30.10.2017   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 369/25


Beroep ingesteld op 11 augustus 2017 — EIB/Syrië

(Zaak T-541/17)

(2017/C 369/37)

Procestaal: Engels

Partijen

Verzoekende partij: Europese Investeringsbank (vertegenwoordigers: P. Chamberlain, T. Gilliams, J. Shirran en F. de Borja Oxangoiti Briones, gemachtigden, D. Arts, advocaat, en T. Cusworth, solicitor)

Verwerende partij: Arabische Republiek Syrië

Conclusies

Verzoekster verzoekt het Gerecht, Syrië te gelasten:

alle bedragen te betalen die aan de Europese Unie verschuldigd zijn overeenkomstig de artikelen 3.01, 3.02, 4.01, 8.01 en 8.02 van de Electricity Transmission Loan Agreement (leningsovereenkomst voor elektriciteitstransport) op grond van haar recht van subrogatie, te weten:

3 383 971,66 CHF en 38 934 400,51 EUR, het bedrag dat aan de Europese Unie verschuldigd is op 9 augustus 2017, bestaande uit de hoofdsom, rente en contractuele vertragingsrente (vanaf de vervaldag tot 9 augustus 2017);

verdere contractuele vertragingsrente, tegen het jaarlijkse tarief dat gelijk is aan de som van (i) 2,5 % (250 basispunten) en (ii) het tarief overeenkomstig artikel 3.01, tot de datum van betaling;

alle toepasselijke belastingen, rechten, vergoedingen en professionele kosten vanaf de vervaldag tot de datum van betaling, de kosten van de onderhavige procedure daaronder begrepen.

subsidiair, indien het Gerecht oordeelt dat de Europese Unie niet is gesubrogeerd in de rechten van de Europese Investeringsbank (EIB), alle bedragen te betalen die aan de EIB verschuldigd zijn overeenkomstig de artikelen 3.01, 3.02, 4.01, 8.01 en 8.02 van de Electricity Transmission Loan Agreement, te weten:

3 383 971,66 CHF en 38 934 400,51 EUR, het bedrag dat aan de EIB verschuldigd is op 9 augustus 2017, bestaande uit de hoofdsom, rente en contractuele vertragingsrente (vanaf de vervaldag tot 9 augustus 2017);

verdere contractuele vertragingsrente, tegen het jaarlijkse tarief dat gelijk is aan de som van (i) 2,5 % (250 basispunten) en (ii) het tarief overeenkomstig artikel 3.01, tot de datum van betaling;

alle toepasselijke belastingen, rechten, vergoedingen en professionele kosten vanaf de vervaldag tot de datum van betaling, de kosten van de onderhavige procedure daaronder begrepen.

in elk geval, het bedrag te betalen dat aan de Europese Unie of — in voorkomend geval — aan de EIB verschuldigd is voor termijnen die vervallen na de datum van dit verzoekschrift en waarvoor Syrië niet overgaat tot betaling, te weten:

de hoofdsom en de rente voor elke termijn;

contractuele vertragingsrente, tegen het jaarlijkse tarief dat gelijk is aan de som van (i) 2,5 % (250 basispunten) en (ii) het tarief overeenkomstig artikel 3.01, vanaf de vervaldag van elke termijn tot de datum van betaling door Syrië.

alle kosten van de onderhavige procedure te betalen overeenkomstig artikel 134, lid 1, van het Reglement voor de procesvoering.

Middelen en voornaamste argumenten

Tot staving van haar beroep voert verzoekster één middel aan.

Volgens dit enige middel is Syrië zijn contractuele verplichtingen niet nagekomen die voortvloeien uit de artikelen 3.01 en 4.01 van de Electricity Transmission Loan Agreement, te weten betaling van de in de Electricity Transmission Loan Agreement vastgestelde termijnen op de vervaldag, alsmede uit artikel 3.02 van de Electricity Transmission Loan Agreement, te weten betaling van vertragingsrente voor elke op de vervaldag niet-betaalde termijn, tegen het vastgestelde jaarlijkse tarief. Bijgevolg is Syrië contractueel verplicht om alle bedragen te betalen die verschuldigd zijn overeenkomstig de artikelen 3.01, 3.02, 4.01, 8.01 en 8.02 van de Electricity Transmission Loan Agreement.