Help Print this page 
Title and reference
Verordening (EG) nr. 1609/1999 van de Commissie van 22 juli 1999 tot vaststelling van gedetailleerde bepalingen voor de uitvoering van Verordening (EG) nr. 856/1999 van de Raad tot instelling van een bijzondere kaderregeling voor bijstand ten behoeve van de traditionele ACS- leveranciers van bananen

OJ L 190, 23.7.1999, p. 14–17 (ES, DA, DE, EL, EN, FR, IT, NL, PT, FI, SV)
Special edition in Czech: Chapter 03 Volume 026 P. 152 - 155
Special edition in Estonian: Chapter 03 Volume 026 P. 152 - 155
Special edition in Latvian: Chapter 03 Volume 026 P. 152 - 155
Special edition in Lithuanian: Chapter 03 Volume 026 P. 152 - 155
Special edition in Hungarian Chapter 03 Volume 026 P. 152 - 155
Special edition in Maltese: Chapter 03 Volume 026 P. 152 - 155
Special edition in Polish: Chapter 03 Volume 026 P. 152 - 155
Special edition in Slovak: Chapter 03 Volume 026 P. 152 - 155
Special edition in Slovene: Chapter 03 Volume 026 P. 152 - 155
Special edition in Bulgarian: Chapter 03 Volume 029 P. 6 - 10
Special edition in Romanian: Chapter 03 Volume 029 P. 6 - 10
Special edition in Croatian: Chapter 03 Volume 025 P. 74 - 77
Languages, formats and link to OJ
Multilingual display
Text

31999R1609

Verordening (EG) nr. 1609/1999 van de Commissie van 22 juli 1999 tot vaststelling van gedetailleerde bepalingen voor de uitvoering van Verordening (EG) nr. 856/1999 van de Raad tot instelling van een bijzondere kaderregeling voor bijstand ten behoeve van de traditionele ACS- leveranciers van bananen

Publicatieblad Nr. L 190 van 23/07/1999 blz. 0014 - 0017


VERORDENING (EG) Nr. 1609/1999 VAN DE COMMISSIE

van 22 juli 1999

tot vaststelling van gedetailleerde bepalingen voor de uitvoering van Verordening (EG) nr. 856/1999 van de Raad tot instelling van een bijzondere kaderregeling voor bijstand ten behoeve van de traditionele ACS-leveranciers van bananen

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EG) nr. 856/1999 van de Raad van 22 april 1999 tot instelling van een bijzondere kaderregeling voor bijstand ten behoeve van de traditionele ACS-leveranciers van bananen(1), inzonderheid op artikel 8,

(1) Overwegende dat bij Verordening (EG) nr. 856/1999 een bijzondere kaderregeling voor technische en financiële bijstand wordt ingesteld om de traditionele ACS-leveranciers van bananen te helpen zich aan te passen aan de nieuwe marktsituatie die voortvloeit uit de wijzigingen die in de gemeenschappelijke marktordening voor bananen zijn aangebracht;

(2) Overwegende dat Verordening (EG) nr. 856/1999 bepaalt dat technische en financiële bijstand wordt verleend om bij te dragen tot de uitvoering van programma's die tot doel hebben de concurrentiepositie in de bananensector te verbeteren, of de diversificatie te steunen wanneer de concurrentiepositie van de bananensector niet duurzaam verbeterd kan worden;

(3) Overwegende dat voor financiering ingediende programma's verenigbaar moeten zijn met de algemene ontwikkelingsdoelstellingen van de betrokken traditionele ACS-leverancier;

(4) Overwegende dat deze programma's gebaseerd moeten zijn op een coherente langetermijnstrategie, zodat deze verenigbaarheid en de relevantie van deze programma's in verband met de specifieke doelstellingen van Verordening (EG) nr. 856/1999 verzekerd is;

(5) Overwegende dat deze strategie moet worden opgesteld door de betrokken traditionele ACS-leverancier, in overleg met de actoren in deze sector, en dat deze moet worden goedgekeurd door de Commissie;

(6) Overwegende dat, met het oog op een geïntegreerde benadering, de voor financiering ingediende programma's de vorm moeten hebben van jaarlijkse actieplannen, gebaseerd op de overeengekomen strategie;

(7) Overwegende dat artikel 7, lid 1, van Verordening (EG) nr. 856/1999 bepaalt, dat binnen het voor een bepaald jaar beschikbare totaalbedrag, het maximumbedrag dat aan elke traditionele ACS-leverancier ter beschikking wordt gesteld voor de financiering van programma's ter verbetering van de concurrentiepositie in de bananensector wordt vastgesteld op basis van het geconstateerde verschil in concurrentievermogen en het belang van de bananenproductie van het betrokken land; dat dit artikel verder bepaalt dat, indien alleen op diversificatie gerichte programma's worden uitgevoerd, een bedrag wordt toegekend dat overeenkomt met het bedrag dat aan de andere traditionele leveranciers wordt toegekend;

(8) Overwegende dat gedetailleerde bepalingen betreffende de berekeningsmethode van de toewijzingen aan de afzonderlijke landen moeten worden vastgesteld;

(9) Overwegende dat het verschil in het concurrentievermogen van de afzonderlijke traditionele ACS-leveranciers moet worden bepaald op basis van de geconstateerde prijsverschillen bij binnenkomst op de markt van de Gemeenschap, rekening houdend met de naar de Gemeenschap uitgevoerde hoeveelheden; dat, teneinde een effect van conjuncturele prijsschommelingen te vermijden, het in aanmerking te nemen prijsverschil moet worden berekend op basis van een voldoende lange referentieperiode die direct voorafgaat aan het jaar van toepassing; dat het waargenomen gemiddelde ACS-prijsverschil moet worden toegepast in gevallen waarin de uitvoer is gestaakt als gevolg van diversificatie, teneinde alle traditionele ACS-leveranciers een gelijkwaardige behandeling toe te kennen ongeacht de specifieke doelstelling die zij nastreven; dat, met het oog op de economische doelstelling van Verordening (EG) nr. 856/1999 om traditionele ACS-leveranciers in staat te stellen een positie op de communautaire markt te handhaven die gelijkwaardig is aan die welke zij hadden vóór de inwerkingtreding van Verordening (EG) nr. 1637/98 van de Raad(2), de concurrentiepositie moet worden bepaald aan de hand van de gerealiseerde hoeveelheden gedurende de drie jaren voorafgaand aan de inwerkingtreding van die verordening;

(10) Overwegende dat het belang van de bananenproductie voor de economie van de traditionele ACS-leverancier het best blijkt uit het aandeel van de bananensector in het BBP van dat land; dat de meest accurate statistieken in dit opzicht worden geleverd door het lnternationaal Monetair Fonds, of, indien deze niet beschikbaar zijn, door de UNCTAD, en dat deze statistieken dan ook moeten worden gebruikt; dat de economische doelstelling van Verordening (EG) nr. 856/1999 vereist dat met betrekking tot uitvoerhoeveelheden de statistieken moeten worden gebruikt die betrekking hebben op de drie jaren voorafgaande aan het jaar van toepassing van Verordening (EG) nr. 1637/98, waarvoor statistieken beschikbaar zijn;

(11) Overwegende dat, gezien de aanzienlijke variatie in de fundamentele economische factoren van de bananenhandel binnen de groep van traditionele ACS-leveranciers, het eerlijkste resultaat wordt bereikt indien beide criteria die relevant zijn voor de berekening van de toewijzingen aan de diverse landen per land gelijkelijk gewogen worden;

(12) Overwegende dat desalniettemin een minimumtoewijzing moet worden vastgesteld om de uitvoerbaarheid van de te financieren programma's te garanderen;

(13) Overwegende dat in het bijzonder rekening moet worden gehouden met de noodzaak van specifieke oplossingen voor Somalië;

(14) Overwegende dat artikel 7, lid 2, van Verordening (EG) nr. 856/1999 bepaalt dat vanaf het jaar 2004 en voor ieder daaropvolgend jaar een verminderingscoëfficiënt van ten hoogste 15 % wordt toegepast op het bedrag van de bijstand dat aan de betrokken traditionele ACS-leverancier is toegekend; dat dit artikel voorts bepaalt dat indien programma's ter vergroting van het concurrentievermogen worden uitgevoerd, deze verminderingscoëfficiënt in dezelfde mate wordt verlaagd als de toename van het concurrentievermogen die in het voorafgaande jaar is vastgesteld;

(15) Overwegende dat, teneinde een optimale benutting te garanderen van de mogelijkheden die Verordening (EG) nr. 856/1999 biedt om de traditionele ACS-leveranciers te helpen zich aan te passen aan de nieuwe marktvoorwaarden, ongebruikte middelen binnen het begrotingsjaar opnieuw moeten worden toegewezen;

(16) Overwegende dat de in deze verordening vervatte maatregelen in overeenstemming zijn met het advies van het comité waarin wordt voorzien in artikel 8 van Verordening (EG) nr. 1637/98,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

1. Verzoeken om technische en financiële bijstand overeenkomstig Verordening (EG) nr. 856/1999 worden door de betrokken traditionele ACS-leverancier bij de Commissie ingediend aan het begin van het kalenderjaar en uiterlijk 60 dagen nadat kennisgeving is gedaan van de in artikel 2 bedoelde financiële toewijzingen. Met de bijzondere situatie van Somalië wordt rekening gehouden.

2. Deze verzoeken moeten gebaseerd zijn op een coherente langetermijnstrategie voor de bananensector die wordt opgesteld door het betrokken ACS-land in overleg met de actoren in deze sector en die moet worden goedgekeurd door de Commissie. Deze strategie moet de specifieke doelstelling omschrijven overeenkomstig artikel 3, lid 2, van Verordening (EG) nr. 856/1999, de levensvatbaarheid ervan beoordelen en een beschrijving geven van de benadering om deze doelstelling te bereiken. Verder moet de nodige informatie worden verstrekt waaruit de verenigbaarheid met de algemene ontwikkelingsdoelstellingen van de betrokken traditionele ACS-leverancier kan worden afgeleid. Bijzondere aandacht wordt besteed aan de mogelijkheid om projecten op regionaal niveau uit te voeren.

3. Voor financiering ingediende projecten moeten zijn opgesteld op basis van de overeengekomen strategie en de vorm hebben van jaarlijkse actieplannen.

Artikel 2

Het in artikel 1, lid 3, bedoelde maximumbedrag voor de financiering van programma's wordt jaarlijks vastgesteld. Onverminderd artikel 6 wordt dit voor elke traditionele ACS-leverancier afzonderlijk berekend op basis van het geconstateerde verschil in concurrentievermogen en het belang van de bananenproductie voor de economie van het betrokken land, waarbij beide criteria even zwaar wegen.

Artikel 3

1. Het verschil in concurrentievermogen wordt berekend op basis van de referentiehoeveelheden en het verschil tussen de referentieprijs van derde landen en de ACS-referentieprijs.

2. De referentiehoeveelheid is de gemiddelde hoeveelheid bananen die door elke afzonderlijke ACS-leverancier naar de Gemeenschap is uitgevoerd in de laatste drie jaren voorafgaande aan de inwerkingtreding van Verordening (EG) nr. 1637/98. Bij wijze van uitzondering en rekening houdend met zijn specifieke situatie wordt de referentiehoeveelheid voor Somalië vastgesteld op 60000 ton. De toe te passen referentiehoeveelheden zijn vermeld in bijlage I.

3. De referentieprijs van derde landen is de laagste gemiddelde prijs per ton bananen die in enig afzonderlijk derde land dat een gevestigd leverancier is en dat niet tot de ACS behoort, is geproduceerd en naar de Gemeenschap is uitgevoerd tijdens de laatste drie jaren voorafgaande aan het jaar van toepassing, waarvoor de bijstand wordt aangevraagd, waarvoor statistieken beschikbaar zijn.

4. De ACS-referentieprijs is de gemiddelde prijs per ton bananen die door de traditionele ACS-leverancier is geproduceerd en in dezelfde periode naar de Gemeenschap is uitgevoerd. In gevallen waarin de uitvoer is gestaakt als gevolg van diversificatie wordt de gemiddelde ACS-referentieprijs toegepast.

5. De in de leden 3 en 4 genoemde referentieprijzen zijn cif-prijzen. Voor de berekening van het verschil in concurrentievermogen worden de statistieken gebruikt met betrekking tot invoer in de Gemeenschap die zijn opgesteld en gepubliceerd door het Bureau voor de statistiek van de Europese Gemeenschappen.

Artikel 4

Het belang van de bananenproductie voor de economie van de betrokken traditionele ACS-leverancier wordt vastgesteld op basis van de door de bananensector aan het totale BBP van de traditionele ACS-leverancier toegevoegde waarde in de laatste drie jaren voorafgaande aan de inwerkingtreding van Verordening (EG) nr. 1637/98, waarvoor statistieken beschikbaar zijn. Voor de vaststelling van het belang van de bananenproductie worden de statistieken gebruikt die zijn opgesteld door het Internationaal Monetair Fonds of, indien deze niet beschikbaar zijn, door de Unctad. Bij wijze van uitzondering en rekening houdend met zijn specifieke situatie wordt de berekeningsfactor voor Somalië vastgesteld op 1,0. De berekeningsfactor die het resultaat is van deze statistieken is vermeld in bijlage II.

Artikel 5

Onverminderd de artikelen 2 tot en met 4 wordt met ingang van het jaar 2004 en in elk daaropvolgend jaar een automatische verminderingscoëfficiënt toegepast op de beschikbaar gestelde toewijzingen. De verminderingscoëfficiënt wordt individueel op een passend niveau vastgesteld, zodanig dat de bijstand die aan elke afzonderlijke traditionele ACS-leverancier beschikbaar wordt gesteld in het jaar van toepassing met niet meer dan 15 % wordt verminderd in vergelijking met de middelen die in het voorgaande jaar beschikbaar werden gesteld.

Artikel 6

Wanneer berekeningen overeenkomstig de artikelen 2 tot en met 5 leiden tot een bedrag dat lager ligt dan 0,5 miljoen EUR per jaar wordt een minimumbedrag van 0,5 miljoen EUR toegewezen.

Artikel 7

Wanneer een traditionele ACS-leverancier geen verzoek om technische en financiële bijstand heeft ingediend binnen de in artikel 1, lid 1, genoemde termijn of wanneer ingediende programma's niet in overeenstemming zijn met de in artikel 1, lid 2, omschreven langetermijnstrategie, wijst de Commissie de aanvankelijk beschikbaar gestelde bedragen opnieuw toe aan de resterende ACS-leveranciers, op basis van de ingediende programma's en overeenkomstig de bepalingen van Verordening (EG) nr. 856/1999. Met de bijzondere situatie van Somalië wordt rekening gehouden.

Artikel 8

Deze verordening treedt in werking op de dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen en is van toepassing vanaf 1 januari 1999.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 22 juli 1999.

Voor de Commissie

Franz FISCHLER

Lid van de Commissie

(1) PB L 108 van 27.4.1999, blz. 2.

(2) PB L 210 van 28.7.1998, blz. 28.

BIJLAGE I

Lijst bedoeld in artikel 3, lid 2

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

BIJLAGE II

Lijst bedoeld in artikel 4

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

Top