Help Print this page 
Title and reference
Gezinshereniging

Summaries of EU legislation: direct access to the main summaries page.
Languages and formats available
BG ES CS DA DE ET EL EN FR GA HR IT LV LT HU MT NL PL PT RO SK SL FI SV
HTML html ES html CS html DA html DE html EL html EN html FR html IT html HU html NL html PL html PT html RO html FI html SV
Multilingual display
Text

Gezinshereniging

In deze richtlijn worden de voorwaarden vastgesteld voor de uitoefening van het recht op gezinshereniging door onderdanen van niet-EU-landen die legaal op het grondgebied van de EU-landen verblijven.

BESLUIT

Richtlijn 2003/86/EG van de Raad van 22 september 2003 inzake het recht op gezinshereniging.

SAMENVATTING

De richtlijn heeft ten doel gemeenschappelijke regels vast te stellen met betrekking tot het recht op gezinshereniging. Het gaat erom gezinsleden van onderdanen van niet-EU-landen die legaal op het grondgebied van de Europese Unie (EU) verblijven toe te laten zich met hen te verenigen in het EU-land waar zij verblijven. Het is de bedoeling de eenheid van het gezin te behouden en de integratie van onderdanen van derde landen te vergemakkelijken.

De richtlijn is niet van toepassing op Ierland, Denemarken en het Verenigd Koninkrijk. Voorts geeft zij de lidstaten de mogelijkheid eventueel soepeler voorwaarden in hun nationale wetgeving te hanteren.

Voorwaarden

Voor gezinshereniging komen in aanmerking de onderdanen van niet-EU-landen die in een van de EU-landen een verblijfstitel bezitten met een geldigheidsduur van ten minste één jaar en reden hebben om te verwachten dat hen een permanent verblijfsrecht zal worden toegekend.

De richtlijn is daarentegen niet van toepassing op de leden van het gezin van EU-burgers, noch op onderdanen van niet-EU-landen die om erkenning als vluchteling verzoeken en over wier verzoek nog geen definitief besluit is genomen of die een vorm van tijdelijke bescherming genieten.

Voor gezinshereniging komen in aanmerking:

  • de echtgenoot of echtgenote van de gezinshereniger;
  • de minderjarige kinderen van het koppel (met name ongehuwde kinderen die jonger zijn dan de in het betrokken EU-land geldende wettelijke meerderjarigheidsleeftijd) of van een van beiden, indien hij/zij het gezag over de kinderen heeft en deze te zijnen/haren laste komen, met inbegrip van geadopteerde kinderen.

Het staat de EU-landen vrij om onder bepaalde voorwaarden toelating te geven voor de hereniging met:

  • bloedverwanten van de eerste graad in rechtstreekse opgaande lijn (moeder en vader van de buitenlandse onderdaan);
  • meerderjarige ongehuwde kinderen;
  • de ongehuwde levenspartner.

Polygame huwelijken worden niet erkend. Slechts één echtgenoot of echtgenote kan gebruik maken van het recht op gezinshereniging. Evenzo zijn de kinderen van niet- toegelaten echtgenoten uitgesloten van het recht op hereniging, tenzij het hogere belang van deze kinderen gezinshereniging vereist (in overeenstemming met het Verdrag inzake de rechten van het kind van 1989).

De EU-landen kunnen ook eisen dat onderdanen van niet-EU-landen en hun echtgenoot of echtgenote een minimumleeftijd hebben (die in geen geval meer dan 21 jaar mag bedragen) voordat zij hun recht op gezinshereniging kunnen uitoefenen.

Procedure

De EU-landen bepalen of het verzoek om gezinshereniging moet worden ingediend door de buitenlandse onderdaan dan wel door de gezinsleden die zich bij hem/haar willen voegen. Behalve in uitzonderlijke gevallen dient het bij de gezinshereniging betrokken gezinslid zich tijdens de procedure buiten de Europese Unie te bevinden. Het verzoek moet vergezeld gaan van documenten waaruit de gezinsband blijkt en documenten waaruit blijkt dat voldaan is aan de voorwaarden. Het verzoek moet uiterlijk 9 maanden na de datum van indiening worden behandeld.

Van de betrokken persoon kan worden verlangd dat hij/zij beschikt over huisvesting die voldoet aan de algemene normen inzake veiligheid en hygiëne, alsmede over een ziektekostenverzekering en stabiele inkomsten, zodat hij/zij zichzelf en zijn/haar gezinsleden kan onderhouden. Tevens kan van hem/haar worden geëist dat hij/zij voldoet aan de integratievoorwaarden overeenkomstig het nationale recht en dat hij/zij gedurende een bepaalde periode (maximum 2 jaar) in het betrokken EU-land heeft verbleven alvorens de leden van zijn/haar gezin zich bij hem/haar kunnen voegen.

De binnenkomst en het verblijf van een gezinslid kunnen worden geweigerd om redenen van openbare orde, binnenlandse veiligheid en volksgezondheid of in geval van bedrog (schriftvervalsing, schijnhuwelijk, enz.). Een reeds toegekende vergunning kan om dezelfde redenen worden ingetrokken of niet meer vernieuwd.

Personen aan wie een vergunning wordt geweigerd of van wie de vergunning wordt ingetrokken of niet wordt vernieuwd moeten deze beslissing kunnen aanvechten voor het gerecht.

Wat de gezinshereniging van vluchtelingen betreft, mogen de lidstaten geen voorwaarden opleggen met betrekking tot een minimale verblijfsperiode op het grondgebied voordat de gezinsleden zich bij de vluchteling mogen voegen. Daarnaast hoeven zij niet aan bovengenoemde voorwaarden inzake huisvesting, ziektekostenverzekering en inkomsten te voldoen wanneer het verzoek om gezinshereniging binnen een termijn van 3 maanden na de toekenning van de vluchtelingenstatus wordt ingediend.

Rechten van de gezinsleden

De gezinsleden van de buitenlandse onderdaan hebben recht op een verblijfstitel met dezelfde duur als die van de persoon met wie zij verenigd worden en hebben onder dezelfde voorwaarden als hij/zij recht op toegang tot onderwijs, arbeid en beroepsopleiding.

Uiterlijk na 5 jaar verblijf hebben de echtgenoot/echtgenote of de ongehuwde partner en meerderjarig geworden kinderen recht op een zelfstandige verblijfstitel.

De voorwaarden voor de verlening en de duur van de zelfstandige verblijfstitel worden in het nationale recht vastgesteld. De EU-landen kunnen de verlening van de zelfstandige verblijfstitel voor echtgenoten of ongehuwde partners alleen beperken indien de gezinsband verbroken is.

REFERENTIES

Besluit

Datum van inwerkingtreding

Uiterste datum voor omzetting in de lidstaten

Publicatieblad

Richtlijn 2003/86/EG

3.10.2003

3.10.2005

PB L 251 van 3.10.2003

GERELATEERDE BESLUITEN

Verslag van de Commissie aan de Raad en het Europees Parlement van 8 oktober 2008 betreffende de toepassing van richtlijn 2003/86/EG inzake het recht op gezinshereniging ( COM(2008) 610 definitief Niet bekendgemaakt in het Publicatieblad).

Uit dit verslag blijkt dat de richtlijn door vrijwel alle betrokken EU-landen in nationaal recht is omgezet. In bepaalde gevallen werd de richtlijn echter onjuist omgezet of toegepast, met name inzake de versoepeling van de visumregeling, de toekenning van autonome verblijfstitels, de inaanmerkingneming van de prioritaire belangen van kinderen, het recht om beroep aan te tekenen en gunstiger bepalingen voor de gezinshereniging van vluchtelingen.

Over het geheel genomen blijft de harmonisering van de nationale wetgevingen inzake gezinshereniging vrij beperkt. De Commissie is voornemens de omzetting van de richtlijn in nationaal recht verder op te volgen om erop toe te zien dat zij in de EU-landen correct wordt toegepast. Zij publiceerde in 2011 derhalve eengroenboek over gezinshereniging om inzicht te krijgen in de standpunten van belanghebbenden.

Mededeling van de Commissie aan de Raad en het Europees Parlement betreffende richtsnoeren voor de toepassing van Richtlijn 2003/86/EG inzake het recht op gezinshereniging ( COM(2014)210 final - Niet bekendgemaakt in het Publicatieblad).

Deze Mededeling is een vervolg op het verslag uit 2008 over de toepassing van Richtlijn 2003/86/EG en het raadplegingsproces dat tussen 2011 en 2012 door de Commissie werd georganiseerd, die beide problemen aan het licht brachten inzake de omzetting en toepassing van de Richtlijn. Deze richtlijnen verschaffen de lidstaten derhalve richtsnoeren met betrekking tot methoden om de tekst toe te passen.

Laatste wijziging: 11.06.2014

Top