Help Print this page 
Title and reference
Richtlijn 79/581/EEG van de Raad van 19 juni 1979 inzake de bescherming van de consument op het gebied van de prijsaanduiding van levensmiddelen

OJ L 158, 26.6.1979, p. 19–21 (DA, DE, EN, FR, IT, NL)
Greek special edition: Chapter 03 Volume 025 P. 163 - 165
Spanish special edition: Chapter 15 Volume 002 P. 142 - 144
Portuguese special edition: Chapter 15 Volume 002 P. 142 - 144
Special edition in Finnish: Chapter 15 Volume 002 P. 187 - 189
Special edition in Swedish: Chapter 15 Volume 002 P. 187 - 189
Languages, formats and link to OJ
BG ES CS DA DE ET EL EN FR GA HR IT LV LT HU MT NL PL PT RO SK SL FI SV
HTML html ES html DA html DE html EL html EN html FR html IT html NL html PT html FI html SV
PDF pdf ES pdf DA pdf DE pdf EL pdf EN pdf FR pdf IT pdf NL pdf PT pdf FI pdf SV
Official Journal Display Official Journal Display Official Journal Display Official Journal Display Official Journal Display Official Journal Display Official Journal Display Official Journal Display Official Journal Display Official Journal Display Official Journal Display Official Journal
Multilingual display
Text

31979L0581

Richtlijn 79/581/EEG van de Raad van 19 juni 1979 inzake de bescherming van de consument op het gebied van de prijsaanduiding van levensmiddelen

Publicatieblad Nr. L 158 van 26/06/1979 blz. 0019 - 0021
Bijzondere uitgave in het Fins: Hoofdstuk 15 Deel 2 blz. 0187
Bijzondere uitgave in het Grieks: Hoofdstuk 03 Deel 25 blz. 0163
Bijzondere uitgave in het Zweeds: Hoofdstuk 15 Deel 2 blz. 0187
Bijzondere uitgave in het Spaans: Hoofdstuk 15 Deel 2 blz. 0142
Bijzondere uitgave in het Portugees: Hoofdstuk 15 Deel 2 blz. 0142


++++

RICHTLIJN VAN DE RAAD

van 19 juni 1979

inzake de bescherming van de consument op het gebied van de prijsaanduiding van levensmiddelen

( 79/581/EEG )

DE RAAD VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN ,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap , inzonderheid op artikel 235 ,

Gezien het voorstel van de Commissie ( 1 ) ,

Gezien het advies van het Europese Parlement ( 2 ) ,

Gezien het advies van het Economisch en Sociaal Comité ( 3 ) ,

Overwegende dat het eerste programma van de Europese Economische Gemeenschap voor een beleid inzake de bescherming en voorlichting van de consument ( 4 ) voorziet in vaststelling van gemeenschappelijke beginselen betreffende prijsaanduiding ;

Overwegende dat de aanduiding van de verkoopprijs en de prijs per meeteenheid van de levensmiddelen de vergelijking van de prijzen op het verkooppunt voor de consument vergemakkelijkt ; dat zodoende de markt doorzichtiger wordt gemaakt en de bescherming van de consument wordt vergroot ;

Overwegende dat de verplichting om deze prijzen aan te duiden in principe moet gelden voor alle aan de eindverbruiker aangeboden levensmiddelen , ongeacht of ze los dan wel voorverpakt worden verkocht ; dat deze verplichting eveneens moet gelden voor geschreven of gedrukte reclameteksten en catalogi , voor zover daarin de verkoopprijs van de levensmiddelen wordt vermeld ;

Overwegende dat de verkoopprijs en de prijs per meeteenheid voor verschillende categorieën levensmiddelen op specifieke wijze moet worden aangeduid om de last van het etiketteren voor de kleinhandelaar niet nodeloos te verzwaren ;

Overwegende dat er ten aanzien van de aanduiding van de prijs per meeteenheid een uitzondering moet worden gemaakt voor de levensmiddelen die los of voorverpakt worden verkocht en waarvoor deze prijsaanduiding geen betekenis zou hebben ;

Overwegende dat het belangrijk is , telkens wanneer dat mogelijk is , de verplichting om de prijs per meeteenheid te vermelden te vervangen door de normalisatie van de hoeveelheden van voorverpakte levensmiddelen en dat er , ten einde de vooruitgang van deze normalisatie op nationaal en communautair niveau mogelijk te maken een termijn moet worden vastgesteld voor de toepassing van deze verplichting op in vooraf vastgestelde hoeveelheden voorverpakte levensmiddelen ;

Overwegende dat de in deze richtlijn neergelegde reglementering noodzakelijk is voor de voorlichting en bescherming van de consumenten en het mogelijk maakt om een van de doelstellingen van de Gemeenschap te verwezenlijken , door bij te dragen aan de verbetering van de levensvoorwaarden en de harmonische ontwikkeling van de economische activiteit binnen de gehele Europese Gemeenschap ; dat het Verdrag evenwel niet in de hiertoe vereiste specifieke bevoegdheden voorziet ,

HEEFT DE VOLGENDE RICHTLIJN VASTGESTELD :

Artikel 1

1 . Deze richtlijn heeft betrekking op de aanduiding van de verkoopprijs en van de prijs per meeteenheid van levensmiddelen die aan de eindverbruiker worden aangeboden of waarvoor reclame wordt gemaakt met een prijsaanduiding , ongeacht of zij los dan wel voorverpakt in vooraf bepaalde of variabele hoeveelheden worden verkocht .

2 . Deze richtlijn is niet van toepassing op levensmiddelen die in horecabedrijven , ziekenhuizen , kantines en soortgelijke bedrijven worden verkocht en ter plaatse worden verbruikt , of door de consument worden gekocht met het oog op de uitoefening van een beroep of bedrijf .

3 . De Lid-Staten kunnen bepalen dat deze richtlijn niet van toepassing is op levensmiddelen die op de boerderij worden verkocht . Ook kunnen van de werkingssfeer van de richtlijn worden uitgezonderd levensmiddelen die door bepaalde kleine detailhandelsbedrijven in de handel worden gebracht en door de verkoper rechtstreeks aan de koper worden overhandigd , indien de prijsaanduiding :

- voor deze winkels een uitzonderlijk zware last kan betekenen , of

- zeer moeilijk uitvoerbaar blijkt in verband met het aantal ten verkoop aangeboden levensmiddelen , de verkoopoppervlakte en de inrichting van het verkooppunt of wegens specifieke omstandigheden van bepaalde handelsvormen zoals sommige bijzondere gevallen van ambulante verkoop .

De in de vorige alinea genoemde uitzonderingen doen geen afbreuk aan de uit hoofde van nationale of communautaire bepalingen bij de inwerkingtreding van deze richtlijn bestaande verplichtingen om de prijs aan te duiden .

Artikel 2

In deze richtlijn wordt verstaan onder :

a ) los verkochte levensmiddelen : levensmiddelen die op generlei wijze vooraf worden verpakt en/of pas in tegenwoordigheid van de eindverbruiker worden gemeten of gewogen ;

b ) voorverpakte levensmiddelen : levensmiddelen die verpakt zijn , ongeacht het feit of het verpakkingsmateriaal het levensmiddel geheel of slechts ten dele bedekt ;

c ) levensmiddelen die zijn voorverpakt in vooraf bepaalde hoeveelheden : zodanig voorverpakte levensmiddelen dat de in de verpakking aanwezige hoeveelheid een vooraf gekozen waarde vertegenwoordige ,

d ) in variabele hoeveelheden voorverpakte levensmiddelen : zodanig voorverpakte levensmiddelen dat de in de verpakking aanwezige hoeveelheid geen vooraf gekozen waarde vertegenwoordigt ;

e ) verkoopprijs : de prijs die overeenkomt met een gegeven hoeveelheid van het levensmiddel ;

f ) prijs per meeteenheid : de prijs voor een kilogram of een liter van het levensmiddel , onder voorbehoud van artikel 6 , lid 2 , en van artikel 9 .

Artikel 3

1 . De verkoopprijs en de prijs per meeteenheid van de in artikel 1 bedoelde levensmiddelen moeten worden aangeduid overeenkomstig de onderstaande bepalingen .

2 . Op de levensmiddelen die los worden verkocht moet de prijs per meeteenheid worden aangegeven . De Lid-Staten kunnen evenwel de voorwaarden bepalen waaronder sommige categorieën van deze levensmiddelen mogen zijn voorzien van een aanduiding van de verkoopprijs per stuk .

3 . De verkoopprijs en de prijs per meeteenheid hebben betrekking op de eindprijs van de levensmiddelen overeenkomstig de door de Lid-Staten vastgestelde voorwaarden .

Artikel 4

De op het verkooppunt aangegeven verkoopprijzen en de prijzen per meeteenheid moeten ondubbelzinnig , gemakkelijk herkenbaar en goed leesbaar zijn . Elke bevoegde nationale dienst kan de nadere regels met betrekking tot de aanduiding van deze prijzen vaststellen .

Artikel 5

In geschreven of gedrukte reclameteksten en catalogi waarin de verkoopprijs van de in artikel 1 bedoelde levensmiddelen wordt vermeld , moet de prijs per meeteenheid worden aangegeven , behoudens het bepaalde in de artikelen 7 en 8 .

Artikel 6

1 . De aanduiding van de prijs per meeteenheid geschiedt voor bij het volume verkochte levensmiddelen per liter , en voor bij het gewicht verkochte levensmiddelen per kilogram .

2 . De Lid-Staten mogen echter toestaan dat voor per volume verkochte levensmiddelen de prijs per meeteenheid betrekking heeft op een hoeveelheid van 100 milliliter , 10 centiliter , 1 deciliter of 0,1 liter en voor per gewicht verkochte levensmiddelen op een hoeveelheid van 100 gram .

3 . De prijs per meeteenheid van voorverpakte levensmiddelen heeft betrekking op de aangegeven hoeveelheid , overeenkomstig de nationale en communautaire bepalingen . Wanneer op de verpakking meerdere hoeveelheden zijn aangegeven , mogen de Lid-Staten bepalen op basis van welke hoeveelheid de prijs per eenheid moet worden berekend .

Artikel 7

1 . Voor de los of voorverpakt verkochte levensmiddelen waarvoor de aanduiding van een dergelijke prijs geen betekenis zou hebben , kunnen de Lid-Staten ontheffing verlenen van de verplichte aanduiding van de prijs per meeteenheid .

2 . De in lid 1 bedoelde levensmiddelen zijn met name :

a ) levensmiddelen waarvoor ontheffing geldt van de gewichtsaanduiding of de volume-aanduiding , speciaal levensmiddelen die per stuk worden verkocht ;

b ) via een automaat verkochte levensmiddelen ;

c ) klaargemaakte en klaar te maken schotels in een zelfde verpakking ;

d ) fantasieprodukten .

3 . Voor levensmiddelen die gemakkelijk aan bederf onderhevig zijn mogen de Lid-Staten , wanneer deze worden verkocht met een korting welke gerechtvaardigd is op grond van het risico van kwaliteitsvermindering , ontheffing verlenen van de aanduiding van de nieuwe prijs per meeteenheid .

4 . De Lid-Staten mogen voor levensmiddelen van minder dan 5 gram of milliliter , alsmede die van meer dan 10 kilogram of liter , ontheffing verlenen van de aanduiding van de prijs per meeteenheid .

Artikel 8

1 . Uiterlijk op 31 december 1983 zal de Raad op voorstel van de Commissie beslissen over de voorwaarden voor toepassing van de verplichting tot aanduiding van de prijs per meeteenheid voor levensmiddelen die zijn voorverpakt in vooraf bepaalde hoeveelheden . Hij zal bij die gelegenheid de categorieën levensmiddelen bepalen die kunnen worden vrijgesteld van de genoemde prijsaanduiding .

2 . Totdat de Raad het in lid 1 bedoelde besluit heeft genomen , wordt de prijs per meeteenheid van levensmiddelen die voorverpakt zijn in vooraf bepaalde hoeveelheden , aangeduid overeenkomstig de ter zake geldende nationale bepalingen .

Artikel 9

Tot aan het einde van de overgangsperiode waarin het gebruik van meeteenheden van het imperiale stelsel in de Gemeenschap is toegestaan , bepalen de bevoegde nationale autoriteiten van Ierland en van het Verenigd Koninkrijk voor elk levensmiddel of voor elke categorie levensmiddelen de massa-eenheden en eenheden van volume ( van het internationale meetstelsel of van het imperiale stelsel ) , waarvoor de aanduiding van de prijs per meeteenheid verplicht zal zijn .

Artikel 10

1 . Binnen 24 maanden na kennisgeving van deze richtlijn voeren de Lid-Staten de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in om aan het bepaalde in deze richtlijn te voldoen . Zij stellen de Commissie hiervan onverwijld in kennis .

2 . De Lid-Staten brengen de tekst van de nationale wettelijke bepalingen , die zij op het door deze richtlijn bestreken gebied vaststellen , ter kennis van de Commissie .

3 . De Commissie legt voor 1 juli 1983 aan de Raad een verslag voor over de uitzonderingen die de Lid-Staten hebben toegestaan overeenkomstig artikel 1 , lid 3 , en artikel 7 , leden 1 en 2 , welk verslag vergezeld gaat van een passend voorstel voor herziening met inachtneming van de opgedane ervaringen . Op basis van dit verslag en dit voorstel zal de Raad besluiten om de bepalingen betreffende de genoemde uitzonderingen geheel of gedeeltelijk te handhaven , te wijzigen of te schrappen .

Artikel 11

Deze richtlijn is gericht tot de Lid-Staten .

Gedaan te Luxemburg , 19 juni 1979 .

Voor de Raad

De Voorzitter

M . d'ORNANO

( 1 ) PB nr . C 167 van 14 . 7 . 1977 , blz . 4 en PB nr . C 135 van 9 . 6 . 1978 , blz . 4 .

( 2 ) PB nr . C 63 van 13 . 3 . 1978 , blz . 48 .

( 3 ) PB nr . C 18 van 23 . 1 . 1978 , blz . 15 .

( 4 ) PB nr . C 92 van 25 . 4 . 1975 , blz . 2 .

Top