21970A0720(01)

Overeenkomst ter aanvulling van de Overeenkomst betreffende produkten van de uurwerkindustrie tussen de Europese Economische Gemeenschap alsmede haar Lid-Staten en de Zwitserse Confederatie

Publicatieblad Nr. L 118 van 30/04/1974 blz. 0012 - 0017
Bijzondere uitgave in het Fins: Hoofdstuk 11 Deel 2 blz. 0004
Bijzondere uitgave in het Zweeds: Hoofdstuk 11 Deel 2 blz. 0004
Bijzondere uitgave in het Spaans: Hoofdstuk 11 Deel 5 blz. 0110
Bijzondere uitgave in het Portugees: Hoofdstuk 11 Deel 5 blz. 0110


OVEREENKOMST ter aanvulling van de Overeenkomst betreffende produkten van de uurwerkindustrie tussen de Europese Economische Gemeenschap alsmede haar Lid-Staten en de Zwitserse Confederatie

DE RAAD VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

enerzijds,

DE ZWITSERSE BONDSRAAD,

anderzijds,

OVERWEGENDE dat een Overeenkomst betreffende produkten van de uurwerkindustrie tussen de Europese Economische Gemeenschap alsmede haar Lid-Staten en de Zwitserse Confederatie op 30 juni 1967 te Genève is ondertekend;

OVERWEGENDE dat het voor de goede werking van deze Overeenkomst van belang is aanvullende bepalingen vast te stellen;

OVERWEGENDE dat het gebruik van de naam "Zwitsers" voor horloges bij Verordening van de Zwitserse Bondsraad van 23 december 1971 wordt geregeld;

OVERWEGENDE dat op het gebied van de uurwerkindustrie een nauwe samenwerking tussen de Europese Economische Gemeenschap en Zwitserland bestaat;

KENNIS NEMEND van de afschaffing, bij de inwerkingtreding van deze Overeenkomst, van de rationalisatiepremies welke door Ebauches SA en de ASUAG worden toegekend en van de gelijktijdige afschaffing van het in punt B 3b van bovengenoemde Overeenkomst vermelde contingent,

(1)De overeenkomst is slechts opgesteld in de Franse taal.

ZIJN HET VOLGENDE OVEREENGEKOMEN:

Artikel 1

De in de artikelen 1 en 5 van de Overeenkomst van 30 juni 1967 bedoelde tariefverlagingen zullen bij de inwerkingtreding van de onderhavige Overeenkomst van kracht worden.

Artikel 2

Ten einde te waarborgen dat als "Zwitsers" wordt aangemerkt een horloge waarvan het uurwerk Zwitsers fabrikaat is voor ten minste 50 % van de waarde van alle samenstellende onderdelen met inbegrip van de assemblagekosten, wordt krachtens artikel 2, alinea 2 b), van de Verordening van de Zwitserse Bondsraad van 23 december 1971 betreffende de regeling van het gebruik van de naam "Zwitsers" voor horloges, tussen Zwitserland en de Gemeenschap een procedure voor het verkrijgen van een certificaat vastgesteld welke als volgt luidt:

1. De in de Gemeenschap vervaardigde onvolledige en onafgewerkte horloge-uurwerken waarvan de lijst als bijlage aan dit Akkoord is gehecht, alsmede de regelende onderdelen en andere samenstellende delen van de in de Gemeenschap vervaardigde horloge-uurwerken en aanvullende onvolledige en onafgewerkte uurwerken welke in Zwitserland of in de Gemeenschap zijn vervaardigd, worden van gelijke kwaliteit beschouwd als de in Zwitserland vervaardigde onvolledige en onafgewerkte uurwerken en andere onderdelen welke vergelijkbare technische kenmerken bezitten.

Het is duidelijk dat horloges en uurwerken van horloges welke uit deze onvolledige en onafgewerkte uurwerken en andere onderdelen zijn samengesteld, moeten voldoen aan de eisen van de wettelijke technische controle in Zwitserland,

2. De in lid 1 van dit artikel bedoelde lijst van in de Gemeenschap vervaardigde onvolledige en onafgewerkte uurwerken zal op de volgende wijze regelmatig worden bijgewerkt:

a) De aanvraag om inschrijving op de lijst van nieuwe modellen onvolledige en onafgewerkte uurwerken moet worden ingediend bij de Zwitserse Kamer voor de Uurwerkindustrie door de Organisaties van uurwerkmakers in de Gemeenschap of door een in de Gemeenschap gevestigde fabrikant van onvolledige en onafgewerkte uurwerken. Bij het verzoek dient een technische fiche te worden gevoegd met de beschrijving van het kaliber van de onvolledige en onafgewerkte uurwerken. De Zwitserse Kamer voor de Uurwerkindustrie gaat dan onverwijld over tot inschrijving van het nieuwe of de nieuwe kalibers op bovengenoemde lijst.

Indien verzocht wordt een kaliber in te schrijven dat reeds in Zwitserland gebruikt is en dat niet aan de eisen van de wettelijke technische controle in Zwitserland heeft voldaan, kan de Zwitserse Kamer voor de Uurwerkindustrie bezwaar maken tegen de inschrijving. In dit geval kan degene die de aanvraag heeft ingediend zijn toevlucht nemen tot de procedure als bedoeld in lid 3 van dit artikel.

b) Wanneer bepaalde modellen onvolledige en onafgewerkte uurwerken van de lijst worden geschrapt, wordt dit medegedeeld aan de Zwitserse Kamer voor de Uurwerkindustrie door de Organisaties van uurwerkmakers in de Gemeenschap of door de fabrikant die destijds de aanvraag om inschrijving had ingediend.

c) Indien niet wordt voldaan aan de eisen van de kan de Zwitserse Kamer voor de Uurwerkindustrie verzoeken de desbetreffende modellen onvolledige en onafgewerkte uurwerken van de lijst te schrappen, waarbij de Kamer de betrokken partij op de hoogte brengt van dit verzoek. Indien hierover geen overeenstemming wordt bereikt kan de betrokken partij binnen een periode van 2 maanden haar toevlucht nemen tot de in lid 3 van dit artikel bedoelde procedure.

d) De Zwitserse Kamer voor de Uurwerkindustrie dient de Gemengde Commissie onverwijld in kennis te stellen van elk verzoek om wijziging van de lijst als bedoeld onder de letters a), b) en c) hierboven.

3. Indien onenigheid mocht bestaan over de gelijkwaardigheid van de kwaliteit wordt de in artikel 9 van de Overeenkomst van 30 juni 1967 bedoelde Gemengde Commissie hiervan onverwijld door elk van de betrokken Partijen op de hoogte gesteld.

Op eigen initiatief vraagt de meest gerede partij gelijktijdig een expertise aan bij het Instituut voor de officiële kwaliteitscontrole van de Zwitserse uurwerkindustrie en aan een overeenkomstig bevoegd instituut in de Gemeenschap, aan te duiden door de betrokken Partij in de Gemeenschap. De instituten hebben 3 maanden de tijd om de vereiste expertise uit te voeren.

Met het oog op deze expertise komen de instituten overeen 2 partijen monsters van voldoende representatief geachte horloges of uurwerken van horloges te trekken, welke elk in het beginsel niet meer dan 50 horloges of uurwerken zullen omvatten, en enerzijds afkomstig moeten zijn van een Zwitserse onderneming en anderzijds van een onderneming uit de Gemeenschap.

Nadat deze partijen volgens de normen van de wettelijke technische controle in Zwitserland zijn onderzocht, vergelijken de instituten hun resultaten en gaan vervolgens ten behoeve van de Gemengde Commissie over tot de opstelling van een gemeenschappelijk verslag waarin hun conclusies en hun eventuele voorstellen worden neergelegd.

Dit verslag zal in de volgende vergadering van de Gemengde Commissie in behandeling worden genomen.

Artikel 3

Zowel de Overeenkomst als de daarbijgevoegde lijst worden door de Overeenkomstsluitende Partijen epubliceerd in de officiële publikatiebladen en door de betrokken beroepsorganisaties aan de uurwerkfabrikanten medegedeeld.

Wijzigingen in bovengenoemde lijst worden eveneens gepubliceerd en medegedeeld.

Minstens eenmaal per drie jaar, te rekenen vanaf de inwerkingtreding van de Overeenkomst, gaat de Gemengde Commissie over tot de opstelling van een nieuwe lijst, rekening houdend met de modellen welke sindsdien zijn ingeschreven en eventueel geschrapt zijn. Ook deze herziene lijst wordt gepubliceerd en medegedeeld.

Alle aanvullende inlichtingen kunnen verkregen worden bij de betrokken beroepsorganisaties.

Artikel 4

De Overeenkomst kan met inachtneming van een periode van twaalf maanden door elk van beide Overeenkomstsluitende Partijen worden opgezegd.

Artikel 5

De Overeenkomst zal door de Overeenkomstsluitende Partijen worden afgesloten en worden bekrachtigd volgens de bij hen gebruikelijke procedures.

De Overeenkomst treedt in werking op 1 januari 1973 op voorwaarde dat de akten van bekrachtiging vóór deze datum door de Overeenkomstsluitende Partijen zijn uitgewisseld.

Indien de uitwisseling van de akten van bekrachtiging plaats heeft tussen 1 januari en 30 november 1973, treedt de Overeenkomst in werking op de eerste dag van de tweede maand welke volgt op die waarin deze uitwisseling heeft plaatsgevonden.

BIJLAGE

Lijst bedoeld als in artikel 2