Use quotation marks to search for an "exact phrase". Append an asterisk (*) to a search term to find variations of it (transp*, 32019R*). Use a question mark (?) instead of a single character in your search term to find variations of it (ca?e finds case, cane, care).
Het dient tot instelling van het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO) voor de periode 2014-2020. Het EFRO heeft ten doel de harmonieuze, evenwichtige en duurzame ontwikkeling van de EU te bevorderen door een aantal van de verschillen in ontwikkelingsniveau tussen de regio’s te corrigeren.
De verordening is drie keer gewijzigd door:
door Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 — de financiële verordening van de EU (zie samenvatting) waarin de regels voor het opstellen en implementeren van de EU-begroting worden vastgesteld, en
door Verordening (EU) 2020/460, aangenomen na de COVID-19-uitbraak, betreffende specifieke maatregelen om investeringen in de gezondheidszorgstelsels van de EU-landen en andere sectoren van hun economieën vrij te maken (Investeringsinitiatief Coronavirusrespons), en
in kmo’s om duurzame werkgelegenheid te creëren en te behouden,
in alle soorten ondernemingen op het gebied van innovatie en onderzoek, de koolstofarme economie alsook ICT waarbij kmo’s betrokken zijn,
in infrastructuur die basisdiensten levert voor energie, milieu, vervoer en ICT, maar ook in sociale, gezondheids- en onderwijsinfrastructuur,
vlottend kapitaal in kmo’s indien nodig als tijdelijke maatregel om een effectieve reactie te bieden op een volksgezondheidscrisis (na de uitbraak van de COVID-19-pandemie), en
in de ontwikkeling van het eigen potentieel.
Totale begroting
De begroting voor de periode 2014-2020 bedraagt meer dan 185 miljard EUR.
Beleids- en begrotingsprioriteiten
De vier hierboven genoemde hoofdthema’s zijn zeer belangrijk voor de toewijzing van EFRO-middelen die variëren afhankelijk van de regiocategorie.
De regio’s worden gedefinieerd in termen van het bbp, uitgedrukt als een percentage van een EU-gemiddelde:
meer ontwikkelde gebieden: een bbp van meer dan 90 %
gebieden in overgang: een bbp tussen 75 % en 90 %
minder ontwikkelde gebieden: een bbp van minder dan 75 %
In meer ontwikkelde regio’s, (gebieden in overgang), (minder ontwikkelde gebieden), moet ten minste 80 %, (60 %), (50 %) van de totale EFRO-middelen in elk land worden toegewezen aan twee of meer van de vier hoofdthema’s, te weten innovatie en onderzoek, kmo’s, ICT en een koolstofarme economie. Omdat ze zo belangrijk zijn, moet ten minste 20 %, (15 %), (12 %) van de totale EFRO-middelen in elk land specifiek voor projecten rond koolstofarme economie worden bestemd.
Een minimum van 5 % van de EFRO-middelen is bestemd voor duurzame stedelijke ontwikkeling. Een netwerk voor stedelijke ontwikkeling moet worden opgezet op EU-niveau om netwerken en uitwisseling van ervaring op het gebied van duurzame stedelijke ontwikkeling te bevorderen.
Uitvoering
EFRO wordt uitgevoerd op nationaal niveau via zevenjarige programma’s, als onderdeel van een Partnerschapsovereenkomst tussen het EU-land en de EU, waarbij de vijf Europese Investeringsfondsen (ESI-fondsen) betrokken zijn:
Deze overeenkomst wordt voorbereid door elk EU-land, dat daar partners bij betrekt die zowel de regionale en lokale overheden als een breed scala aan sociale, economische, milieu- en andere belangen vertegenwoordigen.
Investeringsinitiatief Coronavirusrespons
Het Investeringsinitiatief Coronavirusrespons, dat werd ingevoerd bij Verordening (EU) 2020/460, biedt EU-landen toegang tot 37 miljard EUR uit de ESI-fondsen voor versterking van gezondheidsstelsels ondersteuning van kleine en middelgrote ondernemingen, stelsels voor werktijdverkorting en gemeenschapsdiensten.
Speciale maatregelen in verband met het coronavirus: meer flexibiliteit in het gebruik van ESI-middelen
Wijzigingsverordening (EU) 2020/558 maakt het voor EU-landen mogelijk om middelen over te dragen tussen het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds en het Cohesiefonds, tussen de verschillende regiocategorieën en tussen de drie specifieke prioritaire werkterreinen van het fonds.
Van tot en met kunnen de cohesieprogramma’s die zijn gerelateerd aan COVID-19, tijdens het boekjaar bij uitzondering voor 100 % worden gefinancierd via EU-middelen. Deze maatregelen vereenvoudigen tevens de goedkeuring van programma’s om de uitvoering te versnellen, het gebruik van financiële instrumenten te vergemakkelijken en controles te vereenvoudigen.
Verordening (EU) nr. 1301/2013 van het Europees Parlement en de Raad van betreffende het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling en specifieke bepalingen met betrekking tot de doelstelling „Investeren in groei en werkgelegenheid”, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1080/2006 (PB L 347 van , blz. 289-302)
Achtereenvolgende wijzigingen in Verordening (EU) nr. 1301/2013 zijn in de basistekst opgenomen. Deze geconsolideerde versie is enkel van documentaire waarde.
GERELATEERDE DOCUMENTEN
Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 2017/2056 van de Commissie van tot wijziging van Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 522/2014 tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 1301/2013 van het Europees Parlement en de Raad ten aanzien van de gedetailleerde regels met betrekking tot de beginselen voor de selectie en het beheer van innovatieve acties op het gebied van duurzame stedelijke ontwikkeling die ondersteund moeten worden door het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling (PB L 294 van , blz. 26)
Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 522/2014 van de Commissie van tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 1301/2013 van het Europees Parlement en de Raad ten aanzien van de gedetailleerde regels met betrekking tot de beginselen voor de selectie en het beheer van innovatieve acties op het gebied van duurzame stedelijke ontwikkeling die ondersteund moeten worden door het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling (PB L 148 van , blz. 1-3)
Uitvoeringsbesluit 2014/99/EU van de Commissie van tot vaststelling van de lijst van de regio’s die in aanmerking komen voor financiering uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling en het Europees Sociaal Fonds en van de lidstaten die in aanmerking komen voor financiering uit het Cohesiefonds voor de periode 2014-2020 (PB L 50 van , blz. 22-34)