Glossarium van samenvattingen

Help PDF exporteren Deze pagina afdrukken 

Ontwikkelingssamenwerking

Het begin van de ontwikkelingssamenwerking van de EU viel samen met het tekenen van het Verdrag van Rome in 1957; de overzeese landen en gebieden van de lidstaten waren de eerste begunstigden. Door de jaren heen is de context voor EU-ontwikkelingssamenwerking geleidelijk aan verruimd. De EU is nu de grootste donor van de wereld en werkt samen met ongeveer 160 landen.

Ontwikkelingssamenwerking moet uitgevoerd worden volgens de beginselen en doelstellingen van het buitenlandse optreden van de EU. Het hoofddoel is armoede in de wereld te verminderen en op de lange termijn uit te bannen door een duurzame economische, sociale en ecologische ontwikkeling in ontwikkelingslanden te bevorderen.

De grondbeginselen van het buitenlandse optreden en ontwikkelingssamenwerking van de EU zijn terug te vinden in respectievelijk artikel 21 van het Verdrag betreffende de Europese Unie en artikel 208 van het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie.

De financieringsinstrumenten van de EU om het buitenlandse optreden te financieren, hebben de laatste jaren een rationaliseringsproces ondergaan. Voor de periode 2014-2020 komt de belangrijkste financiering voor ontwikkelingssamenwerking van het Financieringsinstrument voor ontwikkelingssamenwerking (DCI) en het Europees nabuurschapsinstrument (ENI) naast het Europees Ontwikkelingsfonds (gefinancierd door EU-landen maar niet uit de EU-begroting).