Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Convergentiecriteria

Als lidstaten van de Europese Unie (EU) de euro willen invoeren als hun munt, moeten ze hun nationale wetgeving in overeenstemming brengen met het desbetreffende EU-recht. Ze moeten ook voldoen aan de volgende vier specifieke voorwaarden, bekend als convergentiecriteria, die in 1991 in Maastricht zijn overeengekomen.

  • Prijsstabiliteit: een houdbare prijsontwikkeling met een gemiddelde inflatie die niet meer bedraagt dan anderhalf procentpunt van het percentage van de drie best presterende landen van de eurozone;
  • gezonde en houdbare overheidsfinanciën: tegen het land mag geen procedure bij buitensporige tekorten zijn ingeleid;
  • duurzame convergentie: de nominale langetermijnrente mag niet meer dan twee procentpunten hoger liggen dan die van de drie best presterende landen van de eurozone in termen van prijsstabiliteit;
  • stabiliteit van de wisselkoers: deelname aan het wisselkoersmechanisme van de EU (WKM II) gedurende ten minste twee jaar zonder grote spanningen, met name zonder devaluatie ten opzichte van de euro, om aan te tonen dat het land zijn economie kan beheren zonder buitensporige wisselkoersschommelingen.

Het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (artikel 140 en een toegevoegd protocol) bevat regels over de overgang naar de derde fase van de economische en monetaire unie, wanneer een EU-land de euro invoert als munt.

ZIE OOK

Top