Glossarium van samenvattingen

Help PDF exporteren Deze pagina afdrukken 

EU-28 en kandidaat-landen

Toetreding van een nieuw land tot de Europese Unie (EU) wordt geregeld in artikel 49 van het Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU). Een land dat lid van de EU wil worden, moet aan twee voorwaarden voldoen:

  • het land moet een Europese staat zijn;
  • het land moet de gemeenschappelijke waarden van de lidstaten respecteren en zich inzetten om die te bevorderen. Deze waarden bestaan uit menselijke waardigheid, de vrijheid, de democratie, de rechtsstaat en de eerbiediging van de rechten van de mens, ook die van de minderheden (artikel 2 van het VEU).

Wanneer een kandidaat-land aan de toetredingscriteria (criteria van Kopenhagen) heeft voldaan, moet het tijdens de onderhandelingsperiode aantonen dat het de rechten en plichten van het EU-lidmaatschap op zich kan nemen. Als de onderhandelingen over alle 35 hoofdstukken van het „EU-acquis” succesvol zijn verlopen, moet de Raad met eenparigheid van stemmen goedkeuring geven en het Parlement moet instemming geven voordat een toetredingsakkoord getekend kan worden.

Daarna wordt het akkoord ondertekend door het kandidaat-land en de individuele EU-landen, die het dan bekrachtigen in overeenstemming met hun eigen constitutionele regels.