Help Print this page 
Title and reference
Besluit nr. 649/2005/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 april 2005 houdende wijziging van Besluit nr. 1419/1999/EG tot vaststelling van een communautaire actie voor het evenement „Culturele Hoofdstad van Europa” voor het tijdvak 2005 tot 2019

OJ L 117, 4.5.2005, p. 20–21 (ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, SK, SL, FI, SV)
Special edition in Bulgarian: Chapter 16 Volume 002 P. 30 - 31
Special edition in Romanian: Chapter 16 Volume 002 P. 30 - 31
Special edition in Croatian: Information about publishing OJ Special Edition not found, P. 52 - 53
Languages, formats and link to OJ
Multilingual display
Text

4.5.2005   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 117/20


BESLUIT Nr. 649/2005/EG VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

van 13 april 2005

houdende wijziging van Besluit nr. 1419/1999/EG tot vaststelling van een communautaire actie voor het evenement „Culturele Hoofdstad van Europa” voor het tijdvak 2005 tot 2019

HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, en met name op artikel 151,

Gezien het voorstel van de Commissie,

Gezien het advies van het Comité van de Regio's (1),

Handelend volgens de procedure van artikel 251 van het Verdrag (2),

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Besluit nr. 1419/1999/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 mei 1999 tot vaststelling van een communautaire actie voor het evenement „Culturele Hoofdstad van Europa” voor het tijdvak 2005 tot 2019 (3) heeft tot doel de rijkdom, de verscheidenheid en de gemeenschappelijke kenmerken van de Europese culturen voor het voetlicht te brengen en ertoe bij te dragen dat de burgers van de Unie elkaar beter leren kennen.

(2)

Bijlage I bij Besluit nr. 1419/1999/EG geeft de chronologische volgorde aan waarin de lidstaten hun kandidatuur voor dit evenement kunnen indienen. Deze bijlage beperkt zich tot de landen die ten tijde van de goedkeuring van het besluit, op 25 mei 1999, lidstaten waren.

(3)

Artikel 6 van Besluit nr. 1419/1999/EG bepaalt dat dit besluit kan worden herzien, met name met het oog op de uitbreiding van de Europese Unie.

(4)

In het licht van de uitbreiding van 2004 is het belangrijk dat de nieuwe lidstaten binnen een korte tijdspanne eveneens in de gelegenheid worden gesteld kandidaten voor het evenement „Culturele Hoofdstad van Europa” voor te dragen, zonder dat de volgorde voor de andere lidstaten verandert, zodanig dat vanaf 2009 tot aan het einde van de huidige communautaire actie elk jaar twee hoofdsteden in de lidstaten kunnen worden aangewezen.

(5)

Besluit nr. 1419/1999/EG dient derhalve te worden gewijzigd,

BESLUITEN:

Artikel 1

Besluit nr. 1419/1999/EG wordt als volgt gewijzigd:

1)

De volgende overweging wordt ingevoegd:

„(12 bis)

Overwegende dat de financiële gevolgen van dit besluit ertoe nopen dat er adequate en passende communautaire middelen voor de aanwijzing van twee „Culturele Hoofdsteden van Europa” beschikbaar worden gesteld.”.

2)

In artikel 2 wordt lid 1 vervangen door de volgende tekst:

„1.   Steden in de lidstaten worden bij toerbeurt als Culturele Hoofdstad van Europa aangewezen in de volgorde van de lijst van bijlage I. Tot en met 2008 wordt een stad aangewezen in de lidstaat die volgens de lijst aan de beurt is. Vanaf 2009 wordt een stad aangewezen in elk van de lidstaten die volgens de lijst aan de beurt zijn. In onderlinge overeenstemming kunnen de betrokken lidstaten deze chronologische volgorde wijzigen. Elke lidstaat die aan de beurt is, draagt uiterlijk vier jaar voor de aanvang van het evenement één of meer steden voor aan het Europees Parlement, de Raad, de Commissie en het Comité van de Regio's. Eventueel gaat deze voordracht vergezeld van een aanbeveling van de betrokken lidstaat.”.

3)

Bijlage I wordt vervangen door de bijlage bij dit besluit.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de twintigste dag volgende op die van zijn bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Het is van toepassing met ingang van 1 mei 2004.

Gedaan te Straatsburg, 13 april 2005.

Voor het Europees Parlement

De voorzitter

J. P. BORRELL FONTELLES

Voor de Raad

De voorzitter

N. SCHMIT


(1)  PB C 121 van 30.4.2004, blz. 15.

(2)  Advies van het Europees Parlement van 22 april 2004 (nog niet bekendgemaakt in het Publicatieblad); gemeenschappelijk standpunt van de Raad van 21 oktober 2004 (PB C 25 E van 1.2.2005, blz. 41) en standpunt van het Europees Parlement van 22 februari 2005 (nog niet bekendgemaakt in het Publicatieblad).

(3)  PB L 166 van 1.7.1999, blz. 1.


BIJLAGE

VOLGORDE BIJ HET VOORDRAGEN VAN CULTURELE HOOFDSTEDEN VAN EUROPA

2005

Ierland

 

2006

Griekenland  (1)

 

2007

Luxemburg

 

2008

Verenigd Koninkrijk

 

2009

Oostenrijk

Litouwen

2010

Duitsland

Hongarije

2011

Finland

Estland

2012

Portugal

Slovenië

2013

Frankrijk

Slowakije

2014

Zweden

Letland

2015

België

Tsjechië

2016

Spanje

Polen

2017

Denemarken

Cyprus

2018

Nederland (1)

Malta

2019

Italië

 


(1)  De Raad Cultuur/Audiovisuele sector heeft op zijn bijeenkomst van 28 mei 1998 kennisgenomen van de toerbeurt tussen Griekenland en Nederland, overeenkomstig artikel 2, lid 1, van Besluit nr. 1419/1999/EG.


Top