Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 62014FN0116

Zaak F-116/14: Beroep ingesteld op 23 oktober 2014 — ZZ/Commissie

PB C 26 van 26.1.2015, pp. 47–48 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

26.1.2015   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 26/47


Beroep ingesteld op 23 oktober 2014 — ZZ/Commissie

(Zaak F-116/14)

(2015/C 026/63)

Procestaal: Frans

Partijen

Verzoekende partij: ZZ (vertegenwoordiger: L. Y. Levi, advocaat)

Verwerende partij: Europese Commissie

Voorwerp en beschrijving van het geding

Nietigverklaring van het besluit van de uitvoerend directeur van de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen (Eiopa) tot intrekking van een eerder besluit waarbij verzoekster was aangesteld als tijdelijk functionaris van de rang AD 8, en verzoek om vergoeding van de materiële en de immateriële schade die zij zou hebben geleden

Conclusies van de verzoekende partij

nietigverklaring van het besluit van de uitvoerend directeur van Eiopa van 24 februari 2014 tot intrekking van een eerder besluit van 7 november 2013 waarbij verzoekster, na een bij kennisgeving van vacature 1327TAAD08 ingeleide aanwervingsprocedure, voorlopig en met ingang van 16 september 2013 was aangesteld als tijdelijk functionaris van de rang AD8;

nietigverklaring van het besluit van 24 juli 2014 tot afwijzing van verzoeksters klacht van 25 maart 2014;

veroordeling van de verwerende partij tot vergoeding van de materiële schade bestaande in het verschil tussen de bezoldiging die verzoekster sinds 16 september 2013 in de rang AD 6 verdient en de bezoldiging van de rang AD8, vermeerderd met vertragingsrente berekend volgens de rentevoet van de Europese Centrale Bank, vermeerderd met twee punten;

subsidiair, veroordeling van de verwerende partij tot vergoeding van de materiële schade bestaande in het verschil tussen de bezoldiging van de rang AD6 en die van de rang AD8 tussen 16 september 2013 en 24 februari 2014, vermeerderd met vertragingsrente berekend volgens de rentevoet van de Europese Centrale Bank, vermeerderd met twee punten;

veroordeling van de verwerende partij tot vergoeding van de immateriële schade, welke ex aequo et bono op 20  000 EUR wordt begroot;

verwijzing van de Europese Commissie in alle kosten.


Top