Help Print this page 
Title and reference
Verordening (EG) nr. 414/2004 van de Commissie van 5 maart 2004 tot vaststelling van specifieke maatregelen om de wijze van beheer van de tariefcontingenten voor de invoer van bananen aan te passen in verband met de toetreding van nieuwe lidstaten op 1 mei 2004

OJ L 68, 6.3.2004, p. 6–9 (ES, DA, DE, EL, EN, FR, IT, NL, PT, FI, SV)
Special edition in Czech: Chapter 03 Volume 043 P. 53 - 56
Special edition in Estonian: Chapter 03 Volume 043 P. 53 - 56
Special edition in Latvian: Chapter 03 Volume 043 P. 53 - 56
Special edition in Lithuanian: Chapter 03 Volume 043 P. 53 - 56
Special edition in Hungarian Chapter 03 Volume 043 P. 53 - 56
Special edition in Maltese: Chapter 03 Volume 043 P. 53 - 56
Special edition in Polish: Chapter 03 Volume 043 P. 53 - 56
Special edition in Slovak: Chapter 03 Volume 043 P. 53 - 56
Special edition in Slovene: Chapter 03 Volume 043 P. 53 - 56
Languages, formats and link to OJ
Multilingual display
Text

32004R0414

Verordening (EG) nr. 414/2004 van de Commissie van 5 maart 2004 tot vaststelling van specifieke maatregelen om de wijze van beheer van de tariefcontingenten voor de invoer van bananen aan te passen in verband met de toetreding van nieuwe lidstaten op 1 mei 2004

Publicatieblad Nr. L 068 van 06/03/2004 blz. 0006 - 0009


Verordening (EG) nr. 414/2004 van de Commissie

van 5 maart 2004

tot vaststelling van specifieke maatregelen om de wijze van beheer van de tariefcontingenten voor de invoer van bananen aan te passen in verband met de toetreding van nieuwe lidstaten op 1 mei 2004

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EEG) nr. 404/93 van de Raad van 13 februari 1993 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector bananen(1), en met name op artikel 20,

Overwegende hetgeen volgt:

(1) Bij Verordening (EG) nr. 896/2001 van de Commissie(2) zijn toepassingsbepalingen van Verordening (EEG) nr. 404/93 vastgesteld ten aanzien van de regeling voor de invoer van bananen in de Gemeenschap. In de titels I en II van die verordening zijn de categorieën omschreven van de traditionele en niet-traditionele marktdeelnemers die de Gemeenschap van bananen mogen voorzien in het kader van de jaarlijks geopende tariefcontingenten.

(2) Met het oog op de toetreding van tien nieuwe lidstaten tot de Gemeenschap op 1 mei 2004 dient de inventaris te worden opgemaakt van de in de Gemeenschap in haar samenstelling op 30 april 2004 gevestigde marktdeelnemers die de markten van die staten van bananen hebben voorzien en die voldoen aan de voorwaarden zoals vastgesteld in de artikelen 3 en 4 van Verordening (EG) nr. 896/2001 wat de traditionele marktdeelnemers betreft en in de artikelen 6 tot en met 12 van die verordening wat de niet-traditionele marktdeelnemers betreft.

(3) Om de lijst te bepalen van de marktdeelnemers die overeenkomstig de criteria van de communautaire regelgeving in aanmerking kunnen komen voor deelneming aan de regeling inzake de tariefcontingenten voor invoer, dienen referentieperioden te worden vastgesteld die representatief zijn voor de ontwikkeling van de handel. Voor de traditionele marktdeelnemers dient in dit verband te worden gewerkt met de driejarige periode 2000-2002, waarvoor gegevens over de invoer beschikbaar zijn. Voor de niet-traditionele marktdeelnemers kan voor de toepassing van artikel 6 van Verordening (EG) nr. 896/2001 worden uitgegaan van de twee jaren 2002 en 2003, die onmiddellijk voorafgaan aan het jaar van registratie.

(4) Ten aanzien van de traditionele marktdeelnemers dient te worden gespecificeerd dat voor de bepaling van een specifieke extra referentiehoeveelheid alleen die primaire invoer in de zin van artikel 3, punt 1, van Verordening (EG) nr. 896/2001 in aanmerking kan worden genomen die een daadwerkelijke voorziening met bananen van de toetredende landen mogelijk heeft gemaakt en heeft geleid tot het in één of meer van die landen in het vrije verkeer brengen van bananen. Bijgevolg moet overlegging van de douanedocumenten voor het vrije verkeer in de toetredende landen verplicht worden gesteld.

(5) Wat de niet-traditionele marktdeelnemers betreft, dient, om te voorkomen dat buitensporige toewijzingsverzoeken worden ingediend die niet in verhouding staan tot de mogelijkheden voor verwezenlijking, een maximum voor elk toewijzingsverzoek te worden vastgesteld, uitgedrukt in procenten van de hoeveelheden die in één van de jaren vóór de registratie daadwerkelijk in het vrije verkeer zijn gebracht en waarvoor de marktdeelnemer passende bewijsstukken moet overleggen.

(6) Om het onderzoek van de verzoeken van de marktdeelnemers te vergemakkelijken en de behandeling van die verzoeken te harmoniseren, dienen de belangrijkste documenten en bewijsstukken te worden gepreciseerd die kunnen worden overgelegd om aan te tonen dat wordt voldaan aan de voorwaarden voor toelating tot elk van de twee categorieën van marktdeelnemers.

(7) Ook moeten de nodige bepalingen worden vastgesteld met betrekking tot een passende uitwisseling van gegevens tussen de lidstaten en de Commissie en de organisatie van de extra verificaties en controles die nodig zijn om valse aangiften op te sporen en te voorkomen, onregelmatigheden te voorkomen en een correcte werking te garanderen van de mechanismen voor het beheer van de regeling inzake de tariefcontingenten voor de invoer van bananen.

(8) De bepalingen van de onderhavige verordening gelden onverminderd de bepalingen die de Commissie later zal moeten vaststellen voor de volledige toepassing in de verruimde Gemeenschap van de bij de Verordeningen (EEG) nr. 404/93 en (EG) nr. 896/2001 ingestelde regeling.

(9) Het Comité van beheer voor bananen heeft geen advies uitgebracht binnen de door zijn voorzitter bepaalde termijn,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Begripsomschrijvingen

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:

a) "Gemeenschap van de Vijftien": de Gemeenschap in haar samenstelling op 30 april 2004;

b) "nieuwe lidstaten": Cyprus, Estland, Hongarije, Letland, Litouwen, Malta, Polen, Tsjechië, Slovenië en Slowakije;

c) "verruimde Gemeenschap": de Gemeenschap in haar samenstelling op 1 mei 2004;

d) "primaire invoer": de economische activiteit als gedefinieerd in artikel 3, punt 1, eerste alinea, van Verordening (EG) nr. 896/2001;

e) "minimumhoeveelheid": de minimumhoeveelheid als gedefinieerd in artikel 3, punt 1, derde alinea, van Verordening (EG) nr. 896/2001;

f) "bevoegde autoriteiten": de in de bijlage bij Verordening (EG) nr. 896/2001 genoemde bevoegde autoriteiten.

Artikel 2

Deze verordening heeft tot doel te bepalen welke in de Gemeenschap in haar samenstelling op 30 april 2004 gevestigde marktdeelnemers toestemming voor deelneming aan de regeling inzake de tariefcontingenten voor de invoer van bananen kunnen krijgen op grond van hun vóór de toetreding ontplooide activiteit om de markt van de nieuwe lidstaten van bananen te voorzien.

Artikel 3

Traditionele marktdeelnemers

1. De in de hierna genoemde jaren in de Gemeenschap van de Vijftien gevestigde traditionele marktdeelnemer die voldoet aan de in artikel 3, punt 1, van Verordening (EG) nr. 896/2001 gestelde voorwaarden en die in één van de jaren 2000, 2001 en 2002 de minimumhoeveelheid aan primaire invoer van bananen met het oog op verkoop ervan in één of meer nieuwe lidstaten heeft gerealiseerd, kan een schriftelijk verzoek indienen om toewijzing van een specifieke referentiehoeveelheid waarvoor vanaf 1 mei 2004 invoercertificaten worden afgegeven in het kader van de regeling inzake de tariefcontingenten voor de invoer van bananen.

Bij de vaststelling of wordt voldaan aan de voorwaarde betreffende de minimumhoeveelheid, wordt rekening gehouden met alle primaire invoer om de markt van de nieuwe lidstaten van bananen te voorzien.

2. Voor de toepassing van lid 1:

- doet de in een lidstaat geregistreerde traditionele marktdeelnemer de bevoegde autoriteiten van die lidstaat een schriftelijk verzoek om toewijzing van een specifieke referentiehoeveelheid toekomen;

- doet de marktdeelnemer die niet in een lidstaat is geregistreerd, de bevoegde autoriteiten van de lidstaat van zijn keuze een schriftelijk verzoek om registratie en om toewijzing van een specifieke referentiehoeveelheid toekomen.

Deze verzoeken worden uiterlijk op 15 maart 2004 ingediend.

3. In de in lid 2 bedoelde verzoeken worden vermeld:

a) voor elk van de jaren 2000, 2001 en 2002, de hoeveelheden aan primaire invoer van bananen in de nieuwe lidstaten die vervolgens in die staten in het vrije verkeer zijn gebracht,

b) en, in de tweede plaats, de hoeveelheden die respectievelijk in elk van de betrokken drie jaren in de onderscheiden nieuwe lidstaten in het vrije verkeer zijn gebracht.

Artikel 4

Niet-traditionele marktdeelnemers

1. De bij zijn registratie in de Gemeenschap van de Vijftien gevestigde niet-traditionele marktdeelnemer die voldoet aan de in artikel 6 van Verordening (EG) nr. 896/2001 gestelde voorwaarden en die in één van de twee jaren 2002 en 2003 een handelsactiviteit heeft uitgeoefend waarbij hij in één of meer nieuwe lidstaten verse bananen van GN-code 0803 00 19 heeft ingevoerd voor een aangegeven douanewaarde van ten minste 1200000 EUR, kan in de lidstaat van zijn keuze een registratieverzoek indienen, opdat vanaf 1 mei 2004 invoercertificaten worden afgegeven in het kader van de regeling inzake de tariefcontingenten voor de invoer van bananen.

Hiertoe doet de marktdeelnemer een registratieverzoek, vergezeld van een verzoek om een specifieke toewijzing, toekomen aan de bevoegde autoriteiten van de lidstaat van zijn keuze.

Deze verzoeken worden uiterlijk op 15 maart 2004 ingediend.

2. Het in lid 1 bedoelde toewijzingsverzoek kan slechts in behandeling worden genomen indien het:

a) betrekking heeft op een hoeveelheid die niet groter is dan 70 % van de hoeveelheden waarvoor overeenkomstig artikel 6, lid 3, de bewijzen van invoer worden geleverd;

b) vergezeld gaat van het bewijs dat voor de gevraagde hoeveelheid een zekerheid van 150 EUR per ton is gesteld overeenkomstig titel III van Verordening (EEG) nr. 2220/85 van de Commissie(3), en van de passende bewijsstukken.

Artikel 5

1. Een marktdeelnemer kan niet verzoeken om in het kader van deze verordening tegelijk als traditionele marktdeelnemer en als niet-traditionele marktdeelnemer te worden geregistreerd.

2. Bananen die zijn wederuitgevoerd uit de nieuwe lidstaten, worden niet in aanmerking genomen voor de toepassing van deze verordening.

Artikel 6

Bewijsstukken

1. De marktdeelnemers bezorgen de bevoegde autoriteiten tegelijk met de in de artikelen 3 en 4 bedoelde verzoeken de nodige bewijsstukken.

2. Voor primaire invoer moet de marktdeelnemer het bewijs leveren dat hij, voor eigen rekening, de bananen bij de producenten heeft gekocht, ze heeft verzonden en ze heeft verkocht met het oog op het in een van de nieuwe lidstaten in het vrije verkeer brengen ervan. Als bewijsstukken bij de in artikel 3 bedoelde verzoeken kunnen daartoe met name worden geleverd:

a) het in het land van productie gesloten aankoopcontract,

b) de zeevrachtbrief (connossement) en het manifest van het vaartuig,

c) de verzekeringspolis die met name het zeevervoer dekt,

d) de facturen en de bewijzen van betaling betreffende de aankoop van de goederen,

e) de facturen en de bewijzen van betaling betreffende het zeevervoer,

f) de bewijzen van betaling betreffende de verzekeringspolis die het zeevervoer dekt,

g) de facturen of/en verkoopdocumenten voor de voorziening van de nieuwe lidstaten met bananen

en welk ander document ook dat de realisering van primaire invoer bewijst.

De bewijzen dat de bananen in de nieuwe lidstaten in het vrije verkeer zijn gebracht, worden geleverd door middel van de aangiften ten invoer of andere passende douanedocumenten.

De over te leggen bewijsstukken zijn de originele documenten of voor eensluidend gewaarmerkte kopieën.

3. De bij de in artikel 4 bedoelde verzoeken over te leggen bewijsstukken zijn die welke in artikel 7, lid 2, van Verordening (EG) nr. 896/2001 zijn vermeld.

Artikel 7

Controles en verificaties door de lidstaten

1. De lidstaten verrichten de nodige controles om zich ervan te vergewissen dat de marktdeelnemers voldoen aan alle vereisten om overeenkomstig Verordening (EG) nr. 896/2001 en de onderhavige verordening te worden erkend als, naar gelang van het geval, traditionele marktdeelnemer of niet-traditionele marktdeelnemer.

2. Na de in lid 1 bedoelde controles stellen de lidstaten de lijst op van de traditionele marktdeelnemers in de zin van artikel 3, punt 1, van Verordening (EG) nr. 896/2001 die in de jaren 2000, 2001 en 2002 primaire invoer van bananen in de nieuwe lidstaten hebben gerealiseerd, welke bananen vervolgens in die staten in het vrije verkeer zijn gebracht, alsmede de lijst van de niet-traditionele marktdeelnemers.

3. De lidstaten delen de Commissie uiterlijk op 15 april 2004 de in lid 2 bedoelde lijsten mee, vergezeld van de volgende gegevens:

a) voor elke traditionele marktdeelnemer, het jaargemiddelde van de in artikel 3, lid 1, bedoelde primaire invoer in de periode 2000-2002;

b) voor elke marktdeelnemer, de hoeveelheden die daadwerkelijk in de nieuwe lidstaten in het vrije verkeer zijn gebracht in elk van de jaren 2000, 2001 en 2002 wat de traditionele marktdeelnemers betreft en in elk van de jaren 2002 en 2003 wat de niet-traditionele marktdeelnemers betreft.

Artikel 8

Mededelingen en aanvullende controles

De Commissie deelt de lijsten van de traditionele en de niet-traditionele marktdeelnemers mee aan alle lidstaten.

De Commissie verzoekt de lidstaten om uitvoering van de aanvullende verificaties die noodzakelijk blijken, en organiseert voorzover nodig samen met de bevoegde nationale autoriteiten passende controles om valse aangiften van marktdeelnemers op te sporen of te voorkomen.

Artikel 9

Het bepaalde in titel II, artikelen 3 tot en met 10, van Verordening (EG) nr. 896/2001 geldt onder voorbehoud van het bepaalde in de onderhavige verordening.

Voor de toepassing van de onderhavige verordening geldt het bepaalde in de artikelen 11 en 12 van Verordening (EG) nr. 896/2001 voor de in de artikelen 3 en 4 van de onderhavige verordening bedoelde marktdeelnemers.

Artikel 10

Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 5 maart 2004.

Voor de Commissie

Franz Fischler

Lid van de Commissie

(1) PB L 47 van 25.2.1993, blz. 1. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 2587/2001 (PB L 345 van 29.12.2001, blz. 13).

(2) PB L 126 van 8.5.2001, blz. 6. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1439/2003 (PB L 204 van 13.8.2003, blz. 30).

(3) PB L 205 van 3.8.1985, blz. 5.

Top