Glossarium van samenvattingen

Help PDF exporteren Deze pagina afdrukken 

Collectieve verdediging

Na de Tweede Wereldoorlog waren het vooral de West-Europese Unie (WEU) en de NAVO die de veiligheid in Europa hebben verzekerd. De verdragen van elk van deze organisaties voorzien in een clausule van collectieve verdediging (artikel V van het Verdrag van Brussel dat de WEU opricht en artikel 5 van het Noord-Atlantische Verdrag) die bepaalt dat de ondertekenende landen verplicht zijn elkaar bij te staan in geval van agressie om zo de veiligheid te herstellen.

In 2000 is de WEU overeengekomen geleidelijk haar capaciteiten en taken over te dragen aan het gemeenschappelijk veiligheids- en defensiebeleid (GVDB). Zij hield in juni 2011 ten slotte op te bestaan.

Het Verdrag van Lissabon integreert eveneens in de Europese regels die van toepassing zijn op het GVDB een clausule van collectieve verdediging (artikel 41, lid 7, van het Verdrag betreffende de Europese Unie). Wanneer een EU-land wordt aangevallen op zijn grondgebied, moeten de andere EU-landen te hulp schieten en met alle mogelijke middelen bijstand bieden. Deze verplichtingen komen overeen met de verplichtingen die de EU-landen hebben als lid van de NAVO.