Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Europese verordening mediavrijheid

SAMENVATTING VAN:

Verordening (EU) 2024/1083 — een gemeenschappelijk kader voor mediadiensten op de interne markt (Europese verordening mediavrijheid)

WAT IS HET DOEL VAN DE VERORDENING?

Verordening (EU) 2024/1083 heeft tot doel:

  • de redactionele vrijheid en onafhankelijkheid van aanbieders van mediadiensten te verbeteren;
  • ervoor te zorgen dat aanbieders van mediadiensten op de interne markt van de Europese Unie (EU) makkelijker over de grenzen heen kunnen werken;
  • aanbieders van mediadiensten in staat te stellen te profiteren van de digitale transformatie van de mediaruimte;
  • waarborgen te creëren voor aanbieders van mediadiensten en journalisten tegen inmenging;
  • de markt transparanter te maken, met name wat media-eigendom of de toewijzing van overheidsreclame betreft;
  • de samenwerking op het gebied van regelgeving en convergentie te verbeteren.

KERNPUNTEN

De Europese verordening mediavrijheid:

  • beschermt de vrijheid en redactionele onafhankelijkheid van de media door de EU-lidstaten te verplichten de daadwerkelijke redactionele vrijheid van aanbieders van mediadiensten te respecteren;
  • beschermt journalistieke bronnen en vertrouwelijke communicatie, onder meer met betrekking tot bedreigingen aan het adres van journalisten of het ongeoorloofde gebruik van spyware;
  • waarborgt het onafhankelijk functioneren van aanbieders van publieke mediadiensten, onder meer door garanties te bieden met betrekking tot hun financiële middelen en de regels met betrekking tot de benoeming en het ontslag van het hoofd en/of leden van de raad van bestuur van aanbieders van publieke mediadiensten;
  • waarborgt de transparantie van media-eigendom via openbaarmakingsverplichtingen voor aanbieders van mediadiensten van specifieke informatie (bijv. wettelijke namen, contactgegevens, eigendom);
  • zorgt voor waarborgen tegen ongerechtvaardigde verwijdering door zeer grote onlineplatforms (zoals vastgesteld in de digitaledienstenverordening) van in overeenstemming met professionele normen geproduceerde media-inhoud die onverenigbaar wordt geacht met de voorwaarden;
  • voorziet in een recht op aanpassing van het media-aanbod op apparaten en interfaces, zoals verbonden tv's, waardoor gebruikers de standaardinstellingen kunnen wijzigen om hun eigen voorkeuren te weerspiegelen;
  • zorgt ervoor dat de lidstaten een beoordeling maken van het effect van belangrijke concentraties op de mediamarkt op het pluralisme en de redactionele onafhankelijkheid van de media;
  • zorgt voor transparantie met betrekking tot publieksmeting voor aanbieders en adverteerders van mediadiensten;
  • stelt transparantievereisten vast voor de toewijzing van overheidsreclame aan aanbieders van mediadiensten en onlineplatforms door overheden en entiteiten;
  • intensiveert en vergroot de samenwerking en coördinatie tussen toezichthouders voor de media, met inbegrip van maatregelen met betrekking tot mediadiensten van buiten de EU;
  • bevordert een gestructureerde dialoog tussen zeer grote onlineplatforms, aanbieders van mediadiensten en het maatschappelijk middenveld.

De verordening introduceert een gerichte wijziging van Richtlijn 2010/13/EU door de Europese Groep van regelgevende instanties voor audiovisuele mediadiensten (ERGA) te vervangen door de Europees Raad voor mediadiensten. Dit is een onafhankelijk adviesorgaan dat bestaat uit vertegenwoordigers van nationale media-autoriteiten of -organen en wordt bijgestaan door een secretariaat van de Europese Commissie, ter bevordering van een doeltreffende en consistente toepassing van het EU-kader voor de mediawetgeving.

VANAF WANNEER IS DE VERORDENING VAN TOEPASSING?

De verordening is van toepassing vanaf , met enkele uitzonderingen.

  • Vanaf geldt het volgende:
    • artikel 3 betreffende de rechten van ontvangers van mediadiensten.
  • Vanaf geldt het volgende:
    • artikel 4, lid 1 en lid 2, betreffende de rechten van aanbieders van mediadiensten;
    • artikel 6, lid 3, betreffende de plichten van aanbieders van mediadiensten;
    • artikel 7 betreffende nationale regelgevende instanties of organen;
    • artikelen 8-13 betreffende de Europees Raad voor mediadiensten; en
    • artikel 28 (wijzigingen van Richtlijn 2010/13/EU).
  • Vanaf geldt het volgende:
    • artikel 14-17 betreffende de regels voor samenwerking en convergentie op het gebied van regelgeving.
  • Vanaf geldt het volgende:
    • artikel 20 betreffende het recht om het media-aanbod aan te passen.

ACHTERGROND

Zie voor meer informatie:

BELANGRIJKSTE DOCUMENT

Verordening (EU) 2024/1083 van het Europees Parlement en de Raad van tot vaststelling van een gemeenschappelijk kader voor mediadiensten op de interne markt en tot wijziging van Richtlijn 2010/13/EU (Europese verordening mediavrijheid) (PB L, 2024/1083, ).

laatste bijwerking

Top