Help Print this page 
Title and reference
Blootstelling aan kunstmatige optische straling

Summaries of EU legislation: direct access to the main summaries page.
Multilingual display
Text

Blootstelling aan kunstmatige optische straling

De Europese Unie (EU) stelt geharmoniseerde minimumvoorschriften vast voor de bescherming van werknemers tegen de risico's van blootstelling aan kunstmatige optische straling (bijv. UVA, laser, enz.).

BESLUIT

Richtlijn 2006/25/EG van het Europees Parlement en de Raad van 5 april 2006 betreffende de minimumvoorschriften inzake gezondheid en veiligheid met betrekking tot de blootstelling van werknemers aan risico's van fysische agentia (kunstmatige optische straling) (19de bijzondere richtlijn in de zin van artikel 16, lid 1, van Richtlijn 89/391/EEG.

SAMENVATTING

Deze richtlijn maakt onderdeel uit van een pakket van vier richtlijnen met betrekking tot de blootstelling van werknemers aan risico's van fysische agentia: geluid, trillingen, elektromagnetische velden en optische straling.

Dit is een richtlijn onder Kaderrichtlijn 89/391/EEG betreffende de tenuitvoerlegging van maatregelen ter bevordering van de verbetering van de veiligheid en de gezondheid van de werknemers op het werk.

Risico's van optische straling en toepassingsgebied

De blootstelling van werknemers aan kunstmatige optische straling , laser , laserstraling en niet-coherente straling kan chronische schade veroorzaken aan ogen en huid.

Door deze richtlijn wordt het niveau van blootstelling aan deze straling verminderd, ten eerste door reeds bij het ontwerpen van werkplekken voor preventie te zorgen zodat de risico's aan de bron worden bestreden. In de richtlijn worden ook grenswaarden voor blootstelling aan niet-coherente straling en laserstraling vastgesteld (Bijlage 2).

Verplichtingen van de werkgever

  • Beoordeling van het stralingsniveau. Ten eerste beoordeelt en meet de werkgever de niveaus van optische straling waaraan de werknemers worden blootgesteld zodat deze niveaus omlaag kunnen worden gebracht als ze de toepasselijke grenzen overschrijden. De meting gebeurt op basis van de normen van de Internationale Elektrotechnische Commissie (IEC), de Internationale Commissie voor Verlichtingskunde (CIE) en de Europese Commissie voor Normalisatie (CEN) of, in beoordelingssituaties die niet onder deze normen vallen, met behulp van de beschikbare nationale of internationale richtsnoeren met een wetenschappelijke grondslag.
  • Vermindering van risico's. Ten tweede moet de werkgever het stralingsniveau omlaag brengen als uit de uitgevoerde beoordeling blijkt dat de blootstellingsgrenswaarden worden overschreden, bijvoorbeeld door een ander materiaal te kiezen of de duur van de blootstelling te beperken.
  • Voorlichting en opleiding van de werknemers. Werknemers en/of hun vertegenwoordigers ontvangen alle noodzakelijke voorlichting en opleiding, bijvoorbeeld in het gebruik van beschermingsmiddelen.
  • Raadpleging en deelneming van de werknemers. Werkgevers moeten werknemers of hun vertegenwoordigers vooraf raadplegen met betrekking tot de bescherming van de veiligheid en gezondheid van werknemers. Zij mogen maatregelen voorstellen om deze bescherming te verbeteren en zelfs de hulp van de bevoegde autoriteiten inroepen als zij van mening zijn dat de door de werkgever geboden bescherming van de gezondheid niet toereikend is (in overeenstemming met Kaderrichtlijn 89/391/EEG.

Gezondheidstoezicht

Op de gezondheid van werknemers wordt toezicht uitgeoefend door een arts. Er is een vergelijkbaar toezicht op alle risico's die voortvloeien uit de blootstelling aan optische straling, overeenkomstig de van toepassing zijnde nationale wetgeving.

Er worden voor iedere werknemer medische dossiers bijgehouden, die na iedere medische controle worden bijgewerkt. Werknemers kunnen op verzoek toegang krijgen tot hun eigen persoonlijke medische dossier.

Schadelijke effecten en/of overschrijden van de grenswaarden

Ingeval er een blootstelling boven de grenswaarden wordt vastgesteld, krijgen de betrokken werknemers automatisch een medisch onderzoek aangeboden. Wanneer de grenswaarden zijn overschreden en/of er bij de werknemers schadelijke gevolgen voor de gezondheid zijn vastgesteld:

  • wordt de werknemer door de arts of een andere gekwalificeerde persoon geïnformeerd over het resultaat dat hem persoonlijk betreft en eventuele significante bevindingen;
  • bekijkt de werkgever de risicobeoordeling en de genomen maatregelen opnieuw, voert hij de maatregelen uit die door de bevoegde personen worden aanbevolen en voorziet hij in een voortgezet gezondheidstoezicht.

Sancties

De lidstaten voorzien in adequate sancties als er inbreuk wordt gepleegd op de nationale bepalingen die krachtens de richtlijn worden aangenomen.

Verslagen

Elke vijf jaar dienen de lidstaten een verslag in bij de Commissie over de praktische tenuitvoerlegging van deze richtlijn, met inbegrip van de standpunten van de sociale partners.

De Commissie informeert het Europees Parlement, de Raad en het Europees Economisch en Sociaal Comité (EESC), alsmede het Raadgevend Comité voor veiligheid en gezondheid op de arbeidsplaats iedere vijf jaar over haar beoordeling van deze verslagen.

REFERENTIES

Besluit

Datum van inwerkingtreding

Uiterste datum voor omzetting in nationaal recht

Publicatieblad van de Europese Unie

Richtlijn 2006/25/EG

27.4.2006

27.4.2010

PB L 114 van 27.4.2006

Wijzigingsbesluit(en)

Inwerkingtreding

Uiterste datum voor omzetting in nationaal recht

Publicatieblad van de Europese Unie

Richtlijn 2013/64/EU

1.1.2014

Afhankelijk van de bepalingen,1.1.2014, 30.6.2014 of31.12.2014

PB L 353 van 28.12.2013

Laatste wijziging: 17.06.2014

Top