Help Print this page 

Summaries of EU Legislation

Title and reference
Motorvoertuigen - groepsvrijstelling van EU-mededingingsrecht

Summaries of EU legislation: direct access to the main summaries page.
Languages and formats available
Multilingual display
Text

Motorvoertuigen - groepsvrijstelling van EU-mededingingsrecht

SAMENVATTING VAN:

Verordening (EU) nr. 461/2010 - toepassing van artikel 101, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op groepen verticale overeenkomsten en onderling afgestemde feitelijke gedragingen in de motorvoertuigensector

SAMENVATTING

WAT DOET DEZE VERORDENING?

Artikel 101, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) kent een vrijstelling toe voor verticale overeenkomsten* die voldoende baten opleveren om op te wegen tegen de mededingingsverstorende gevolgen. Verordening (EU) nr. 461/2010 biedt de motorvoertuigensector een specifieke groepsvrijstelling voor verticale overeenkomsten betreffende de aankoop, verkoop of wederverkoop van nieuwe motorvoertuigen en voor verticale overeenkomsten betreffende de verrichting van herstellings- en onderhoudsdiensten voor deze voertuigen en de distributie van reserveonderdelen.

Verticale overeenkomsten betreffende de aankoop, verkoop of wederverkoop van nieuwe motorvoertuigen

Verordening (EU) nr. 461/2010 past Verordening (EU) nr. 330/2010 toe op verticale overeenkomsten betreffende de aankoop, verkoop of wederverkoop van nieuwe motorvoertuigen.

Verticale overeenkomsten betreffende de vervolgmarkt voor motorvoertuigen

Verordening (EU) nr. 461/2010 past Verordening (EU) nr. 330/2010 eveneens toe op verticale overeenkomsten betreffende de voorwaarden voor de aankoop, verkoop of wederverkoop van reserveonderdelen voor motorvoertuigen, of voor de verrichting van herstellings- en onderhoudsdiensten voor motorvoertuigen, zolang deze aan de vrijstellingsvoorwaarden onder Verordening (EU) nr. 330/2010 voldoen en geen van de volgende hardcore beperkingen bevatten, die in Verordening (EU) nr. 461/2010 beschreven worden:

  • beperking van de verkoop van reserveonderdelen voor motorvoertuigen door leden van een selectief distributiestelsel;
  • tussen een leverancier van reserveonderdelen of herstellingsgereedschap en een fabrikant van motorvoertuigen overeengekomen beperking van de mogelijkheid van de leverancier, deze goederen aan erkende of onafhankelijke distributeurs, herstellers of eindgebruikers te verkopen;
  • tussen een fabrikant van motorvoertuigen die onderdelen gebruikt voor de aanvankelijke assemblage van motorvoertuigen, en de leverancier van die onderdelen overeengekomen beperking van de mogelijkheid van de leverancier, zijn merk of logo op de geleverde onderdelen aan te brengen.

Wanneer naast elkaar bestaande netwerken van gelijksoortige verticale beperkingen meer dan 50 % van een relevante markt bestrijken, kan de Europese Commissie overeenkomstig Verordening nr. 19/65/EEG beslissen dat onderhavige verordening niet van toepassing is op verticale overeenkomsten die bepaalde beperkingen bevatten, die op die markt betrekking hebben.

VANAF WANNEER IS DE VERORDENING VAN TOEPASSING?

De verordening is op 1 juni 2010 in werking getreden en is geldig tot 31 mei 2023.

ACHTERGROND

Mededinging: motorvoertuigen - wetgeving

KERNBEGRIPPEN

* Verticale overeenkomst: een overeenkomst of onderling afgestemde feitelijke gedraging tussen twee of meer ondernemingen die elk in een verschillend stadium van de productie- of distributieketen werkzaam zijn, en die betrekking heeft op de voorwaarden waaronder de partijen bepaalde goederen of diensten kunnen kopen, verkopen of wederverkopen.

BESLUIT

Verordening (EU) nr. 461/2010 van de Commissie van 27 mei 2010 betreffende de toepassing van artikel 101, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op groepen verticale overeenkomsten en onderling afgestemde feitelijke gedragingen in de motorvoertuigensector (PB L 129, 28.5.2010, blz. 52–57)

GERELATEERDE BESLUITEN

Verordening nr. 19/65/EEG van de Raad van 2 maart 1965 betreffende de toepassingen van artikel 85, lid 3, van het Verdrag op groepen van overeenkomsten en onderling afgestemde feitelijke gedragingen (PB 36, 6.3.1965, blz. 533–535). Achtereenvolgende wijzigingen van Verordening nr. 19/65/EEG zijn opgenomen in de orginele tekst. Deze geconsolideerde versie is alleen van documentaire waarde.

Verordening (EU) nr. 330/2010 van de Commissie van 20 april 2010 betreffende de toepassing van artikel 101, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op groepen verticale overeenkomsten en onderling afgestemde feitelijke gedragingen (PB L 102, 23.4.2010, blz. 1–7)

Laatste bijwerking 04.01.2016

Top