25.9.2017   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 318/20


Beroep ingesteld op 31 juli 2017 — Fleig/EDEO

(Zaak T-492/17)

(2017/C 318/27)

Procestaal: Duits

Partijen

Verzoekende partij: Stephan Fleig (Berlijn, Duitsland) (vertegenwoordiger: H. Tettenborn, advocaat)

Verwerende partij: Europese Dienst voor extern optreden (EDEO)

Conclusies

nietigverklaring van het besluit van 19 september 2016 waarbij de directeur van het directoraat Personeelszaken van de Europese Dienst voor extern optreden (EDEO), in zijn hoedanigheid van tot het aangaan van aanstellingsovereenkomsten bevoegde instantie, heeft besloten om de arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd van verzoeker per 19 juni 2017 op te zeggen (in de laatste versie van het ontslagbesluit die voortvloeit uit de afwijzing van verzoekers klacht op 19 april 2017);

veroordeling van de EDEO tot betaling aan verzoeker van een passend, aan het oordeel van het Gerecht overgelaten bedrag ter vergoeding van de door verzoeker geleden immateriële schade, en

verwijzing van de EDEO in zijn eigen kosten en in die van verzoeker.

Middelen en voornaamste argumenten

Ter ondersteuning van zijn beroep voert verzoeker drie middelen aan.

1.

Eerste middel: kennelijke beoordelingsfout van de Europese Dienst voor extern optreden (EDEO)

2.

Tweede middel: de EDEO heeft de zorgplicht, het beginsel van behoorlijk bestuur (artikel 41 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie) en het evenredigheidsbeginsel geschonden en heeft zich schuldig gemaakt aan een inbreuk op de bescherming tegen kennelijk onredelijk ontslag (artikel 30 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie)

3.

Derde middel: inbreuk op het recht om te worden gehoord uit hoofde van artikel 41, lid 1 en lid 2, onder a), van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie