Help Print this page 
Title and reference
Monetaire wetgeving in de eurozone - de overgang naar de euro in de praktijk

Summaries of EU legislation: direct access to the main summaries page.
Multilingual display
Text

Monetaire wetgeving in de eurozone - de overgang naar de euro in de praktijk

Een land van de Europese Unie (EU) dat voldoet aan de strikte criteria om de euro in te voeren, moet duidelijke regels volgen bij de omschakeling van de nationale munteenheid naar de euro. Als dit is gebeurd, moet het EU-land de begrotingsdiscipline aan de dag leggen die wordt vereist in een onlangs goedgekeurd verdrag dat goed bestuur van de eurozone moet waarborgen.

BESLUIT

Verordening (EG) nr. 974/98 van de Raad van 3 mei 1998 over de invoering van de euro

SAMENVATTING

Een land van de Europese Unie (EU) dat voldoet aan de strikte criteria om de euro in te voeren, moet duidelijke regels volgen bij de omschakeling van de nationale munteenheid naar de euro. Als dit is gebeurd, moet het EU-land de begrotingsdiscipline aan de dag leggen die wordt vereist in een onlangs goedgekeurd verdrag dat goed bestuur van de eurozone moet waarborgen.

WAT DOET DEZE VERORDENING?

In deze verordening zijn de monetaire wetsbepalingen van EU-landen die de euro als enige munteenheid hebben ingevoerd, vastgelegd en staan de verschillende stappen die leiden tot de invoering van de euro.

KERNPUNTEN

Er is een overgangsperiode van maximaal drie jaar toegestaan tussen de datum waarop een land de euro invoert en de datum waarop eurobankbiljetten en -munten in omloop worden gebracht. In de praktijk zijn deze data nu dezelfde als Litouwen, die de euro op 1 januari 2015 invoerde, heeft aangetoond.

Er is voorzien in een afbouwperiode van maximaal een jaar voor de landen die de overgangsregelingen niet ten uitvoer leggen. Gedurende deze periode kunnen zowel de euro als de nationale munteenheid worden gebruikt voordat laatstgenoemde geleidelijk uit de circulatie wordt gehaald.

Nationale centrale banken van landen die de euro hebben ingevoerd, alsmede de Europese Centrale Bank, zijn de enige instellingen die bevoegd zijn om de eurobankbiljetten en -munten in omloop te brengen.

Eurolanden zijn verantwoordelijk voor de bestrijding van pogingen tot vervalsing van de bankbiljetten en munten.

Om het economisch kader van de eurozone te versterken, hebben EU-landen het Verdrag inzake stabiliteit, coördinatie en bestuur aangenomen. Dit verdrag trad op 1 januari 2013 in werking. De regels van dit verdrag hebben tot doel:

begrotingsdiscipline door een begrotingspact te stimuleren (bijvoorbeeld nationale begrotingen in balans houden of een nationaal begrotingsoverschot handhaven);

de coördinatie van het nationaal economisch beleid te versterken;

bestuur van de eurozone te verbeteren.

De Europese Unie heeft tevens een jaarlijkse cyclus van coördinatie van het economisch beleid ingesteld. Deze cyclus staat bekend als het „Europees semester”. Hierin voert de Commissie een gedetailleerde analyse uit van nationale hervormingsplannen op begrotings-, macro-economisch en structureel gebied. Vervolgens geeft de Commissie ieder EU-land gedetailleerde aanbevelingen voor de komende 12 tot 18 maanden.

Zie voor meer informatie de website over de euro van de Europese Commissie.

REFERENTIES

Besluit

Datum van inwerkingtreding

Uiterste datum voor omzetting in nationaal recht

Publicatieblad van de Europese Unie

Verordening (EG) nr. 974/98

1.1.1999

-

PB L 139 van 11.5.1998, blz. 1-5

Wijzigingsbesluiten

Datum van inwerkingtreding

Uiterste datum voor omzetting in nationaal recht

Publicatieblad van de Europese Unie

Verordening (EG) nr. 2596/2000

1.1.2001

-

PB L 300 van 29.11.2000, blz. 2-3

Verordening (EG) nr. 2169/2005

18.1.2006

-

PB L 346 van 29.12.2005, blz. 1-5

Verordening (EG) nr. 1647/2006

1.1.2007

-

PB L 309 van 9.11.2006, blz. 2-3

Verordening (EG) nr. 835/2007

1.1.2008

-

PB L 186 van 18.7.2007, blz. 1-2

Verordening (EG) nr. 836/2007

1.1.2008

-

PB L 186 van 18.7.2007, blz. 3-4

Verordening (EG) nr. 693/2008

1.1.2009

-

PB L 195 van 24.7.2008, blz. 1-2

Verordening (EU) nr. 670/2010

1.1.2011

-

PB L 196 van 27.8.2010, blz. 1-3

Verordening (EU) nr. 827/2014

1.1.2015

-

PB L 228 van 31.7.2014, blz. 3-4

Laatste bijwerking 14.09.2015

Top