Help Print this page 

Document 61986CC0124

Title and reference
Gevoegde conclusies van advocaat-generaal Lenz van 1 april 1987.
Commissie van de Europese Gemeenschappen tegen Italiaanse Republiek.
Niet-nakoming - Niet-omzetting in nationaal recht van richtlijn 83/183/EEG van de Raad - Belastingvrijstellingen bij definitieve invoer uit een Lid-Staat van persoonlijke goederen door particulieren.
Zaak 124/86.
Commissie van de Europese Gemeenschappen tegen Italiaanse Republiek.
Niet-nakoming - Niet-omzetting in nationaal recht van richtlijn 83/183/EEG van de Raad - Vrijstelling van BTW voor definitieve invoer van bepaalde goederen.
Zaak 125/86.

European Court Reports 1987 -04661
  • ECLI identifier: ECLI:EU:C:1987:176
Languages and formats available
BG ES CS DA DE ET EL EN FR GA HR IT LV LT HU MT NL PL PT RO SK SL FI SV
HTML html ES html DA html EL html EN html IT html NL html PT
PDF pdf ES pdf DA pdf DE pdf EL pdf EN pdf FR pdf IT pdf NL pdf PT
Multilingual display
Text

61986C0124

GEVOEGDE CONCLUSIES VAN DE ADVOCAAT-GENERAL LENZ VAN 1 APRIL 1987. - COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN TEGEN ITALIAANSE REPUBLIEK. - NIET-NAKOMING - NIET-OMZETTING IN NATIONAAL RECHT VAN RICHTLIJN NR. 83/183 VAN DE RAAD - BELASTINGVRIJSTELLINGEN BIJ DEFINITIEVE INVOER UIT EEN LID-STAAT VAN PERSOONLIJKE GOEDEREN DOOR PARTICULIEREN. - ZAAK 124/86.

Jurisprudentie 1987 bladzijde 04661


Conclusie van de advocaat generaal


++++

Mijnheer de President,

mijne heren Rechters,

1 . Mijn conclusie in de twee niet-nakomingszaken waarmee het Hof zich zojuist heeft beziggehouden, kan zeer kort zijn .

2 . De Commissie van de Europese Gemeenschappen, verzoekster, vraagt het Hof in wezen, vast te stellen dat de Italiaanse Republiek, verweerster, door niet binnen de gestelde termijn de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen vast te stellen voor het volgen van richtlijnen*83/181/EEG en 83/183/EEG van de Raad van 28*maart 1983 ( 1 ), de krachtens het EEG-Verdrag op haar rustende verplichtingen niet is nagekomen, en verweerster te verwijzen in de kosten van de procedure .

3 . Verweerster heeft de haar telastgelegde inbreuken niet ontkend en evenmin uitdrukkelijke conclusies geformuleerd . Zij heeft enkel opgemerkt, dat sommige bepalingen van de richtlijnen, zij het met andere modaliteiten en termijnen, reeds in het Italiaanse recht van toepassing zijn . Verder heeft zij gewezen op de - tot op heden vergeefse - pogingen om de richtlijnen nog vóór de mondelinge behandeling in nationaal recht om te zetten .

4 . Ingevolge artikel*93 van richtlijn*83/181/EEG en artikel*12 van richtlijn *83/183/EEG waren de Lid-Staten verplicht uiterlijk op 1*juli*1984, respectievelijk 1*januari*1984, de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in werking te doen treden om aan deze richtlijnen te voldoen . Vaststaat, dat verweerster deze verplichting niet is nagekomen .

5 . Mitsdien geef ik het Hof in overweging beide verzoeken toe te wijzen en verweerster te veroordelen in de kosten van de procedure .

(*)* Vertaald uit het Duits .

( 1)*Richtlijn*83/181/EEG van de Raad van 28*maart*1983 houdende bepaling van de werkingssfeer van artikel*14, lid*1, sub*d, van richtlijn*77/388/EEG met betrekking tot de vrijstelling van de belasting over de toegevoegde waarde voor de definitieve invoer van bepaalde goederen ( PB*1983, L*105, blz.*38 ); richtlijn*83/183/EEG van de Raad van 28maart*1983 betreffende de belastingvrijstellingen bij definitieve invoer uit een Lid-Staat van persoonlijke goederen door particulieren ( PB*1983, L*105, blz.*64 ).

Top