12.2.2018   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 52/14


Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Vilniaus apygardos administracinis teismas (Litouwen) op 3 november 2017 — Baltic Media Alliance Ltd / Lietuvos radijo ir televizijos komisija

(Zaak C-622/17)

(2018/C 052/19)

Procestaal: Litouws

Verwijzende rechter

Vilniaus apygardos administracinis teismas

Partijen in het hoofdgeding

Verzoekende partij: Baltic Media Alliance Ltd

Verwerende partij: Lietuvos radijo ir televizijos komisija

Prejudiciële vragen

1)

Zijn de bepalingen van artikel 3, leden 1 en 2, van richtlijn 2010/13/EU (1) van het Europees Parlement en de Raad van 10 maart 2010 betreffende de coördinatie van bepaalde wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in de lidstaten inzake het aanbieden van audiovisuele mediadiensten alleen van toepassing op gevallen waarin een lidstaat van ontvangst de uitzending en/of doorgifte van televisieprogramma’s beoogt te schorsen, of gelden zij ook voor andere maatregelen van een lidstaat van ontvangst die de vrije ontvangst en de uitzending van programma’s op enige wijze beperken?

2)

Moeten overweging 8 en artikel 3, leden 1 en 2, van richtlijn 2010/13/EU van het Europees Parlement en de Raad van 10 maart 2010 betreffende de coördinatie van bepaalde wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in de lidstaten inzake het aanbieden van audiovisuele mediadiensten aldus worden uitgelegd dat zij zich ertegen verzetten dat een lidstaat — wanneer deze heeft vastgesteld dat materiaal als bedoeld in artikel 6 van die richtlijn is openbaar gemaakt, uitgezonden en verspreid in een televisieprogramma dat vanuit een lidstaat van de Europese Unie is doorgegeven en/of verspreid via het internet –, zonder dat aan de voorwaarden van artikel 3, lid 2, van die richtlijn is voldaan een besluit neemt als bedoeld in artikel 33, lid 11, en artikel 33, lid 12, punt 1, van de Litouwse wet op de informatievoorziening aan het publiek, dat wil zeggen een besluit waarbij aan op het grondgebied van de lidstaat van ontvangst opererende rebroadcasters en andere personen die diensten voor de verspreiding van televisieprogramma’s en/of individuele programma’s via het internet aanbieden, de verplichting wordt opgelegd om voorlopig te besluiten dat het televisieprogramma uitsluitend wordt doorgegeven en/of via het internet verspreid als onderdeel van televisieprogrammapakketten die alleen tegen extra betaling beschikbaar zijn?


(1)  PB 2010, L 95, blz. 1.