Bilingual display

BG CS DA DE EL EN ES ET FI FR HU IT LT LV MT NL PL PT RO SK SL SV  BG CS DA DE EL EN ES ET FI FR HU IT LT LV MT NL PL PT RO SK SL SV 

en

nl

 
Commission Decision
Beschikking van de Commissie
of 13 August 2008
van 13 augustus 2008
establishing the ecological criteria for the award of the Community eco-label to indoor paints and varnishes
tot vaststelling van de milieucriteria voor de toekenning van de communautaire milieukeur aan verven en vernissen voor gebruik binnenshuis
(notified under document number C(2008) 4453)
(Kennisgeving geschied onder nummer C(2008) 4453)
(Text with EEA relevance)
(Voor de EER relevante tekst)
(2009/544/EC)
(2009/544/EG)
THE COMMISSION OF THE EUROPEAN COMMUNITIES,
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Having regard to the Treaty establishing the European Community,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Having regard to Regulation (EC) No 1980/2000 of the European Parliament and of the Council of 17 July 2000 on a revised Community eco-label award scheme [1], and in particular the second subparagraph of Article 6(1) thereof,
Gelet op Verordening (EG) nr. 1980/2000 van het Europees Parlement en de Raad van 17 juli 2000 inzake een herzien communautair systeem voor de toekenning van milieukeuren [1], en met name op artikel 6, lid 1, tweede alinea,
Whereas:
Overwegende hetgeen volgt:
(1) Under Regulation (EC) No 1980/2000 the Community eco-label may be awarded to a product possessing characteristics which enable it to contribute significantly to improvements in relation to key environmental aspects.
(1) Krachtens Verordening (EG) nr. 1980/2000 kan de communautaire milieukeur worden toegekend aan een product waarvan de eigenschappen werkelijk kunnen bijdragen tot verbeteringen van essentiële milieuaspecten.
(2) Regulation (EC) No 1980/2000 provides that specific eco-label criteria, drawn up on the basis of the criteria drafted by the European Union Eco-Labelling Board, are to be established according to product groups.
(2) Krachtens Verordening (EG) nr. 1980/2000 moeten per productengroep specifieke criteria voor de milieukeur worden vastgesteld op basis van door het Bureau voor de milieukeur van de Europese Unie opgestelde criteria.
(3) It also provides that the review of the eco-label criteria, as well as of the assessment and verification requirements related to those criteria, is to take place in due time before the end of the period of validity of the criteria specified for the product group concerned.
(3) Ook moet krachtens die verordening de herziening van de criteria voor de milieukeur en van de eisen inzake beoordeling en controle op de naleving van die criteria tijdig vóór het eind van de geldigheidsperiode van de criteria voor de desbetreffende productengroep plaatsvinden.
(4) Pursuant to Regulation (EC) No 1980/2000, a timely review has been carried out of the ecological criteria, as well as of the related assessment and verification requirements established by Commission Decision 2002/739/EC of 3 September 2002 establishing revised ecological criteria for the award of the Community eco-label to indoor paints and varnishes and amending Decision 1999/10/EC [2]. Those ecological criteria and the related assessment and verification requirements are valid until 28 February 2009.
(4) Overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1980/2000 heeft een tijdige herziening plaatsgevonden van de milieucriteria en van de desbetreffende eisen inzake beoordeling en controle die zijn vastgesteld bij Beschikking 2002/739/EG van de Commissie van 3 september 2002 tot vaststelling van de herziene milieucriteria voor de toekenning van de communautaire milieukeur voor verven en vernissen voor gebruik binnenshuis en tot wijziging van Beschikking 1999/10/EG [2]. Die milieucriteria en de desbetreffende eisen inzake beoordeling en controle zijn geldig tot en met 28 februari 2009.
(5) In the light of this review, it is appropriate, in order to take account of scientific and market developments, to modify the definition of the product group and to establish new ecological criteria.
(5) In het licht van deze herziening en teneinde rekening te houden met de wetenschappelijke ontwikkelingen en de ontwikkelingen op de markt dient de definitie van de productengroep te worden gewijzigd en dienen nieuwe milieucriteria te worden vastgesteld.
(6) Decision 2002/739/EC should therefore be replaced.
(6) Beschikking 2002/739/EG moet daarom worden vervangen.
(7) The ecological criteria, as well as the related assessment and verification requirements, should be valid until four years from the date of notification of this Decision.
(7) De milieucriteria en de desbetreffende eisen inzake beoordeling en controle dienen geldig te zijn tot en met vier jaar vanaf de datum van kennisgeving van deze beschikking.
(8) A transitional period should be allowed for producers whose products have been awarded the eco-label for indoor paints and varnishes before 18 August 2008 or who have applied for such an award before 18 August 2008 so that they have sufficient time to adapt their products to comply with the revised criteria and requirements. For the sake of legal certainty, until 28 February 2009 producers should be allowed to submit applications set out under the criteria set in Decision 2002/739/EC or set out under the criteria set in this Decision. After this date only the criteria set out in this Decision should apply.
(8) Er moet een overgangsperiode worden toegestaan voor producten waaraan de milieukeur voor verven en vernissen voor gebruik binnenshuis is toegekend vóór 18.8.2008 of waarvoor die milieukeur is aangevraagd vóór 18.8.2008, zodat de producenten de tijd hebben om hun producten aan de herziene criteria en eisen aan te passen. Omwille van de rechtszekerheid dienen producenten tot en met 28.2.2009 aanvragen te kunnen indienen op basis van de criteria van Beschikking 2002/739/EG dan wel op basis van de criteria van deze beschikking. Na die datum gelden alleen de criteria van deze beschikking.
(9) Measures provided for in this Decision are in accordance with the opinion of the Committee instituted by Article 17 of Regulation (EC) No 1980/2000,
(9) De in deze beschikking vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het bij artikel 17 van Verordening (EG) nr. 1980/2000 ingestelde comité,
HAS ADOPTED THIS DECISION:
HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:
Article 1
Artikel 1
1. The product group "indoor paints and varnishes" shall comprise indoor decorative paints and varnishes, woodstains and related products, as defined in paragraph 2, intended for use by do-it-yourself and professional users and primarily developed for indoor use and marketed as such.
1. De productengroep "verven en vernissen voor gebruik binnenshuis" omvat decoratieve verven en vernissen, houtbeitsen en verwante producten voor gebruik binnenshuis, als omschreven in lid 2, bestemd voor gebruik door doe-het-zelvers en professionele gebruikers, die in eerste instantie worden ontwikkeld voor gebruik binnenshuis en als zodanig op de markt worden gebracht.
This includes, inter alia, floor coatings and floor paints; products which are tinted by distributors at the request of amateur or professional decorators; tinting systems; decorative paints in liquid or paste formulas which may have been pre-conditioned, tinted or prepared by the manufacturer to meet consumers needs, including primers and undercoats of such product systems.
Hieronder vallen, onder andere, vloercoatings en vloerverven, producten die door distributeurs op verzoek van doe-het-zelvers of beroepsschilders worden gekleurd, kleursystemen, en decoratieve verven in de vorm van vloeibare of pasteuze mengsels die eventueel zijn voorbehandeld, gekleurd of voorbereid door de fabrikant om aan de behoeften van de consument te voldoen, met inbegrip van primers en grondverven van dergelijke productsystemen.
2. "Paint" means a pigmented coating material, in liquid or in paste or powder form, which when applied to a substrate, forms an opaque film having protective, decorative or specific technical properties.
2. Onder "verf" wordt een gepigmenteerd dekmateriaal verstaan, in vloeibare of pasteuze vorm of in poedervorm, dat bij aanbrenging op een ondergrond een dekkende laag vormt met beschermende, decoratieve of specifieke technische eigenschappen.
"Varnish" means a clear coating material which when applied to a substrate forms a solid transparent film having protective, decorative or specific technical properties.
Onder "vernis" wordt een helder dekmateriaal verstaan dat bij aanbrenging op een ondergrond een harde transparante laag vormt met beschermende, decoratieve of specifieke technische eigenschappen.
"Decorative paints and varnishes" means paints and varnishes that are applied to buildings, their trim and fittings, for decorative and protective purposes. They are applied in-situ. While their main function is decorative in nature, they also have a protective role.
Onder "decoratieve verven en vernissen" worden verven en vernissen verstaan die worden aangebracht op gebouwen, het houtwerk en toebehoren ervan, voor decoratieve en beschermende doeleinden. Zij worden ter plaatse aangebracht. Hoewel voornamelijk als decoratie bedoeld, hebben zij ook een beschermende functie.
"Woodstains" (lasures) means coatings producing a transparent or semi-transparent film for decoration and protection of wood against weathering, which enables maintenance to be carried out easily.
Onder "houtbeitsen" (lazuren) worden coatings verstaan die een transparante of semitransparante laag produceren voor decoratie en voor bescherming van hout tegen verwering, waardoor er eenvoudig onderhoud kan worden verricht.
"Tinting systems" is a method of preparing coloured paints by mixing a "base" with coloured tints.
Onder "kleursysteem" wordt een methode verstaan om gekleurde verven aan te maken door een basisverf te mengen met kleurmiddelen.
3. The product group shall not comprise:
3. De volgende producten vallen niet onder deze productengroep.
(a) anti-corrosion coatings;
a) anticorrosieve coatings;
(b) anti-fouling coatings;
b) aangroeiwerende coatings;
(c) wood preservation products;
c) houtconserveringsmiddelen;
(d) coatings for particular industrial and professional uses, including heavy-duty coatings;
d) coatings voor bepaalde industriële en professionele toepassingen, met inbegrip van coatings voor zwaar gebruik;
(e) facade coatings;
e) gevelcoatings;
(f) any product primarily developed for outdoor use and marketed as such.
f) ieder product dat in eerste instantie is ontwikkeld voor gebruik buitenshuis en als zodanig in de handel wordt gebracht.
Article 2
Artikel 2
1. In order to be awarded the Community eco-label under Regulation (EC) No 1980/2000 and subject to paragraphs 2 and 3 of this Article, paints and varnishes must fall within the product group "indoor paints and varnishes" as defined in Article 1, and must comply with the ecological criteria set out in the Annex to this Decision.
1. Voor de toekenning van de communautaire milieukeur in het kader van Verordening (EG) nr. 1980/2000 dienen verven en vernissen, met inachtneming van het bepaalde in de leden 2 en 3, te vallen onder de productengroep "verven en vernissen voor gebruik binnenshuis" zoals gedefinieerd in artikel 1, en dienen ze te voldoen aan de in de bijlage bij deze beschikking beschreven milieucriteria.
2. Two-pack reactive performance coatings for specific end uses shall comply with the following conditions:
2. Tweecomponentencoatings met bijzondere eigenschappen, bestemd voor specifieke toepassingen, dienen aan de volgende voorwaarden te voldoen:
(a) both components thereof must individually comply with the ecological criteria set out in the Annex (with the exception of the criterion for Volatile Organic Compounds);
a) elk van beide componenten afzonderlijk dient te voldoen aan de in de bijlage beschreven milieucriteria (met uitzondering van het criterium voor vluchtige organische stoffen (VOS));
(b) they must be accompanied by information explaining that the individual components must not be used separately or mixed with other products;
b) zij dienen vergezeld te gaan van informatie waarin wordt verduidelijkt dat de beide componenten noch afzonderlijk mogen worden gebruikt, noch met andere producten mogen worden gemengd;
(c) the final ready-for-use product, however, must also meet the ecological criteria, including the criterion for VOC.
c) het gebruiksklare eindproduct dient eveneens aan de milieucriteria, inclusief het criterium voor VOS, te voldoen.
3. Coatings marketed for both indoor and outdoor use must satisfy both the criteria set out in this Decision for indoor paints and varnishes and the criteria set out in Commission Decision (2009/543/EC) [3] for outdoor paints and varnishes.
3. Coatings die zowel voor gebruik binnenshuis als voor gebruik buitenshuis in de handel worden gebracht, dienen zowel aan de criteria van deze beschikking inzake verven en vernissen voor gebruik binnenshuis als aan de criteria van Beschikking 2009/543/EG van de Commissie [3] inzake verven en vernissen voor gebruik buitenshuis te voldoen.
Article 3
Artikel 3
The ecological criteria for the product group "indoor paints and varnishes", as well as the related assessment and verification requirements, shall be valid until four years as from the date of entry into force of this decision.
De milieucriteria voor de productengroep "verven en vernissen voor gebruik binnenshuis" en de desbetreffende eisen inzake beoordeling en controle zijn geldig vier jaar na de datum van inwerkingtreding van deze beschikking.
Article 4
Artikel 4
For administrative purposes the code number assigned to the product group "indoor paints and varnishes" shall be "07".
Het voor administratieve doeleinden aan de productengroep "verven en vernissen voor gebruik binnenshuis" toegewezen codenummer is "07".
Article 5
Artikel 5
Decision 2002/739/EC is repealed.
Beschikking 2002/739/EG wordt ingetrokken.
Article 6
Artikel 6
1. Ecolabels awarded before 18 August 2008 in respect of products falling within the product group "indoor paints and varnishes" may continue to be used until 28 February 2009.
1. Milieukeuren die vóór 18.8.2008 aan producten van de productengroep "verven en vernissen voor gebruik binnenshuis" zijn toegekend, mogen worden gebruikt tot 28.2.2009.
2. Where applications have been submitted before 18 August 2008 for the award of the Ecolabel in respect of products falling within the product group "indoor paints and varnishes", those products shall be awarded the eco-label under the conditions laid down in Decision 2002/739/EC. In such cases, the eco-label may be used until 28 February 2009.
2. Voor producten van de productengroep "verven en vernissen voor gebruik binnenshuis" waarvoor een milieukeur is aangevraagd vóór 18.8.2008, wordt de milieukeur toegekend overeenkomstig de in Beschikking 2002/739/EG vastgestelde voorwaarden. De milieukeur mag dan worden gebruikt tot 28.2.2009.
3. Applications which are submitted after 18 August 2008 but before 1 March 2009 for the award of the eco-label in respect of products falling within the product group "indoor paints and varnishes" may be based either on the criteria set out in Decision 2002/739/EC or on the criteria set out in this Decision.
3. Aanvragen voor toekenning van de milieukeur aan producten van de productengroep "verven en vernissen voor gebruik binnenshuis" die worden ingediend na 18.8.2008 maar vóór 1.3.2009, mogen hetzij op de criteria van Beschikking 2002/739/EG, hetzij op de criteria van deze beschikking worden gebaseerd.
Where the application is based on the criteria set out in Decision 2002/739/EC, the eco-label may be used until 28 February 2009.
Als de aanvraag wordt gebaseerd op de criteria van Beschikking 2002/739/EG, mag de milieukeur worden gebruikt tot 28.2.2009.
Article 7
Artikel 7
This Decision is addressed to the Member States.
Deze beschikking is gericht tot de lidstaten.
Done at Brussels, 13 August 2008.
Gedaan te Brussel, 13 augustus 2008.
For the Commission
Voor de Commissie
Olli Rehn
Olli Rehn
Member of the Commission
Lid van de Commissie
[1] OJ L 237, 21.9.2000, p. 1.
[1] PB L 237 van 21.9.2000, blz. 1.
[2] L 236, 4.9.2002, p. 4.
[2] PB L 236 van 4.9.2002, blz. 4.
[3] See page 27 of this Official Journal.
[3] Zie bladzijde 27 van dit Publicatieblad.
--------------------------------------------------
--------------------------------------------------
ANNEX
BIJLAGE
A. FRAMEWORK
A. KADER
The aims of the criteria
Doelstellingen van de criteria
These criteria aim in particular at:
Deze criteria zijn hoofdzakelijk gericht op:
- the efficient use of the product and the minimisation of waste,
- een efficiënt gebruik van het product en de beperking van afval tot een minimum;
- reducing the environmental and other risks (such as tropospheric ozone) by reducing solvent emissions,
- vermindering van milieurisico’s en overige risico’s (zoals troposferisch ozon) door verlaging van de uitstoot van oplosmiddelen;
- reducing the discharges of toxic or otherwise polluting substances into waters. The criteria are set at levels that promote the labelling of interior paints and varnishes which have a lower environmental impact.
- de beperking van de lozing van toxische of anderszins verontreinigende stoffen in wateren. De criteria worden op een zodanig niveau vastgesteld dat wordt bevorderd dat verven en vernissen voor gebruik binnenshuis met geringere milieueffecten de milieukeur krijgen.
Assessment and verification requirements
Eisen inzake beoordeling en controle
The specific assessment and verification requirements are indicated within each criterion.
Bij elk criterium worden de specifieke eisen inzake beoordeling en controle vermeld.
Where the applicant is required to provide declarations, documentation, analyses, test reports, or other evidence to show compliance with the criteria, it is understood that these may originate from the applicant and/or his supplier(s) and/or their supplier(s), etc., as appropriate.
Wanneer de aanvrager verplicht is verklaringen, documentatie, analyses, testverslagen of ander bewijsmateriaal in te dienen waaruit blijkt dat aan de criteria wordt voldaan, wordt ervan uitgegaan dat deze, zoals aangewezen, afkomstig kunnen zijn van de aanvrager en/of diens leverancier(s) en/of hun leverancier(s) enz.
Where appropriate, test methods other than those indicated for each criterion may be used if their equivalence is accepted by the competent body assessing the application.
Eventueel mogen andere testmethoden worden gebruikt dan voor elk criterium worden vermeld, indien deze door de bevoegde instantie die de aanvraag beoordeelt als gelijkwaardig worden geaccepteerd.
Where appropriate, competent bodies may require supporting documentation and may carry out independent verifications.
Indien nodig kunnen de bevoegde instanties aanvullende documentatie verlangen en onafhankelijke controles uitvoeren.
The competent bodies are recommended to take into account the implementation of recognised environmental management schemes, such as EMAS or EN ISO14001, when assessing applications and monitoring compliance with the criteria (Note: it is not required to implement such management schemes).
De bevoegde instanties wordt aangeraden bij de beoordeling van aanvragen en het toezicht op de inachtneming van de criteria rekening te houden met de toepassing van erkende milieubeheersystemen, zoals EMAS of EN ISO14001 (NB: toepassing van dergelijke milieubeheersystemen is niet verplicht).
Where ingredients are referred to in the criteria, this includes substances and preparations. The definitions of "substances" and "preparations" are given in the REACH Regulation (Regulation (EC) No 1907/2006 of the European Parliament and of the Council [1].
Wanneer in de criteria het begrip "ingrediënten" wordt gebruikt, omvat dit zowel stoffen als preparaten. De definities van "stoffen" en "preparaten" zijn opgenomen in de REACH-verordening (Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad [1]).
The exact formulation of the product should be provided to the competent body for all ingoing substances that are used by the applicant. Any substance, including impurities, present in concentrations greater than 0,01 % (m/m) should be reported unless a lower concentration is specified elsewhere in the criteria.
De precieze formulering van het product dient aan de bevoegde instantie te worden meegedeeld voor alle door de aanvrager gebruikte (bestanddelen van) ingrediënten. Alle stoffen, met inbegrip van onzuiverheden, die aanwezig zijn in concentraties groter dan 0,01 massaprocent moeten worden aangemeld, tenzij elders in de criteria een lagere concentratie wordt gespecificeerd.
B. ECOLOGICAL CRITERIA
B. MILIEUCRITERIA
All criteria except criterion 3 concerning VOC limits shall apply to the paint or varnish in its packaging. In line with Directive 2004/42/EC of the European Parliament and of the Council [2] the VOC limits relate to the ready to use product and so the maximum VOC content should be calculated based on any recommended additions such as colorants and/or thinners. For this calculation, data supplied by the raw material suppliers regarding solids content, VOC content and product density will be required.
Alle criteria met uitzondering van criterium 3 inzake grenswaarden voor VOS gelden voor de verf of het vernis in de verpakking. Overeenkomstig Richtlijn 2004/42/EG van het Europees Parlement en de Raad [2] hebben de VOS-grenswaarden betrekking op het gebruiksklare product; bijgevolg moet het maximale VOS-gehalte worden berekend rekening houdend met de eventueel aanbevolen toevoeging van, bijvoorbeeld, kleurstoffen en/of verdunners. Voor die berekening zijn gegevens over het vastestof- en het VOS-gehalte en de dichtheid van het product vereist die door de leveranciers van grondstoffen moeten worden verstrekt.
Criteria 1 and 2 apply only to white and light-coloured paints (including finishes, primers, undercoats and/or intermediates).
De criteria 1 en 2 gelden alleen voor witte en lichtgekleurde verven (met inbegrip van aflakken, primers, grondverven en/of tussencoatings).
For tinting systems, criteria 1 and 2 apply only to the white base (the base containing the most TiO2). In cases where the white base is unable to achieve the requirement of at least 8 m2 per litre at a hiding power of 98 % according to criterion 7(a), the criteria shall be met after tinting to produce the standard colour RAL 9010.
Voor kleursystemen zijn de criteria 1 en 2 alleen van toepassing op de witte basisverf, die de grootste hoeveelheid TiO2 bevat. Ingeval de witte basisverf niet het vereiste spreidend vermogen heeft van ten minste 8 m2 per liter bij een dekvermogen van 98 % overeenkomstig criterium 7, onder a), moet aan de criteria worden voldaan na een kleuring die resulteert in standaardkleur RAL 9010.
Criteria 1 and 2 do not apply to transparent coatings.
De criteria 1 en 2 zijn niet van toepassing op transparante coatings.
1. White pigments
1. Witte pigmenten
White pigment content (white inorganic pigments with a refractive index higher than 1,8): Paints shall have a white pigment content lower or equal to 36 g per m2 of dry film, with 98 % opacity. This requirement does not apply to varnishes and woodstains.
Gehalte aan witte pigmenten (witte anorganische pigmenten met een brekingsindex die hoger is dan 1,8): Verven dienen een gehalte aan witte pigmenten te hebben van ten hoogste 36 g per m2 droge film, met een dekvermogen van 98 %. Deze eis geldt niet voor vernissen en houtbeitsen.
Assessment and verification: The applicant shall either provide a declaration of non-use or provide documentation showing the content of white pigments and the spreading rate, together with the detailed calculation showing compliance with this criterion.
Beoordeling en controle: De aanvrager moet een verklaring indienen waarin staat dat er geen witte pigmenten worden gebruikt of moet documentatie overleggen waarin het gehalte aan witte pigmenten en het spreidend vermogen worden vermeld, tezamen met de gedetailleerde berekening waaruit blijkt dat aan dit criterium wordt voldaan.
2. Titanium dioxide
2. Titaandioxide
Titanium dioxide: The emissions and discharges of wastes from the production of any titanium dioxide pigment used shall not exceed the following (as derived from the Reference Document on Best Available Technology for the Manufacture of Large Volume Inorganic Chemicals (BREF) (August 2007)):
Titaandioxide: De emissies en lozingen van afvalstoffen afkomstig van de productie van de gebruikte titaandioxidepigmenten mogen de volgende waarden (ontleend aan het referentiedocument (BREF) over de beste beschikbare technologie voor de fabricage van anorganische bulkchemicaliën (augustus 2007)) niet overschrijden:
- SOx emissions (expressed as SO2): 252 mg per m2 of dry film (98 % opacity),
- SOx-uitstoot (uitgedrukt als SO2): 252 mg per m2 droge film (98 % dekvermogen);
- sulphate wastes: 18 g per m2 of dry film (98 % opacity),
- sulfaatafval: 18 g per m2 droge film (98 % dekvermogen);
- chloride wastes: 3,7, 6,4 and 11,9 g per m2 of dry film (98 % opacity) respectively, for natural rutile, synthetic rutile and slag ores.
- chlorideafval: 3,7, 6,4 en 11,9 g per m2 droge film (98 % dekvermogen) voor respectievelijk natuurlijk rutiel, synthetisch rutiel en ertsen waarbij slakken achterblijven.
Assessment and verification: The applicant shall either provide a declaration of non-use or provide the supporting documentation indicating the respective levels of emissions and discharges of wastes for these parameters, the titanium dioxide content of the product, the spreading rate, together with the detailed calculations showing compliance with this criterion.
Beoordeling en controle: De aanvrager moet een verklaring indienen waarin staat dat deze stoffen niet worden gebruikt, of moet ter staving documentatie verstrekken waarin de respectieve niveaus van uitstoot en lozing van afval voor deze parameters, het titaandioxidegehalte van het product en het spreidend vermogen worden aangegeven, tezamen met de gedetailleerde berekeningen waaruit blijkt dat aan dit criterium wordt voldaan.
3. Volatile organic compounds (VOC)
3. Vluchtige organische stoffen (VOS)
VOC content shall not exceed:
Het gehalte aan vluchtige organische stoffen (VOS) mag niet hoger zijn dan:
Product Classification (Directive 2004/42/EC) | VOC limits (g/l including water) |
Productindeling (Richtlijn 2004/42/EG) | VOS-grenswaarde (in g/l, inclusief water) |
Interior Matt (walls/ceiling) (Gloss < 25@60 °) | 15 |
Matte coatings voor gebruik binnenshuis (wanden/plafonds) (glansgraad < 25@60 °) | 15 |
Interior glossy (walls/ceiling) (Gloss > 25@60 °) | 60 |
Glanzende coatings voor gebruik binnenshuis (wanden/plafonds) (glansgraad > 25@60 °) | 60 |
Interior trim and cladding paints for wood and metal including undercoats | 90 |
Hout- en metaalverven voor binnendecoratie inclusief grondverven | 90 |
Interior trim varnishes and wood-stains, including opaque woodstains | 75 |
Vernissen en beitsen voor binnenhoutwerk, inclusief dekkende beitsen | 75 |
Interior minimum build woodstains | 75 |
Houtbeitsen met minimale laagdikte voor gebruik binnenshuis | 75 |
Primers | 15 |
Primers | 15 |
Binding Primers | 15 |
Hechtprimers | 15 |
1 Pack performance coatings | 100 |
Eencomponentcoatings met bijzondere eigenschappen | 100 |
Two-pack reactive performance coatings for specific end use such as floors | 100 |
Tweecomponentencoatings met bijzondere eigenschappen, bestemd voor specifieke toepassingen zoals vloeren | 100 |
Decorative effect coatings | 90 |
Coatings met decoratief effect | 90 |
In this context volatile organic compounds (VOC) means any organic compounds having an initial boiling point less than or equal to 250 °C measured at a standard pressure of 101,3 kPa as defined in Directive 2004/42/EC. The subcategories for paints and varnishes of the Directive are used for defining VOC limits. Only the categories relevant to indoor coatings are displayed here.
Binnen deze context is een vluchtige organische stof (VOS) een organische stof met een beginkookpunt van 250 °C of lager, gemeten bij een standaarddruk van 101,3 kPa als omschreven in Richtlijn 2004/42/EG. De in de richtlijn gedefinieerde subcategorieën voor verven en vernissen worden gebruikt ter vaststelling van de VOS-grenswaarde. Hier worden alleen de categorieën opgevoerd die in aanmerking komen als coatings voor gebruik binnenshuis.
Assessment and verification: The applicant shall provide a declaration of compliance with this criterion. For all products the applicant shall indicate the VOC content.
Beoordeling en controle: De aanvrager moet een verklaring overleggen waarin staat dat aan dit criterium is voldaan. Voor alle producten moet de aanvrager het VOS-gehalte aangeven.
4. Volatile aromatic hydrocarbons (VAH)
4. Vluchtige aromatische koolwaterstoffen (VAK)
Volatile aromatic hydrocarbons shall not be directly added to the product before or during tinting (where applicable); however ingredients containing VAH may be added up to such a limit that the VAH content in the end product will not exceed 0,1 % (m/m).
Vluchtige aromatische koolwaterstoffen mogen niet rechtstreeks aan het product worden toegevoegd vóór of (in voorkomend geval) tijdens het kleuren; wel mogen ingrediënten die VAK bevatten in zodanige hoeveelheden worden toegevoegd dat het VAK-gehalte in het eindproduct niet meer bedraagt dan 0,1 massaprocent.
In this context volatile aromatic hydrocarbon (VAH) means any organic compound, as defined in Directive 2004/42/EC, having an initial boiling point less than or equal to 250 °C measured at a standard pressure of 101,3 kPa and having at least one aromatic nucleus in its developed structural formula.
Binnen deze context is een vluchtige aromatische koolwaterstof (VAK) een organische stof met een beginkookpunt van 250 °C of lager, gemeten bij een standaarddruk van 101,3 kPa, als omschreven in Richtlijn 2004/42/EG, met ten minste één aromatische ring in de structuurformule.
Assessment and verification: The applicant shall provide a declaration of compliance with this criterion stating that VAH has not been added other than in prefabricated ingredients and where applicable declarations from the suppliers of the ingredient confirming their VAH content.
Beoordeling en controle: De aanvrager moet een verklaring overleggen waarin staat dat aan dit criterium is voldaan en dat geen VAK zijn toegevoegd in enige andere vorm dan als geprefabriceerde ingrediënten, alsook, in voorkomend geval, verklaringen van de leveranciers van de ingrediënten met betrekking tot het VAK-gehalte daarvan.
5. Heavy metals
5. Zware metalen
The following heavy metals or their compounds shall not be used as an ingredient of the product or tint (if applicable) (whether as a substance or as part of any preparation used): cadmium, lead, chromium VI, mercury, arsenic, barium (excluding barium sulphate), selenium, antimony.
De volgende zware metalen of hun verbindingen mogen niet worden gebruikt als ingrediënt van het product of (in voorkomend geval) het kleurmiddel (als stof of als bestanddeel van enig preparaat dat wordt gebruikt): cadmium, lood, chroom (VI), kwik, arseen, barium (uitgezonderd bariumsulfaat), seleen, antimoon.
Cobalt shall also not be added as an ingredient with the exception of cobalt salts used as a siccative in alkyd paints. These may be used up to a concentration not exceeding 0,05 % (m/m) in the end product, measured as cobalt metal. Cobalt in pigments is also exempted from this requirement.
Ook kobalt mag niet als ingrediënt worden toegevoegd, met uitzondering van kobaltzouten die als droogmiddel in alkydverven worden toegepast. Daarvan mag een zodanige hoeveelheid worden gebruikt dat de concentratie in het eindproduct, gemeten als zuiver kobalt, ten hoogste 0,05 massaprocent bedraagt. Kobalt in pigmenten valt evenmin onder deze verbodsbepaling.
It is accepted that ingredients may contain traces of these metals up to 0,01 % (m/m) deriving from impurities in the raw materials.
Er wordt geaccepteerd dat ingrediënten sporen van deze metalen (tot 0,01 massaprocent) bevatten als gevolg van onzuiverheden in de grondstoffen.
Assessment and verification: The applicant shall provide a declaration of compliance with this criterion as well as declarations from ingredient suppliers (where applicable).
Beoordeling en controle: De aanvrager moet een verklaring overleggen waarin staat dat aan dit criterium is voldaan, alsook (in voorkomend geval) verklaringen van de leveranciers van de ingrediënten.
6. Dangerous substances
6. Gevaarlijke stoffen
(a) The product: The product shall not be classified as very toxic, toxic, dangerous to the environment, carcinogenic, toxic for reproduction, harmful, corrosive, mutagenic or irritant (only where this is caused by the presence of ingredients labelled with R43) in accordance with Directive 1999/45/EC of the European Parliament and of the Council [3] before or after tinting (where applicable).
a) Het product: Het product mag noch vóór, noch (in voorkomend geval) na de kleuring als zeer vergiftig, vergiftig, gevaarlijk voor het milieu, kankerverwekkend, vergiftig voor de voortplanting, schadelijk, bijtend, mutageen of irriterend (uitsluitend als dit het gevolg is van de aanwezigheid van ingrediënten waarvoor risicozin R43 geldt) ingedeeld zijn overeenkomstig Richtlijn 1999/45/EG van het Europees Parlement en de Raad [3].
Assessment and verification: The applicant shall provide a declaration of compliance with this criterion, together with a product material safety data sheet meeting the requirements of Annex II to the REACH Regulation.
Beoordeling en controle: De aanvrager moet een verklaring overleggen waarin staat dat aan dit criterium is voldaan, tezamen met een veiligheidsinformatieblad over het productmateriaal dat voldoet aan de eisen van bijlage II bij de REACH-verordening.
(b) Ingredients (very toxic, toxic, carcinogenic, mutagenic, toxic for reproduction): No ingredient including those used in tinting (if applicable) shall be used that at the time of application fulfil the classification criteria of any of the following risk phrases (or combinations thereof):
b) Ingrediënten (zeer vergiftig, vergiftig, kankerverwekkend, mutageen, vergiftig voor de voortplanting): Er mag noch in het product, noch (in voorkomend geval) bij de kleuring enig ingrediënt worden gebruikt dat op het tijdstip van indiening van de aanvraag beantwoordt aan de indelingscriteria van enige hierna genoemde risicozin (of combinatie van deze zinnen):
- R23 (toxic by inhalation),
- R23 (vergiftig bij inademing),
- R24 (toxic in contact with skin),
- R24 (vergiftig bij aanraking met de huid),
- R25 (toxic if swallowed),
- R25 (vergiftig bij opname door de mond),
- R26 (very toxic by inhalation),
- R26 (zeer vergiftig bij inademing),
- R27 (very toxic in contact with skin),
- R27 (zeer vergiftig bij aanraking met de huid),
- R28 (very toxic if swallowed),
- R28 (zeer vergiftig bij opname door de mond),
- R33 (danger of cumulative effects),
- R33 (gevaar voor cumulatieve effecten),
- R39 (danger of very serious irreversible effects),
- R39 (gevaar voor ernstige onherstelbare effecten),
- R40 (limited evidence of carcinogenic effect),
- R40 (carcinogene effecten zijn niet uitgesloten),
- R42 (may cause sensitisation by inhalation),
- R42 (kan overgevoeligheid veroorzaken bij inademing),
- R45 (may cause cancer),
- R45 (kan kanker veroorzaken),
- R46 (may cause heritable genetic damage),
- R46 (kan erfelijke genetische schade veroorzaken),
- R48 (danger of serious damage to health by prolonged exposure),
- R48 (gevaar voor ernstige schade aan de gezondheid bij langdurige blootstelling),
- R49 (may cause cancer by inhalation),
- R49 (kan kanker veroorzaken bij inademing),
- R60 (may impair fertility),
- R60 (kan de vruchtbaarheid schaden),
- R61 (may cause harm to the unborn child),
- R61 (kan het ongeboren kind schaden),
- R62 (possible risk of impaired fertility),
- R62 (mogelijk gevaar voor verminderde vruchtbaarheid),
- R63 (possible risk of harm to the unborn child),
- R63 (mogelijk gevaar voor beschadiging van het ongeboren kind)
- R68 (possible risk of irreversible effects),
- R68 (onherstelbare effecten zijn niet uitgesloten),
as laid down in Council Directive 67/548/EEC [4] or in Directive 1999/45/EC. Active ingredients used as preservatives in the formula and that are assigned any of the risk phrases R23, R24, R25, R26, R27, R28, R39 R40 or R48 (or combinations thereof) may nevertheless be used up to a limit of 0,1 % (m/m) of the total paint formulation.
zoals vastgelegd in Richtlijn 67/548/EEG van de Raad [4] of in Richtlijn 1999/45/EG. Actieve ingrediënten die in de formulering worden gebruikt als conserveermiddel en waarvoor een van de risicozinnen R23, R24, R25, R26, R27, R28, R39, R40 of R48 (of een combinatie daarvan) geldt, mogen toch worden gebruikt tot een grenswaarde van 0,1 massaprocent van de totale hoeveelheid product.
Alternatively, the Globally Harmonised System (GHS) of classification may be considered [5]. In this case the ingredients, including those used in tinting (if applicable), classified as the following (or combinations thereof) shall not be used:
Als alternatief kan gebruik worden gemaakt van het wereldwijd geharmoniseerd systeem voor de indeling en etikettering van chemische stoffen (GHS) [5]. In dat geval mogen ingrediënten, in voorkomend geval met inbegrip van ingrediënten bestemd voor de kleuring, die in een van de volgende categorieën (of combinaties daarvan) worden ingedeeld, niet worden gebruikt:
- Acute Toxicity (oral) – Category I, II, III,
- acute orale toxiciteit — categorie I, II, III,
- Acute Toxicity (dermal) – Category I, II, III,
- acute dermale toxiciteit — categorie I, II, III,
- Acute Toxicity (inhalation) – Category I, II, III,
- acute toxiciteit bij inademing — categorie I, II, III,
- Respiratory Sensitisation – Category I,
- sensibilisatie van de luchtwegen — categorie I,
- Mutagenic Substances – Category I, II,
- mutageniteit — categorie I, II,
- Carcinogenic Substances – Category I, II,
- kankerverwekkendheid — categorie I, II,
- Substances Toxic for Reproduction – Category I, II,
- voortplantingstoxiciteit — categorie I, II
- Specific Target Organ Systemic Toxicity (single exposure) – Category I, II,
- specifieke doelorgaantoxiciteit bij eenmalige blootstelling — categorie I, II,
- Specific Target Organ Systemic Toxicity (repeated exposure) – Category I, II,
- specifieke doelorgaantoxiciteit bij herhaalde blootstelling — categorie I, II,
as laid down in ST/SG/AC.10/30 [6] and revised in ST/SG/AC.10/34/Add.3 on the Globally Harmonized System of Classification and Labelling of Chemicals. Active ingredients used as preservers in the formula and that are assigned any of the following GHS categories may nevertheless be used up to a limit of 0,1 % (m/m) of the total paint formulation:
zoals vastgesteld in ST/SG/AC.10/30 [6] en herzien in ST/SG/AC.10/34/Add.3 betreffende het wereldwijd geharmoniseerd systeem voor de indeling en etikettering van chemische stoffen. Actieve ingrediënten die als conserveermiddel in de formulering worden gebruikt en die in een van de volgende GHS-categorieën zijn ingedeeld, mogen toch worden gebruikt tot een grenswaarde van 0,1 massaprocent van de totale hoeveelheid product:
- Acute Toxicity (oral, dermal, inhalation) – I, II, III (only oral and dermal),
- acute toxiciteit (orale, dermale en bij inademing) — categorie I, II, II (alleen orale en dermale toxiciteit),
- Specific Target Organ Systemic Toxicity (single and/or repeated exposure) – I, II (or combinations thereof) and,
- specifieke doelorgaantoxiciteit (bij eenmalige en/of herhaalde blootstelling) — categorie I, II (of combinaties daarvan), en
- Carcinogenicity category II,
- kankerverwekkendheid — categorie II.
Methyl Ethyl Ketoxime may be used in alkyd paints up to a limit of 0,3 % (m/m).
Methylethylketoxim mag in alkydverven worden gebruikt tot een grenswaarde van 0,3 massaprocent.
Assessment and verification: The applicant shall provide a declaration of compliance with this criterion, together with a product material safety data sheet meeting the requirements of Annex II to the REACH Regulation.
Beoordeling en controle: De aanvrager moet een verklaring overleggen waarin staat dat aan dit criterium is voldaan, tezamen met een veiligheidsinformatieblad over het productmateriaal dat voldoet aan de eisen van bijlage II bij de REACH-verordening.
(c) Ingredients (dangerous for the environment): No ingredient shall exceed 2 % (m/m), including those used in tinting (if applicable), that at the time of application fulfil the classification criteria of any of the following risk phrases (or combinations thereof):
c) Ingrediënten (gevaarlijk voor het milieu): Geen enkel in het product of (in voorkomend geval) bij de kleuring gebruikt ingrediënt mag meer dan 2 massaprocent vertegenwoordigen indien dat ingrediënt op het tijdstip van indiening van de aanvraag beantwoordt aan de indelingscriteria van enige hierna genoemde risicozin (of combinatie van deze zinnen):
- N R50 (very toxic to aquatic organisms),
- N R50 (zeer vergiftig voor in het water levende organismen),
- N R50/53 (very toxic to aquatic organisms, may cause long term adverse effects in the aquatic environment),
- N R50/53 (zeer vergiftig voor in het water levende organismen; kan in het aquatisch milieu op lange termijn schadelijke effecten veroorzaken),
- N R51/53 (toxic to aquatic organisms, may cause long term adverse effects in the aquatic environment),
- N R51/53 (vergiftig voor in het water levende organismen; kan in het aquatisch milieu op lange termijn schadelijke effecten veroorzaken),
- N R52/53 (harmful to aquatic organisms, may cause long term adverse effects in the aquatic environment),
- N R52/53 (schadelijk voor in het water levende organismen; kan in het aquatisch milieu op lange termijn schadelijke effecten veroorzaken),
- R51 (toxic to aquatic organisms),
- R51 (vergiftig voor in het water levende organismen),
- R52 (harmful to aquatic organisms),
- R52 (schadelijk voor in het water levende organismen),
- R53 (may cause long-term adverse effects in the aquatic environment),
- R53 (kan in het aquatisch milieu op lange termijn schadelijke effecten veroorzaken),
as laid down in Directive 67/548/EEC or Directive 1999/45/EC.
zoals vastgelegd in Richtlijn 67/548/EEG of in Richtlijn 1999/45/EG.
Alternatively, the Globally Harmonised System (GHS) of classification may be considered [7]. In this case no ingredient shall exceed 2 % (m/m), including those used in tinting (if applicable), that is assigned or may be assigned at the time of application any of the following classifications:
Als alternatief kan gebruik worden gemaakt van het wereldwijd geharmoniseerd systeem voor de indeling en etikettering van chemische stoffen [7]. In dit geval mag geen enkel in het product of (in voorkomend geval) bij de kleuring gebruikt ingrediënt meer dan 2 massaprocent vertegenwoordigen indien dat ingrediënt op het tijdstip van indiening van de aanvraag wordt of kan worden ingedeeld in een van de hierna genoemde categorieën:
Aquatic Toxicity categories (and combinations thereof):
Toxiciteit voor het aquatisch milieu (de vermelde categorieën en combinaties daarvan):
- Acute I, II, III,
- acute toxiciteit — categorieën I, II, III,
- Chronic I, II, III, IV,
- chronische toxiciteit — categorieën I, II, III, IV,
as laid down in ST/SG/AC.10/30 and revised in ST/SG/AC.10/34/Add.3 on the Globally Harmonized System of Classification and Labelling of Chemicals.
zoals vastgesteld in ST/SG/AC.10/30 en herzien in ST/SG/AC.10/34/Add.3 betreffende het wereldwijd geharmoniseerd systeem voor de indeling en etikettering van chemische stoffen.
In either case, the sum total of all ingredients that are assigned or may be assigned at the time of application any of these risk phrases (or combinations thereof) or GHS classifications shall not exceed 4 % (m/m).
In ieder geval mag de totale hoeveelheid van alle ingrediënten waarvoor op het tijdstip van indiening van de aanvraag één van deze risicozinnen (of combinaties ervan) of GHS-categorieën geldt of kan gelden, de grenswaarde van 4 massaprocent niet overschrijden.
This requirement does not apply to ammonia or akyl ammonia.
Deze vereiste geldt niet voor ammoniak of alkylammoniak.
This requirement does not affect the obligation to fulfil the requirement set out in criterion 6(a) above.
Deze vereiste doet geen afbreuk aan de verplichting om te voldoen aan de in criterium 6, onder a), omschreven vereiste.
Assessment and verification: The applicant shall provide a declaration of compliance with this criterion, together with a list of ingredients and material safety data sheets of each ingredient meeting the requirements of Annex II to the REACH Regulation.
Beoordeling en controle: De aanvrager moet een verklaring overleggen waarin staat dat aan dit criterium is voldaan, tezamen met een lijst van ingrediënten alsook voor elk ingrediënt een veiligheidsinformatieblad dat voldoet aan de eisen van bijlage II bij de REACH-verordening.
(d) Alkylphenolethoxylates (APEOs): APEOS shall not be used in the product before or during tinting (if applicable).
d) Alkylfenolethoxylaten (APEO’s): Er mogen in het product geen APEO’s worden gebruikt vóór of (in voorkomend geval) tijdens het kleuren.
Assessment and verification: The applicant shall provide a declaration of compliance with this criterion.
Beoordeling en controle: De aanvrager moet een verklaring overleggen waarin staat dat aan dit criterium is voldaan.
(e) Isothiazolinone compounds: The content of isothiazolinone compounds in the product shall not exceed 0,05 % (m/m) before or after tinting (if applicable). Likewise the content of the mixture of 5-chloro-2-methyl-2H-isothiazol-3-one (EC No 247-500-7) and 2- methyl-2H-isothiazol-3-one (EC No 220-239-6) (3:1) shall not exceed 0,0015 % (m/m).
e) Isothiazolinonverbindingen: Het gehalte aan isothiazolinonverbindingen in het product mag vóór of (in voorkomend geval) na het kleuren niet meer bedragen dan 0,05 massaprocent. Evenzo mag het gehalte van het mengsel van 5-chloor-2-methyl-2H-isothiazool-3-on (EG-nr. 247-500-7) en 2-methyl-2H-isothiazool-3-on (EG-nr. 220-239-6) (3:1) in het product niet meer bedragen dan 0,0015 massaprocent.
Assessment and verification: The applicant shall provide a declaration of compliance with this criterion, indicating the amounts (if used).
Beoordeling en controle: De aanvrager moet een verklaring overleggen waarin staat dat aan dit criterium is voldaan, waarbij de hoeveelheden (indien gebruikt) worden aangegeven.
(f) Perfluorinated alkyl sulfonates (PFAS), perfluorinated carboxylic acids (PFCA) including Perfluorooctanoic Acid (PFOA) and related substances listed in the OECD "Preliminary lists of PFOS, PFAS, PFOA, PFCA, related compounds and chemicals that may degrade to PFCA (as revised in 2007)" are not permitted in the product. The OECD list is provided in the Annex to this criteria document.
f) Perfluoralkylsulfonaten (PFAS), perfluorcarbonzuren (PFCA) met inbegrip van perfluoroctaanzuur (PFOA) en aanverwante stoffen die zijn opgenomen in de "Preliminary lists of PFOS, PFAS, PFOA, PFCA, related compounds and chemicals that may degrade to PFCA" van de OESO (herziene versie 2007) zijn in het product niet toegestaan. De OESO-lijst is als bijlage aan dit document gehecht.
Assessment and verification: The applicant shall provide a declaration of compliance with this criterion.
Beoordeling en controle: De aanvrager moet een verklaring overleggen waarin staat dat aan dit criterium is voldaan.
(g) Formaldehyde: Free formaldehydes shall not be added. Formaldehyde donators may only be added in such quantities as will ensure that the resulting total content after tinting (if applicable) of free formaldehyde will not exceed 0,001 % (m/m).
g) Formaldehyd: Er mag geen vrij formaldehyd worden toegevoegd. Stoffen die formaldehyd afgeven, mogen alleen in zodanige hoeveelheden worden toegevoegd dat gegarandeerd wordt dat het uiteindelijke totale gehalte aan vrij formaldehyd (in voorkomend geval na kleuring) niet meer bedraagt dan 0,001 massaprocent.
Assessment and verification: The applicant shall provide a declaration of compliance with this criterion. In addition the applicant shall provide test results from raw materials suppliers using the VdL-RL 03 test method (VdL Guide-line03) "In-can concentration of formaldehyde determined by the acetyl-acetone method" and calculations relating the data from these tests to the final product in order to indicate that the final maximum possible concentration of formaldehyde released by formaldehyde releasing substances is not higher than 0,001 % (m/m). Alternatively formaldehyde resulting from formaldehyde donors can be measured in the end product by using a standard based on High-performance liquid chromatography.
Beoordeling en controle: De aanvrager moet een verklaring overleggen waarin staat dat aan dit criterium is voldaan. Daarnaast moet de aanvrager testresultaten van de grondstoffenleveranciers overleggen, gebaseerd op de "VdL-RL 03"-methode "In-blik formaldehydgehalte vastgesteld aan de hand van de acetyl-aceton-methode" (VdL-richtsnoer 03), alsmede berekeningen waarbij de gegevens van deze tests worden gerelateerd aan het eindproduct om aan te tonen dat de hoogst mogelijke eindconcentratie van het formaldehyd dat vrijkomt uit formaldehydafgevende stoffen in het product niet hoger is dan 0,001 massaprocent. Als alternatief mag het van formaldehydafgevende stoffen afkomstige formaldehyd in het eindproduct worden bepaald met behulp van een standaard op basis van hogedrukvloeistofchromatografie.
(h) Halogenated Organic Solvents: Notwithstanding criteria 6a, 6b and 6c, only halogenated compounds that at the time of application have been risk assessed and have not been classified with the risk phrases (or combinations thereof): R26/27, R45, R48/20/22, R50, R51, R52, R53, R50/53, R51/53, R52/53 and R59 in accordance with Directives 67/548/EEC and 1999/45/EC may be used in the product before or during tinting (if applicable).
h) Gehalogeneerde organische oplosmiddelen: Onverminderd het bepaalde in criterium 6, onder a), b) en c), mogen in het product vóór of (in voorkomend geval) tijdens het kleuren alleen gehalogeneerde verbindingen worden gebruikt die op het tijdstip van indiening van de aanvraag reeds aan een risicobeoordeling zijn onderworpen en waaraan niet overeenkomstig de Richtlijnen 67/548/EEG en 1999/45/EG een van de volgende risicozinnen (of een combinatie daarvan) is toegekend: R26/27, R45, R48/20/22, R50, R51, R52, R53, R50/53, R51/53, R52/53 en R59.
Assessment and verification: The applicant shall provide a declaration of compliance with this criterion.
Beoordeling en controle: De aanvrager moet een verklaring overleggen waarin staat dat aan dit criterium is voldaan.
(i) Phthalates: Notwithstanding criteria 6a, 6b and 6c, only phthalates that at the time of application have been risk assessed and have not been classified with the phrases (or combinations thereof): R60, R61, R62, R50, R51, R52, R53, R50/53, R51/53, R52/53, in accordance with Directive 67/548/EEC and its amendments, may be used in the product before or during tinting (if applicable). Additionally DNOP (di-n-octyl phthalate), DINP (di-isononyl phthalate), DIDP (di-isodecyl phthalate) are not permitted in the product.
i) Ftalaten: Onverminderd het bepaalde in criterium 6, onder a), b) en c), mogen in het product vóór of (in voorkomend geval) tijdens het kleuren alleen ftalaten worden gebruikt die op het tijdstip van indiening van de aanvraag reeds aan een risicobeoordeling zijn onderworpen en waaraan niet overeenkomstig Richtlijn 67/548/EEG, als gewijzigd, een van de volgende risicozinnen (of een combinatie daarvan) is toegekend: R60, R61, R62, R50, R51, R52, R53, R50/53, R51/53 en R52/53. Bovendien zijn DNOP (di-n-octylftalaat), DINP (diisononylftalaat) en DIDP (diisodecylftalaat) niet toegestaan in het product.
Assessment and verification: The applicant shall provide a declaration of compliance with this criterion.
Beoordeling en controle: De aanvrager moet een verklaring overleggen waarin staat dat aan dit criterium is voldaan.
7. Fitness-for-use
7. Gebruiksgeschiktheid
(a) Spreading rate: White paints and light-coloured paints (including finishes, primers, undercoats and/or intermediates) shall have a spreading rate (at a hiding power of 98 %) of at least 8 m2 per litre of product.
a) Spreidend vermogen: Witte en lichtgekleurde verven (met inbegrip van aflakken, primers, grondverven en/of tussencoatings) moeten een spreidend vermogen hebben (bij een dekvermogen van 98 %) van ten minste 8 m2 per liter product.
For tinting systems, this criterion applies only to the white base (the base containing the most TiO2). In cases where the white base is unable to achieve the requirement of at least 8 m2 per litre at a hiding power of 98 %, the criterion shall be met after tinting the white base to produce the standard colour RAL 9010. For all other bases used to produce tinted products — these are bases which as a rule contain less TiO2, which are unable to achieve the requirement of at least 8 m2 per litre of product at a hiding power of 98 % — the criterion shall not apply. For paints that are a part of a tinting system, the applicant must advise the end-user on the product packaging and/or POS which shade or primer/undercoat (if possible bearing the Community Eco-label) should be used as a basecoat before applying the darker shade.
Voor kleursystemen is dit criterium alleen van toepassing op de witte basisverf, die de grootste hoeveelheid TiO2 bevat. Ingeval de witte basisverf niet het vereiste spreidend vermogen van ten minste 8 m2 per liter heeft bij een dekvermogen van 98 %, moet aan het criterium worden voldaan na een kleuring van de witte basisverf die resulteert in standaardkleur RAL 9010. Op alle andere basisverven die voor de vervaardiging van gekleurde producten worden gebruikt — dit zijn basisverven die in de regel minder TiO2 bevatten en die niet het vereiste spreidend vermogen van ten minste 8 m2 per liter product hebben bij een dekvermogen van 98 % — is het criterium niet van toepassing. Voor verven die deel uitmaken van een kleursysteem moet de aanvrager de eindgebruiker op het verkooppunt en/of via een mededeling op de verpakking informeren welke kleur of welke primer/grondverf (zo mogelijk voorzien van de communautaire milieukeur) als basiscoating moet worden gebruikt alvorens de donkerdere tint wordt aangebracht.
Primers with specific blocking/sealing, penetrating/binding properties and primers with special adhesion properties for aluminium and galvanised surfaces shall have a spreading rate (at a hiding power of 98 %) of at least 6 m2 per litre of product.
Primers met specifieke afschermende/afdichtende c.q. doordringende/bindende eigenschappen en primers met bijzondere hechtingseigenschappen voor aluminium- en gegalvaniseerde oppervlakken dienen een spreidend vermogen (bij een dekvermogen van 98 %) van ten minste 6 m2 per liter product te hebben.
Thick decorative coatings (paints that are specially designed to give a three-dimensional decorative effect and are therefore characterised by a very thick coat) shall alternatively have a spreading power of 1 m2 per kg of product.
Dikke decoratieve coatings (verven die speciaal zijn ontworpen om een driedimensionaal decoratief effect te verkrijgen en zodoende worden gekenmerkt door een zeer dikke laag) moeten daarentegen een spreidend vermogen hebben van 1 m2 per kg product.
This requirement does not apply to varnishes, woodstains, floor coatings, floor paints, undercoats, adhesion primers or any other transparent coatings.
Deze vereiste geldt niet voor vernissen, houtbeitsen, vloercoatings, vloerverven, grondverven, zelfhechtende primers of andere transparante coatings.
Assessment and verification: The applicant shall provide a test report using the method ISO 6504/1 (Paints and varnishes — determination of hiding power — Part 1: Kubelka-Munk method for white and light-coloured paints) or 6504/3 (Part 3: determination of contrast ratio (opacity) of light-coloured paints at a fixed spreading rate), or for paints specially designed to give a three-dimensional decorative effect and characterised by a very thick coat the method NF T 30 073 (or equivalent). For bases used to produce tinted products not evaluated according to the abovementioned requirements, the applicant shall produce evidence of how the end-user will be advised to use a primer and/or grey (or other relevant shade) of undercoat before application of the product.
Beoordeling en controle: De aanvrager moet een testverslag indienen waarbij gebruik wordt gemaakt van de methode ISO6504/1 (Verven en vernissen — Bepaling van de dekkracht — deel 1: Methode volgens Kubelka-Munk voor witte en lichtgekleurde verven) of 6504/3 (deel 3: Bepaling van de contrastverhouding van lichtgekleurde verven bij een gegeven verspreiding), of, voor verven die speciaal zijn ontwikkeld om een driedimensionaal decoratief effect te verkrijgen en gekenmerkt worden door een zeer dikke laag, de methode NF T 30073 (of gelijkwaardig). Voor basisverven die voor de vervaardiging van gekleurde producten worden gebruikt en niet aan de hand van bovenvermelde eisen worden beoordeeld, moet de aanvrager aan de hand van bewijsmateriaal aantonen hoe de eindgebruiker advies wordt verstrekt over het gebruik van een primer en/of een grijze (of eventueel anders gekleurde) grondverf alvorens het product in kwestie wordt aangebracht.
(b) Wet scrub resistance: Wall paints (according to EN 13300) for which claims are made (whether on the product or in related marketing material) that they are washable, cleanable or brushable shall have a wet scrub resistance as measured by EN 13300 and EN ISO 11998 of class 2 or better (not exceeding 20 microns after 200 cycles).
b) Natte schrobweerstand: Muurverven (overeenkomstig EN 13300) waarvan wordt beweerd (op het product of in daarop betrekking hebbend marketingmateriaal) dat ze kunnen worden gewassen, gereinigd of afgeborsteld, moeten over een natte schrobweerstand beschikken zoals gemeten door EN 13300 en EN ISO 11998 van klasse 2 of beter (niet meer dan 20 micron na 200 cycli).
Due to the large potential range of possible tinting colours, this criterion will be restricted to the testing of tinting bases.
Wegens het brede scala van mogelijke kleuren is dit criterium uitsluitend toepasselijk bij de beproeving van de basisverven van kleursystemen.
Assessment and verification: The applicant shall provide a test report according to EN 13300 using the method EN ISO 11998 (Test for cleanability and scrub resistance) and evidence (on the product packaging or related marketing material) that the end-user is informed that the product has not been tested for wet scrub resistance in the case of ceiling paints.
Beoordeling en controle: De aanvrager moet een testverslag indienen overeenkomstig EN 13300 met gebruikmaking van testmethode EN ISO 11998 (test inzake reinigbaarheid en schrobweerstand) en in het geval van plafondverven het bewijs leveren (in de vorm van productverpakkingen of op het product betrekking hebbend marketingmateriaal) dat de eindgebruiker wordt geïnformeerd dat het product niet op natte schrobweerstand is getest.
(c) Resistance to water: Varnishes, floor coatings and floor paints shall have a resistance to water, as determined by ISO 2812-3 such that after 24 hours exposure and 16 hours recovery no change of gloss or of colour occurs.
c) Waterbestendigheid: Vernissen, vloercoatings en vloerverven moeten waterbestendig zijn, zoals vastgesteld overeenkomstig de ISO 2812-3-norm, zodat na 24 uur blootstelling en 16 uur herstel er geen verandering is in glans of in kleur.
Assessment and verification: The applicant shall provide a test report using the method ISO 2812-3 (Paints and varnishes — determination of resistance to liquids — Part 3: Method using an absorbent medium).
Beoordeling en controle: De aanvrager moet een testverslag indienen gebaseerd op het gebruik van de ISO 2812-3-methode (Verven en vernissen — Bepaling van de weerstand tegen vloeistoffen — deel 3: Methode met absorberend medium).
(d) Adhesion: Floor coatings, floor paints and floor undercoats, metal and wood undercoats shall score at least 2 in the EN 2409 test for adhesion. Pigmented masonry primers shall score a pass in the EN 24624 (ISO 4624) pull-off test where the cohesive strength of the substrate is less than the adhesive strength of the paint, otherwise the adhesion of the paint must be in excess of a pass value of 1,5MPa.
d) Hechting: Vloercoatings, vloerverven en vloergrondverven alsmede metaal- en houtgrondverven moeten ten minste 2 scoren in de EN 2409-test met betrekking tot hechting. Gepigmenteerde primers voor metselwerk dienen een voldoende te scoren in de EN 24624-lostrekproef (ISO 4624) indien de cohesiekracht van de ondergrond geringer is dan de adhesiekracht van de verf; in de andere gevallen dient de adhesie van de verf meer te bedragen dan de met een voldoende overeenstemmende waarde van 1,5 MPa.
Transparent primers are not included in this requirement
Voor transparante primers geldt deze eis niet.
Assessment and verification: The applicant shall provide a test report using the method EN ISO 2409 or EN 24624 (ISO 4624) as applicable.
Beoordeling en controle: De aanvrager moet een testverslag indienen gebaseerd op het gebruik van de EN ISO 2409-methode c.q. de EN 24624-methode (ISO 4624).
(e) Abrasion: Floor coatings and floor paints shall have an abrasion resistance not exceeding 70 mg weight loss after 1000 test cycles with a 1000 g load and a CS10 wheel according to EN ISO 7784-2:2006.
e) Schuren: Vloercoatings en vloerverven dienen een zodanige slijtvastheid te hebben dat het massaverlies niet meer bedraagt dan 70 mg na 1000 testcycli met een belasting van 1000 g en een CS10-schuurwiel overeenkomstig EN ISO 7784-2:2006.
Assessment and verification: The applicant shall provide a test report showing compliance with this criterion using the method EN ISO 7784-2:2006.
Beoordeling en controle: De aanvrager moet een op de EN ISO 7784-2:2006-methode gebaseerd testverslag indienen waaruit blijkt dat aan dit criterium wordt voldaan.
8. Consumer information
8. Consumenteninformatie
The following information shall appear on the packaging or attached to the packaging:
De volgende informatie moet op de verpakking staan of aan de verpakking zijn bevestigd:
- the use, substrate and conditions of use for which the product is intended. This shall include advice on preparatory work, etc., such as correct substrate preparation, advice on indoor use (where appropriate), or temperature,
- het gebruik, de ondergrond en de gebruiksomstandigheden waarvoor het product is bestemd. Hieronder valt ook advies over voorbereidende werkzaamheden enz., zoals de juiste voorbereiding van de ondergrond, advies over gebruik binnenshuis (waar van toepassing), of temperatuur;
- recommendations for cleaning tools and appropriate waste management (in order to limit water pollution). These recommendations shall be adapted to the type of product in question and field of application in question and may make use of pictograms if appropriate;
- aanbevelingen voor het reinigen van gereedschappen en adequaat afvalbeheer (teneinde waterverontreiniging zoveel mogelijk te beperken). Deze aanbevelingen moeten zijn aangepast aan het desbetreffende soort product en het desbetreffende toepassingsgebied en kunnen zo nodig gebruikmaken van pictogrammen;
- recommendations concerning product storage conditions after opening (in order to limit solid waste), including safety advice if appropriate,
- aanbevelingen met betrekking tot productopslag na het openen (teneinde vast afval zoveel mogelijk te beperken), met inbegrip van advies inzake veiligheid, indien van toepassing;
- for darker coatings for which criterion 7(a) does not apply, advice is given concerning the use of the correct primer or base paint (if possible bearing the Community Eco-label),
- voor donkere coatings waarop criterium 7, onder a), niet van toepassing is: advies over het gebruik van de juiste primer of grondverf (zo mogelijk voorzien van de communautaire milieukeur);
- for thick decorative coatings a text informing that these are paints specially designed to give a three-dimensional decorative effect,
- voor dikke decoratieve coatings: de vermelding dat deze verven speciaal zijn ontworpen om een driedimensionaal decoratief effect te verkrijgen;
- text advising that unused paint requires specialist handling for safe environmental disposal and that it should not therefore be thrown away with household refuse. Advice regarding disposal and collection should be sought from the local authority,
- de vermelding dat ongebruikte verf een specifieke behandeling vereist met het oog op milieuvriendelijke verwijdering, en daarom niet samen met het huishoudelijk afval mag worden weggegooid. Advies over verwijdering en inzameling is verkrijgbaar bij de plaatselijke overheid;
- recommendations on preventive protection measures for the painter. The following text (or equivalent text) shall appear on the packaging or attached to the packaging:
- aanbevelingen met betrekking tot preventieve beschermingsmaatregelen voor de schilder. De volgende tekst (of een vergelijkbare tekst) dient op de verpakking te worden vermeld of aan de verpakking te worden bevestigd:
"For more information as to why this product has been awarded the Flower please visit the web-site: http://ec.europa.eu/environment/ecolabel."
"Meer informatie over de vraag waarom dit product de milieukeur van de Europese Unie heeft gekregen, is te vinden op de website: http://ec.europa.eu/environment/ecolabel."
Assessment and verification: A sample of the product packaging shall be provided when submitting the application, together with a corresponding declaration of compliance with this criterion as appropriate.
Beoordeling en controle: Bij de indiening van de aanvraag dient een monster van de verpakking van het product te worden verstrekt, tezamen met een passende verklaring dat aan dit criterium is voldaan.
9. Information appearing on the eco-label
9. Informatie op de milieukeur
Box 2 of the eco-label shall contain the following text:
Kader 2 van de milieukeur moet de volgende tekst bevatten:
- good performance for indoor use,
- goede resultaten bij gebruik binnenshuis,
- restricted hazardous substances,
- gevaarlijke stoffen beperkt,
- low solvent content.
- laag gehalte aan oplosmiddelen.
Assessment and verification: The applicant shall provide a sample of the product packaging showing the label, together with a declaration of compliance with this criterion.
Beoordeling en controle: De aanvrager dient een monster van de verpakking van het product met het etiket te verstrekken, alsmede een verklaring dat aan dit criterium is voldaan.
[1] OJ L 396, 30.12.2006, p. 1.
[1] PB L 396 van 30.12.2006, blz. 1.
[2] OJ L 143, 30.4.2004, p. 87.
[2] PB L 143 van 30.4.2004, blz. 87.
[3] OJ L 200, 30.7.1999, p. 1.
[3] PB L 200 van 30.7.1999, blz. 1.
[4] OJ 196, 16.8.1967, p. 1.
[4] PB 196 van 16.8.1967, blz. 1.
[5] On 27 June 2007, the European Commission adopted the "Proposal for a Regulation of the European Parliament and of the Council on classification, labelling and packaging of substances and mixtures, and amending Directive 67/548/EEC and Regulation (EC) No 1907/2006" (COM(2007) 355 final). For further information relating to the overlap between the existing system and GHS refer to Annex VII in Volume III to the proposal that has been adopted: http://ec.europa.eu/enterprise/reach/docs/ghs/ghs_prop_vol_iii_en.pdf
[5] Op 27 juni 2007 heeft de Commissie het voorstel aangenomen "voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels en tot wijziging van Richtlijn 67/548/EEG van de Raad en Verordening (EG) nr. 1907/2006" (COM(2007) 355 definitief). Voor meer informatie over de overlappingen tussen het bestaande systeem en GHS, zie bijlage VII in volume III van het voorstel dat is aangenomen: http://ec.europa.eu/enterprise/reach/docs/ghs/ghs_prop_vol_iii_en.pdf
[6] United Nations Committee of Experts on the Transport of Dangerous Goods and on the Globally Harmonized System of Classification and Labelling of Chemicals: http://www.unece.org/trans/main/dgdb/dgcomm/ac10rep.html
[6] Deskundigencomité van de Verenigde Naties voor het vervoer van gevaarlijke goederen en het wereldwijd geharmoniseerd systeem voor de indeling en etikettering van chemische stoffen: http://www.unece.org/trans/main/dgdb/dgcomm/ac10rep.html
[7] See footnote 5.
[7] Zie voetnoot 5.
--------------------------------------------------
--------------------------------------------------
Top


Managed by the Publications Office