Help Print this page 
Title and reference
De aanpak van bedreigingen door chemicaliën (Verdrag van Stockholm)

Summaries of EU legislation: direct access to the main summaries page.
Multilingual display
Text

De aanpak van bedreigingen door chemicaliën (Verdrag van Stockholm)

Persistente organische verontreinigende stoffen (Persistent organic pollutants - POP's) zijn schadelijk voor de gezondheid van de mens en het milieu. Het Verdrag van Stockholm is gebaseerd op het voorzorgsbeginsel en tracht veilige verwijdering van deze stoffen en vermindering van productie en gebruik ervan te waarborgen.

BESLUIT

Besluit 2006/507/EG van de Raad van 14 oktober 2004 betreffende de sluiting namens de Europese Gemeenschap van het Verdrag van Stockholm inzake persistente organische verontreinigende stoffen

SAMENVATTING

Persistente organische verontreinigende stoffen (Persistent organic pollutants - POP's) zijn schadelijk voor de gezondheid van de mens en het milieu. Het Verdrag van Stockholm is gebaseerd op het voorzorgsbeginsel en tracht veilige verwijdering van deze stoffen en vermindering van productie en gebruik ervan te waarborgen.

WAT DOET DIT BESLUIT?

Hiermee wordt het besluit van de Europese Unie (of de Europese Gemeenschap zoals de Unie op het moment van aanname nog heette) om deel te nemen aan het Verdrag van Stockholm goedgekeurd. In het besluit worden de POP's en regels voor de productie, invoer en uitvoer ervan vastgesteld. Hierin staat de eis dat het publiek, politici en de chemische industrie op de hoogte worden gehouden van de risico's die zij vormen.

BELANGRIJKSTE ELEMENTEN

Definitie

POP's zijn chemische stoffen met bepaalde toxische eigenschappen die ongevoelig zijn voor degradatie. Zij hopen zich op in levende organismen, worden door de lucht, via water en door migrerende diersoorten meegevoerd en accumuleren in ecosystemen op het land en in het water. Vervuiling door POP's is een grensoverschrijdend probleem dat een internationale aanpak vereist.

Toepassingsgebied

Het verdrag beslaat 23 prioritaire POP's die al dan niet opzettelijk geproduceerd worden (bijv. door bronnen als verbrandingsinstallaties).

Dit zijn: aldrin, chloordaan, chloordecon, dichloordifenyltrichloorethaan (DDT), dieldrin, endrin, heptachloor, hexabroombifenyl, hexabroomcyclododecaan, hexabroomdifenylether en heptabroomdifenylether, hexachloorbenzeen (HCB), alfahexachloorcyclohexaan, betahexachloorcyclohexaan, lindaan, mirex, perfluoroctaansulfonzuur, de zouten daarvan en perfluoroctaansulfonylfluoride, polychloordibenzo-p-dioxinen (PCDD), polychloordibenzofuranen (PCDF's), polychloorbifenylen (pcb’s), technische endosulfan en aanverwante isomeren, tetrabroomdifenylether en pentabroomdifenylether, en toxafeen.

Uitvoering

Drie organen leggen het verdrag op nationaal niveau ten uitvoer:

De Conferentie van de partijen: bestaande uit alle ondertekenaars plus, in voorkomend geval, de waarnemers. Zij bepaalt de regels over de tenuitvoerlegging en is verantwoordelijk voor belangrijke beslissingen.

De Toetsingscommissie persistente organische verontreinigende stoffen: bestaande uit deskundigen die voorstellen om nieuwe stoffen in het verdrag op te nemen, onderzoeken.

Het secretariaat: verantwoordelijk voor de administratieve taken.

Partijen moeten plannen ontwikkelen om aan hun verplichtingen krachtens het verdrag te voldoen. Ze wijzen allemaal een nationaal contactpunt aan om het gemakkelijker te maken informatie uit te wisselen.

Productie, gebruik, invoer en uitvoer

Het verdrag voorziet in het beëindigen van de productie, het gebruik, de invoer en uitvoer van verboden POP's.

Het doel is om de onopzettelijke productie en vrijkoming van POP's te beperken, en waar mogelijk, te elimineren. Hiervoor moeten de ondertekenaars actieplannen ontwikkelen en proberen vervangende materialen, producten en processen te gebruiken.

ACHTERGROND

Het verdrag werd in 2001 aangenomen. Het trad in werking in 2004. Het verdrag werd door 179 partijen, waaronder de Europese Unie, ondertekend.

Kijk voor meer informatie op de website van het directoraat-generaal Milieu.

KERNBEGRIPPEN

Voorzorgsbeginsel: een benadering van risicomanagement waarbij, als de mogelijkheid er is dat een bepaald beleid of handeling schade kan veroorzaken aan de bevolking of het milieu en indien er nog geen wetenschappelijke consensus over de kwestie bestaat, het beleid of de actie in kwestie niet mag worden nagestreefd.

REFERENTIES

Besluit

Datum van inwerkingtreding

Uiterste datum voor omzetting in nationaal recht

Publicatieblad van de Europese Unie

Besluit 2006/507/EG

14.10.2004

-

PB L 209 van 31.7.2006, blz. 1-2.

GERELATEERDE BESLUITEN

Verordening (EG) nr. 850/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende persistente organische verontreinigende stoffen en tot wijziging van Richtlijn 79/117/EEG (PB L 158 van 30.4.2004, blz. 7-49)

Besluit 2004/259/EG van de Raad van 19 februari 2004 betreffende de sluiting namens de Europese Gemeenschap van het Protocol inzake persistente organische verontreinigende stoffen bij het Verdrag van 1979 betreffende grensoverschrijdende luchtverontreiniging over lange afstand (PB L 81 van 19.3.2004, blz. 35-36).

Laatste wijziging: 03.04.2015

Top