Accept Refuse

EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 31989L0396

Richtlijn 89/396/EEG van de Raad van 14 juni 1989 betreffende de vermeldingen of merktekens die het mogelijk maken de partij waartoe een levensmiddel behoort te identificeren

OJ L 186, 30.6.1989, p. 21–22 (ES, DA, DE, EL, EN, FR, IT, NL, PT)
Special edition in Finnish: Chapter 15 Volume 009 P. 71 - 72
Special edition in Swedish: Chapter 15 Volume 009 P. 71 - 72
Special edition in Czech: Chapter 13 Volume 010 P. 3 - 4
Special edition in Estonian: Chapter 13 Volume 010 P. 3 - 4
Special edition in Latvian: Chapter 13 Volume 010 P. 3 - 4
Special edition in Lithuanian: Chapter 13 Volume 010 P. 3 - 4
Special edition in Hungarian Chapter 13 Volume 010 P. 3 - 4
Special edition in Maltese: Chapter 13 Volume 010 P. 3 - 4
Special edition in Polish: Chapter 13 Volume 010 P. 3 - 4
Special edition in Slovak: Chapter 13 Volume 010 P. 3 - 4
Special edition in Slovene: Chapter 13 Volume 010 P. 3 - 4
Special edition in Bulgarian: Chapter 13 Volume 009 P. 172 - 173
Special edition in Romanian: Chapter 13 Volume 009 P. 172 - 173

No longer in force, Date of end of validity: 04/01/2012; opgeheven door 32011L0091

ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/1989/396/oj

31989L0396

Richtlijn 89/396/EEG van de Raad van 14 juni 1989 betreffende de vermeldingen of merktekens die het mogelijk maken de partij waartoe een levensmiddel behoort te identificeren

Publicatieblad Nr. L 186 van 30/06/1989 blz. 0021 - 0022
Bijzondere uitgave in het Fins: Hoofdstuk 15 Deel 9 blz. 0071
Bijzondere uitgave in het Zweeds: Hoofdstuk 15 Deel 9 blz. 0071


RICHTLIJN VAN DE RAAD van 14 juni 1989 betreffende de vermeldingen of merktekens die het mogelijk maken de partij waartoe een levensmiddel behoort te identificeren ( 89/396/EEG )

DE RAAD VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, inzonderheid op artikel 100 A,

Gezien het voorstel van de Commissie ( 1 ),

In samenwerking met het Europese Parlement ( 2 ),

Gezien het advies van het Economisch en Sociaal Comité ( 3 ),

Overwegende dat de maatregelen dienen te worden vastge -

steld die ertoe bestemd zijn de interne markt geleidelijk tot stand te brengen in de loop van een periode die eindigt op 31 december 1992; dat de interne markt een ruimte zonder binnengrenzen omvat waarin het vrije verkeer van goederen, personen, diensten en kapitaal is gewaarborgd;

Overwegende dat in de interne markt het handelsverkeer van levensmiddelen een zeer belangrijke plaats inneemt;

Overwegende dat de aanduiding van de partij waartoe een levensmiddel behoort, beantwoordt aan het streven naar betere voorlichting over de identiteit van de produkten; dat deze aanduiding uit dien hoofde een nuttige bron van inlichtingen vormt wanneer levensmiddelen aanleiding geven tot een geschil of een gevaar voor de gezondheid van de consument inhouden;

Overwegende dat in Richtlijn 79/112/EEG van de Raad van 18 december 1978 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der Lid-Staten inzake etikettering en presentatie van levensmiddelen alsmede inzake de daarvoor gemaakte reclame ( 4 ), laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 89/395/EEG ( 5 ), geen vermelding betreffende de identificatie van de partijen is opgenomen; dat bepaalde Lid -Staten sindsdien nationale voorschriften betreffende deze aanduiding hebben vastgesteld;

Overwegende dat de verwijzing naar de produktie - of verpakkingspartij van voorverpakte levensmiddelen op internationaal niveau thans algemeen verplicht is; dat de Gemeenschap tot de ontwikkeling van de internationale handel dient bij te dragen;

Overwegende dat het derhalve wenselijk is voorschriften van algemene en horizontale aard vast te stellen die aan de invoering van een gemeenschappelijk systeem voor identificatie van de partijen ten grondslag moeten liggen;

Overwegende dat de doeltreffendheid van dit systeem afhankelijk is van de toepassing daarvan in de verschillende stadia van het in de handel brengen; dat evenwel bepaalde produkten en verrichtingen dienen te worden uitgesloten, met name verrichtingen die plaatsvinden in het beginstadium van het in de handel brengen van landbouwprodukten;

Overwegende dat het begrip "partij'' inhoudt dat verscheidene verkoopeenheden van een zelfde levensmiddel vrijwel identieke kenmerken bezitten op het stuk van produktie, vervaardiging of verpakking; dat dit begrip derhalve niet van toepassing is op onverpakt aangeboden produkten of op produkten die vanwege hun individuele specificiteit of vanwege hun heterogene karakter niet als een homogeen geheel kunnen worden aangemerkt;

Overwegende dat het, gezien het uiteenlopende karakter van de toegepaste identificatiemethoden, de taak van het betrokken economische subject is om de partij te bepalen en de desbetreffende vermelding of het merkteken aan te brengen;

Overwegende dat het echter, om de voorlichtingstaak te vervullen waarvoor de vermelding is bestemd, belangrijk is dat deze vermelding als zodanig duidelijk kan worden onderscheiden en herkend;

Overwegende dat de datum van minimale houdbaarheid of de uiterste consumptiedatum overeenkomstig Richtlijn 79/112/EEG, als vermelding die het mogelijk maakt de partij te identificeren kan worden beschouwd, op voorwaarde dat die datum nauwkeurig is aangegeven,

HEEFT DE VOLGENDE RICHTLIJN VASTGESTELD :

Artikel 1 1 . Deze richtlijn heeft betrekking op de aanduiding die het mogelijk maakt de partij waartoe een levensmiddel behoort te identificeren .

2 . Onder "partij'' wordt in deze richtlijn verstaan een verzameling verkoopeenheden van een levensmiddel die onder vrijwel identieke omstandigheden zijn geproduceerd, vervaardigd of verpakt .

Artikel 2 1 . Een levensmiddel mag alleen in de handel worden gebracht indien het vergezeld gaat van een aanduiding als bedoeld in artikel 1, lid 1 .

2 . Lid 1 is evenwel niet van toepassing :

a ) op landbouwprodukten die vanuit de bedrijfszone

- aan opslag -, behandelings - of verpakkingsbedrijven worden verkocht of geleverd,

- naar producentenorganisaties worden overgebracht of

- voor onmiddellijke opneming in een operationeel bereidings - of verwerkingssysteem worden opgehaald;

b ) wanneer de levensmiddelen die op de plaats van verkoop aan de eindverbruiker niet zijn voorverpakt, aldaar op verzoek van de koper worden verpakt of voor onmiddellijke verkoop worden voorverpakt;

c ) op verpakkingen of recipiënten waarvan de grootste zijde een oppervlakte heeft van minder dan 10 cm $.

3 . De Lid-Staten mogen tot en met 31 december 1996 afzien van de eis dat de in artikel 1, lid 1, bedoelde aanduiding wordt vermeld op glazen flessen die bestemd zijn om opnieuw te worden gebruikt, die op onuitwisbare wijze zijn gemerkt en waarop bijgevolg geen etiket, band of label is aangebracht .

Artikel 3 De partij wordt in ieder geval aangeduid door de producent of fabrikant of de verpakker van het betrokken levensmiddel, of door de eerste verkoper die in de Gemeenschap is gevestigd.

De in artikel 1, lid 1, bedoelde aanduiding wordt vastgesteld en aangebracht onder verantwoordelijkheid van een van deze betrokkenen . Zij wordt voorafgegaan door de letter "L'', behalve in het geval waarin zij duidelijk van de overige aanduidingen op het etiket te onderscheiden is .

Artikel 4 Wanneer de levensmiddelen worden voorverpakt, wordt de aanduiding bedoeld in artikel 1, lid 1, en in voorkomend geval de letter "L'', op de voorverpakking of op een daaraan gehecht etiket aangebracht .

Wanneer de levensmiddelen niet worden voorverpakt, wordt de aanduiding bedoeld in artikel 1, lid 1, en in voorkomend geval de letter "L'', aangebracht op de verpakking of het recipiënt, of bij gebreke daarvan op de desbetreffende handelsdocumenten .

De aanduiding wordt in ieder geval zodanig aangebracht dat zij duidelijk zichtbaar, gemakkelijk leesbaar en onuitwisbaar is .

Artikel 5 Indien de datum van minimale houdbaarheid of de uiterste consumptiedatum in de etikettering voorkomt, behoeft het levensmiddel niet van de in artikel 1, lid 1, bedoelde aanduidingen vergezeld te gaan, op voorwaarde dat de aanduiding van deze datum duidelijk en in de juiste volgorde ten minste de dag en de maand omvat .

Artikel 6 Deze richtlijn is van toepassing, onverminderd de aanduidingen die volgens specifieke communautaire voorschriften vereist zijn .

De Commissie maakt de lijst van de betrokken voorschriften bekend en werkt deze bij .

Artikel 7 Indien noodzakelijk wijzigen de Lid-Staten hun wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen zodanig, dat :

- de handel in produkten die aan deze richtlijn voldoen, uiterlijk op 20 juni 1990 wordt toegestaan,

- de handel in produkten die niet aan deze richtlijn voldoen, vanaf 20 juni 1991 wordt verboden; die produkten echter die vóór deze datum in het verkeer zijn gebracht of zijn geëtiketteerd en die niet aan de onderhavige richtlijn voldoen, mogen in de handel worden gebracht totdat de voorraden zijn opgebruikt .

Zij stellen de Commissie hiervan onmiddellijk op de

hoogte .

Artikel 8 Deze richtlijn is gericht tot de Lid-Staten .

Gedaan te Luxemburg, 14 juni 1989 .

Voor de Raad

De Voorzitter

P . SOLBES

( 1 ) PB nr . C 310 van 20 . 10 . 1987, blz . 2 .

( 2 ) PB nr . C 167 van 27 . 6 . 1988, blz . 425, en PB nr . C 120 van

16 . 5 . 1989 .

( 3 ) PB nr . C 95 van 11 . 4 . 1988, blz . 1 .

( 4 ) PB nr . L 33 van 8 . 2 . 1979, blz . 1 .

( 5 ) Zie bladzijde 17 van dit Publikatieblad .

Top