Help Print this page 
Title and reference
Mededeling van de Commissie aan de Raad en het Europees Parlement - De communautaire programma’s Douane 2013 en Fiscalis 2013 {SEC(2005) 423}

/* COM/2005/0111 def. */
Multilingual display
Text

52005DC0111

Mededeling van de Commissie aan de Raad en het Europees Parlement - De communautaire programma’s Douane 2013 en Fiscalis 2013 {SEC(2005) 423} /* COM/2005/0111 def. */


[pic] | COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN |

Brussel, 6.4.2005

COM(2005) 111 definitief

MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN DE RAAD EN HET EUROPEES PARLEMENT

De communautaire programma’s Douane 2013 en Fiscalis 2013

{SEC(2005) 423}

INHOUDSOPGAVE

1. Achtergrond 4

1.1. Douane 4

1.2. Indirecte belastingen 4

1.2.1. BTW 4

1.2.2. Accijnzen 5

1.3. Directe belastingen 5

1.4. Financiële vooruitzichten 5

2. Huidige programma’s 5

2.1. De ruggengraat van de Trans-Europese geautomatiseerde netwerken 6

2.2. Trans-Europese geautomatiseerde netwerken voor douane 6

2.3. Trans-Europese geautomatiseerde netwerken voor belastingen 6

2.4. Gezamenlijke acties 6

3. Beleidsuitdagingen voor de vervolgprogramma’s 7

3.1. Douane 7

3.2. Belastingen 8

4. Uitdagingen voor de vervolgprogramma’s op het gebied van tenuitvoerlegging 9

4.1. Trans-Europese geautomatiseerde netwerken 9

4.2. Het strategische belang van de Trans-Europese geautomatiseerde netwerken 9

4.3. Gezamenlijke acties 9

4.4. Gemeenschappelijke opleidingsmiddelen 10

4.5. Kandidaat-lidstaten, landen van de westelijke Balkan, landen van het Europese nabuurschapsbeleid en derde landen 10

5. Begroting 10

6. Conclusie 11

1. ACHTERGROND

De meest in het oog springende wijziging bij de totstandbrenging van de interne markt in 1993 was de afschaffing van de grenscontroles tussen de EU-lidstaten, waardoor er vrij verkeer van goederen en diensten mogelijk werd. De intracommunautaire handel in goederen is tegenwoordig goed voor een bedrag van circa 1 500 miljard euro per jaar en is sinds de opheffing van de binnengrenzen bijna in omvang verdubbeld.

De belasting- en douanediensten spelen een cruciale rol in de Gemeenschap bij de handhaving en de ontwikkeling van de interne markt, de controle van de buitengrenzen en de bescherming van de financiële en andere belangen van de Gemeenschap. De belasting- en douaneprogramma’s zijn hierbij van essentieel belang en zonder deze programma’s zou het handelsverkeer in Europa sterk worden ontregeld, het concurrentievermogen worden aangetast en zouden de veiligheid en de zekerheid van de burger worden bedreigd. Als gevolg van nieuwe uitdagingen en voortdurende veranderingen zijn verruiming en verdieping, met name op het gebied van IT, een onvermijdelijke noodzaak. In deze mededeling wordt een samenhangende strategie uiteengezet om met behulp van de toekomstige belasting- en douaneprogramma’s van de EU deze uitdagingen het hoofd te bieden.

Met deze mededeling over de communautaire programma’s Douane 2013 en Fiscalis 2013, die normaliter zullen lopen over de periode 2007-2013, wordt in afwachting van het resultaat van de tussentijdse evaluaties een voorschot genomen op het voorstel van de Commissie voor de vervolgprogramma’s Douane 2013 en Fiscalis 2013 .

1.1. Douane

De douane van vandaag moet een vlotte afwikkeling van de buitenlandse handel garanderen, maar ook zorgen voor een effectieve controle op de internationale goederenstroom om:

- de veiligheid en de zekerheid van de EU-burgers te verzekeren;

- de legitieme handel te vergemakkelijken en tegelijkertijd de Gemeenschap tegen oneerlijke en illegale handel te beschermen;

- het concurrentievermogen van de Europese bedrijven te versterken via moderne werkmethoden die worden ondersteund door een gemakkelijk toegankelijke elektronische douaneomgeving;

- de financiële belangen van de EU en haar lidstaten te beschermen;

- de buitengrens te beheren[1] in het wederzijdse belang van de Europese Unie en haar buurlanden;

- nationaal en internationaal samen te werken ter bestrijding van de fraude en ter bevordering van de legitieme handel.

1.2. Indirecte belastingen

1.2.1. BTW

Een rechtstreeks gevolg van de afschaffing van de controles aan de binnengrenzen van de Gemeenschap is dat de belastingdiensten gegevens moeten uitwisselen om zich ervan te verzekeren dat belastingplichtigen de BTW correct aangeven. De beginselen van de interne markt, en met name het beginsel van het vrije verkeer van goederen, hebben geleid tot een grotere onderlinge afhankelijkheid van de belastingdiensten, die op twee manieren tot uiting komt. In de eerste plaats zijn de belastingdiensten van elkaar afhankelijk voor de elektronische informatie die via het BTW-informatie-uitwisselingssysteem (VIES) wordt doorgegeven en alle gegevens omvat die zij nodig hebben om zich ervan te verzekeren dat de BTW die is verschuldigd voor de goederen die tussen de lidstaten worden verhandeld, correct wordt aangegeven. Daarnaast moeten de belastingdiensten nauw samenwerken om frauduleuze handelaren snel te kunnen opsporen en tegen hen te kunnen optreden om te voorkomen dat de concurrentie op de interne markt wordt verstoord.

1.2.2. Accijnzen

Het bestemmingslandbeginsel dat in de EU-accijnswetgeving is verankerd, heeft de toepassing van het accijnsstelsel bemoeilijkt en ertoe geleid dat er administratieve regelingen dienden te worden ingesteld om fysiek toezicht uit te oefenen op het verkeer van accijnsgoederen tussen de lidstaten.

1.3. Directe belastingen

Directe belastingen zijn eveneens van invloed op de werking van de gemeenschappelijke markt. In het belastingbeleid moet daarom duidelijk rekening worden gehouden met belangrijke EU-doelstellingen, zoals verdere verdieping en ondersteuning van de werking van de interne markt en bevordering van de groei en de werkgelegenheid maar tegelijkertijd ook bescherming van de belastinggrondslagen tegen schadelijke belastingconcurrentie en belastingfraude, en lastenvermindering voor legitieme ondernemers.

1.4. Financiële vooruitzichten

Door ervoor te zorgen dat de interne markt goed functioneert, zullen het Fiscalis- en het Douane-programma bijdragen aan de bredere doelstelling van duurzame economische groei, die is uiteengezet in de mededeling van de Commissie over de financiële vooruitzichten 2007-2013[2]. In de tweede mededeling van de Commissie[3] over deze vooruitzichten worden het Fiscalis- en het Douane-programma uitdrukkelijk genoemd als een van de praktische maatregelen die moeten worden genomen. Deze programma’s vallen onder subrubriek 1a – Concurrentiekracht ter bevordering van groei en werkgelegenheid.

2. HUIDIGE PROGRAMMA’S[4]

Het Douane 2007-programma[5] strekt ertoe de doeltreffende werking van de interne markt op douanegebied te waarborgen, terwijl het Fiscalis 2003–2007-programma[6] tot doel heeft het functioneren van de belastingstelsels in de interne markt te verbeteren.

De tussentijdse evaluatie van beide programma’s, waarmee begin 2005 een aanvang is gemaakt, en de effectbeoordeling zullen verdere informatie aanreiken waarop de vervolgprogramma’s kunnen voortbouwen. De aanbevelingen zullen worden opgenomen in de voorstellen voor de vervolgprogramma’s, die volgens planning begin 2006 ter goedkeuring zullen worden voorgelegd.

2.1. De ruggengraat van de Trans-Europese geautomatiseerde netwerken

De ruggengraat van de elektronische uitwisseling van gegevens wordt gevormd door het beveiligde netwerk CCN/CSI (gemeenschappelijk communicatienetwerk met gemeenschappelijke systeeminterface) , dat door de belasting- en douanediensten wordt gebruikt en uit hoofde van beide programma's wordt gefinancierd. Via het CCN/CSI worden nationale en communautaire gegevens op uiterst veilige wijze in heel Europa beschikbaar gemaakt. In 2004 heeft het CCN/CSI circa 180 miljoen berichten verwerkt.

De meeste communautaire databanken (EBTI, TQS, ECICS[7]) en enkele nationale gegevensbestanden kunnen via het internetportaal DDS (Data Dissemination System) op de EUROPA-website worden geraadpleegd. In 2004 werden meer dan 34 miljoen zoekopdrachten verricht.

2.2. Trans-Europese geautomatiseerde netwerken voor douane

Op douanegebied zorgt het nieuwe geautomatiseerde systeem voor douanevervoer (NCTS) ervoor dat de aangifte voor douanevervoer wordt verzonden voorafgaand aan en gelijktijdig met het fysieke vervoer. Dit systeem stelt de douane beter in staat een juist toezicht te houden op deze goederenbewegingen en de kosten voor de bedrijven te verminderen. In 2004 werden meer dan 5,5 miljoen internationale douanevervoerverrichtingen geregistreerd. Het gemeenschappelijk douanetarief (Taric) verstrekt dan weer informatie die van wezenlijk belang is voor de juiste en uniforme toepassing van de douanewetgeving op de buitenlandse handel door alle lidstaten. In 2004 werden zo’n 27 miljoen zoekopdrachten verricht.

Met het opzetten van het elektronische douane-initiatief werden de eerste stappen gezet op weg naar een papierloze douaneomgeving.

2.3. Trans-Europese geautomatiseerde netwerken voor belastingen

Het BTW-informatie-uitwisselingssysteem (VIES) verbindt de nationale BTW-databanken. Dit systeem moet er in de eerste plaats voor zorgen dat er tussen de lidstaten informatie kan worden uitgewisseld over vrijgestelde intracommunautaire leveringen van goederen, zodat de belastingdiensten een juist toezicht kunnen uitoefenen op de belasting van goederenleveringen in de interne markt. In 2004 werden via het VIES 80 miljoen berichten uitgewisseld.

De Commissie werkt ook aan het EMCS-project[8] (Excise Movement Control System), dat voorziet in de ontwikkeling van een geautomatiseerd systeem voor de controle op accijnsgoederen die onder schorsing van de accijns worden vervoerd. Ondertussen is een aantal voorlopige systemen opgezet, die constant worden bijgewerkt en verbeterd, waarmee gegevens kunnen worden uitgewisseld over accijnsgoederen, entrepots en handelaren in accijnsgoederen .

2.4. Gezamenlijke acties

Er is een jarenlange ervaring met het organiseren van activiteiten ten behoeve van ambtenaren, die teruggaat tot de voorlopers van de Douane- en Fiscalis-programma’s, die in 1991 werden opgezet.

Deze gezamenlijke acties zijn uiterst nuttig gebleken voor het ontwikkelen en verspreiden van best practices op bestuurlijk gebied, het wekken van vertrouwen en het stimuleren en ontwikkelen van samenwerking tussen nationale overheden.

3. BELEIDSUITDAGINGEN VOOR DE VERVOLGPROGRAMMA’S

3.1. Douane

Een uniforme tenuitvoerlegging van de communautaire douanewetgeving is essentieel om verstoringen op de markt te voorkomen. In het licht van de globalisering van de handel moeten de activiteiten van de douane aansluiten bij het doel het concurrentievermogen van de Europese Unie te handhaven. De douane moet er derhalve voor zorgen dat het handelsverkeer vlot verloopt, maar tegelijkertijd ook de nodige controles verrichten naar de mogelijke risico’s die de buitenlandse handel met zich meebrengt voor de veiligheid, gezondheid, zekerheid en economische belangen van de Unie.

De douane heeft een unieke positie ten aanzien van de nieuwe uitdaging inzake bevoorradingszekerheid. Aangezien zij op alle aspecten van het internationale verkeer toeziet, heeft de douane een overzicht van alle partijen die daarbij betrokken zijn, zowel in de EU als aan haar buitengrens en in derde landen. Nu de lasten van de controles aan de landbuitengrenzen van de Gemeenschap onevenredig zwaar op de nieuwe lidstaten drukken, is het ook belangrijk de mogelijkheid van financiële steun voor gezamenlijk optreden in overweging te nemen, teneinde de consistentie van de controles te verbeteren.

Effectieve controle is slechts mogelijk met gemeenschappelijk risicobeheer. Risicobeheer moet deel gaan uitmaken van alle aspecten van het douanewerk en in de IT-systemen worden geïntegreerd; het moet constant worden gevolgd en verder worden ontwikkeld. Risicobeheer en –profilering kunnen pas effectief zijn als er snel gegevens kunnen worden uitgewisseld tussen douanecontrolepunten en ook met andere instanties.

Om te voorkomen dat de handel ernstig wordt verstoord en de veiligheid van de Gemeenschap in het gedrang komt, zullen verdere inspanningen moeten worden geleverd om ervoor te zorgen dat er effectieve controles worden verricht op ieder punt van het douanegebied van de Gemeenschap. Hiervoor zullen operationele maatregelen moeten worden genomen die specifiek tot doel hebben controlenormen vast te stellen en te bewaken alsook ervoor te zorgen dat de nationale douanediensten over de middelen beschikken om deze doelstellingen te verwezenlijken. Zonder de ontwikkeling en de toepassing van nieuwe werkmethoden, versterkte samenwerking[9] en systematische uitwisseling van gemeenschappelijke methoden - op basis van metingen, monitoring en rapportage - , zal het niet mogelijk zijn het hoofd te bieden aan nieuwe uitdagingen voor de veiligheid en de zekerheid noch te garanderen dat de douanecontroles aan de hoge eisen van effectiviteit voldoen. Maatregelen op dit gebied zullen ook bijdragen aan het inlossen van de verwachtingen van de verschillende belanghebbenden, met name wat betreft de vermindering van de nalevingskosten voor de bedrijven. Het is ook zaak ervoor te zorgen dat de activiteiten op het gebied van douane, zoals gefinancierd uit het programma Douane 2013, en de activiteiten op het gebied van personencontroles aan de buitengrenzen, waaronder die van het agentschap voor het beheer van de buitengrenzen, elkaar aanvullen.

Namaak en piraterij veroorzaken grote economische schade en aangezien de douane de belangrijkste instantie is die zulke goederen onderschept, is het essentieel dat deze praktijken efficiënt worden bestreden. Dit houdt in dat er verbeteringen zullen worden aangebracht aan de desbetreffende risico-indicatoren.

Om uitvoering te geven aan de genoemde prioriteitspunten en de ontwikkeling naar een e-overheid te volgen, dient de douanewetgeving te worden gemoderniseerd en ingrijpend te worden vereenvoudigd. Wetgeving alleen is evenwel ontoereikend – het is ook absoluut noodzakelijk nieuwe geïntegreerde systemen te ontwikkelen of bestaande systemen te hervormen. Alleen met het Douane-programma zal het elektronische douane-initiatief[10] tot volle ontplooiing kunnen komen. Dit initiatief zal het mogelijk maken dat douaneaangiften elektronisch tussen douanekantoren in verschillende lidstaten worden verzonden en ook dat gegevens met bestaande databanken worden uitgewisseld. Dit zal niet alleen het risicobeheer van in- en uitgevoerde goederen verbeteren, maar ook de afwikkeling van douaneformaliteiten wanneer het douanekantoor van binnenkomst of uitgang zich in een andere lidstaat bevindt dan het douanekantoor van invoer of uitvoer.

3.2. Belastingen

De Commissie is van mening dat de hoofdprioriteit van het belastingbeleid erin bestaat een oplossing te zoeken voor de problemen van particulieren en bedrijven die actief zijn op de interne markt, door met name te werken aan de opheffing van fiscale obstakels voor alle vormen van grensoverschrijdende economische bedrijvigheid. Voorts is duidelijk geworden dat ook andere factoren die de werking van de interne markt belemmeren, moeten worden aangepakt, met name schadelijke belastingconcurrentie en belastingfraude.

De rechtsinstrumenten voor samenwerking op het gebied van BTW, accijnzen, directe belastingen en schuldinvorderingen zijn recentelijk allemaal versterkt. Deze rechtsinstrumenten hebben verder bijgedragen aan de consolidering van een goed ontwikkelde en efficiënte structuur voor administratieve samenwerking, die op het Fiscalis-programma steunt. Het vervolgprogramma moet voortbouwen op de activiteiten van de lopende programma’s en streven naar een verbetering van het inzicht in en de tenuitvoerlegging van het Gemeenschapsrecht, verbeterde samenwerking, verdere verbetering van bestuurlijke procedures voor overheidsdiensten en belastingbetalers, verspreiding van goede bestuurlijke praktijken, en fraudebestrijding.

Informatie-uitwisseling tussen overheden speelt een belangrijke rol bij het oplossen van een aantal knelpunten, zoals de belastingheffing van inkomsten uit spaartegoeden. Ook op het gebied van BTW en accijnzen wordt informatie-uitwisseling als een nagenoeg onontbeerlijke eerste stap voor verdere vooruitgang beschouwd. Voorbeelden van deze benadering op het gebied van BTW zijn te vinden in het voorstel van de Commissie[11] om een éénloketsysteem in te voeren voor bedrijven die in meer dan één lidstaat actief zijn, en het voorstel om de plaats van dienstverlening anders vast te stellen. In de toekomst is het steeds waarschijnlijker dat oplossingen voor problemen eerst op IT-gebied zullen worden gezocht.

De steeds grotere behoefte om de transparantie en de effectieve informatie-uitwisseling te verbeteren, is niet beperkt tot de lidstaten of de onmiddellijke buurlanden van de EU. Bij de actieve bevordering van goede praktijken, zoals uiteengezet in de mededeling van de Commissie[12] inzake het voorkomen en bestrijden van financiële wanpraktijken van ondernemingen, zou het Fiscalis-programma ook dienstig kunnen zijn om hervormingen te ondersteunen in de zogenaamde samenwerkende belastingparadijzen en meer in het algemeen de EU-partnerlanden. De lering die is getrokken uit recente fraudegevallen die sterk in de aandacht hebben gestaan, heeft de Commissie ervan overtuigd dat de administratieve samenwerking moet worden verruimd om te voorkomen dat gewetenloze bedrijven de regels manipuleren.

4. UITDAGINGEN VOOR DE TENUITVOERLEGGING VAN DE VERVOLGPROGRAMMA’S

4.1. Trans-Europese geautomatiseerde netwerken

De afgelopen jaren hebben de Trans-Europese geautomatiseerde netwerken een strategische plaats verworven in de operationele activiteiten van de Europese belasting- en douanediensten. Door het enorme succes van het CCN/CSI en de geautomatiseerde belasting- en douanesystemen heeft het gebruik van deze systemen een hoge vlucht genomen, wat een verdubbeling van de capaciteit op jaarbasis heeft vereist. Het verkeer dat wordt gegenereerd door de tien nieuwe lidstaten, is slechts ten dele verantwoordelijk voor deze stijging, aangezien zij hoofdzakelijk het gevolg is van een intensiever gebruik van de systemen met als doel de handel te vergemakkelijken, het leeuwendeel van de grensoverschrijdende transacties te controleren en fraude te bestrijden. Belasting- en douaneambtenaren zullen de systemen in de komende jaren naar verwachting nog intensiever gebruiken.

Door het intensievere gebruik van de systemen zal het CCN-systeem verder moeten worden gemoderniseerd en de beveiligingsvoorzieningen zullen naar verwachting in de zeer nabije toekomst moeten worden herzien en verbeterd.

Ook de geleidelijke ontwikkeling van gecentraliseerde processen en een gecentraliseerd beheer van deze Trans-Europese geautomatiseerde netwerken zal belangrijke en verreikende gevolgen hebben. Behalve tot een grotere efficiency, die zou voortvloeien uit het feit dat er slechts één systeem wordt gebruikt in plaats van de veelheid van nationale systemen die thans bestaan, zou dit tot forse besparingen op nationaal niveau leiden.

4.2. Het strategische belang van de Trans-Europese geautomatiseerde netwerken

Als het Europese geautomatiseerde douanenetwerk onbeschikbaar zou zijn, zou opnieuw gebruik moeten worden gemaakt van het vroegere papieren systeem. Dit zou grote vertragingen in het handelsverkeer veroorzaken, wat voor bedrijven niet meer acceptabel is. De onbeschikbaarheid of het slechte functioneren van deze systemen zouden ook aanzienlijke schade toebrengen aan het bedrijfsleven, omdat douanerechten en -voorschriften niet juist zouden worden toegepast en goederen aan de grenzen zouden worden geblokkeerd, wat al snel tot schadelijke gevolgen voor de handel leidt.

Evenzo zouden de onbeschikbaarheid of het slechte functioneren van het VIES de BTW-controles in het gedrang brengen en de weg vrijmaken voor grootschalige fraude zoals carrouselfraude.

4.3. Gezamenlijke acties

In de Lissabon-strategie wordt benadrukt dat de klemtoon bij de werkzaamheden voor de interne markt verschuift van het wetgevende werk naar de praktische uitvoering van de verschillende maatregelen door de lidstaten op een dagelijkse basis. De gezamenlijke acties waren van in het begin op de praktische uitvoering gericht en zijn een cruciaal instrument geworden van de Commissie en de lidstaten om een unieke samenwerkingscultuur tussen de lidstaten te bevorderen. Er moet voor worden gezorgd dat de lidstaten, gelet op de kennis en de ervaring die zij op talrijke gebieden hebben, actief deelnemen, teneinde de wederzijdse bijstand verder te versterken en de samenwerking uit te breiden tot ambtenaren die niet op de centrale diensten werken.

Teneinde de beschikbare middelen in de Gemeenschap efficiënt in te zetten, zal een reeks mogelijkheden moeten worden onderzocht, waaronder het delen van apparatuur door lidstaten, het uitwisselen van kennis over de inzet en het gebruik van apparatuur, en financiële steun voor de aankoop van apparatuur.

4.4. Gemeenschappelijke opleidingsmiddelen

Gemeenschappelijke opleidingen zijn een essentieel instrument om uniformiteit in de acties van de lidstaten te garanderen. Er moet verder worden gewerkt aan de ontwikkeling van gemeenschappelijke opleidingsmiddelen en verder gebruik worden gemaakt van toepassingen van e-leren. Ook moet het verspreiden van de resultaten van activiteiten nieuw leven worden ingeblazen. Ten slotte moet, met name op het gebied van douane, het op Europees niveau aanbieden van gemeenschappelijke opleidingen op kerngebieden nader in overweging worden genomen.

4.5. Kandidaat-lidstaten, landen van de westelijke Balkan, landen van het Europese nabuurschapsbeleid en derde landen

Zowel Douane 2013 als Fiscalis 2013 zal een externe component omvatten, die wordt gefinancierd via het pretoetredingsinstrument uit hoofde van rubriek 4 van de financiële vooruitzichten 2007-2013. Er zullen specifieke regelingen worden getroffen met de RELEX-directoraten-generaal voor de programmering en de besteding van de middelen in kwestie.

Wat veiligheid betreft, is internationale samenwerking op basis van gemeenschappelijke normen en wederzijdse erkenning van de resultaten van controles de enige manier om de lasten voor legitieme handelaren op efficiënte wijze te verminderen. Een dergelijke samenwerking wordt derhalve een prioritaire taak in een nieuw programma.

De programma’s zullen steun verlenen aan kandidaat-lidstaten en kunnen ook in steun voorzien voor de partnerlanden van het Europese nabuurschapsbeleid en andere derde landen. Op het gebied van douane is het zaak initiatieven te nemen die de werkmethoden van onze buren en handelspartners in overeenstemming brengen met de communautaire wetgeving en die hun bestuurlijke en operationele capaciteit versterken, bijvoorbeeld met betrekking tot de controles op verboden, gevaarlijke of illegale goederen. Op het gebied van belastingen is het zaak deze landen te helpen hun bestuurlijke capaciteit te versterken zodat zij in staat zijn hun medewerking te verlenen aan met name de bestrijding van grensoverschrijdende belastingfraude. De interconnectiviteit met onze geautomatiseerde systemen moet voor de datum van toetreding tot stand worden gebracht wat de belasting- en douanediensten van de kandidaat-lidstaten betreft. De interconnectiviteit met onze systemen kan ook in overweging worden genomen wat de belasting- en douanediensten van ander buurlanden betreft, afhankelijk van de behoeften in ieder specifiek geval.

5. BEGROTING

De voor de programma’s voor een periode van zes jaar voorgestelde middelen worden aanzienlijk verhoogd, namelijk van 157,435 miljoen euro naar 323,8 miljoen euro voor het Douane-programma en van 67,25 miljoen euro naar 175,30 miljoen euro voor het Fiscalis-programma. De verhoging is hoofdzakelijk bestemd voor de ontwikkeling van nieuwe geautomatiseerde systemen ter ondersteuning van de nieuwe ondernemings- en wetgevingsinitiatieven op het gebied van belastingen en douane die in de nabije toekomst worden verwacht.

Op douanegebied wordt een bedrag van 77 miljoen euro begroot voor de werking en de verdere ontwikkeling van de bestaande systemen voor douanevervoer en tarieven[13]. De begroting van Douane 2013 omvat 104,5 miljoen euro, gespreid over een periode van zes jaar, voor de tenuitvoerlegging van het project “e-douane”, dat momenteel wordt opgesteld. Voor systemen die vereist zijn voor het beheer van initiatieven in verband met de veiligheidsaspecten van het douanebeleid, is een bedrag van 38,7 miljoen euro begroot.

In de begroting van het programma Douane 2013 is een bedrag van 46 miljoen euro ingeschreven ter financiering van gezamenlijke acties. De begroting is van 2007 op 2008 verhoogd, omdat wordt verwacht dat het beleid ten aanzien van de buitengrenzen tot een sterke stijging in de activiteiten met niet-EU-landen, met name buurlanden[14] zal leiden. Tot slot is in het Douane-programma een bedrag van 11,4 miljoen euro uitgetrokken, gespreid over een periode van zes jaar, ten behoeve van de ontwikkeling van gemeenschappelijke opleidingsmiddelen ter ondersteuning van de eerder genoemde doelstellingen van het douanebeleid. Met de gemeenschappelijke opleidingsinitiatieven zullen de in het kader van het huidige programma opgezette initiatieven worden voortgezet.

Op belastinggebied wordt 30,3 miljoen euro begroot voor de werking en de verdere ontwikkeling van het VIES-systeem. Vanaf 2009 zal het EMCS-systeem in Fiscalis 2013 worden opgenomen. Het voor EMCS benodigde bedrag wordt geraamd op 19,5 miljoen euro over een periode van zes jaar. Tot slot is een bedrag van 37 miljoen euro begroot ter ondersteuning van nieuwe beleidsinitiatieven op belastinggebied, zoals het VIES II-systeem, het éénloketsysteem voor bedrijven en nieuwe initiatieven voor de uitwisseling van informatie. Voor de gezamenlijke acties op het gebied van belastingen is een bedrag van 39 miljoen euro uitgetrokken. Het Fiscalis-programma zal ook steun verlenen voor de ontwikkeling van gemeenschappelijke opleidingsmiddelen. Dit is een nieuw initiatief dat naar verwachting van start zal gaan bij de aanvang van het nieuwe programma, in combinatie met de nieuwe wetgevingsinitiatieven. Hiervoor is een bedrag van 3,3 miljoen euro begroot.

Tot slot is in beide vervolgprogramma’s een aanzienlijk hoger bedrag voor het CCN-systeem uitgetrokken, namelijk in beide gevallen 46,2 miljoen euro, vergeleken met 18,5 miljoen euro nu. Deze sterke stijging werd begroot ter ondersteuning van de huidige ontwikkeling waarbij de capaciteit elk jaar wordt moet worden verdubbeld. Daarbij komt nog de voortdurende behoefte aan interoperabiliteit en het vereiste niveau van beschikbaarheid van het systeem. De uit het programma gefinancierde IT-systemen moeten immers steeds vaker permanent beschikbaar zijn, dat wil zeggen 24 uur per dag en 7 dagen per week. Om dit niveau te bereiken, moet de begroting exponentieel worden verhoogd, omdat er backup-structuren en daarmee samenhangende diensten moeten worden opgezet.

Op dit ogenblik worden uit het Douane-programma alleen activiteiten die onder de eerste pijler vallen, gefinancierd. Aangezien het onmogelijk is douaneactiviteiten te beperken tot activiteiten onder een specifieke pijler, zou het toekomstige programma moeten voorzien in de mogelijkheid tot medefinanciering uit programma’s van de eerste en de derde pijler.

6. CONCLUSIE

De programma’s Douane 2007 en Fiscalis 2007 verbeteren de samenwerking tussen de belasting- en douanediensten en hun ambtenaren. Zij zorgen ervoor dat er Trans-Europese geautomatiseerde netwerken tot stand worden gebracht zodat de vereiste douanecontroles op de interne markt kunnen worden verricht en goederen en diensten op deze markt kunnen worden belast overeenkomstig de nationale en communautaire fiscale wetgeving. De programma’s vervullen een sleutelrol in de goede werking van de interne markt en het beheer van de EU-buitengrens en dragen op die manier bij aan de verwezenlijking van de doelstellingen van de Commissie voor 2005–2009 en de strategie van Lissabon. Daarom stelt de Commissie voor om twee vervolgprogramma’s, namelijk Fiscalis 2013 en Douane 2013, in de financiële vooruitzichten 2007–2013 op te nemen alsook om het EMCS-project vanaf 2009 uit Fiscalis 2013 te financieren[15].

De voortzetting van de programma’s is van essentieel belang voor het concurrentievermogen van de Europese handel, de inning en de bescherming van de inkomsten van de Gemeenschap, en de zekerheid en de veiligheid van de EU-burgers. Alleen dankzij de door het Douane-programma gesteunde maatregelen is het mogelijk het enorme aantal douaneaangiften te verwerken, aan de vraag om de legitieme handel te vergemakkelijken, te voldoen en de verwachtingen van de betrokkenen inzake de bescherming van hun belangen in te lossen. De communautaire component van de IT-systemen is van cruciaal belang: de verbetering van de controles en de vergemakkelijking van de handel vereisen dat gegevens tussen bedrijven en douanediensten elektronisch kunnen worden uitgewisseld, dat douanekantoren snel informatie kunnen krijgen in hoge-risicogevallen, en dat de hoofdactoren toegang hebben tot de meest recente douane-informatie. De interne markt vereist een gelijke behandeling in de hele Gemeenschap en het Douane-programma helpt in grote mate te voorkomen dat douanediensten de communautaire wetgeving op uiteenlopende wijze zouden toepassen. Zonder het programma zou het voor de douanediensten ook veel moeilijker zijn om effectieve controles te verrichten waarbij de nalevingskosten voor het bedrijfsleven redelijk blijven. De stopzetting van het Douane-programma zou het concurrentievermogen, de veiligheid en de werkgelegenheid in Europa in het gedrang brengen en afbreuk doen aan het beeld van een EU die met één stem spreekt in internationale kwesties.

Als het huidige Fiscalis-programma wordt onderbroken, zou de werking van de interne markt in het gedrang komen, gezien de rol die het programma speelt bij de financiering van het BTW-informatie-uitwisselingssysteem (VIES) en enkele cruciale accijnssystemen. Het VIES-systeem verstrekt de lidstaten momenteel informatie waardoor zij toezicht kunnen uitoefenen op intracommunautaire fiscale transacties in een EU zonder binnengrenzen, en het systeem maakt het tegelijkertijd gemakkelijker voor bedrijven om actief te zijn op de interne markt. Zonder deze elektronische uitwisseling van informatie zouden de lidstaten een andere manier moeten vinden om BTW-controles te verrichten, hetgeen een stap achteruit zou betekenen wat de lasten voor bedrijven betreft. Voorts is het van essentieel belang om de administratieve samenwerking tussen de belastingdiensten te bevorderen en te ontwikkelen, en het Fiscalis-programma is hiervoor de ideale hefboom.

ANNEX 1

Budget of Customs 2007, Fiscalis 2007 and EMCS

The development and maintenance of the Trans-European Computerised Networks for the exchange of information consume the largest part of the budget. The remainder is spent on activities for improving cooperation between officials. After the May 2004 enlargement, the Customs programme budget was increased from €133 million to €165 million and the Fiscalis budget from €44 million to €67 million. EMCS has a total budget of €35 million.

Customs 2007 Programme Budget

2003 | 2004 | 2005 | 2006 | 2007 | Total |

Internal Budget Line |

Joint Actions | 3.180.000 | 6.220.000 | 7.830.000 | 7.890.000 | 7.795.000 | 32.915.000 |

IT Actions | 16.965.000 | 22.230.000 | 27.230.000 | 26.680.000 | 27.160.000 | 120.265.000 |

Total | 24.200.000 | 28.450.000 | 35.060.000 | 34.570.000 | 39.495.000 | 157.235.000 |

External Budget Line |

Total | 1.500.000 | 1.550.000 | 1.700.000 | 1.755.000 | 1.810.000 | 8.315.000 |

Fiscalis 2003 – 2007 Programme Budget

2003 | 2004 | 2005 | 2006 | 2007 | Total |

Joint Actions | 2.750.000 | 4.600.000 | 4.850.000 | 5.850.000 | 6.350.000 | 24.400.000 |

IT Actions | 6.600.000 | 8.350.000 | 9.750.000 | 9.150.000 | 9.000.000 | 42.850.000 |

Total | 9.350.000 | 12.950.000 | 14.600.000 | 15.000.000 | 15.350.000 | 67.250.000 |

EMCS Budget A small amount of the total EMCS budget is used for Joint Action type activities.

2003 | 2004 | 2005 | 2006 | 2007 | 2008 | Total |

Total Budget | 3.000.000 | 5.500.000 | 5.400.000 | 8.300.000 | 7.300.000 | 5.500.000 | 35.000.000 |

ANNEX 2

SIMPLIFIED LEGISLATIVE FINANCIAL STATEMENT

1. NAME OF THE PROPOSAL :

Communication (EC) of the Commission to the European Parliament and the Council on Community programme Customs 2013.

2. ABM / ABB FRAMEWORK

Policy Area(s) concerned and associated Activity/Activities:

1404 Customs Policy

3. BUDGET LINES

1. Budget lines (operational lines and related technical and administrative assistance lines (ex- B..A lines)) including headings :

2. 14040X Customs 2013 programme

3. 1401040X Customs 2013 programme – Expenditure on administrative management

4. The final budgetary structure will be decided at a later stage.

5. Duration of the action and of the financial impact:

6. The period of validity of the legal base runs from 01/01/2008 to 31/12/2013.

7. The payments will continue after 31/12/2013

8. Budgetary characteristics :

Budget line | Type of expenditure | New | EFTA contribution | Contributions from applicant countries | Heading in financial perspective |

14040X | Non-comp | Diff[16] | YES | NO | YES | 1a |

1401040 X | Non-comp | Diff[17] | YES | NO | YES | 1a |

9. 4. SUMMARY OF RESOURCES

10. Financial Resources

11. Summary of commitment appropriations (CA) and payment appropriations (PA)

EUR million (to 3 decimal places)

Total cost | Total cost | Total cost | Total cost | Total cost | Total cost | Total cost |

- Common Training Tools | 1.500 | 1.500 | 1.750 | 2.000 | 2.200 | 2.450 | 11.400 |

- Transit | 7.500 | 7.500 | 7.000 | 7.000 | 6.000 | 6.000 | 41.000 |

- Tariff | 6.000 | 6.000 | 6.000 | 6.000 | 6.000 | 6.000 | 36.000 |

- Security Aspects for Customs (electronic customs) | 5.000 | 6.000 | 6.500 | 7.200 | 7.200 | 6.800 | 38.700 |

- Electronic customs | 12.000 | 15.000 | 18.000 | 18.000 | 20.000 | 21.500 | 104.500 |

TOTAL COST | 46.500 | 51.000 | 54.650 | 55.900 | 57.200 | 58.550 | 323.800 |

23. ANNEX 3

SIMPLIFIED LEGISLATIVE FINANCIAL STATEMENT

24. NAME OF THE PROPOSAL :

Communication (EC) of the Commission to the European Parliament and the Council on the Community Programme Fiscalis 2013.

25. ABM / ABB FRAMEWORK

Policy Area(s) concerned and associated Activity/Activities:

1405 Taxation Policy

26. BUDGET LINES

27. Budget lines (operational lines and related technical and administrative assistance lines (ex- B..A lines)) including headings :

28. 14050X Fiscalis 2013 programme

29. 1401040X Fiscalis 2013 programme – Expenditure on administrative management

30. The final budgetary structure will be decided at a later stage.

31. Duration of the action and of the financial impact:

32. The period of validity of the legal base runs from 01/01/2008 to 31/12/2013.

33. The payments will continue after 31/12/2013

34. Budgetary characteristics ( add rows if necessary ) :

Budget line | Type of expenditure | New | EFTA contribution | Contributions from applicant countries | Heading in financial perspective |

14050X | Non-comp | Diff[24] | YES | NO | YES | 1a |

1401040 X | Non-comp | Diff[25] | YES | NO | YES | 1a |

36. SUMMARY OF RESOURCES

37. Financial Resources

38. Summary of commitment appropriations (CA) and payment appropriations (PA)

EUR million (to 3 decimal places)

50. | |Total cost | |Total cost | |Total cost | |Total cost | |Total cost | |Total cost | |Total cost | |OPERATIONAL OBJECTIVE No.1 [31]……… | | | | | | | | | | | | | | | | Action 1 – Joint Actions | | | | | | | | | | | | | | | | - Joint Actions | |6.500 | |6.500 | |6.500 | |6.500 | |6.500 | |6.500 | |39.000 | | - Common Training Tools | |400 | |450 | |600 | |600 | |600 | |650 | |3.300 | | Action 2 – IT Actions. | | | | | | | | | | | | | | | | - CCN CSI | |7.000 | |7.500 | |7.700 | |8.000 | |8.000 | |8.000 | |46.200 | |- Taxation Systems (VIES) | |5.000 | |5.000 | |5.000 | |5.000 | |5.000 | |5.300 | |30.300 | |- Excise Systems (EMCS) | | | |3.000 | |4.500 | |4.000 | |4.000 | |4.000 | |19.500 | |- New IT Developments | |4.000 | |5.000 | |6.000 | |7.000 | |7.000 | |8.000 | |37.000 | | TOTAL COST | |22.900 | |27.450 | |30.300 | |31.100 | |31.100 | |32.450 | |175.300 | |

[1] COM(2003) 452 en PB C 96 van 21.4.2004, blz. 5 – Eenvoudige en papierloze procedures voor de douanediensten en de marktdeelnemers.

[2] COM(2004) 101 van 10.2.2004 (PB C 98 van 23.4.2004, blz. 6).

[3] COM(2004) 487 van 14.7.2004, blz. 13 (PB C 24 van 29.1.2005, blz. 6).

[4] Zie bijlage 1 voor gegevens over de begroting.

[5] Beschikking nr. 253/2003/EG van 11 februari 2003 (PB L 36 van 12.2.2003, blz. 1).

[6] Beschikking nr. 2235/2002/EG van 3 december 2002 (PB L 34 van 17.12.2002, blz. 1).

[7] EBTI – Europees informatiesysteem betreffende bindende tariefinlichtingen; TQS – beheersysteem voor de bewaking van de naleving van tariefcontingenten; ECICS – Europese douanelijst van chemische stoffen.

[8] Beschikking nr. 1152/2003/EG van 16 juni 2003 (PB L 162 van 1.7.2003, blz. 5).

[9] Met name met het Europees agentschap voor het beheer van de operationele samenwerking aan de buitengrenzen (Verordening (EG) nr. 2007/2004 van de Raad van 25 november 2004).

[10] COM(2003) 452 van 24.7.2003 (PB C 96 van 21.4.2004, blz. 5).

[11] COM(2004) 728 van 29.10.2004 (PB C 24 van 29.1.2005, blz. 9).

[12] COM(2004) 611 van 27.9.2004.

[13] Douanevervoer: 41 miljoen euro – tarieven: 36 miljoen euro.

[14] De deelname van de lidstaten aan deze activiteiten zal worden gefinancierd uit de interne begrotingslijn voor gezamenlijke acties. De deelname van derde landen zal worden gefinancierd uit de externe begrotingslijn.

[15] De vervolgprogramma’s zullen lopen van 1 januari 2008 tot 31 december 2013.

[16] Differentiated appropriations.

[17] Differentiated appropriations.

[18] Expenditure that does not fall under Chapter xx 01 of the Title xx concerned.

[19] Expenditure within article xx 01 04 of Title xx.

[20] The administrative expenditure line anticipates the possible externalisation of activities under the programme. Budgetary figures will only be available after the completion in 2006 of a feasibility study on the topic.

[21] Expenditure within chapter xx 01 other than articles xx 01 04 or xx 01 05.

[22] If more than one method is indicated please provide additional details in the "Relevant comments" section of this point.

[23] As described under Section 5.3.

[24] Differentiated appropriations.

[25] Differentiated appropriations.

[26] Expenditure that does not fall under Chapter xx 01 of the Title xx concerned.

[27] Expenditure within article xx 01 04 of Title xx.

[28] The administrative expenditure line anticipates the possible externalisation of activities under the programme. Budgetary figures will only be available after the completion in 2006 of a feasibility study on the topic.

[29] Expenditure within chapter xx 01 other than articles xx 01 04 or xx 01 05.

[30] If more than one method is indicated please provide additional details in the "Relevant comments" section of this point.

[31] As described under Section 5.3.

Top