Kies de experimentele functies die u wilt uitproberen

Dit document is overgenomen van EUR-Lex

Akkoord en uitvoeringsovereenkomst van Schengen

Het Akkoord van Schengen is op ondertekend door België, Duitsland, Frankrijk, Luxemburg en Nederland. Daarmee verbonden deze landen zich ertoe de controles aan de binnengrenzen geleidelijk af te schaffen. De uitvoeringsovereenkomst van Schengen vult dit akkoord aan en legt de uitvoeringsvoorwaarden en de garanties voor de totstandbrenging van een ruimte zonder binnengrenzen vast. Deze overeenkomst werd op door dezelfde vijf lidstaten van de Europese Unie (EU) ondertekend en trad in 1995 in werking. Het Akkoord en de uitvoeringsovereenkomst van Schengen vormen samen met de aanverwante overeenkomsten en voorschriften het Schengenacquis, dat in 1999 werd opgenomen in het juridisch kader van de EU en daarmee EU-wetgeving werd. Met het Verdrag van Lissabon is de “ruimte zonder binnengrenzen waarin het vrije verkeer van personen is gewaarborgd” een doelstelling van de EU geworden.

Tegenwoordig maken 30 Europese landen, waaronder 26 van de 27 lidstaten en de vier landen van de Europese Vrijhandelsassociatie, namelijk IJsland, Liechtenstein, Noorwegen en Zwitserland, deel uit van het Schengengebied.

Cyprus gaat akkoord met het Schengenacquis als onderdeel van het EU-toetredingsproces en is een Schengenstaat. Dit betekent dat Cyprus deelneemt aan nauwere samenwerking in het kader van Schengen. De Raad van de Europese Unie heeft de grenscontroles met Cyprus echter nog niet afgeschaft en de volledige integratie ervan is momenteel aan de gang.

Het is Ierland daarentegen bij uitzondering toegestaan, op grond van het Schengenprotocol, om de Schengenregels niet toe te passen. Ierland handhaaft daarom zijn eigen visum- en grensbeleid. Gezien de voordelen van Schengensamenwerking heeft Ierland echter verzocht deel te nemen aan bepaalde Schengengebieden, waaronder het Schengeninformatiesysteem en justitiële en politiële samenwerking.

Als onderdeel van het Uitbreidingsproces van de EU moeten kandidaat-lidstaten van de EU een Schengengovernancesysteem invoeren. Dit vereist dat de nationale regels in overeenstemming worden gebracht met alle Schengenvoorschriften en dat er sterke nationale systemen worden opgezet om ze doeltreffend toe te passen.

Zodra een land toetreedt tot de EU, wordt het een Schengenstaat. Alle Schengenregels zijn bij de toetreding bindend, hoewel sommige later van toepassing zijn. Deze omvatten volledige toegang tot alle informatiesystemen, het recht om Schengenvisa af te geven en de afschaffing van controles aan de binnengrenzen. Om de volledige regelset toe te passen, met het opheffen van de interne grenscontroles als laatste mijlpaal, moet de nieuwe Schengenstaat een evaluatieproces doorlopen. Dit proces wordt gecoördineerd door de Europese Commissie in nauwe samenwerking met de lidstaten op grond van het Schengenevaluatiemechanisme.

Zodra uit de evaluatie blijkt dat de Schengenstaat klaar is om volledig toe te treden tot het Schengengebied en de controles aan de binnengrenzen af te schaffen, moet de Raad een besluit nemen om deze laatste stap mogelijk te maken.

ZIE OOK

Naar boven