Help Print this page 

Summaries of EU Legislation

Title and reference
Montage van banden van motorvoertuigen

Summaries of EU legislation: direct access to the main summaries page.
Multilingual display
Text

Montage van banden van motorvoertuigen

 

SAMENVATTING VAN:

Verordening (EU) nr. 458/2011 – typegoedkeuringsvoorschriften voor motorvoertuigen en aanhangwagens daarvan wat de montage van de banden betreft

WAT IS HET DOEL VAN DEZE VERORDENING?

  • Deze verordening definieert de voorschriften die van toepassing zijn op de EG-typegoedkeuring voor de montage van banden op motorvoertuigen van de volgende categorieën.
    • M: motorvoertuigen die zijn ontworpen en gebouwd voor het vervoer van personen met ten minste vier wielen.
    • N: motorvoertuigen die zijn bestemd en gebouwd voor het vervoer van goederen met ten minste vier wielen.
    • O: aanhangwagens.
  • De verordening geeft uitvoering aan Verordening (EG) nr. 661/2009 betreffende de algemene veiligheid van motorvoertuigen.

KERNPUNTEN

Voorschriften met betrekking tot de montage van banden

Overeenkomstig de verordening betreffende de algemene veiligheid van motorvoertuigen worden banden ingedeeld in drie categorieën, te weten C1, C2 en C3.

Alle banden moeten op het voertuig worden gemonteerd en moeten dezelfde structuur hebben, met uitzondering van reservebanden voor tijdelijk gebruik*.

Wielen en velgen moeten vrij kunnen bewegen in de wielkast.

De gemonteerde banden hebben een maximumdraagvermogen en moeten zijn voorzien van een snelheidscategoriesymbool. Deze aspecten moeten verenigbaar zijn met de betreffende voertuigen.

Indien een voertuig voorzien is van een reservewiel, moet dat wiel tot een van de volgende twee categorieën behoren:

  • een standaardreserve-eenheid van dezelfde grootte als de op het voertuig gemonteerde banden;
  • een reserve-eenheid voor tijdelijk gebruik van een type dat geschikt is voor gebruik op het voertuig.

Regels met betrekking tot EG-typegoedkeuring

De fabrikant van het voertuig moet de aanvraag voor EG-typegoedkeuring indienen bij de bevoegde instantie. Deze aanvraag moet bepaalde gegevens bevatten, namelijk:

  • merk en type van het voertuig;
  • aantal assen en wielen;
  • hoofdkenmerken van de banden.

Indien de bevoegde instantie vindt dat het voertuig voldoet aan alle voorschriften die zijn vastgelegd met betrekking tot de montage van banden, verstrekt deze de EG-typegoedkeuring en wijst een typegoedkeuringsnummer toe in overeenstemming met Richtlijn 2007/46/EG.

Verordening (EU) 2015/166 wijzigt Verordening (EU) nr. 458/2011 door deze aan te passen aan de technologische vooruitgang wat betreft het optionele reservewiel voor voertuigen van categorie N1 (d.w.z. voertuigen voor het vervoer van goederen met een maximummassa van niet meer dan 3,5 ton).

VANAF WANNEER IS DE VERORDENING VAN TOEPASSING?

De verordening is sinds 2 juni 2011 van toepassing.

ACHTERGROND

Kijk voor meer informatie op:

* KERNBEGRIPPEN

Reserveband voor tijdelijk gebruik: een band bestemd voor tijdelijk gebruik met een hogere bandenspanning dan geldt voor standaard- of versterkte banden

BELANGRIJKSTE DOCUMENT

Verordening (EU) nr. 458/2011 van de Commissie van 12 mei 2011 betreffende typegoedkeuringsvoorschriften voor motorvoertuigen en aanhangwagens daarvan wat de montage van de banden betreft en tot uitvoering van Verordening (EG) nr. 661/2009 van het Europees Parlement en de Raad betreffende typegoedkeuringsvoorschriften voor de algemene veiligheid van motorvoertuigen, aanhangwagens daarvan en daarvoor bestemde systemen, onderdelen en technische eenheden (PB L 124, 13.5.2011, blz. 11-20)

Achtereenvolgende wijzigingen in Verordening (EU) nr. 458/2011 werden in de basistekst opgenomen. Deze geconsolideerde versie heeft uitsluitend documentaire waarde.

Laatste bijwerking 07.07.2016

Top