201806150881955092018/C 231/402442018TC23120180702NL01NLINFO_JUDICIAL20180420313222

Zaak T-244/18: Beroep ingesteld op 20 april 2018 — Synergy Hellas / Commissie


C2312018NL3120120180420NL0040312322

Beroep ingesteld op 20 april 2018 — Synergy Hellas / Commissie

(Zaak T-244/18)

2018/C 231/40Procestaal: Grieks

Partijen

Verzoekende partij: d.d. Synergy Hellas Anonymi Emporiki Etaireia Parochis Ypiresion Pliroforikis (Αthene, Griekenland) (vertegenwoordiger: K. Damis, advocaat)

Verwerende partij: Europese Commissie

Conclusies

het beroep toewijzen;

besluit C(2018) 1115 final van de Commissie van 19 februari 2018 betreffende de terugvordering van „d.d.Synergy HELLAS ANONYMI EMPORIKI ETAIREIA PAROCHIS YPIRESION PLIROFORIKIS” van het bedrag van 76282,08 EUR, te vermeerderen met interest, nietig verklaren;

de Europese Commissie verwijzen in de kosten.

Middelen en voornaamste argumenten

Ter ondersteuning van haar beroep voert verzoekster drie middelen aan.

1.

Schending van artikel 85 van verordening (EG/Euratom) nr. 2342/2002 van de Commissie ( 1 ).

de weigering van de Commissie om het rechtmatige verzoek tot verlenging van de betalingstermijn in te willigen, hoewel 73 % van het kapitaal en alle interesten reeds zijn betaald en de door de Commissie gevraagde persoonlijke garantie voor het volledige oorspronkelijk verschuldigde bedrag, naast de rente, reeds is vastgesteld, is in strijd met dit artikel;

de motivering van de Commissie met betrekking tot de materiële wettigheid van het bestreden besluit, is ongegrond;

de Commissie is de op haar rustende verplichting om het bestreden besluit te motiveren, niet nagekomen.

2.

Schending en/of overschrijding van de beoordelingsbevoegdheid en schending van het beginsel van behoorlijk bestuur.

De Commissie heeft de grenzen van haar beoordelingsbevoegdheid overschreden, aangezien zij het bestreden besluit heeft vastgesteld zonder rekening te houden met de feitelijke gegevens die verzoekster heeft verstrekt en heeft voorzien in oplossingen die tot de liquidatie van verzoekster kunnen leiden.

3.

Schending van het evenredigheidsbeginsel.

Het bestreden besluit is niet alleen geen maatregel die noodzakelijk is voor het bereiken van het nagestreefde doel, aangezien verzoekster blijft betalen, maar legt verzoekster bovendien een buitensporige last op waardoor haar bestaan zelf in gevaar komt.


( 1 ) Verordening (EG, Euratom) nr. 2342/2002 van de Commissie van 23 december 2002 tot vaststelling van uitvoeringsvoorschriften van verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad van 25 juni 2002 houdende het Financieel Reglement van toepassing op de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen (PB 2002, L 357, blz. 1).