This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 52001PC0022
Proposal for a Council Regulation amending the Annex to Council Regulation (EC) No 2042/2000 imposing a definitive anti-dumping duty on imports of television camera systems originating in Japan
Voorstel voor een verordening van de Raad tot wijziging van de bijlage bij Verordening (EG) nr. 2042/2000 van de Raad tot instelling van een definitief antidumpingrecht op televisiecamerasystemen uit Japan
Voorstel voor een verordening van de Raad tot wijziging van de bijlage bij Verordening (EG) nr. 2042/2000 van de Raad tot instelling van een definitief antidumpingrecht op televisiecamerasystemen uit Japan
/* COM/2001/0022 def. */
Voorstel voor een verordening van de Raad tot wijziging van de bijlage bij Verordening (EG) nr. 2042/2000 van de Raad tot instelling van een definitief antidumpingrecht op televisiecamerasystemen uit Japan /* COM/2001/0022 def. */
Voorstel voor een VERORDENING VAN DE RAAD tot wijziging van de bijlage bij Verordening (EG) nr. 2042/2000 van de Raad tot instelling van een definitief antidumpingrecht op televisiecamerasystemen uit Japan (door de Commissie ingediend) TOELICHTING Bij Verordening (EG) nr. 1015/94 van de Raad (zoals nadien gewijzigd) [1] is een definitief antidumpingrecht op de invoer van bepaalde televisiecamerasystemen van oorsprong uit Japan ingesteld. De professionele camerasystemen die in de bijlage bij de verordening zijn opgenomen, werden hierbij door de Raad uitdrukkelijk uitgesloten van het toepassingsgebied van dit recht. Het betreft hier professionele camera's van het hoogste marktsegment die uit technisch oogpunt wel onder de productomschrijving van de bovengenoemde verordening vallen, maar niet als televisiecamera's kunnen worden aangemerkt, omdat zij niet voor omroepdoeleinden kunnen worden gebruikt. [1] PB L 111 van 30.4.1994, blz. 106, laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 176/2000 (PB L 22 van 27.1.2000, blz.29). In september 2000 bevestigde de Raad bij Verordening (EG) nr. 2042/2000 [2] de bovengenoemde definitieve antidumpingrechten die waren ingesteld overeenkomstig artikel 11, lid 2, van Verordening (EG) nr. 384/96 van de Raad van 22 december 1995 betreffende beschermende maatregelen tegen invoer met dumping uit landen die geen lid zijn van de Europese Gemeenschap [3]. [2] PB L 244 van 29.9.2000, blz. 38. [3] PB L 56 van 6.3.1996, blz. 1, laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 2238/2000 (PB L 257 van 11.10.2000, blz.2). De Commissie ontving vervolgens verzoeken van twee Japanse producenten/exporteurs van televisiecamerasystemen om bepaalde modellen professionele camera's aan de bijlage bij Verordening nr. 2024/2000 van de Raad toe te voegen en deze derhalve van het antidumpingrecht vrij te stellen. De bijgevoegde verordening van de Raad omvat nadere informatie waaruit blijkt dat de modellen in kwestie opvolgers zijn van professionele camera's die voordien van het antidumpingrecht waren vrijgesteld en in de bovengenoemde bijlage zouden moeten worden opgenomen. Voorstel voor een VERORDENING VAN DE RAAD tot wijziging van de bijlage bij Verordening (EG) nr. 2042/2000 van de Raad tot instelling van een definitief antidumpingrecht op televisiecamerasystemen uit Japan DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, Gelet op Verordening (EG) nr. 384/96 van de Raad van 22 december 1995 betreffende beschermende maatregelen tegen invoer met dumping uit landen die geen lid zijn van de Europese Gemeenschap [4], [4] PB L 56 van 6.3.1996, blz. 1, laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 905/98 (PB L 128 van 30.4.1998, blz.18). Gezien het voorstel dat de Commissie na raadpleging van het Raadgevend Comité heeft ingediend, Overwegende hetgeen volgt: A. VOORAFGAANDE PROCEDURE (1) Bij Verordening (EG) nr. 1015/94 [5] van de Raad werd een definitief antidumpingrecht ingesteld op de invoer van televisiecamerasystemen (hierna "TCS" genoemd) van oorsprong uit Japan. [5] PB L 111 van 30.4.1994, blz. 106, laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 176/2000 (PB L 22 van 27.1.2000, blz.29). (2) De professionele camerasystemen die in de bijlage bij deze verordening (hierna "de bijlage" genoemd) zijn opgenomen, werden uitdrukkelijk van het toepassingsgebied van het antidumpingrecht uitgesloten. Het betreft hier professionele camera's van het hoogste marktsegment die uit technisch oogpunt onder de productomschrijving in artikel 1, lid 2, van verordening (EG) nr. 1015/94 vallen, maar niet als televisiecamera's kunnen worden aangemerkt, omdat zij niet voor omroepdoeleinden kunnen worden gebruikt. (3) In oktober 1995 wijzigde de Raad bij Verordening (EG) nr. 2474/95 [6] bovengenoemde Verordening (EG) nr. 1015/94, met name wat betreft de omschrijving van het soortgelijke product en wat betreft bepaalde modellen van professionele camera's die uitdrukkelijk waren vrijgesteld van het definitieve antidumpingrecht. [6] PB L 255 van 25.10.1995, blz.11. (4) In oktober 1997 wijzigde de Raad bij Verordening (EG) nr. 1952/97 [7] de percentages van het definitieve antidumpingrecht voor twee betrokken ondernemingen, namelijk Sony Corporation en Ikegami Tsushinki, overeenkomstig artikel 12 van Verordening (EG) nr. 384/96 van 22 december 1995 betreffende beschermende maatregelen tegen invoer met dumping uit landen die geen lid zijn van de Europese Gemeenschap (hierna "de basisverordening" genoemd). Voorts sloot de Raad bepaalde nieuwe modellen van professionele camera's uitdrukkelijk van het toepassingsgebied van het antidumpingrecht uit door deze in de bijlage op te nemen. [7] PB L 276 van 9.10.1997, blz.20. (5) In januari 1999 en 2000 wijzigde de Raad Verordening (EG) nr. 1015/94 bij Verordening (EG) nr. 193/1999 [8] en bij Verordening (EG) nr. 176/2000 [9] door bepaalde nieuwe modellen van professionele camera's in de bijlage op te nemen en aldus van het toepassingsgebied van het definitieve antidumpingrecht uit te sluiten. [8] PB L 22 van 29.1.1999, blz.10. [9] PB L 22 van 27.1.2000, blz.29. (6) In september 2000 bevestigde de Raad bij Verordening (EG) nr. 2042/2000 [10] de definitieve antidumpingrechten die waren ingesteld bij Verordening nr. 1015/94 (zoals nadien gewijzigd) overeenkomstig artikel 11, lid 2, van de basisverordening. [10] PB L 244 van 29.9.2000, blz. 38. (7) Laatstelijk in december 2000 wijzigde de Raad bij Verordening (EG) nr. 2676/2000 [11] de bijlage bij Verordening (EG) nr. 2024/2000 van de Raad door een aantal nieuwe professionele camera's erin op te nemen en deze aldus van het toepassingsgebied van het definitieve antidumpingrecht uit te sluiten. [11] PB L 308 van 8.12.2000, blz. 1. B. ONDERZOEK NAAR NIEUWE MODELLEN VAN PROFESSIONELE CAMERASYSTEMEN 1. Procedure (8) Twee Japanse producenten/exporteurs, Matsushita en Hitachi Denshi, deelden de Commissie mee dat zij voornemens waren nieuwe modellen van professionele camera's op de markt van de Gemeenschap te brengen en verzochten de Commissie deze nieuwe modellen van professionele camera's en hun onderdelen op te nemen in de bijlage met het oog op vrijstelling van antidumpingrechten. (9) De Commissie bracht de bedrijfstak van de Gemeenschap hiervan op de hoogte en opende een onderzoek dat uitsluitend tot doel had te bepalen of de betrokken producten binnen het toepassingsgebied van de antidumpingrechten vielen en het dispositief van Verordening (EG) nr. 1015/94 dienovereenkomstig moest worden gewijzigd. 2. Onderzochte modellen (10) Er werden aanvragen, vergezeld van de desbetreffende technische gegevens, ontvangen voor de volgende modellen van professionele camera's: (i) Matsushita: - camerakop AW-E800A - zoeker AW-VF80 (ii) Hitachi Denshi Ltd: - camerabasisstation RU-Z3 - camerabesturingseenheid RC-Z3 - camera-adapter CA-ZD1 Al deze modellen werden gepresenteerd als onderdelen van professionele camera's die specifiek zijn ontworpen voor de professionele videomarkt. 3. Bevindingen (11) De Commissie heeft een technisch onderzoek verricht, met inbegrip van een gedetailleerde vergelijking van de modellen in kwestie met de vroegere modellen die al in de bijlage waren opgenomen, en heeft vastgesteld dat zij nagegoeg identiek waren. De vastgestelde verschillen waren het resultaat van de technologische ontwikkelingen in de sector van de professionele camera's, maar hadden geen invloed op de indeling van de onderzochte modellen als professionele camera's. Er werd derhalve geconcludeerd dat alle betrokken modellen van het toepassingsgebied van de bestaande antidumpingmaatregelen moesten worden uitgesloten. (12) De Commissie heeft de producenten van de Gemeenschap en de exporteurs van de TCS op de hoogte gebracht van haar bevindingen en hen in de gelegenheid gesteld hun standpunt kenbaar te maken. Op basis hiervan en gezien het feit dat de belanghebbende partijen geen bezwaar hebben gemaakt tegen de conclusies van de Commissie, worden alle modellen met bijbehoren die in overweging 10 zijn genoemd, geacht professionele camerasystemen te zijn. Hieruit volgt dat zij van het toepassingsgebied van het antidumpingrecht op TCS uit Japan moeten worden uitgesloten en dat de bijlage dienovereenkomstig moet worden aangepast, HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD: Artikel 1 De bijlage bij Verordening (EG) nr. 2042/2000 wordt vervangen door onderstaande bijlage. Artikel 2 Deze verordening treedt in werking op de dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen. Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat. Gedaan te Brussel, op Voor de Raad De voorzitter BIJLAGE Lijst van professionele camerasystemen die geen televisiecamerasystemen (omroepcamerasystemen) zijn en die van het toepassingsgebied van de maatregelen zijn uitgesloten >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL>