Help Print this page 
Title and reference
Nieuwe aanpak voor het voorkomen van fraude

Summaries of EU legislation: direct access to the main summaries page.
Languages and formats available
BG ES CS DA DE ET EL EN FR GA HR IT LV LT HU MT NL PL PT RO SK SL FI SV
HTML html ES html CS html DA html DE html EL html EN html FR html IT html HU html NL html PL html PT html RO html FI html SV
Multilingual display
Text

Nieuwe aanpak voor het voorkomen van fraude

De Europese Commissie stelt een nieuwe aanpak voor om fraude ten nadele van de communautaire begroting te voorkomen, die gebaseerd zal zijn op de onderzoeks- en inlichtingenactiviteiten van het Europees Bureau voor fraudebestrijding.

MAATREGEL

Mededeling van de Commissie aan de Raad, het Europees Parlement en de Europese Rekenkamer van 17 december 2007 - Fraude voorkomen door voort te bouwen op operationele resultaten: een dynamisch fraudebestendigheidsbeleid [COM(2007) 806 definitief - niet in het Publicatieblad verschenen].

SAMENVATTING

Deze mededeling betreft een nieuwe aanpak voor het voorkomen van fraude ten nadele van de communautaire begroting, die gebaseerd zal zijn op de onderzoeks- en inlichtingenactiviteiten van het Europees Bureau voor fraudebestrijding (OLAF).

De nieuwe methode vervangt de methode die in 2001 is vastgesteld in de mededeling van de Commissie over fraudebestendigheid van wetgeving en contractbeheer. De oude aanpak, die gebaseerd was op een procedure van voorafgaande raadpleging van OLAF, zal evenwel in gebruik blijven voor wetgevingsvoorstellen die volgens de diensten van de Commissie een hoog risico inhouden. Bovendien blijft ook de aanpak van voorafgaande raadpleging van het DG Begroting voor de goedkeuring en herziening van modelcontracten, zoals bepaald in de mededeling van 2001, van kracht.

De nieuwe methode die hier wordt voorgesteld zal naar verwachting bijdragen tot:

  • een versterking van de impact van onderzoeken naar de preventie van fraude en andere onwettige activiteiten die de financiële belangen van de Europese Unie (EU) schaden;
  • de totstandbrenging van een proactieve informatiestroom die onafhankelijk wordt van de onderlinge raadpleging tussen de diensten;
  • de uitbreiding van de steun van OLAF naar de andere departementen en diensten van de Commissie door gerichte analyses aan te bieden op basis van eigen onderzoeks- en inlichtingenactiviteiten.

Uitvoering

De nieuwe methode is enerzijds gebaseerd op de onderzoeksactiviteiten van OLAF en daarnaast op andere inlichtingenactiviteiten die een beoordeling van de risico's mogelijk maken.

Er zal ook gebruik worden gemaakt van andere informatiebronnen zoals:

  • de resultaten van de controles die worden verricht door de dienst Interne Audit en de interne auditstructuren, die OLAF inlichten wanneer mogelijke systemische onregelmatigheden worden geconstateerd die wellicht een frauderisico inhouden;
  • verslagen van de Europese Rekenkamer die relevante informatie voor de preventie van fraude bevatten, enz.

Het OLAF zal al deze gegevens op geordende en multidisciplinaire wijze analyseren teneinde eventuele zwakke punten in wetgeving, controle- en beheerssystemen en contracten bloot te leggen. Op basis daarvan zal het niet-bindende aanbevelingen formuleren die zullen worden doorgegeven aan de betrokken entiteiten (diensten van de Commissie, organen en instellingen van de EU). Ten slotte moeten de entiteiten het OLAF in kennis stellen van de maatregelen die zij hebben genomen om de gesignaleerde problemen aan te pakken.

Behalve ad-hocaanbevelingen en meer algemene aanbevelingen zal het OLAF ook een compendium met de meest voorkomende fraudepatronen ter beschikking van de diensten van de Commissie stellen.

Het OLAF zal bijzondere aandacht besteden aan structurele of systemische zwakke punten die niet reeds door controle- en auditorganen zijn geanalyseerd of bij andere systematische controles aan het licht zijn gekomen.

Deze nieuwe aanpak is bedoeld als een flexibel instrument waarmee snel op veranderende omstandigheden kan worden ingespeeld. Een evaluatie zal plaatsvinden na een proefperiode van drie jaar.

Laatste wijziging: 13.03.2008

Top