Glossarium van samenvattingen

Help PDF exporteren Deze pagina afdrukken 

Hiërarchie van de normen van de Europese Unie (EU)

Het recht van de Europese Unie is gestoeld op het primaire en het secundaire (of afgeleide) recht. Het primaire recht bestaat uit de Verdragen, algemene beginselen opgesteld door het Hof van Justitie van de Europese Unie (HJEU) en de internationale overeenkomsten. Het afgeleide recht bestaat uit alle rechtshandelingen die toelaten om de bevoegdheden van de EU uit te oefenen.

Met de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon en de afschaffing van de voormalige „pijlerstructuur”, is het Europese beleid voornamelijk onderworpen aan de communautaire methode met uitzondering van het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid (GBVB). Alleen rechtshandelingen vermeld in artikel 288 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) worden goedgekeurd. Het betreft reglementen, richtlijnen, besluiten, aanbevelingen en adviezen. In de meeste gevallen bepalen de Verdragen het type rechtshandeling dat moet worden aangewend. Indien dit niet zo is, kunnen de instellingen op grond van artikel 296 VWEU het type rechtshandeling kiezen, aangepast aan elk concreet geval.

Het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU), voert eveneens een hiërarchie in van de normen binnen het afgeleide recht. Het Verdrag maakt een onderscheid tussen:

  • de wetgevingshandelingen (artikel 289 VWEU). Dat zijn de rechtshandelingen die worden goedgekeurd via een gewone of bijzondere wetgevingsprocedure;
  • de wetgevingshandelingen (artikel 290 VWEU). Dit zijn niet-wetgevingshandelingen van algemene strekking ter aanvulling of wijziging van bepaalde niet-essentiële onderdelen van de wetgevingshandeling. De bevoegdheid om dit soort handeling goed te keuren, kan worden gedelegeerd aan de Commissie door het Europees Parlement of de Raad;
  • de uitvoeringshandelingen (artikel 291 VWEU). Het betreft de handelingen die door de Commissie worden goedgekeurd aan wie een uitvoeringsbevoegdheid wordt toegekend; de Raad kan in bepaalde gevallen ook worden verzocht om deze uitvoeringshandelingen vast te stellen.