31998D0582

98/582/EG: Beschikking van de Raad van 6 oktober 1998 tot wijziging van Beschikking 97/80/EG van de Commissie houdende uitvoeringsbepalingen van Richtlijn 96/16/EG betreffende statistische enquêtes inzake melk en zuivelproducten

Publicatieblad Nr. L 281 van 17/10/1998 blz. 0036 - 0038


BESCHIKKING VAN DE RAAD van 6 oktober 1998 tot wijziging van Beschikking 97/80/EG van de Commissie houdende uitvoeringsbepalingen van Richtlijn 96/16/EG betreffende statistische enquêtes inzake melk en zuivelproducten (98/582/EG)

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Richtlijn 96/16/EG van de Raad van 19 maart 1996 betreffende statistische enquêtes inzake melk en zuivelproducten (1), en met name op artikel 3, lid 2, en artikel 6, lid 1,

Gezien het voorstel van de Commissie,

Overwegende dat Verordening (EEG) nr. 804/68 van de Raad van 27 juni 1968 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector melk en zuivelproducten (2), de voorwaarden vaststelt waaraan boter die onder de interventieregeling valt, en boter die voor steun voor de particuliere opslag in aanmerking komt, moeten voldoen; dat boter waarvoor overheidssteun wordt verleend, rechtstreeks en uitsluitend van gepasteuriseerde room moet zijn vervaardigd; dat deze voorwaarde niet geldt voor boter in particuliere opslag; dat voor bepaalde steunmaatregelen voor de afzet van boter op de communautaire markt en met name voor de in Verordening (EG) nr. 2571/97 van de Commissie (3) bedoelde regeling, de boter rechtstreeks en uitsluitend van gepasteuriseerde room moet zijn vervaardigd om in aanmerking te komen;

Overwegende dat er, gezien de grote hoeveelheden boter waarvoor communautaire subsidies worden verleend in verhouding tot de totale productie, een statistische grondslag moet worden vastgesteld waarmee de evolutie van de verschillende soorten boter kan worden gevolgd en waarin met het bovengenoemde onderscheid rekening wordt gehouden;

Overwegende dat de Commissie met het oog op een goed beheer van het gemeenschappelijk landbouwbeleid en met name van de botermarkt over exacte gegevens moet kunnen beschikken om de evolutie van de verschillende soorten boter en overige zuivelproducten met gele vetten op de voet te kunnen volgen;

Overwegende dat Verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad van 23 juli 1987 met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief (4), reeds voorziet in een indeling van de verschillende soorten boter naar code van de gecombineerde nomenclatuur die van toepassing is op het handelsverkeer; dat het ter wille van de coherentie met deze maatregel aangewezen is dezelfde indeling van de boter voor de verzameling van statistische informatie in de sector toe te passen; dat het derhalve aanbeveling verdient Beschikking 97/80/EG van de Commissie van 18 december 1996 houdende uitvoeringsbepalingen van Richtlijn 96/16/EG betreffende statistische enquêtes inzake melk en zuivelproducten (5) te wijzigen;

Overwegende dat voor bepaalde soorten boter en overige zuivelproducten met gele vetten op dit moment een vrijwillige verzameling en verstrekking van gegevens echter voldoende is;

Overwegende dat het Permanent Comité voor de landbouwstatistiek geen advies heeft uitgebracht binnen de door zijn voorzitter vastgestelde termijn; dat de met de onderhavige beschikking beoogde maatregelen derhalve overeenkomstig artikel 7 van Richtlijn 96/16/EG door de Raad moeten worden goedgekeurd,

HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING VASTGESTELD:

Artikel 1

De bijlagen I en II bij Beschikking 97/80/EG worden gewijzigd zoals aangegeven in de bijlage bij de onderhavige beschikking.

Artikel 2

Deze beschikking is gericht tot de lidstaten.

Gedaan te Luxemburg, 6 oktober 1998.

Voor de Raad

De Voorzitter

M. BARTENSTEIN

(1) PB L 78 van 28. 3. 1996, blz. 27.

(2) PB L 148 van 28. 6. 1968, blz. 13. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1587/96 (PB L 206 van 16. 8. 1996, blz. 21).

(3) PB L 350 van 20. 12. 1997, blz. 3. Verordening gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1061/98 (PB L 152 van 26. 5. 1998, blz. 3).

(4) PB L 256 van 7. 9. 1987, blz. 1. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1084/98 (PB L 151 van 21. 5. 1998, blz. 1).

(5) PB L 24 van 25. 1. 1997, blz. 26.

BIJLAGE

Bijlage I bij Beschikking 97/80/EG wordt als volgt gewijzigd:

1. code 23 in de lijst van zuivelproducten wordt vervangen door:

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

2. de volgende voetnoot wordt onderaan de lijst van zuivelproducten toegevoegd:

"(*) Verzameling en verstrekking van gegevens op vrijwillige basis.";

3. de tekst onder de titel "BOTER (23)" in de toelichtingen wordt vervangen door de volgende tekst:

"BOTER (23)

Boter en overige zuivelproducten met gele vetten (23): omvat boter, traditionele boter, gerecombineerde boter, weiboter, uitgesmolten boter en butteroil, alsmede de overige producten met gele vetten, uitgedrukt in boterequivalent met een melkvetgehalte van 82 gewichtspercenten van het product.

- Tabel A: Denemarken: omvat uitsluitend traditionele boter (231).

- Tabel B: de posten 231 (boter), 2311 (traditionele boter), 2312 (gerecombineerde boter), 2313 (weiboter), 232 (uitgesmolten boter en butteroil), 233 (overige zuivelproducten met gele vetten), 2331 (boter met verlaagd vetgehalte), 2332 (overige) dienen in het werkelijke gewicht te worden uitgedrukt. Alleen post 23 moet in boterequivalent worden uitgedrukt.

Boter (231): een product met een melkvetgehalte van ten minste 80 % en minder dan 90 % en een gehalte aan water van ten hoogste 16 % en aan vetvrije, droge stof van ten hoogste 2 %.

- Omvat eveneens butteroil met zeer geringe hoeveelheden kruiden, specerijen, aroma's, enz.

Traditionele boter (2311): rechtstreeks en uitsluitend uit gepasteuriseerde room verkregen product met een melkvetgehalte van ten minste 80 % en minder dan 90 % en een gehalte aan water van ten hoogste 16 % en aan vetvrije, droge stof van ten hoogste 2 %.

Gerecombineerde boter (2312): uit butteroil, van melk afkomstige vetvrije, droge stof en water verkregen product met een melkvetgehalte van ten minste 80 % en minder dan 90 % en een gehalte aan water van ten hoogste 16 % en aan vetvrije, droge stof van ten hoogste 2 %.

Weiboter (2313): uit weiroom of een mengsel van weiroom en room verkregen product met een melkvetgehalte van ten minste 80 % en minder dan 90 % en een gehalte aan water van ten hoogste 16 % en aan vetvrije, droge stof van ten hoogste 2 %.

De posten 2311, 2312 en 2313 omvatten eveneens boter met zeer geringe hoeveelheden kruiden, specerijen, aroma's enz., op voorwaarde dat het product het karakter van boter behoudt.

Uitgesmolten boter en butteroil (232):

Uitgesmolten boter: uitgesmolten boter heeft een melkvetgehalte van meer dan 85 gewichtspercenten van het product. Deze uitdrukking omvat, naast de eigenlijke uitgesmolten boter, ook soortgelijke boter waaraan water onttrokken is en die gewoonlijk met uiteenlopende benamingen zoals "gedehydreerde boter", "watervrije boter", "butteroil", "botervet" (melkvet) en "boterconcentraat"

wordt aangeduid.

Butteroil: product dat uit melk, room of boter wordt verkregen door toepassing van procédés voor de onttrekking van water en vetvrije, droge stof, met minimaal 99,3 gewichtspercenten van melk afkomstige vetstoffen en minimaal 0,5 gewichtspercent water.

- Omvat tevens "ghee".

- Om dubbeltellingen te voorkomen, betreft de benaming "butteroil" uitsluitend de directe productie op basis van room.

Overige zuivelproducten met gele vetten (233):

Boter met verlaagd vetgehalte (2331): soortgelijk product als boter, maar met maximaal 80 gewichtspercenten van melk afkomstige vetstoffen, met uitzondering van alle andere vetstoffen (verkoopbenamingen volgens punt A van de bijlage bij Verordening (EG) nr. 2991/94 (1); 3/4 boter, halfvolle boter en melkvetproduct).

Overige (2332): voornamelijk uit plantaardige en/of dierlijke producten samengestelde vetten: producten in de vorm van een vaste of kneedbare emulsie, voornamelijk van het type water in olie, die van vaste en/of vloeibare plantaardige en/of dierlijke vetten zijn afgeleid, voor menselijke consumptie geschikt zijn en een melkvetgehalte hebben van ten minste 10 en ten hoogste 80% van het totale vetgehalte (verkoopbenamingen volgens punt C van de bijlage bij Verordening (EG) nr. 2991/94: melange, 3/4 melange, halfvolle melange en melangeproduct).

Tabel B: indien de boter met verlaagd vetgehalte (2331) en/of de "overige" (2332) worden verkregen uit boter die in dezelfde zuivelfabriek wordt vervaardigd, en het type boter niet kan worden geïdentificeerd (2311, 2312 of 2313), worden deze uit post 23 gelicht onder vermelding van de desbetreffende hoeveelheid boter.

(1) PB L 316 van 9. 12. 1994, blz. 2.".

Bijlage II bij Beschikking 97/80/EG wordt als volgt gewijzigd:

1. in tabel B "GEBRUIK" worden de regels van code 23 "Boter en overige zuivelproducten met gele vetten" vervangen door:

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

2. de volgende voetnoot wordt onderaan tabel B toegevoegd:

"(*) Verzameling en verstrekking van gegevens op vrijwillige basis.".