeft ingelicht.

11.2.

Elke scheidsrechter kan door een partij worden gewraakt indien er feiten of omstandigheden bestaan die omtrent zijn onpartijdigheid of bevoegdheid gerechtvaardigde twijfel of argwaan kunnen doen rijzen. Een partij kan evenwel een scheidsrechter die zij heeft aangewezen of bij wiens benoeming zij betrokken was, slechts wraken om redenen waarvan zij na zijn benoeming kennis heeft gekregen.

11.3.

Een partij die een scheidsrechter wenst te wraken, geeft daarvan schriftelijk en met opgave van redenen kennis aan het Gerecht, de gewraakte scheidsrechter en de tegenpartij. De kennisgeving wordt verzonden binnen 15 dagen na de oprichting van het Gerecht of, indien dit tijdstip later valt, de benoeming van de gewraakte scheidsrechter, dan wel binnen 15 dagen nadat de wrakende partij kennis heeft gekregen van de omstandigheden die de wraking rechtvaardigen.

11.4.

Wanneer een partij instemt met de wraking door een andere partij of wanneer de gewraakte scheidsrechter zijn functie neerlegt, verliest die scheidsrechter onmiddellijk zijn bevoegdheid om in de arbitrageprocedure op te treden. Overeenstemming tussen partijen over de wraking of het feit dat de gewraakte scheidsrechter zijn functie neerlegt, betekenen echter geen aanvaarding van de geldigheid van de wrakingsgronden.

11.5.

Wordt de wraking door de andere partij niet aanvaard of legt de gewraakte scheidsrechter zijn functie niet neer, dan wordt als volgt over de wraking beslist:

a) indien de scheidsrechter door een benoemende instantie is aangewezen, door die instantie;

b) indien de scheidsrechter niet door een benoemende instantie is aangewezen, door de eventuele overige leden van het Gerecht;

c) in alle andere gevallen of ingeval de overige leden van het Gerecht geen overeenstemming bereiken, door een benoemende instantie die volgens de procedure van artikel 9.4 is of wordt aangewezen.

De beslissing van die instantie is onherroepelijk.

Artikel 12

Vervanging van een scheidsrechter

12.1.

In de volgende gevallen wordt een plaatsvervangende scheidsrechter benoemd volgens de in de artikelen 8 tot en met 10 vastgestelde procedure die van toepassing is op de benoeming van de scheidsrechter in kwestie in wiens vervanging wordt voorzien:

a) de wraking van een scheidsrechter is door de andere partij aanvaard; of

b) een gewraakte scheidsrechter heeft zijn functie neergelegd; of

c) de wraking van een scheidsrechter wordt gehandhaafd, ofschoon de wraking door de andere partij niet aanvaard wordt of de gewraakte scheidsrechter weigert zijn functie neer te leggen; of

d) een scheidsrechter overlijdt in de loop van de arbitrageprocedure; of

e) een scheidsrechter voert om enige andere reden zijn opdracht niet uit, dan wel is rechtens of in feite verhinderd zijn opdracht uit te voeren.

12.2.

Indien een scheidsrechter wordt vervangen, staat het aan het Gerecht te beslissen of enige voordien gehouden hoorzitting dient te worden herhaald en kan het Gerecht elke in de loop van de procedure gegeven beslissing of beschikking naast zich neerleggen.

III - DE ARBITRAGEPROCEDURE

Artikel 13

Algemene bepalingen

13.1.

Onverminderd deze voorschriften, kan het Gerecht de arbitrageprocedure voeren op de wijze die het passend acht.

13.2.

Het Gerecht moet bij de arbitrage met zoveel spoed en aandacht voor kostenbesparing te werk gaan als verenigbaar is met een billijke rechtsbedeling. De partijen worden op voet van gelijkheid behandeld, en iedere partij wordt in alle onderdelen van de procedure ten volle in de gelegenheid gesteld voor haar rechten op te komen en haar middelen voor te dragen.

13.3.

Indien een der partijen in enig onderdeel van de procedure daarom verzoekt, houdt het Gerecht hoorzittingen waarop getuigen, met inbegrip van deskundigen, verklaringen kunnen afleggen of partijen hun standpunt mondeling kunnen uiteenzetten. Bij gebreke van een verzoek in die zin beslist het Gerecht of een dergelijke hoorzitting dient plaats te vinden dan wel of de behandeling op stukken geschiedt.

13.4.

Alle stukken of inlichtingen die door een der partijen aan het Gerecht worden overgelegd of verstrekt, worden door die partij terzelfder tijd aan de wederpartij meegedeeld. Een partij mag dergelijke stukken of inlichtingen nooit ter ondersteuning van haar argumenten gebruiken, tenzij bewezen wordt dat ze aan de andere partij zijn overgelegd of verstrekt.

Artikel 14

Toepasselijk recht en procedurevoorschriften

14.1.

Het door het Gerecht op de onderwerpen van geschil toegepaste recht is het in de overeenkomst vastgestelde recht van de Staat van de opdrachtgever tenzij de overeenkomst in een ander toepasselijk recht voorziet, in welk geval het Gerecht dat recht toepast. In alle gevallen doet het Gerecht uitspraak volgens de bepalingen van de overeenkomst en kan het daarbij de op de transactie toepasselijke handelsgebruiken in aanmerking nemen.

14.2.

Wanneer het toepasselijk recht op een bepaald punt stilzwijgend is, past het Gerecht de conflictregels toe die voortvloeien uit het op de overeenkomst toepasselijke recht. Het Gerecht mag, op grond van stilzwijgen of duisterheid van het recht, niet weigeren uitspraak te doen.

14.3.

Onverminderd de artikelen 5.1 en 14.1, doet het Gerecht uitspraak bij wijze van minnelijke schikking of naar billijkheid wanneer de partijen in de loop van het geding het hiertoe uitdrukkelijk machtigen.

14.4.

De gehele arbitrageprocedure wordt volgens deze voorschriften gevoerd. Wanneer een procedureaangelegenheid hierin niet is geregeld en partijen daaromtrent niet tot overeenstemming komen, wordt daarover beslist door het Gerecht, dat in dat geval in het bijzonder erop toeziet dat de gelijkheid van partijen wordt geëerbiedigd.

Artikel 15

Taal waarin de procedure wordt gevoerd

15.1.

De arbitrageprocedure wordt gevoerd en het arbitragevonnis wordt gewezen in de taal waarin de overeenkomst is gesteld waarvan de bepalingen of de uitvoering tot het geschil aanleiding hebben gegeven.

15.2.

Het Gerecht kan bevelen dat bij aan het verzoekschrift of het verweerschrift gehechte stukken en bij elk ander tijdens de procedure overgelegd stuk waarvan de oorspronkelijke taal niet de proceduretaal is, een voor eensluidend gewaarmerkte vertaling wordt gevoegd in de proceduretaal.

Artikel 16

Plaats waar de procedure wordt gevoerd

16.1.

De arbitrageprocedure wordt gevoerd in de LGO waar de opdracht is gegund of wordt uitgevoerd. Om gegronde redenen en met instemming van de partijen kan het Gerecht echter beslissen dat de arbitrage elders plaatsvindt. Hierbij houdt het Gerecht rekening met de omstandigheden van de zaak, met inbegrip van de kosten, het gemak van de partijen en de mogelijk nadelige gevolgen van de procedureregels van een andere plaats voor de partijen en de procedure.

16.2.

Onverminderd artikel 16.1 kan het Gerecht hoorzittingen en bijeenkomsten houden op elke plaats die het, rekening houdend met de omstandigheden van de zaak, passend acht.

16.3.

Het Gerecht kan, met het oog op het onderzoek van werken, goederen of andere zaken of stukken, overal bijeenkomen waar het zulks passend acht. Partijen worden tijdig verwittigd, zodat zij bij het onderzoek aanwezig kunnen zijn.

Artikel 17

Vertegenwoordiging en bijstand

Partijen kunnen zich laten vertegenwoordigen en/of bijstaan door de personen hunner keuze. De naam en het adres van de aangewezen personen worden schriftelijk aan de andere partij en het Gerecht meegedeeld. In deze mededeling wordt vermeld of de aangewezene tot vertegenwoordiging dan wel tot bijstand strekt.

Artikel 18

Aanvang van de arbitrageprocedure

18.1.

De verzoeker in een arbitrageprocedure zendt een kennisgeving van arbitrage toe aan de verweerder. Deze kennisgeving is ongeldig wanneer zij geschiedt meer dan 90 dagen na ontvangst van de eindbeslissing in laatste instantie in de administratieve procedure in de betrokken LGO of, indien er geen administratief beroep openstaat, meer dan 90 dagen na het verstrijken van de in artikel 4.2 gestelde termijn van 120 dagen voor het wegnemen van een ter kennis van de andere partij gebracht bezwaar.

18.2.

De arbitrageprocedure wordt geacht een aanvang te nemen op de dag waarop de verweerder de kennisgeving van arbitrage ontvangt.

18.3.

De kennisgeving van arbitrage bevat de volgende gegevens:

a) het verzoek dat het geschil aan arbitrage wordt onderworpen;

b) de naam en het adres van partijen, alsook hun nationaliteit op het tijdstip van de kennisgeving;

c) de aanduiding van de overeenkomst waaruit of in verband waarmee het geschil is ontstaan en de bijzondere clausule of clausules in de overeenkomst die worden ingeroepen of aangevochten;

d) de algemene aard van de vordering met, in voorkomend geval, het bedrag waarop deze betrekking heeft;

e) het voorwerp van de vordering;

f) een verklaring, met vermelding van de data, betreffende eventuele administratieve procedures en de uitkomst ervan, dan wel betreffende de kennisgeving van de bezwaren en het gevolg dat eraan is gegeven;

g) een voorstel ten aanzien van het aantal scheidsrechters (een of drie).

18.4.

De kennisgeving van arbitrage kan eveneens bevatten:

a) de naam van de persoon en/of de instantie die overeenkomstig artikel 8.1 voorgedragen wordt voor benoeming als alleen zetelend scheidsrechter en/of benoemende instantie;

b) de kennisgeving van de in artikel 9.1 bedoelde benoeming van een scheidsrechter door de verzoeker;

c) een uiteenzetting van de middelen, zoals bedoeld in artikel 19.

Artikel 19

Verzoekschrift

19.1.

Indien hij zijn middelen niet reeds in de kennisgeving van arbitrage heeft uiteengezet, zendt de verzoeker binnen de door het Gerecht vastgestelde termijn zijn verzoekschrift toe aan de verweerder en aan ieder der scheidsrechters. Bij het verzoekschrift wordt een afschrift van de overeenkomst gevoegd.

19.2.

Het verzoekschrift, dat door de verzoeker en/of zijn naar behoren gemachtigde vertegenwoordiger wordt ondertekend en gedateerd, bevat de volgende gegevens:

a) de naam en het adres van de partijen;

b) een uiteenzetting van de tot staving van de vordering aangevoerde feiten;

c) de geschilpunten;

d) het voorwerp van de vordering.

De verzoeker kan alle stukken die hij dienstig acht, bij zijn verzoekschrift voegen of daarin melding maken van de stukken of andere bewijsmiddelen die hij voornemens is over te leggen of voor te dragen.

Artikel 20

Verweerschrift

20.1.

De verweerder zendt binnen de door het Gerecht vastgestelde termijn zijn verweerschrift aan de verzoeker en aan ieder der scheidsrechters toe.

20.2.

De verweerder antwoordt in zijn verweerschrift op de punten van het verzoekschrift, bedoeld in artikel 19.2, onder b), c) en d). De verweerder voegt de stukken waarop hij te zijner verdediging steunt, bij het verweerschrift of maakt daarin melding van de stukken of andere bewijsmiddelen die hij voornemens is over te leggen of voor te dragen.

20.3.

De verweerder kan hetzij in zijn verweerschrift, hetzij in een latere fase van de arbitrageprocedure, indien het Gerecht van oordeel is dat de omstandigheden van de zaak een zodanige vertraging rechtvaardigen, op grond van de overeenkomst een tegenvordering instellen of ter compensatie een aan de overeenkomst ontleend recht doen gelden.

20.4.

Artikel 19.2 is van toepassing wanneer een tegenvordering wordt ingesteld of ter compensatie enig recht geldend wordt gemaakt.

Artikel 21

Wijziging van het verzoekschrift of van het verweerschrift

Partijen kunnen tijdens de arbitrageprocedure hun verzoekschrift, respectievelijk verweerschrift wijzigen of aanvullen, tenzij het Gerecht van oordeel is dat het de wijziging niet kan toestaan omdat deze te laat komt of de andere partij teveel zou benadelen.

Artikel 22

Betwisting van de bevoegdheid van het Gerecht

22.1.

Het Gerecht is bevoegd uitspraak te doen over excepties van onbevoegdheid.

22.2.

Het Gerecht is bevoegd uitspraak te doen over het bestaan of de geldigheid van de overeenkomst. Een beslissing waarbij het Gerecht vaststelt dat de overeenkomst nietig is, doet niets af aan de geldigheid van de arbitrageclausule in de overeenkomst of aan de overeenkomst om het geschil aan arbitrage te onderwerpen en laat bijgevolg ook de toepassing van deze procedurevoorschriften onverlet.

22.3.

Excepties van onbevoegdheid worden uiterlijk bij de indiening van het verweerschrift of, in het geval van een tegenvordering, uiterlijk bij de indiening van de memorie van repliek opgeworpen. Deze bepaling is eveneens van toepassing op nieuwe vorderingen en tegenvorderingen die in de loop van de procedure worden toegelaten.

22.4.

In de regel doet het Gerecht vóór de behandeling ten principale uitspraak over excepties van onbevoegdheid. Het kan evenwel de arbitrageprocedure voortzetten en over deze excepties in het eindvonnis uitspraak doen.

Artikel 23

Overige stukken

Het Gerecht beslist welke andere stukken, benevens het verzoekschrift en het verweerschrift, partijen aan het Gerecht moeten of kunnen overleggen en in voorkomend geval op welke wijze en binnen welke termijn dit dient te geschieden.

Artikel 24

Termijnen

De termijnen die het Gerecht voor de overlegging van stukken (met inbegrip van het verzoekschrift en het verweerschrift) vaststelt, mogen niet meer bedragen dan 45 dagen. Het Gerecht kan deze termijnen evenwel verlengen indien het verlenging gerechtvaardigd acht.

Artikel 25

Bewijs

25.1.

Elke partij moet het bewijs leveren van de feiten waarop zij haar vordering, respectievelijk haar verweer doet steunen.

25.2.

Indien het zulks noodzakelijk acht, kan het Gerecht partijen gelasten binnen de termijn die het vaststelt, het Gerecht en de wederpartij een beknopt overzicht te verschaffen van de stukken en andere bewijsmiddelen die zij voornemens is over te leggen of voor te dragen tot staving van de litigieuze feiten, zoals in haar verzoekschrift, respectievelijk verweerschrift uiteengezet.

25.3.

Het Gerecht kan op ieder tijdstip tijdens de arbitrageprocedure partijen gelasten binnen de termijn die het vaststelt, aanvullende bewijsmiddelen over te leggen of voor te dragen.

Artikel 26

Mondelinge behandeling

26.1.

Indien een hoorzitting wordt gehouden, verwittigt het Gerecht partijen tijdig van dag, uur en plaats.

26.2.

Indien getuigen moeten worden gehoord, deelt elke partij ten minste 15 dagen vóór de hoorzitting het Gerecht en de andere partij de naam en het adres mee van de getuigen die zij voornemens is op te roepen, met vermelding van het onderwerp waarop de getuigenverklaringen betrekking zullen hebben en van de taal waarin zij zullen worden afgelegd.

26.3.

Het Gerecht treft de nodige voorzieningen voor het vertalen en het opmaken van het proces-verbaal van de ter zitting afgelegde mondelinge verklaringen, indien het een en ander in verband met de omstandigheden van de zaak noodzakelijk acht of indien partijen daaromtrent een overeenkomst hebben gesloten en deze ten minste 15 dagen vóór de zitting ter kennis van het Gerecht hebben gebracht.

26.4.

De hoorzittingen worden met gesloten deuren gehouden, tenzij partijen anders overeenkomen. Het Gerecht kan een getuige verzoeken zich tijdens het horen van een andere getuige terug te trekken. Het Gerecht bepaalt het verloop van het getuigenverhoor, onverminderd het recht van elke partij om desgewenst de door de andere partij voorgebrachte getuigen te ondervragen.

26.5.

Getuigenbewijs kan ook de vorm hebben van een schriftelijke, door de getuigen ondertekende verklaring waarin zij op erewoord bevestigen dat het verklaarde waar is. Op verzoek kan een partij en met de instemming van het Gerecht kunnen deze getuigen evenwel worden gehoord tijdens een zitting waarop partijen aanwezig kunnen zijn en in de gelegenheid worden gesteld de getuigen te ondervragen.

26.6.

Het Gerecht beoordeelt de ontvankelijkheid en het belang van de voorgedragen bewijzen, alsmede het feit of deze ter zake zijn.

Artikel 27

Voorlopige of conservatoire maatregelen

27.1.

Het Gerecht kan op verzoek van een der partijen de voorlopige maatregelen nemen die het met betrekking tot het onderwerp van het geschil noodzakelijk acht; het kan met name met betrekking tot de litigieuze goederen voorzieningen treffen tot bewaring van recht, onder meer door te gelasten dat die goederen onder het toezicht van een derde worden geplaatst of dat bederfelijke waar wordt verkocht. Het Gerecht kan eveneens het deponeren van een geldsom of van een zekerheid gelasten als waarborg voor het geheel of een gedeelte van de bedragen. Ingeval dit niet gebeurt, kan het Gerecht daaruit de in een dergelijk geval voor de hand liggende conclusies trekken.

27.2.

De voorlopige maatregelen kunnen worden getroffen bij wege van een provisioneel vonnis. Het Gerecht kan gelasten dat zekerheid wordt gesteld tot betaling van de door deze maatregelen veroorzaakte kosten.

Artikel 28

Deskundigen

28.1.

Het Gerecht kan een of meer onafhankelijke deskundigen aanstellen met de opdracht een studie te maken en het Gerecht schriftelijk verslag uit te brengen over de punten die het uitdrukkelijk aanwijst. Een partij heeft het recht een deskundige te wraken op grond van onbevoegdheid en partijdigheid; aanvaardt het Gerecht de wraking, dan trekt de deskundige zich terug. Partijen ontvangen een afschrift van de door het Gerecht opgestelde taakomschrijving van de deskundige.

28.2.

Partijen verstrekken de deskundige alle dienstige inlichtingen, verlenen hem inzage van de stukken waarom hij verzoekt, en geven hem toegang tot de goederen die hij wenst te inspecteren. Indien een partij de gegrondheid van een verzoek van de deskundige betwist, wordt het geschil aan het Gerecht ter beslechting voorgelegd.

28.3.

Het Gerecht doet dadelijk na ontvangst van het verslag van de deskundige een afschrift daarvan toekomen aan partijen, die in de gelegenheid worden gesteld daarover schriftelijk hun opmerkingen te maken. Partijen kunnen alle stukken onderzoeken waarop de deskundige zich in zijn verslag heeft gebaseerd.

28.4.

Op verzoek van een der partijen kan de deskundige na de indiening van zijn verslag worden gehoord tijdens een zitting waarbij partijen aanwezig kunnen zijn en tijdens welke zij in de gelegenheid worden gesteld hem te ondervragen. Elke partij kan tijdens deze zitting over de punten die het voorwerp vormen van het geschil door haar gekozen deskundigen oproepen. Artikel 26 is van toepassing op deze procedure.

Artikel 29

Verstek

29.1.

Indien de verzoeker zonder geldige reden verzuimt binnen de door het Gerecht vastgestelde termijn zijn verzoekschrift in te dienen, gelast het Gerecht de arbitrageprocedure te beëindigen. Indien de verweerder zonder geldige reden verzuimt binnen de door het Gerecht vastgestelde termijn zijn verweerschrift in te dienen, gelast het Gerecht de procedure voort te zetten, met inachtneming van de specifieke situatie van de verweerder en kan het uitspraak doen, ook al is er geen verweerschrift ingediend.

29.2.

Indien een der partijen, na overeenkomstig deze procedurevoorschriften volgens de regels opgeroepen te zijn, zonder geldige reden verzuimt ter zitting te verschijnen, kan het Gerecht de arbitrageprocedure voortzetten.

29.3.

Indien een der partijen zonder geldige reden verzuimt binnen de vastgestelde termijn gevolg te geven aan een haar volgens de regels ter kennis gebracht verzoek tot overlegging van stukken, kan het Gerecht uitspraak doen aan de hand van de bewijzen waarover het beschikt en daarbij terdege rekening houden met het verzuim en de consequenties daarvan voor de procedure.

Artikel 30

Afsluiting van de hoorzittingen

30.1.

Het Gerecht kan partijen vragen of zij nog bewijsmiddelen willen voordragen, getuigen wensen voor te brengen dan wel nog verklaringen wensen af te leggen; indien dit niet het geval is, kan het de hoorzittingen voor gesloten verklaren.

30.2.

Indien het zulks om uitzonderlijke redenen noodzakelijk acht, kan het Gerecht, zolang geen vonnis is gewezen, eigener beweging of op verzoek van een der partijen besluiten de hoorzittingen te heropenen.

Artikel 31

Dekking van proceduregebreken

Een partij die niet onverwijld bezwaar maakt tegen het feit dat enige bepaling of voorwaarde van deze voorschriften niet in acht is genomen, wordt geacht afstand te hebben gedaan van het recht zich op dit gebrek te beroepen.

IV - HET VONNIS

Artikel 32

Wijze van beslissen

32.1.

Wanneer er drie scheidsrechters zijn, spreekt het Gerecht een vonnis of een andere beslissing uit bij meerderheid van stemmen. Is er geen meerderheid, dan is de stem van de voorzitter beslissend, maar hij moet deze stem motiveren.

32.2.

Is er geen meerderheid of indien het Gerecht hem daartoe machtigt, dan beslist de voorzitter zelfstandig over procedureaangelegenheden, behoudens mogelijke herziening van zijn beslissing door het Gerecht.

Artikel 33

Tijdstip, draagwijdte, vorm en rechtskracht van het

vonnis

33.1.

Het scheidsrechterlijke vonnis wordt zo spoedig mogelijk uitgesproken nadat het Gerecht kennis heeft genomen of gekregen van de bewijsstukken die de partijen willen voorleggen.

33.2.

Het Gerecht kan, benevens een eindvonnis, voorlopige, interlocutoire of partiële vonnissen wijzen.

33.3.

Het vonnis wordt schriftelijk gewezen, is onherroepelijk en bindend voor de partijen. De partijen verbinden zich ertoe het vonnis onverwijld ten uitvoer te leggen. Iedere ACS-Staat of Lid-Staat erkent ieder dienovereenkomstig gewezen vonnis als bindend en zorgt voor de tenuitvoerlegging ervan op zijn grondgebied, alsof het een in kracht van gewijsde gegane beslissing van een eigen rechterlijke instantie geldt.

33.4.

Het vonnis wordt door het Gerecht met redenen omkleed, tenzij partijen anders zijn overeengekomen.

33.5.

Het vonnis wordt door de scheidsrechters ondertekend en naar behoren gewaarmerkt, met vermelding van de datum waarop en de plaats waar het gewezen is. Wanneer er drie scheidsrechters zijn, wordt, indien de handtekening van een hunner ontbreekt, de reden daarvan in het vonnis vermeld.

33.6.

Het vonnis kan slechts met toestemming van beide partijen openbaar worden gemaakt.

33.7.

Het Gerecht doet aan elke partij een door de scheidsrechters ondertekend afschrift van het vonnis toekomen.

Artikel 34

Tenuitvoerlegging van het vonnis

34.1.

Om erkenning en tenuitvoerlegging van een vonnis te verkrijgen op het grondgebied van de LGO of een Lid-Staat doet de belanghebbende partij een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift van het vonnis toekomen aan de daartoe door deze Staat aangewezen autoriteit. Het verlof tot tenuitvoerlegging wordt op dit afschrift aangebracht na enkele controle van de echtheid van bedoeld afschrift.

34.2.

Binnen 180 dagen na de dag van inwerkingtreding van deze voorschriften, deelt iedere ondertekenende Staat aan de Voorzitter van de Raad van Ministers mee welke autoriteit hij daartoe heeft aangewezen en brengt hem van eventuele wijzigingen op de hoogte. De Voorzitter van de Raad van Ministers zendt deze gegevens onverwijld door naar de Voorzitter van de Commissie.

34.3.

De tenuitvoerlegging van het vonnis wordt beheerst door de wettelijke regeling betreffende de tenuitvoerlegging van rechterlijke beslissingen, die van kracht is in de Staat op het grondgebied waarvan de tenuitvoerlegging wordt gevorderd.

Artikel 35

Dading of andere redenen tot beëindiging van de

procedure

35.1.

Indien, vooraleer vonnis wordt gewezen, partijen anderszins een dading aangaan die aan het geschil een einde maakt, gelast het Gerecht de beëindiging van de arbitrageprocedure of stelt het, indien beide partijen daarom verzoeken en het Gerecht dit verzoek aanvaardt, het akkoord tussen partijen in een arbitraal vonnis vast. Dit vonnis behoeft niet met redenen te worden omkleed.

35.2.

Indien, vooraleer vonnis wordt gewezen, de voortzetting van de arbitrageprocedure om een andere reden dan die vermeld in artikel 35.1 overbodig of onmogelijk wordt, stelt het scheidsgerecht partijen in kennis van zijn voornemen om, tenzij daartegen binnen 60 dagen bezwaar is aangetekend, de beëindiging van de procedure te gelasten. Indien een der partijen binnen 30 dagen bezwaar maakt, gelast het gerecht de beëindiging van de procedure niet dan na partijen te hebben gehoord en te hebben besloten dat er geen gerechtvaardigde gronden voor bezwaar bestaan.

35.3.

Het scheidsgerecht doet iedere partij van de beschikking tot beëindiging van de arbitrageprocedure of van het vonnis houdende vaststelling van het akkoord tussen partijen, een door de scheidsrechters ondertekend afschrift toekomen. Artikel 33.3 en 33.5 tot en met 33.7, is van toepassing op het vonnis houdende vaststelling van het akkoord tussen partijen.

Artikel 36

Uitlegging van het vonnis

36.1.

Elk der partijen kan, binnen een termijn van 60 dagen te rekenen vanaf de dag van ontvangst van het vonnis, en mits zij de andere partij daarvan in kennis stelt, het Gerecht om uitlegging van zijn vonnis verzoeken. Ingeval na het verstrijken van die termijn een nieuw feit aan het licht komt, gaan de 60 dagen in vanaf de datum waarop dat geschiedt, met dien verstande dat de maximumtermijn voor een verzoek op grond van dit nieuwe feit niet langer is dan 120 dagen na de datum van het vonnis.

36.2.

De uitlegging wordt schriftelijk gegeven zo spoedig mogelijk na de dag van ontvangst van het verzoek. De uitlegging vormt een integrerend deel van het vonnis en artikel 33.2 tot en met 33.6 is daarop van toepassing.

Artikel 37

Rechtzetting van het vonnis

37.1.

Elk der partijen kan, binnen een termijn van 60 dagen te rekenen vanaf de dag van ontvangst van het vonnis, en mits zij de wederpartij daarvan in kennis stelt, het Gerecht verzoeken rekenfouten, schrijf- en drukfouten en andere onnauwkeurigheden van dien aard in de tekst van het vonnis te verbeteren. Het Gerecht kan, binnen een termijn van 30 dagen te rekenen vanaf de dag van kennisgeving van het vonnis aan partijen, eigener beweging dergelijke rechtzettingen aanbrengen.

37.2.

De rechtzettingen worden schriftelijk aangebracht en artikel 33.2 tot en met 33.6 is daarop van toepassing.

Artikel 38

Aanvullend vonnis

38.1.

Indien is nagelaten in het vonnis uitspraak te doen op enig punt van de vordering die het voorwerp van de arbitrageprocedure vormde, kan elk der partijen, binnen een termijn van 60 dagen te rekenen vanaf de dag van ontvangst van het vonnis, en mits zij de wederpartij daarvan in kennis stelt, het Gerecht verzoeken een aanvullend vonnis te wijzen.

38.2.

Indien het Gerecht het verzoek om een aanvullend vonnis gerechtvaardigd acht en van oordeel is dat het verzuim kan worden hersteld zonder dat opnieuw hoorzittingen behoeven te worden gehouden of nadere bewijsvoering nodig is, vult het zijn vonnis aan binnen 60 dagen na ontvangst van het verzoek.

38.3.

Artikel 33.2 tot en met 33.6 is op het aanvullende vonnis van toepassing.

Artikel 39

Honoraria

39.1.

Het honorarium van de leden van het Gerecht moet redelijk zijn, rekening houdende met de ingewikkeldheid van de zaak, de door de scheidsrechters daaraan bestede tijd en andere relevante omstandigheden van de zaak.

39.2.

Indien door partijen in onderlinge overeenstemming dan wel overeenkomstig dit reglement een benoemende instantie is aangewezen en deze instantie een schaal van honoraria heeft bekendgemaakt voor scheidsrechters in internationale geschillen waarvoor een beroep op haar wordt gedaan, stelt het Gerecht zijn honorarium vast met inachtneming van deze schaal, voor zover het zulks, gelet op de omstandigheden van de zaak, passend acht.

39.3.

Indien de benoemende instantie geen schaal van honoraria voor scheidsrechters in internationale geschillen heeft bekendgemaakt, kan elk der partijen te allen tijde voordat het Gerecht uitspraak omtrent zijn kosten doet, de benoemende instantie verzoeken een verklaring op te stellen betreffende de gebruikelijke grondslag voor de berekening van honoraria in internationale geschillen waarin deze instantie scheidsrechters benoemt. Indien de benoemende instantie bereid is een dergelijke verklaring op te stellen, stelt het Gerecht zijn honorarium vast met inachtneming van de aldus verstrekte gegevens, voor zover het dit, gelet op de omstandigheden van de zaak, passend acht.

39.4.

Indien in de gevallen, bedoeld in artikel 39.2 en 39.3, de benoemende instantie op verzoek van een der partijen aanvaardt een voorstel voor de honoraria op te stellen, stelt het Gerecht zijn honorarium eerst vast na raadpleging van de benoemende instantie, die het Gerecht zodanige overwegingen met betrekking tot het honorarium kan voorhouden als zij passend acht.

Artikel 40

Kosten

40.1.

Het Gerecht stelt in zijn vonnis de kosten van de arbitrage vast. Als kosten kunnen uitsluitend worden aangemerkt:

a) het honorarium van de leden van het Gerecht, dat voor iedere scheidsrechter afzonderlijk wordt opgegeven en door het Gerecht zelf overeenkomstig artikel 39 wordt vastgesteld;

b) de reis- en verblijfkosten en andere uitgaven van de scheidsrechters;

c) de kosten van deskundigenadvies en andere bijstand waarop het Gerecht een beroep heeft gedaan;

d) de reis- en verblijfkosten en andere uitgaven van de getuigen, ten belope van het door het Gerecht aanvaarde bedrag;

e) de door de in het gelijk gestelde partij gemaakte kosten voor vertegenwoordiging en bijstand in rechte, voor zover tijdens de arbitrageprocedure vergoeding daarvan is gevorderd en ten belope van het bedrag dat het Gerecht redelijk acht;

f) in voorkomend geval, het honorarium en de kosten van de benoemende instantie.

40.2.

Onverminderd het bepaalde in artikel 40.3 wordt in beginsel de in het ongelijk gestelde partij in de kosten van de arbitrage verwezen. Het Gerecht kan evenwel de kosten geheel of gedeeltelijk compenseren, indien het zulks, gelet op de omstandigheden van de zaak, passend acht.

40.3.

Het staat het Gerecht vrij om, rekening houdende met de omstandigheden van de zaak, te beslissen welke

partij de in artikel 40.1, onder e), bedoelde kosten voor vertegenwoordiging en bijstand in rechte zal dragen, dan wel deze kosten te compenseren, indien het zulks passend acht.

40.4.

Wanneer het Gerecht een beschikking tot beëindiging van de arbitrageprocedure geeft of een vonnis houdende vaststelling van het akkoord tussen partijen wijst, stelt het de in artikel 40.1 bedoelde kosten van de arbitrage bij deze beschikking of bij dit vonnis vast.

40.5.

Het Gerecht kan voor de uitlegging, rechtzetting of aanvulling van zijn vonnis, zoals bedoeld in de artikelen 36 tot en met 38, geen bijkomend honorarium verlangen.

Artikel 41

Consignatie

41.1.

Het Gerecht kan dadelijk na zijn oprichting partijen verzoeken als voorschot op de in artikel 40.1, onder a), b) en c), bedoelde kosten gelijke bedragen in consignatie te geven.

41.2.

Het Gerecht kan tijdens de arbitrageprocedure partijen verzoeken aanvullende bedragen in consignatie te geven, indien daartoe gegronde redenen bestaan.

41.3.

Indien door partijen in onderlinge overeenstemming dan wel krachtens deze voorschriften een benoemende instantie is aangewezen en deze instantie op verzoek van een der partijen aanvaardt in dezen haar medewerking te verlenen, stelt het Gerecht de in consignatie te geven bedragen of aanvullende bedragen eerst vast na raadpleging van de benoemende instantie, die het Gerecht zodanige overwegingen met betrekking tot de hoogte van deze bedragen kan voorhouden als zij passend acht.

41.4.

Indien de gevraagde bedragen binnen een termijn van 30 dagen te rekenen vanaf de dag van ontvangst van het verzoek, niet volledig in consignatie zijn gegeven, stelt het Gerecht partijen daarvan in kennis, zodat zij alsnog de consignatie kunnen verrichten. Indien de consignatie uitblijft, kan het Gerecht besluiten de procedure voort te zetten, dan wel schorsing of beëindiging van de procedure gelasten.

41.5.

Nadat het vonnis is gewezen, doet het Gerecht partijen rekening van het gebruik van de in consignatie gegeven bedragen en betaalt het ongebruikte gedeelte van deze bedragen aan hen terug.

Top