26.3.2018   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 112/42


Beroep ingesteld op 5 februari 2018 — Probelte / Commissie

(Zaak T-67/18)

(2018/C 112/54)

Procestaal: Engels

Partijen

Verzoekende partij: Probelte, SA (Murcia, Spanje) (vertegenwoordigers: C. Mereu en S. Saez Moreno, advocaten)

Verwerende partij: Europese Commissie

Conclusies

het beroep ontvankelijk en gegrond verklaren;

uitvoeringsverordening (EU) 2017/2065 van de Commissie van 13 november 2017 tot bevestiging van de goedkeuringsvoorwaarden van de werkzame stof 8-hydroxyquinoline, zoals vermeld in uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011, en tot wijziging van uitvoeringsverordening (EU) 2015/408, wat betreft de opname van de werkzame stof 8-hydroxyquinoline in de lijst van stoffen die in aanmerking komen om te worden vervangen (1) („bestreden verordening”) nietig verklaren, en

de verwerende partij verwijzen in de kosten.

Middelen en voornaamste argumenten

Verzoekster betoogt dat verweerster, door de bestreden verordening vast te stellen waarbij verzoeksters verzoek om wijziging van de goedkeuringsvoorwaarden van 8-hydroxyquinoline is afgewezen en die stof is opgenomen in de lijst van stoffen die in aanmerking komen om te worden vervangen, een kennelijke beoordelingsfout heeft gemaakt en verzoeksters recht van verweer en gewettigd vertrouwen heeft geschonden.

Verzoekster verzoekt met name om de bestreden verordening om de volgende redenen nietig te verklaren:

1.

Afwijzing van verzoeksters verzoek tot wijziging van de in uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 (2) opgenomen voorwaarden voor goedkeuring van 8-hydroxyquinoline.

Recht van verweer: verweerster heeft verzuimd om de nieuwe gegevens die verzoekster uitdrukkelijk mocht indienen in het kader van de procedure tot wijziging met betrekking tot 8-hydroxyquinoline als bedoeld in verordening nr. 1107/2009 (3), aan een collegiale toetsing te onderwerpen. Daardoor heeft verweerster verzoekster het recht ontnomen om haar standpunten naar behoren kenbaar te maken. Ook heeft verweerster 8-hydroxyquinoline opgenomen in de lijst van stoffen die in aanmerking komen om te worden vervangen, zonder daarbij rekening te houden met verzoeksters nieuwe testgegevens.

Gewettigd vertrouwen: verweerster heeft verzuimd om de nieuwe gegevens die verzoekster uitdrukkelijk mocht indienen in het kader van de procedure tot wijziging van 8-hydroxyquinoline als bedoeld in verordening nr. 1107/2009, aan een collegiale toetsing te onderwerpen, alhoewel zij verzoekster uitdrukkelijk had meegedeeld dat dit het geval zou zijn. Daardoor heeft verweerster verzoeksters gewettigd vertrouwen, dat haar nieuwe gegevens door alle lidstaten aan een collegiale toetsing zouden worden onderworpen, geschonden.

Kennelijke beoordelingsfout: het was vanuit wetenschappelijk oogpunt duidelijk dat er onvoldoende gegevens voorhanden waren en daarom konden de door verzoekster ingediende nieuwe gegevens van pas komen om de problemen in verband met de classificatie te verhelpen. Verweerster heeft blijk gegeven van een kennelijke beoordelingsfout voor zover zij niet alle bestaande wetenschappelijke en technische kennis over de stof 8-hydroxyquinoline in aanmerking heeft genomen.

2.

Wijziging van uitvoeringsverordening (EU) 2015/408 (4), wat betreft de opname van de stof in de lijst van stoffen die in aanmerking komen om te worden vervangen.

Recht van verweer/gewettigd vertrouwen/kennelijke fout: Verweerster heeft verzuimd om de in punt 4 van bijlage II bij verordening nr. 1107/2009 gestelde eisen voor opneming op de lijst van stoffen die in aanmerking komen om te worden vervangen, na te leven en toe te passen: verweerster heeft geen blootstellingsbeoordeling uitgevoerd om na te gaan of de uitzondering in punt 4 van bijlage II van toepassing zou kunnen zijn op de betrokken stof, waardoor zij zowel de toepasselijke bepalingen van verordening nr. 1107/2009 als verzoeksters recht van verweer en gewettigd vertrouwen heeft geschonden. Overigens heeft verweerster ook een kennelijke beoordelingsfout gemaakt.


(1)  PB 2017, L 295, blz. 40.

(2)  Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 van de Commissie van 25 mei 2011 tot uitvoering van verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad wat de lijst van goedgekeurde werkzame stoffen betreft (PB 2011, L 153, blz. 1).

(3)  Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad (PB 2009, L 309, blz. 1).

(4)  Uitvoeringsverordening (EU) 2015/408 van de Commissie van 11 maart 2015 inzake uitvoering van artikel 80, lid 7, van verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot vaststelling van een lijst van stoffen die in aanmerking komen om te worden vervangen (PB 2015, L 67, blz. 18).