Help Print this page 
Title and reference
Communautaire visumcode

Summaries of EU legislation: direct access to the main summaries page.
Languages and formats available
BG ES CS DA DE ET EL EN FR GA HR IT LV LT HU MT NL PL PT RO SK SL FI SV
HTML html ES html CS html DA html DE html EL html EN html FR html IT html HU html NL html PL html PT html RO html FI html SV
Multilingual display
Text

Communautaire visumcode

Deze verordening stelt de procedures en voorwaarden vast voor de uitreiking van visa voor korte verblijven en doorreizen over het grondgebied van de EU-landen. In deze verordening wordt tevens de lijst vastgesteld van niet-EU-landen waarvan de onderdanen in het bezit dienen te zijn van een luchthaventransitvisum voor doorreis via de internationale transitzones van EU-luchthavens, evenals de procedures en voorwaarden voor de afgifte van dergelijke visa.

BESLUIT

Verordening (EG) nr. 810/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 tot vaststelling van een gemeenschappelijke visumcode (Visumcode).

SAMENVATTING

Deze verordening wil de voorwaarden en procedures vastleggen voor visa voor korte verblijven (van ten hoogste 90 dagen binnen een periode van 180 dagen) in en doorreizen over het grondgebied van de landen van de Europese Unie (EU) en de geassocieerde landen die de Schengenovereenkomst volledig toepassen. Ze is van toepassing op onderdanen van niet-EU-landen die in het bezit dienen te zijn van een visum bij het overschrijden van de buitengrenzen van de EU op grond van Verordening (EC) nr. 539/2001.

Daarnaast wordt in de verordening de lijst vastgesteld van niet-EU- landen waarvan de onderdanen in het bezit dienen te zijn van een luchthaventransitvisum voor doorreis via de internationale transitzones van EU-luchthavens (Bijlage IV). In urgente gevallen van massale toestroom van illegale immigranten kunnen individuele EU-landen deze vereiste uitbreiden tot onderdanen van andere niet-EU-landen.

Procedures en voorwaarden voor de afgifte van visa

Het EU-land op het grondgebied waarvan de enige of de hoofdbestemming van het bezoek gelegen is, is verantwoordelijk voor het onderzoeken van de visumaanvraag. Als de hoofdbestemming niet kan worden vastgesteld, is het land van binnenkomst in de EU bevoegd. Bij een doorreis is de lidstaat over wiens grondgebied de doorreis plaatsvindt, verantwoordelijk; bij een doorreis door meerdere lidstaten is dat het land van de eerste doorreis. Over het algemeen moet de visumaanvraag ingediend worden bij het consulaat van het desbetreffende EU-land.

EU-landen kunnen bilaterale overeenkomsten afsluiten om elkaar te vertegenwoordigen voor het ontvangen van visumaanvragen of het afgeven van visa. Ze kunnen ook samenwerken via co-locatie of een gemeenschappelijk aanvraagcentrum.

Een visumaanvraag mag ten hoogste 3 maanden voor het begin van het voorgenomen bezoek ingediend worden door de aanvrager of een erkende commerciële bemiddelaar. Bij het indienen van een aanvraag dient de aanvrager in persoon te verschijnen, tenzij er vrijstelling werd verleend van deze verplichting. Bij het indienen van een aanvraag moet het volgende worden voorgelegd:

  • een aanvraagformulier als bedoeld in Bijlage I;
  • een geldig reisdocument;
  • een foto;
  • ondersteunde documenten als bepaald in Bijlage II, evenals bewijs van garantstelling en/of huisvesting, indien dit door EU-land wordt gevraagd;
  • bewijs van het bezit van een medische reisverzekering, indien van toepassing.

Afgezien van bepaalde uitzonderingen dient de aanvrager toe te staan dat zijn/haar vingerafdrukken worden afgenomen en moet hij/zij een bedrag aan visumleges betalen. In individuele gevallen kan het te betalen bedrag aan visumleges worden kwijtgescholden of verminderd, bijvoorbeeld omwille van redenen op het gebied van cultuur, buitenlands beleid en ontwikkelingsbeleid. Door een externe dienstverlener (bijv. een reisbureau) kunnen aanvullende dienstverleningskosten worden geheven.

Na het onderzoeken van de ontvankelijkheid van de aanvraag moet de bevoegde autoriteit een aanvraagbestand creëren in het Visuminformatiesysteem (VIS) in overeenstemming met de procedures die bepaald werden in de VIS-verordening. Dit onderwerpt de aanvraag aan een bijkomend onderzoek om te controleren of de aanvrager aan de voorwaarden voor binnenkomst voldoet als omschreven in de Schengengrenscode, geen risico van illegale immigratie of een risico voor de veiligheid van de lidstaten vertegenwoordigt en het voornemen heeft het grondgebied van het EU-land te verlaten vóór de geldigheidsduur van het visum verstrijkt.

Over ontvankelijke aanvragen moet binnen 15 kalenderdagen na de datum van indiening een beslissing worden genomen. In uitzonderlijke gevallen kan deze termijn worden verlengd. Daarbij wordt beslist om een eenvormig visum (geldig voor het hele gebied dat onder de Schengenovereenkomst valt) of een visum met territoriaal beperkte geldigheid af te geven of te weigeren. Wanneer een EU-land een ander land representeert, kan dit land besluiten om de behandeling van de aanvraag af te breken en over te dragen aan de bevoegde autoriteiten van deze lidstaat.

Een eenvormig visum kan worden afgegeven voor 1, 2 of meer binnenkomsten. De geldigheidsduur is niet langer dan 5 jaar. Voor een doorreisvisum (met inbegrip van een luchthaventransitvisum) komt de duur van het toegestane verblijf overeen met de tijd die voor de doorreis is vereist. Gewoonlijk wordt er een extra marge van 15 dagen voorzien. In sommige gevallen kan de geldigheidsduur van een visum worden verlengd. Onder bepaalde omstandigheden kan een visum ook worden nietig verklaard of ingetrokken.

Een eenvormig visum of een visum met territoriale geldigheid kent de visumhouder niet automatisch een recht op binnenkomst toe.

Een visum wordt geweigerd, als de aanvrager:

  • een vals reisdocument heeft overgelegd;
  • het doel en de omstandigheden van het voorgenomen verblijf niet heeft aangetoond;
  • niet heeft aangetoond over voldoende middelen van bestaan te beschikken, zowel voor de duur van het voorgenomen verblijf als voor zijn/haar terugreis naar zijn/haar land van herkomst of verblijf;
  • in de lopende periode van 6 maanden reeds 3 maanden op het grondgebied van de lidstaten heeft verbleven;
  • ter fine van weigering van toegang in het Schengen Information System (SIS) gesignaleerd staat;
  • beschouwd wordt als een bedreiging van de openbare orde, de binnenlandse veiligheid of de volksgezondheid van één van de lidstaten;
  • in voorkomend geval, niet heeft aangetoond te beschikken over een medische reisverzekering;
  • indien er redelijke twijfel bestaat over de echtheid van de door de aanvrager overgelegde bewijsstukken of de betrouwbaarheid van zijn/haar verklaringen.

De beslissing tot afwijzing, nietigverklaring of intrekking van een visum moet aan de aanvrager kenbaar worden gemaakt door middel van het standaardformulier van Bijlage VI. Tegen een dergelijke beslissing kan beroep aangetekend worden in EU-land die de beslissing nam, in overeenstemming met de nationale wetgeving.

In uitzonderlijke gevallen kan een visumaanvraag worden ingediend bij de autoriteit die verantwoordelijk is voor personencontroles aan de buitengrens van het EU-land van bestemming. Een aan een grensdoorlaatpost afgegeven visum kan de houder het recht geven op een verblijf van ten hoogste 15 dagen of voor de tijd die voor een doorreis vereist is.

Toepassing

Deze verordening wijzigt de VIS-verordening en de Schengengrenscode. Verder trekt ze de artikelen 9-17 van de Overeenkomst ter uitvoering van het Akkoord van Schengen en de Gemeenschappelijke Visuminstructies in.

De verordening is van toepassing vanaf 5 april 2010. Artikel 32, leden 2 en 3, artikel 34, leden 6 en 7, en artikel 35, lid 7, zijn van toepassing vanaf 5 april 2011.

REFERENTIES

Besluit

Inwerkingtreding

Uiterste datum voor omzetting in de lidstaten

Publicatieblad

Verordening (EG) nr. 810/2009

5.10.2009

-

PB L 243 van 15.9.2009

GERELATEERDE BESLUITEN

Mededeling van de Europese Commissie aan het Europees Parlement en de Raad: Een slimmer visumbeleid voor economische groei ( COM(2014)165 final van 1.4.2014 - Niet gepubliceerd in het Publicatieblad).

Dit verslag heeft onderzocht in welke mate de oorspronkelijke algemene doelstelling van de visumcode ter vergemakkelijking van legitiem reizen en ter garantie van gelijke behandeling in vergelijkbare gevallen is behaald, zonder specifiek de effectiviteit wat betreft haar bijdrage aan de economische groei te beoordelen.

De conclusies van het verslag zijn gericht in het voorstel van de Commissie tot wijziging van de visacode (zie hieronder).

Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de visumcode van de Unie (Visumcode) ( COM(2014)164 final van 1.4.2014 - niet verschenen in het Publicatieblad).

30.06.2014

Top