|
|
[pic] | COMMISSION OF THE EUROPEAN COMMUNITIES |
|
[pic] | COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN |
|
|
Brussels, 21.10.2005
|
Brussel, 21.10.2005
|
|
COM(2005) 518 final
|
COM(2005) 518 definitief
|
|
COMMUNICATION FROM THE COMMISSION
|
MEDEDELING VAN DE COMMISSIE
|
|
on an EU common methodology for assessing administrative costs imposed by legislation{SEC(2005)1329}
|
over een gemeenschappelijke EU-methode voor het bepalen van uit wetgeving voortvloeiende administratieve lasten{SEC(2005)1329}
|
|
COMMUNICATION FROM THE COMMISSION
|
MEDEDELING VAN DE COMMISSIE
|
|
on an EU common methodology for assessing administrative costs imposed by legislation
|
over een gemeenschappelijke EU-methode voor het bepalen van uit wetgeving voortvloeiende administratieve lasten
|
|
The European Council of 22 and 23 March 2005 requested “the Commission and the Council to consider a common methodology for measuring administrative burdens with the aim of reaching an agreement by the end of 2005”. It stressed that “agreement should take advantage of the results of the Commission's pilot projects” and that “initiatives taken in the context of improving the regulatory environment must not themselves turn into administrative burdens.” (Point 24, Presidency conclusions).
|
De Europese Raad van 22 en 23 maart 2005 heeft “de Commissie en de Raad [verzocht] zich te beraden op een gemeenschappelijke methode voor het meten van de administratieve lasten, teneinde vóór eind 2005 een akkoord te bereiken”. Hij heeft onderstreept dat “daarbij zou moeten worden voortgebouwd op de resultaten van de proefprojecten van de Commissie” en dat “de initiatieven ter verbetering van het regelgevingskader zelf geen administratieve hinder mogen veroorzaken” (Punt 24 van de conclusies van het voorzitterschap).
|
|
The present Communication outlines an EU common methodology and proposes next steps for its introduction. The proposed model is based on the findings of the pilot phase launched in early April and presented in the Staff Working document in Annex[1].
|
In deze mededeling wordt een gemeenschappelijke EU-methode uiteengezet en worden voorstellen gedaan voor de invoering ervan. Het voorgestelde model is gebaseerd op de bevindingen uit de proefperiode, die begin april van start is gegaan en waarover in het bijgevoegde werkdocument van de diensten van de Commissie[1] verslag wordt uitgebracht.
|
|
1. ADMINISTRATIVE BURDEN AND BETTER REGULATION
|
1. ADMINISTRATIEVE LASTEN EN BETERE REGELGEVING
|
|
Modern society would function poorly without legislation and a functioning court system. By setting rights and obligations, laws protect citizens, customers, workers and businesses against abuses, negligence and unethical behaviour. In the particular case of enterprises, they are a precondition for fair competition and hence for competitiveness. This is the raison d’être of a large part of EU legislation, introduced to correct market failures and ensure a level playing field at continental level.
|
Zonder wetgeving en een degelijk gerechtelijk apparaat zou de moderne samenleving slecht functioneren. Door rechten en plichten vast te leggen bieden wetten bescherming aan burgers, consumenten, werknemers en bedrijven tegen misbruiken, onzorgvuldigheid en onethisch gedrag. Met name in het economische verkeer zijn zij een noodzakelijke voorwaarde voor eerlijke concurrentie en derhalve voor concurrentiekracht. Dit is de raison d’être van een groot deel van de EU-wetgeving, die is ingevoerd om marktverstoringen te corrigeren en gelijke voorwaarden te garanderen op Europees niveau.
|
|
That protection can often only be secured through obligations to provide information and report on the application of legislative norms. Administrative obligations should therefore not be presented as mere ‘red tape’, a term normally reserved for needlessly time-consuming, excessively complicated or useless procedures[2]. Nor should EU administrative obligations be presented as a mere cost factor, as it often replaces 25 different national legislations and thus decreases operating costs at EU level. On many issues, European business associations themselves have continued to ask for targeted harmonisation of rules as the best way forward in term of simplification. Moreover information requirements such as conformity testing and certification also provide crucial indication on the boundaries of business liability and remediation, which is not negligible viewed against the background of what is sometimes described as a growing “compensation culture”. Insofar as more liberty entails more responsibility, the suppression of certain legal obligations could result in bigger judicial and arbitration costs.
|
Deze bescherming kan vaak alleen worden verzekerd door het verstrekken van gegevens en het rapporteren over de toepassing van wettelijke normen verplicht te stellen. Administratieve verplichtingen mogen daarom niet per se worden gelijkgesteld aan “bureaucratie”, een term die doorgaans is voorbehouden aan onnodig tijdrovende, overdreven ingewikkelde of nutteloze procedures[2]. Evenmin mogen communautaire administratieve verplichtingen uitsluitend als een kostenfactor worden voorgesteld, omdat zij vaak in de plaats treden van 25 verschillende nationale wetgevingen en op die manier de bedrijfskosten op EU-niveau reduceren. Op vele gebieden hebben de Europese brancheorganisaties trouwens zelf steeds aangedrongen op een gerichte harmonisatie van de regels als de beste manier om tot vereenvoudigingen te komen. Informatieverplichtingen zoals conformiteitsbeoordeling en certificering bevatten ook cruciale aanwijzingen voor de mate waarin een bedrijf aansprakelijk is of schade moet vergoeden, wat niet onbelangrijk is tegen de achtergrond van wat soms wordt omschreven als een groeiende “compensatiecultuur”. In de mate dat meer vrijheid meer verantwoordelijkheid met zich brengt, zou de opheffing van bepaalde wettelijke verplichtingen kunnen leiden tot hogere gerechts- en arbitragekosten.
|
|
Without questioning the need for public authorities to pursue policy objectives through EU legislation, there is however scope for considering more carefully its design at all stages of the legislative procedure and implementation by Member States. Regulatory reform is needed in order to adapt to changes inside and outside the Union. Administrative obligations are no exception.
|
Dat publieke overheden beleidsdoelstellingen via EU-wetgeving moeten nastreven, staat niet ter discussie, maar er kan wel meer aandacht worden besteed aan de wijze waarop deze wetgeving in alle stadia van de wetgevingsprocedure vorm krijgt en vervolgens door de lidstaten ten uitvoer wordt gelegd. Een hervorming van de wet- en regelgeving is noodzakelijk om rekening te houden met ontwikkelingen in en buiten de Unie. Dit geldt evenzeer voor administratieve verplichtingen.
|
|
To this end and in the framework of the Better Regulation initiatives (due regard being had to the desirability of maintaining a stable corpus of legislation), the Commission has called for regular review of existing administrative obligations at EU and Member States levels and for taking into account the overall benefits and costs when preparing new legislation and simplifying existing one[3]. Regulatory costs, of which administrative obligations are just one element, must be analysed in a broad context, encompassing the economic, social and environmental costs and benefits of regulation. Regular review and integrated analysis should be considered by all as key components of Better Regulation.
|
Te dien einde en in het kader van de initiatieven voor betere regelgeving (waarbij er terdege rekening mee wordt gehouden dat het wenselijk is een stabiel wetgevingscorpus te handhaven) heeft de Commissie opgeroepen om bestaande administratieve verplichtingen op communautair en nationaal niveau regelmatig opnieuw te bekijken en met de totale kosten en baten rekening te houden bij de opstelling van nieuwe wetgeving en de vereenvoudiging van bestaande wetgeving[3]. Regelgevingskosten, waarvan administratieve verplichtingen slechts één aspect zijn, moeten worden geanalyseerd in een brede context, waarin de economische, sociale en milieukosten en -baten van regelgeving worden meegewogen. Een regelmatige toetsing en een geïntegreerde analyse moeten worden beschouwd als wezenlijke onderdelen van betere regelgeving.
|
|
2. QUANTIFICATION OF ADMINISTRATIVE BURDEN IN THE EU – THE STATE OF PLAY
|
2. KWANTIFICERING VAN ADMINISTRATIEVE LASTEN IN DE EU – EEN STAND VAN ZAKEN
|
|
The EC Treaty provides that the Commission should “take duly into account the need for any burden, whether financial or administrative, falling upon the Community, national governments, local authorities, economic operators and citizens to be minimised and proportionate to the objective to be achieved” (Point 9 - Protocol on the application of the principles of subsidiarity and proportionality).
|
Overeenkomstig het EG-Verdrag dient de Commissie “er terdege rekening mee te houden dat alle lasten, zij het financiële of administratieve, voor de Gemeenschap, nationale regeringen, lokale overheden, bedrijfsleven en burgers tot een minimum moeten worden beperkt en evenredig moeten zijn met het te bereiken doel” (Punt 9 - Protocol betreffende de toepassing van het subsidiariteits- en het evenredigheidsbeginsel).
|
|
In order to comply with the proportionality principle, the Commission already appraises the impact of proposed measures in term of administrative burden and evaluates it when simplifying existing legislation, but does not have a single quantitative approach for doing so. Analysis needs to follow basic rules, but will naturally differ from case to case not least because the methodologies for obtaining data need to differ from case to case.
|
Om aan het evenredigheidsbeginsel te voldoen, toetst de Commissie nu reeds haar voorstellen op de administratieve lasten die zij met zich brengen, en evalueert zij het effect van vereenvoudigingen van bestaande wetgeving, maar zij hanteert daarbij geen eenvormige kwantitatieve aanpak. De analyse moet volgens basisregels worden verricht, maar verschilt onvermijdelijk van geval tot geval, niet het minst omdat de methoden voor de gegevensverzameling van geval tot geval noodgedwongen anders zijn.
|
|
Some efforts to minimise administrative burden have not involved quantification. In those cases, complaints and suggestions from targeted groups are gathered through public consultation; a high level group of experts then reviews the regulatory framework and makes recommendations for simplification[4].
|
Bij de initiatieven om de administratieve lasten tot een minimum te beperken, wordt niet altijd gebruik gemaakt van gekwantificeerde gegevens. Zo worden klachten en voorstellen van doelgroepen via een openbare raadpleging verzameld, waarna een deskundigengroep op hoog niveau het regelgevingskader opnieuw bekijkt en aanbevelingen voor vereenvoudiging doet[4].
|
|
In its 16 March 2005 Communication on Better Regulation for Growth and Jobs, the Commission, underlying that weighting the costs of public action was not fundamentally "anti-regulation", announced its intention to make further progress on the issue and explore the possibility of developing a common approach at EU level (COM(2005)97). The Staff Working Document annexed to the Communication outlined a possible approach and launched the pilot phase underpinning the present Communication[5].
|
In haar mededeling van 16 maart 2005 over betere regelgeving met het oog op economische groei en meer banen heeft de Commissie, die onderstreepte dat het afwegen van de kosten van overheidsoptreden geen fundamenteel pleidooi tegen regulering is, aangekondigd dat zij voornemens is dit thema verder ter hand te nemen en te onderzoeken of het mogelijk is een gemeenschappelijke aanpak op EU-niveau te ontwikkelen (COM(2005) 97). In het bijgevoegde werkdocument van de diensten van de Commissie werd een mogelijke aanpak uiteengezet en het startsein gegeven voor de proefperiode waarop deze mededeling voortbouwt[5].
|
|
The need for further progress was also underlined by the European Council and the Council on various occasions, as well as by the Council Presidency[6]. The European Parliament, among other things, is preparing an own-initiative report on minimising administrative costs imposed by EU legislation.
|
Ook de Europese Raad en de Raad hebben bij verschillende gelegenheden, evenals het voorzitterschap van de Raad, benadrukt dat verdere vooruitgang noodzakelijk was[6]. Het Europees Parlement werkt onder meer aan een initiatiefrapport over het tot een minimum beperken van uit wetgeving voortvloeiende administratieve lasten.
|
|
As for Member States, a growing number of them are showing interest in quantifying the costs of administrative burden. There is a clear convergence towards the so-called Standard Cost Model (SCM). The Model, first introduced in the Netherlands in 2002, has been designed as a tool to measure the progress of administrative burden reduction programmes at national level. It consists of a detailed assessment of individual pieces of legislation, mainly based on direct interviews of enterprises and expert judgments (a micro assessment approach). Data on the time and labour costs needed to comply with each information requirement imposed by a legislative act, as well as on the number of entities concerned have to be compiled.
|
Een groeiend aantal lidstaten heeft belangstelling voor het kwantificeren van de administratieve lastendruk, waarbij het zogenaamde standaardkostenmodel (SKM) een duidelijke voorkeur geniet. Dit model, dat als eerste door Nederland werd ingevoerd in 2002, is ontworpen als een instrument om de vooruitgang te meten die met administratieve-lastenreductieprogramma’s op nationaal niveau is bereikt. Het omvat een gedetailleerde toetsing van afzonderlijke wetten, hoofdzakelijk op basis van directe interviews met het bedrijfsleven en beoordelingen van deskundigen (microtoetsing). Er moeten gegevens worden verzameld over hoeveel tijd en werk de naleving van iedere uit wetgeving voortvloeiende informatieverplichting kost, en over het aantal betrokkenen.
|
|
Two Member States, the Netherlands and Denmark, have assessed their entire legislation in force and are now assessing systematically all new measures. The UK and the Czech Republic are preparing to follow suit with their own baseline measurement. At least seven other Member States have taken some steps by testing the SCM or are planning to do so in one or two sectors. One Member State, Germany, is an observer in the informal network set up by SCM users and testers. The informal network has been turned into an international steering group in London on 19 September 2005.
|
Twee lidstaten, Nederland en Denemarken, hebben hun geldende wetgeving integraal op administratieve lasten getoetst en toetsen nu systematisch alle nieuwe maatregelen. Het Verenigd Koninkrijk en Tsjechië maken zich op om hun voorbeeld te volgen en eigen nulmetingen uit te voeren. Ten minste zeven andere lidstaten hebben het SKM in min of meerdere mate getest of zijn voornemens dat in een of twee sectoren te doen. Eén andere lidstaat, Duitsland, participeert als waarnemer in het informele netwerk dat SKM-gebruikers en -testers hebben opgezet. Dit informele netwerk is op 19 september 2005 in Londen omgevormd tot een internationale stuurgroep.
|
|
On the other hand, as of October 2005, thirteen other Member States do not appear to quantify administrative costs or envisage it on a test basis. Some have even indicated that they prefer focusing their efforts on concrete simplification measures instead.
|
Anderzijds zijn er, in oktober 2005, nog dertien andere lidstaten die administratieve lasten blijkbaar niet kwantificeren noch het voornemen hebben dat op proefbasis te doen. Sommige van deze landen hebben zelfs te kennen gegeven dat zij hun inspanningen liever op concrete vereenvoudigingsmaatregelen richten.
|
|
3. FEASIBILITY OF AN EU COMMON METHODOLOGY
|
3. HAALBAARHEID VAN EEN GEMEENSCHAPPELIJKE EU-METHODE
|
|
Assessing the findings of the pilot phase and the study of quantification efforts at Member State level is to a certain extent like deciding whether the glass is half full or half empty. For example, a number of methodological points could not be fully addressed and there were problems with the availability and accuracy of basic data.
|
Een evaluatie verrichten van de bevindingen van de proefperiode en van het onderzoek naar de kwantificeringsinspanningen op lidstaatniveau kan in zekere mate worden vergeleken met het beantwoorden van de vraag of het glas half vol of half leeg is. Zo is bijvoorbeeld een aantal methodologische aspecten niet ten volle aan bod kunnen komen en waren er problemen met de beschikbaarheid en de nauwkeurigheid van basisgegevens.
|
|
The Commission opts for the optimistic line and concludes positively on feasibility of an EU common methodology, broadly speaking. This positive conclusion, however, depends on several conditions, namely that (1) all EU Institutions and Member States use the same definition, core equation and reporting sheet when assessing administrative costs at EU level; (2) the EU common methodology is applied in a proportionate manner, (3) that more Member States coming from all parts of the Union are willing to contribute and (4) adequate level of staffing and financial resources are available within the Commission for assessment and evaluation.
|
De Commissie kiest voor een optimistische benadering en is algemeen genomen positief gestemd over de haalbaarheid van een gemeenschappelijke EU-methode. Aan deze positieve conclusie zijn evenwel verschillende voorwaarden verbonden, namelijk dat (1) alle EU-instellingen en –lidstaten dezelfde definitie en rekenmethodiek en hetzelfde rapportageformulier gebruiken bij het bepalen van administratieve lasten op EU-niveau, dat (2) de gemeenschappelijke EU-methode op proportionele wijze wordt toegepast, dat (3) meer lidstaten uit alle hoeken van de Unie willen participeren, en (4) dat de Commissie over voldoende personele en financiële middelen kan beschikken voor lastenberekening en evaluatie.
|
|
The EU common methodology must be applied in a proportionate manner. It should only be applied when the scale of the administrative obligations imposed by an EU act justifies it and the effort of assessment should remain proportionate to the scale of the administrative costs imposed by the legislation. Besides, adequate flexibility must be allowed when filling in the common reporting sheet.
|
De gemeenschappelijke EU-methode moet op proportionele wijze worden toegepast, dat wil zeggen alleen wanneer de omvang van de administratieve verplichtingen die uit een EU-besluit voortvloeien, dit rechtvaardigen, en de vereiste inspanningen moeten in verhouding staan tot de administratieve lasten die uit dat besluit voortvloeien. Ook moet er voldoende speelruimte zijn bij het invullen van het gemeenschappelijke rapportageformulier.
|
|
As for the number and the distribution of contributing Member States, evidence gathered through pilot projects suggests that they do not as yet provide a sufficient basis for assessing costs at EU level. Ideally, a majority of Member States should be willing and able to provide data (it is difficult to be more specific on the necessary critical mass because that is likely to vary from sector to sector). Whilst Member States should be encouraged to contribute, the Commission will of course retain responsibility for judging the costs of its proposals on the basis of its assessment of available evidence[7].
|
Wat het aantal en de geografische spreiding van de participerende lidstaten betreft, is uit proefprojecten gebleken dat er nog geen voldoende brede basis is voor het bepalen van de lasten op EU-niveau. Idealiter zou een meerderheid van lidstaten bereid en in staat moeten zijn om gegevens te verstrekken (het is moeilijk om de vereiste kritische massa nauwkeuriger te omschrijven omdat die van sector tot sector kan variëren). Ofschoon de lidstaten moeten worden aangezet tot participatie, blijft het uiteraard de taak van de Commissie om de kosten van haar voorstellen te evalueren op basis van de beoordelingen die zij verricht van de beschikbare gegevens[7]
|
|
A minimalist approach would only require that contributing Member States to provide data in a standardised manner on the labour costs, time and number of operators affected by an EU (proposed) measure and its transposition into national legislation. Member States would not necessarily have to apply the EU common methodology to assess their purely national legislation. The coexistence of very different methodologies at national and EU level would however increase significantly the overall assessment costs for Member States in terms of duplication and other efficiency losses[8]. Convergence between national and EU methodologies would moreover ensure easy interoperability among databases and would offer greater economies of scale in term of data collection.
|
Bij een minimalistische aanpak zouden de participerende lidstaten alleen maar gegevens moeten verstrekken, op een gestandaardiseerde wijze, over de werk- en tijdsbelasting van een (voorgestelde) EU-maatregel en de omzetting ervan in nationale wetgeving, en over het aantal betrokken bedrijven. De lidstaten zouden niet noodzakelijkerwijs de gemeenschappelijke EU-methode moeten toepassen bij het toetsen van hun nationale wetgeving. Het naast elkaar bestaan van sterk uiteenlopende methoden op nationaal en EU-niveau zou de totale toetsingskosten voor de lidstaten evenwel fors doen stijgen als gevolg van doublures en andere efficiencyverliezen[8]. Het samenvallen van een nationale methode met de EU-methode zou daarentegen zorgen voor een goede interoperabiliteit tussen de databanken en grotere schaalvoordelen bieden op het gebied van gegevensverzameling.
|
|
The EU common methodology would gain from clarification on a number of technical issues listed in the Staff Working Document in Annex (section 4.1). Optimisation efforts however should not be considered as a prerequisite for the introduction of a common methodology. Embarking on a learning by doing process would even help to solve these issues.
|
Een verduidelijking van een aantal technische kwesties die in het bijgevoegde werkdocument van de diensten van de Commissie zijn vermeld (deel 4.1), zou de gemeenschappelijke EU-methode ten goede komen. De optimaliseringsinspanningen mogen echter niet worden beschouwd als een voorwaarde voor de invoering van een gemeenschappelijke methode. Een aanpak waarbij men “al doende leert”, zou zelfs bijdragen aan het vinden van een oplossing voor deze kwesties.
|
|
4. THE ADDED-VALUE OF AN EU COMMON METHODOLOGY
|
4. TOEGEVOEGDE WAARDE VAN EEN GEMEENSCHAPPELIJKE EU-METHODE
|
|
On the basis of the findings of the pilot phase and the study of quantification efforts at Member State level, and although considerable optimisation work remains to be done, notably at Member States' level, the Commission concludes that:
|
Op basis van de bevindingen van de proefperiode en van het onderzoek naar de kwantificeringsinspanningen op lidstaatniveau luidt de conclusie van de Commissie, ofschoon er, met name op lidstaatniveau, nog heel wat ruimte voor optimalisering is, als volgt:
|
|
(1) specific cost-based quantification helps in assessing measures from the point of view of those affected and taking into account the distributional effects of a measure;
|
(1) een specifieke kostengebaseerde kwantificering helpt om maatregelen te beoordelen vanuit het standpunt van de betrokkenen en om rekening te houden met de verspreidingseffecten ervan;
|
|
(2) specific cost-based quantification contributes to regulatory transparency (quantifying costs helps to make trade-offs more transparent, provided that the benefits including longer term benefits are also investigated);
|
(2) een specifieke kostengebaseerde kwantificering draagt bij tot transparantie van wet- en regelgeving (door kosten te kwantificeren worden afwegingen transparanter, op voorwaarde dat ook de baten, inclusief die op de langere termijn, worden meegenomen);
|
|
(3) specific cost-based quantification often provides a relevant indicator in particular for prioritising simplification work and monitoring progress in reducing administrative burdens, provided that figures are put in proper perspective and methodological limitations properly highlighted;
|
(3) een specifieke kostengebaseerde kwantificering vormt vaak een relevante indicator voor met name het vaststellen van de prioriteiten voor de vereenvoudigingswerkzaamheden en het monitoren van de vooruitgang die wordt geboekt met het verlichten van de administratieve lasten, op voorwaarde dat de cijfers in het juiste licht worden bekeken en duidelijk wordt gewezen op methodologische beperkingen;
|
|
(4) quantification facilitates communication (communicating on simplification efforts is more effective when quantified results are provided; this is particularly true for the Union because, many EU measures being technical, their titles often mean very little for the wide public);
|
(4) kwantificering vergemakkelijkt communicatie (het effect van vereenvoudigingsinspanningen kan met gekwantificeerde resultaten doeltreffender worden gepresenteerd; dit is met name het geval op het niveau van de Unie omdat de benamingen van de communautaire maatregelen, die veelal technisch van aard zijn, vaak weinigzeggend zijn voor het grote publiek);
|
|
(5) an EU common methodology would facilitate the comparison of performance and the identification of best practices;
|
(5) een gemeenschappelijke EU-methode zou het gemakkelijker maken om prestaties te vergelijken en best practices in kaart te brengen;
|
|
(6) an EU common methodology would ensure that national data can be easily added up in view of assessing individual acts and/or cumulative burden at sectoral level.
|
(6) een gemeenschappelijke EU-methode zou garanderen dat nationale gegevens gemakkelijker kunnen worden samengeteld met het oog op de toetsing van afzonderlijke wetten en/of de cumulatieve lasten op sectoraal niveau.
|
|
There would therefore be net added value provided that an EU common methodology would not be at the expense of analysis of other impacts.
|
Een gemeenschappelijke EU-methode zou dus een netto toegevoegde waarde vormen, op voorwaarde dat geen afbreuk wordt gedaan aan de analyse van andere effecten.
|
|
5. OUTLINE OF AN EU COMMON METHODOLOGY FOR ASSESSING ADMINISTRATIVE COSTS IMPOSED BY LEGISLATION
|
5. HOOFDLIJNEN VAN EEN GEMEENSCHAPPELIJKE EU-METHODE VOOR HET BEPALEN VAN UIT WETGEVING VOORTVLOEIENDE ADMINISTRATIEVE LASTEN
|
|
A common methodology does not mean having no flexibility at EU or national level. A methodology is made of several building blocks. In order to have an EU common methodology, some must be used by all, others can be optional. EU institutions and Member States should remain free to introduce specific features in their methodology for assessing administrative burden imposed by legislation as long as the resulting figures (1) can be easily compared and (2) can be easily and reliably added up in view of assessment of cumulative burdens. This is in particular true for data collection methods. The outline presented in the Staff Working in Annex further elaborates on other optional or flexible elements that need to be preserved.
|
Een gemeenschappelijke methode hoeft niet te betekenen dat er geen flexibiliteit meer bestaat op nationaal of EU-niveau. Een methode bestaat uit verschillende bouwstenen. Om tot een gemeenschappelijke EU-methode te komen, moeten sommige daarvan door iedereen worden gebruikt, terwijl andere facultatief kunnen zijn. De EU-instellingen en de lidstaten moeten de vrijheid hebben om specifieke componenten op te nemen in hun eigen methode voor het bepalen van uit wetgeving voortvloeiende administratieve lasten, voorzover de resulterende cijfers (1) gemakkelijk te vergelijken zijn en (2) op gemakkelijke en betrouwbare wijze kunnen worden samengeteld om cumulatieve lasten te bepalen. Dit geldt met name voor methoden voor gegevensverzameling. In de schets die in het bijgevoegde werkdocument van de diensten van de Commissie is gepresenteerd, wordt verder ingegaan op andere facultatieve of flexibele componenten die moeten worden gehandhaafd.
|
|
However, as already mentioned, the Commission considers that there can be no EU common methodology without the three following building blocks: a common definition, a common core equation and a common reporting sheet. The pilot phase has tentatively confirmed the adequacy of the definition, core equation and reporting sheet presented in the Staff Working Document in Annex.
|
Zoals eerder al aangegeven, is de Commissie evenwel van mening dat een gemeenschappelijke EU-methode noodzakelijkerwijs de drie volgende bouwstenen moet omvatten: een gemeenschappelijke definitie, een gemeenschappelijke rekenmethodiek en een gemeenschappelijk rapportageformulier. Volgens de voorlopige conclusie van de proefperiode voldoen de definitie, de rekenmethodiek en het rapportageformulier die in het bijgevoegde werkdocument van de diensten van de Commissie zijn gepresenteerd, aan de eisen.
|
|
Assessing net administrative costs as proposed by the Commission (new costs imposed by an act minus costs suppressed by the same act be it at EU or Member State level) seems preferable for a number of reasons. It would clearly show the extent of simplification efforts and dispel the impression that an EU obligation automatically means ‘new’ costs. Moreover, it would be consistent with the Commission’s impact assessment guidelines and national RIA (Regulatory Impact Assessment) manuals, as well as being in line with the first OECD guiding principle for regulatory quality and performance. Finally a net cost approach would have a clear advantage for those Member States which assess administrative burden systematically. First, with net figures, there is no need to go through costly periodical assessment of the entire legislation into force. Secondly, consolidated figures can be produced at any time which means that progress can be monitored on an ongoing basis (no need to wait for the general stocktaking exercise to know how total administrative burden evolved since the initial baseline measurement).
|
Er zijn verschillende redenen om de voorkeur te geven aan de door de Commissie voorgestelde werkwijze om de netto administratieve lasten te bepalen (nieuwe lasten die uit een besluit voortvloeien minus de lasten die wegvallen als gevolg van ditzelfde besluit, zowel op EU- als op lidstaatniveau). Dit zou het effect van vereenvoudigingsinspanningen duidelijk illustreren en het beeld ontkrachten dat een EU-verplichting automatisch “nieuwe” lasten met zich brengt. Het zou ook consistent zijn met de richtsnoeren van de Commissie voor effectbeoordelingen en de nationale RIA-handleidingen (Regulatory Impact Assessment) en in overeenstemming zijn met de eerste OESO-richtsnoer voor regelgevingskwaliteit en -efficiency. Ten slotte zou een werkwijze waarbij de netto lasten worden bepaald, een onmiskenbaar voordeel betekenen voor de lidstaten die systematisch de administratieve lastendruk toetsen. Om te beginnen maken nettocijfers dure periodieke toetsingen van de volledige geldende wetgeving overbodig. Voorts kunnen er op ieder willekeurig moment geconsolideerde cijfers worden geproduceerd, waardoor de vorderingen op continue basis kunnen worden gevolgd (er hoeft dus niet te worden gewacht tot de algemene inventarisatie om de ontwikkeling van de totale administratieve lastendruk sinds de nulmeting te kennen).
|
|
As the proposed EU model is building for a large part on the Standard Cost Model, adjustment costs for users and testers would be minimal.
|
Aangezien het voorgestelde EU-model grotendeels op het standaardkostenmodel is geïnspireerd, zouden de aanpassingskosten voor gebruikers en testers minimaal zijn.
|
|
It should be possible to add other common elements to simplify the assessment and enhance the comparison and addition of data. This needs to be further studied with the Council and the Member States.
|
Het zou mogelijk moeten zijn om andere gemeenschappelijke componenten toe te voegen om de lastenberekening te vereenvoudigen en de mogelijkheden om gegevens te vergelijken en toe te voegen, te verbeteren. Dit moet verder worden onderzocht met de Raad en de lidstaten.
|
|
6. NEXT STEPS
|
6. VOLGENDE STAPPEN
|
|
For the short term, the Commission:
|
Op de korte termijn wil de Commissie:
|
|
(1) intends to include the methodological building blocks tentatively validated by the pilot phase (i.e. the common definition, the common core equation and the common reporting sheet), in the Commission’s impact assessment guidelines and evaluation guidelines, with actual implementation and use being subject to
|
(1) de methodologische bouwstenen die in de proefperiode voorlopig zijn gevalideerd (dat wil zeggen de gemeenschappelijke definitie, de gemeenschappelijke rekenmethodiek en het gemeenschappelijke rapportageformulier), in haar richtsnoeren voor effectbeoordelingen en voor evaluaties opnemen; de implementatie en het gebruik ervan in de praktijk zouden gebeuren:
|
|
(a) the principle of proportionate analysis, t he Commission retaining responsibility for judging the costs of its proposals;
|
(a) met inachtneming van het beginsel van de evenredige analyse, waarbij de Commissie verantwoordelijk blijft voor het beoordelen van de kosten van haar voorstellen;
|
|
(b) the availability of sufficient, reliable and representative data, compatible with the EU common methodology. In this context Member States are invited to provide such data as appropriate;
|
(b) afhankelijk van de beschikbaarheid van voldoende, betrouwbare en representatieve gegevens, die compatibel zijn met de gemeenschappelijke EU-methode. In dit verband wordt de lidstaten verzocht in voorkomend geval zulke gegevens te verstrekken;
|
|
(c) the availability of an adequate level of staffing and financial resources
|
(c) afhankelijk van de beschikbaarheid van toereikende personele en financiële middelen.
|
|
(2) invites the Member States, meeting within the Council, to reach an agreement with the Commission on a common methodology, building on the results of the Commission’s pilot phase;
|
(2) de lidstaten, die in de Raad bijeenkomen, verzoeken met de Commissie overeenstemming te bereiken over een gemeenschappelijke methode, die voortbouwt op de bevindingen van het proefproject van de Commissie;
|
|
For the longer term, the Commission proposes:
|
Op de langere termijn stelt de Commissie voor om:
|
|
(3) to examine, with the help of the high level group of national experts on better regulation, how to solve pending methodological issues;
|
(3) tezamen met de nationale-deskundigengroep op hoog niveau voor betere regelgeving na te gaan hoe nog openstaande methodologische kwesties kunnen worden opgelost;
|
|
(4) drafting of an EU operational manual in consultation with Member States;
|
(4) in overleg met de lidstaten een EU-handleiding op te stellen;
|
|
(5) exploring, on a test basis, whether the EU common methodology can meaningfully be used o assess cumulative burden at sectoral level;
|
(5) op proefbasis te onderzoeken of de gemeenschappelijke EU-methode zinvol kan worden aangewend voor het bepalen van de cumulatieve lastendruk op sectoraal niveau;
|
|
(6) to open inter-institutional negotiations with a view to including the future EU common methodology in the Inter-Institutional Agreement on Better Law-making.
|
(6) interinstitutionele onderhandelingen te openen om de toekomstige gemeenschappelijke EU-methode op te nemen in het interinstitutioneel akkoord over beter wetgeven.
|
|
[1] Staff Working Document, Developing an EU common methodology for assessing administrative costs imposed by EU legislation - Report on the Pilot Phase (April– September 2005) , SEC(2005) 1329.
|
[1] Werkdocument Developing an EU common methodology for assessing administrative costs imposed by EU legislation - Report on the Pilot Phase (April– September 2005) , SEC(2005) 1329.
|
|
[2] Examples such as the obligation to publish annual accounts or to present cars for annual inspection illustrate clearly how indispensable administrative obligations can be.
|
[2] Voorbeelden zoals de verplichte publicatie van een jaarrekening of de verplichte jaarlijkse autokeuring maken het belang van administratieve verplichtingen duidelijk.
|
|
[3] COM(2005)24.
|
[3] COM(2005)24.
|
|
[4] See for instance the work on the cumulative regulatory burden put on the automotive sector (http://europa.eu.int/comm/enterprise/automotive/pagesbackground/competitiveness/cars21.htm).
|
[4] Zie bijvoorbeeld de werkzaamheden met betrekking tot de cumulatieve druk van regelgeving op de automobielsector (http://europa.eu.int/comm/enterprise/automotive/pagesbackground/competitiveness/cars21.htm).
|
|
[5] ‘Minimising administrative costs imposed by legislation’, SEC(2005)175.
|
[5] ‘Minimising administrative costs imposed by legislation’, SEC(2005)175.
|
|
[6] In particular, administrative burden figures prominently in the Joint Statement “Advancing regulatory reform in Europe” signed on 7 December 2004 by the six Member States successively holding the presidency of the Council from 2004 to 2006 (Ireland, the Netherlands, Luxembourg, the UK, Finland and Austria).
|
[6] Er wordt met name aan de administratieve lasten veel aandacht besteed in de gemeenschappelijke verklaring “Advancing regulatory reform in Europe”, die op 7 december 2004 is ondertekend door de zes lidstaten die van 2004 tot 2006 opeenvolgend het voorzitterschap van de Raad bekleden (Ierland, Nederland, Luxemburg, het VK, Finland en Oostenrijk).
|
|
[7] To do otherwise could create significant difficulties, especially for ex-ante assessments where Member States may not have the same understanding of the proposal, not have decided on how to specify administrative procedures or have no data, and could not be expected to provide estimates in a timely manner as the proposal is re-shaped during its development phase.
|
[7] Een andere werkwijze zou grote moeilijkheden kunnen veroorzaken, met name bij beoordelingen vooraf, in welk geval de lidstaten het voorstel niet noodzakelijk op dezelfde wijze interpreteren, zij nog niet hebben besloten hoe bestuurlijke procedures worden ingevuld, of niet over gegevens beschikken, en van hen niet kan worden verwacht dat zij op tijd ramingen verstrekken terwijl het voorstel nog in zijn ontwikkelingsfase verkeert en wijzigingen ondergaat.
|
|
[8] The coexistence of – incompatible – methodologies at EU and national level would increase assessment costs for the following reasons. Member States using a different definition or a different method of quantification would not have at hand the data required for EU-wide assessment, obliging them to organise specific data collection. Sharing the same definition and the same approach to quantification means that new comers can assess administrative burden in their country by building on existing data in similar countries.
|
[8] Het naast elkaar bestaan van – incompatibele – methoden op nationaal en EU-niveau zou de toetsingskosten om de volgende redenen doen stijgen: de lidstaten die een andere definitie of een andere kwantificeringsmethode hanteren, zouden niet beschikken over de gegevens die vereist zijn voor een EU-brede beoordeling, waardoor zij specifiek gegevens zouden moeten verzamelen. Door gebruik te maken van dezelfde definitie en dezelfde kwantificeringswijze kunnen nieuwkomers de administratieve lasten in hun land bepalen door voort te bouwen op de bestaande gegevens in vergelijkbare landen.
|